Stad van Morgen radioprogramma

Vanaf woensdag 21 september 14.00 tot 15.00 is de Stad van Morgen samen gaan werken met Rara Radio. Een uur lang praten we thematisch over onze samenleving waarin de mens en de essentiële waarden voor ons duurzame (voort)bestaan centraal staan. Luister hier naar de eerste opnamen waarin Jean-Paul vertelt wat we van plan zijn te gaan doen.

Maandelijks verdelen de weken in 4 hoofdstukken, 3 in het Nederlands en 1 in het Engels. De sessies worden doorspekt met muziek dat passend gemaakt per onderwerp. Het onderwerp en het karakter van de module communiceren we via Social Media en deze website:

  • Waar gaat het over?
  • Sociale ontmoetingen
  • Concrete projecten
  • Sessie in het Engels

Waar gaat het over?

We behandelen thematisch en inhoudelijk de vijf kernwaarden van Sustainocratie. We kijken wat het doet met de verschillende pilaren van onze maatschappij, zoals de inwoners, bedrijfsleven, overheid, wetenschap en het onderwijs. We laten partners aan het woord om de veranderingen bespreekbaar te maken vanuit hun eigen perspectief. Ook hoe lastig het vaak is om vanuit een geldafhankelijke belangen wereld zaken voor elkaar te krijgen terwijl dat in Sustainocratie wel of beter lukt.

Sociale ontmoetingen

We leven in een wereld vol culturen, overlappingen en ontmoetingen. Dit komt door migraties via werk, oorlogsvluchtelingen, honger of andere dreigingen of kansen. Maar ook door samenwerking, studies, projecten, enz.

Belangrijk is het onderlinge respect voor elkaar door kennis te maken met elkaars cultuur. Tijdens deze uitzending een keer per maand gaan we in gesprek met iemand uit een andere cultuur of van onze eigen cultuur die praat over de kansen en mogelijkheden die de kernwaarden scheppen voor hem of haar.

Concrete projecten

In dit blok gaan we in de keuken kijken van concrete project voorbeelden die we in de Stad van Morgen tot uiting brengen. Denk aan AiREAS voor een gezonde lucht, FRE2SH voor stadslandbouw en de voedseltransitie, COS3i voor onze sociale banden onderling en zorg voor elkaar of de School of Talents en Wellness met betrokkenheid van jongeren uit binnen en buitenland.

Engelstalig

Een keer per maand doen we opname blok in het Engels, nodigen we Engelstalige sprekers uit en doen we Engelstalige gesprekken. Ook hier passen we de verschillende vormen toe en laten dat weten via de Engelstalige blogs: www.sustainocracy.blog en www.wordhappinessbird.com .

Mocht je het leuk vinden om mee te werken aan dit radioprogramma neem dan contact op met Jean-Paul via jp@stadvanmorgen.com

Wat is en hoe werkt +1?

Als COS3i een aankondiging doet voor een sociaal evenement dan staat daarbij: +1 optie mogelijk. Maar wat betekent dat?

Een COS3i evenement

Het betekent dat u één extra deelname kunt afrekenen voor iemand die financieel even niet daadkrachtig genoeg is. COS3i houdt een administratie bij van +1’s en werkt actief samen met sociale organisaties in de wijken en buurten om mensen die het even moeilijk hebben toch een leuke, verbindende avond aan te kunnen bieden. Standaard houdt COS3i een aantal plaatsen zelf al vrij voor deze doelgroep. Dankzij het +1 concept wordt dat per evenement wat groter gemaakt.

Waarom doen we dat?

De eerste basis behoefte van de mens is de sociale inclusie. Erbij horen, deelnemen, positieve sociale interactie, is een essentiële voorwaarde voor gezondheid en een positief zelfbeeld. Helaas wordt daar in onze doorgeslagen individualistische, prestatie gerichte maatschappij te weinig vorm aan gedacht. Dat heeft al snel trauma’s en onzekerheden tot gevolg die de persoon nog verder in de put trekken. Het kan iedereen overkomen. Baanverlies, een ongeval, een echtscheiding, noem maar op. COS3i richt zich op sociale inclusie, voor iedereen, dus ook degenen die het even moeilijk hebben. Een gezellige avond kan precies die dosis positieve energie opleveren, dat ene gesprek, dat ene contact, dat voor die persoon het verschil maakt. En zo niet, dan hebben we gewoon een gezellige avond samen gehad. Punt!

