Verzet tegen manipulatieve dominantie?

In 2005 keerde ik de maatschappelijke structuur van hiërarchisch gevormde politieke belangen in Nederland de rug. Ik was uiterst pijnlijk tot het inzicht gekomen dat deze maatschappij niet dienstbaar (meer?, ooit geweest?) is naar de mens, ondanks alle belastingdruk en voorzieningen. Ik voelde mij boos, uitgespuugd, de rug toegekeerd door instanties, uitgebuit, in de steek gelaten, enz. Gedurende enige tijd zag ik alles wat “overheid en aanverwant” was, als vijand.

Mijn eerste stap was de bewustwording dat ik niets maar dan ook niets had aan deze zichzelf erende mammoetorganisatie die als een dwangbuis trachtte mij in de kapselen vanuit plichten maar mij tegelijk alle rechten ontnam. Mij bevrijden uit deze dwangbuis betekende ook dat ik er alleen voor kwam te staan. Ik had niets meer, behalve mijzelf, mijn twee kleine dochters, en de hulp van familie, vrienden en kennissen (wat ik later de échte maatschappij ging noemen). Maar ik had óók mijn natuurlijke vrijheid en zelfbeschikking teruggenomen.

Mijn tweede stap was te kijken hoe ik mij, in de ruimte die was ontstaan van eenzame zelfverkozen vrijheid, in stand kon houden met de verantwoordelijkheid die ik droeg naar mijn kinderen en mijzelf? Alles is mijn directe omgeving (huisvesting, voedsel, zorg) was dichtgetimmerd door het manipulatieve systeem dat volledige afhankelijkheid nastreeft. Ook al erkende ik de regels niet meer, ze projecteerden zich nog steeds op mij vanuit opgelegde plichten als ik mij wilde bewegen.

Om te leven diende ik niet het gevecht aan te gaan met iets dat veel machtiger is dan ik. Ik moest er boven gaan staan als mens en het eventueel gaan gebruiken als middel terwijl ik mijn nieuwe werkelijkheid vorm begon te geven. Vanuit het besef dat het systeem bestaat uit mensen, belangen en afspraken, kon ik in dit spel ook mijn weg trachten te vinden door uit te nodigen tot nieuwe afspraken. Ik was buiten het systeem terecht gekomen, maar redeneerde terug het systeem in van buiten en trachtte zo die bruikbare elementen te benutten die mee wilden werken aan een nieuwe versie van de maatschappij die zich gaandeweg aan mij manifesteerde.

Ik breidde mijn claims uit vanuit natuurlijk menselijk perspectief, zoals ik het had ervaren als alleenstaande vader in een moeilijke situatie. Zo ontstond Sustainocratie, de werkwijze en de kernwaarden voor de mens in haar natuurlijke werkelijkheid. Ook al kreeg ik hulp van mijn informele omgeving, mijn keuze werd nauwelijks begrepen. “We hebben het toch goed” klonk algemeen. En voor het gros van de bevolking was dat ook zo. Daarom werd ik in die eerste tijd amper gehoord. Ik was “die gek op de zeepkist” die verkondigde “dat het anders moest”. Tot eind 2008, de zogenaamde kredietcrisis, de ogen opende van velen en het vertrouwen eerst in banken, daarna in de overheid weg, begon te vallen. Ons “we hebben het toch goed” stond op losse schroeven. Deuren gingen open en men kwam ook bij mij kijken vanuit “misschien zit er toch wat in wat hij te zeggen heeft”.

Alleen werd twee en gaandeweg “niet meer alleen”. Op mijn uitnodiging tot samenredzaamheid sloten niet alleen medemensen zich aan maar ook instanties, inclusief overheden, die het moeilijk begonnen te krijgen en in zelfreflectie werden geduwd. Plotseling werd duidelijk dat overal, ook in de instanties, partijen en ondernemingen, er mensen (inclusief bestuurders) te vinden zijn met idealen die meedoen met Sustainocratie en de vertaalslag makend naar hun beroep, als een verademing ervaren.

Ook politieke partijen begonnen mij te raadplegen over visie en mogelijkheden om er eigen politieke, ideële opvattingen van te maken. Ik werd zelfs gevraagd om van Sustainocratie een politieke beweging te maken. Dat weigerde ik omdat het geen politieke beweging is maar een overkoepelend verantwoordelijkheidskader dat wij met zijn allen delen. Als men er politiek of economie aan wil ontlenen dan is dat prima, mits het bijdraagt aan de claims. Dat valt zelfs te formaliseren in het kader. Sustainocratie is een real time democratie, geen vier jaarlijkse uitbesteding. Dat zet de oude maatschappelijke structuur ook op scherp. Wie kan er bijvoorbeeld tegen “gezondheid” zijn (waaronder voedselkwaliteit, luchtkwaliteit, water, enz?) en een gezonde levensstijl (meedoen aan gezondheid)? Zelfs de manipulerende krachten krijgen het moeilijk om daar een antwoord op te vinden.

Sustainocratie heeft ondertussen verschillende benamingen gekregen: de realtime participatie maatschappij, niveau 4 bewustzijn gedreven gebiedsontwikkeling, enz…. Wereldwijd word ik uitgenodigd om hierover te vertellen, artikelen te schrijven of presentaties te geven, rollenspellen te spelen, enz. Het blijkt dat de corruptie, manipulatie in het systeem, een spel is van een historische wildgroei aan materialistische machtswellustelingen die veel van de doorgeslagen spelregels bepalen en zelf binnen het systeem druk uitoefenen. Toch is het grootste deel van de mensen die werkzaam is in instellingen gewoon zoals u en ik, zonder al die pretenties, behalve het zorgen voor het welzijn van hun gezin via een inkomen. Zij willen ook professionele waardering door toegevoegde waarde te leveren voor de mens en niet alleen voor “het systeem”.

De claims van Sustainocratie zijn reëel, erkend en beloond. Wat echter niet past in Sustainocratie is geldsturing, blokkerende macht, afhankelijkheid, politieke of economische manipulatie, hiërarchie, enz. Het proces van deelname aan Sustainocratische cluster programma’s is een zelf selecterend geheel. Het gaat uit van een waardemodel waarin de toegevoegde waarde van elke partner zich manifesteert. Gaandeweg staat de manipulatie verder weg, en uiteindelijk alleen, omdat deze geen toegevoegde waarde heeft. Dan doet de manipulatie even waar het goed in is, zoals dreigen, angst zaaien, dwang uitoefenen en omkopen. Totdat ze daarop terecht wordt gewezen (een kwestie van tijd). De machtsuitingen gebeuren natuurlijk nog steeds alom maar de tekenen van opschoning zijn al aanwezig als natuurlijk weerbaarheid proces.

Sustainocratie is nu allang niet meer “van mij” maar van ons allemaal. Er studeren mensen op af op universiteiten en hoge scholen door het Sustainocratische kader af te wegen in hun analyses. Ook het juridische systeem komt aan bod en staat daarin ter discussie. Er zijn nieuwe vormen van ondernemerschap 21ste eeuw die hun plannen baseren op het 4 x winst principe binnen Sustainocratie. Burgerparticipatie groeit ook…..

