2023 We doen het samen

Alles wordt fors duurder. Dat is de prijs van afhankelijkheid. “We doen het samen” is de filosofie vanuit de Stad van Morgen als het gaat over de invulling van onze basisbehoeften. We laten ons graag bijstaan door 4 x WIN organisaties die strategisch hebben gekozen om bij te dragen aan het algemeen belang. We weren 1 x WIN structuren die alleen uit zijn op financieel eigenbelang. Dat wat we zelf en samen kunnen creëren dat doen we samen. Zoals gezond eten, gezonde lucht, onderlinge samenhorigheid en samenredzaamheid. We kunnen ontspullen, ruilen, verdelen, weggeven, pay forward doen, elkaar helpen, steunen en succesjes vieren samen. Samen is de nieuwe Eco-Nomie, met respect voor elkaar en onze natuurlijke omgeving.

Gelukkig nieuwjaar wordt zo een opdracht aan elkaar, niet alleen een wens maar een missie.

Podcast met terugblik op 2022 en alle Stad van Morgen initiatieven

Er is veel gebeurd gedurende 2022 maar niet genoeg. Blij met de vele positieve dingen die zijn ontstaan en uitgevoerd in de verschillende samenwerkingen. Maar ook een tikje activistisch en soms zelfs wat boos over gebrek aan deelname, burger en institutionele apathie, vooral door de diepe ellende waar zo veel mensen mee worden geconfronteerd terwijl het allemaal zo anders kan. Tijdens de uitzending legt oprichter, uitnodiger en verbinder, Jean-Paul Close, uit wat er gedurende 2022 wel en niet is gebeurd. Luister mee en bepaal voor uzelf hoe u 2023 gaat inrichten. De positiviteit en een gezonde werkelijkheid bepalen we zelf.

Van systeem incompetentie naar samen-leiderschap?

Het belangen systeem gebaseerd op groei en financiële afhankelijkheid blijkt gevaarlijk incompetent op gebied van duurzame menselijke en natuurlijke waarden. Telkens weer blijkt dit op grote en pijnlijke schaal. En steeds weer worden kosten noch moeite gespaard om het noodlijdende systeem in stand te houden. Hoe lang houden we dit nog vol?

In 2006 en 2007 waarschuwde Stad van Morgen oprichter Jean-Paul Close voor de aanstormende crisissen in zijn artikel over de drie eenheid. Hij toonde het domino effect van falende, gesatureerde markten op de financiële wereld van afhankelijkheden, en andersom. Overheden staan op de tweede plaats in de dominoketen maar doen net of ze alles bepalend zijn. Daarom deden de overheden niets voorafgaand aan de financiële crisis de wereld op zijn kop zette in 2008. Overheden zijn faciliterend in groei maar reageren pas op problemen als het te laat is. Dan richten ze de zoveelste dure instelling op rondom een probleem en trachten het systeem, de oorzaak van alles in stand te houden. Totdat de problemen de overhand nemen en het hele systeem in elkaar klapt.

Verrast door de bankencrisis moesten de ministers van financiën hals over kop redden wat er te redden viel. Ondanks zoveel bureaucratie en hiërarchische structuren, is men niet in staat de zogenaamde “points of singularity” aan te zien komen en vooraf maatregelen te treffen voor de veiligheid van de maatschappij.

Als de collapse dan inzet tracht men wederom de status quo terug te winnen in plaats van lering te trekken en een transformatie vorm te geven of te omarmen. Moeten we dan ene en andere maal het enorme leed meemaken?

Close was al bezig de Stichting STIR op te richten om te gaan experimenteren met een maatschappijvisie (Sustainocratie) die zich concentreert op onze essentiële waarden voor ons voortbestaan. Deze visie positioneert zich achter de “transformation” daar waar de grote vraagtekens staan in de tekening. Samen geven we vorm aan een nieuwe maatschappijvorm die niet meteen weer omvalt. Dat blijkt moeilijk als de grote machtsbolwerken steeds weer terug trachten te keren in die oude, ontplofte werkelijkheid. De incompetentie rond verandering en aanpassing aan deze tijd druipt af van de blinde tunnel visie en bolwerken van belangen.

