In deze twee plaatjes laten we de werkwijze van FRE2SH zien. Elk van de gebieden in de kolommen wordt ingevuld door allerlei sociaal en ecologisch gedreven ondernemer’s initiatieven of ondernemingen. Door zich in de FRE2SH coöperatie te verbinden aan het gemeenschappelijke hogere doel van samenredzaamheid en kwaliteit van leven ontstaat er een levende kruisbestuiving dat elkaar enorm versterkt zonder dat daar buitensporige moeite of kosten tegen over staat.
De netwerk coöperatie rondom de invulling van basisbehoeftes van de mens
Functioneel werkt FRE2SH als volgt. Elke partner heeft een stukje van de puzzel dat men zelf beheert vanuit eigen inzichten, visie, passie, ondernemerschap en vakman(vrouw)schap. Men heeft ook elkaar nodig in een soort keten van overdraagbare of verenigbare waarden of belangen. Door deze waardeprocessen te integreren ontstaat een samenhang dat uitwisselbaar is binnen de groep en verkoopbaar erbuiten.
Integratie is gebaseerd op betrokkenheid, inzet, talent en tijd waar waarden tegenover staan die samen worden gecreëerd.
Tijdens een internationale bijeenkomst kwam taal en beeldvorming bij maatschappelijke transitie processen ter sprake. Vaak zegt een beeld meer dan 1000 woorden. Nu bouwt Sustainocratie vanzelf al een eigen vocabulaire op puur omdat de energetische lading van woordinhoud anders is na de transitie dan het erna. Om verwarring of nodeloze discussies over symantica te voorkomen worden geheel nieuwe woorden geïntroduceerd. Sustainocratie is zo’n woord, net als de transformatie economie, waarde gedreven cocreatie, multidisciplinaire tafel of bewustzijn gedreven ecosysteem. Bij deze wereld horen ook beelden. Sustainocratie is op deze manier onderwerp geworden van creativiteit van professionele vormgevers. Dit is het resultaat….
Het beeld geeft een cyclische beweging weer waarin kernelementen zoals lucht, water, energie en aarde zich verbinden in een progressieve evolutie van leven. Het beeld beschrijft de zelfbewuste interactie die wij multidisciplinaire vormgeven. De verdikking van de lijnen net als de kleuren geven de diversiteit en vooruitgang weer van onze processen.
Erg mooi weergegeven. Vormgever is Kevin Wheely in samenwerking met Scapeler.
Burgerbetrokkenheid en mede-verantwoordelijkheid voor de ontwikkeling van regionale kernwaarden zoals gezondheid
Tijdens DDW2016 werden ruim 1000 bezoekers ontvangen op de 1e verdieping van het gemeentehuis tijdens de expositie over sustainocratisch samenwerken aan gemeenschappelijke kernwaarden zoals onze gezondheid en luchtkwaliteit. Het afsluitende debat in de raadzaal leverde dit manifest van aandachtspunten op om burgers beter te betrekken én erkennen bij de ontwikkeling van onze eigen kernwaarden. Tevens wordt een bestuurlijke oproep gedaan om zich veel ambitieuzer op te stellen in de aanpak voor de verbetering van gezondheid in de binnenstad. Aan het einde van het manifest kunt u eventueel en desgewenst uw steun betuigen. Download hier manifestburgerparticipatie-2 het hele document.
1. Ruimte en waardering voor sociaal ondernemerschap:
Onze gangbare politiek-economische werkelijkheid concentreert zich met name op de speculatieve economie van industrieel materialisme, of dit nu tot uiting komt in productcreatie en handels processen of maatschappelijke dienstverlening. Deze maatschappijvorm werkt problemen in de hand die niet via dezelfde economische drijfveren, regelgeving of bestuur opgelost kunnen worden. Sociaal ondernemerschap doet dat juist wél en zorgt voor vreedzame transitieprocessen die de continuïteit van maatschappelijke en economische stabiliteit waarborgen. Uit sociaal ondernemerschap ontstaat een enorme maatschappelijke kostenbesparing, oplossingsgerichte creativiteit, vermindering van bureaucratie en de basis voor ontwikkeling van nieuwe vormen van arbeid en economie. Sociaal ondernemerschap is de kiem van maatschappelijke, sociale en economische innovaties die voldoen aan de nieuwe eisen van een voortschrijdende evolutie.
Sociaal ondernemen is niet geld maar waarde-gedreven hetgeen een geheel ander verdiensten patroon met zich meebrengt dan de geldafhankelijkheid of sturing van de (stedelijke) omgeving. Als nieuwe waarden zich manifesteren uit sociaal ondernemen worden ze op termijn overgenomen door geld-gedreven ondernemerschap in nieuwe marktontwikkelingen van sociale uitvergroting. In de huidige tijd is sociaal ondernemen zodanig geprofessionaliseerd en onderdeel geworden van een nieuwe maatschappelijke structuur dat het evenredige erkenning behoeft, niet beperkend vanuit een geldelijke beloning maar vanuit waardering en de toebedeling van emotionele rust en ruimte in de geldafhankelijke wereld die de verstedelijking kenmerkt.
Huidige sociaal ondernemers worden, vaak met nodige vormen van onbegrip, gesteund door partners, een uitkering of pensioen, of familie. Of ze leven op het randje van armoede. Deze onterechte status vertegenwoordigt een gebrek aan erkenning en structuur van deze vorm van maatschappelijke professionaliteit. De stelling van “1% maatschappelijke waardering van sociaal ondernemen vormt de basis van 100% stabiliteit en 200% duurzame regionale evolutie en vooruitgang” kan via sustainocratische processen worden onderbouwd. Geen erkenning maakt elke gemeenschap kwetsbaar voor speculatie, (macht)misbruik en bijbehorende crisissen en depressies.