Ondertussen heeft een virus en gerelateerde maatregelen veel meer verdeling gecreëerd in de maatschappij dan destijds de bankcrisis. Velen staan voor een intieme eigen keuze, zoals ik destijds in 1996, en definitief in 2005. Mijn proces kan hen helpen in het maken van keuzes. In Sustainocratie gaat het proactief (niet reactief) om gezondheid en veiligheid die we SAMEN creëren voor onze duurzame weerbaarheid. Het virus is dan een discussiepunt maar ook alle andere zaken, zoals armoede, ongelijkheid, vervuiling, zorg voor elkaar, participatie, enz en die blijken allemaal gerelateerd.

Het is niet vreemd dat steeds meer mensen (en instanties) kijken naar Sustainocratie als oplossing ook voor hun problemen. Maar dan dient ook een ieder de geformuleerde claims te aanvaarden en naleven. Dat is niet altijd even gemakkelijk, want er zijn veel consequenties aan verbonden van loslaten van de oude werkelijkheid. Maar blijven hangen in de huidige werkelijkheid, of de uitingen van dodelijke belangen manipulaties blijven tolereren, is nog minder gemakkelijk…..de tijd zal ons leren…

Anders is ook echt héél anders

Als we écht verandering willen in de maatschappij, een verandering die er toe doet, dan moet “anders” ook écht ánders zijn. En dat is niet gemakkelijk.

Binnen de Stad van Morgen beginnen we het “anders” met het kader waarin we onze maatschappij vorm geven. Het gangbare kader is “politiek economisch” gedreven. Op basis van een kader vormen wij onze dialoog en keuzes. Het kader van de Stad van Morgen is “mens en natuur centraal vanuit 5 gedefinieerde kernwaarden”. Door vanuit dit veranderde kader te redeneren blijft alles in de maatschappij nogsteeds hetzelfde als voorheen, alleen is de dialoog en bijbehorende keuzepatronen anders geworden. Probeer het maar eens, als mens zelf of in gezinsverband. Of in je professionele functie. We doen zelfs rollenspellen om het te ervaren.

Door het kader aan te passen verandert ook onze relatie met geld. Geld wordt geen doel meer, dus ook geen afhankelijkheid. Het is slechts één van de vele middelen die ter beschikking staan. Het geld hoeft niet eens in de doorgemanipuleerde euro vorm te bestaan. Het kan ook anders worden opgezet, niet als schuldsysteem maar bijvoorbeeld als “dank voor je inzet” systeem. De doelen worden onze kernwaarden die we dan onderling verdelen volgens onze inzet, ieder naar vermogen. Dat is ineens een hele nieuwe manier om samen bijvoorbeeld voor ons voedsel te zorgen, of voor huisvesting.

Ook onze onderlinge relaties worden anders. Belangen eilandjes bestaan niet meer. Want die doen er niet meer toe. Er ontstaan clusters van mensen en instanties rondom concrete uitdagingen. Iedereen draagt bij op zijn of haar manier, volgens de eigen, authentieke mogelijkheden van de persoon of instantie. Zo worden onze overheden, bedrijven, kennisinstellingen, expertise instrumenten om onze complexe uitdagingen waar te kunnen maken. Maar ze worden gevormd en verbonden onderling door mensen, die allemaal meedenken en hun bijdragen leveren. Voor ons en door ons allemaal.

We concentreren ons op onze lokale productiviteit en behoeften. De lokale communities vormen onderling ook een grotere community waartussen uitwisseling kan plaatsvinden om elkaars tekorten aan te vullen. Zo kan een wereldwijde structuur ontstaan van samenwerking tussen alle lokale clusters, alles gebaseerd op slechts 5 natuurlijke menselijke kernwaarden en onze symbiotische relatie met onze natuurlijke omgeving.

De vele knelpunten die we nu kennen in de oude werkelijkheid verdwijnen. Denk aan ongelijkheid, armoede, vervuiling, eenzaamheid, machtsmisbruik, enz. Sommige zaken die we nu juridisch uitvechten organiseren we dan op basis van vertrouwen. Andere zaken die nu sturend zijn achten we dan ongrondwettelijk en illegaal. We zullen het gaan zien als een evolutionaire doorbraak in onze geschiedenis, een totale omslag in het menselijke bestaan.

Het “anders” is geen utopie, geen denkbeeldige illusie of ideologie. Het bestaat al. Als Stad van Morgen in Eindhoven hebben we werkende initiatieven zoals AiREAS, FRE2SH, COS3i en School of Talent and Wellness.

In werkelijkheid bestaat het al miljarden jaren, net zolang als het leven op Aarde en in het universum. Alleen heeft de mens een lange leerweg afgelegd doordat we ooit hebben leren nadenken en zo, naast onze oplossingsgerichte creativiteit, ook veel angsten voor het onbekende hebben moeten overwinnen.

Deze laatste stap maakt eigenlijk het cirkeltje rond voor onszelf. We overwinnen onze angsten door te vertrouwen op elkaar en de kennis die we hebben opgebouwd door deze samen toe te passen zonder onze omgeving te schaden maar ermee samen te werken. Voor de meeste mensen (en instanties) is het echter erg moeilijk om het oude kader los te laten. In de Stad van Morgen is dat niet nodig zoals velen reeds hebben ervaren. Beide kaders kunnen samen bestaan als we het nieuwe kader maar sturend maken.

Onzekere tijden

Het is een vreemde gewaarwording dat de huidige onzekere tijden eerst werden veroorzaakt door angst voor de effecten van een onbekende variant van een virus maar nu worden voortgezet door de angst van een overheid voor de politieke economische aansprakelijkheid voor de ingevoerde maatregelen. Het voeden van maatschappelijke angst en het stoïcijns vasthouden aan machtvertoon met niet onderbouwbare “oplossingen” ondermijnt op termijn alle geloofwaardigheid van deze risicomijdende, inzichzelf gekeerde overheid.

Het nieuwe SAMEN:

Ik ben opgegroeid in een Spanje in de laatste jaren van dictator Franco (jaren 70). De oppositie van de dictatuur leefde in ballingschap in Frankrijk. Hier probeerde zij het Spaanse volk te stimuleren tot verzet middels de zin “El pueblo unido jamas sera vencido” dat zich in het Nederlands laat vertalen naar “Het volk SAMEN kan nooit worden verslagen“.

Met deze zin in mijn hoofd werd ik wakker vanochtend. In de geschiedenis is dit al zo vaak aangetoond. Als het erop aankomt is SAMEN de enige oplossing tegen de verdeeldheid die wordt gezaaid door belangen, macht en machtsmisbruik.

Maar SAMEN mag zich niet alleen uiten in verzet tegen de gevestigde orde. Het dient zich te uiten vóór onze vrijheid, onze samenredzaamheid (broeder en zusterschap, zorg voor elkaar en met elkaar), gelijkwaardigheid en duurzame ontwikkeling als mens en natuur. Zo realiseer ik mij dat onze verdeeldheid voortkomt uit de luxe die we voor onszelf in stand willen houden, of het nu macht is of de rust van een redelijk onbezorgd leven. Dat we ons niet realiseren dat deze luxe voortkomt uit een naoorlogse fase waarin het begrip SAMEN het fundament legde voor de huidige luxe die we vanuit verdeeldheid in stand trachten te houden door het begrip samen teniet te doen en ons welzijn al decennia lang uit handen hebben gegeven in de zogenaamde zorgmaatschappij.

