Verslag STIR avondcollege 4 februari

Het 11e thema van de avond over menselijkheid was “multiculturele samenleving, eigenbeeld en tegenbeeld, duurzame vooruitgang”.

Als eerste spreker vertelt Jean-Paul Close over zijn multiculturele verleden en bijbehorende praktische en wetenschappelijke onderzoeken. Mensen spiegelen zich met het maatschappelijke evenbeeld waarin men opgroeit. Dat maatschappelijk bevestigd zelfbeeld gaat een leven leiden totdat men geconfronteerd wordt met andere culturen. Men kijkt naar elkaar vanuit de verschillen. Dit leidt tot stoornissen in menselijke omgang. Als voorbeeld werd het zakelijke leven van Finnen en Zweden genoemd in directiekamers na bedrijfsfusies.

image

De “ik” en bijbehorende primaire opvattingen over goed en fout wordt gespiegeld volgens de culturele oorsprong. Verhuizen naar een andere cultuur schept allereerst verwarring omdat de “ik” zich gaat spiegelen met een nieuwe menselijke gedragsomgeving.

De Nederlandse cultuur is daarbij erg geldgedreven hetgeen geen enkel houvast noch noodzaak geeft tot verbroedering of samenwerking. De individualisering heeft eerder afzondering en versterking van oude dogma’s tot gevolg die in afzondering wordt beleefd.

De Sustainocratische cultuur is daarentegen gedreven door vijf kernverantwoordelijkheden voor menselijke stabiliteit en duurzame ontwikkeling: voedsel (water), gezondheid, veiligheid, zelfredzaamheid en zelfbewustzijn. Deze staan niet alleen boven economische en politieke opvattingen maar ook boven elke culturele beperking. Elk van deze uitdagingen heeft een verbroederend effect zoals we constateren in de werking van AiREAS (gezonde stad) en VE2RS (zelfredzaamheid met oa het planten van 100 fruitbomen in de stad) en deze STIR colleges (zelfbewustzijn) waarin regelmatig samen wordt gedanst of actief samen gewerkt.

Jean-Paul stelt dat middels toepassing van Sustainocratie de multiculturele samenleving tot samenwerking kan worden uitgedaagd en toch iedereen de eigenheid kan bewaren waarin men zich kenmerkt.

Rustem Demir is de tweede spreker. Rustem is Turk van geboorte maar werd al meteen geconfronteerd met ouders die in Duitsland gastarbeiders werden. Er volgde een jeugd die gepingpongd werd tussen Ankara en Duitsland.
image

De instabiliteit werd veroorzaakt door de voortdurende gedachten van zijn ouders dat zij “toch maar voor even” in het buitenland zouden blijven en weldra zouden terugkeren. Als kind werd het tijdelijk onderbrengen van Rustem een constante stroom van korte onstabiele verblijfsperioden bij grootmoeder of gastgezinnen afgewisseld met verblijf in Duitsland. Uiteindelijk werd aansluiting op de middelbare school in Turkije onmogelijk door gebrek aan erkenning van diploma’s. Er was een speciale middelbare school opgezet waar jongeren als Rustem, die multicultureel tussen wal en schip waren gevallen, toch een opleiding konden genieten. Rustem werd daar geconfronteerd met verschillende opvattingen tussen getto achtig bestaan thuis en luxe mentaliteit op school. “Wat ben ik?” was een vraag die voor veel verwarring zorgde tussen alle tegenstrijdigheden en verschillen.

Begin jaren negentig kwam hij naar Nederland en werd tijdelijk geconfronteerd met discriminatie in de vorm van “mof, ga terug naar eigen land”. Hij was sterk geldgedreven en vond werk in de Turkse horeca. Al doende kwam hij in aanraking met alle lagen van de bevolking. Hij besloot in het onderwijs te gaan en combineerde studie en arbeid. Nu is hij leraar.

Zijn conclusie van de avond was dat hij Sustainocratie al in zijn genen heeft zitten en geeft het Turkse woord “IMECE” (samenwerking vanuit een collectief gevoel) als synoniem. Alleen dacht hij lange tijd dat hij er alleen voor stond. Nu merkt hij dat dit niet zo is.
image

Ook concludeert hij dat zijn ontdekkingsreis naar zichzelf heeft geleerd dat hij Rustem is, geen stereotype gedogmatiseerde Turk of iets anders maar uniek door het zelfbewust loslaten van beperkingen en 100% zichzelf te mogen zijn. Om dit te bekrachtigen nodigt hij de hele groep deelnemers uit om de Turkse verbroederingsdans met elkaar te dansen. Met open armen en hartelijk naar elkaar geniet de groep van de beweging en vooral van de prachtige open eigenheid van Rustem.

image

Jeannette Maquiné sluit aan op het afsluiten van Rustem door de deelnemers te vragen zich te laten bewegen volgens muzikale patronen die zij voordoet. Daarna vertelt ze haar levensverhaal. Opgegroeid in een gezin waarin ambitie belangrijk was. Jeannette danst al vanaf haar prilste jeugd maar nam pas op latere leeftijd het besluit om haar familie te confronteren met haar besluit hierin haar levenspad te zoeken. Ze heeft choreografische bewerkingen en theaterproducties gemaakt met 100den deelnemers. Haar passie is om mensen kennis te laten maken met zichzelf door alle opgelegde fratsen van zich af te gooien en de creatieve wereld op te zoeken via de beleving van de muziek en beweging.
image

Jeannette vertelt gepassioneerd over de puberende jeugd en de manier waarop zij hen uitdaagt tot zelfbevrijding. De ene keer lukt dat beter dan de andere. Kinderen in deze tijd zijn omringd door externe prikkels en moderne dogma’s. Ze komen vaak stijf van de spanning in de les. De aanpak van Jeannette wordt door andere leraren als vreemd ervaren. Ze grijpt terug naar een verhaal van Rustem over de rode strafkaarten en het ontbreken van de groene beloningskaarten. Het een noch het ander werkt. De ontdekkingsreis is van het kind zelf en de beloning ook. Deze wordt innerlijk ervaren. Het enige dat de leerkracht doet is het geven van het voorbeeld om het initiatief daarna terug te geven aan de leerlingen. “En nu doen jullie het”.

Jeannette sluit af met een filmpje van een uitvoering van een van haar groepen die zelf een bewerking hadden gedaan op de muziek van “Ave Maria”.

Conclusie
Culturen zijn verzamelingen van dogma’s die beperkingen opleggen bij de mens. In een multiculturele samenleving levert dit zowel verwarring als een bevrijdingsproces op. Zodra de bevrijding is beleefd komt men in aanraking met de innerlijke eigenheid “de ik” en kan men met passie en bezieling omgaan met zichzelf en de omgeving. De algemene opvatting is dat er in de huidige maatschappij veel te weinig gedaan wordt aan dit bevrijdingsprocessen. Er bouwt onterecht stress bij personen door gebrek aan tijdige bewustwording “dat anders zijn mag en zelfs heel normaal kan zijn”. Kansen worden die de passie van de mens benutten in plaats van alleen de handen worden zo onbenut gelaten.

Rustem en Jeannette worden beloond met een AiREAS, de eerste “zijnsgedreven” munt die maatschappelijke waarde heeft in plaats van puur materiële. Met deze munt kan men bijvoorbeeld een keer kosteloos meedoen met de STIR Academy waar de munt erkend wordt als 10€ equivalent. Doel is om de AiREAS verder te introduceren in de stad.

