Terugblik 2016

Het was weer een boeiend jaar met allerlei experimentele ontwikkelingen op gebied van Sustainocratie. Veel energie is gestoken in het breed trekken van de ideologie en het praktische proces van wat we nu niveau 4 gebiedsontwikkeling noemen, ofwel de participatiemaatschappij, het bewustzijn gedreven eco-systeem.

Algemeen:
Er zijn twee belangrijke subsidielijnen uitgezet met de betrokkenheid van heel veel partners in even zoveel landen. Geen van de twee bleken meteen succesvol maar ze hebben ook niet geleid tot een breuk tussen de partners, in tegendeel. Met de feedback en opgedane inzichten voelen we ons alleen maar gesterkt in onze relaties en daardoor ook steeds beter toegerust om het steeds weer een keer te proberen. Ook omgaan met deze subsidietrajecten is een proces, zowel voor ons als voor de subsidie-beoordelaars.

CITI-MAP (INTERREG-V): Geïnspireerd op AiREAS in Eindhoven. 6 steden in Noord West Europa. Status uiteindelijk is dat we gedurende 2017 de lobby in de verschillende provincies moeten doorvoeren zodat support integraal wordt. Een vertraging van een jaar dus.

E-Sapiens (H2020): Sustainocratie in 20 EU regio’s. Afgewezen omdat het stuk burgerparticipatie onvoldoende was uitgewerkt. Wel werd aangemoedigd om het nog een keer in te dienen met minder ambities wat regio’s betreft maar meer concreetheid in de aanpak.

Regionaal hebben we geëxperimenteerd met Rijk van Dommel en Aa middels multidisciplinaire bijeenkomsten. Helaas is daar niet veel uitgekomen qua projecten omdat alle deelnemers nog met andere agenda’s werkten dan de gewenste cocreatie vanuit kernwaarden, vooral vanuit de regionale overheid. Toch is het proces positief ontvangen en wordt steeds gevraagd naar nieuwe sessies. Maar ook de Stad van Morgen moet daarvoor financieel draagvlak hebben omdat we als kartrekker de kosten van het opstarten voor onze rekening nemen.

Internationale belangstelling:
In februari reisde ik naar India om te vertellen over Sustainocratie op uitnodiging van regeringspartijen. 250 deelnemers uit de hoogste niveau’s van India deden mee.

In oktober ging de reis naar Dresden in Duitsland voor een presentatie over het experimenteren met slimheid. Aanwezig waren 18 universiteiten uit 12 landen.

AiREAS
Uiteindelijk werd AiREAS leading in CITIMAP.

De POP werd afgerond en de 3e publicatie van AiREAS werd wereldwijd uitgebracht.
Nu wordt er met alle partners gekeken naar AiREAS 2.0, een uitbreiding richting Metropoolregio Eindhoven terwijl we in Eindhoven verder gaan met burgerparticipatie en het trachten te stimuleren van bestuurlijke transities.

DDW2016 stond mede in het teken van de Health Deal en de manier van werken van AiREAS. Veel binnen en buitenlandse belangstelling werd getoond tijdens onze tentoonstelling Eindhoof je mee.

STIR Academy wordt de School of Talents
In plaats van de twee keer per maand een avondcollege besloten we projectmatig leren toe te gaan passen middels het participerend leermodel. Ruim 800 studenten uit Turkije kwamen op bezoek en kregen een bijzondere invulling door Stichting Bij de Tijd waarin AiREAS een belangrijke rol vervulde. Met vier lokale scholen zijn we ermee experimenteel aan de slag gegaan in Nederland. Heerbeeck College in Best, ROC ter Aa in Helmond, Avans Hogeschool in Breda en de TU/e in Eindhoven.

De samenwerking met Duurzaam Brabant verliep voorspoedig middels samenkomsten onder de vlag van Tegenlicht. Geluk, 100 jarig bestaan van de Bibliotheek en de eerlijke onderneming, waren thema’s waar we onze inspiratie konden delen. Dit leidde tot het project Geluk(t) dat we voor 2017 hebben gepland.

De eerste echte HUB sessies werden internationaal uitgevoerd voor de uitwisseling van kennis en goede voorbeelden. Het gehuurde lokaal in Sectie-C werd echter maar weinig gebruikt dus hebben we besloten het op te heffen. Ondertussen komt er gebruik van andere gebouwen voor in de plaats.

FRE2SH
Na de zomer gingen we van start met de Groene Dialoog, een wekelijkse bijeenkomst rondom voedselinnovatie. Verschillende initiatieven zijn daaruit voortgevloeid, zoals het multiculturele “We eten vreemd” om kennis te maken met verschillende culturen, het Voedselbos en de samenwerking met Gemert platteland.