In Sustainocratie zetten we de overheid naast de andere partijen, met dezelfde essentiële verantwoordelijkheden vanuit een infrastructuur en diensten perspectief. Niet groei noch financiële afhankelijkheid maar balans en cocreatie. Geen keten van afhankelijkheden maar een community van samenredzaamheid. Die positie moet eerst als optie erkend worden, dan worden aanvaard en daarna de maatschappelijke onderlinge relaties erop worden afgestemd.

Toen in 2010 de Stad van Morgen de energie samenwerking aankondigde onder de naam EQol (Energy & Quality of Life) gaf op institutioneel niveau niemand thuis. EQoL had berekend lokaal ongeveer 3000 woningen nodig te hebben in Eindhoven om het positieve effect van de samenwerking op 4 x WIN niveau meetbaar te maken. De gemeente was hier niet mee bezig. De grote woningcorporaties wilden niet meedoen, mochten het zelfs niet later door de overheid (schoenmaker bij de leest politiek). Alleen de kleinste van allemaal in Eindhoven gaf gehoor. Deze wilde extra draagvlak creëren binnen Brainport bedrijven. Een ontmoeting tijdens het wekelijkse diner van de Rotary 1 (top bedrijven in de regio Eindhoven) werd een debacle. De grote Philips Nederland baas blies het voorstel onmiddellijk af. Zij hadden energie privileges die lucratief waren. Er was geen enkele intentie om mee te doen aan de lokale energie verantwoordelijkheid. De rest van de aanwezige CEOs bleken amper een eigen visie erop na te houden en volgenden slaafs de visie van de Philips man. Nu, anno 2022, wordt schaamteloos de rekening neergelegd bij de lokale bevolking met exorbitante energieprijzen, krijgt lokaal MKB weer een mokerslag, de zoveelste na de vele COVID beperkingen, en reageert de overheid met kleine financiële cadeautjes als pleister op veel grotere wonden. Die cadeautjes worden ook nog eens als schuld door onszelf bekostigt.

Stad van Morgen besloot destijds te focussen op AiREAS en FRE2SH waar wél de energie problematiek op tafel kon komen maar als onderdeel van een oorzaak-gevolgen pakket. Dan dienen we wel met elkaar de ingrijpende maatregelen van herziening van stedelijke en gebiedsfuncties door te voeren. Dat laatste blijkt nog steeds lastig omdat gefragmenteerde belangenpartijen de keuzes nogsteeds bij zichzelf houden.

Eindhoven wil 36.000 woningen erbij bouwen maar kan nu al geen betaalbare energie voorziening garanderen aan de huidige bevolking. De stad telt de grootste dichtheid eenpersoons huishoudens in gezinswoningen. Individualisme is misschien financieel economisch interessant maar vanuit duurzame ontwikkeling en menselijkheid een drama. Het is de basis voor de enorme stijging in zorg behoeftes zoals geconstateerd in de COS3i aanpak voor sociale inclusie en bijbehorende verslaglegging. Die zorgbehoefte kan onvoldoende worden afgedekt door de enorme bureaucratisering in de zorg, de industrialisering ervan via verzekeringsmaatschappij, de kostenoptimalisatie die steeds wordt gezocht en de focus op systeem gerelateerde problemen, niet “de mens”.

Toen FRE2SH ongesubsidieerd ging experimenteren met de essentie van voedsel ontstond het grootste binnenstedelijk voedselsysteem in Eindhoven met betrokkenheid van allerlei ondernemers, restaurants en vele geïnspireerde bezoekers uit binnen en buitenland. Directe impact op de gezondheid, betrokkenheid van burgers en de luchtkwaliteit kon worden gegarandeerd. Toch reageerden overheid bestuurders met het sturen van ambtenaren om te controleren op niet bestaande regels in plaats van de initiatieven te omarmen en stimuleren. Uiteindelijk moest FRE2SH wijken voor de binnenstedelijke prioriteit van parkeren in plaats van regeneratieve voedselzekerheden. Ondertussen groeien de rijen bij de voedselbank, kan de voedselbank de vraag niet meer aan en stijgen de prijzen in de supermarkten nagenoeg exponentieel. Voedsel is voor FRE2SH een gemeenschappelijke verantwoordelijkheid, geen commodity dat we zomaar overlaten aan manipulatief en speculerend ondernemerschap.