Volgend avondcollege: 19 februari
(gamechanger serie, 1e college)

Volgend college: 4 maart (menselijkheid serie, 11e college)

Appelbomen verbroederen

Een gezonde stad creëer je door gezonde dingen samen te doen.

Op 10 januari werden 100 fruitboompje gratis verspreid en ingegraven in heel Eindhoven. Zo’n 1000 mensen, waaronder veel kinderen van basisscholen deden mee. Het initiatief werd opgezet en gecoördineerd door Nicolette Meeder (VE2RS cooperatie en AiREAS) samen met Eetbaar Eindhoven van Peter Verbeek op Facebook. Dit alles als opstapje naar straatcoöperaties en ondernemend burgerschap

100 fruitboompjes, 1000 betrokken mensen
100 fruitboompjes, 1000 betrokken mensen

Wat gaan we nu samen doen?

Suggesties: nicolette.meeder@stadvanmorgen.com  tel: 0654282812

 

Opleiding ondernemend burgerschap

Stad van Morgen introduceert in 2014 haar opleiding “ondernemend burgerschap“. Wat betekent dit voor u?

Er zijn 3 aandachtsgebieden:

1. Het verduurzamende huishoudboekje
De som van ons dagelijkse gedrag met ons huishoudboekje is mede bepalend voor onze leefbaarheid op Aarde,  onze eigen duurzame stabiliteit, gezondheid, werkgelegenheid en economische ontwikkeling. Daarbij kunt u veel geld overhouden door lokale zelfvoorziening te ondersteunen.

De investering in de opleiding verdient u dubbel en dwars terug door uw te ontwikkelen ondernemend burgerschap.

2. Lokale zelfvoorziening
“Alles wat we zelf doen hoeven we niet in te kopen.” Zelfvoorziening verlangt de lokale inzet door dingen te ondernemen die bijdragen aan die zelfvoorziening. U kunt veel zelf, soms zonder er zelf veel voor te doen.

3. Coöperatief samenwerken
Coöperatief samenwerken zorgt voor het verdelen van de belangen om individuele risico’s en kwetsbaarheid te minderen, resultaten en cohesie te vergroten. Een coöperatie kan al op straatniveau. Men deelt investeringen en participeert samen in de winst.

Uw opleiding in de STIR Academy kost u persoonlijk (per huishouden) een maandelijks bedrag. Dit bedrag wordt niet alleen gebruikt voor theoretische leerprocessen maar vooral ook voor de praktische invulling en ervaring opbouw van uw burgerschap. Mocht u een (straat)coöperatie beginnen dan zorgt Stichting STIR (Stad van Morgen) voor de formaliteiten, infrastructuur en kadering zodat in alle rust samengewerkt kan worden. Dan verplaatst het leerproces van de individu naar de coöperatie met andere materiële voorwaarden.

Website: Ondernemend Burgerschap – STIR Academy

Duur opleiding: 1 jaar (100% te combineren met uw dagelijkse leven)

Contactpersoon Academy: Nicolette Meeder – nicolette.meeder@stadvanmorgen.com  –  0654282812

Contactpersoon Coöperaties: Jean-Paul Close – jp@stadvanmorgen.com – 0654326615

 

Je voelt je onderdeel van de gemeenschap

“Het is mooi te ervaren dat het meer is dan alleen een boompje planten” zegt Fleur Besters terwijl zij met een groepje kinderen en buurtgenoten verantwoordelijkheid heeft genomen voor het planten van 6 van de 100 fruitbomen in de hele stad Eindhoven.

Het VE2RS initiatief van de Stad van Morgen gaat over werkelijke dagelijkse dingen zoals Voedsel, Energie, Educatie, Recreatie en Samenwerking. De kern van het verhaal is zelfredzaamheid, ofwel zelf het heft in handen nemen voor het scheppen van een maatschappij waar je geheel achter kunt staan. Verduurzaming noemen we dat als werkwoord waarin bewustzijnselementen als onze gezondheid, waar komt ons eten vandaan, hoe gaan we om met onze natuurlijke omgeving, hoe creëer je zelf geluk en overvloed, hoe ga ik om met mijn buren……allemaal een onderdeel vormen.

We zijn vanuit de Stad van Morgen al enkele jaren bezig om via wijkmarkten, presentaties, seminars en het goede voorbeeld in eigen huis het Eetbare Stad netwerk op te zetten maar het ging allemaal maar moeizaam. De stadsmens is opgevoed om haar “geluk in te kopen” en daarvoor zich te concentreren op “geld verdienen”. Het maatschappij gebeuren laat men over aan de volksvertegenwoordiging die daar weer autoriteit aan ontleent. Omdat de politiek keuzes maakt op basis van politieke en economische drijfveren is het component “bezieling”  (Waar doen we het voor?) weg en maakt plaats voor koud materialisme. Je kunt de medemens er wel op wijzen en vragen om eigen verantwoordelijkheid maar ze zal toch het gevoel moeten krijgen er iets mee te willen en kunnen doen. Rondjes in de wijk met foldertjes leverden bij 350 deurbezoeken slechts 4 belangstellenden op. Kraampjes voor lidmaatschap leverden, na een hele dag werk en weken voorbereiding, slechts 2 leden op voor coöperatief samenwerken.

VE2RS in de Stad
VE2RS in de Stad via buurtmarkten

In marketing termen is dat een score die een bedrijf zou ontmoedigen. Maar niet de Stad van Morgen. Een ontzielde maatschappij dendert met open ogen van de ene recessie in de andere. De score van betrokkenheid in “het anders dingen willen doen” kan alleen maar groeien doordat steeds meer mensen de warmte van het burger ondernemen opzoeken. Men wordt steeds meer bewust van de eigen verantwoordelijkheid en mogelijkheden en gaat steeds meer doen voor zichzelf en de naasten. Zo zien we in de rapportage in het Eindhovens dagblad, onze lokale krant, dat op gebied van stadslandbouw er al zo’n 3500 mensen actief zijn in de stad. Dat was 5 jaar geleden nog op één hand te tellen.

Dankzij het initiatief van sportcoach Peter Verbeek, om mensen weer eens bij elkaar te roepen die “iets hebben” met het creëren van de Eetbaar Eindhoven, ontstond, na een open bijeenkomst, een Facebook groep waar belangstellenden en initiatiefnemers zich met elkaar konden verbinden. VE2RS had de fruitbomen actie vorig jaar (in 2012) al een keer in handen gehad maar had het net iets te laat ingezet, zonder nog het stedelijk bereik van enthousiaste mensen. Dit jaar (2013) was dat anders. Initiatiefneemster Nicolette Meeder, die de fruitbomen had geregeld en al jaren actief bezig is met de Stad van Morgen, moest met enige tegenzin haar Facebook account (pff wat moet ik nu met Facebook?) weer oppoetsen en openen die ze nog nooit had gebruikt. Zo kon ze haar naam en initiatief verbinden met de Eetbaar Eindhoven groep en bleek het nut van social media als verbindend communicatieplatform. We leerden ook het praktische verschil ervaren tussen LinkedIn, Twitter, Facebook, enz.