Zonder de juiste vaardigheden is samenwerking een moeizame opgave

In gesprek met Lieve Willems uit Vlaanderen over de intentie om een “bijeenkomst te organiseren over het samen nemen van verantwoordelijkheid op wijkniveau”.

Zo ontstond een boeiende dialoog over onze verschillen van aanpak en wanneer deze op elkaar kunnen aansluiten. Lieve Willems richt zich op de (her)ontwikkeling van de vaardigheden die nodig zijn om die verantwoordelijkheid ook optimaal (samen) aan te kunnen.

Lieve Willems en het werkblad dat we vol kliederden met inzichten

Ikzelf plaats mij met Sustainocratie en de Stad van Morgen activiteiten op het niveau van maatschappelijke waarden gedreven cocreatie, het zogenaamde niveau 4, waar burgers, overheid, ondernemers en kennisinstellingen elkaar projectmatig vinden. Vaak kom ik dat gebrek aan vaardigheden tegen bij de partners. Dat komt omdat we decennia lang eilanden van belangen hebben gecreëerd en het woord “samen” niet echt tot gemeenschappelijke waardecreatie komt. Men is gewend te redeneren vanuit een eigenbelang en oordeel met kritiek naar “de ander” in plaats van wederzijds inleving en samenwerkingsvermogen.

In organisaties is dit al een moeilijke situatie, laat staan in de open ruimte van een buurt of wijk.

Tijdens het gesprek behandelden we de driehoek van Beleid – Burgers – Initiatiefnemers. We bekeken hoe de driehoek onder bepaalde omstandigheden uit elkaar beweegt. Burgers zijn onder druk van de consumptie, zorg en regel maatschappij, passief individualistisch geworden. Allerlei relationele handicaps zijn ontstaan, van vereenzaming tot overconsumptie, alcohol of drugsmisbruik en zelfs agressie. Beleid ziet dit als een probleem en roept instellingen in het leven om deze mensen “weer in het gareel te brengen”. Initiatiefnemers zitten tussen twee vuren die elkaar bevechten.

Onder andere omstandigheden groeit de driehoek juist naar elkaar toe. Het beleid vermenselijkt en faciliteert open participatie ruimtes. Burgers die een betekenisvol leven willen leiden stappen in de open ruimte. Initiatiefnemers zorgen voor een veilige basis en begeleiding.

Lieve zette de driehoek verhouding even op een rijtje om vooral de gelijkwaardigheid te benadrukken in plaats van een gevoel van een hiërarchie. Gelijkwaardigheid is ook de aanpak van Sustainocratie door de aanwezigheid van een onafhankelijke verbinder, de Sustainocraat, vaak zelf initiatiefnemer. Zodra we echter community vorming op wijkniveau willen ontwikkelen dan lopen we tegen een moeras van sociale handicaps en apathie aan. Meestal komt dat door beleid dat mensen en intenties uit elkaar drijft.

Lieve ontwikkelde een kaartendoosje onder de naam “Relationeel Esperanto” dat ze gebruikt om mensen, medewerkers, gezinnen, jongeren, leidinggevenden, weer de relationele vaardigheden bij te brengen die we onderweg kwijt zijn geraakt. Het maakt teamvorming zoveel krachtiger en productiever, maar ook menselijker, aangenamer, fijner en toegankelijker. In organisaties is dit zeker goed toe te passen voor het optimaliseren van teamvorming. Want in een organisatie is altijd een gemeenschappelijk doel te vinden en kunnen voorwaarden afgesproken worden met het beleid.