Op Europees niveau zien we steeds sterkere impulsen om die gelijkwaardige verhoudingen tussen inwoners en lokale overheden te stimuleren (Horizon 2020 publicaties van 6 december 2022). Daar is echter voor steden moed en visie voor nodig maar ook de positieve uitnodiging zoals we die in Sustainocratie formuleren. Zelfstandig kan het systeem deze keuze vaak niet maken omdat ze nu eenmaal vast zit aan historisch ontwikkelde verhoudingen en functies. Maar als ze ingaat op de uitnodiging dan gaat de transformatie vanzelf, in stapjes en vanuit de verschillende prioriteiten die gevoeld en gezien worden. In de Stad van Morgen willen we dan niet meer over mogelijke “incompetentie” praten. Per slot van rekening kun je een blinde niet verwijten dat deze niet kan zien, om maar een metafoor te gebruiken. Wat wel verwijtbaar is wanneer er een onderbouwde keuze aangeboden wordt en men stoïcijns deze blijft negeren om daarna de rekening bij de bevolking neer te leggen in de vorm van ziektelast, onkosten en crisissen. De vraag of dit incompetentie is of een belangenafweging laten we in het midden. Dat er in deze afwijzing gaandeweg een juridische basis ligt om de verwijtbaarheid aan te kaarten via de rechtbank wordt zelfs in bepaalde Europese kringen aangemoedigd.

Ook hier wil de Stad van Morgen het liefst niet verdwalen in dreigementen en rechtszaken maar de uitnodiging blijven herhalen tot het samen nemen van verantwoordelijkheid rondom onze levensessenties, steeds met krachtigere bewoordingen. Tegenwoordig doen we dat het liefst met aantoonbare resultaten vanuit gebieden waar de stap naar deze vorm van niveau 4 samenwerking al wel wordt genomen, inclusief de kracht van het invoeren van ingrijpende veranderingen. Dat deze impactvolle veranderingen vaak vooraf veel onvrede en verzet ontvangen hoort bij de impopulariteit van verandering. Maar als de noodzaak onderbouwd is vanuit de essentie van ons voortbestaan en duurzaam welzijn, dan zal uiteindelijk de verandering met dankbaarheid worden bejubeld, al is het helaas altijd achteraf. Dat hoort bij leiderschap.

Beeld hierboven: samen verantwoordelijk voor onze gezondheid en leefomgeving (AIREAS) met de overheden, ondernemerschap, wetenschap en inwoners samen op gelijkwaardige basis.

Onleefbare stad, anders werken, een nieuwe samenleving

Toen ik de doelstelling van de Stichting STIR aankondigde werd dit al snel door deelnemers de “Stad van Morgen” genoemd. Elke andere beeldvorming van een gemeenschap die niet gestoeld was op een stapel stenen werd al snel betiteld als “zweverig”. De werkelijkheid bestond vooral uit tastbare zaken waar financiële belangen aan werden verbonden. Alles wat riekte maar emotie, spiritualiteit, liefde, zingeving of samenhang werd al snel afgewezen als “onrealistisch”. Toch was dat laatste de wereld waarin stichting STIR zich al experimenterend positioneerde, een werkelijkheid van innerlijke waarden, gemeenschap, verbinding en integrale menselijkheid.

Deze week, 13 jaar na de aankondiging van de doelstelling van STIR, vielen enkele gesprekken op. Zij zijn tekenend voor de kentering die plaatsvindt en een weergave van veel meer gesprekken die we voeren vanuit STIR en alle waarden gedreven clusters die erin zijn ontstaan.