De 100 fruitbomen werden “in de groep gegooid” en minimaal gestuurd door de suggestie om ook de scholen en kinderen erbij te betrekken. De email van de wethouder openbare ruimte (Mary Ann Schreurs) van een jaar geleden werd ingezet als geruststelling “dat het mag” (ook al blijkt in de praktijk dat de oordelende toestemmingscultuur bij aangesproken ambtenarij nog wil opleven met “het mag niet”). In de mail wordt de burger vrij spel gegeven in de openbare ruimte voor stadslandbouw maar wel onder twee logische voorwaarden, éen van de gemeente en één van VE2RS:

  • Gemeente: Informeer de gemeente zodat we niet onbewust en onbedoeld dingen wegmaaien vanuit de stadsdiensten,
  • VE2RS: Zorg zelf voor cohesie en continuïteit zodat de gemeente niet straks tijdelijk enthousiasme moet oplossen als men afhaakt.

Via de Facebook groep werden alle mogelijke issues in open dialoog opgelost. Hoe plant je een fruitboom? Wanneer gaat ie fruit geven? Hoe zit dat met de bijen en bloempjes? Houd rekening met het onderhoud en de draagwijdte van de boom als deze groeit. Wie haalt de bomen op bij de kweker in West Brabant? Wie heeft nog fietsbanden liggen om de bomen te verbinden met de palen. Wie heeft palen over? Hoe moet dat met die palen en bomen?

De bomen zijn opgehaald en afgeleverd bij Nicolette thuis
De bomen zijn opgehaald en afgeleverd bij Nicolette thuis, elk keurig met een label van de soort

De groepsdynamiek was bewonderenswaardig en hartverwarmend. Op 9 januari werden de bomen opgehaald door Peter Verbeek met een busje bij kweker Verbeek (ook weer zo’n grappig toeval 😉 en afgeleverd bij Nicolette thuis. Instructies voor planten waren rondgestuurd. Op 10.01 was het een komen en gaan van bezoekers in huize Meeder die hun 2, 4 of meer bomen op kwamen halen. Een 10 tal soorten door elkaar, allemaal even eetbaar, die met elkaar in verband werden gebracht voor optimale bestuiving als ze straks groot zijn.

Ophalen is ook een gezellige activiteit. Je ontmoet elkaar weer eens en de koffie vloeit rijkelijk
Ophalen is ook een gezellige activiteit. Je ontmoet elkaar weer eens en de koffie vloeit rijkelijk

Regionale fruitboom specialist Carlos Faes en Eindhovense stadspoort Philips Fruittuin haakt aan met een instructiefilmpje en Eindhovens Dagblad besluit twee volle pagina’s te besteden aan stadslandbouw en de plannen van VE2RS.

De facebook groep begint vol te stromen met foto’s van de boomplantende kinderen en grote mensen. De ene groep heeft er naamplaatsjes bij gemaakt, de andere groep zegent de bomen met appelsap en cider, sommige bomen krijgen een eigen naam en in het teamwerk van de betrokken kinderen tekenen zich de begaafdheden af voor de toekomst: de dirigent, de graver, de criticus, de organisator, de kunstenaar, de verhalen verteller, de komiek, enz.

Namen en initiatieven verbinden zich blijvend aan "onze appelboom"
Namen en initiatieven verbinden zich blijvend aan “onze appelboom”

 “Je voelt je onderdeel van de gemeenschap” was de reactie van een van de deelnemers en daarmee verwoord hij het hart van de samenwerking. Wat ons betreft in de Stad van Morgen is het duidelijk geworden dat een idealistische stip op de horizon pas praktische werkelijkheid wordt als je dingen ook tastbaar maakt voor de medemens. Het bewustzijn van de samenleving wordt geraakt door de uitnodiging en het aanbod om zich te betrekken vanuit het eigen straat, school of wijk belang. Het gaat niet vanzelf maar laat zich ook niet opdringen. Het is een innerlijk proces van kennismaking, bewustwording, uitnodiging en persoonlijke keuze. Zoveel mensen van alle leeftijden werden praktisch en emotioneel betrokken bij zo iets basaal als een fruitboom en de blijde verwachting van appeltjes.

Met die instrumenten kan de lat steeds hoger worden gelegd. De rol van de Stad van Morgen wordt weergegeven in dit plaatje dat we voor AiREAS (gezonde stad) gebruiken. Hierin wordt ook de instrumentale rol van bedrijven en overheden duidelijk die het burger ondernemerschap kunnen faciliteren en ondersteunen door obstakels weg te nemen en de initiatieven te voeden met kennis en innovaties.

AiREAS is gericht op de "gezonde stad"die door burger ondernemerschap wordt gerealiseerd, ongeacht de professionele functie van de burger
AiREAS is gericht op de “gezonde stad”die door burger ondernemerschap wordt gerealiseerd, ongeacht de professionele functie van de burger (Ve2RS ziet u als bottom up initiatief)

Tijdens het vorige avondcollege (7 januari) van de Stad van Morgen (STIR Academy)  tekende Diny Ceelen al de essentie op het bord zoals zij het heeft leren beleven vanuit de wederkerigheid van “ik en de maatschappij”. Het oneindig teken in een praktische beleving van geluk, aangevuld met bewustzijn:

Dini: "Ik en de Samenleving" teken ik zo....
Diny: “Ik en de Samenleving” teken ik zo….

Voornemens 2014

Onze voornemens voor 2014 zijn:
  • Het zelfbewust samenwerkend burgerschap op hoger niveau tillen door steeds meer mensen en functies uit te nodigen tot bewustwording en samenwerking.
  • Elk van de 3 burgerschap niveaus krijgt specifiek aandacht via STIR’s Permament Beta programma’s in de wijken van Eindhoven
  • Het meetnetwerk van AiREAS in Eindhoven als ruggengraat benutten voor allerlei “gezonde stad” maatregelen en toegepaste innovaties in Eindhoven
  • Het aantal avondcolleges verhogen naar 2x per maand.
  • AiREAS en STIR Academy in andere regios toepassen
  • De “nieuwe democratie” van Sustainocratie verder uitvergroten wereldwijd
  • De visie, werkwijze, projecten en resultaten blijven beschrijven in de Stad van Morgen blog.
  • Mijn eigen gedachtekronkels op mijn internationale blog
  • Het opstarten en uitbouwen van het Transformatie Fonds
  • Publicaties over ons werk op gebied van ethisch maatschappelijk ondernemen, het geheim van het (samen)leven en burgerschap in (internationale) wetenschappelijke uitgaven en via congressen.
  • De deelnemers en kartrekkers voorzien van minimale zekerheden die men heeft moeten loslaten door hun pionierschap…..
“Vitale, zelfbewuste burgers zijn Sustainocraat
“Als u alleen als klant door het leven gaat heeft u altijd behoefte aan geld en blijft u afhankelijk van speculanten. In de Stad van Morgen creëren wij onafhankelijke zelfredzaamheid op basis van directe waardecreatie, los van geld. U gaat door het leven als gelijkwaardige partner.”

Luchtkwaliteit, schoolkinderen en gedrag

Als luchtvervuiling direct en aantoonbaar effect heeft op organen zoals ons hart, longen, blaas, vaatwanden, enz waarom dan ook niet op onze hersenen?

Als luchtvervuiling aantoonbaar bijbehorende kwalen veroorzaakt in die organen waarom zou het dan niet ons gedrag beïnvloeden via ons hersenen.

Onderzoeken in de Haarlemmermeer en in België tonen aan dat er wel degelijk een relatie is. De onderzoeken zijn gedaan in onze meest kwetsbare groep mensen: onze schoolkinderen.

