Betrokkenheid is het nieuwe geld

29 Sep wp-image-927774731jpg.jpeg

Tijdens de kick-off van de groene dialoog in Eindhoven gisterenavond viel de opmerking dat “voedsel gratis zou moeten zijn voor iedereen”. Dit is een boeiende visie die we toch wat trachten te nuanceren. Gratis wordt namelijk geassocieerd met “voor niets” en dat het beschikbaar is “zonder er iets voor te doen”. En dat is een misverstand want de wekelijkse discussie draait om onze voedselzekerheden en hoe we daar samen verantwoordelijkheid voor kunnen nemen. 

Nu is voedsel in een stedelijke omgeving bijna uitsluitend beschikbaar via geld. Als je geen toegang hebt tot geld dan heb je ook geen toegang tot de overvloed aan etenswaren doe via de commerciële kanalen wordt aangeboden. Armoede wordt niet gezien als het ontbreken van zekerheden maar het ontbreken van geld. Voedsel komt zo in handen van geldgedreven speculanten waardoor er allerlei onmenselijke misstanden ontstaan die zelfs op termijn ons duurzame voortbestaan als soort kunnen bedreigen door alle neveneffecten op onszelf en onze planeet. Allerlei voorbeelden komen voorbij die onze huidige voedselkwetsbaarheid duidelijk maken. 

Een alternatief is dat voedsel als kernwaarde voor het menselijke voortbestaan wordt erkend door ons allemaal. Hierdoor moet het uit het manipulatieve geldsysteem worden ontheven om vrij toegankelijk te worden in goede verdeling voor iedereen. Dat kan alleen als iedereen weer betrokken raakt bij het creëren van onze voedselvoorziening. Dat kan op vele manieren. Bijvoorbeeld door deel te nemen aan de voedselproductie of in de distributie onderling, de verwerking, de bereiding, het bedenken van innovaties of door het beschikbaar stellen van middelen. 

Er werd gesproken over lokale productiviteit, in de stad bijvoorbeeld, daarna de productiviteit in de nabijheid, bijvoorbeeld op fiets afstand en dan op auto afstand, enz waarbij de verhoudingen in volume, behoefte, schaarste en specialisatie kan worden uitgedrukt. Daar waar meer mensen betrokken zijn kan volume ontstaan met verdeelbare productiviteit. Naar mate de afstand groter wordt verminderd de betrokkenheid om plaats te maken voor specialisatie of zeldzaamheid. 

Om het lokale volume en de diversiteit van voedsel op peil te brengen werd gesproken over de toepassing van meerlaagse voedselbossen, indoor technieken die de natuur nabootsen maar geen last hebben van seizoenen noch hagelbuien of tornados en herinrichting van het publieke domein. In al die toepassingen en inzichten zit veel kennis, vaardigheden en arbeid verstopt. Door dit te ruilen voor een verdeelsleutel van de overvloed die men samen genereert is er geen geld meer nodig. Dat is namelijk vervangen door iets anders van veel meer waarde: betrokkenheid. 

In onze voedselzekerheden van morgen is daarom betrokkenheid het nieuwe geld, net als in alle menselijke kernwaarden die ons voortbestaan en welzijn garanderen. 

Voedsel expertise verzamelt zich in de groene dialoog elke woensdagavond

Op niveau 4 heeft de overheid niet het laatste woord

27 Sep

Wat is “Niveau 4”? Niveau 4 is een begrip dat we op verschillende fronten zijn tegengekomen in wetenschappelijke en intellectuele publicaties, en onze eigen expertise opbouw dat heeft geleid tot het ontstaan van de Stad van Morgen:

Niveau 4 bewustwording
Wanneer we de inzichten van psychiater en filosoof Dabrowski ter harte nemen dan geeft niveau 4 betekenis aan een multi-niveau loslaatproces:

dabrowski-niveau-4

Niveau 4 menselijke complexiteit
In mijn eigen research over de menselijke complexiteit sinds 2007 refereer ik naar niveau 4 als het gebied waarin we opnieuw op zoek gaat naar een nieuwe fase van harmonie door toepassing van authentiek leiderschap (de groene lijn vanuit een nieuwe fase van bewustwording).

geluksinfrastructuur-1b

Niveau 4 leiderschap positioneert zich in een nieuwe maatschappelijke cyclusvorming naar samenhang en harmonie

