Gezondheid is geen politiek economisch discussiepunt. Het is een van de 5 sustainocratische kernwaarden en daarom een gemeenschappelijke verantwoordelijkheid van ons allemaal! Een gezonde stad creëren en onderhouden we samen!
Help mee onze prioriteiten te stellen voor de komende jaren.
Burgers aan zet: Stadsdebat – Raadzaal Eindhoven – Zaterdag 29 oktober – 14:00 – 16:30 (Gratis aanmelden kan hier)
De werk of verdiepingssessies van de Stad van Morgen worden gehouden in de ruimte 0.06 Verdijk kamer in het Stadhuis. Graag even aanmelden vooraf in verband met beperkte ruimte (maximaal 20 deelnemers per keer).
Eindhoof je mee speelt zich af in het gemeentehuis van Eindhoven op de 1e verdieping, dagelijks van 11:00 tot 18:00, met een tentoonstelling en gespreksmogelijkheden over gezonde verstedelijking tijdens DDW2016 (22 oktober tot en met 30 oktober)
Doe een keer mee met een Sustainocratische discussie. Experimenteer met uw burgerschap. Tijdens de Dutch Design Week 2016 heeft de Stad van Morgen 6 gelegenheden gecreëerd om ons samen te verdiepen in de manier waarop de stad Eindhoven transformeert als we de thema’s verbinden aan een kernwaarde zoals gezondheid en er samen verantwoordelijkheid voor nemen (overheid, wetenschap, burgers, ondernemers). Aanmelden kan helemaal onderaan …..
Wel even aanmelden aub voor de verdiepingssessies want er zijn beperkt hoeveelheid plaatsen. Het stadsdebat zal apart worden aangekondigd met aanmeldingsmogelijkheden. Deze zal in de raadzaal worden gehouden.
Zowel STIR (Stad van Morgen) als ook AiREAS hebben hard en kritisch meegewerkt aan het opstellen van een manifest waarin betrokkenheid van burgers bij het ontwikkelen van hun eigen kwaliteit van leven in hun eigen leefomgeving gestimuleerd wordt in heel Europa.
Het manifest is nu klaar in definitieve vorm. Ikzelf heb reeds getekend naar volle tevredenheid omdat alle punten van onze kritiek in voorgaande versie zijn meegenomen en uitgewerkt. Ruim 50 andere partijen hebben eraan meegewerkt.
Wij bevelen ten zeerste aan dat ons netwerk dit manifest ook ondertekent zodat we samen de EU zover kunnen krijgen middels toekenning van middelen en aandacht deze vorm van samenwerking verder inhoudelijk uit te gaan werken.
Natuurlijk bevat onze samenleving veel mensen met het hart en de bezieling op de juiste plaats die trachten via de politieke partijen, eventuele bestuurlijke functies, ondernemerschap of ambtenarij, de grote uitdagingen van deze tijd het hoofd te bieden. Veelal komen ze bedrogen uit omdat het “systeem” niet gebaseerd is op het nastreven van grote verantwoordelijkheden maar juist belangen die verpakt zijn in vaak decennia oude partijen. Het is een oeroude manier van werken die toe is aan vernieuwing. Stad van Morgen introduceert een evolutionaire aanpak die stapsgewijs de transitie waar kan maken zonder dat er een revolutie aan vooraf gaat.
Een aftands democratisch stelsel van bedrog en volksverlakkerij
Elke vier jaar rollen de politici over elkaar heen met publieke leugens en volksverlakkerij om de macht van het regeren naar zich toe te trekken. Velen in de betreffende partijen zijn afhankelijk van de winst want de luxe baantjes en zakkenvullende praktijken worden verdeeld tussen de partijgenoten die onderling elkaar vertrouwen en de bal toespelen. Beleid wordt afgestemd op de lobbies van de steungevende instanties en de investeringsbehoeften van een semi-overheid waarin de oud bestuurders en het ons kent ons netwerk met duur betaalde spin-off banen van de “zorgstaat” elkaar de hand boven het hoofd houden. Dit is een wereld van scheiding tussen burgers en overheid die we allemaal samen hebben geërfd uit een ver verleden maar tegelijkertijd onhoudbaar is geworden. Er is nu sprake van een participatiemaatschappij waarbij de scheiding tussen overheid en burgers vervaagt en een nieuwe manier van bepalen en dragen van verantwoordelijkheden zich aftekent. Dat verlangt ook een andere manier van werken.