Angst loslaten en verandering omarmen vanuit bewustwording

De chaos die we voelen is door de angst iets kwijt te raken dat ons zekerheid gaf (geld, zorg, het schijnbaar oneindige leven, gevoel van overvloed, afhankelijkheid). Dat geldt ook voor de machtcultuur die zich erdoor ontwikkeld heeft. Waar we naar toe gaan is het besef dat die zekerheden niet zomaar er zijn als onhoudbaar “recht” maar door ons SAMEN gecreëerd en gewaarborgd dienen te worden. Dat niemand ons levenslang in een watte mandje legt en betuttelt maar dat we dit mandje samen waar moeten blijven maken.

Dit besef draag ik ook uit via het Sustainocratische gedachtengoed in de Stad van Morgen en alle spinoffs waar iedereen aan mee kan doen of er zelf een creëren. Gewoon omdat we het SAMEN doen. Als we ons verzetten dan is dit tegen de onterechte dominantie van structuren die onze vrijheid in de weg staan om zelf verantwoordelijkheid te nemen voor ons welzijn. Als we die vrijheid weer verwerven moeten we wel bereid zijn om deze ruimte in te vullen met visie, daadkracht en productiviteit.

Ik vraag mij af of die bereidheid er al voldoende is?….of dat verzet zich alleen uit om weer terug te vallen in het watte mandje van de afhankelijkheid?…

Wetgeving en Sustainocratie

Op 8 mei 2020 deed Anna Berti Suman haar verdediging over haar doctoraal eindscriptie “Citizen Sensing” aan de Law School van de Universiteit van Tilburg. Daar had ze ruim 4 jaar aan gewerkt en AiREAS in meegenomen. Ze heeft verschillende partners van AiREAS geïnterviewd tijdens haar studie over “het rechtssysteem en burgers die zelf metingen verrichten in hun leefomgeving”. De vraag die Anna zich stelde was of het rechtssysteem hiervoor toereikend zou zijn en zo niet wat er zoal aangepast zou moeten worden?.

Voorafgaand aan haar presentatie deed zij een wereldwijde online workshop met meer dan 80 deelnemers. Ik mocht als spreker optreden met de leuke bijkomstigheid dat een cartoonist het verhaal in een tekening verwerkte.

Mijn kijk op de werkelijk als mens en alleenstaande vader is anders dan wanneer we kijken vanuit “het systeem”, ook al is het mogelijk te komen tot een gemeenschappelijke stip op de horizon. In mijn optiek dient het juridische systeem dienstbaar te zijn voor mens, maatschappij en natuur. Bij de uitnodiging tot het samen verantwoordelijkheid nemen voor het co-creatie proces van een gezonde stad bleken de verhoudingen vaak toch anders te liggen. Terwijl ik een aantal natuurlijke menselijke kernwaarden hanteerde voor mijn kijk een duurzame samenleving redeneerden instanties zoals de overheid veelal vanuit parameters zoals groei, innovatie, geld, maatschappelijke diensten…. maar niet vanuit basis principes zoals “gezondheid” of “gezonde lucht”. Zorg in geval van ziekte was een dienst, luchtkwaliteit binnen een tolerantienorm van vervuiling een vorm van sturing.

Hoe konden de overheid en “ik” (waarbij ik in dit geval een eerste cocreatie werd met een partner op mens niveau, een kleine “wij” van twee individuen, Marco en JP) dan toch een samenwerking opstarten? En dit vasthouden tot vandaag de dag? En welke juridische hindernissen kwamen wij tegen?

Het belang van “de mens” kan dan gezondheid zijn, die van de verschillen lagen en zuilen van de overheid iets totaal anders maar toch verbinden aan het hogere doel. De eerste die aansloot als overheid was geen stad maar de provincie Noord Brabant. Deze kanaliseerde financiële middelen naar steden vanuit de hogere Haagse overheid en “het Schone Lucht Akkoord” (lees inderdaad “schone”, niet “gezonde”). Er was een afdeling die zich bekommerde om de lucht. De provincie (lees: mensen met een bepaalde deskundigheid in deze instelling) waren bepalend voor twee zaken:

  • – “we zouden het samen moeten doen”
  • – de eerste financiële middelen om dit multidisciplinaire platform te creëren

Van het een kwam het ander en uiteindelijk konden we een gigantische lijst van juridische en praktische belemmeringen gaan opsommen die we onderweg tegen kwamen. Door een mentaliteit te hanteren van flexibiliteit, al meanderend door de werkelijkheid tussen de blokkades door, daar waar we stapjes vooruit konden zetten, wisten we ons steeds meer te consolideren als beweging. We moesten daarbij voorkomen dat we zelf een nieuw instituut toe gingen voegen met structuur, personeel, gebouwen en belangen. Het gemeenschappelijke belang van gezondheid en gezonde lucht werd een onzichtbare lijm die vooral bleef plakken voor deelnemers als men projectmatig het eigenbelang kon dienen vanuit deelname aan het gemeenschappelijke. Zo ontstond het dynamisch cluster gehalte van AiREAS rondom concrete projecten steeds met een diversiteit aan deelnemers.

Juridisch is hier echter niet in voorzien. Integendeel zelfs. Door de manier waarop de maatschappij zich in de loop der tijd politieke en economisch ontwikkelde zijn er allerlei juridische bepalingen die vaak onze aanpak in de weg stonden. Dat heeft een logica waar we vandaan komen als maatschappij waarin individuele belangen een hoofdrol speelden en verstrengelingen, misbruik en vriendjespolitiek voorkomen diende te worden. Binnen AiREAS hanteren we niets daarvan en sturen aan op individuele toegevoegde waarde, authenticiteit, creativiteit en betrokkenheid. Dat zijn termen waar de wetgever weinig mee kan maar oude wetgeving kan het wel in de weg staan. Drie voorbeelden bekrachtigen dit:

  1. In het gefragmenteerde veld van politieke economische belangen is de overheid fondsenbeheerder van publiek kapitaal. Zij investeert in eigen verantwoordelijkheden en subsidieert processen van derden die passen in de politieke economisch beleidskeuzes. Daarbij heeft de overheid een controle functie en mag niet participeren omdat dit gezien kan worden als belangenverstrengeling. Maar een gezonde stad kun je niet uitbesteden via subsidies. Noch kan de overheid dit zelf opknappen, omdat de invloeden van gedrag van burgers of bedrijven hooguit gereguleerd kunnen worden maar niet door de overheid worden bepaald. Nu vragen wij de overheid om mede verantwoordelijkheid te nemen, publiek kapitaal te investeren (dat is geen subsidie), samen met de andere deelnemers (burgers, bedrijven, kennisinstellingen), en haar eigen belang te betrekken en te dienen in plaats van anderen te controleren. Volgens de wet is dat niet toegestaan. De dynamiek van niveau 4 gebiedsontwikkeling via cocreatie is nog een volledig braakliggend terrein. Juridisch gezien zouden vele regels opgeheven kunnen worden, met bijbehorende controle en handhavingsstructuren. Dit zou behoren tot een gemeenschappelijk gedeelde transformatie van de maatschappij waarbij de waardekolom die door Stad van Morgen is gepubliceerd gehanteerd wordt en waarin vertrouwen een bindmiddel is. Zover zijn we helaas nog niet in de breedste zin van de maatschappij, maar het precedent is er….
  2. Burgers/inwoners meten altijd puur door ons menselijk bewust zijn. We voelen, ruiken, zien, horen, enz en interpreteren deze prikkels dagelijks. Als we echter voor onszelf “het onzichtbare zichtbaar” willen maken door onze eigen biologische sensoren aan te vullen met technologische varianten dan komen we op het gebied van juridische bruikbaarheid van wat we zien. De landelijke overheid heeft zich het alleenrecht toegeëigend voor de interpretatie van datgene wat ze zelf meet. Dat wat de inwoners meten heeft geen juridische waarde. Binnen de context van AiREAS is dat ook niet nodig. Participatie is niet gericht op het aanvallen van onze overheid of het oude systeem maar op cocreatie van gezondheid waar de overheid mede verantwoordelijkheid voor neemt. Het is niet “angst” gestuurd maar juist “kans”. Persoonlijke metingen zijn belangrijk om te kijken naar de eigen verantwoordelijkheid binnen een probleem, vraagstuk of uitdaging. Iemand die eigen verantwoordelijkheid neemt kan dat ook aan de andere partners vragen. De overheid is zo’n partner die hierop gewezen wordt. Daar is geen juridisch systeem voor nodig, wel open en kundig overleg.
  3. In AiREAS is deelname van het lokale ondernemerschap van groot belang. We trachten nu eenmaal door middel van innovatieve processen en toevoeging van resultaat gedreven producten en diensten te komen tot gemeenschappelijke, meetbare resultaten. De ondernemers aan tafel worden gevraagd om hun meest innovatieve ideeën en mogelijkheden te opperen waar de andere deelnemers warm en enthousiast van kunnen worden. De grootste financier in AiREAS is echter de overheid. Dat is logisch want het is per slot van rekening geld dat door onszelf als onze eigen maatschappij is opgebracht en waar we aanspraak op mogen maken als het dienstbaar is naar het gemeenschappelijke doel (gezonde lucht, gezonde mensen, gezond ondernemen). De overheid is echter verplicht om openbaar aan te besteden als bedragen boven een bepaald bedrag uitkomen. Ondernemers die hun achterste van de tong hebben laten zien over hun innovatieve mogelijkheden kunnen zo buiten spel gezet worden omdat iemand van buiten de regio het idee oppikt en er een goedkopere versie van maakt. Men laat hierdoor niet gemakkelijk de nieuwtjes zien voordat er duidelijke opdracht zekerheden zijn. Zo werkt de co-creatie echter niet. De product of dienstontwikkeling wordt in context geplaatst van gemeenschappelijk resultaat op gebied van gezondheid ontwikkeling (Piramide Paradigma en UNITED). Het gaat dus niet alleen om een productlevering maar de betrokkenheid bij het proces en eindresultaat. Dat lukt niet via de openbare aanbesteding wegens gebrek aan verbinding.

Voor elk van deze en andere barrières hebben we oplossingen moeten zoeken, samen. En gevonden. Waar een wil is, blijkt er altijd een weg. Boeiend is te zien hoe verschillende mensen de werkelijkheid interpreteren. Bijvoorbeeld degenen die vanuit het systeem naar de mens en onze activiteiten kijken. Men gaat primair uit van regels en vorm. Dan zijn er degenen die vanuit de mens naar het systeem kijken. Die gaan uit van het doel en stellen eventueel de regels en vorm ter discussie als deze een blokkade vormen. Door systeemdenkers mee te nemen naar de mens kant nodigen we hen uit om “anders” te denken en handelen om daarna de inzichten mee te nemen in het systeem en zich hard te maken voor transformatie van het systeem.

Zover ging de analyse van Ana niet. De blog over de seminar kunt u lezen op de site van de universiteit….

Kunst en Sustainocratie

In Sustainocratie is authenticiteit en expressie een voorwaarde om succesvol deel te nemen aan de multidisciplinaire cocreatie processen. In essentie is iedereen kunstenares of kunstenaar daar we steeds op zoek zijn naar nieuwe stappen die nog niet bestonden (en dus niet te koop zijn) maar bijdragen aan ons welzijn via de (co)creatie van onze natuurlijke kernwaarden.

Zo ontstaat de kunst van het leven waarin iedereen een eigen kleurrijke bijdrage levert. Zo ook kunstenares Evi Sarantea in Griekenland. Zij raakte geïnspireerd en maakte dit prachtige oog….

Het oog van onze evolutie volgens Evi Sarantea

Toen een aantal biologen mij wijs probeerden te maken dat “het leven geen enkel nut heeft” gaf ik hen ongelijk vanuit mijn perspectief. Het nut van het leven is voor mij de gewaarwording. Hoe zou anders alles, het universum, wijzelf, onze omgeving kunnen bestaan als niets of niemand het zou gadeslaan?

Het oog is voor mij de deur naar onze ziel. Via de vele gelaagde obstakels, zoals opgelegde dogma’s, levenslessen en gebeurtenissen, komen we bij de bron, daar waar Sustainocratie is geboren. De doornen transformeren zo in mooie rozen en vrolijke mensen, jong en oud. Bijzonder hoe Evi dit alles geeft kunnen vastleggen in een prachtig beeld. Hartverwarmend!

Onzekerheid en liefde

Gisteren kwamen deze woorden, in die volgorde, zeker vier keer samen aan de orde. De hele week al word ik geconfronteerd met deze worsteling van mensen vanuit allerlei invalshoeken. Gesprekken gaan over pijnlijke relaties, onbeantwoorde liefdesgevoelens, eenzaamheid, twijfels in het corona tijdperk, wegvallende zekerheden, huidhonger, verlangens, ga zo maar door. De Griekse schilderes Evi Sarantea, deelde twee indrukwekkende werken met mij nadat liefde en onzekerheid (nu in deze volgorde!) aan de orde kwamen in onze gesprekken over Sustainocratie. Gesprekken die door kunstenares Marina Provatidou waren opgestart rondom de kracht van expressie via poëzie, schilderijen, boeken, enz. Maar ook bespraken wij het beeld van “gek gevonden worden” of “niet passen in het huidige tijdsbeeld” door anders te zijn. Hierdoor werd het extra putten uit de innerlijke bron van zelf of universele liefde zo wezenlijk om niet echt gek te worden door het “oordeel van de ander”, de massa. De eigen authenticiteit blijven koesteren en manifesteren werd een wederzijds feest van herkenning.

Onzekerheid

Het woord geeft zichzelf weg. On-zekerheid, het gebrek aan zekerheid, de ongewenste aanwezigheid van het on-voorspelbare, of juist het voorspelbare uit voorgaande gebeurtenissen. Het ongewisse, de innerlijke twijfel, de angst, de diepe wens om “het” wel vooraf te weten, de diepe zwarte put waar je in zou kunnen vallen, wederom misschien ….

Evi: pijn en trauma

De vraag komt op “waarvoor ben ik bang?”. Ben ik bang dat iets mij (weer) pijn gaat doen? Ben ik bang dat ik bepaalde gevoelens kwijt raak? Ben ik bang mijn vrijheid te verliezen? Ben ik bang voor mijzelf, mijn reacties, mijn gedrag, of ik het wel kan, waard ben, wil? Of ben ik bang voor of namens de ander? Ben ik bang de ander pijn te doen, niet te behagen, niet tegemoet te komen? Ben ik bang voor het bekende of onbekende? Ben ik bij voorbaat al bang?

