Zonder de juiste vaardigheden is samenwerking een moeizame opgave

In gesprek met Lieve Willems uit Vlaanderen over de intentie om een “bijeenkomst te organiseren over het samen nemen van verantwoordelijkheid op wijkniveau”.

Zo ontstond een boeiende dialoog over onze verschillen van aanpak en wanneer deze op elkaar kunnen aansluiten. Lieve Willems richt zich op de (her)ontwikkeling van de vaardigheden die nodig zijn om die verantwoordelijkheid ook optimaal (samen) aan te kunnen.

Lieve Willems en het werkblad dat we vol kliederden met inzichten

Ikzelf plaats mij met Sustainocratie en de Stad van Morgen activiteiten op het niveau van maatschappelijke waarden gedreven cocreatie, het zogenaamde niveau 4, waar burgers, overheid, ondernemers en kennisinstellingen elkaar projectmatig vinden. Vaak kom ik dat gebrek aan vaardigheden tegen bij de partners. Dat komt omdat we decennia lang eilanden van belangen hebben gecreëerd en het woord “samen” niet echt tot gemeenschappelijke waardecreatie komt. Men is gewend te redeneren vanuit een eigenbelang en oordeel met kritiek naar “de ander” in plaats van wederzijds inleving en samenwerkingsvermogen.

In organisaties is dit al een moeilijke situatie, laat staan in de open ruimte van een buurt of wijk.

Tijdens het gesprek behandelden we de driehoek van Beleid – Burgers – Initiatiefnemers. We bekeken hoe de driehoek onder bepaalde omstandigheden uit elkaar beweegt. Burgers zijn onder druk van de consumptie, zorg en regel maatschappij, passief individualistisch geworden. Allerlei relationele handicaps zijn ontstaan, van vereenzaming tot overconsumptie, alcohol of drugsmisbruik en zelfs agressie. Beleid ziet dit als een probleem en roept instellingen in het leven om deze mensen “weer in het gareel te brengen”. Initiatiefnemers zitten tussen twee vuren die elkaar bevechten.

Onder andere omstandigheden groeit de driehoek juist naar elkaar toe. Het beleid vermenselijkt en faciliteert open participatie ruimtes. Burgers die een betekenisvol leven willen leiden stappen in de open ruimte. Initiatiefnemers zorgen voor een veilige basis en begeleiding.

Lieve zette de driehoek verhouding even op een rijtje om vooral de gelijkwaardigheid te benadrukken in plaats van een gevoel van een hiërarchie. Gelijkwaardigheid is ook de aanpak van Sustainocratie door de aanwezigheid van een onafhankelijke verbinder, de Sustainocraat, vaak zelf initiatiefnemer. Zodra we echter community vorming op wijkniveau willen ontwikkelen dan lopen we tegen een moeras van sociale handicaps en apathie aan. Meestal komt dat door beleid dat mensen en intenties uit elkaar drijft.

Lieve ontwikkelde een kaartendoosje onder de naam “Relationeel Esperanto” dat ze gebruikt om mensen, medewerkers, gezinnen, jongeren, leidinggevenden, weer de relationele vaardigheden bij te brengen die we onderweg kwijt zijn geraakt. Het maakt teamvorming zoveel krachtiger en productiever, maar ook menselijker, aangenamer, fijner en toegankelijker. In organisaties is dit zeker goed toe te passen voor het optimaliseren van teamvorming. Want in een organisatie is altijd een gemeenschappelijk doel te vinden en kunnen voorwaarden afgesproken worden met het beleid.

Maar zodra we dit willen toepassen in wijken dan wordt het lastiger door de belangen eilanden die we aantreffen. Wij als Stad van Morgen mogen dan een samenredzaamheid doel voor ogen hebben. We kunnen deze zelfs onderbouwen met belangrijke argumenten. Maar het gros van de wijkbewoners zit daar niet op te wachten. Ook het beleid, met al haar betrokken instellingen, ziet de mens niet vanuit samenredzaamheid maar als al dan niet bijdragende werknemers.

Tenzij er een noodzaak optreedt. In deze maatschappij vol gemakken is die noodzaak er niet, niet in de algehele beeldvorming van zovele mensen in een zekere comfortzone. Zelfs als de prijzen de pan uit schieten is men vooral in staat te klagen maar zelf oplossingen zoeken is een brug te ver, laat staan “samen”. En als men het dan wel wilt dan krijgt men de ruimte er niet voor van het beleid.