Een onhoudbaar doorgeslagen werkelijkheid van scheiding tussen overheid en burgers die toe is aan integrale transformatie. In een participatie maatschappij fuseren credit en debet tot een nieuwe kern van waarden-gedreven verantwoordelijkheden.
Een doorgedraaide werkelijkheid
De hiërarchie van belangenspelletjes heeft daarbij ook de macht om wetten voor te schrijven die door politie en rechters gehandhaafd dienen te worden zonder verdere reflectie over moraal of ethiek. De grondwet is niet eens meer een leidraad voor de relatie tussen “leiderschap” eigenbelang keuzes, het volk en het milieu. De Nederlandse politiek heeft zichzelf hiervoor onschendbaar gemaakt. Het volk is hoofdaandeelhouder van het eigen land maar wordt door deze manier van doen uitsluitend onderdrukt tot hoofdfinancier van eigen zekerheden maar ook van zakkenvullerij en macht, waarbij men tevens ongevraagd garant staat voor alle schulden en wanprestaties die de club over ons en ons milieu uitstrooit. Partijpolitiek en groei-economie heeft niets te maken met democratische vrijheid van keuze of participatie noch met regionale stabiliteit. Het zijn slechts verbale elementen van een volkshuishouding dat gebaseerd is op georganiseerde boevenpraktijken van onderlinge belangen onder de bedrieglijke noemer van “volksvertegenwoordiging”.
Het moet anders
Zolang het volk de zoethouders krijgt waar het op stemt, zoals een effectieve maar veel te dure gezondheidszorg, voldoende toegang tot zwaar gebureaucratiseerde financiële zekerheden en het gevoel van vrijheid, kan deze oeroude democratische politiek/economische werkelijkheid ongestoord haar gang blijven gaan en wordt het zelfs “gewaardeerd” als iets dat onveranderlijk behoort tot onze maatschappelijke organisatie. De bevolking lijkt allang blij dat “iemand anders” de lastige kastanjes uit het vuurt haalt en men met de nodige gemakzucht blind omringd blijft met schijnbaar oneindige overvloed.
Er zijn echter nieuwe omstandigheden in de wereld waardoor uitsluitend een andere aanpak ons kan redden van de plotselinge ondergang. Partijpolitiek neemt namelijk niet proactief verantwoordelijkheid voor de grote uitdagingen van deze tijd. Ondernemerschap trouwens ook niet, net zomin als de geld afhankelijke wetenschap en burgers. In de gefragmenteerde wereld overheerst het eigenbelang overal zonder dat men bewust is van de risico’s die we lopen op gebied van uitputting van grondstoffen, concurrentie, uitdroging van de Aarde en vervuiling van onszelf en onze leefomgeving.
We hebben een generatie bereikt waar het niet alleen meer gaat over ons materiële welzijn maar vooral onze bestaansrechtelijke korte en lange termijn kwetsbaarheid. Dat lossen we niet meer op met een politiek-economische democratie….
In raadsvergaderingen wordt openlijk met bedrog, verdraaiing van feiten en achterklap onderhandelt uit partijbelang. Alles is geoorloofd mits men niet te veel door de mand valt en geloofwaardig overkomt. Zo is het gebruikelijk dat belangrijke besluiten vaak tot 30 jaar duren om tot uitvoering te komen en alleen als er een crisissituatie is ontstaan waardoor uitstel niet meer te rechtvaardigen is. Zelfs bestuurders in deze tijd die wél met de nodige idealen vooruit willen en serieuze uitdagingen aan willen pakken met daadkracht en verander drang hebben veel last van het rommelende, stekende en bedriegende wespennest waar ze verantwoording aan af moeten leggen. Een coalitieakkoord is vaak niet meer de hele 4 jaar lang houdbaar in de snel wisselende complexiteit van onze samenleving. Dan is men aangewezen op nieuwe, tussendoorse onderhandelingen die niet meer onder de druk van verkiezingsuitslagen vallen.