1. Jongeren willen wat anders

“Het liefst zou ik in een zelfvoorzienende community willen gaan verblijven waarin we samen zorg dragen voor onze behoeften”, zegt de 22 jarige jongeman. Hij sprak zijn frustratie uit over de laagbetaalde slavernij baantjes waarin hij van 8 uur in de ochtend tot 10 uur ’s avonds actief moest zijn als stage gecombineerd met een baan. Een zinloos en uitzichtloos bestaan waarin uitbuiting zichtbaar en voelbaar is. “Dit is een waanzinnige werkelijkheid waar ik niet mijn hele leven in wil verblijven,” stelde hij. Zijn vriendin beaamde dit volop. Zij werkt in de zorg en maakt dagelijks de eenzaamheid van ouderen mee die zelfstandig wonen in een veel te groot huis zonder contact met familie en een uitgestorven vriendenkring. “Is dit mijn toekomst?” vraagt ze zich af.

2. Jongeren willen anders werken

Een ander gesprek gaat over arbeidsvreugde, beloning en werken voor een baas. “Ik wil niet mijn hele leven een loonslaaf zijn. Ik wil baas zijn van mijn eigen leven. Ik wil reizen, dingen doen die ik leuk vind en nuttig. Ik wil variatie, diversiteit, positiviteit..”, vertellen jongeren tijdens een openhartig gesprek. Ze vertellen hoe ze opgegroeid zijn in een wereld vol onzekerheden. Gescheiden ouders, oorlogen, crisissen, plotselinge werkloosheid van ouders, financiële stress, armoede, noem maar op. Is dat de erfenis waar zij hun toekomst op moeten bouwen? Dat zien ze niet zitten. “Ik wil goed betaald worden voor mijn werk. Want ik wil financiële zekerheid maar ik wil ook mijn vrijheid behouden in plaats van vastroesten in afhankelijkheid die geen enkele garanties blijkt te bieden. Daarom pin ik mij niet vast op een enkele baan.”

3. Leiderschap cirkel

Mensen die dagelijks leidinggevende functies bekleden in Parijs komen op bezoek bij de Samenleving van Morgen, zoals ik tegenwoordig de Stad van Morgen noem. Het past beter en wordt nu sneller geaccepteerd. De bezoekers hebben een leiderschap cirkel gevormd om samen op zoek te gaan naar inspiratie. “Op welke basis worden er besluiten genomen?” is de rode draad van hun bezoek. We kijken naar Eindhoven, de ontwikkelingsfasen van de stad, we praten over Sustainocratie, we bezoeken nieuwe creatieve werkplekken en leeromgevingen. Het valt hen op hoe enorm de maatschappij al aan het veranderen is, ook bij hen in Parijs.

Men merkt op dat sinds COVID mensen uit de stad wegtrekken. Opgesloten zitten op een klein kamertje waar je je scheel voor betaald tijdens de lock-downs heeft hen bewust gemaakt van de negatieve kanten van de stedelijke ontwikkeling. Vervuiling, onpersoonlijk, onbetaalbaar. Parijs moet enorm veel moeite doen om mensen te behouden. Investeren in vergroening is daar een van. Maar iemand op het platteland kan wonen in de gezonde natuur, in een betaalbare, ruime woning met toegang tot werk via internet of zelfvoorziening door middel van samenwerking. De stad is een getto van financiële belangen waar niemand meer blij van wordt. De aanwezigheid van een theater, een restaurant of ziekenhuis weegt niet meer op tegen de stress van de stedelijke speculatieve werkelijkheid. Kwaliteit van leven zit toch echt anders in elkaar voor velen die de stap nemen wég uit de stad.

Ook het arbeidsproces verandert. Niemand wil meer werken voor een grote hiërarchische structuur. Dynamische creatieve clusters van ondernemende mensen zijn aantrekkelijker. Oplossingsgericht samenwerken en genoegdoening door eigen inzet en waardering is veel aangenamer dan hersendood een plekje hebben in een onpersoonlijke piramide. Aanwezig zijn wanneer nodig en daarin flexibel nut-gedreven zichzelf mogen zijn. Een totaal nieuw ecosysteem manifesteert zich dat zich ook met plezier richt tot de uitdagingen die wij als Sustainocratie voorschotelen. Ineens wordt de open ruimte van samen leven duidelijk door er samen creatief vorm aan te geven. Een andere menselijke wereld ontstaat waarin de rol van instellingen niet meer sturend is maar kaderend vanuit faciliterende, waarden gedreven cocreatie clusters.