Stad van Morgen hanteert bij alle 3 in de driehoek de drie “B”s om tot samenwerking te komen:

  • Begrijpen – dat is al een eerste heet hangijzer, want hoe bereik je burgers en beleid met een nieuw verhaal als ze haaks tegenover elkaar staan?
  • Behoefte – als men het dan begrijpt dan zal de behoefte ook duidelijk worden. Die behoefte wordt dan daadwerkelijk en meetbaar ingevuld, niet alleen voor de burger maar tevens het beleid?
  • Betrokkenheid – dit is een belangrijk aspect dat ervoor zorgt dan de deelname echt serieus genomen wordt, voor elk van de deelnemers.

Pas als de drie “B” zijn ingevuld dan kunnen we gaan werken aan de vaardigheden. Er zijn verschillende sectoren waarin we met de drie “B”’s sneller tot resultaat komen dan in andere. Denk aan lerende jongeren via onze School of Talents & Wellness samenwerking met (internationale) scholen. Dit doen we met veel succes via internationale uitwisselingsprogramma’s juist omdat we daar zelf initiatiefnemer zijn én de ruimte creëren voor de bezoekende jongeren. Deze staan dan al open voor inspiratie want dat is het doel van hun reis.

Als we eenmaal aan de slag zijn dan zou het Relationele Esperanto een mooi hulpmiddel kunnen zijn. De verbindingen en creatieve niveaus zouden we zo hoog mogelijk kunnen laten stijgen door oefening met de vaardigheden. Belangrijk is dat de deelnemers iets meenemen in hun ontwikkeling dat hun hele leven nuttig zal blijken. Ook bij vluchtelingen (als zij de ruimte zouden krijgen), expats en anderen van buitenlandse oorsprong, zien we openheid om mee te doen. Alleen bij de ingeburgerde Nederlandse buurtbewoners zien we veel minder B, B, en B. En zolang beleid hen als een probleem blijft zien, in plaats van haar eigen faciliterende mensgerichte verantwoordelijkheid, blijven we hangen in een kostbare impasse.

Gezonde stadspleinen

Twee incidenten deze week waren aanleiding om deze blog te schrijven. Het eerste incident was een vraag van iemand uit het Waterschap. Hij was verontwaardigd over het resultaat van het plein in Eindhoven dat de laatste maanden op de schop was genomen. “Hoe komen we zo ooit af van die hittestress?”, was de terechte vraag. Zeker nu we gebukt gaan onder een hittegolf.

Stenen, geen groen, kaal, en dat in het uitgaanscentrum van Eindhoven. Op dit plein organiseren omringende ondernemers en COS3i van de Stad van Morgen sociale evenementen.

Het tweede incident was een artikel in een krant dat uitweidde over onderzoeken rond de sociale functies van een stadsplein en hoe deze er optimaal uit zou moeten zien. Via deze link staan een 10tal principes voor succesvolle plein ontwerpen.

Voor de Stad van Morgen zijn pleinen net zo belangrijk als restaurants en buurtgebouwen om via de COS3i samenwerking de sociale verbinding tussen mensen te stimuleren. Een goed plein doet dat al automatisch met schaduwrijke zitjes, terrasjes om wat te drinken of mooie gebouwen en kunst om van te genieten. Vaak worden de lokale bezienswaardigheden als achtergrond gebruikt voor selfies, huwelijksplaatjes of andere persoonlijke momenten die mensen vast willen leggen. Ook muziek evenementen, markten en zelf demonstraties maken een plein tot een belangrijke functionele plek in een stad.

Het is daarom belangrijk dat een stadsbestuur pleinen niet alleen als infrastructuur beschouwt maar als een sociale verbinder op niveau 4 stadsontwikkeling. In deze opsomming zien we de top 10 pleinen van de wereld. Over het algemeen zien we de volgende essentiële voorwaarden terugkomen:

  • Voor voetgangers
  • Diverse “hang” opties via zitjes, terrassen, trappen, gras of richels
  • Geborgenheid gevoel door omringende aantrekkelijke gebouwen
  • Gezellig aanbod van versnaperingen (drank, hapjes, snacks, winkels, vitrines)
  • Flexibel gebruik (markten, evenementen)
  • Gemakkelijk toegankelijk vanuit alle windstreken
  • Schuilplekken tegen de zon (zomer) of regen (winter)
  • Schoon en veilig
Healdsburg Plaza in California

In onze korte samenwerking met de stad Breda was hittestress het hoofdonderwerp. Daarin werden de pleinen, maar ook waterstromen door de stad, met fonteinen en levend groen gekenmerkt als waardevolle, verkoelende elementen in de stad. In de Stad Barcelona in Spanje hebben we de transformatie meegemaakt van een vieze, zwaar vervuilde industriële havenstad vol verkeer naar een dynamische, autovrije binnenstad, vol gezellige pleintjes, ontmoetingsmogelijkheden, ondersteund door een efficiënt openbaar vervoer en publieke onderhoud service.