Is dit opvoeding of effect van luchtvervuiling?
Is dit opvoeding of effect van luchtvervuiling?

UFP_en_cognitive_performance_masterproef_2012 (1)

In Eindhoven willen wij nu het effect op gezondheid en gedrag gaan bestuderen van verbeteringsacties op gebied van Ultra Fijn Stof. AiREAS draagt bij met de meetinfrastructuur voor luchtkwaliteit en volksgezondheid in de stad.

Wij hebben onze plannen voorgelegd aan de gemeente voor ondernemend burgerschap (Permanent Beta in de wijk waarin allerlei initiatieven opgestart worden, uitvergroot en gemeten op effect) met de vraag om dit mee te helpen financieren (a 10€ per gezin per jaar, gedurende 3 jaar). We kregen er geen steun voor. Dat komt door de financiële crisis in de overheid, de kracht van de conservatieve lobby van oude financiële belangen en oud systeembeleid met keuzes uit het verleden. Het is al knap dat vooruitstrevende bestuurders en ambtenaren middelen vrij hebben gekregen in 2012/2013 voor het meetnetwerk van AiREAS. Maar wij zijn nog lang niet tevreden.

We gaan het daarom weer zelf doen vanuit de Stad van Morgen (stichting) samen met AiREAS (coöperaties zoals VE2RS en GroZ).

We richten het ondernemend burgerschap netwerk op om ons als mens en burger (ongeacht professionele en praktische functie) te verbinden aan de kerndoelstellingen van duurzame menselijke vooruitgang. U kunt er van alles over lezen op deze site:  http://jp3746.wix.com/burgerschap#!definitie/c4au

In maart 2014 zijn er raadsverkiezingen. Naast een actief (geldbesparend en gezondheid bevorderend) burgerschap willen wij ook de bestedingspatronen van de lokale (en nationale) overheid gaan toetsen en veranderen volgens de normen van verduurzaming. Beide processen samen vormen een transformatie van de oude sturende overheid naar een nieuwe faciliterende overheid waarbij ook een herverdeling van belastinggeld aan de orde is. Ook het maatschappijmodel dat puur op consumptie is gebaseerd staat daarbij ter discussie. Uw stemgedrag kan daarbij helpen. 

De mentale gezondheid van onze jongeren wordt beïnvloed door de lucht op school
De mentale gezondheid van onze jongeren wordt beïnvloed door de lucht op school

Onze verantwoordelijkheid naar onze jeugd is een goed beginpunt daar het zowel de scholen in de wijken, de ouders, de kinderen en de instellingen betrekt bij een duidelijk meetbaar gemeenschappelijk proces waarin letterlijk alles aan de orde komt waar het in een duurzaam vooruitstrevende en verantwoordelijke gemeenschap om draait. We beginnen in een aantal proefwijken door letterlijk iedereen te betrekken.

Als ouder, familielid, professional, betrokken burger, beïnvloeder, belangstellende persoon kunt u zich aanmelden voor het proces via de burgerschap site. http://jp3746.wix.com/burgerschap#!aanmelden/cuon

Wiet van Meel – volhoudbare initiatieven

Het STIR avondcollege van 5 november 2013 stond in het teken van complexe verduurzamingsprocessen. Gastdocenten zijn Wiet van Meel (Pontifax) en Patrick van der Voort (Kleurrijke stad).

image
Wiet van Meel – Pontifax

Wiet van Meel is opgegroeid in Esbeek, een plattelandsgemeenschap nabij Hilvarenbeek. Als jonge knaap wilde hij al op een eerlijke manier dingen voor elkaar krijgen in een gemeenschap waar tegenstrijdigheden en onrechtvaardigheden meer de regel dan de uitzondering waren. Wiet leerde dat binnen de tegenstrijdigheden ook gemeenschappelijke belangen te vinden waren die partijen tot elkaar konden brengen. Al experimenterend ontwikkelde hij voor zichzelf een beeld dat met de tijd evolutioneerde tot een aanpak om complexe uitdagingen aan te pakken. De moderne People, Planet, Profit ideologie maakt het compleet.

Hij raakte verwikkeld in grote maatschappelijke trajecten in de Kempen en later ook heel Europa waar veel verschillende partijen en grote bevolkingsgroepen bij betrokken zijn. Zijn verduurzamingsmodel heeft hij vandaag uitgelegd.

Wiet verdeelt de werkelijkheid in twee horizontale gebieden:

  • Sociaal – De mens en de menselijke omgangsvormen
  • Materiaal – De manier waarop we omgaan met materialen om dingen te bouwen en maken

Als je die twee gebieden toepast op de People, Planet, Profit ideologie van bijvoorbeeld een harmonieuze gebiedsontwikkeling dan ontstaat het volgende model:

Verduurzamingsmodel
Verduurzamingsmodel van Wiet van Meel

In elk van de velden van het verduurzamingsmodel (“Duurzaamheid bestaat niet”, aldus Wiet, “het is een mooi streven”) zijn bedrijven en instanties actief die vaak muren hebben opgeworpen rondom hun eigen beperkte kijk op de wereld. Door partijen te vinden in elk van de 6 velden rondom een concrete uitdaging, en deze samen aan tafel te zetten, ontstaat er een mogelijke dynamiek die bruggen slaat tussen de velden. Men kan samen gaan werken in waardecreatie waar allen wat aan hebben. Het hele gebied gaat er op vooruit.

“Overal zijn mensen te vinden die fatsoenlijk (definitie van Wiet: met respect voor mens en omgeving) om willen gaan met elkaar en de ontwikkeling van hun belangen”, zegt Wiet met passie en overgave. Die mensen zijn het die samen vooruitgang boeken.

Verschillende voorbeelden werden aangehaald die u in de presentatie van Wiet (Presentatie wiet verduurzaming 5-11-2013 stir)  kunt terugzien. Boeiend waren de projecten in Haarlemmermeer (ganzen en Schiphol), manege in de Kempen en coöperatief Esbeek zelf, allemaal gebaseerd op waardengedreven samenwerking. Wiet biedt zich aan om anderen te helpen die ermee aan de slag willen gaan. Als voorbeeld en case werden de plannen van Patrick van der Voort gebruikt.

Patrick van der Voort

image
Patrick van der Voort – Kleurrijke Stad Eindhoven

Patrick is actief als initiatiefnemer van de “Kleurrijke Stad Eindhoven” op sociaal maatschappelijk vlak met de positieve multiculturele beleving van de maatschappij. Hij vertelt hoe hij vele projecten initieert met multiculturele jongeren en betrokkenheid van onder andere de scholen. Zo viert hij binnenkort het 10 jarig bestaan van multicultureel sporten waarin alle nationaliteiten van Eindhoven samen een lokaal “wereldkampioenschap” spelen. Per slot van rekening is de hele wereld vertegenwoordigd in de stad.

image
De case “World Plaza” werd ter plekke uitgewerkt

Patrick wil graag een stap verder gaan en een World Plaza opzetten voor de multiculturele ontmoeting en sociaal ondernemerschap met een inspirerend en aantrekkelijk multicultureel programma. De moeilijkheidsgraad is groot door de afhankelijkheid en mogelijke betrokkenheid van vele partijen. Daarom is het interessant om het plan als case te gebruiken met het model van Wiet als leidraad.

image
De case “World Plaza” door Wiet en Patrick

Al snel werd duidelijk dat het professionele netwerk van Patrick erg sterk zich heeft ontwikkeld op sociaal maatschappelijk vlak (het veld rechtsboven in de tekening op de foto) maar er een onbalans is in de andere velden. Het lijkt moeilijk om dat op te lossen maar na een uitdagend vraag en antwoordspel van Wiet blijkt dat het netwerk van Patrick vele malen groter is dan hij professioneel benut. Dat geldt natuurlijk voor iedereen. We hebben toeleveranciers, klanten, privé relaties, bankrekeningen, vrienden, enz. En al deze relaties hebben weer een netwerk van relaties.