Actie: STIR (Stad van Morgen) gaat zich namens de debatgroep in sustainocratisch verband de tafel creëren voor het formaliseren van een maatschappelijke erkenning, organisatie en waardering van sociale innovatie en ondernemen.
2. Het indexeren en meetbaar maken van sociaal ondernemen:
De bekende “voetafdruk” heeft bijgedragen aan het bewustzijn van de impact van onze consumptiepatronen en levensstijl op het draagvlak van de Aarde. Een soortgelijke indexering kan helpen door het sociale ondernemen van meetbare instrumenten te voorzien waardoor het onderdeel wordt van de vermogensontwikkeling van een gebied en gemeenschap.
Actie: Stad van Morgen gaat op zoek naar instrumenten voor de indexering van sociaal ondernemen.
3. Op wijkniveau burger betrokkenheid creëren:
“Wie ben je, wat ben je, wat doe je en wat wil je?” zijn vragen die uit zijn op het maatschappelijk betrekken van mensen op basis van hun talent en motivatie. Veel in de wijken krijgt men voor elkaar door met elkaar creatief naar oplossingen te zoeken zonder tussenkomst noch financiering vanuit de overheid. Sociaal ondernemen is een geheel nieuwe dynamiek van verbinden en benutten van wijkgerelateerde vermogensinstrumenten die voorhanden zijn. Wijkgerichte sociale ondernemers die dit voor elkaar krijgen doen dit niet altijd in deeltijd maar zijn fulltime structureel maatschappelijk betrokken en actief. Zij vormen een brug tussen de bestuurlijke ruggengraat van gebiedsontwikkeling en de dynamiek van burgerparticipatie in sociale innovaties. Wederkerigheid is niet alleen genoegdoening maar ook de toegang tot voorzieningen in de vorm van basisbehoeften (wonen, voeding, kleding) zonder dat er op een andere manier dwang bij komt kijken. Betrokkenheid creëren door de sustainocratische kernwaarden te gebruiken als verbindend middel blijkt goed te werken. Wijkgerichte sociale innovatie stuit echter regelmatig op de politiek economische sturing die ver weg staat van de kernwaarden en bijbehorende sociale betrokkenheid. Met de introductie van de Brabantse Health Deal is er aanleiding om overkoepelende stads en wijkgerichte sociale belangen te verenigen. Op sustainocratische manier de wijkgerichte evolutie vormgeven zorgt voor lokale vrije initiatieven die uit de bevolking zelf ontstaan en toch aansluiting vinden op het gebieds-DNA van de gehele regio.
Voorbeeld van sociaal ondernemen
Actie: STIR gaat samen met het regionale en stadsbestuur, en wijkgerichte initiatieven deze visie verder onderbouwen, uitvoeren, zichtbaar maken en borgen. De algehele opvatting is dat goede voorbeelden die zichtbaar worden gemaakt veel grotere en blijvende impact hebben doordat anderen het overnemen en gaan volgen. “Nu we zien dat het kan en bestaat, willen wij het ook” is een opmerking die veelbelovend de evolutie kenmerkt.
4. Durf als gebied en gemeente ambitieus te zijn:
Deze verrassende uitspraak kwam naar aanleiding van de ervaringen gedurende de DDW2016. Met de vergroening van de Vestdijk als voorbeeld wordt de constatering geuit dat maatschappelijk draagvlak voor, vanuit kernwaarden beargumenteerde, ingrijpende veranderingen vele malen groter is dan men via o.a. inspraaksessies op bestuurlijk niveau verneemt. Dat komt doordat de mensen die voor verandering zijn geen natuurlijke behoefte hebben zich hierover uit te spreken omdat de voorstellen er toch al liggen. Een veel grotere groep mensen “die het niets uitmaakt” spreekt zich ook niet uit. Alleen degenen die belang hebben bij het uiten van verzet of weerstand laten van zich horen. Dat geeft een vertekend beeld van de werkelijkheid en is geen solide basis voor het maken van bestuurlijke keuzes.
Het zichtbaar maken van de beoogde vernieuwing aan een breed en open gezelschap, zoals de 3D presentatie Vestdijk en vrije ontwerp maquette tijdens de DDW2016, bereikt een veel groter en genuanceerder publiek, zeker als de kernwaarden structureel worden onderbouwd door de voorgestelde aanpassingen. In het geval van de Vestdijk was de algehele publiek bijdrage veel ambitieuzer dan het bestuur. “Als je het doet doe het dan meteen goed en vergroen de gehele binnenstad door het autovrij te maken”, was de veelgehoorde opvatting over de Vestdijk plannen in de binnenstad ook van de bewoners zelf “we zitten in de stank en geluidoverlast van mensen die hier niets te maken hebben.” De verschillende generaties gingen spelenderwijs aan de slag met de uitnodiging tot het bedenken van innovatieve oplossingen. Argumenten werden geopperd die een ieder aan het denken zette.
De Vestdijkvisie van een 9 jarige “en de tunnel is alleen voor bussen of trams”
Ouderen reageren met verhalen over hun eigen beleving van geluid en vervuiling overlast en de ontmoediging door het gebrek aan medewerking die ze ervaren vanuit de overheid (politie en wijkambtenaren “we kunnen niets doen”). Ze reageren blij met de aandacht en met de opvatting “dit had allang eerder gedaan moeten worden”. Vooral de jeugd en jonge ouders laten zich verleiden tot meedenken en benaderen de uitdaging met een autoloze visie, veel groen en een veel grotere aanpak dan het stukje van de Vestdijk. De hele binnenstad autoloos, goed openbaar vervoer, veel levend groen en bereikbaarheid met fiets en te voet. Ondergrondse opties voor verkeer en logistiek werden alom gewaardeerd als bovengronds de vergroening de overhand krijgt.