Of de andere vraag “welke garantie zoek ik?” met even zoveel antwoorden. 

Wat al deze gevoelens met elkaar gemeen hebben is dat ze aandacht weghalen van het moment, de situatie in het nu, de daadwerkelijke andere persoon of situatie waar het om gaat. De aandacht gaat naar oude onverwerkte emoties of trauma’s, oordelen en vooroordelen, angsten en vermoedens die niets maar dan ook helemaal niets, te maken hebben met dit moment noch de situatie die we beleven. We zijn in staat “de ander” in een verdedigende positie te manoeuvreren, vroegtijdig af te wijzen, of discussies aan te gaan over iets dat nu niet bestaat maar wordt voorgeschoteld als “waarheid”. Allemaal door innerlijke onrust omdat we ons eigen innerlijke drijfzand buiten onszelf en bij de ander leggen. Welke verantwoordelijkheid verwachten wij van deze persoon of situatie over iets wat totaal onbekend is voor deze ander,  juist omdat het in onszelf leeft, nergens anders? 

Alleen wijzelf kunnen bouwen aan onze eigen zekerheid, door niet te malen over gisteren of morgen, want de een is weg, de ander moet nog komen. Door te leven in het nu, genieten van het moment en dealen met situaties die zich voordoen vanuit de eigen innerlijke bron van zingeving, verbinding, liefde en vermogen tot zelfvertrouwen. Dat is moeilijk maar niet onmogelijk. We halen die oogkleppen van onzekerheid weg door te focussen op wat er nu gebeurt en laten niets anders het nu verdoezelen. 

Liefde

Kunstenares Evi stuurde mij een getekend oog vanuit haar eigen beeldvorming van de maatschappijvorm die ik heb neergezet. Zij vroeg hoe ik details erin verwerkt wilde zien? Voor mij is “het oog” de weg naar binnen, naar het hart en de ziel van iemand die ik tegenkom. Het is in kunstzinnige beeldvorming de associatie met “het zien”, de gewaarwording, de openbaring, de bewustwording.

Bij haar vraag kwamen bij mij intieme herinneringen naar boven van liefdes processen waar ik zelf in mijn leven en vooral de laatste jaren verwikkeld was geraakt. Waarin ik mijn eigen oude trauma’s, angsten en vooroordelen ben tegengekomen en deze via, ik noem ze gemakshalve “engelen”, vaak in vrouwvorm, die katalysator werden van mijn eigen transformatie proces, kon aanpakken. Gedurende die, vaak tijdelijke, uiterst verwarrende verbindingen heb ik de meest intense liefde ervaren. Verrassend was dat deze liefde haast nooit gepaard ging met seks, een vooroordeel dat we vaak aan liefde koppelen. Wel kwam de verwarring die seksualiteit met zich meebrengt aan de orde. Deze mocht ik voelen, relativeren en daarna loslaten. 

Sinds 1996 ga ik door intense processen, door complexe keuzes, vanuit liefde ingegeven, die uiteindelijk geleid hebben tot de definitie van de natuurlijke essentiële waarden van het menselijke bestaan, voor mijzelf, mijn alleenstaande vaderschap, mijn kinderen, mijn ouders, en uiteindelijk de hele (wereld)maatschappij. Dat ging niet vanzelf.

In 1996 kwam ik op een rots in Spanje mijn diepste pijn en leed tegen en tegelijk de meest verlichtende innerlijke bron, mijn verbinding met de energie van universele kracht, leven en liefde, diep binnen in mijzelf. In al de zich ontrafelende bewustwordingsjaren daarna moest ik “de hel ervaren om de hemel te omarmen”. Die hel was nergens anders dan binnen in mijzelf in de vorm van het loslaten van oude dogma’s en trauma’s.

Gaandeweg openbaarde de pure liefde zich in mij, kon ik mij er één mee voelen. Een liefde die niet direct geassocieerd hoeft te worden met een andere persoon maar met de intensiteit van innerlijke rust, betekenis en vertrouwen. Een energetische kracht met een unieke lading van positiviteit en daadkracht, hetgeen ik nu de intieme, innerlijke bron van licht noem.

In mijn dagelijkse leven sindsdien, als verbinder op liefdevolle niveau van menselijke kernwaarden, kom ik alle vormen van onzekerheid bij mensen en instanties tegen. Soms agressief, soms totaal ongeïnteresseerd, apathisch of in absolute weerstand. Vaak totaal blanco qua mindset, overlevend, zonder innerlijk contact, in een eigen onbewuste flow en comfort. Soms nieuwsgierig, onderzoekend, vanuit eigenbelang of in fases van allerlei pijnlijke loslaat processen, zelfs met bijbehorende psychoses en medische behandelingen. En soms kom ik “engelen” tegen die zich zelfs in het oppervlakkigste voorbijgaan even diep verbinden met een glimlach van wederzijdse herkenning “ik zie jouw liefde”. Als ik deze mensen dan écht ontmoet gebeurt er iets unieks. Het oog is dan onze ontmoeting. Het zegt “ik zie jou”. Er volgt dan iets magisch via een simpele aanraking, een gesproken woord, wat dan ook, dat een fundamenteel verschil maakt.

En dan ontdek ik de clue van de werkelijke liefde. Wanneer ik nu in het oog kijk van iemand, meestal een vrouw, vaak ook mannen, maar ook de natuur, de nachtelijke hemel, een bloem….

Evi: versmelting in overgave

dan kunnen er, in mijn ervaring, drie dingen gebeuren:

  1. Ik zie niets. De verbinding is oppervlakkig, er is amper contact. We kunnen grapjes maken, gesprekken voeren maar het blijft een uitwisseling van informatie zonder openheid, transparantie, verbinding. Op een dag kunnen er zo duizenden mensen voorbij lopen zonder dat er enige vorm van energie uitwisseling plaats vindt. Als we elkaar al ontmoeten blijft de deur van de ogen gesloten en is er hooguit beleefdheid, vaak zelfs dat niet. Nu, in tijden van corona zie ik zelfs afkeer, angst, niet naar mij maar naar “de ander” in zijn algemeenheid. Als ik zelf in zo’n trance verkeer dan leef ik niet in het nu, dan malen mijn gedachten over iets en mis ik de werkelijkheid waarin ik mij beweeg, het dringt niet door. Zodra ik mij ervan bewust wordt daag ik mijzelf uit wel te kijken naar het nu. Dan ervaar ik instantaan geluk en liefde in plaats van blinde zorg of mentale nietsheid.
  1. Ik zie verliefdheid. De ogen richten zich op mij en ontwikkelen een waas. In mij herkent men een onvervuld verlangen van zichzelf. De ogen keren zich naar binnen, projecteren zich op mijn energie maar als aanvulling op iets wat ontbreekt bij henzelf. Zij verlangen naar bijvoorbeeld zekerheid, seksualiteit, aanraking, onbewuste healing….en willen dit van mij. Zij zien mij niet zoals ik ben naar zoals ze mij willen zien volgens hun eigen gemis of verlangen. Voor beide is dit verwarrend want misschien gebeurt bij mij hetzelfde, wil ik ook van deze persoon mijn verlanglijstje ingevuld krijgen. Er ontstaat al dan niet een passievolle verbinding op basis van onze eenzijdige of wederzijdse innerlijke wensenpakket. Als het niet wederzijds is dan kan frustratie zich uiten terwijl de een veel moeite doet, zich niet gezien voelt, en de ander afwijzende acties uitvoert, soms hardhandig, soms met zachtheid uit respect of angst een gewaardeerde vriendschap te verliezen. In deze situatie komen we ook alle oude hartpijnen, onverwerkte trauma’s tegen met de kans ze aandacht te geven, te verwerken of ze nog dieper in de graven via zelfmedelijden, verwijt naar de ander en boosheid. 