Maar zodra we dit willen toepassen in wijken dan wordt het lastiger door de belangen eilanden die we aantreffen. Wij als Stad van Morgen mogen dan een samenredzaamheid doel voor ogen hebben. We kunnen deze zelfs onderbouwen met belangrijke argumenten. Maar het gros van de wijkbewoners zit daar niet op te wachten. Ook het beleid, met al haar betrokken instellingen, ziet de mens niet vanuit samenredzaamheid maar als al dan niet bijdragende werknemers.

Tenzij er een noodzaak optreedt. In deze maatschappij vol gemakken is die noodzaak er niet, niet in de algehele beeldvorming van zovele mensen in een zekere comfortzone. Zelfs als de prijzen de pan uit schieten is men vooral in staat te klagen maar zelf oplossingen zoeken is een brug te ver, laat staan “samen”. En als men het dan wel wilt dan krijgt men de ruimte er niet voor van het beleid.

Stad van Morgen hanteert bij alle 3 in de driehoek de drie “B”s om tot samenwerking te komen:

  • Begrijpen – dat is al een eerste heet hangijzer, want hoe bereik je burgers en beleid met een nieuw verhaal als ze haaks tegenover elkaar staan?
  • Behoefte – als men het dan begrijpt dan zal de behoefte ook duidelijk worden. Die behoefte wordt dan daadwerkelijk en meetbaar ingevuld, niet alleen voor de burger maar tevens het beleid?
  • Betrokkenheid – dit is een belangrijk aspect dat ervoor zorgt dan de deelname echt serieus genomen wordt, voor elk van de deelnemers.

Pas als de drie “B” zijn ingevuld dan kunnen we gaan werken aan de vaardigheden. Er zijn verschillende sectoren waarin we met de drie “B”’s sneller tot resultaat komen dan in andere. Denk aan lerende jongeren via onze School of Talents & Wellness samenwerking met (internationale) scholen. Dit doen we met veel succes via internationale uitwisselingsprogramma’s juist omdat we daar zelf initiatiefnemer zijn én de ruimte creëren voor de bezoekende jongeren. Deze staan dan al open voor inspiratie want dat is het doel van hun reis.

Als we eenmaal aan de slag zijn dan zou het Relationele Esperanto een mooi hulpmiddel kunnen zijn. De verbindingen en creatieve niveaus zouden we zo hoog mogelijk kunnen laten stijgen door oefening met de vaardigheden. Belangrijk is dat de deelnemers iets meenemen in hun ontwikkeling dat hun hele leven nuttig zal blijken. Ook bij vluchtelingen (als zij de ruimte zouden krijgen), expats en anderen van buitenlandse oorsprong, zien we openheid om mee te doen. Alleen bij de ingeburgerde Nederlandse buurtbewoners zien we veel minder B, B, en B. En zolang beleid hen als een probleem blijft zien, in plaats van haar eigen faciliterende mensgerichte verantwoordelijkheid, blijven we hangen in een kostbare impasse.

Door onze voedselvoorziening aan te passen lossen we de meeste wereldproblemen op.

Onze huidige voedselvoorziening is gebaseerd op een kleine hoeveelheid eetbare soorten die we via massaproductie hebben kunnen industrialiseren. Dit hele proces is mechanisch. Het vreet energie. Daarnaast is het intens vervuilend, zowel in de productie als in de logistiek. Sommige wetenschappers geven aan dat er nog maar 60 oogsten mogelijk zijn op deze manier voordat de grond zodanig uitgeput is dat er niets meer op groeit. Het voedsel dat geproduceerd wordt is ook nog eens in voedingsstoffen verminderd tot 20% van wat de biologische soort ooit was. Deze combinatie van factoren zorgt voor ziektes, gedragsproblemen, overgewicht, toename van ziekenkosten, enz. Daarnaast zorgt de energie en water afhankelijkheid van dit systeem voor wereldwijde conflicten, oorlogen, armoede, honger en klimaatproblemen.