Zo vroegen ouders zich openlijk af waarom men uitlaatgassen van auto’s en scooters moet tolereren op neus en mond hoogte van hun fietsende kinderen terwijl men als ouder waakt over de gezondheid van zichzelf en hun kroost? Fietspaden liggen tegen het autoverkeer aan hetgeen automatisch zorgt voor verzet van de een tegen de ander. Als die twee vormen van mobiliteit dan toch elk een maatschappelijk belang dienen zorg dan dat ze elkaar niet negatief beïnvloeden en leg, zolang auto’s vervuilen, de infrastructuren ver uit elkaar.
Bezwaar fietsende ouders: “De kwetsbaarste wordt het meest blootgesteld”
Actie: STIR gaat zich via AiREAS verder bekommeren om het structureel verhogen van de bestuurlijke ambities door deze te verbinden met de brede publieke opvattingen, ook vanuit die groepen die niet gemakkelijk zich uiten. Sustainocratisch samenwerken helpt daarbij, zowel het bestuur als de kracht van waarde-gedreven veranderprocessen.
5. Betrek jongeren bij de maatschappelijke uitdagingen
In de groep was men het eens dat het huidige onderwijs veel te vastgebonden blijft aan cognitieve overdracht routines die aanspraak maken op tijdelijke geheugenprocessen van de jongeren maar op geen enkele wijze hun zelfleiderschap noch hun maatschappelijke betrokkenheid stimuleert. Nieuwe vormen van kennisontwikkeling, overdracht en borging, zoals het participerend leren dat de laatste jaren door de Stad van Morgen in de STIR leer coöperatie (waar mogelijk) is toegepast, levert enorm positieve resultaten op zowel in de cognitie en borging van kennis als het stimuleren van betrokkenheid en creatief zelfleiderschap. Deze nieuwe vorm vergt echter veel van de schoolbesturen die hun programma’s en ondersteuningsmechanismen dienen te herzien en structureel aanpassen met geheel nieuwe leermiddelen. Bestuurders gaan die uitdaging veelal niet aan omdat ze zich niet gesteund voelen door de Haagse sturing. De Brabantse Health Deal biedt weliswaar de argumentatie en de Stad van Morgen de werkwijze maar de omslag in en met de scholen vergt veel meer op alle fronten. Dit moeten we gezamenlijk als kans zien en niet geblokkeerd door (school)bestuurders in een hiërarchie van afhankelijkheden. Er is geen enkel denkbaar belang dat de waarde-gedreven evolutie van onze nieuwe generaties in de weg zou mogen staan.
Actie: STIR gaat verder met het opbouwen van het nieuwe scholingssysteem van betrokkenheid en stimulans tot zelfleiderschap. De vrije denkprocessen van de jeugd en de onbevangen creativiteit is een maatschappelijk vermogen dat juist in deze tijden van onschatbare waarde is en gedolven niet bedolven dient te worden.
6. Internationale communicatie en uitwisseling:
De aanwezigheid van internationale deelnemers aan het debat uit Spanje, Afghanistan, en Turkije, gaf een extra dimensie aan de gesprekken die met tolk vertaling en open interactie werden gevoerd. De algehele opvatting werd gedeeld dat de sustainocratisch geformuleerde kernwaarden universeel zijn en derhalve verbindend werken tussen alle gemeenschappen en culturen. Overal in de wereld ontstaat het sociale ondernemen en innovaties, gemotiveerd door inzichten en bewustwording “dat het anders moet” en met hun resultaten de wereld, vaak tegen alle oude opvattingen in, vooruit helpen. Het onderling uitwisselen van ervaringen, lokaal en internationaal is essentieel om met elkaar de lat steeds verder te verhogen. De sustainocratische manier van werken die via de DDW2016 tentoonstelling werd getoond, het burgerparticipatie debat en de ervaringen tijdens de Erasmus+ uitwisseling, hadden de basis gelegd voor deze spontane internationale aanwezigheid in de raadzaal. “Nu het bestaat, willen wij het ook”, komt uit deze groep. Mensen uit andere landen, zoals Zuid Korea, Mexico, China, Peru, Japan, enz hadden zich ook al op deze manier geuit.
Verschillende partijen zijn, net als de Stad van Morgen met de STIR HUBs en leer coöperatie, bezig met een horizontaal kennis en innovatie uitwisselingsprogramma en platforms in Europa. De initiatieven van STIR via AiREAS en Sustainocratie, Pakhuis de Zwijger met Citymakers, de Stadsambassades en de intenties van het WTC zijn hiervan voorbeelden.
Actie: STIR als onderzoeksstichting en initiatiefnemer van Stad van Morgen bewegingen zoals AiREAS, FRE2SH en STIR leer coöperatie zal de samenwerking tussen deze netwerk initiatieven verder trachten op te bouwen zodat er een snelweg van uitwisseling van kennis, goede voorbeelden en innovaties ontstaat en groeit.