Plaza Real (Barcelona)

Voedselbossen

Soms vraag je je af waarom we eerst een hoop ellende voor onze kiezen moeten krijgen voordat structurele veranderingen bespreekbaar worden? Al jaren wijzen we op de eenzijdige landbouw als mede veroorzaker van droogte, vervuiling, ongezondheid, enz. Maar de financiële belangen verbonden aan de werkwijze hielden het in stand, en nog steeds. Toch veranderen de geluiden zoals in dit krantenartikel vandaag.

Eindhovens Dagblad, 10 Augustus 2022

Terwijl aardappelboeren met genetische manipulatie van hun gewassen trachten weerwoord te bieden aan de klimaatuitdagingen, is de boodschap “samenwerking met de natuur” er een met veel duurzamere kansen. Het is natuurlijk van de zotte dat we deze opmerking moeten maken vanuit het besef dat de natuur al 4 miljard jaar zorg draagt voor de regeneratieve voeding van het hele levende ecosysteem. En wij als mens hebben dat willen domesticeren, industrialiserend en manipuleren, niet zo zeer voor wereldwijde gezondheid en voedselzekerheid maar voor de financiële belangen van enkelingen.

Kennelijk is gezond verstand nodig om de natuur weer als partner te gaan beschouwen. Als samenwerkingsverband FRE2SH maken we ons hier al vele jaren voor hard. Het voedselbos is een van de logische vormen. Wij nodigen alle belangenpartijen uit om aan de verbindende FRE2SH tafel te komen om deze transitie terug naar de natuur vorm te geven. We hebben het tevens onderdeel gemaakt van de wereldwijde training en dialoog die we de komende jaren aanbieden om de transitie te versnellen, ook wereldwijd. Dit heeft impact op de luchtkwaliteit, onze eetculturen in de wereld, de waterhuishouding, het klimaat, onze voedselzekerheid, ons energiegebruik, onze sociale verbinding, onze gezondheid…..letterlijk alles. Het heeft ook een impact op de eco-nomie, de verdeling van middelen volgens de wetten van de natuur (letterlijke betekenis van economie).

FRE2SH samenwerking

Voedsel is in FRE2SH geen commodity (speculatief verkoop product), het is een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Door het op dat niveau te plaatsen kunnen we onszelf als mens met een constante, gezonde voedselbehoefte verbinden aan regeneratieve, circulaire, natuurlijke, regionale gebiedsontwikkeling, onze voedselorganisatie, distributie en consumptie waarin we samen werken met boeren, kennisinstellingen, overheden én de natuur als partners voor de optimale voedselzekerheden.

Mocht u interesse hebben om mee te doen aan de FRE2SH tafel laat het gerust weten via response op deze blog. Wij nemen dan contact op.

Pesten als thema tijdens een uitwisseling van buitenlandse docenten en schooldirecties

Dankzij het Europese uitwisselingsprogramma Erasmus+ krijgen leerkrachten en schooldirecties de gelegenheid om inspiratie op te doen in andere landen en culturen. Vaak zijn het professionele krachten die nog nooit eerder naar het buitenland kwamen. Voor hen is zo’n reis op meerdere fronten een openbaring. Als ze dan ook de Stad van Morgen bezoeken en kennismaken met de menselijke kernwaarden en Sustainocratie dan ontstaan er drie leergebieden: hun thuissituatie relativeren, kennismaken met de situatie in Nederland, en nadenken over hoe het ook anders kan via Sustainocratie.