Een ander obstakel is dat nieuwe, kersverse bestuurders na een verkiezingsoverwinning een nieuw coalitieakkoord onderhandelen voor de komende 4 jaar. Deze is door de gemengde belangen nooit ambitieus genoeg volgens de eisen van deze tijd, bouwt alleen op beperkte investeringen en icoon-projecten voor de foto, en toont veelal een slap aftreksel van wat er tijdens de verkiezingen is gezegd en beloofd. Als men eenmaal 2 en half jaar verder is in de ambtsperiode dan zet men belangrijke keuzes in de ijskast omdat men in het restant alleen nog maar positieve resultaten wenst te boeken die uiteindelijk bijdragen aan het eind imago voor de nieuwe verkiezingen. Grote verandertrajecten die met veel moeite doorgang hebben gevonden lopen elke keer weer het risico onderuit gehaald te worden door een nieuw coalitieakkoord en lichting onbekende bestuurders met een geheel eigen kijk op idealen, netwerkrelaties of verantwoordelijkheden. Dat kon vroeger maar nu niet meer. We hebben er gewoon geen tijd noch ruimte meer voor.
Het partijpolitieke systeem en de economische groei sturing blijft een blok aan de maatschappelijke uitdagingen die harmonieuze verhoudingen zoeken met onze natuurlijke omgeving en medemens, niet de concurrerende stress van geld en macht gedreven belangen. De échte mens- en milieuwereld schreeuwt om aandacht en oplossingen die niet in de sfeer van pappen en nathouden liggen maar binnen de daadkracht van ingrijpende, participerende, bewustzijnsgedreven, multidisciplinaire samenwerking en actie. “Niet top-down, niet bottom-up, maar allemaal samen” gesticuleerde treffend een gedreven wethouder in Eindhoven die regelmatig haar nek uit durft te steken voor transitiewerk op niveau 4 (empathisch leiderschap in een waarden-gedreven eco-systeem).
Loskoppelen
Maar allemaal samen optrekken kan (nog) niet, zelfs niet als alle wereldautoriteiten besluiten aan tafel komen. In multidisciplinaire samenwerkingsvormen binnen een niveau 4 gebied, zoals Sustainocratie in Eindhoven, waarin samen gestreefd wordt naar concrete lokale menselijke kernwaarden, zoals luchtkwaliteit en volksgezondheid, is men in staat de meest uitdagende en innovatieve projecten te definiëren maar blijft de groep voor de toegankelijkheid tot de beschikbare publieke middelen (N.B. de eigen opgebrachte middelen van de bevolking) toch afhankelijk van de bedrieglijke en blokkerende praktijken van partijpolitieke discussies, manipulerende semi-overheid instanties en verzuilde, zichzelf in stand houdende bureaucratie. De welwillende wethouder loopt het risico zich een motie van wantrouwen van partijen op de hals te halen die hun eigen belangen idealen vertegenwoordigen in plaats van de beoogde diepere kernwaarden. Men moet van goede huize komen om dit emotioneel aan te kunnen en toch de ruggengraat te tonen om door te pakken. Maar dat is onlogisch als een multidisciplinaire groep alle onderbouwing reeds heeft opgebracht vanuit samengestelde expertise en integraal maatschappelijk belang om resultaat gedreven aan de slag te gaan en dan toch nog de deelnemende wethouder het hol van de leeuw in moet sturen om goedkeuring te krijgen van het nest vol politieke, niet waarde-gedreven, ongenuanceerde aasgieren. Dat werkt niet. Zelfs de meest geliefde burger die zich inzette voor wijkgerichte activiteiten brandt af in zo’n raad van onderlinge vuilwerperij en achterkamertjes als men zich verkiesbaar stelde en “mee mocht gaan doen”.
Wat werkt wel?