Deze Samenleving van Morgen is er al en verdringt gaandeweg die starre, stressvolle, negatieve, vernietigende vorm van gisteren. De mens pakt haar vrijheid en verantwoordelijkheid terug en dwingt de ghettos van belangen op de knieën van faillissement of ingrijpende aanpassingen. Het is eigenlijk ongekend hoe snel deze ontwikkeling is gegaan en waar Stichting STIR al experimenterend, onderzoekend, uitnodigend en analyserend toe heeft bijgedragen. De recente lijst van gepubliceerde ervaringen is beschikbaar via de internationale site van Sustainocracy. We zijn er nog lang niet maar de transitie lijkt geen weg terug meer te kennen. En, zoals Italiaanse partners wijselijk zeiden: het is evolutie, geen revolutie.

Rustem Demir vertelt over zijn ervaringen met uitwisseling van jongeren in het participerend leren van de Stad van Morgen

Erasmus+ is een Europees fonds voor uitwisseling van jongeren uit Europa die zo kennis kunnen maken met andere culturen. Het zou de Stad van Morgen niet zijn als we ze ook niet mee zouden nemen in de denkwijze van menselijke kernwaarden. Er gebeurt veel met die jongeren tijdens deze bezoeken. Rustem Demir vertelt erover tijdens het Stad van Morgen radio programma.

Samen vormen wij de maatschappij die we willen zijn

Wat zal het zijn? De 40e interculturele avond van COS3i alweer? Misschien zelfs veel meer als we ook de prachtige evenementen erbij optellen van onze partners die we in de loop der jaren ondersteund hebben. Deze keer was Bolivia aan de beurt. Vorige keren waren het Argentinië, Mexico, Iran, Brazilië, Peru, Suriname, Indonesië, India, Pakistan, Turkije, enz. Binnenkort gaat het zelfs over onze eigen cultuur, de Nederlandse! Het doel van de avond is de kennismaking met deze landen, hun culturele bijdragen aan de wereld en aan ons via hun aanwezigheid met muziek, hun culinaire keuken, klederdracht, hun mooie uitstraling, levenswijsheden, architectuur, kunst, speciale vaardigheden en ga zo maar door. Vaak blijft dit alles zo onbekend en daardoor onbemind tenzij wij het naar voren halen vanuit liefde en verbinding. Hoe verbazingwekkend zijn vaak de uitingen, de wetenswaardigheden, de landschappen, de geschiedenis, als we er vanuit nieuwsgierigheid en belangstelling naar informeren. Hoe we angst, onwetendheid en afscheiding van “de ander” transformeren naar begrip, respect en verbinding, ja, zelfs samenwerking, productiviteit en co-creatie van de unieke, duurzaam vooruitstrevende maatschappij die we samen willen zijn door het samen vorm te geven.

Hoe zebra’s in een van twee hoofdsteden van Bolivia de mensen helpen oversteken

Zonder de juiste vaardigheden is samenwerking een moeizame opgave

In gesprek met Lieve Willems uit Vlaanderen over de intentie om een “bijeenkomst te organiseren over het samen nemen van verantwoordelijkheid op wijkniveau”.

Zo ontstond een boeiende dialoog over onze verschillen van aanpak en wanneer deze op elkaar kunnen aansluiten. Lieve Willems richt zich op de (her)ontwikkeling van de vaardigheden die nodig zijn om die verantwoordelijkheid ook optimaal (samen) aan te kunnen.

Lieve Willems en het werkblad dat we vol kliederden met inzichten

Ikzelf plaats mij met Sustainocratie en de Stad van Morgen activiteiten op het niveau van maatschappelijke waarden gedreven cocreatie, het zogenaamde niveau 4, waar burgers, overheid, ondernemers en kennisinstellingen elkaar projectmatig vinden. Vaak kom ik dat gebrek aan vaardigheden tegen bij de partners. Dat komt omdat we decennia lang eilanden van belangen hebben gecreëerd en het woord “samen” niet echt tot gemeenschappelijke waardecreatie komt. Men is gewend te redeneren vanuit een eigenbelang en oordeel met kritiek naar “de ander” in plaats van wederzijds inleving en samenwerkingsvermogen.