8 docenten en schooldirecteuren uit Turkije

Pesten

Vandaag kwam het thema “pesten” aan de orde. Zowel in Nederland als in Turkije is het een issue waar men zich zorgen over maakt. Het is tevens een mooie gelegenheid om het verschil inzichtelijk te maken tussen het onderwijs gericht op het voorbereiden van jongeren op een werkzaam, competitief leven, of de ontwikkeling van jongeren vanuit de menselijke waarden. Vooral het thema “veiligheid” heb ik er toen uitgelicht en onderbouwt vanuit het Sustainocratische gedachtegoed. Samen met de aanwezigen hebben we gekeken naar de verschillende groeifasen van jongeren en hoe we ermee al dan niet omgaan in het onderwijs. In een van die groeifasen is het onbewust concurreren en het interpreteren van onderlinge verschillen een onderdeel van de ontwikkeling. Daarin ontstaat ook het pestgedrag als een fenomeen van expressie in een omgeving waarin diversiteit gaat doordringen tot de jongeren.

Vele pestende jongeren hebben geen idee dat ze pesten, ze zijn op zoek naar hun eigen identiteit via de vergelijking met anderen, soms in groepsverband en vaak ten kosten van een ander. Zeker als “de ander” bepaalde kenmerken vertoont die aandacht krijgen. Als deze ander dan wat zwakker in de schoenen staat, geen antwoord heeft op de agressie (of wat als agressie wordt ervaren) of zelf met een aantal innerlijke twijfels zit, dan kan deze snel bezwijken onder de druk van de pestkoppen. Het veelgehoorde argument “dat ze ermee moeten leren omgaan” (ze komen er sterker uit!) gaat niet op. In deze fase van ontwikkeling zijn volwassen rolmodellen en patronen van groot belang, net als relativering en begeleiding naar bewustwording van gedrag en consequenties. De jongeren het zelf maar op laten lossen is onverantwoord, gevaarlijk en oneerlijk voor alle betrokkenen. Veiligheid begint met “respect”, voor en naar elkaar. Maar op die leeftijd is empathie als inlevingsvermogen nog ver te zoeken. De jongeren zijn nog teveel met zichzelf bezig. Veiligheid moet geleerd worden en is vaak afwezig in het huidige schoolsysteem als proactieve benadering. Straf, disciplinering en kritiek, of afwimpeling en struisvogelpolitiek is er wel, maar daar lossen we het leerproces niet mee op, vaak integendeel.

Hulp van volwassen, een positieve leeromgeving en toegepaste expertise is hierin van essentiële waarde. De ouders bieden idealiter (hetgeen vaak ontbreekt in de huidige maatschappijvorm) een beschermde thuishaven en kunnen gedrag problemen herkennen als men ervoor open staat. Ouderen dienen de diplomatie op te brengen en het voorbeeld te geven van onderhandeling en nuancering. De school is veel onafhankelijker dan de ouders en kan het leerproces kaderen door de natuurlijke concurrentie en ontdekkingsreis in te bedden in leerprogramma zoals sport en spel, theater, kunst expressie, muziek en open dialoog. Maar dan dient de school ruimte en aandacht te geven aan het fenomeen “veiligheid” in de breedste zin van het woord, en deze verantwoordelijkheid niet wegwuiven als “verstorend gedrag”, “taak van de ouders”, “taak van de leerlingen zelf”, enz. Het is een essentiële leerfase waar elk kind doorheen moet volgens de antropologische werkelijkheid van persoonlijke ontwikkeling. Als dat niet gebeurt dan lopen we de kans dat een kind blijvende schade oploopt dat de rest van het leven een stempel drukt.

Die negatieve stempels werden door de deelnemende docenten herkend, ook in hun eigen persoonlijke ontwikkeling. Het doorlopen van de ontwikkelingsfasen van een mens bleek een oogopener voor deze professionals waar ze ook thuis wat mee kunnen. Het is natuurlijk fijn als we zo een zaadje mee kunnen geven dat elders tot bloei kan komen.

Voedsel als menselijke kernwaarde

Vandaag (23 juni 2022) begin ik met FRE2SH en onze wereldwijde partner Food Design Nation een 10 maanden durend programma (klik hier voor meer informatie en eventuele deelname) waarin we voedsel als menselijke kernwaarde positioneren en derhalve als een gemeenschappelijk te dragen verantwoordelijkheid. Dus niet als speculatieve commodity maar als samenwerkingsinitiatief met de natuur voor regionale voedselbetrokkenheid en samenredzaamheid tegen voedselschaarste, armoede en honger.

Waarom ons huidige voedselsysteem moet veranderen?