Conclusie
Er gebeurt erg veel, niet alleen in de Stad van Morgen maar algeheel op gebied van maatschappelijk en sociaal ondernemen ten behoeve van menselijke waardecreatie. We ervaren nog veel blokkades en geld blijft sterk sturend ook al is er een tendens om via nieuwe waardesystemen te gaan werken. Het blijft positief en vooruitstrevend ook al zijn veel initiatieven sub-kritisch, fragmentarisch en sterk afhankelijk van omgevingsfactoren die nog sterk oud denken. We kunnen nog niet spreken van een doorbraak maar wel van een verspreiding en erkenning van de aanpak. We zijn benieuwd wat 2017 ons zal gaan brengen.

Wereldwijde publicaties:
AiREAS phase 1: http://link.springer.com/book/10.1007/978-3-319-26940-5
AiREAS phase 3: http://link.springer.com/book/10.1007%2F978-3-319-45620-1
Westminster University: https://www.westminster.ac.uk/news/2016/how-stupid-can-smart-be

STIR HUB inspiratie programma Januari 2017

In januari organiseren we verschillende internationale en landelijke skype en webinar sessies om inspiratie te delen rond maatschappelijk ondernemerschap thema’s.

hub-jan-17-invitation

Skype is tussen lokale STIR HUB ondernemer clubs met het oog op het implementeren van de innovaties. Webinars zijn voor iedereen maar met gelimiteerde interactie.

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

E52 kijkt naar de toegevoegde waarde van technologie en maatschappij

E52 is een modern online media platform dat door o.a. hoogleraar journalistiek Bart Brouwers is opgezet als variant op reeds bestaande mediakanalen. Het medium profileert in het spectrum van technologie en maatschappij binnen het DNA profiel van een regionaal Eindhovens Brainport dat zich geleidelijk met de tijdgeest mee transformeert naar een Mainport en Healthport. Zo besteedt E52 regelmatig aandacht aan de activiteiten van de Stad van Morgen en AiREAS. De uitdaging die we recent aan een groep internationale studenten hebben geformuleerd werd vandaag ook mooi geformuleerd.

De toegevoegde waarde van technologie in spelvorm, met bijbehorende experimenten om deelnemers te belonen, wordt al snel overschat als maatschappelijk sturende factor. Veel focus wordt gelegd op gedragsverandering maar de omringende sociaal-politiek-economische cultuur is nog te veel bezig met het in stand houden van het oude waardoor de motivatie van de massa zich blijft afstemmen op die oude resonantie. “Ik moet elke dag naar mijn werk want ik moet toch mijn hypotheek of huur betalen?” is een veelgehoorde opmerking die meedoen aan activiteiten in de weg staat. Maar ook de “binnenzitcultuur” van TV en computers thuis samen met chips en nootjes op de bank, of bureauwerk ergens in een kantooromgeving met skype en computersystemen, helpt niet mee aan een verandering naar meer betrokkenheid met lichaamsbeweging en recreatie in de buitenlucht.

Daarnaast heeft niet iedereen een smartphone ter beschikking of kan men het gebruiken tijdens de dagelijkse activiteiten. De afhankelijkheid van systemen om “iets te kunnen doen” is erg groot. Dat neemt niet weg dat we de weg van de verleiding opzoeken om per doelgroep toch te kijken of we het hogere doel van lichaamsbeweging in de buitenlucht kunnen waarmaken. Voorbeelden als Pokemon Go of Geocaching zijn voorbeelden dat het wél kan.

“De maatschappij” is erg groot en omvat veel groepen die op een bepaald moment van hun dag, week of leven emotioneel open staan voor prikkels die we aanreiken (en op andere momenten helemaal niet). Door die momenten op te zoeken en te benutten hopen we stapje voor stapje nagenoeg ongemerkt een cultuurverandering te veroorzaken die er toe doet, zowel voor de deelnemers als degenen die er daarna gewoon mee aan de slag gaan “omdat de buren of andere familieleden” het doen. Het project met de studenten is daarom een klein maar wezenlijk onderdeel van een veel grotere aanpak onder de werktitel “geluk(t)”.

gelukt-1

De vele experimenten worden als Proof of Concept gedocumenteerd en verder doorontwikkeld als ze het gewenste resultaat hebben opgeleverd. “Geluk komt van lukken” is een motto dat ons noopt tot uitproberen en als iets “geluk(t)” is dan is dat reden genoeg om het succes samen te vieren. Een stip op de horizon zoals de Geluksweek 2017 in maart houdt de druk dan flink op de ketel. Het kernteam schept de kaders en allerlei initiatieven met een breed maatschappelijk draagvlak kunnen aanhaken. Zo zorgen we dat E52 en de andere media in Eindhoven nog genoeg stof hebben om te schrijven de komende tijd.