In organisaties is dit al een moeilijke situatie, laat staan in de open ruimte van een buurt of wijk.

Tijdens het gesprek behandelden we de driehoek van Beleid – Burgers – Initiatiefnemers. We bekeken hoe de driehoek onder bepaalde omstandigheden uit elkaar beweegt. Burgers zijn onder druk van de consumptie, zorg en regel maatschappij, passief individualistisch geworden. Allerlei relationele handicaps zijn ontstaan, van vereenzaming tot overconsumptie, alcohol of drugsmisbruik en zelfs agressie. Beleid ziet dit als een probleem en roept instellingen in het leven om deze mensen “weer in het gareel te brengen”. Initiatiefnemers zitten tussen twee vuren die elkaar bevechten.

Onder andere omstandigheden groeit de driehoek juist naar elkaar toe. Het beleid vermenselijkt en faciliteert open participatie ruimtes. Burgers die een betekenisvol leven willen leiden stappen in de open ruimte. Initiatiefnemers zorgen voor een veilige basis en begeleiding.

Lieve zette de driehoek verhouding even op een rijtje om vooral de gelijkwaardigheid te benadrukken in plaats van een gevoel van een hiërarchie. Gelijkwaardigheid is ook de aanpak van Sustainocratie door de aanwezigheid van een onafhankelijke verbinder, de Sustainocraat, vaak zelf initiatiefnemer. Zodra we echter community vorming op wijkniveau willen ontwikkelen dan lopen we tegen een moeras van sociale handicaps en apathie aan. Meestal komt dat door beleid dat mensen en intenties uit elkaar drijft.

Lieve ontwikkelde een kaartendoosje onder de naam “Relationeel Esperanto” dat ze gebruikt om mensen, medewerkers, gezinnen, jongeren, leidinggevenden, weer de relationele vaardigheden bij te brengen die we onderweg kwijt zijn geraakt. Het maakt teamvorming zoveel krachtiger en productiever, maar ook menselijker, aangenamer, fijner en toegankelijker. In organisaties is dit zeker goed toe te passen voor het optimaliseren van teamvorming. Want in een organisatie is altijd een gemeenschappelijk doel te vinden en kunnen voorwaarden afgesproken worden met het beleid.

Maar zodra we dit willen toepassen in wijken dan wordt het lastiger door de belangen eilanden die we aantreffen. Wij als Stad van Morgen mogen dan een samenredzaamheid doel voor ogen hebben. We kunnen deze zelfs onderbouwen met belangrijke argumenten. Maar het gros van de wijkbewoners zit daar niet op te wachten. Ook het beleid, met al haar betrokken instellingen, ziet de mens niet vanuit samenredzaamheid maar als al dan niet bijdragende werknemers.

Tenzij er een noodzaak optreedt. In deze maatschappij vol gemakken is die noodzaak er niet, niet in de algehele beeldvorming van zovele mensen in een zekere comfortzone. Zelfs als de prijzen de pan uit schieten is men vooral in staat te klagen maar zelf oplossingen zoeken is een brug te ver, laat staan “samen”. En als men het dan wel wilt dan krijgt men de ruimte er niet voor van het beleid.

Stad van Morgen hanteert bij alle 3 in de driehoek de drie “B”s om tot samenwerking te komen:

  • Begrijpen – dat is al een eerste heet hangijzer, want hoe bereik je burgers en beleid met een nieuw verhaal als ze haaks tegenover elkaar staan?
  • Behoefte – als men het dan begrijpt dan zal de behoefte ook duidelijk worden. Die behoefte wordt dan daadwerkelijk en meetbaar ingevuld, niet alleen voor de burger maar tevens het beleid?
  • Betrokkenheid – dit is een belangrijk aspect dat ervoor zorgt dan de deelname echt serieus genomen wordt, voor elk van de deelnemers.