Niveau 4 gebiedsontwikkeling
De analyse die door Presencing Institute van Otto Schwarmer (U-Theorie) en Peter Senge (beide van Harvard University) wordt geponeerd laat een matrix zien van bewustwordingsniveaus en organisatievormen. De vorm die op beide assen niveau 4 bereikt is het gebied van “bewustzijn gedreven co-creatie”.

social-evolution-1

Wat men echter niet laat zien in deze matrix is het complexe proces om van niveau 1 (Hierarchy) in “global systems” te transformeren naar niveau 4 (Awareness Based Collective Action). De weg ertussen is niet lineair maar vergt een proces van afbrokkeling van de hiërarchische organisatievormen en de wederopbouw vanuit samenhangend bewustzijn.

ego-vs-eco

Niveau 4 ondernemerschap
Deze vorm van ondernemen richt zich op het 4 x winst principe of het Piramide Paradigma van structurele waardecreatie.

Pyramid 3

Het centrum van de piramide verzameld alle positieve waardegedreven energie

Niveau 4 leiderschap
Deze vorm van leiderschap overstijgt het volgerschap, zelfleiderschap en hiërarchisch leiderschap door empathisch verantwoordelijkheid te nemen voor het sturende mechanisme van menselijke of natuurlijke kernwaarden. Aangezien deze vorm vaak combinaties vertoont van autoritair leiderschap en empathisch volgerschap van hogere maatschappelijke doelen is het in staat zich te verenigen met gelijkdenkend leiderschap uit andere sectoren om zo tot een co-creatie te komen.

Sustainocratie
Als we luisteren naar sociologen en psychologen over de techniek van maatschappelijke transities dan zou er een democratisch draagvlak van 30% van de bevolking nodig zijn om een structurele verandering door te kunnen voeren. De praktijk laat echter zien dat dit niet waar is. Veel mensen zullen het wel “anders” willen maar worden geblokkeerd door de politieke economische werkelijkheid die ons omringt en hen aan blijft sturen.

Sustainocratie gaat uit van een geheel andere rekensom: Je hebt voldoende niveau 4 leiderschap nodig uit elk van de gefragmenteerde pilaren van de maatschappij die samen verantwoordelijkheid nemen zowel voor het nastreven van de kernwaarden als de integrale innovatie in hun onderliggende structuren.

sustainocratie-1

Veel huidige niveau 4 leiders hebben het gevoel niet in de juiste “ballenbak” te zitten terwijl ze juist betekenisvol vooruitgang willen boeken.

Op regionaal gebied van miljoenen mensen kan een groepje van 10 a 20 juiste personen het verschil maken, mits ze de juiste leiderschapsmentaliteit, maatschappelijke autoriteit en het doorzettingsvermogen hebben in elke fase van het proces en beïnvloeding van de onderliggende lagen. En daar zit juist de uitdaging.

Op de onderliggende niveau’s van gebiedsontwikkeling heeft de overheid een duale verantwoordelijkheid: het opbouwen en onderhouden van een publieke infrastructuur met bijbehorende regelgeving en controle mechanismen, en het beheer over de ingezamelde publieke middelen via de belastingen.

Wanneer dan het niveau 4 geactiveerd wordt als bewustzijnsgedreven cocreatie omdat mensen met autoriteit en leiderschap hiervoor maatschappijbreed verantwoordelijkheid nemen, dan botsen ze met de regionale dominantie rond beheer van geldelijke middelen van de lokale politieke/economische overheid. Over de infrastructuur kan men over het algemeen vrij beschikken maar niet het gemeenschapsgeld. Als men op niveau 4 aanspraak wenst te maken op een deel van de beschikbare publieke middelen dan is men afhankelijk van de overtuigingskracht van de betrokken niveau 4 leiders die uit deze “ballenbak” voortkomen. Maar ook dan blijft de niveau 4 leiderschapsgroep zich bewegen in een sfeer van afhankelijkheid die degenen met de financiële middelen meer macht geeft om niveau 4 processen te verhinderen of mogelijk te maken dan degenen die de verbindende kracht, waardevolle kennis, technologieën, innovatie kracht of sociale netwerken toevoegen.

De hiërarchische niveau 2-3 overheid kan nooit het laatste woord hebben op niveau 4 omdat men veelal zowel het bewustzijn als het leiderschap mist. Het niveau 4 leiderschap ontstaat nooit als er geen dwingende aanleiding toe is. Het blokkeren ervan leidt tot grote potentiële kwetsbaarheid van de regio en mogelijke kostbare problemen die op termijn de tijdelijke niveau 4 aanpak ruimschoots zullen overstijgen. Tijdig optuigen van niveau 4 verlangt een investering die zelfs op termijn het meervoudige oplevert voor de lokale gemeenschap.