Als de waas voor de ogen wegtrekt en we de werkelijkheid onder ogen zien dan komen we de ander misschien tegen zoals die werkelijk is. Dan zien we niet onze innerlijke behoeftige zelf maar degene waar we het op hebben geprojecteerd. Dit kan reden zijn voor een breuk in de relatie, teleurstelling, zelfs als deze zich via huwelijk en kinderen heeft ontwikkeld. Het kan ook de reden zijn voor het ontwikkelen van een echte duurzame relatie waarbij de onzekerheden en eigen verlangens sleutels zijn die deuren openen waardoor men healend verbindt op basis van wederzijdse erkenning, acceptatie, respect,  authenticiteit en levensmissie. 

  1. Ik kijk door de ogen in de diepe bron. Als ik zo iemand tegenkom dan is soms een glimlach in het voorbijgaan voldoende. We kennen elkaar misschien niet fysiek maar ergens is de diepe link van tijdloze herkenning. Mochten we elkaar wel ontmoeten dan kunnen we uren elkaar aankijken, vasthouden fysiek of in dialoog, met titanen-moeite om elkaar later los te laten. Woorden zijn amper nodig omdat we elkaar “zien” vanuit de diepste bezieling, een bezieling die we soms zelf nog niet helemaal rationeel snappen en waar de ont-moeting aan bijdraagt. Er is geen onmiddellijk gevoel van seksualiteit, wel vaak verwarring hierover. De emoties gaan echter veel dieper, via de wederzijdse bron waarin ergens een boodschap verweven is, vaak een van healing of een uit te voeren missie samen. Seksualiteit zou verstorend kunnen werken omdat het ons naar een oppervlakte in het nu brengt waarin we elkaar niet “voelen”. Of het kan zich juist wel manifesteren in een onevenaarbare versmelting waarin alle dimensies zich samenvoegen in tijdloze eenheid. Met deze mensen ervaar ik de onvoorwaardelijke overgave, de ongeclaimde oneindige liefde, de versmelting maar ook het loslaten in eeuwigheid van de wederzijdse ont-moeting. Het zijn is een en we zien elkaar, verplichten elkaar tot niets omdat we tijdloos en voor altijd zijn verbonden, vaak al lang voordat we elkaar fysiek weer zijn tegengekomen. Dynamisch clusteren, energetische versmelting om een reden in het nu dat als het af is we weer loslaten om verder te gaan op ons pad.

In mijn eigen levensfasen ben ik gaandeweg verschoven van 1 naar 2 en dan naar 3. Gaandeweg besefte ik dat alles altijd aanwezig is maar het bewustzijn bij mij niet. Nogsteeds zijn ze er alle drie, mengen ze zich al nagelang een ontmoeting of situatie. Alleen kan ik mij nu berusten in de diepe bron en “het al dan niet laten gebeuren” in plaats van ernaar te zoeken.

Rondom mij heen zie ik veel mensen die verward blijven in de fasen 1 en 2 zonder door te breken in hun eigen diepste bron waar alles zit wat ze nodig hebben. Of juist de diepste bron hebben aangeboord maar niet de healing van 2 aandurven om wat voor reden dan ook.

De vragen en dialogen van deze week tonen mij deze verwarring, of het nu gaat om een intieme relatie, werk, inkomen, corona, oude trauma’s, enz. Het liefst zou ik ze naar de bron en healing willen knuffelen maar realiseer mij dat een ieder door een geheel eigen proces gaat. Ik mag hun energie niet overnemen, hooguit er zijn. Het feit dat men de dialoog opent is daar een onderdeel van. Uiteindelijk ontmoeten we elkaar daar waar het ooit begon. De oneindige liefde, de een wat eerder dan de ander, als een veld vol ongeplukte bloemen die stralen naar en met elkaar

Een bloem hoort niet geplukt te worden maar bewonderd in haar natuurlijke samenhang

Verkeerde structuur levert verkeerde resultaten – deel 1 overheid

Onze nationale overheid organiseert en financiert zich op een verkeerde manier, zodanig zelfs dat ze gedrag stimuleert waar ze daarna veel middelen voor nodig heeft om de consequenties aan te pakken of op te lossen. Zo voedt deze structuur haar eigen problemen en ontleent vervolgens macht eraan via regels en meer belastingen. Dit leidt tot een aaneenschakeling van crisissen waar de politieke structuur voor een belangrijk deel zelf verantwoordelijk voor is.

Dit is natuurlijk historisch zo gegroeid, niet uit onwil maar de logica van keuzes die in de context van een bepaalde tijd zijn gemaakt. Maar inhoudelijk is de oude context al lang niet meer wat het was. Daarom is de werkwijze die destijds voldoening bracht nu niet meer relevant, zelfs contraproductief! Om dit te doorbreken zouden we het hele systeem moeten ontslaan. Daar lossen we echter niets mee op omdat de politiek niet de enige is die aan transformatie toe is. Wel is zij verantwoordelijk voor het al dan niet vasthouden aan een kader waaraan de rest van de maatschappij (verplicht) is verbonden. Op termijn ontwikkelt zich een morele aansprakelijkheid voor het NIET accepteren van een nieuw kader. In zo’n situatie zijn we nu aangeland. Het MOET anders.

Daarom is het nodig dat een vernieuwd kader wordt aanvaard van waaruit het oude “fout geworden” kader zichzelf saneert. De introductie van Sustainocratie, waarin de mens en natuur centraal staat vanuit een vijftal duidelijk gedefinieerde kernwaarden, is zo’n kaderaanpassing. Het vervangt het kader van “met geld en controle lossen we alles op” niet meteen maar nuanceert het door het kader eromheen aan te passen. Dit noemen we niveau 4 bewustzijn gedreven samenleving en co-creatie, een toevoeging aan de reeds bestaande niveau’s 1 (basis infrastructuur), 2 (geïntegreerde infrastructuur, inclusief zorg) en niveau 3 (technologische gedreven SMART society).

Maar laat we eerst kijken waar de schoen wringt tot en met niveau 3 (SMART society)

Inkomstenstromen van de overheid

Dat de overheid belust is op belastingen is algemeen bekend. In Nederland wordt er op nagenoeg alles belasting geheven, je kunt het zo gek niet bedenken. Toch is de grote stroom van inkomsten van de landelijke overheid te verdelen in een aantal grote hoofdlijnen, die tevens leiden tot de problemen waar we mee kampen. In de plaatjes zien we de overheid begroting van 2006 (ongeveer 140 Miljard) en 2020 (ruim 300 Miljard).