Pas als de drie “B” zijn ingevuld dan kunnen we gaan werken aan de vaardigheden. Er zijn verschillende sectoren waarin we met de drie “B”’s sneller tot resultaat komen dan in andere. Denk aan lerende jongeren via onze School of Talents & Wellness samenwerking met (internationale) scholen. Dit doen we met veel succes via internationale uitwisselingsprogramma’s juist omdat we daar zelf initiatiefnemer zijn én de ruimte creëren voor de bezoekende jongeren. Deze staan dan al open voor inspiratie want dat is het doel van hun reis.

Als we eenmaal aan de slag zijn dan zou het Relationele Esperanto een mooi hulpmiddel kunnen zijn. De verbindingen en creatieve niveaus zouden we zo hoog mogelijk kunnen laten stijgen door oefening met de vaardigheden. Belangrijk is dat de deelnemers iets meenemen in hun ontwikkeling dat hun hele leven nuttig zal blijken. Ook bij vluchtelingen (als zij de ruimte zouden krijgen), expats en anderen van buitenlandse oorsprong, zien we openheid om mee te doen. Alleen bij de ingeburgerde Nederlandse buurtbewoners zien we veel minder B, B, en B. En zolang beleid hen als een probleem blijft zien, in plaats van haar eigen faciliterende mensgerichte verantwoordelijkheid, blijven we hangen in een kostbare impasse.

Door onze voedselvoorziening aan te passen lossen we de meeste wereldproblemen op.

Onze huidige voedselvoorziening is gebaseerd op een kleine hoeveelheid eetbare soorten die we via massaproductie hebben kunnen industrialiseren. Dit hele proces is mechanisch. Het vreet energie. Daarnaast is het intens vervuilend, zowel in de productie als in de logistiek. Sommige wetenschappers geven aan dat er nog maar 60 oogsten mogelijk zijn op deze manier voordat de grond zodanig uitgeput is dat er niets meer op groeit. Het voedsel dat geproduceerd wordt is ook nog eens in voedingsstoffen verminderd tot 20% van wat de biologische soort ooit was. Deze combinatie van factoren zorgt voor ziektes, gedragsproblemen, overgewicht, toename van ziekenkosten, enz. Daarnaast zorgt de energie en water afhankelijkheid van dit systeem voor wereldwijde conflicten, oorlogen, armoede, honger en klimaatproblemen.

Lokale zelfvoorziening

Door lokale zelfvoorziening via alternatieven zoals permacultuur, voedselbossen, aquaponics, verticale landbouw, hydroponics, integratie van voedsel productie in onze steden, de transformatie van onze landbouw, lossen we veel problemen op:

  • Betere kwaliteit voeding
  • Meer keuze uit eetbare soorten
  • Verbeterde luchtkwaliteit
  • Tot 70% vermindering energiegebruik
  • Betere waterhuishouding
  • Werkgelegenheid
  • Verbeterde gezondheid
  • Meer burgerparticipatie
  • Lokale economie
  • Positieve klimaat beïnvloeding

Eigenlijk is het vreemd dat dit nog niet een massale doorgang heeft gevonden bij de overheden die gebukt gaan onder de consequenties van het oude systeem. Door aan te sluiten bij de FRE2SH samenwerking bouwen we samen (inwoners en instanties) aan die lokale, regeneratieve, circulaire voedsel economie. Dit doe we ook wereldwijd via een online cursus dat bestaat uit video´s, online discussies met experts, coaching en het delen van goede voorbeelden. Onze partners hier zijn de Online School of Food Design onder leiding van Jashan uit India en Dr. Francesca uit Italië.

Kunnen we de stad Eindhoven, of een andere stad die zich daarvoor aanmeldt, als eerste stad in de wereld, experimenteel volledig zelfvoorzienend maken op voedsel gebied?

Een actie waarin sociale participatie, overheid participatie, toegepaste technieken, toegepaste wetenschappen, voedselinnovatie, enz samenkomt in een bruisende dynamiek van innovatie en participatie.

Jean-Paul Close (Sustainocratie)

Maar misschien lopen andere steden al vooruit. Dat zijn zogenaamde allereerste stedelijke voedselwoestijnen die geen andere keus hebben dan de handen in een te slaan. Wat is een voedselwoestijn? Kijk eens naar de stad Memphis in Amerika.