Lokale zelfvoorziening

Door lokale zelfvoorziening via alternatieven zoals permacultuur, voedselbossen, aquaponics, verticale landbouw, hydroponics, integratie van voedsel productie in onze steden, de transformatie van onze landbouw, lossen we veel problemen op:

  • Betere kwaliteit voeding
  • Meer keuze uit eetbare soorten
  • Verbeterde luchtkwaliteit
  • Tot 70% vermindering energiegebruik
  • Betere waterhuishouding
  • Werkgelegenheid
  • Verbeterde gezondheid
  • Meer burgerparticipatie
  • Lokale economie
  • Positieve klimaat beïnvloeding

Eigenlijk is het vreemd dat dit nog niet een massale doorgang heeft gevonden bij de overheden die gebukt gaan onder de consequenties van het oude systeem. Door aan te sluiten bij de FRE2SH samenwerking bouwen we samen (inwoners en instanties) aan die lokale, regeneratieve, circulaire voedsel economie. Dit doe we ook wereldwijd via een online cursus dat bestaat uit video´s, online discussies met experts, coaching en het delen van goede voorbeelden. Onze partners hier zijn de Online School of Food Design onder leiding van Jashan uit India en Dr. Francesca uit Italië.

Kunnen we de stad Eindhoven, of een andere stad die zich daarvoor aanmeldt, als eerste stad in de wereld, experimenteel volledig zelfvoorzienend maken op voedsel gebied?

Een actie waarin sociale participatie, overheid participatie, toegepaste technieken, toegepaste wetenschappen, voedselinnovatie, enz samenkomt in een bruisende dynamiek van innovatie en participatie.

Jean-Paul Close (Sustainocratie)

Maar misschien lopen andere steden al vooruit. Dat zijn zogenaamde allereerste stedelijke voedselwoestijnen die geen andere keus hebben dan de handen in een te slaan. Wat is een voedselwoestijn? Kijk eens naar de stad Memphis in Amerika.

Gaandeweg zullen er meer van die voedselwoestijnen ontstaan. Het zijn vaak niet de steden maar juist de inwoners die het niet zover laten komen, zoals bijvoorbeeld in de jaren 70 gebeurde in New York.

Maar ook overheden, onder druk van internationale sancties waardoor import van voedsel niet mogelijk is, zijn aangewezen op lokale oplossingen. Zie hier Qatar.

We mogen ons niet blindstaren op de vele producten in supermarkten. Hoe meer we zelf verantwoordelijkheid terugnemen voor onze voedselvoorziening, hoe beter. Dit doen we binnen onze lokale mogelijkheden, liefst als community (zie hier het Vamilie initiatief dat populair lijkt te worden). Mocht dat zelf niet lukken help dan mensen die het wel doen:

  • Door grond beschikbaar te stellen
  • Door bij te dragen met geld
  • Door u aan te sluiten als afnemer
  • Door erover te communiceren
  • Door menus samen te stellen
  • Door samen te koken en eten
  • Door creatief mee te denken en te doen

FRE2SH is een verbindende beweging van de Stad van Morgen met het oog op het duurzame voortbestaan van de mens. Deelname is gratis, maar niet vrijblijvend. Het is een commitment voor lokale zelfvoorziening.

Naast FRE2SH hebben we AiREAS (luchtkwaliteit en gezondheid), COS3i (sociale verbinding en zorg voor elkaar), School of Talents and Wellness (Participerend leren),….

Gezonde stadspleinen

Twee incidenten deze week waren aanleiding om deze blog te schrijven. Het eerste incident was een vraag van iemand uit het Waterschap. Hij was verontwaardigd over het resultaat van het plein in Eindhoven dat de laatste maanden op de schop was genomen. “Hoe komen we zo ooit af van die hittestress?”, was de terechte vraag. Zeker nu we gebukt gaan onder een hittegolf.

Stenen, geen groen, kaal, en dat in het uitgaanscentrum van Eindhoven. Op dit plein organiseren omringende ondernemers en COS3i van de Stad van Morgen sociale evenementen.

Het tweede incident was een artikel in een krant dat uitweidde over onderzoeken rond de sociale functies van een stadsplein en hoe deze er optimaal uit zou moeten zien. Via deze link staan een 10tal principes voor succesvolle plein ontwerpen.