Dit integrale besef vereist een nieuwe indeling van de gemeenschapsgelden waarbij een relatief gering percentage ervan (bijvoorbeeld 10%) als regionaal fonds beschikbaar dient te komen voor niveau 4 ontwikkelingen. Dit fonds wordt ondergebracht in onafhankelijke niveau 4 coöperaties die onder toezicht staan van de eigen leden, niet de overheid. Een goed voorbeeld hiervan is AiREAS (gezonde verstedelijking vanuit luchtkwaliteit) waarin nog geen fondsvorming heeft plaatsgevonden maar wel een investering in geld en andere middelen van de leden die door de groep zijn beheerd en benut in ongekende waardecreatie waarin alle bovenstaande niveau 4 eigenschappen zijn toegepast.

niveau-4

Pas als je meedoet leer je het meest

27 Sep
Programma STIR niveau 4 leercoöperatie – oktober 2016
logo-stir-niveau-4
Niveau 4 is het samenwerkingsgebied dat boven de politiek economische sturing zich verbindt met de natuurlijke en menselijke kernwaarden die de stabiliteit en duurzame vooruitgang van een gemeenschap garanderen. Niveau 4 betrekt alle mensen en instanties bij een gemeenschappelijk gedragen verantwoordelijkheid. Voorbeelden zijn AiREAS, FRE2SH, Rijk van Dommel en Aa en deze leercoöperatie zelf.
Programma oktober 2016
Hier volgt een lijstje van de komende evenementen waar u of uw organisatie desgewenst aan deel kunt nemen. U mag deze mail doorzetten naar anderen die er gebaat bij zouden kunnen zijn:
Inspiratie: veelal gratis – drankjes/eten voor eigen rekening
Woensdagavond 28 sept, vanaf 18.00: Kick-off De Groene Dialoog
S-Plaza in de oude Schellensfabriek aan de Vestdijk
Voedsel is een kernwaarde van ons bestaan. Ondanks volle supermarkten is het niet evident dat we in de toekomst te eten hebben tenzij er drastische maatregelen worden genomen.Gelukkig gebeurt er al veel. De groene dialoog nodigt wekelijks uit ons te verdiepen én verbinden aan het voedselbewustzijn en innovaties die er toe doen.
Dinsdagmiddag 11 Okt vanaf 13:00, Kennisfestival 
Evoluon
STIR heeft ook dit jaar de beschikking over 3 minitheaters waarin 3 verschillende STIR leerprogramma’s worden gepresenteerd: 
  • Brabantse Health Deal – wat betekent dit voor het onderwijs?
  • Niveau 4 leiderschap – wat betekent dit?
  • Participerend leren –  hoe werkt dat in de praktijk?
Woendagavond 12 Okt, vanaf 19.00: Tegenlicht040 “What makes you kick?”
Singularity-U op Strijp-S
Dutch Design Week – 22 – 30 Okt Stadhuis 1e verdieping voor de raadzaal – Expositie en activiteiten rond De Brabantse Health Deal – Samen werken aan een gezonde stad! Inclusief AiREAS en Sustainocratie.
Innovatie: persoonlijk – laagdrempelig
 
Dinsdagochtend 11 Okt, 09:00 – 12:30: Geluk en Ontzorgen
STIR in Sectie-C, Doornakkersweg 2-178
Geluk staat vaak in relatie tot een zorgeloos leven. Maar niemand leeft zonder zorgen. Deze workshop geeft u tips om geluk de boventoon te laten voeren en uw zorgen niet.
Implementatie: professioneel
Donderdag 12 Okt, 10 – 16:00: Presenteren voor het oog van de camera
STIR in Sectie-C, Doornakkersweg 2-178
Het oog van de camera registreert anders dan die van de mens. Als je een uniek publiek moment hebt om op het podium je boodschap te verkondigen dan wil je dat de opnames via YouTube of Vimeo, e.d. ook optimaal zijn. Deze workshop met online TV maker Hein Kuijper geven u tips en inzichten om het meeste te halen uit uw optreden en terugkijk mogelijkheden.
Donderdag 27 Okt, vanaf 12:30: Hoe stel ik mijn organisatie in staat te kiezen tussen wat werkt en wat niet? 
Rotterdam
Voor grote en kleine organisaties is het enorm lastig om keuzes te maken in tijden van intense veranderingen zowel in marktbenaderingen als samenwerkingsvormen. Wat bepaalt succes en wat juist niet? Rotterdam Kantelt, Comdys en Stad van Morgen laten allerlei visies zien die werken maar ook hoe we omgaan met blokkades.
Donderdag 28 Okt, vanaf 12:30: Hoe stel ik mijn organisatie in staat te kiezen tussen wat werkt en wat niet? 
Eindhoven – Sectie-C
Hetzelfde als in Rotterdam maar nu in Eindhoven met DDW2016 op de achtergrond.
Samenwerkingspartners deze maand in de STIR niveau 4 leercoöperatie: 
Comdys, Rotterdam Kantelt, Stichting Duurzaam Brabant, CityTV.nl, gemeente Eindhoven, Tante Netty, Brainport, S-Plaza, Studio van Origine, Rik Konings ondernemerscoach, AiREAS, FRE2SH, enz…….en u!