Kernwaarden zoals gezondheid, veiligheid, samenredzaamheid, bewustwording en invulling van basisbehoeften, zijn geen politiek handelswaar voor raadzalen of coalitie akkoorden. Het zijn structurele verantwoordelijkheden die door de gehele gemeenschap moeten worden gedragen, permanent. Daarom dienen ze uit de greep van deze verwerpelijke belangen en debatcultuur te worden ontheven om structureel te worden opgenomen in de constitutie van een gebiedsdefinitie. Daarbij horen publieke fondsen die niet in de toestemming cultuur van een verdeelde raad vallen maar binnen de resultaat-gedreven structuur van niveau 4 gebiedsontwikkeling. Dan zijn de kernwaarden ook niet meer afhankelijk van de 4 jaartermijnen maar van de prioriteitstelling en vooruitstrevendheid van de coöperatieve verbanden waarin de politieke overheid niet het laatste woord heeft en de operationele overheid zich schikt in haar kerntaak van het gemeenschappelijke belang door als beheerder van het gemeenschapsvermogen (infrastructuur en belastinggeld) faciliterend op te treden op basis van gelijkwaardigheid.
Loskoppelen van de verantwoordelijkheid van kernwaarden van het oude politiek-economische belangenstelsel om het samen te voegen in een integraal innovatieve samenwerking levert snelheid, innovatieve daadkracht en vernieuwing op.
Waarom is dit belangrijk
Op wereldwijd niveau zijn onze natuurlijke en menselijke kernwaarden zodanig teniet gedaan door een verkeerde beleid- en belangenorganisatie dat we te maken hebben met enorme problemen op gebied van vervuiling, klimaatadaptatie, migraties, grondstoftekorten, armoede-ontwikkeling, enz. En zelfs integraal economische problemen. Waar we vroeger nog de luxe hadden van tijd om ons via allerlei politieke belangen spelletjes jaren lang bezig te houden voordat een knoop werd doorgehakt, zitten we nu met de benodigde combinatie van urgentie en kwaliteit in onze keuzes. Dat kan alleen in gezamenlijkheid en met autoriteit opgelost worden, niet via gefragmenteerde substructuren met belangetjes.
Sinds de kredietcrisis is tevens aan het licht gekomen hoe de groei van de wereldbevolking en de eeuwenoude commerciële hebzucht cultuur vanuit het industriële tijdperk evenredig is gegroeid door de perceptie van schijnbaar oneindig markt en economisch groeipotentieel. Het voordeel en tegendeel is tegelijkertijd gebleken. Nog nooit is de opgelegde schuld aan het financiële systeem zo hoog geweest inclusief de hypotheek die deze legt op onze productiviteit, het beleid en ons evolutionaire aanpassingsvermogen. De mensheid is in handen gekomen van een bancair geldsysteem dat als spookachtig bedenksel verplichtingen creëert die onnatuurlijk, gevaarlijk en gemanipuleerd obscuur zijn door ons van onze natuurlijke vrijheid van keuze en weerbaarheid te beroven. Sinds de jaren 50 zien we dat we een onzichtbare grens zijn overschreden waaronder we nog binnen de circulaire grondstof mogelijkheden van de Aarde opereerden maar daarna niet meer. We hebben dit op trachten te lossen middels het stimuleren van het geldsysteem om zo de consequenties van datzelfde systeem op de mens en de natuur op te kunnen lossen met geld en een zorgstaat. Dat is hetzelfde gebleken als hout op het vuur gooien in de hoop het te blussen. Natuurlijk werkt dat niet en brandt het door tot ons hout op is en er geen vuur meer mogelijk is. Dat stadium hebben we bereikt.
Daarom pleit de Stad van Morgen voor een verantwoordelijkheid gedreven aanpak van multidisciplinaire samenwerking, gestuurd door de gemeenschappelijk aanvaardde menselijke en natuurlijke kernwaarden (Sustainocratie). Door dit buiten de politiek economische sturing te plaatsen ontstaat een nieuwe innovatieve daadkracht die wel tot de noodzakelijke oplossingen kan komen mét betrokkenheid, niet de beperkingen van de lokale overheid. Op eenzelfde manier betrekken we het bedrijfsleven, de wetenschap en maatschappelijk betrokken burgers.