Zorg en technologie als studenten uitdaging

prevention

het“continuum of care” concept

Samen met AiREAS en de TU/e kijken we door participerend leren toe te passen op een groep van 25 internationale studenten hoe we technologie en zorg kunnen verbinden aan de uitdagingen van Sustainocratie. We introduceren een geheel nieuwe manier van denken die uiteindelijk de gehele zorgketen kan veranderen. In het “continuum of care” plaatje hierboven zien we de zorgketen die zich ontwikkelt van preventie en het vroegtijdig ontdekken van ziektebeelden tot en met de zorg aan het einde van een leven.

Maar we missen hier iets….

Wanneer we de huidige maatschappij beschouwen dan valt er qua preventie maar beperkt iets te doen als de politiek economische structuur en onze bijbehorende bewuste en onbewuste levensstijl juist ongezondheid in de hand helpt. In AiREAS kijken we naar de luchtkwaliteit en onze blootstelling in relatie tot onze levensstijl. We hebben ontdekt dat 50% verantwoordelijkheid van onszelf is als we onbewust omgaan met onze eigen vervuilingspatronen en levensstijl, maar de andere 50% wordt veroorzaakt door onze omgeving en maatschappelijke sturing. Hierdoor is de zorgketen gaandeweg onbetaalbaar geworden los van de enorme weerslag dat dit mogelijk heeft gehad op onze productiviteit.

Voordat we dus de zorgketen ingaan moeten we ons afvragen in welke overkoepelende cultuur en maatschappelijke werkelijkheid deze keten zich positioneert en hoe we die werkelijkheid ter discussie kunnen stellen vanuit zelf en collectief bewustzijn? In Sustainocratie stellen we 5 kernwaarden voorop, zoals gezondheid maar ook de kwaliteit van onze lucht, het eten en wat we drinken. Als we de maatschappij daarop inrichten dan heeft het een direct effect op de gehele zorgketen maar ook op de kwaliteit van het leven en de bijbehorende integrale productiviteit.

Binnen dat kader krijgen  de studenten een zware dobber door de opdracht om met behulp van technologische instrumenten de burgers zover te krijgen dat ze meedoen aan die gezondheid gedreven maatschappij. Dit gebeurt nog voordat we aan preventie beginnen ook al zou het preventie uitgelegd kunnen worden. Daarbij dienen we uit te gaan van het feit dat het gros van de burgers, en vooral degenen die nog ruim voor de preventiefase leven, nog steeds bezig is met geheel andere prioriteiten dan hun gezondheid en dus niet zichzelf zomaar laat verleiden tot deelname aan iets gezonds. Vanuit welke motivatie gaat men juist wel meedoen? Zijn er doelgroepen te bedenken die eerder geneigd zijn mee te doen dan anderen?

Een tweede deel van de uitdaging is om economische continuïteit te vinden door de toepassing van technologie ook als proof of concept te positioneren met meetbare sociale, ecologische én economische impact die overgenomen wordt door de consument.

 

Wanneer verandert politieke compromis in complot?

Een hartstochtelijk lid van de Amerikaanse republikeinse partij kondigt schriftelijk zijn vertrek aan na 30 jaar actief lidmaatschap. Zijn besluit komt voort uit de verkiezingsoverwinning van Donald Trump. Zijn brief maakt veel los in de Amerika en verschillende zinsneden blijken ook inspirerend voor ons allemaal. Er zijn namelijk grenzen aan alles, ook in partijpolitieke betrokkenheid en zelfs de manier waarop een Staat zich manifesteert. Want de Staat dat zijn we allemaal……of niet?

“We worden lid van een politieke partij om onze persoonlijke invloed te vergroten” stelt deze man terecht. De essentie van partijpolitiek is de gemeenschappelijke vertegenwoordiging van concrete opvattingen die uit overtuiging en samenhang ten goede komen aan de gemeenschap. Geen enkel mens denk hetzelfde maar door deze groepsvorming rondom passievolle stellingen en belangen kunnen grote compromissen onderling onderhandeld worden die bijdragen aan de gemeenschappelijke vooruitgang, verder dan een enkele individu dat ooit alleen zou kunnen. Maar wanneer zo’n groep of landelijke aanpak, met landelijke invloed en leiderschap potentieel, zich laat verleiden tot het publiekelijk uitdragen van haat, discriminatie, vernedering, opruiing, belediging, dood en vernieling dan rijst de vraag wanneer de hooggewaardeerde politieke medezeggenschap omslaat in medeplichtigheid?