Tijdens het stadsdebat afgelopen zaterdag in de raadzaal van Eindhoven, over burgerparticipatie en het samen dragen van maatschappelijke verantwoordelijkheden volgens geformuleerde kernwaarden zoals gezondheid en luchtkwaliteit, kwamen zes aandachtspunten unaniem naar voren. Het debat was georganiseerd door Stichting STIR (Stad van Morgen) en AiREAS naar aanleiding van de expositie tijdens Dutch Design Week 2016 over gezondheid gedreven gebiedsontwikkeling volgens het sustainocratische maatschappijmodel. In dit model wordt gesteld dat menselijke kernwaarden (zoals gezondheid) alleen waargemaakt kunnen worden in strikte samenwerking tussen de verschillende onderdelen van een samenleving: burgers, overheid, wetenschap en innovatief ondernemerschap. Omdat functies in onze traditionele en verouderde manier van samenleven gescheiden zijn werd de aandacht voor de kernwaarden nooit gemeenschappelijk noch in de gefragmenteerde verantwoordelijkheden gedragen. Hierdoor beleven we de huidige situatie van intense wereldwijde vervuiling, misbruik van grondstoffen en politiek economische sturing met veel bureaucratie en regelgeving, reagerend op problemen maar nergens in staat om eenzijdig een proactieve benadering te formuleren voor een duurzaam menselijk voortbestaan. Kritieke situaties stapelen zich op.
Sustainocratie wordt daarom steeds vaker gezien als een noodzakelijke evolutionaire stap in gebieds-en maatschappijontwikkeling maar vergt daarbij een geheel nieuwe omgang en samenhang tussen alle belangenpartijen. Die samenhang wordt ook wel het nieuwe niveau (niveau 4) van gebiedsontwikkeling genoemd, een niveau waarin de onderliggende functionele niveaus samenkomen en zich verbinden aan het nastreven van de geformuleerde menselijke en natuurlijke kernwaarden.
De vele internationale bezoekers tijdens Dutch Design Week reageerden aangenaam verrast over het ontstaan van Sustainocratie in Eindhoven, de gemeenschappelijke expositie hierover in het gemeentehuis en de praktische uitvoering via (onder andere) AiREAS. Velen namen ervan kennis, noteerden de publicaties hierover, om het ook in te gaan voeren in hun thuisgebied ergens in de wereld.
In Eindhoven gaan we echter weer stappen verder. De fase van het activeren van proactief betrokken burgerschap in de Sustainocratische processen is in volle gang, net als het betrekken van de vele instanties die gewend zijn om op een hele andere manier met elkaar en hun institutionele opdracht om te gaan. De recent geformuleerde bestuurlijke Health Deal in Brabant is misschien een mooie kapstok voor besluitvorming en beleid maar dient zich wel te verbinden aan burgerparticipatie, initiatieven en gemeenschappelijk gedragen programma’s. Kernwaarden zoals gezondheid kun je namelijk niet kopen, je maakt ze waar, samen! In een koop en verkoop georiënteerde maatschappij overheerst geld met de “economie” als maatstaf waarin allerlei beloningsstructuren mensen en instanties bezig houden. Maar het nastreven en onderhouden van kernwaarden is geen handelseconomie. Het is een cocreatie met doelgerichte veranderingen vanuit een gemeenschappelijk gedragen bewustwording en dragen van verantwoordelijkheid. Deze doet er veel toe maar niet past in die oude wereld van regulering, geldgedreven beloning of afhankelijkheden. Er zijn nieuwe instrumenten nodig die deze vorm op niveau 4 consolideren.
Het debat begon met presentaties van burgers die pioniers zijn in deze ontwikkeling. Zij tonen hun motivatie, aanpak, successen en doorzettingsvermogen. De vraag in het debat is geënt op het uitvergroten en consolideren van de initiatieven in een nieuw geformaliseerde maatschappelijke context. Nu is de evolutie nog te veel afhankelijk van pioniers en daarom erg persoonsgebonden en kwetsbaar. Het veralgemeniseren van de processen vergt erkenning en positionering dat onderdeel is van een nieuwe werkelijkheid en complexiteit.
De zes grote lijnen zijn daarvan het resultaat:
1. Erkennen en waarderen van sociaal ondernemen.
2. Indexeren en meetbaar maken van sociaal ondernemerschap.
3. Wijkgerichte burger betrokkenheid creëren.
4. Durf bestuurlijke ambities gezonde verstedelijking hoog te leggen.
5. De jongeren betrekken bij de maatschappelijke uitdagingen.
6. Internationale uitwisseling van het goede voorbeeld.
Dit is een van een verrassende aanbevelingen die uit het stadsdebat is gekomen over burgerparticipatie in kernwaarden gedreven gebiedsontwikkeling dat gisteren plaats vond in de Raadzaal van Eindhoven. Bestuurlijke keuzes en initiatieven blijken volgens de deelnemers aan het debat helemaal niet zo democratisch onderbouwd. Dat komt omdat de toetsing van initiatieven vaak gebeurt via de traditie van “inspraak”. De mensen die op inspraaksessies afkomen blijken maar een deel te zijn van de maatschappelijke werkelijkheid. Het zijn veelal mensen die belang hebben bij het uiten van hun mening. Deze is vaak conservatief of negatief. Degenen die positief staan tegenover verandering hebben veel minder behoefte zich erover te uiten en dit te verdedigen terwijl er een veel grotere groep mensen is die “het niet zoveel uitmaakt”. Dat is de stille meerderheid die ongehoord blijft.