Elke verandering begint altijd dicht bij de mens door de groei van zelfbewustzijn. Daarna past het maatschappelijke organisatiesysteem zich gaandeweg aan. Verandering kondigt zich ook aan door de reactie van de natuur zelf. Dat is altijd onverwacht, dramatisch, dodelijk en verwijtbaar. Als we het zelf doen, aan de hand van de kernwaarden, dan is dat vooruitstrevend vreedzaam, vanuit de positieve inzet van bewustzijnsgedreven prioriteiten en middelen. Betrokkenheid is het nieuwe geld, verdeling van gecreëerde waarden de nieuwe economie. Blokkerende macht transformeert in faciliterende autoriteit in samenhangende structuren en projecten. En het begint in de steden en op het platteland als experimenterende levende laboratoria die gaandeweg de nieuwe manier van werken introduceren, borgen en optimaliseren.
De Groene Dialoog – themasessie van 5 oktober 2016.
Blog: John Schmeitz
Veel mensen in en rond Eindhoven zijn betrokken en begaan met voedsel. Steeds meer staat gezond voedsel onder druk door economische keuzes, onwetendheid en een te grote drempel om aan gezond voedsel te komen. Daarom hebben verschillende initiatieven de krachten gebundeld en De Groene Dialoog gestart. Na de Kick-Off van woensdag 28 september bij S-Plaze in de Schellensfabriek, is er wekelijks een bijeenkomst om iedereen, die geïnteresseerd is te inspireren en te informeren over wat er gaande is en welke mogelijkheden en dromen er zijn om te zorgen dat iedereen laagdrempelige toegang kan krijgen tot gezond voedsel. Elke dialoog wordt gestart met een aantal sprekers, die vertellen over hun droom en waarom ze die willen verwezenlijken. Uit de inbreng worden dan thema’s gekozen voor de dialoogtafels. De aanwezigen kiezen vervolgens het thema waar ze het meest mee hebben en gaan onder leiding van de inbrenger van het thema in dialoog.
Weliswaar is in dialoog gaan vaak heel voedend en inspirerend, maar tot concrete zaken komt het vaak niet. Zoals één van de initiatiefnemers, Rik Konings, zei: “We heffen het glas, doen een plas en het blijft vaak zoals het was.” Een andere initiatiefnemer, STIR- De Stad van Morgen, heeft ervaring met het komen tot cocreatie met AiREAS en FRE2SH. In een kort overleg voor aanvang is er dan ook geopperd om naast dialoogtafels ook projecttafels mogelijk te maken. Projecttafels gaan concreet iets neerzetten en dialoogtafels is voor inspiratie, dromen en informatie te delen met elkaar. Mocht er kennis nodig zijn aan de projecttafels, die aanwezig is bij een dialoogtafels, dan is het lijntje snel gelegd en kunnen er weer nieuwe verbindingen ontstaan.
Afgelopen woensdagavond 5 oktober waren er drie sprekers: Ben Nas vanuit Stad van Morgen en FRE2SH met het “Voedselbos”, Inge van der Hall van Inge’s Eettafel over zeldzame huisdieren en biodiversiteit en Lotje van der Heijden over pure voeding en voedsel bewustwording.
Zonder daar bewust mee bezig te zijn, bleek later dat van de drie dialoogtafels er zomaar twee met een concreet project kwamen en verder gaan uitwerken.
Het groepje van “het Voedselbos” gaat zich verder verdiepen in het creëren van een Voedselbos en een plek hiervoor uitzoeken binnen de “Groen blauwe Ruit”, wat het gebied is tussen Eindhoven, Helmond en het platteland ingesloten daarboven tussen de kanalen.
Het groepje over biodiversiteit gaat tijdens de Dutch Design Week op 26 oktober vanaf 18 uur een diner met sprekers en dialoog organiseren om mensen kennis te laten maken met het Zeldzame voedsel uit Brabant en bewust te maken, waarom biodiversiteit zo belangrijk is. Het idee heeft als titel “Zeldzaam lekker in Brabant” en er zal voor 60 tot 80 personen gefaciliteerd worden door Patrick van der Voort bij S-Plaze in de Schellensfabriek. Mogelijk dat er ook voorbeelden uit een voedselbos geplaatst gaan worden, zodat dit de twee projectteams ook nog verbindt.