Dit is een morele vraag die ons politiek gedreven, democratische landschap kleurt en ook de essentie is geweest van het ontstaan van Sustainocratie als alternatief voor de partijpolitieke democratie. In de geschiedenis van de mensheid hebben we verschillende malen kunnen zien dat de lijn van medezeggenschap naar medeplichtigheid is overschreden vanuit eigenbelang, machtswellust, valse beloftes en angst om een levensstijl of belang te verliezen. We zien dan dat de essentie van de dialoog, het gemeenschapsbelang, gezien vanuit verschillende perspectieven, en de zoektocht naar het compromis wordt verkracht door het ontstaan van een complot dat haaks staat op de mens, onze kernwaarden en vreedzame overtuigingen. Het slechtste in de mens, de drang om in oorlog te wedijveren tegen elkaar, te willen overleven wanneer men gemanipuleerd is geraakt in een doodstrijd, komt dan naar boven en zoekt het drama van de beschuldiging, het verwijt en het verschil. De illusie van vrijheid is geen vrijheid meer, niet van keuze, noch overleg, geen dialoog, geen compromis en geen vooruitgang. Kijk naar de macht uiting van geweld in het prachtige heilige indianen landschap in Amerika ten behoeve van een oliepijpleiding.

Ook in Nederland of Duitsland vragen we ons dit af. Waarom moeten we de Staat of Stad aanklagen om bestuurlijk aandacht te krijgen voor het behartigen van onze kernwaarde zoals gezondheid of gezonde lucht? Staat de wet wel aan de kant van de mens? Of vertegenwoordigt de Staat en ons rechtssysteem het belang van het complot en is zo medeplichtig aan de morele aftakeling die de grens van het toelaatbare zichtbaar maakt? Is onze (gedwongen of gewenste?) focus op een geldgedreven en geldafhankelijke groei economie een compromis of een complot?

Als voorbeeld nemen we luchtvervuiling in Noord West Europa. Is onze nalatigheid ten opzichte van de vele slachtoffers van luchtverontreiniging een consequentie van medezeggenschap of medeplichtigheid?

Hebben wij een keuze? Volgens ons in de Stad van Morgen wel. Net als de man in Amerika, die zich jarenlang vol overtuiging heeft ingezet voor een politieke stroming, of de vele mensen in het indianenlandschap die zich massaal verzetten tegen de plannen en machtuiting, hebben wij afstand genomen van deze vorm van maatschappelijke inrichting. De partijpolitieke structuren zijn allen een morele grens overschreden door zich te koesteren in het geldcomplot waaraan het welzijn en het voortbestaan van de mens ondergeschikt is gemaakt. Luchtvervuiling, oliebelangen, geldgedrevenheid en bijbehorende slachtoffers worden getolereerd uit politiek economisch belang. Onze levensstijl is daarop afgestemd.

In onze dagelijkse keuzes worden wij meegesleurd in deze stroom van belangen die ons verplichten tot deelname aan iets waar we niet meer achter staan. Als we willen veranderen worden we daarin op alle fronten belemmerd. Dan is er geen sprake meer van keuze vrijheid maar van complot.
Wij willen en kunnen ons daar niet vanuit democratische medezeggenschap in verantwoorden zonder ons medeplichtig te voelen voor de ellende in de wereld, de dood van onze medemens en vernietiging van onze leefomgeving. De afgeschermde partijpolitieke cultuur is zelf een complot geworden van zelfbehoud in plaats van compromisvorming vanuit een voortschrijdende werkelijkheid. Wij gaan daarom mee in de stelling van Socrates “Je kunt je leven lang vechten tegen een systeem of al je energie steken in het creëren van iets nieuws”. Wij kiezen voor de vrijheid, het samen leven, de cocreatie, de innovatie vanuit de menselijke kernwaarden van ons bestaan. Wij creëren iets nieuws, het Nederland van en voor de mens en milieu. Geld is slechts een middel, geen doel op zich. Olie mag in de grond blijven en we zoeken samen naar nieuwe energiebronnen of passen ons leven aan. De mens zelf en ons voortbestaan vanuit welzijn maar ook zelfbewuste verantwoordelijkheid is onze essentie. Sustainocratie biedt ons daarin een betere, veiligere, gezondere en aantrekkelijkere stip op de horizon, een gemeenschappelijk en transparant proces, zonder complotten, zonder schuldgevoelens, zonder medeplichtigheid…..een Nederland, Europa en globale mensenwereld waarin we met een goed gevoel samen leven en beleven.