Zelfsturende teams bestaan niet

27 Sep

Dat is natuurlijk een spannende opmerking van iemand die dagelijks bezig is met hiërarchieloze, zichzelf sturende structuren, zoals natuurlijke en menselijke eco-systemen binnen de maatschappelijke leer-experimenten van Stichting STIR. In de Stad van Morgen mengen we individueel zelfleiderschap net zo gemakkelijk met bestuurders van strakke hiërarchische organisaties, eigengereide wetenschappers en “machteloze” burgers in eenzelfde zichzelf sturend team. Hoe zit dat dan met de opmerking dat dit soort teams niet bestaan?

Als we kijken naar al die cursus aanbiedingen rond zelfsturende teams dan valt op dat men het allereerst heeft over “het scheppen van de voorwaarden” of “de organisatie om de teams heen”. Organisaties die het hebben over zelfsturing willen vooral dat hun personeel meer eigen verantwoordelijkheid draagt en initiatief neemt, alleen of in teamverband. Op zich is daar niets mis mee en vaak zelfs erg noodzakelijk in een sterk veranderende omgeving waarin een “hiërarchische toestemmingscultuur” alleen maar de nodige flexibiliteit en daadkracht weghaalt uit een proces. De oude tijd van een “baas met zijn hulpjes” is getransformeerd naar “met experts omringde zelfstandige operationele samenwerkende krachten”.

hierarchie-238x300

Hierarchy: Top level people look down and only see shit. Lower level people look up and only see assholes. 

Dood of leven 3

Het Stad van Morgen dynamisch cluster proces op basis van gelijkwaardigheid

In het geval van de Stad van Morgen gaan we zelfs een grote stap verder. We hebben niemand op de loonlijst en de teams kunnen variëren tussen enkele personen tot duizenden samenwerkende individuen en een grote diversiteit aan instanties. Als we het geheel tillen naar het niveau van een Sustainocratie dan betrekken we met evenveel “gemak” hele regio’s met miljoenen mensen, bedrijven, overheden en wetenschappelijke instellingen. Dynamisch clusteren noemen wij dit waarbij teams zichzelf vormen en verbinden aan de hand van prikkelende motivatie, doelgerichtheid en eigenbelang.  Maar in hoeverre is er sprake van zelfsturing?

Zelfsturing betekent dat men zelf richting bepaalt en vervolgens daar keuzes en acties op afstemt. We hebben allemaal te maken met deze vorm van zelfsturing als we in het dagelijks leven willen bepalen waar we willen werken, wie onze levenspartner wordt en hoe we ons in onze dagelijkse behoeften voorzien. Maar zelfs dan liggen er in de kern voorgeprogrammeerde prikkels die onze vermeende zelfsturing sturen. Onze genetische drang naar het opbouwen van een of meerdere intieme relaties geeft ons weliswaar de schijnbare vrijheid van het kiezen van wie die uitverkorene zou moeten worden maar binnen die keuzeprocessen liggen allerlei zintuiglijke prikkels die onze keuze bewust of onbewust manipuleren en beïnvloeden. De vrijheid van keuze wil nog niet de vrijheid van sturing weergeven. Er is altijd een sturend belang.