Gaandeweg zullen er meer van die voedselwoestijnen ontstaan. Het zijn vaak niet de steden maar juist de inwoners die het niet zover laten komen, zoals bijvoorbeeld in de jaren 70 gebeurde in New York.

Maar ook overheden, onder druk van internationale sancties waardoor import van voedsel niet mogelijk is, zijn aangewezen op lokale oplossingen. Zie hier Qatar.

We mogen ons niet blindstaren op de vele producten in supermarkten. Hoe meer we zelf verantwoordelijkheid terugnemen voor onze voedselvoorziening, hoe beter. Dit doen we binnen onze lokale mogelijkheden, liefst als community (zie hier het Vamilie initiatief dat populair lijkt te worden). Mocht dat zelf niet lukken help dan mensen die het wel doen:

  • Door grond beschikbaar te stellen
  • Door bij te dragen met geld
  • Door u aan te sluiten als afnemer
  • Door erover te communiceren
  • Door menus samen te stellen
  • Door samen te koken en eten
  • Door creatief mee te denken en te doen

FRE2SH is een verbindende beweging van de Stad van Morgen met het oog op het duurzame voortbestaan van de mens. Deelname is gratis, maar niet vrijblijvend. Het is een commitment voor lokale zelfvoorziening.

Naast FRE2SH hebben we AiREAS (luchtkwaliteit en gezondheid), COS3i (sociale verbinding en zorg voor elkaar), School of Talents and Wellness (Participerend leren),….

Voedselbossen

Soms vraag je je af waarom we eerst een hoop ellende voor onze kiezen moeten krijgen voordat structurele veranderingen bespreekbaar worden? Al jaren wijzen we op de eenzijdige landbouw als mede veroorzaker van droogte, vervuiling, ongezondheid, enz. Maar de financiële belangen verbonden aan de werkwijze hielden het in stand, en nog steeds. Toch veranderen de geluiden zoals in dit krantenartikel vandaag.

Eindhovens Dagblad, 10 Augustus 2022

Terwijl aardappelboeren met genetische manipulatie van hun gewassen trachten weerwoord te bieden aan de klimaatuitdagingen, is de boodschap “samenwerking met de natuur” er een met veel duurzamere kansen. Het is natuurlijk van de zotte dat we deze opmerking moeten maken vanuit het besef dat de natuur al 4 miljard jaar zorg draagt voor de regeneratieve voeding van het hele levende ecosysteem. En wij als mens hebben dat willen domesticeren, industrialiserend en manipuleren, niet zo zeer voor wereldwijde gezondheid en voedselzekerheid maar voor de financiële belangen van enkelingen.

Kennelijk is gezond verstand nodig om de natuur weer als partner te gaan beschouwen. Als samenwerkingsverband FRE2SH maken we ons hier al vele jaren voor hard. Het voedselbos is een van de logische vormen. Wij nodigen alle belangenpartijen uit om aan de verbindende FRE2SH tafel te komen om deze transitie terug naar de natuur vorm te geven. We hebben het tevens onderdeel gemaakt van de wereldwijde training en dialoog die we de komende jaren aanbieden om de transitie te versnellen, ook wereldwijd. Dit heeft impact op de luchtkwaliteit, onze eetculturen in de wereld, de waterhuishouding, het klimaat, onze voedselzekerheid, ons energiegebruik, onze sociale verbinding, onze gezondheid…..letterlijk alles. Het heeft ook een impact op de eco-nomie, de verdeling van middelen volgens de wetten van de natuur (letterlijke betekenis van economie).

FRE2SH samenwerking

Voedsel is in FRE2SH geen commodity (speculatief verkoop product), het is een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Door het op dat niveau te plaatsen kunnen we onszelf als mens met een constante, gezonde voedselbehoefte verbinden aan regeneratieve, circulaire, natuurlijke, regionale gebiedsontwikkeling, onze voedselorganisatie, distributie en consumptie waarin we samen werken met boeren, kennisinstellingen, overheden én de natuur als partners voor de optimale voedselzekerheden.

Mocht u interesse hebben om mee te doen aan de FRE2SH tafel laat het gerust weten via response op deze blog. Wij nemen dan contact op.