Mooi om te zien, dat hoewel nog niet op zo’n korte termijn verwacht, het zomaar tot concrete projecten kan komen. Dus als je je wil laten inspireren, informeren en dromen delen over voedsel dan was je al bij de Groene Dialoog aan het juiste adres. Wil je ook concreet iets neerzetten, dan ben je ook welkom. En het ontstaan van een project mag, maar hoeft niet. Het kan spontaan ontstaan, zoals afgelopen woensdag ook bleek. Komende weken zullen er naast dialoogtafels ook projectafels bezig zijn om het zaadje van afgelopen woensdagavond verder tot wasdom te laten komen. Heb je iets toe te voegen aan het project, al is het maar voor even, dan ben je altijd welkom. Ook voor woensdagmiddag 26 oktober zoeken we nog vrijwilligers om alles klaar te zetten bij S-Plaza en te helpen bij het diner. Heb je interesse, kom dan volgende week woensdag 12 oktober naar S-Plaza in de Schellensfabriek op de Bleekweg 1F in Eindhoven. Inloop vanaf 19 uur en aanvang 19:30 uur.
Genneper parken is een prachtig stukje Gestel in Eindhoven. Ik leg de nadruk op Gestel omdat er al ruim 580 jaar geschiedenis drukt op het gebied volgens het al even oude lokale St. Joris Gilde. De Genneper watermolen werd zelfs al in 1249 genoemd! Pas in 1920 is Gestel als dorp geannexeerd bij de stad Eindhoven die zich sindsdien tracht te profileren als wereldstad van innovatie met behoud van een groene inslag. Dat levert prachtige gebieden en routes op om te wandelen, te fietsen, te ontmoeten en te recreëren. Drie fundamentele groene stroken worden gekenmerkt als “stadspoorten”: Wasven, Genneper park en de Wielewaal (nu ook de Groene Corridor) maar zijn vooral nog verbindende zones van de oude dorpsgemeenschappen van destijds. Nu levert het een uniek beeld op van een Eindhoven dat een authentieke samenstelling heeft van harde zakelijke en zachte natuurlijke impressies. Nog doorgeslagen hard en koud in de binnenstad ondanks vooruitgang op gebied van terrasjes en ontmoetingsmogelijkheden, mooi zacht op vele beeldschone plekken langs de Dommel en in de Stadspoorten.
Eindhovenaren identificeren zich sterk met deze samenhang waarin men kan genieten van de ijsvogel, een 300 jaar oude plataan en ongekende natuurschoon terwijl we verwikkeld zitten in de grootste technologische en design uitdagingen van deze tijd. Deze contrasten van yin-yang, rust en stress, groen en beton, zorgen voor een lokale mentaliteit van aanpakken onder de paraplu van Brabantse gezelligheid en gemoedelijkheid. Deze realiteit is verder geprikkeld door de wereldwijde eisen voor onze evolutionaire kernwaarden. Dat Eindhoven als eerste gemeenschap zich manifesteert op het gebied van Sustainocratie, de democratie vanuit menselijke kernwaarden, kan alleen evolutionair worden gezien als logische stap.
Maar dat gaat niet zonder schermutselingen met onszelf in diezelfde dualiteit. Zo ook de bestuurlijke transitie in de nieuwe samenhang. Met passie en gedrevenheid verbindt bestuurlijk Eindhoven zich met onze AiREAS beweging voor gezonde verstedelijking vanuit luchtkwaliteit, om met net zoveel tegenstelling in onhandigheid en gebrek aan faciliterende stellingname te klungelen met het gesloten Milieu Educatie Centrum en de cocreatie van de Genneper park positionering, inclusief de boerderij, het zwembad, de schaatsbaan, enz. Een en ander heeft natuurlijk een belangrijke achtergrond. Terwijl AiREAS een gemeenschappelijke investering is in allerlei innovatiestromen, zonder ander oud zeer dan onze luchtvervuiling, blijken de sociaal recreatieve milieu gebouwen en gebieden uit de kluiten gewassen subsidieslurpers te zijn geworden uit een oud economische groeitijdperk in het kielzog van de vooruitstrevende komeet die sinds 2009 de broekriem aan dient te trekken. Semi-overheid als “psuedo-maatschappelijk-ondernemerschap” is nu eenmaal in de volksmond een relatief veilig subsidieputje voor afgeschreven of geparkeerde ambtenaren en, als de instellingen groot genoeg zijn, ook voor oud bestuurders uit het ons kent ons netwerk. Semi-overheid is altijd een kostenpost, een wildgroei tijdens hoogtijdagen en een last in moeilijke tijden.