Binnen een organisatie, waar personeel een gesalarieerde functie bekleedt, is ondergeschiktheid en loyaliteit aan de belangen van de organisatie essentieel. Dat is op zich al sturend. Dat men daarbinnen de mogelijkheid krijgt om zelf te kijken hoe dit belang het beste gediend kan worden behoort amper tot zelfsturing. Het zou pas zelfsturing zijn als men ook het belang van de organisatie ter discussie zou mogen stellen en uiteindelijk veranderen. Denk aan zelfsturende teams in een zorginstelling. Zij dienen zorg te verlenen. Mocht die zorginstelling lid worden van een Sustainocratisch proces in de Stad van Morgen, waarin we “zorg voor gezondheid” trachten te organiseren in plaats van “gezondheidszorg”, dan zouden de betrokken personen zelfsturend mee gaan werken aan het ter discussie stellen van hun eigen broodheer. Er is dus altijd een kader en doelgerichtheid waarin men al dan niet met een zekere vrijheid zelf kan handelen zonder dat dit vooraf gebeurt met toestemming van een baas. Hoe scherper de kaders des te “vrijer” het personeel of betrokken deelnemers kunnen handelen, ook in het aangeven en nastreven van haalbare doelstellingen maar altijd binnen de kaders.

In Sustainocratie is het democratische kader duidelijk. De 5 natuurlijke en menselijke kernwaarden zijn sturend voor ons zelfleiderschap en de complexiteit van organisatie, innovatie en gebiedsontwikkeling. Deze kernwaarden zijn historisch, wetenschappelijk en praktisch empirisch onderbouwd. Zodra men deze kernwaarden aanvaardt, ongeacht status of autoriteit, dan ontstaat vanzelf het zelfsturende karakter van het zoeken naar verbindingen met anderen die ook die aanvaarding hebben gedaan. Het doel en de richting is dan voor iedereen duidelijk alleen nog niet hoe men het bereikt. Het dynamische clusteren geschiedt dan door het doen van voorstellen, kiezen van prioriteiten en het nemen van initiatief. Vaak is dat “iemand” die het voortouw neemt en allerlei mensen en instanties om zich heen verzameld die waarde kunnen toevoegen aan de missie. Als de groep eenmaal geformeerd is en met elkaar in staat blijkt om een commitment te geven voor een groepsproces met een beoogd eindresultaat dan stapt de initiatiefnemer weer terug in de groep zodat deze zoveel mogelijk zelfsturend kan worden op basis van onderlinge gelijkwaardigheid en vertrouwen in een ieder’s toegevoegde waarde. Als het project is afgerond dan valt de groep weer uit elkaar en schept ruimte om tot nieuwe verbindingen te komen. Zo zien we veel partners in onze processen die in meerdere dynamische clusters een rol spelen.

Kortom, zelfsturende teams bestaan niet, ze kunnen zich hooguit onder de juiste omstandigheden tijdelijk redelijk zelfsturend gedragen. Maar daar is dan een heel proces aan voorafgegaan, is een band ontstaan van onderlinge erkenning, en houdt men eveneens rekening met de eindigheid van het team na het behalen van de gestelde doelen. Uiteindelijk zijn sturend:

  • het kader,
  • het onafhankelijke verbindende initiatief of motief,
  • het gemeenschappelijke doel,
  • het groepsbelang,
  • de unieke kwaliteiten van elke deelnemer,
  • het individuele eigenbelang (wederkerigheid) om te verbinden,
  • en de basisvoorwaarden voor niveau 4 leiderschap in groepsverband: authenticiteit, respect, veiligheid, gelijkwaardigheid, empathie en vertrouwen.

 

Brabant en voedsel

21 Sep

Ontvangen van Provincie Noord Brabant voor agrofood professionals…..12 oktober….

unnamed-1

Agrofood: de tijd vooruit. Dé ontmoetingsplaats voor professionals die bijdragen aan de transitie in de agrofoodsector. Brabantse (koepel)organisaties, ondernemers, kennisinstellingen en gemeenten bieden jou als professional een afwisselend programma aan waarin je kunt horen, zien en beleven hoe de transitie in de agrofoodsector verloopt. En daarmee je voordeel doen in jouw eigen stappen voorwaarts!

De Brabantse Agrofood ís haar tijd vooruit: we mogen trots zijn op waar we vandaan komen, waar we nu staan en op wat er nog in het vat zit. Met de vele kennissessies, workshops en thematafels ervaar je op woensdag 12 oktober a.s. in één inspirerende dag hoe de transitie van de agrofoodsector ervoor staat. Samen innoveren, successen delen en ideeën uitwisselen. Van elkaar kunnen we immers leren en samen kunnen we ons verwonderen!

 
Programma
Er zijn sessies en workshops over allerlei thema’s op het gebied van agrofood, voor professionals in de keten. Van ondernemer tot gemeenten en waterschappen, voor ieder wat wils.
 