Gedurende de Dutch Design Week 2016 heeft een week lang een expositie gedraaid op het stadhuis over multidisciplinair samenwerken aan een gezonde leefomgeving, met AiREAS (luchtkwaliteit) als prikkelend voorbeeld. Er werden allerlei initiatieven getoond die daaruit direct of indirect voort zijn gekomen. Vele 100-den mensen hebben de expositie en de initiatieven kunnen aanschouwen en met de betrokken initiatiefnemers van gedachten kunnen wisselen. Tot de verrassing van de expobemanning was de reactie over het algemeen niet alleen positief en enthousiast maar zelfs veel meer vooruitstrevend dan men ooit tevoren had vernomen. Opmerkingen als “dit had al veel eerder moeten gebeuren” en, “als je de binnenstad gaat vergroenen doe het dan meteen goed!” werden veelvuldig genoteerd. Weerstand was niet alleen in de ruime minderheid, het was zelfs bijna niet aanwezig.
Tijdens de open uitwisseling van gedachten konden de bezoekers, jong en oud, hun creativiteit de vrije loop laten met verrassende resultaten. Kinderen opperden oplossingen en visies die iedereen versteld deden staan. De jonge ouders genoten zichtbaar van het bewustzijn van hun kinderen en konden alleen maar beamen wat ze als volwassen verantwoordelijke personen voor hun kinderen zouden willen. Gezondheid als kernwaarde bleek bij jong en oud een basisvoorwaarde en de vele bronnen van ergernis juist aanleiding tot onbesproken stress, boosheid en een gevoel van onmacht. “Waarom horen wij deze geluiden niet” vroegen raadsleden, ambtenaren en bestuurders zich openlijk af? Dat komt omdat nu pas, vanuit multidisciplinaire samenwerking de integrale democratische basis voor besluitvorming tot zijn recht komt, niet in de hiërarchische oude wereld van belangen. Dit werd tijdens het debat verder bevestigd.
STIR heeft besloten om deze en de andere grote lijnen van unaniem aanvaarde uitgangspunten op te tekenen als manifest. Deze wordt aangeboden aan het stads en regionale bestuur als ook de andere sustainocratische partners zodat we met elkaar de ambities in de regio op het juiste niveau kunnen tillen.
Gezondheid is geen politiek economisch discussiepunt. Het is een van de 5 sustainocratische kernwaarden en daarom een gemeenschappelijke verantwoordelijkheid van ons allemaal! Een gezonde stad creëren en onderhouden we samen!
Help mee onze prioriteiten te stellen voor de komende jaren.
Burgers aan zet: Stadsdebat – Raadzaal Eindhoven – Zaterdag 29 oktober – 14:00 – 16:30 (Gratis aanmelden kan hier)
Zowel STIR (Stad van Morgen) als ook AiREAS hebben hard en kritisch meegewerkt aan het opstellen van een manifest waarin betrokkenheid van burgers bij het ontwikkelen van hun eigen kwaliteit van leven in hun eigen leefomgeving gestimuleerd wordt in heel Europa.
Het manifest is nu klaar in definitieve vorm. Ikzelf heb reeds getekend naar volle tevredenheid omdat alle punten van onze kritiek in voorgaande versie zijn meegenomen en uitgewerkt. Ruim 50 andere partijen hebben eraan meegewerkt.
Wij bevelen ten zeerste aan dat ons netwerk dit manifest ook ondertekent zodat we samen de EU zover kunnen krijgen middels toekenning van middelen en aandacht deze vorm van samenwerking verder inhoudelijk uit te gaan werken.
Natuurlijk bevat onze samenleving veel mensen met het hart en de bezieling op de juiste plaats die trachten via de politieke partijen, eventuele bestuurlijke functies, ondernemerschap of ambtenarij, de grote uitdagingen van deze tijd het hoofd te bieden. Veelal komen ze bedrogen uit omdat het “systeem” niet gebaseerd is op het nastreven van grote verantwoordelijkheden maar juist belangen die verpakt zijn in vaak decennia oude partijen. Het is een oeroude manier van werken die toe is aan vernieuwing. Stad van Morgen introduceert een evolutionaire aanpak die stapsgewijs de transitie waar kan maken zonder dat er een revolutie aan vooraf gaat.
Een aftands democratisch stelsel van bedrog en volksverlakkerij
Elke vier jaar rollen de politici over elkaar heen met publieke leugens en volksverlakkerij om de macht van het regeren naar zich toe te trekken. Velen in de betreffende partijen zijn afhankelijk van de winst want de luxe baantjes en zakkenvullende praktijken worden verdeeld tussen de partijgenoten die onderling elkaar vertrouwen en de bal toespelen. Beleid wordt afgestemd op de lobbies van de steungevende instanties en de investeringsbehoeften van een semi-overheid waarin de oud bestuurders en het ons kent ons netwerk met duur betaalde spin-off banen van de “zorgstaat” elkaar de hand boven het hoofd houden. Dit is een wereld van scheiding tussen burgers en overheid die we allemaal samen hebben geërfd uit een ver verleden maar tegelijkertijd onhoudbaar is geworden. Er is nu sprake van een participatiemaatschappij waarbij de scheiding tussen overheid en burgers vervaagt en een nieuwe manier van bepalen en dragen van verantwoordelijkheden zich aftekent. Dat verlangt ook een andere manier van werken.
Een onhoudbaar doorgeslagen werkelijkheid van scheiding tussen overheid en burgers die toe is aan integrale transformatie. In een participatie maatschappij fuseren credit en debet tot een nieuwe kern van waarden-gedreven verantwoordelijkheden.