Door het hele spectrum van menselijke relaties en verbintenissen te raadplegen konden een aantal vakjes al ingevuld worden met positieve intenties. In het avondcollege zitten ook weer mensen met een professioneel en privaat netwerk die meteen aangesproken werden voor de opbouw van een band.

De boodschap was duidelijk. Als je wat groots wilt bereiken dan breek je eerst je eigen muren af en kijkt integraal naar je relatienetwerk. Die ga je dan betrekken met het model als gids. Al doende vullen de gaten zich en ontstaan er verrijkende verbanden van waardecreatie. Zo kan de World Plaza een kloppend hart worden met veel interactie met de omgeving en betrokkenheid van allerlei directe en indirecte belangen die elkaar structureel en “volhoudbaar” aanvullen.

NB Volhoudbaar is een mooi woord uit de vocabulair van Wiet, zijn eigenwijze maar doeltreffende en inspirerende benadering van verduurzaming.

VE2RS en GroZ in AiREAS

Het model van Wiet werd ook in verband gebracht met de gezonde stad ontwikkeling via AiREAS. Het blijkt een mooie praktische benadering tussen Sustainocratie en gebiedsontwikkeling. We gaan het dan ook experimenteel toepassen in VE2Rs en GroZ.

Wij danken Wiet en Patrick voor hun inspirerende woorden en interactie, en natuurlijk alle aanwezigen voor hun commitment aan een boeiend leerproces.

Volgend college:

Het volgende avondcollege is op 3 December met het thema “de 5 bewustzijnsniveaus van Dabrowski”

Spanningsveld, mens en beleidcontrast

In dit artikel wordt gekeken naar het spanningsveld tussen twee parallel lopende werelden, die van de natuurlijke mens en van het functioneren van een modern maatschappij systeem. Dit spanningsveld levert positieve interactie op maar kan ook leiden tot crisis. Op dit moment zijn we in crisis en wordt het spanningsveld groter omdat het systeem en de mens voor hetzelfde probleem tegenstrijdige oplossingen bedenken.

In dit plaatje geef ik twee werelden weer die met elkaar een noodzakelijk spanningsveld beleven, de natuurlijke wereld en de onnatuurlijke wereld.

Het spanningsveld bepaalt vooruitgang of crisis
Het spanningsveld bepaalt vooruitgang of crisis

De “natuurlijke” wereld is die van moleculen, levensvormen, natuurlijke omgeving, evolutie, enz waar ook de mens een biologisch en evolutionair onderdeel van is. De mens functioneert in groepsverband en hanteert daarbinnen allerlei zelfbedachte mechanismen die op zich ook een evolutie en leerproces doormaken. We noemen dit “het systeem” omdat het instrumenten omvat waaraan door de mens bedachte economische en politieke waarden worden gehecht. Dit systeem is “onnatuurlijk” en dient zich af te stemmen op de mens en omgeving met het oog op scheppen van bepaalde harmonieuze rust en zekerheden. Zonder het systeem zou de mens een losgeslagen element zijn op zoek naar eigen individuele zekerheden middels onderlinge concurrentie en een zekere Darwinistische chaos.

Dankzij het systeem ontstaat een cultuur waarin de mens zich ordent volgens eigen opgestelde regels. Het systeem heeft echter de tendens een eigen leven te gaan leiden waardoor de afstand tot de menselijke natuur groeit en een spanningsveld laat zien die uitmondt in crisis. Teveel systeem is dus ook niet goed. Nu zien we dat het systeem zekerheden heeft opgeleverd maar ook lokale en wereldwijde vervuiling, verkeerde infrastructuur keuzes, ramp-scenarios, menselijke vervreemding, migraties, de angst voor de ander, vereenzaming, verstedelijking, individualisering, enz. Het spanningsveld levert dus een constante en boeiende interactie op die wij vooruitgang noemen door de constante stress tussen zekerheden en onzekerheden, menselijkheid en onmenselijkheid.

Vier grote aandachtsvelden

In het leerproces over de omgang met deze twee contrasten zien wij de interactie tussen het DOEN (organiseren, structureren, produceren, systeem) en ZIJN (ethiek verantwoordelijkheden, (natuur)bewustzijn, mens) waardoor er vier grote aandachtsvelden ontstaan: groei (afhankelijkheid cultuur), chaos (crisis ), aanpassing (menselijkheid) en symbiose (evenwicht tussen systeem en menselijkheid).

Natuurlijke evolutie
Natuurlijke evolutie

Het hele verhaal wordt complexer doordat wij vanuit “het systeem” hebben leren denken in termen van uitsluitend geld en economie. Onze maatschappij beperkt haar systeemdenken door in financiering te redeneren vanuit geldgedreven transacties (consumptie). Want daarover wordt belasting geheven waar weer systeemzaken uit worden betaald,   en bedrijfswinsten geboekt om vervolgens deze transactie wereld verder te stimuleren. Omdat tegenwoordig de gevolgen van dit economische systeem op de natuur en natuurlijke mens zo groot zijn geworden is de economie van die gevolgen ook enorm stijgend.

De gevolgen economie overtreft de primaire economie
De gevolgen economie overtreft de primaire economie

Door de groeiende crisis in de transactie en gevolgen economie is er een enorme stress gekomen in het gehele systeem. Daarboven op komt het economische systeem dat ook nog eens een schuldenlast hanteert op gebruikte materiële middelen. Omdat men van binnenuit het systeem uitsluitend redeneert aan de hand van economische prikkels komt men tot twee problematische maatregelen:

  • Men wil de transactie economie zo snel mogelijk herstellen en laten groeien
  • Men wil kosten besparen op de gevolgen economie (zoals de zorg).

In deze enorme systeemstress vergeet men “de mens” en “de natuur” waardoor het spanningsveld tussen beiden werelden alleen maar groter wordt. Een mooi voorbeeld kunt u zien in dit recente interview met wethouder Lenie Scholten van Eindhoven. Zij gaat over het zorgbeleid en zit midden in die economische systeemstress.

Wat we in het filmpje constateren is een beleid dat gebaseerd is op het voor een deel robotiseren van de zorg met het oog op besparingen op arbeidskosten. Voor een stad als Eindhoven is dit misschien geloofwaardig wegens de hightech cultuur van de stad, Brainport en de Technische Universiteit. Ook vanuit de transactie economische gedachten kunnen argumenten deze ontwikkeling onderbouwen, zeker als wij ons baseren op de systeemafhankelijkheid van de mens met bijbehorend economisch groeisysteem in een vergrijzende omgeving.

Daar is niets mis mee, geredeneerd vanuit die denktrant die zich positioneert in het systeemgebied van “groei zonder menselijkheid” van het van doen en zijn. Elke technologisch innovatie met bijbehorende diensten is natuurlijk een “product” dat aangeschaft wordt als transactie en op die manier ook weer via de belastingen bijdraagt aan de overheid economie. Op zich een prima gedachten als je midden in dat “systeem” zit. De kosten worden afgedekt met de middelen uit belasting.