Voor de Stad van Morgen zijn pleinen net zo belangrijk als restaurants en buurtgebouwen om via de COS3i samenwerking de sociale verbinding tussen mensen te stimuleren. Een goed plein doet dat al automatisch met schaduwrijke zitjes, terrasjes om wat te drinken of mooie gebouwen en kunst om van te genieten. Vaak worden de lokale bezienswaardigheden als achtergrond gebruikt voor selfies, huwelijksplaatjes of andere persoonlijke momenten die mensen vast willen leggen. Ook muziek evenementen, markten en zelf demonstraties maken een plein tot een belangrijke functionele plek in een stad.

Het is daarom belangrijk dat een stadsbestuur pleinen niet alleen als infrastructuur beschouwt maar als een sociale verbinder op niveau 4 stadsontwikkeling. In deze opsomming zien we de top 10 pleinen van de wereld. Over het algemeen zien we de volgende essentiële voorwaarden terugkomen:

  • Voor voetgangers
  • Diverse “hang” opties via zitjes, terrassen, trappen, gras of richels
  • Geborgenheid gevoel door omringende aantrekkelijke gebouwen
  • Gezellig aanbod van versnaperingen (drank, hapjes, snacks, winkels, vitrines)
  • Flexibel gebruik (markten, evenementen)
  • Gemakkelijk toegankelijk vanuit alle windstreken
  • Schuilplekken tegen de zon (zomer) of regen (winter)
  • Schoon en veilig
Healdsburg Plaza in California

In onze korte samenwerking met de stad Breda was hittestress het hoofdonderwerp. Daarin werden de pleinen, maar ook waterstromen door de stad, met fonteinen en levend groen gekenmerkt als waardevolle, verkoelende elementen in de stad. In de Stad Barcelona in Spanje hebben we de transformatie meegemaakt van een vieze, zwaar vervuilde industriële havenstad vol verkeer naar een dynamische, autovrije binnenstad, vol gezellige pleintjes, ontmoetingsmogelijkheden, ondersteund door een efficiënt openbaar vervoer en publieke onderhoud service.

Plaza Real (Barcelona)

Wat is de Stad van Morgen

Als mens zijn we allemaal verantwoordelijk voor ons voortbestaan. Dat vertaalt zich in een vijftal essentiële voorwaarden. In onze huidige maatschappij hebben we die verantwoordelijkheden versnippert en ondergeschikt gemaakt aan gefragmenteerde politieke en economische belangen, met alle gevolgen van dien.

Onze gezamenlijke verantwoordelijkheden (mens en instanties samen)

Om die gezamenlijke verantwoordelijkheid te dragen hebben we een nieuwe laag toegevoegd aan onze maatschappij: De participatie laag, niveau 4. Hierin participeren zowel de overheid als de inwoners, de kennisinstellingen, het onderwijs en het bedrijfsleven in die gemeenschappelijk verantwoordelijkheid voor het herstellen en handhaven van onze essentiële waarden. Stad van Morgen organiseert en verbindt op niveau 4. Stad van Morgen is een stichting (Stichting STIR) en houdt zich bezig met alles wat je maar kunt bedenken in een samenleving en altijd vanuit die gemeenschappelijke waarden.

Voorbeelden van initiatieven die op dit niveau zich ontwikkelen kunt u in dit plaatje zien. Er kunnen er steeds meer bijkomen afhankelijk van de prioriteiten die we met elkaar vorm willen geven. Water bijvoorbeeld is nog een knelpunt waar we graag een niveau 4 samenwerking zouden creëren. Maar die is er nog niet. Andere zijn er al wel, zoals AiREAS (luchtkwaliteit en gezondheid), FRE2SH (regionale voedselzekerheden), COS3i (sociale inclusie en gezonde levensstijl)…..

De verbinder op niveau 4 is een onafhankelijk Sustainocraat. Iedereen kan meedoen op dit niveau dat zich sterk projectmatig ontwikkelt, gebruik makend van de bestaande instellingen en betrokken mensen.