Als de kink in de kabel van de economie komt dan dienen kosten bespaard te worden. En dat kan alleen door het scheppen van chaos juist omdat onze wettelijke kaders wel instrumenten hebben voor saneringen, faillissementen en afschrijvingen van gedwongen ontslagen maar niet voor netjes gestructureerde transities naar een betere en opgeschoonde samenwerkingsvorm met respect voor de medemens. De andere kant van de transitie blijft dan met de ellende van de voorgangers zitten terwijl men juist een schone lei wenst. Dat in die ambtelijke chaos ook jarenlange gebruikers de dupe worden is “colateral damage” (nevenschade) omdat het opschoon doel van chaos de gebruikte middelen heiligt. Het is nooit een eerzame zaak.
Uit deze situatie leren we twee belangrijke dingen:
Semi-overheid is geen basis voor betrouwbare samenwerking, zeker niet in tijden van maatschappelijke heroriëntatie of transitie. Het dient zoveel mogelijk gemeden te worden. Ze probeert zich altijd in stand te houden met de hulp van de politieke partijbelangen en blokkeert de natuurlijke veerkracht van maatschappelijk ondernemerschap.
De centrale overheid dient zich te houden aan haar basis verantwoordelijkheden als faciliterende ruggengraat van een maatschappij waaraan vruchtbare symbiotische (= wederzijds afhankelijke en elkaar steunende) relaties groeien gebaseerd op vertrouwen en samen(niet markt)werking.
De Graanschuur
Wat er overgebleven is van het Milieu Educatie Centrum is een geraamte met een dak vol asbest, een ziekelijke afspiegeling van de boodschap die het trachtte uit te stralen. Het gemeentelijke besluit tot sluiting had menigeen al tot actie gebracht om het gebied naar zich toe te trekken (ook de Stad van Morgen, om er een internationale school van Sustainocratie van te maken) maar met de overdracht ervan aan een zorginstelling (ook semi-overheid) was het gemeenschappelijke gevoel tot een dieptepunt gedaald. “We zijn het kwijt”, dacht menigeen triest. Totdat er ineens een oproep verscheen onder de naam “de Graanschuur”. Onder de bezielde, verkennende leiding van Wieteke Brocken werd er open huis gehouden deze week om te bezien hoe allerlei partijen zich weer kunnen verbinden aan de regionale uitdaging. Er werd een tijdpad van 2 jaar voorgelegd waarin men gebruik kan gaan maken van de installaties. Er kon horeca in, of bijeenkomsten worden gehouden. Dat van de asbest was zeker een probleem maar redelijk beheersbaar zolang men er rekening mee hield.
De belangstelling is groot, de onzekerheid ook
Het voorstelrondje duurde lang omdat iedereen een geheel eigen verhaal en emotie verbond aan de locatie. De situatieschets van Wieteke was helder en transparant. Voor een lange termijnplan was er voor het gevoel geen ruimte. De 2 jaar leek afgestemd op het afsluiten van deze bestuurlijke beleidsperiode en om besluitvorming over het gebied over de verkiezingen heen te tillen. Op zich ook een logische zaak, als dit echt de achterliggende gedachten zou zijn, gezien de andere brandhaarden in de regio die misschien met veel moeite financieel geblust waren, en menig bestuurder en beleidsambtenaar deed afbranden, maar nog steeds volop maatschappelijk aanwezig waren, ook in de volksmond. Deze politieke vooruit schuif praktijken in de 4 jaarlijkse beleidsperiodes is één van de grote tekortkomingen van de gangbare democratie en iets waar Sustainocratie bijvoorbeeld geen last van heeft.