Geredeneerd vanuit de menskant is het anders
Binnen de wereld van biologische werkelijkheden is de mens enorm gebaat bij groepsdynamiek. De kern van menselijke vooruitgang is het gezin en de familie. Het is gebleken dat “elkaar helpen” genoegdoening schept en zingeving verschaft aan grote bevolkingsgroepen die anderszins maar lastig actief zouden zijn op de arbeidsmarkt. “Zorg” was lange tijd een interactie tussen generaties waarin de overdracht van culturele waarden even belangrijk waren als het opvangen van kinderen. Grootouders hadden autoriteit die in de familie respectvolle relaties gaf. Dit is grotendeels verdwenen en ondergebracht in systemen zonder warmte, waarden, respect noch generationele expertise.

Niet alles hoeft geprofessionaliseerd te zijn zoals men dat nu heeft georganiseerd vanuit een puur systeem gedreven economisch oogpunt. De mens is verworden tot een opsomming van gefragmenteerde acties die allemaal ge-economiseerd kunnen worden door er een belastbare tijdbesteding, robot of prijskaartje aan te hangen. Denk aan acties zoals wakker worden (medicijn), opstaan (dienstverlening en controle), persoonlijke hygiëne, aankleden (elk kledingstuk per sok, kous, spelt, enz), gezelschap, entertainment, koffie zetten, licht aan, licht uit, schoonmaken, toilet, en dan het hele proces andersom. Hoe individueler des te groter het economische belang en de macht van de systemen. Integrale afhankelijkheid ontstaat dan van systeembelangen, met erachter ook hele optimaliseer processen, netwerken en bureaucratische programma’s die men moet handhaven en uitbreiden en die niets meer met de mens te maken hebben. Ze gebruiken de natuurlijke mens als object. Dat is de basis van de huidige crisissen.

De individu is doelwit van processen waar elke vorm van zingeving, waarde en menselijkheid uit is verdwenen. Zorgverleners in het huidige systeem die, exclusief reistijd, 7 minuten de tijd krijgen om bij iemand met overgewicht de sokken aan te trekken, worden geconfronteerd met een medemens die gewoon even een praatje wil maken. Als het aan het systeem ligt wordt daar ook weer een praatrobot voor bedacht maar aan de menselijke warmte wordt niet gedacht. De vereenzaming van de ouderen wordt opgevangen door een efficiënt systeem gericht op taken die de noodzaak van menselijke interactie steeds verder op de achtergrond brengen. Recent werd bijvoorbeeld een 60 jarig huwelijksfeest in een gewone flat georganiseerd waarbij alle flatbewoners waren uitgenodigd. Voor enkele ouderen was de drempel van angst voor andere mensen zo groot dat zij een week lang in de zenuwen hadden gezeten over het feest. Daar zijn geen robots voor, die veroorzaken juist het probleem dat onzichtbaar blijft voor het systeem door inherente onmenselijkheid.

Intermenselijke verbanden zijn gebaseerd op gewoonte, behoefte en gelegenheid. Als de behoefte en gelegenheid weggenomen wordt door het als inkoopproduct beschikbaar te stellen verdwijnt de gewoonte en ook de gedragsdynamiek. Men raakt geïrriteerd, intolerant en asociaal naar elkaar. Er ontstaan perverse gedragsstoornissen die door een effectieve “zorg”alleen maar worden aangewakkerd en uitvergroot, hetgeen weer aanleiding is voor wethouders en systeemlobbyisten om meer geld te vragen voor het zorgsysteem.

De persoonlijke lokale werkgelegenheid in productie wordt onderuit gehaald en ondergebracht in productiviteit die ongetwijfeld grotendeels in fabrieken van China en India wordt uitgevoerd. De gecentraliseerde dienstverlening is gebaseerd op statistieken, knopjes, toeters en bellen zonder menselijke interactie terwijl de bevolking gemiddeld steeds ouder wordt en steeds meer als kasplantje wordt behandeld en vereenzaamd.

De huidige economie vertoont al gigantische tekorten wegens de zorgstaat en niemand weet nog hoe men het kan opbrengen. Het gaat er niet om of we de robots wel of niet kunnen betalen. Die vraag stellen we ons ook niet over de stofzuiger, vaatwasser of wasmachine. Het gaat erom in hoeverre de maatschappij de last van onmenselijkheid op psychisch, lichamelijk, spiritueel, sociaal en financieel niveau aan kan zonder aan zichzelf ten onder te gaan?

Spanningsveld
Het contrast is groot als we beide werelden naast elkaar leggen. In de huidige maatschappij ligt er een zekere macht en autoriteit bij de overheden die vanuit de eenzijdige systeembenadering redeneren en de instrumenten van techniek, politiek en economie hanteren. Vaak vraagt men aan de Stad van Morgen waarom wij geen politieke partij vormen? Het bovenstaande geeft aan dat dit onmogelijk is. De natuur en de biologische mens trekt zich niets aan van geld of politiek. Mensen krijgen diabetisch, kanker of hartziekten of een wethouder nu robots bedenkt, geld vrijmaakt of uitsluitend redeneert vanuit gevolgen. De natuur is niet voor de gek te houden en gezondheid, veiligheid of zelfredzaamheid zijn natuurlijke bronnen van productiviteit, interactie en creativiteit die door het systeemgeweld alleen maar worden verziekt en daarna omringt door systemen. Dat levert altijd crisis op en onhoudbaarheid. Vandaar dat wij de kant van de natuurlijke mens kiezen en trachten het spanningsveld te minderen door de interactie aan te gaan met het systeem middels de toepassing van bewustzijn en kennis.

Dat is ook de reden waarom wij coöperaties opzetten waar alle partijen in vertegenwoordigd zijn om vanuit de mens naar het systeem te redeneren in plaats van eenzijdig vanuit het systeem naar de mens. De keuze van de wethouder wordt dan genuanceerd en onder druk gezet door experimenten te voeren die de menselijkheid als uitgangspunt nemen en niet uitsluitend systeeminstrumenten. We vermijden op die manier de confrontatie tussen mens en systeem die onvermijdelijk gebeurt wanneer het te laat is. Een modern maatschappij positioneert zich op de punt van symbiose. Dit betekent ook dat de mens en maatschappij een balans dienen te zoeken tussen natuur en systeem. Dat kan alleen als deze op gelijkwaardige basis met elkaar schakelen en niet hoeven te polderen over menselijk belang ten opzichte van systeembelang. Zowel systeem en mens zoeken dan het hogere menselijke doel van gezondheid en zelfredzaamheid waarbij toegepaste technieken een onderdeel zijn van het instrumentarium maar niet om de mens afhankelijk te maken maar de mens te faciliteren in haar levensgenot. Samen, liefde, gemeenschap, generaties en geven aan elkaar is van evolutionaire belang en kan niet zomaar weggepoetst worden door geldbelang. Het is een menselijke verantwoordelijkheid die we uit gemakzucht wel eens vergeten maar vroeg of laat ons met de neus op de feiten druk. Robots, net als de overheid als instelling, zijn een instrument van de mens voor de mens, en niet andersom. Dan pas heerst er stabiliteit, vooruitgang en harmonie. Dat komt alleen tot stand door de samenwerking in plaats van confrontatie tussen tegenstellingen op zoek naar compromis met menselijkheid als uitgangspunt.