Een (kleine) greep uit het programma:
  • do’s en don’ts van crowdfunding, door Jeroen ter Huurne, bekend van Collin Crowdfund;
  • gemeente Zundert, Waterschap Brabantse Delta, Treeport Zundert, ZLTO en diverse landbouw(gerelateerde) ondernemingen tekenen de samenwerkingsintentie bodem van VICOE (Vitale Circulaire Organische Economie). Onder leiding van René Jochems (directeur GroeiBalans);
  • tijdens de Dragon’s Den pitchen jonge ondernemers hun idee aan een expert jury;
  • debatteren over voeding en techniek, waarbij gedeputeerde Bert Pauli (Economie en Internationalisering) onder leiding van Anne-Marie Fokkens (presentator Booming Brabant) in gesprek gaat met Brabantse ondernemers uit de agrofoodsector over kansen op het snijvlak van agrofood en high tech;
  • uitreiking Agrofoodpluim door Anne-Marie Spierings;
  • 1 op 1 sessies met succesvolle ondernemers;
  • #durftevragen-sessies over diverse thema’s. En stel ook zelf de vraag die jou bezig houdt!;
  • ga aan de verschillende thematafels de discussie aan met je vakgenoten;
  • benieuwd naar agrofood op Mars? Bas Lansdorp (Mars One missie) neemt ons mee;
  • kookworkshops verzorgd door jongeren;
  • tientallen ondernemers laten hun innovaties en succesverhalen zien en horen.
Ga naar de website voor meer informatie over het event en houd deze in de gaten voor updates in het programma.
 
Nog even op een rijtje
Wie professionals uit de hele agrofoodketen  
Wat gratis agrofood inspiratie event
Waar centrale hal, provinciehuis ‘s-Hertogenbosch
Wanneer 12 oktober 2016, tijdens de Dutch Agri Food Week
Tijd 10.00-17.00 uur
  open inloop: stel je eigen programma samen
Website Agrofood: de tijd vooruit
 
Aanmelden
Deze dag wil je niet missen. Meld je meteen aan via het digitaal aanmeldformulier en laat je inspireren en verwonderen op 12 oktober! Mocht je andere geïnteresseerden kennen die ook graag deel zouden nemen aan het Agrofood inspiratie event, dan kun je deze uitnodiging aan hen doorsturen.

Kick off van de Groene Dialoog Eindhoven

21 Sep

Op 28 september doen we de kick-off van De Groene Dialoog, een vaste ontmoetingsplek in de stad voor verbindend overleg over onze voedselvoorziening, voedselzekerheden, levensstijl en gezondheid.

FB_IMG_1473518390983.jpg

Vervolgens elke woensdagavond met thematische discussies en ronde tafel gesprekken.

Kunst komt van kunnen 

19 Aug

Tijdens een korte vakantie in Duitsland werd voor mij de associatie gemaakt tussen “kunst” en “kunnen”. In het Duits is dit een eenvoudige oude vervoeging van het werkwoord “können” maar in het Nederlands niet. Toch is de vergelijking erg aantrekkelijk, ook in onze taal. 

Kunnen omvat niet alleen associaties met concrete vaardigheden maar ook met de mogelijkheid, gelegenheid of ruimte om iets te doen. In “kunst” is dit alles van directe toepassing als men zich wil uiten op de een of andere creatieve manier. “Kun je dat?” is een innerlijke uitdaging die aanzet tot experimenteren met communicatie middels het creatieve vermogen van de mens en de inzet van de daartoe beschikbare middelen. Een innerlijk beeld tot uiting brengen zodat het zich laat bevredigen in de tastbare wereld is Kunst, je kunt het, los nog van wat het doet met anderen. 

Het innerlijke begrip rond “kunnen” kan dan tot enorme motivatie leiden, zelfs een obsessie, een bezielde waanzin, een wanhoop, tot het moment van bevrediging via dans, muziek, schilderen, beeldhouwen, films, design, praten of zelfs een maatschappelijke missie. Als dat niet tot uiting komt dan is “Du Kunst het nicht”, hoe zeer anderen in contemplatie tot bewondering geneigd zijn en zich zo uiten terwijl de kunstenaar radeloos verder op zoek gaat naar de ultieme expressie en het doorzettingsvermogen van “du könntest” of “er könnte es” ofwel “Kunst!” tot het is gelukt. En dat lukken brengt weer associaties met “geluk”.