Tijdelijk gebruik van de Graanschuur was een optie, in de sfeer van coaching bijeenkomsten, start van wandelroutes of opname in onze geluksinfrastructuur, creatieve experimenten met studenten in als gebouw maar vooral als gebied. Als het gebouw en de omgeving echter in onze handen van multidisciplinaire coöperatieve cocreatie zou komen op niveau 4 dan was een lange termijn gebied commitment essentieel met bijbehorende garantie dat degenen die meewerken aan de opbouw van het gebied ook delen in het vruchtgebruik. Investeren in een grotendeels gesloopt gebouw voor de korte periode van 2 jaar is op zijn minst risicovol, gebruik ervan maken niet natuurlijk maar dan is er al keuze genoeg in Eindhoven, allen in een soortgelijke afwachtende houding met veel tijdelijke gebruikers. Ook nieuwetijdse pioniers zoals wij willen zich ontwikkelen tot kwalitatief hoogwaardige sectoren die niet steeds op de afvalhoop van het verleden dienen te gedijen maar er ruimte in willen vinden voor het nieuwe elan, niet gefragmenteerd voor ons alleen maar voor allemaal samen als samenleving. Maar dan verwacht de overheid een zak met geld om te kunnen blijven reguleren en controleren in plaats van de uitnodiging te aanvaarden om samen te investeren in cocreatie. Een proactieve, loslatende en faciliterende partner zoals de overheid is net zo belangrijk als het enthousiasme van de diversiteit aan deelnemers die het nieuwe verhaal mee willen schrijven.
Tijdens de kick-off van de groene dialoog in Eindhoven gisterenavond viel de opmerking dat “voedsel gratis zou moeten zijn voor iedereen”. Dit is een boeiende visie die we toch wat trachten te nuanceren. Gratis wordt namelijk geassocieerd met “voor niets” en dat het beschikbaar is “zonder er iets voor te doen”. En dat is een misverstand want de wekelijkse discussie draait om onze voedselzekerheden en hoe we daar samen verantwoordelijkheid voor kunnen nemen.
Nu is voedsel in een stedelijke omgeving bijna uitsluitend beschikbaar via geld. Als je geen toegang hebt tot geld dan heb je ook geen toegang tot de overvloed aan etenswaren doe via de commerciële kanalen wordt aangeboden. Armoede wordt niet gezien als het ontbreken van zekerheden maar het ontbreken van geld. Voedsel komt zo in handen van geldgedreven speculanten waardoor er allerlei onmenselijke misstanden ontstaan die zelfs op termijn ons duurzame voortbestaan als soort kunnen bedreigen door alle neveneffecten op onszelf en onze planeet. Allerlei voorbeelden komen voorbij die onze huidige voedselkwetsbaarheid duidelijk maken.
Een alternatief is dat voedsel als kernwaarde voor het menselijke voortbestaan wordt erkend door ons allemaal. Hierdoor moet het uit het manipulatieve geldsysteem worden ontheven om vrij toegankelijk te worden in goede verdeling voor iedereen. Dat kan alleen als iedereen weer betrokken raakt bij het creëren van onze voedselvoorziening. Dat kan op vele manieren. Bijvoorbeeld door deel te nemen aan de voedselproductie of in de distributie onderling, de verwerking, de bereiding, het bedenken van innovaties of door het beschikbaar stellen van middelen.
Er werd gesproken over lokale productiviteit, in de stad bijvoorbeeld, daarna de productiviteit in de nabijheid, bijvoorbeeld op fiets afstand en dan op auto afstand, enz waarbij de verhoudingen in volume, behoefte, schaarste en specialisatie kan worden uitgedrukt. Daar waar meer mensen betrokken zijn kan volume ontstaan met verdeelbare productiviteit. Naar mate de afstand groter wordt verminderd de betrokkenheid om plaats te maken voor specialisatie of zeldzaamheid.
Om het lokale volume en de diversiteit van voedsel op peil te brengen werd gesproken over de toepassing van meerlaagse voedselbossen, indoor technieken die de natuur nabootsen maar geen last hebben van seizoenen noch hagelbuien of tornados en herinrichting van het publieke domein. In al die toepassingen en inzichten zit veel kennis, vaardigheden en arbeid verstopt. Door dit te ruilen voor een verdeelsleutel van de overvloed die men samen genereert is er geen geld meer nodig. Dat is namelijk vervangen door iets anders van veel meer waarde: betrokkenheid.
In onze voedselzekerheden van morgen is daarom betrokkenheid het nieuwe geld, net als in alle menselijke kernwaarden die ons voortbestaan en welzijn garanderen.
Voedsel expertise verzamelt zich in de groene dialoog elke woensdagavond