Aken voor de rechter wegens luchtvervuiling 

Een invloedrijke Duitse stichting klaagt stedelijke gemeente besturen in Duitsland aan wegens gebrek aan ingrijpende maatregelen op gebied van luchtkwaliteit. Dat vertelt ons de Universiteit van Aken, een partner van de Stad van Morgen in het Europees CITIMAP project dat geïnspireerd is op AiREAS en recent zelfs door AiREAS 2.0 is overgenomen om in heel Noord West Europa (het vervuilste stuk van heel Europa) de sustainocratische samenwerking rond luchtkwaliteit, volksgezondheid en gebiedsdynamiek (zoals mobiliteit) te introduceren.

http://www.aachener-nachrichten.de/lokales/region/luftverschmutzung-umwelthilfe-klagt-auch-gegen-stadt-aachen-1.1228744

Na 18 maanden samenwerken aan een projectvoorstel voor EU subsidie, geïnitieerd door ISSeP uit Wallonië na een bezoek aan AiREAS in Eindhoven, om via een meetnetwerk voor luchtkwaliteit de burgerparticipatie en lokaal ondernemerschap te prikkelen tot maatregelen die bijdragen aan een schonere lucht, bleken alleen provincie Noord Brabant (met Eindhoven) en Wallonië (met Luik) het project van 3,4 Miljoen Euro voldoende te ondersteunen met co-financiering. De andere provincies, zoals die waar Aken onder valt, maar ook onze eigen, op de duurzaamheid index zwaar achterblijvende, provincie Limburg steunden de aanpak onvoldoende. En dan te bedenken dat deze steden de infrastructuur en kennisoverdracht nagenoeg gratis aangeboden kregen.

De Universiteit van Aken reageert woest omdat de stad volgens hen nagenoeg failliet is, de eigen broek niet meer kan ophouden en de sustainocratische impuls van multidisciplinair samenwerken aan kernverantwoordelijkheden goed kan gebruiken. Volgens geraadpleegde ambtenaren van de stad Aken zou het stadsbestuur al genoeg doen aan luchtkwaliteit. Men heeft zelfs “geen luchtkwaliteit probleem” was de ontkennende opvatting en heeft daarom geen invloeden van buitenaf nodig, zelfs niet als het nagenoeg gratis wordt aangeboden. De Universiteit van Aken deelde die opvattingen niet en nam zelf initiatief door aan het CITIMAP consortium deel te nemen. Aken is een studentenstad waarbij de studenten zo’n 25% van de bevolking bepalen. Deze jongeren verblijven gemiddeld 4 jaar in de regio en wonen veelal in omringende kleinere gemeentes van Aken. De logistiek om te komen studeren en recreëren in de stad zorgt voor veel mobiliteit en bijbehorende milieustempel. Dat zou onderdeel worden van het lokale AiREAS – CITIMAP onderzoek. Daarvoor wilde de universiteit initiatief nemen door het sustainocratische AiREAS model in werking zetten in Aken en gaandeweg het stadsbestuur mee laten doen door bruisende innovaties te introduceren samen met de studenten.

Dat idee is nu van de baan toen het interregionale verband voor subsidies alleen oren had voor bestuurlijke steun in plaats van de lokale motoren van innovatie zoals de burgers, ondernemers en wetenschap. Welke lobby zorgt er toch zo sterk voor dat bestuurders hun verantwoordelijkheden naar het menselijke belang zo negeren, en zelf initiatieven blokkeren? Geld? Angst voor verantwoordelijkheid? Lobbies? Blinde focus op oud systeem denken? Of is het bestuurlijk onvermogen?  

Kennelijk is de enige weg om de burgerbelangen van gezondheid op het netvlies van de bestuurders te krijgen die van de rechtszaal. In Düsseldorf heeft deze aanpak gewerkt, net als in andere steden. Nu wil de Duitse stichting in een keer alle grote steden aanpakken en via de rechter wijzen op hun basisverantwoordelijkheid. In Nederland schiep Urgenda een precedent door de Nederlandse Staat succesvol aan te klagen wegens laksheid en zelfs tegenwerking op gebied van energietransitie. Het recente stadsdebat van de Stad van Morgen in Eindhoven wees ook op de ambitieloze houding van het stadsbestuur dat veel praat over innovatie, investeerde in AiREAS, maar als de multidisciplinaire groep komt met verbeter en verandertrajecten de rug toekeert krijgt door zwijgen en gebrek aan daadkracht. De eigen bestuurlijke maatregelen worden als “geneuzel in de marge” benoemd door de stille burger meerderheid in Eindhoven terwijl krantenberichten het zoveelste bestuurlijke verspillingsschandaal uit machtsmisbruik en volksverlakkerij bekend maken.  Het is duidelijk dat de huidige vorm van democratie niet meer werkt en dat de belangen van de mens op het spel staan door een verkeerde maatschappelijke oriëntatie en focus.