Ons huidige voedselsysteem is gebaseerd op geïndustrialiseerde processen binnen een geld gestuurde maatschappij structuur. Via geld hebben wij als mens toegang tot het voedsel dat zo wordt geproduceerd. Voedsel is zo onderhevig aan financiële belangen die allerlei manieren deze vorm van productiviteit beïnvloeden. De consequenties van deze beïnvloeding zijn zichtbaar in de natuur en bij de mens. Ze worden opgevangen door een steeds kostbaarder wordende bureaucratie, regelgeving, maatregelenpakket en zorgsysteem. De druk op de boeren wordt ook steeds groter terwijl deze uitgemolken worden door de groothandel en gedwongen worden te werken via industriële optimalisatie processen en kostbare toegepaste innovaties.

Voedsel en gezondheid als menselijke kernwaarden

Door voedsel en gezondheid te aanvaarden als menselijke kernwaarden verandert alles. Als iets een bestaansrechtelijke kernwaarde is dan halen we het uit het financiële systeem en behandelen het als een gemeenschappelijk gedragen verantwoordelijkheid. Dat betekent voor onszelf als burgers dat we ons veel meer betrekken bij ons voedsel rechtstreeks bij de boeren of zelf communities opzetten om met ons voedsel om te gaan. Boeren ondernemers laten de eenzijdige en destructieve massaproductie los en beginnen samen te werken met de natuur om zo diversiteit en volume te leveren zonder de natuur negatief aan te tasten. Een nieuwe voedselcultuur ontstaat waarbij wij ons als gemeenschap gaan verdiepen in andere, gezonde en zelfs geneeskrachtige voedingspatronen. De expertise van de boeren wordt optimaal benut. Hun inkomsten gaan omhoog door het participatiemodel en kosten dalen.

Er zijn initiatieven op dit vlak in ontwikkeling overal in de wereld. Denk in Nederland aan Heerenboeren, voedselbossen, wijkgerichte voedselinitiatieven, enz. FRE2SH tracht deze initiatieven zichtbaar te maken en als wereldwijd netwerk met elkaar te verbinden voor inspiratie, kennisuitwisseling en het versneld laten groeien van deze werkelijkheid zodat ook instanties zoals overheden en wetenschappelijk instellingen mee gaan werken. FRE2SH is dan de sociaal maatschappelijke verbinder voor een optimale samenwerking.

Zeker in stedelijk domein is de samenwerking essentieel omdat de ruimtelijke organisatie van een huidige stad (vroeger wel, nu niet meer) nooit voor voedsel is bedacht. Stedelingen zijn het meest kwetsbaar voor voedselschaarste, inflatie, gemanipuleerd voedsel, enz. Huidige supermarkten en industrieterreinen kunnen omgebouwd worden tot voedsel en gezondheid innovatie en service gebieden waar de hele bevolking gebruik van maakt. Er ontstaat een lokale voedseleconomie die zich door participatie en toepaste moderne inzichten kan optimaliseren in vele dimensies.

Hoe betrek ik jongeren bij het thema luchtkwaliteit?

Met deze hulpvraag kwam ik een half jaar geleden aan in Fontys Tilburg bij een klas van ongeveer 20 studenten Communicatie. Nadat ik de situatie had uitgelegd in ons deel van de wereld en het urgentiebesef maar ook de complexiteit van betrokkenheid van de normale mens bij de uitdaging, gingen ze aan de slag om “iets te bedenken”. In een uur tijd hadden ze verschillende ideeën op tafel gelegd. Daarna kwam de uitdaging om ze verder uit te werken. Een van die uitgewerkte ideeën werd vandaag online gepresenteerd aan mij. Deze is opgenomen en kunt u hier bekijken.

De presentatie is aangevuld met een uitgebreide analyse die ik kan publiceren in onze eerstvolgende wereldwijde AiREAS publicatie.

Waarom het noodzakelijk is om alle instellingen om te vormen tot 4 x WIN leiderschapsstructuren

De mensheid heeft geleerd om vrijuit van de natuur te nemen voor haar eigen voordeel. Dat is oké als dit binnen de grenzen van het redelijke gebeurt. Het is niet oké als we dit onbeperkt benutten voor ons financial gewin. Dit is wat er is gebeurd sinds het industriële tijdperk. De culturele mentaliteit van een economie van groei heeft onze planetaire hulpbronnen gekannibaliseerd. Het heeft een punt van parasitair misbruik bereikt dat maar één toekomst heeft: totale ineenstorting.