Een doorgedraaide werkelijkheid
De hiërarchie van belangenspelletjes heeft daarbij ook de macht om wetten voor te schrijven die door politie en rechters gehandhaafd dienen te worden zonder verdere reflectie over moraal of ethiek. De grondwet is niet eens meer een leidraad voor de relatie tussen “leiderschap” eigenbelang keuzes, het volk en het milieu. De Nederlandse politiek heeft zichzelf hiervoor onschendbaar gemaakt. Het volk is hoofdaandeelhouder van het eigen land maar wordt door deze manier van doen uitsluitend onderdrukt tot hoofdfinancier van eigen zekerheden maar ook van zakkenvullerij en macht, waarbij men tevens ongevraagd garant staat voor alle schulden en wanprestaties die de club over ons en ons milieu uitstrooit. Partijpolitiek en groei-economie heeft niets te maken met democratische vrijheid van keuze of participatie noch met regionale stabiliteit. Het zijn slechts verbale elementen van een volkshuishouding dat gebaseerd is op georganiseerde boevenpraktijken van onderlinge belangen onder de bedrieglijke noemer van “volksvertegenwoordiging”.
Het moet anders
Zolang het volk de zoethouders krijgt waar het op stemt, zoals een effectieve maar veel te dure gezondheidszorg, voldoende toegang tot zwaar gebureaucratiseerde financiële zekerheden en het gevoel van vrijheid, kan deze oeroude democratische politiek/economische werkelijkheid ongestoord haar gang blijven gaan en wordt het zelfs “gewaardeerd” als iets dat onveranderlijk behoort tot onze maatschappelijke organisatie. De bevolking lijkt allang blij dat “iemand anders” de lastige kastanjes uit het vuurt haalt en men met de nodige gemakzucht blind omringd blijft met schijnbaar oneindige overvloed.
Er zijn echter nieuwe omstandigheden in de wereld waardoor uitsluitend een andere aanpak ons kan redden van de plotselinge ondergang. Partijpolitiek neemt namelijk niet proactief verantwoordelijkheid voor de grote uitdagingen van deze tijd. Ondernemerschap trouwens ook niet, net zomin als de geld afhankelijke wetenschap en burgers. In de gefragmenteerde wereld overheerst het eigenbelang overal zonder dat men bewust is van de risico’s die we lopen op gebied van uitputting van grondstoffen, concurrentie, uitdroging van de Aarde en vervuiling van onszelf en onze leefomgeving.
We hebben een generatie bereikt waar het niet alleen meer gaat over ons materiële welzijn maar vooral onze bestaansrechtelijke korte en lange termijn kwetsbaarheid. Dat lossen we niet meer op met een politiek-economische democratie….
In raadsvergaderingen wordt openlijk met bedrog, verdraaiing van feiten en achterklap onderhandelt uit partijbelang. Alles is geoorloofd mits men niet te veel door de mand valt en geloofwaardig overkomt. Zo is het gebruikelijk dat belangrijke besluiten vaak tot 30 jaar duren om tot uitvoering te komen en alleen als er een crisissituatie is ontstaan waardoor uitstel niet meer te rechtvaardigen is. Zelfs bestuurders in deze tijd die wél met de nodige idealen vooruit willen en serieuze uitdagingen aan willen pakken met daadkracht en verander drang hebben veel last van het rommelende, stekende en bedriegende wespennest waar ze verantwoording aan af moeten leggen. Een coalitieakkoord is vaak niet meer de hele 4 jaar lang houdbaar in de snel wisselende complexiteit van onze samenleving. Dan is men aangewezen op nieuwe, tussendoorse onderhandelingen die niet meer onder de druk van verkiezingsuitslagen vallen.
Een ander obstakel is dat nieuwe, kersverse bestuurders na een verkiezingsoverwinning een nieuw coalitieakkoord onderhandelen voor de komende 4 jaar. Deze is door de gemengde belangen nooit ambitieus genoeg volgens de eisen van deze tijd, bouwt alleen op beperkte investeringen en icoon-projecten voor de foto, en toont veelal een slap aftreksel van wat er tijdens de verkiezingen is gezegd en beloofd. Als men eenmaal 2 en half jaar verder is in de ambtsperiode dan zet men belangrijke keuzes in de ijskast omdat men in het restant alleen nog maar positieve resultaten wenst te boeken die uiteindelijk bijdragen aan het eind imago voor de nieuwe verkiezingen. Grote verandertrajecten die met veel moeite doorgang hebben gevonden lopen elke keer weer het risico onderuit gehaald te worden door een nieuw coalitieakkoord en lichting onbekende bestuurders met een geheel eigen kijk op idealen, netwerkrelaties of verantwoordelijkheden. Dat kon vroeger maar nu niet meer. We hebben er gewoon geen tijd noch ruimte meer voor.
Het partijpolitieke systeem en de economische groei sturing blijft een blok aan de maatschappelijke uitdagingen die harmonieuze verhoudingen zoeken met onze natuurlijke omgeving en medemens, niet de concurrerende stress van geld en macht gedreven belangen. De échte mens- en milieuwereld schreeuwt om aandacht en oplossingen die niet in de sfeer van pappen en nathouden liggen maar binnen de daadkracht van ingrijpende, participerende, bewustzijnsgedreven, multidisciplinaire samenwerking en actie. “Niet top-down, niet bottom-up, maar allemaal samen” gesticuleerde treffend een gedreven wethouder in Eindhoven die regelmatig haar nek uit durft te steken voor transitiewerk op niveau 4 (empathisch leiderschap in een waarden-gedreven eco-systeem).