Stad van Morgen hanteert de opvatting dat gezondheid een kernverantwoordelijkheid is van alle pilaren van de maatschappij samen, niet alleen de overheid. Kernwaarden zijn geen politiek handelswaar maar basisvereisten voor een duurzaam vooruitstrevende maatschappij. “Kom niet aan onze gezondheid”is een steeds vaker gehoorde kreet als men weer politieke spelletjes verneemt die over de rug van onze gezondheid gaan onder het zogenaamde mom van “volksvertegenwoordiging” maar uiteindelijk aantoonbaar ingekocht zijn door industriële belangen die niets met een democratie te maken hebben.

Het probleem van samen verantwoordelijkheid dragen zit ‘m niet alleen in de beeldvorming via bewustzijn, meten en kennis maar ook de investering die nodig is om veranderingen te introduceren. Het introduceert een geheel andere manier van “governance”. De overheid heeft zich het recht toegeëigend om belastingen te heffen over ons en die middelen te beheren. Zo worden ook gedeelde kerntaken afhankelijk gemaakt van dit beheer hetgeen de bestuurders een onterechte machtspositie geven in de belangenafweging. Dan is er van het delen van verantwoordelijkheid geen sprake meer tenzij men dit doet zonder geld. Maar dat werkt niet. Dus in plaats van een rechtszaak om de bestuurders te wijzen op hun verantwoordelijkheid dienen we fondsvorming te eisen onder gemeenschappelijk beheer zodat we samen onze verantwoordelijkheden kunnen dragen en veranderprocessen kunnen bekostigen uit onze eigen opgebrachte publieke middelen. Dat de gemeenschappelijke belangen rond kernwaarden als gezondheid soms haaks staan op een partijpolitiek belang, de lobby van een industrieel bolwerk (zoals de automobiel of olie-industrie) of machtsbelang van een bestuurder, is een aanvaardbare bijkomstigheid in de evolutie van onze maatschappelijke werkelijkheid, net zoals bedrijven het vaak niet leuk vinden als ze door regelgeving zware investeringen moeten doen minder uitstoot, schonere mobiliteit of veiligheid voor werknemers.

In essentie willen we een nieuwe maatschappijvorm, een waarin de mens centraal staat en er voor waakt centraal te blijven staan door mede verantwoordelijkheid te nemen. En die zal er komen, met of zonder rechtszaken, omdat het een logische stap is in onze evolutie.

Gemeentelijke Duurzaamheid Index

We zijn als maatschappij vooral in de ban geraakt van economische indexen. Ons besteedbare vermogen, het huishoudboekje, ons salaris, de hoogte van de uitkering, koopkracht, beurskoersen, winst, enz vertroebelen onze kijk op de wereld. Die indexen zijn zo sturend geworden dan we vaak vergeten dat economie geen doel op zich is maar hooguit een middel. Het doel van elk levend organisme (zoals de mens) is een duurzaam en evolutionair voortbestaan van zichzelf als soort en wat daaruit ontstaat. Het gaat dan niet alleen om het welzijn zelf maar ook de manier waarop we er zelfbewust aan bijdragen. Steeds vaker worden mensen, bestuurders en instanties zich ervan bewust dat we ons te afhankelijk hebben gemaakt van economische prikkels en belangen waardoor we de consequenties voor ons echte voortbestaan uit het oog zijn verloren, sterker nog, we zijn er niet eens meer integraal bij betrokken…. totdat we ermee worden geconfronteerd. Maar dan is het te laat.

13690814_1197679613617529_7404227188029195870_n
De manier van kijken naar onze werkelijk geeft verrassend nieuwe inzichten

Daarom zien we dat steeds meer mensen en instanties afstand doen van economie als maatstaf. In de Stad van Morgen hanteren wij de 5 kernwaarden van Sustainocratie als maatstaf voor onze eigen definitie van duurzame menselijke vooruitgang. We kunnen daar met gemak een index van maken. Dat levert echter redelijk frustrerende resultaten op omdat in de wereld van verstedelijking die kernwaarden juist nooit echt een rol hebben gespeeld en derhalve op alle fronten een dikke onvoldoende scoren. Dat in schril contrast met de economische cijfers van een stad die vooral zijn gebaseerd op de waardering in geld van vastgoedtekorten, arbeid en goederenstromen. Men kijkt dan naar een groei-economie terwijl veelal de rekeningen, in de vorm van maatschappelijke lasten, vervuiling, criminaliteit en risico’s, via schulden, belastingen, kostenbesparingen en regelgeving gemanaged wordt zonder de echte oorsprong van de problemen onder ogen te zien. Men wil gewoon meer economische groei omdat er macht aan wordt ontleend maar er geen enkele betere of harmonieus duurzame wereld uit voortkomt.