Toch valt geen van de individuele instellingen iets te verwijten. Hun bestaan ​​is gebaseerd op deze gangbare praktijk die gevoed wordt door onze consumptiedrang. Als we de catastrofale perspectieven willen ombuigen, moeten we de instellingen een middel geven om te groeien zonder het materiële misbruik. 4 x WIN is de oplossing. In plaats van het onbeperkt nemen van de natuur te vertalen in geld, baseren we onze economie op de multidimensionale waardecreatie voor de mens (kernwaarden), de samenleving en onze omgeving. Dit is een divers veld van onbeperkte innovatieve ontwikkeling en groei in een nieuwe financiële wereld waar de afhankelijkheid van materiële hulpbronnen kan worden geminimaliseerd, circulair en zelfs regeneratief kan worden gemaakt. We worden veel afhankelijker van onze creativiteit als waarde dan van onze blinde consumptie.
Dit heeft ook een zeer belangrijk effect op de overheids- en semi-overheidsstructuren. Deze groeiden uit tot kostbare saneringsinstellingen, die de gevolgen van deze destructieve 1 x WIN-houding opvangen. Zodra 4 x WIN is aangenomen, wordt de overheid een waardevolle partner in het verbinden van het regionale 4 x WIN-ecosysteem naar optimaal lokaal welzijn en duurzame ontwikkeling. De kosten van de overheid als faciliterende dienst zullen sterk verminderen, terwijl de effectiviteit ervan toeneemt. Een integrale WIN-situatie voor alle betrokkenen.

Onze planeet zal zich regeneratief herstellen. Onze menselijke soort wordt gezonder, productiever en veerkrachtiger, terwijl onze innovatie ons welzijn zal verzekeren. We zullen allemaal betrokken zijn bij de gedeelde distributie van onze waarden en zekerheden. De stap naar 4 x WIN is een keuze, een bewustzijn evolutie. Het waarderen van onze voordelen zoals gezondheid of veiligheid, en zelfs onze proactieve samenwerkingsrelatie met onze natuurlijke omgeving, is een nieuw gebied van financiële ontwikkeling dat kan worden vergeleken met de manier waarop blockchain en de cryptowereld werken. Waarde geven aan vertrouwen, identiteit, authenticiteit, verantwoordelijkheid, welzijn, enz. heeft een veel grotere en duurzamere impact. Het levert een onbeperkte financiële groei vanuit een veel solidere basis dan de materiële vernietiging voor massaal geproduceerde en gedistribueerde producten die niemand nodig heeft en alleen verdere vervuiling en bergen en zeeën van onproductief afval veroorzaakt.

Ooit zal 4 x WIN de norm zijn voor alle instellingen.

Fontys en AiREAS toegepast leren

Met de komst van studenten uit verschillende Europese landen (Portugal, Tsjechië, Frankrijk, India, Italië, Denemarken, Nederland) naar Fontys IT is AiREAS betrokken geraakt om ze een week lang uit te dagen. Via onze eigen School of Talents doen we dit al jaren maar dit is de eerste keer dat we uitgenodigd werden door de educatieve wereld zelf. De insteek van AiREAS was om hen te betrekken bij onze visie van het samen nemen van verantwoordelijkheid voor onze gezondheid en een gezonde samenleving. Fontys had al contact gelegd met TNO wegens het regionale meetnetwerk en met de gemeente Eindhoven over de toepassing van technologie in het stedelijk domein. De studenten kwamen uit twee omgevingen: IT/ICT en Bedrijfskunde/Marketing.

Naast de uitdaging van gezondheid gedreven verstedelijking bracht ik ook het 4 x WIN ondernemen onder de aandacht. De week bestond voor AiREAS uit drie onderdelen: de introductie, inspireren en verbinden, eindresultaat bejubelen.

De studenten waren positief verrast over de werkwijze, de vrijheid die ze kregen om te werken aan een complexe uitdaging uit het dagelijkse leven. Dit leren we niet in onze academy, stelden ze. Het was een werkelijk oogopener en een bron van inspiratie om hiermee door te gaan in onze professionele ontwikkeling.

Ze hebben allemaal een geweldige prestatie neergezet. Ze waren betrokken, creatief, communicatief en enthousiast.

Op gebied van verkeersveiligheid voor schoolkinderen op de fiets mag er nog veel verbeteren in onze steden.

Geert Kloppenburg toont via zijn filmpjes het probleem bloot. Kijk naar de situatie die hij in Rotterdam in beeld heeft gebracht. Dit is ook het geval in andere steden.

Dat het anders kan, door de steden autovrij te maken, is nu wetenschappelijk bewezen op allerlei fronten. Op de site van AiREAS (samen werken aan luchtkwaliteit en gezondheid) kun je artikelen vinden.