Daarom wordt de bestuurders in de overheid en het bedrijfsleven vanuit hun eigen menselijkheid lid van Sustainocratische samenwerking. Zo kan men het systeemdenken nuancering met menselijkheid en het spanningsveld positief krijgen en houden.

Miljoenennota 2013 – een doorbraak of zinkend schip?

Voor het eerst in jaren is mijn voorspelling voor Prinsjesdag niet uitgekomen en daar ben ik redelijk blij om.  In voorgaande jaren kon ik mij er gemakkelijk van afmaken door te voorspellen dat op Prinsjesdag er weer een begroting zou komen met een stijging van 6%. Dat kwam steevast op de halve Miljard verschil uit. In dit plaatje van vorig jaar laat ik het zien:

prinsjesdag 2003 tot en met 2012
Prinsjesdag 2003 tot en met 2012

In ruim 10 jaar tijd gingen de overheid uitgaven steevast met 6% omhoog hetgeen een verdubbeling betekende in 11 jaar tijd!! Schrikbarend als we ons bedenken dat wij samen die kosten op moeten brengen en er naar verhouding maar bar weinig voor terugkregen. Hoe brengen we de vele Miljarden op?

4 grote lijnen:

  • Consumeren: Dat is te zien aan de BTW dat een aantal jaren geleden de grootste inkomstenpost werd van de overheid. Het is de belasting die wij betalen over de goederen die wij inkopen. Daar kunnen we de accijns ook aan toevoegen.
  • Werken: Dat zien we aan de Inkomsten Belasting die ingehouden wordt van ons loon.
  • Geld verdienen:  Dit bedrag komt terug in de Vennootschap Belasting die geïnd wordt over de winst van de bedrijven
  • Gasbaten: De inkomsten van Nederland over de verkoop van gas uit eigen bodem.

De overheid stuurt het land dus aan op basis van deze parameters. Met deze inkomsten kan men het ambtenaren apparaat betalen, de benodigde infrastructuur, de scholing, de politie, de zorg, zekerheden en de rente over staatsleningen.

Transactie economie
In feite draait alles om de belastbaarheid van het heen en weer schuiven van producten en diensten (transacties) met de arbeid en winst die eraan verbonden wordt. We zien diezelfde basisdynamiek ook terugkomen in de zogeheten “gevolgeneconomie” die zich ontwikkelt rond de kosten van de samenleving en de consequenties van deze op levensstijl, de mens, het milieu en de maatschappelijke organisatie.

Die gevolgen zetten juist onze wereld op zijn kop:

De gevolgen economie overtreft de primaire economie
De gevolgen economie overtreft de primaire economie

De opeenstapeling van crisissen die wij de laatste 10 jaar hebben meegemaakt, met een doorslaggevend dieptepunt in 2008 (kredietcrisis), toont ons nu dat de gevolgen door blijven lopen terwijl die transactie-economie structureel blijft haperen.

De overheid heeft met kapitaalinjecties, mooi weer verhalen en redding van banken nog jarenlang geprobeerd om ons aan te zetten tot het aanschaffen van kapitaalgoederen (huis, auto) waarop een belangrijk deel van de economische luchtballon dreef, maar het mocht niet baten. De bomen groeien niet tot aan de hemel. Maar die gevolgen groeien maar door.

Doorbraak 2013?
Voor het eerst zien wij in de miljoenennota 2013 een trenddoorbraak waarin de overheid haar gevecht heeft opgegeven om het verleden in stand te houden met bijbehorend verzet tegen verandering. Den Haag begint tekenen te vertonen van besef van de veranderende werkelijkheid en dat geeft ook ons (voorop lopers in de transformatie economie)  het prille vertrouwen dat we misschien ooit ook samen kunnen werken met de centrale overheid en niet alleen met de gemeentes en provincies. Tot op heden waren het twee volstrekt gescheiden werelden.

Wat is dan die doorbraak 2013?

Miljoenennota
Miljoenennota 2013

Het eerste wat natuurlijk opvalt is de veelbesproken besparing. In 2012 werd nog een nota gepresenteerd met de traditionele 6% verhoging ten opzicht van het jaar daarvoor. Dit jaar is de verhoging er niet. De absolute hoogte van overheidsuitgave anno 2014 is nagenoeg hetzelfde als 2013.  Dat is betekenisvol omdat duidelijk de overheid uitgaven bevroren zijn in absolute zin. Binnen de inhoudelijke details is er dus enorm geknok ontstaan om de zaken “anders” te gaan doen, vaak ten kosten van allerlei afhankelijke mensen en structuren door besparingsdrang in plaats van verandering zelf. Het dwingt die structuren wel tot kritische zelfbeschouwing. En dat is een begin.

Wat ook opvalt is het verschil tussen de inkomsten en uitgaven. De economie draait onvoldoende en ondanks de bevriezing van de traditionele 6 % verhoging is er een belangrijk gat. Dat drijft de staatsschuld omhoog met bijbehorende rentelasten. Dat is geen gezond beeld.

En dan is er nog die “zorgstaat” dat meer dan 50% van de begroting opslokt. Een goed functionerende staat faciliteert vooruitgang door maatregelen waardoor de bevolking optimaal voor zichzelf kan zorgen. We zien hier de omgekeerde wereld met een totaal verkeerde positionering van de functies van een moderne staat. De staat is geen instituut maar en samen-leving, een soort coöperatie waarin kerntaken onderling zijn verdeeld. In deze maatschappij is de staat de overheid, de burgers zijn de financiers via consumptie zonder dat er verantwoordelijkheden tegenover staan. De overheid kan die wel af proberen te dwingen door druk op werkgelegenheid en arbeidsbemiddeling maar dat komt al snel overeen met een nationaal strafkamp zonder intrinsieke motivatie. De gevolgen zijn uitgedrukt in de gevolgen-economie.

Maar voor Den Haag is dat allemaal “geld” zonder psychologie noch spiritualiteit. De gevolgen van onze consumptie gedreven economie gaan onverminderd door en hebben weerslag op de mens, de levensverwachting, het gedrag, het milieu, ons welzijn, enz. Die kosten kunnen nergens meer op worden verhaald nu de zorgstaat omvalt. Dus praat de minister president over een “participatie maatschappij”, los van alle zorgzaamheid die nu onttrokken wordt door de overheid. Er worden verantwoordelijkheden, die in het verleden door de overheid waren opgenomen, teruggelegd bij de bevolking.

En verantwoordelijkheid gaat niet om geld. Dat draait om waarden. Die koop je niet maar worden gecreëerd. “Participatiemaatschappij” is dan het verkeerde woord want in feite participeren we altijd al, of het nu is als financier door consumptie en arbeid of door de problemen voor onze kiezen te krijgen als het fout is gegaan. Wat het kabinet eigenlijk wil is een “initiatief-neem-maatschappij”. Maar dat gaat niet zomaar. Je kunt wel los willen laten maar we hebben generaties lang de bevolking in afhankelijkheid opgevoed en aan het overheid infuus gehangen. De regering wil besparen maar tegelijkertijd dient ineens de hele maatschappij te transformeren. Wil de regering die transformatie wel?

Het is lastig voor de centrale overheid. Hoe laat je de oude zorgtaken los, met bijbehorende machtsposities en structuren? En hoe stel je jezelf faciliterend op zonder dat er in belastinginkomsten op achteruit te gaan? De belastingen houden dan wel een grote bureaucratie in stand maar zijn ook de basis van de overgebleven zekerheden van grote groepen mensen. Hoe doe je zoiets zonder ook je partijbelang onherstelbaar te schaden in de stembus?