Binnen de contouren van Sustainocratie blijken de steden daarom dodelijk kwetsbaar en die kwetsbaarheid wordt vooral veroorzaakt door focus op (groei)economie in plaats van het nastreven van echte kernwaarden. Een mooi initiatief dat zich tussen de twee werelden plaatst is de Gemeentelijke Duurzaamheid Index (GDI). De definitie die men hanteert voor duurzame vooruitgang is gebaseerd op de Brundtland definitie van de VN uit 1987 maar men geeft er wel een geheel eigen wending aan. Die wending maakt het waardevol omdat men economie nuanceert tussen mens en milieu. De PPP (people, planet, profit) beweging zien we erin terug maar wel met “profit” als middel en niet als doel zoals velen het nog steeds zien. In de Stad van Morgen vertalen we het Engelse “profit” niet in geldwinst maar maatschappelijke en ecologische meerwaarde. De GDI baseert zich op publiekelijk beschikbare gegevens en waardeert deze langs een as van 0 tot 10. Door allerlei parameters in te delen in de PPP kaart ontstaat een scoreplaatje van de betreffende gemeente. Zo kan iedereen meekijken naar het beleid en de effectiviteit ervan op gebied van de GDI definitie van duurzaamheid. Ook de landelijke ontwikkeling vertonen een beeld dat zeker de moeite waard is om naar te kijken en als betrokken maatschappelijke groepen eens wat mee te doen.

Eindhoven scoort volgens GDI een onvoldoende: 4, iets slechter dan gemiddeld Nederland (4,3)

eindhoven-2016
Eindhoven GDI

Het burger stadsdebat van eind oktober heeft aangetoond dat Eindhovens burgerschap haar bestuur verwijt om met veel te weinig ambitie bezig te zijn. Ook de enorme tendens van sociaal ondernemen dat een vlucht neemt in het gebied wordt onvoldoende erkend of gefaciliteerd. Men laat zich nog teveel beïnvloeden door conservatieve, vaak twijfelachtige economische lobby’s in plaats van  het nastreven van kernwaarden en duurzaam vooruitstrevende indicatoren. Als we naar de GDI kijken dan zijn het vooral de kleinere gemeenschappen die goed scoren terwijl de grotere steden, het Noorden en absolute Zuiden van Nederland veel te wensen over laten. Provinciaal zien we Noord en Zuid Holland, Utrecht, Zeeland, Groningen en Limburg als slechtst scorende gebieden. Al met al pleit dit niet voor verstedelijking en als we dan toch steden wensen dan moet het beleid drastisch veranderen.

landelijk-plaatje-gdi

Gemertse clusters voor duurzame ontwikkelingen

Dat de Stad van Morgen goed gebruik zou kunnen maken van de G1000 technische middelen hebben we al eens eerder geopperd. Uiteindelijk zijn de dynamische cluster technieken van beide initiatieven sterk te vergelijken. In Eindhoven waardeerden we het G1000 proces maar haakten af door het verlies van diepgang aan het einde de rit wegens afhankelijkheid van gebruik van bepaalde technologische middelen en een afgeroomde werkwijze. In Gemert-Bakel laten ze zien dat het ook anders kan. Bekijk de twee korte werkgroep presentaties….

En……

Sociaal ondernemen is de motor van vooruitgang

Sociaal ondernemen is volgens het manifest burgerparticipatie van de Stad van Morgen slechts gebrekkig erkend terwijl het de motor is voor de ontwikkeling van banen, maatschappelijke bezuinigingen en het debureaucratiseren van onze gemeenschap. Volgens een artikel vandaag in het Eindhovens Dagblad heeft het onderzoekbureau McKinsey aangetoond dat deze banenmotor in Nederland alleen al goed is geweest voor 25.000 nieuwe banen in de laatste 5 jaren met ruim 2000 sociale onderneming die zijn gestart in die periode.