Als we plaatjes naast elkaar leggen zien we dat de overheid haar presentatie heeft aangepast. Waar voorheen (2006) de belasting over twee grote delen werd weergegeven, met apart een bijdrage van gastbaten, zijn het er nu drie. Dat komt door de privatisering van o.a. de zorg via verzekeringen. De drie hoofdlijnen zijn nu: directe belastingen, indirecte belasting en verzekeringen (zorg, volks en werk), elk goed voor ongeveer een derde van de inkomsten. In 2020 gaat het om ruim 300 Miljard Euro, zowel aan de kant van de inkomsten als de uitgaven.

Directe belastingen:

Dit bestaat vooral uit Omzetbelasting (BTW) en Accijns. Dit is de belasting die we betalen over alles wat we consumeren. Deze belasting is op 1 januari 1968 ingevoerd en was destijds 12%. Gaandeweg is deze verhoogd. Sinds 2012 is deze 21%. In 2006 was deze 19% (steeds het hoge tarief). We zien bijna een verdubbeling van de BTW, van 37 Miljard naar 60 Miljard. Hoe meer of hoe duurder we consumeren des te groter de BTW inkomsten voor de overheid. Maar consumptie is juist het probleem. Het vernietigt en vervuilt onze omgeving waardoor regelgeving en bureaucratie groeit. Ook veroorzaakt overconsumptie welvaartsziektes die de zorgkosten doen groeien maar ook onze kwetsbaarheid voor virussen, stress en andere problemen. We worden misschien wel ouder maar het beroep op zorg wordt tevens groter door gebrek aan focus op gezondheid.

De overheid heeft het geld nodig om de goederenstromen en verkoop zo goed mogelijk te faciliteren. Winkels, logistiek, wegen en spoorinfrastructuur, havens, vliegvelden enz zijn hier onderdeel van. De maatschappij zelf wordt aangestuurd vanuit “koopkracht”, ofwel de middelen die mensen gemiddeld (let wel het gaat om de som van iedereen, niet het probleem van ongelijke verdeling, armoede, en andere morele zaken) kunnen uitgeven. Culturele evenementen zijn consumptie gericht. In de mond van sociologen en zelfs overheid adviseurs (lees, operationele overheid structuur, niet de politiek die de structuur aanstuurt) spreekt men over een sterk gestructureerde ONGEZONDE maatschappij. De politieke en overheid afhankelijkheid van deze directe belastingen voert de ongezondheid en bijbehorende kosten alleen maar op.

Indirecte belastingen:

Dit bestaat vooral uit loon en inkomstenbelasting over gesalarieerde arbeid. Hoe meer mensen een arbeidscontract hebben hoe beter de overheid erop vaart. Steeds meer mensen vallen echter buiten de boot van deze vorm van “oorspronkelijke” (lees industriële) arbeid door verplaatsingen naar lagelonenlanden, automatisering, kostenbesparingen. 

Andere vormen van “werk” ontwikkelen zich gestaag, zoals zzp’ers en klein mkb in het gebied van maatschappelijke waardecreatie (bewustwording, natuurlijke geneesmiddelen, spiritualiteit, duurzaamheid, kunst en expressie, enz). Dit wordt door de landelijke overheid uit eigenbelang ontmoedigd en valt veelal buiten gestructureerde, ongezonde belangen wereld die de politiek vast blijft houden. Deze groeiende groep is enorm kwetsbaar doordat ze niet gefaciliteerd wordt in het systeem en vormt een steeds grotere kritische massa dat de oude politieke overheid cultuur ter discussie stelt.

Daarentegen vinden meer mensen een baan in de controlerende bureaucratie en de zorg. De laatste decennia heeft deze structuur zo’n grote ontwikkeling doormaakt dat de politiek er een geheel eigen belastingdruk rondom heen heeft gebouwd in de vorm van verzekeringen. In 2006 werd de kosten voor “volksgezondheid, welzijn en sport” nog begroot met 13,7 Miljard, zo’n 10% van het totaal. Sociale zekerheid en werkgelegenheid was de grootste post met 24,6 Miljard.

Anno 2020 (slechts 14 jaar later) is dit allemaal schrikbarend anders geworden. Dit toont de onhoudbaarheid van het kader voor hen die het in willen zien. Maar er zijn ondertussen giga belangen aan verbonden.

Verzekeringen: 

Dit zijn de drie grote verzekeringen: zorg, volks en werknemersverzekeringen. Zo is de groeiende kostenpost van de gestructureerde ongezonde consumptiemaatschappij apart en op zichzelf staand bij de werknemers en bevolking neergelegd. De zorg staat gebudgetteerd anno 2020 op 84 Miljard! Dat is het 6 voudige vergeleken met 2006.

Het probleem in de politieke cultuur van de overheid is dat men alleen maar met kostenverhogingen werkt. Er wordt niet gekeken naar de oorzaak van de problemen, die allemaal ver weg in de geschiedenis hun consumptie en manipulatie basis vinden. Er wordt alleen gereageerd op de groeiende consequenties van de verkeerd gegroeide structuur waardoor de verkeerde resultaten, zoals kostenbesparingen, groeiende crisissen, kwetsbaarheden voor virussen, een afhankelijkheid mentaliteit bij de bevolking, groeiende ziekten, een controledrang bij de politici, blijvende vervuiling, verhoging van kosten en vergroting van het probleem, veroorzaakt worden.

Historisch gegroeid, actuele uitdaging 

Sinds jaar en dag zit de landelijke overheid met het probleem van inkomsten die onder druk staan en kosten die de pan uit rijzen. De belastingdruk verhogen heeft een limiet. Ook de aan de kostenkant gerelateerde organisatiestructuren zijn beperkingen verbonden. Sinds enkele jaren tracht de overheid de kosten aan banden te leggen maar kostenbesparingen gaan ten koste van het verzorgingssysteem. De corona perikelen hebben deze knelpunten maar al te duidelijk gemaakt. Daarnaast is elke belastingpot een belangenwereld op zichzelf waarin lobbies, manipulaties en belangenverstrengelingen niet vreemd zijn. En dat allemaal onder het toeziend oog van een bevolking die om de vier jaar het eigenbelang (economische afhankelijkheid, zorgbehoevend) verzekert wil zien in het spel dat gespeeld wordt. Politieke beeldvorming (loze beloftes, het verleden in stand houden, pappen en nathouden) staat dan vaak haaks op de werkelijkheid van de verantwoordelijkheden (verduurzaming, kosten besparingen, werkgelegenheid, koopkracht) die men tracht te dragen, de een nobel en ethisch, de ander met een dubbele of meervoudige agenda.

Omdraaien?

Zolang de politieke overheid blijft aansturen op de maatschappij als kostenpost via belastinginkomsten, in plaats van reële volks of liever “mens” vertegenwoordiging, integraal via kwaliteit van leven, zullen de problemen alleen maar erger worden. Kwaliteit van leven mag geen kostenpost zijn maar dient gezien te worden als een gemeenschappelijk gedragen verantwoordelijkheid. Die verantwoordelijkheid dragen we niet via doorgeslagen consumptie, zorgafhankelijkheid, economische speculatieve groei druk, in een gemanipuleerde, vervuilde omgeving en een twijfelachtige arbeidsmarkt die vaak geen enkele of zelfs aantoonbaar negatieve toegevoegde waarde geeft.