Voedselbossen

Soms vraag je je af waarom we eerst een hoop ellende voor onze kiezen moeten krijgen voordat structurele veranderingen bespreekbaar worden? Al jaren wijzen we op de eenzijdige landbouw als mede veroorzaker van droogte, vervuiling, ongezondheid, enz. Maar de financiële belangen verbonden aan de werkwijze hielden het in stand, en nog steeds. Toch veranderen de geluiden zoals in dit krantenartikel vandaag.

Eindhovens Dagblad, 10 Augustus 2022

Terwijl aardappelboeren met genetische manipulatie van hun gewassen trachten weerwoord te bieden aan de klimaatuitdagingen, is de boodschap “samenwerking met de natuur” er een met veel duurzamere kansen. Het is natuurlijk van de zotte dat we deze opmerking moeten maken vanuit het besef dat de natuur al 4 miljard jaar zorg draagt voor de regeneratieve voeding van het hele levende ecosysteem. En wij als mens hebben dat willen domesticeren, industrialiserend en manipuleren, niet zo zeer voor wereldwijde gezondheid en voedselzekerheid maar voor de financiële belangen van enkelingen.

Kennelijk is gezond verstand nodig om de natuur weer als partner te gaan beschouwen. Als samenwerkingsverband FRE2SH maken we ons hier al vele jaren voor hard. Het voedselbos is een van de logische vormen. Wij nodigen alle belangenpartijen uit om aan de verbindende FRE2SH tafel te komen om deze transitie terug naar de natuur vorm te geven. We hebben het tevens onderdeel gemaakt van de wereldwijde training en dialoog die we de komende jaren aanbieden om de transitie te versnellen, ook wereldwijd. Dit heeft impact op de luchtkwaliteit, onze eetculturen in de wereld, de waterhuishouding, het klimaat, onze voedselzekerheid, ons energiegebruik, onze sociale verbinding, onze gezondheid…..letterlijk alles. Het heeft ook een impact op de eco-nomie, de verdeling van middelen volgens de wetten van de natuur (letterlijke betekenis van economie).

FRE2SH samenwerking

Voedsel is in FRE2SH geen commodity (speculatief verkoop product), het is een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Door het op dat niveau te plaatsen kunnen we onszelf als mens met een constante, gezonde voedselbehoefte verbinden aan regeneratieve, circulaire, natuurlijke, regionale gebiedsontwikkeling, onze voedselorganisatie, distributie en consumptie waarin we samen werken met boeren, kennisinstellingen, overheden én de natuur als partners voor de optimale voedselzekerheden.

Mocht u interesse hebben om mee te doen aan de FRE2SH tafel laat het gerust weten via response op deze blog. Wij nemen dan contact op.

Beleven en herbeleven in de buurtboerderij van Eersel

Lokale inwoners betrekken bij natuurbewustwording, waar gezondheid en een gezonde leefomgeving ook een onderdeel van is, is een uitdaging op zich. We gaan graag de natuur in voor een wandeling, een fietstocht, sport en andere vormen van recreatie. Vanuit o.a. AiREAS (luchtkwaliteit en een gezonde leefomgeving) stimuleren we ook plekken waar natuurbewustwording gecombineerd wordt met bewustwordingsprikkels voor verschillende doelgroepen. De buurtboerderij van Eersel is daar een goed voorbeeld van. Kinderen en scholen kunnen daar terecht voor visuele kennis ontwikkeling via spel, aanraking, uitdagingen, enz.

Nu is er ook iets nieuws bijgekomen. Kijk maar naar dit korte filmpje dat het allemaal mooi laat zien.

Pesten als thema tijdens een uitwisseling van buitenlandse docenten en schooldirecties

Dankzij het Europese uitwisselingsprogramma Erasmus+ krijgen leerkrachten en schooldirecties de gelegenheid om inspiratie op te doen in andere landen en culturen. Vaak zijn het professionele krachten die nog nooit eerder naar het buitenland kwamen. Voor hen is zo’n reis op meerdere fronten een openbaring. Als ze dan ook de Stad van Morgen bezoeken en kennismaken met de menselijke kernwaarden en Sustainocratie dan ontstaan er drie leergebieden: hun thuissituatie relativeren, kennismaken met de situatie in Nederland, en nadenken over hoe het ook anders kan via Sustainocratie.