Dat kan geen van allen! De verandering gaat ten kosten van het verleden en er vallen slachtoffers. Kan de centrale overheid dat alleen? Nee, natuurlijk niet want die oude sturing systemen zijn vastgeroest na 150 jaar gebruik, wortel schieten en verankering.

Belangrijk is dat de losse schroeven van het kabinet en onze maatschappelijke structuur zelf zichtbaar zijn geworden. Men is noodgedwongen in een transformatie terecht gekomen en dient zich open te gaan stellen voor alternatieven. Dat dit proces gepaard gaat met de nodige innerlijke schermutselingen moge duidelijk zijn. We leven per slot van rekening in een verzuilde democratische structuur waarin eerste alle kalveren én koeien verdronken moeten zijn voordat men niet de put dempt (alle belangen rond een open put lobbyen gewoon door) maar overweegt een nieuwe te slaan op basis van ervaringen en parlementaire commissies. Het schip lijkt meer lekgeslagen en gestrand dan zinkende. Op een gestrand schip wacht iedereen op nieuw hoog water. Een zinkend schip wordt verlaten en met leert weer zwemmen.

De eerste tekenen van echte verandering zijn nu zichtbaar maar men roert nog steeds in het 150 jaar oude Thorbecke pannetje. Als de inkomsten dan niet uit auto’s en huizen komen dan zoekt het kabinet heil in het verhogen van de belasting op consumptie en gebruik. Men gaat ervan uit dat de consument evenveel blijft consumeren en daardoor de belastinginkomsten stijgen. Maar dat is natuurlijk niet zo. Als men niet consumeert dan gaat er arbeid verloren, gaan de gevolgkosten omhoog en schrijdt de crisis voort tot uiteindelijke chaos. De overheid laat los maar niet voldoende. Men stuurt nogsteeds met dezelfde middelen.

Conclusie
De belangrijkste conclusie die we kunnen verbinden aan Prinsjesdag 2013 is dat het kabinet eindelijk het verleden voor een belangrijk deel heeft losgelaten. Beter laat dan nooit zeggen we dan maar. De bevolking zal het maar moeilijk begrijpen terwijl we ons vaak afvragen of de regering zelf wel begrijpt waar ze naar toe wil? Besparingen enerzijds en de verandering van belastingstromen zijn de belangrijkste beleidsaanwijzingen. Maar dit mist elke vorm van creativiteit en opening voor vernieuwing. Of dat achter de schermen er wel is vragen we ons af.

De toekomst verlangt nog veel meer van ons maar dat ligt niet alleen aan Den Haag. Initiatiefname is essentieel, niet uit participatiedrang maar vanuit het besef dat zelfleiderschap beter is dan afhankelijkheid van een instortend systeem. Uiteindelijk werkt natuurlijk de gecreëerde opening van de alom aanwezige overheid mee. Maar die overheid is steeds kouder en materialistischer in haar geldnood terwijl de huidige maatschappij juist menselijkheid verlangt. Dat kan het systeem niet opbrengen waardoor het lijkt of de premier vraagt om participatie in het begrip voor de onmenselijkheid. Dat komt er niet en het onbegrip zal alleen maar groeien.

Wij mensen onder elkaar kunnen die menselijkheid wel opbrengen maar dan niet met de bevriezende adem van een belasting en schuldstaat in ons nek. Hopelijk beseft de overheid dat op termijn ook en laat het haar dictatoriale koude materialisme enigszins varen. Dat  hoeft zeker niet door met geld te gaan smijten en oude afhankelijkheden in stand te laten houden. Dat kan vooral door levend lab constructies toe te staan, te stimuleren en faciliteren, transformatiefondsen (anders dan investeringsfondsen) in te stellen en nieuwe waarden zich eerst te laten consolideren voordat men de belastinghamer er weer op loslaat.

Tot slot
In mijn openingszin zeg ik dat ik “redelijk” blij ben. Dat is al een wereld van verschil vergeleken met al die jaren dat ik mij publiekelijk ergerde aan die regeringen die maar blind vast bleven houden aan het verleden. Ik zie prille openheid tot verandering en dat maakt mij blij. Waar ik nog vele honderden slagen om de arm bij houd is de manier waarop de centrale overheid zich nu ontwikkelt tussen koude dwang en warme bevrijding. De blauwdrukken van transformatie zijn al in ontwikkeling in ee maatschappij en worden toegepast buiten Dem Haag om, maar het Thorbecke systeem blijft nog veelal een rem en geen gaspedaal. De dag dat Den Haag (actief!) lid wordt van bijvoorbeeld Sustainocratie zou ook voor Den Haag een opluchting zijn. Wie weet komt dat nog als ook het vertrouwen dat buiten de regering ook oplossingen te vinden zijn. Vooralsnog is mijn negativiteit veranderd in “the benefit of the doubt” hetgeen al een betere basis is voor de toekomst.

Sustainocratie is een transformatieve toevoeging waar de overheid aan deel kan nemen. Het veroorzaakt de transformatie van de economie parallel met de maatregelen in de oude structuur. Toepassing verlangt durf en bereidheid tot een coöperatieve samenleving.

Wijs door ervaring

image

Vandaag werd ik verrast door een oude tractor in het midden van Eindhoven die ook nog eens midden op straat geparkeerd stond. Er achter hing een kar vol spreuken alsof de studenten bierwagen getransformeerd was. “Wijs door ervaring” stond er groot op de zijkant. Al met al een fraaie (eigen)wijze vertoning van opvallende dienstverlening vol vrolijke kritiek en boodschappen.

Ik werd al roepend aangesproken door een man in overall die uit een huis kwam. “Wil je een kijkje nemen binnen?” vroeg hij met een smeuïg Brabants accent.  “Allemaal gecertificeerd werk” zegt ie terwijl de aanhanger opende.

De inhoud was al even spectaculair als de buitenkant. Een en al schroef, draad en spullen, een reizende marskramer van loodgieter en elektrische reparaties. Het deed mij denken aan de vroegere dorpsreparatie werkplaatsen waar je alles kon vinden dat zelfs overgrootvader allang vergeten was. Natuurlijk vroeg ik hem om op de foto te gaan.

Frans van Och - ZZP - 66 jaar
Frans van Och – ZZP – 66 jaar

“Ik ben hiermee begonnen om uit die bijstand te komen” zei hij. Met een vrolijk kritische stem vertelde hij dat hij geen werk meer kon vinden en die bijstand lui zat was. Hij geeft lekker af over burgemeester en wethouders die hem ook al uit zijn huis willen hebben “omdat ze toch miljoenen willen verbrassen die niet van hen zijn. Mee de grond in heien moeten ze die lui”. Dus was ie gaan klussen. Nu is hij 66 en zelfredzaam als zelfstandige professional waar het zelfbewustzijn van afstraalt. Een echte ZZP-er (zelfstandige zelfbewuste professional). Deze man maken ze niets meer wijs.

Ondertussen loopt de vrouw naar buiten waar hij was geweest voor een klus. “Een vakman is het”, vertelt ze me nog. Ze is een vaste klant geworden van deze man “die er pas mee ophoudt als ze hem onder de zoden stoppen”. Een mooi voorbeeld van een knokker die zich niet laat kisten. Een ondernemer van zijn eigen leven.

http://www.ochgtd.nl