We moeten samen de zaak omdraaien en “kwaliteit van leven” voor onszelf definiëren in termen van directe “gezondheid, veiligheid en invulling van basisbehoeften voor iedereen”. Door niveau 4 bewustzijn gedreven co-creatie structureel toe te voegen aan de bestaande overheid lagen kan de cocreatie op basis van gezondheid en veiligheid vormgegeven worden. 

De onderliggende maatschappelijke niveaus, tot en met SMART (technologie nu gericht op gezondheid, veiligheid en samenredzaamheid, in plaats van controle en automatisering) zullen zich aanpassen aan de manier waarop niveau 4 zich ontwikkelt. 

De aanvaarding van niveau 4 door de overheden heeft gevolgen voor alle andere deelnemers aan de maatschappij als ook de manier van controle, belonen, handhaven, enz. Deze gevolgen leiden gaandeweg tot aanpassingen met een betere financiële economische samenhang tussen en voor alle partijen. Bij de lokaal regionale samenredzaamheid ligt de grootste uitdaging, net als sinds enige jaren, maar dan gekaderd in productiviteit in plaats van incasso, schuld en kostenbeheersing. Zorg voor elkaar staat dan centraal in een nieuwe vorm van solidariteit voor mens en natuur.

De landelijke overheid kan zich gaan richten op regionale verbindingen voor gelijke verdeling van voorzieningen tussen de regios. 

Niveau 4 begint op gemeentelijk niveau, gefaciliteerd door de nationale overheid door mee te gaan in het kader van menselijke kernwaarden (Sustainocratie). Dit is geen politieke keuze, het is een verantwoordelijkheid, die sinds de financiële crisis in 2008 (ongezonde financiële sector) en nu de corona crisis anno 2020 (ongezonde levensstijl en maatschappij structuur), geen weg terug meer kent, niet voor de overheid maar ook niet voor de bevolking.

Een lockdown dictatuur is onhoudbaar en alleen aanvaardbaar als de niveau 4 dialoog en transformatie erdoor opgestart wordt. Dit kan via de Stad van Morgen. Precedenten en ervaringsopbouw is er al sinds de financiële kredietcrisis van 2008 de eerste bewustwordingsslag “dat het anders moet” begon en deuren openden voor dialoog en transformatieve aandacht. Het volgende artikel gaat over ondernemen.

Essentiële en niet essentiële banen

Tijdens de Corona crisis hebben we kennis kunnen maken met essentiële en niet essentiële banen. Verder zagen we veel onbezoldigde activiteiten van mensen die in deze tijd een waardevolle bijdrage leverden voor de medemens.

Barcelona 2015

Het roept de vraag op waarom er überhaupt “niet essentiële” banen in stand worden gehouden? Of die banen wel waarde toevoegen aan ons bestaan, of juist niet? Door het thuisblijven zagen we bijvoorbeeld minder luchtvervuiling, minder water vervuiling, minder negatieve werkgerelateerde stress, enz.

Toen ik in 2015 tijdens een congres in Barcelona de enige was die “de mens” centraal stelde vroeg ik mijn publiek “wie er beroepsmatig bezig is met gezondheid?”. Daarbij doelde ik niet op het repareren van ongezondheid via de zorg. Slechts twee van de ruim 200 handen gingen omhoog.

Dit is tekenend voor de (wereld) maatschappij die we hebben gecreëerd. In een van mijn boeken “geheimen van echte welvaart” vroeg ik mij af waarom iemand, die schroefjes aandraait in een fabriek, een salaris krijgt en een alleenstaande moeder met kleine kinderen niet? Wat kennen wij financiële waarde toe, wat niet?

Ook tijdens de Coronacrisis bleek dit weer duidelijk. Het geeft tevens weer waar wij onze nadruk wél dienen te gaan leggen gedurende en na de lockdowns. De werkelijke betekenis van het woord economie is: het invullen van onze behoeften en tekorten. Dat is de basis van de definitie van de natuurlijke waarden van Sustainocratie. Het is dat waar we alleen in gezamenlijkheid verantwoordelijkheid voor kunnen nemen, de mens samen met ons brede instrumentarium: onze instellingen.

Gemeentelijk Stad van Morgen actieplan gedurende en na corona

De “gemeente” zijn we allemaal, niet alleen de overheid. Laten we ons er dan ook naar gedragen en samen verantwoordelijkheid nemen. Op niveau 4 bewustzijn gedreven regionale samenwerking (Sustainocratie) creëren we multidisciplinaire tafels waar JIJ aan kunt deelnemen. Hier geldt het volgende:

  • Menselijke kernwaarden sturen (gezondheid, veiligheid, samenredzaamheid, bewustwording en onze 4 dagelijkse behoeften: voedsel, water, lucht en energie)
  • Overheid faciliteert (met gemeenschapsgeld en infrastructuur)
  • Ondernemerschap creëert op basis van 4 x winst (winst voor mens, maatschappij, milieu en economische continuïteit)
  • Onderwijs en kennisinstellingen leveren kennis en borgen nieuwe inzichten
  • Inwoners/burgers passen gedrag en cultuur aan ter waarborging van de kernwaarden voor zichzelf en de omgeving

Bij het starten van niveau 4 ontstaan de eerste volgende gemeentelijke prioriteiten:

1. Focus op co-creatie van onze gezondheid en veiligheid, niet op geldafhankelijkheid en eigenbelang.

2. COS3I – community voor sociale innovatie, 1,5 m maatschappij. Zorg voor gezondheid in plaats van ongezondheid repareren. Zorg voor elkaar organiseren en belonen. Ontlasting gezondheid zorg van taken die er niet horen. Gezondheidszorg focussen op gespecificeerde functies.

3. AiREAS – community voor luchtkwaliteit voor gezondheid: autoloze stad, nieuwe mobiliteit diensten voor mensen met mobiliteit beperkingen. Herinrichting openbare ruimte voor 1,5 m sociale interactie en vergroening. Innovatie openbaar vervoer. Decentralisatie stedelijke functies voor wijkgerichte community ontwikkeling.

4. FRE2SH – Circulaire stedelijke gezonde voedsel en water voorziening, gezonde interactie met platteland, voedsel, water en recreatie combinaties. Participatie in productie, verwerking, distributie en afvalverwerking. Vergroening stedelijke ruimtes. Reductie medicijngebruik.

5. School of Talent and Wellness – participerend leren in niveau 4 processen. Voor iedereen. Nieuwe beloningsstructuur voor participatie en innovatie.

6. Economie – 4 x winst economie – Winst voor de mens, winst voor de maatschappij, winst voor het milieu, winst financieel voor continuïteit.

7. Sustainocraten creëren de dynamische tafels samen met de partners en verbijzonderen de projecten in SMART doelstellingen.

Start: experimenteel sinds 2009, formaliseren 2020.
Financiering niveau 4: over 5 jaar 5% van het gemeentelijk budget in revolving niveau 4 fonds. 1e jaar, 1%. 2e jaar 2%. Tot maximum 5%. 95% voor financiering infrastructuur ontwerp en overgebleven diensten op niveau 1, 2 en 3 door de gemeentelijke instanties.