8 docenten en schooldirecteuren uit Turkije

Pesten

Vandaag kwam het thema “pesten” aan de orde. Zowel in Nederland als in Turkije is het een issue waar men zich zorgen over maakt. Het is tevens een mooie gelegenheid om het verschil inzichtelijk te maken tussen het onderwijs gericht op het voorbereiden van jongeren op een werkzaam, competitief leven, of de ontwikkeling van jongeren vanuit de menselijke waarden. Vooral het thema “veiligheid” heb ik er toen uitgelicht en onderbouwt vanuit het Sustainocratische gedachtegoed. Samen met de aanwezigen hebben we gekeken naar de verschillende groeifasen van jongeren en hoe we ermee al dan niet omgaan in het onderwijs. In een van die groeifasen is het onbewust concurreren en het interpreteren van onderlinge verschillen een onderdeel van de ontwikkeling. Daarin ontstaat ook het pestgedrag als een fenomeen van expressie in een omgeving waarin diversiteit gaat doordringen tot de jongeren.

Vele pestende jongeren hebben geen idee dat ze pesten, ze zijn op zoek naar hun eigen identiteit via de vergelijking met anderen, soms in groepsverband en vaak ten kosten van een ander. Zeker als “de ander” bepaalde kenmerken vertoont die aandacht krijgen. Als deze ander dan wat zwakker in de schoenen staat, geen antwoord heeft op de agressie (of wat als agressie wordt ervaren) of zelf met een aantal innerlijke twijfels zit, dan kan deze snel bezwijken onder de druk van de pestkoppen. Het veelgehoorde argument “dat ze ermee moeten leren omgaan” (ze komen er sterker uit!) gaat niet op. In deze fase van ontwikkeling zijn volwassen rolmodellen en patronen van groot belang, net als relativering en begeleiding naar bewustwording van gedrag en consequenties. De jongeren het zelf maar op laten lossen is onverantwoord, gevaarlijk en oneerlijk voor alle betrokkenen. Veiligheid begint met “respect”, voor en naar elkaar. Maar op die leeftijd is empathie als inlevingsvermogen nog ver te zoeken. De jongeren zijn nog teveel met zichzelf bezig. Veiligheid moet geleerd worden en is vaak afwezig in het huidige schoolsysteem als proactieve benadering. Straf, disciplinering en kritiek, of afwimpeling en struisvogelpolitiek is er wel, maar daar lossen we het leerproces niet mee op, vaak integendeel.

Hulp van volwassen, een positieve leeromgeving en toegepaste expertise is hierin van essentiële waarde. De ouders bieden idealiter (hetgeen vaak ontbreekt in de huidige maatschappijvorm) een beschermde thuishaven en kunnen gedrag problemen herkennen als men ervoor open staat. Ouderen dienen de diplomatie op te brengen en het voorbeeld te geven van onderhandeling en nuancering. De school is veel onafhankelijker dan de ouders en kan het leerproces kaderen door de natuurlijke concurrentie en ontdekkingsreis in te bedden in leerprogramma zoals sport en spel, theater, kunst expressie, muziek en open dialoog. Maar dan dient de school ruimte en aandacht te geven aan het fenomeen “veiligheid” in de breedste zin van het woord, en deze verantwoordelijkheid niet wegwuiven als “verstorend gedrag”, “taak van de ouders”, “taak van de leerlingen zelf”, enz. Het is een essentiële leerfase waar elk kind doorheen moet volgens de antropologische werkelijkheid van persoonlijke ontwikkeling. Als dat niet gebeurt dan lopen we de kans dat een kind blijvende schade oploopt dat de rest van het leven een stempel drukt.

Die negatieve stempels werden door de deelnemende docenten herkend, ook in hun eigen persoonlijke ontwikkeling. Het doorlopen van de ontwikkelingsfasen van een mens bleek een oogopener voor deze professionals waar ze ook thuis wat mee kunnen. Het is natuurlijk fijn als we zo een zaadje mee kunnen geven dat elders tot bloei kan komen.