20161115_100809.jpg

De tendens is alleen maar groeiende. Stad van Morgen focust zich al jaren integraal op deze manier van ondernemen als structurele oplossing voor de lokale en wereldproblemen die veroorzaakt worden door de waardevernietiging van puur geld-gedreven belangen. In 2008 publiceerden we een analyse van 300 bedrijven op basis van de 4 x winst index (ofwel het piramide paradigma) die we hadden ontwikkeld. Daarin keken we naar het ondernemerslandschap in Nederland en kwamen tot een gemene deler van een “C”. Dat wilde zeggen dat in Nederland net zoveel waarde wordt toegevoegd als onttrokken aan de economie. Kortom we stonden stil. En stilstand is achteruitgang. Nederland scoort slecht in waardecreatie.

Ondanks de positieve tendens die vandaag werd gepubliceerd in de krant is de erkenning van deze sector nog minimaal. Dat heeft twee belangrijke redenen:

  • De geld-gedreven sector wordt in de politiek-economische hiërarchie geliefd omdat het meetbaar resultaten oplevert die te vertalen zijn naar statistieken maar ook belastingsystemen en macht. Geld heeft geen kleur of geur en verlangt weinig visie maar vertegenwoordigt grote belangen. Ethiek en moraal spelen amper een rol in die wereld die zich via “groei” manifesteert als maatschappelijk belangrijk maar in essentie onze leefomgeving, onderlinge relaties en toekomstperspectieven totaal kapot heeft gemaakt. Sociaal ondernemen wordt in deze sferen van beleid vaak gezien als zweverig, vrijwilligerswerk en onrealistisch. Dat komt omdat het fenomeen op geheel andere succesfactors wordt beoordeeld dan de geldnorm die de andere sector erop nahoudt.
  • Sociaal ondernemen mist nog een concreet meetinstrument om de impact ervan inzichtelijk te maken. Dat is ook moeilijk want hoe meet je zaken als gezondheid, harmonie, geluk, liefde of gezond eten en gezonde lucht? Het ontbreken van zo’n instrument is een handicap waardoor deze vorm van ondernemen ook geen erkenning geniet bij het UWV of andere instanties die mensen zoveel mogelijk willen onderbrengen in de geld-gedreven wereld die men erkent en herkent en zo min mogelijk in dat sociale gebeuren waar men geen grip op heeft. Echter zijn de tekenen zodanig dat men er rekening mee moet gaan houden. We doen er goed aan wat meetinstrumenten toe te voegen aan sociaal ondernemen, als is het maar in het taalgebruik van de geld-gedreven overheersers:
    • Sociaal ondernemen creëert banen door maatschappelijke empathie en betrokkenheid
    • Geld-gedreven ondernemen vernietigt banen door automatisering van processen, verhuizen naar lageloonlanden en waardevernietiging in de productieketen.
    • Sociaal ondernemen werkt lastenverlichtend omdat het maatschappelijke lasten ombuigt naar kansen voor investering in waardecreatie door allerlei vormen van toegepaste innovatie.
    • Geld-gedreven ondernemen verlegt de kosten van de consequenties op maatschappij en milieu naar de bevolking die het via belastingen en regelgeving maar ook via hun gezondheid moet bekopen.
    • Sociaal ondernemen werkt debureaucratiserend waardoor niet alleen de kosten van de maatschappij omlaag gaan maar ook de vele blokkerende factoren die vooruitgang in de weg staan.
    • Geld-gedreven ondernemen heeft zowel belang bij het creëren van de problemen als bij het oplossen ervan omdat de financiering geput wordt uit de bevolking. Grote delen van semi-overheid instanties en gesubsidieerde bedrijven hebben hele machtige hiërarchieën geschapen die met deze dualiteit omgaan met alle vormen van bureaucratie en regelgeving erbij.
    • Sociaal ondernemen wordt door conservatief geld-gedreven belangen als bedreigend ervaren omdat het vernieuwingen introduceert die ten kosten kunnen gaan van groei patronen die men vast wenst te houden.
    • Geld-gedreven ondernemen wordt door de vooruitstrevende sociale belangen gezien als de uitvergrotende factor van de waarden als deze eenmaal zijn gecreëerd en zichtbaar gemaakt. Sociaal ondernemen wordt daarom gezien als de koplopers van vooruitgang.

Volgens de Stad van Morgen worden onze gemeenschapsgelden nog steeds bestuurlijk verkwanseld aan het behouden en tegen faillissement beschermen van geld-gedreven belangen. Een maatschappelijk beleid gericht op het aanvaarden van kernwaarden gedreven evolutie en vooruitgang door het stimuleren van sociaal en ecologisch gedreven veranderingen levert veel meer op dan het huidige beleid. Stad van Morgen maakt dat waar in Sustainocratische samenwerkingsvormen zoals AiREAS dat goed is voor een omgeving van 100den sociale ondernemingen met enorm veel arbeid en marktontwikkeling.