Loskoppelen
Maar allemaal samen optrekken kan (nog) niet, zelfs niet als alle wereldautoriteiten besluiten aan tafel komen. In multidisciplinaire samenwerkingsvormen binnen een niveau 4 gebied, zoals Sustainocratie in Eindhoven, waarin samen gestreefd wordt naar concrete lokale menselijke kernwaarden, zoals luchtkwaliteit en volksgezondheid, is men in staat de meest uitdagende en innovatieve projecten te definiëren maar blijft de groep voor de toegankelijkheid tot de beschikbare publieke middelen (N.B. de eigen opgebrachte middelen van de bevolking) toch afhankelijk van de bedrieglijke en blokkerende praktijken van partijpolitieke discussies, manipulerende semi-overheid instanties en verzuilde, zichzelf in stand houdende bureaucratie. De welwillende wethouder loopt het risico zich een motie van wantrouwen van partijen op de hals te halen die hun eigen belangen idealen vertegenwoordigen in plaats van de beoogde diepere kernwaarden. Men moet van goede huize komen om dit emotioneel aan te kunnen en toch de ruggengraat te tonen om door te pakken. Maar dat is onlogisch als een multidisciplinaire groep alle onderbouwing reeds heeft opgebracht vanuit samengestelde expertise en integraal maatschappelijk belang om resultaat gedreven aan de slag te gaan en dan toch nog de deelnemende wethouder het hol van de leeuw in moet sturen om goedkeuring te krijgen van het nest vol politieke, niet waarde-gedreven, ongenuanceerde aasgieren. Dat werkt niet. Zelfs de meest geliefde burger die zich inzette voor wijkgerichte activiteiten brandt af in zo’n raad van onderlinge vuilwerperij en achterkamertjes als men zich verkiesbaar stelde en “mee mocht gaan doen”.
Wat werkt wel?
Kernwaarden zoals gezondheid, veiligheid, samenredzaamheid, bewustwording en invulling van basisbehoeften, zijn geen politiek handelswaar voor raadzalen of coalitie akkoorden. Het zijn structurele verantwoordelijkheden die door de gehele gemeenschap moeten worden gedragen, permanent. Daarom dienen ze uit de greep van deze verwerpelijke belangen en debatcultuur te worden ontheven om structureel te worden opgenomen in de constitutie van een gebiedsdefinitie. Daarbij horen publieke fondsen die niet in de toestemming cultuur van een verdeelde raad vallen maar binnen de resultaat-gedreven structuur van niveau 4 gebiedsontwikkeling. Dan zijn de kernwaarden ook niet meer afhankelijk van de 4 jaartermijnen maar van de prioriteitstelling en vooruitstrevendheid van de coöperatieve verbanden waarin de politieke overheid niet het laatste woord heeft en de operationele overheid zich schikt in haar kerntaak van het gemeenschappelijke belang door als beheerder van het gemeenschapsvermogen (infrastructuur en belastinggeld) faciliterend op te treden op basis van gelijkwaardigheid.
Loskoppelen van de verantwoordelijkheid van kernwaarden van het oude politiek-economische belangenstelsel om het samen te voegen in een integraal innovatieve samenwerking levert snelheid, innovatieve daadkracht en vernieuwing op.
Waarom is dit belangrijk
Op wereldwijd niveau zijn onze natuurlijke en menselijke kernwaarden zodanig teniet gedaan door een verkeerde beleid- en belangenorganisatie dat we te maken hebben met enorme problemen op gebied van vervuiling, klimaatadaptatie, migraties, grondstoftekorten, armoede-ontwikkeling, enz. En zelfs integraal economische problemen. Waar we vroeger nog de luxe hadden van tijd om ons via allerlei politieke belangen spelletjes jaren lang bezig te houden voordat een knoop werd doorgehakt, zitten we nu met de benodigde combinatie van urgentie en kwaliteit in onze keuzes. Dat kan alleen in gezamenlijkheid en met autoriteit opgelost worden, niet via gefragmenteerde substructuren met belangetjes.
Sinds de kredietcrisis is tevens aan het licht gekomen hoe de groei van de wereldbevolking en de eeuwenoude commerciële hebzucht cultuur vanuit het industriële tijdperk evenredig is gegroeid door de perceptie van schijnbaar oneindig markt en economisch groeipotentieel. Het voordeel en tegendeel is tegelijkertijd gebleken. Nog nooit is de opgelegde schuld aan het financiële systeem zo hoog geweest inclusief de hypotheek die deze legt op onze productiviteit, het beleid en ons evolutionaire aanpassingsvermogen. De mensheid is in handen gekomen van een bancair geldsysteem dat als spookachtig bedenksel verplichtingen creëert die onnatuurlijk, gevaarlijk en gemanipuleerd obscuur zijn door ons van onze natuurlijke vrijheid van keuze en weerbaarheid te beroven. Sinds de jaren 50 zien we dat we een onzichtbare grens zijn overschreden waaronder we nog binnen de circulaire grondstof mogelijkheden van de Aarde opereerden maar daarna niet meer. We hebben dit op trachten te lossen middels het stimuleren van het geldsysteem om zo de consequenties van datzelfde systeem op de mens en de natuur op te kunnen lossen met geld en een zorgstaat. Dat is hetzelfde gebleken als hout op het vuur gooien in de hoop het te blussen. Natuurlijk werkt dat niet en brandt het door tot ons hout op is en er geen vuur meer mogelijk is. Dat stadium hebben we bereikt.
Daarom pleit de Stad van Morgen voor een verantwoordelijkheid gedreven aanpak van multidisciplinaire samenwerking, gestuurd door de gemeenschappelijk aanvaardde menselijke en natuurlijke kernwaarden (Sustainocratie). Door dit buiten de politiek economische sturing te plaatsen ontstaat een nieuwe innovatieve daadkracht die wel tot de noodzakelijke oplossingen kan komen mét betrokkenheid, niet de beperkingen van de lokale overheid. Op eenzelfde manier betrekken we het bedrijfsleven, de wetenschap en maatschappelijk betrokken burgers.
Elke verandering begint altijd dicht bij de mens door de groei van zelfbewustzijn. Daarna past het maatschappelijke organisatiesysteem zich gaandeweg aan. Verandering kondigt zich ook aan door de reactie van de natuur zelf. Dat is altijd onverwacht, dramatisch, dodelijk en verwijtbaar. Als we het zelf doen, aan de hand van de kernwaarden, dan is dat vooruitstrevend vreedzaam, vanuit de positieve inzet van bewustzijnsgedreven prioriteiten en middelen. Betrokkenheid is het nieuwe geld, verdeling van gecreëerde waarden de nieuwe economie. Blokkerende macht transformeert in faciliterende autoriteit in samenhangende structuren en projecten. En het begint in de steden en op het platteland als experimenterende levende laboratoria die gaandeweg de nieuwe manier van werken introduceren, borgen en optimaliseren.
De Groene Dialoog – themasessie van 5 oktober 2016.
Blog: John Schmeitz
Veel mensen in en rond Eindhoven zijn betrokken en begaan met voedsel. Steeds meer staat gezond voedsel onder druk door economische keuzes, onwetendheid en een te grote drempel om aan gezond voedsel te komen. Daarom hebben verschillende initiatieven de krachten gebundeld en De Groene Dialoog gestart. Na de Kick-Off van woensdag 28 september bij S-Plaze in de Schellensfabriek, is er wekelijks een bijeenkomst om iedereen, die geïnteresseerd is te inspireren en te informeren over wat er gaande is en welke mogelijkheden en dromen er zijn om te zorgen dat iedereen laagdrempelige toegang kan krijgen tot gezond voedsel. Elke dialoog wordt gestart met een aantal sprekers, die vertellen over hun droom en waarom ze die willen verwezenlijken. Uit de inbreng worden dan thema’s gekozen voor de dialoogtafels. De aanwezigen kiezen vervolgens het thema waar ze het meest mee hebben en gaan onder leiding van de inbrenger van het thema in dialoog.
Weliswaar is in dialoog gaan vaak heel voedend en inspirerend, maar tot concrete zaken komt het vaak niet. Zoals één van de initiatiefnemers, Rik Konings, zei: “We heffen het glas, doen een plas en het blijft vaak zoals het was.” Een andere initiatiefnemer, STIR- De Stad van Morgen, heeft ervaring met het komen tot cocreatie met AiREAS en FRE2SH. In een kort overleg voor aanvang is er dan ook geopperd om naast dialoogtafels ook projecttafels mogelijk te maken. Projecttafels gaan concreet iets neerzetten en dialoogtafels is voor inspiratie, dromen en informatie te delen met elkaar. Mocht er kennis nodig zijn aan de projecttafels, die aanwezig is bij een dialoogtafels, dan is het lijntje snel gelegd en kunnen er weer nieuwe verbindingen ontstaan.
Afgelopen woensdagavond 5 oktober waren er drie sprekers: Ben Nas vanuit Stad van Morgen en FRE2SH met het “Voedselbos”, Inge van der Hall van Inge’s Eettafel over zeldzame huisdieren en biodiversiteit en Lotje van der Heijden over pure voeding en voedsel bewustwording.
Zonder daar bewust mee bezig te zijn, bleek later dat van de drie dialoogtafels er zomaar twee met een concreet project kwamen en verder gaan uitwerken.
Het groepje van “het Voedselbos” gaat zich verder verdiepen in het creëren van een Voedselbos en een plek hiervoor uitzoeken binnen de “Groen blauwe Ruit”, wat het gebied is tussen Eindhoven, Helmond en het platteland ingesloten daarboven tussen de kanalen.
Het groepje over biodiversiteit gaat tijdens de Dutch Design Week op 26 oktober vanaf 18 uur een diner met sprekers en dialoog organiseren om mensen kennis te laten maken met het Zeldzame voedsel uit Brabant en bewust te maken, waarom biodiversiteit zo belangrijk is. Het idee heeft als titel “Zeldzaam lekker in Brabant” en er zal voor 60 tot 80 personen gefaciliteerd worden door Patrick van der Voort bij S-Plaze in de Schellensfabriek. Mogelijk dat er ook voorbeelden uit een voedselbos geplaatst gaan worden, zodat dit de twee projectteams ook nog verbindt.
Mooi om te zien, dat hoewel nog niet op zo’n korte termijn verwacht, het zomaar tot concrete projecten kan komen. Dus als je je wil laten inspireren, informeren en dromen delen over voedsel dan was je al bij de Groene Dialoog aan het juiste adres. Wil je ook concreet iets neerzetten, dan ben je ook welkom. En het ontstaan van een project mag, maar hoeft niet. Het kan spontaan ontstaan, zoals afgelopen woensdag ook bleek. Komende weken zullen er naast dialoogtafels ook projectafels bezig zijn om het zaadje van afgelopen woensdagavond verder tot wasdom te laten komen. Heb je iets toe te voegen aan het project, al is het maar voor even, dan ben je altijd welkom. Ook voor woensdagmiddag 26 oktober zoeken we nog vrijwilligers om alles klaar te zetten bij S-Plaza en te helpen bij het diner. Heb je interesse, kom dan volgende week woensdag 12 oktober naar S-Plaza in de Schellensfabriek op de Bleekweg 1F in Eindhoven. Inloop vanaf 19 uur en aanvang 19:30 uur.