Hoe betrek je 220.000 mensen bij hun eigen omgeving?

De gezondste stad van de wereld

Je kunt dat dan wel in je hoofd hebben maar hoe betrek je 220.000 mensen bij die uitdaging? Dat is de vraag die wij ons stellen in het co-creatie project AiREAS waarin iedereen uitgenodigd wordt om bij te dragen aan een gezonde lucht en omgevingskwaliteit en de eigen gezondheid.

In Eindhoven wonen en leven ca. 220.000 mensen, zonder nog het woon/werk verkeer en stadsbezoek bij te tellen. Al die mensen samen, met al die dynamische menselijke bedrijvigheid, zorgen voor een belasting van de omgeving en de bijbehorende aantasting van onze gezondheid. Dat doen wij niet alleen in Eindhoven. Volgens onderzoek is het hele gebied van midden Europa flink vervuild, met alle consequenties van dien.

Luchtvervuiling streks zich door heel midden Europa uit
Luchtvervuiling streks zich door heel midden Europa uit

Het is een zorgwekkend plaatje maar als je dagelijks van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat bezig bent met je drukke leven dan zegt zo’n plaatje niet zo veel. Behalve misschien dan met zich bewust wordt dat het eigenlijk helemaal niet zo mooi is, maar wat kan een eenling nu doen? Goede vraag die ongetwijfeld desgevraagd de 220.000 mensen zich zullen stellen. Hoe betrek je zoveel drukke mensen bij iets dat zo groot en ontastbaar lijkt?

Onbewust ongezond
Wij worden opgevoed in een geldgedreven maatschappij en zijn ons amper bewust van de consequenties ervan. Af en toe zien we wat op het journaal of in de krant. Recent zagen we een Smog Alarm in België.  We zien ook dat de gebouwen van Peking gezandstraald worden door de oprukkende droogte en bijbehorende zandstormen, en dagelijks zien we de luchtkwaliteit van deze stad via twitter op “hazardous” staan en “unhealthy”. Informatie is er genoeg maar we zijn ons niet bewust, of misschien wel bewust, maar het raakt ons onvoldoende om er zelf wat aan te gaan doen. Wat kunnen we eraan doen? Wat zijn de mogelijkheden? In Peking niet veel maar hier thuis, in Eindhoven?

Zelfs als iedereen mee zou gaan denken aan oplossingen en het gedrag veranderen dan zou het herstel van de luchtkwaliteit in de regio toch waarschijnlijk enkele generaties gaan duren. En dan alleen als de rest van de wereld ook meedoet. Daar zit de kip en het ei van het verhaal. Wie begint eerst? De rest van de wereld of ik? Voor de rest van de wereld steek ik mijn hand niet in het vuur, voor mijzelf wel. Laten we daar eens op concentreren.

Hoe sta IK er tegen over?
Als decennia lange verdieper in de materie van verduurzaming ben ik natuurlijk voor een optimale relatie met one natuurlijke omgeving vanuit het eigen belang om zo gezond en harmonieus mogelijk te leven. Ik realiseer mij ook dat ik zelf verantwoordelijkheid moet nemen om er wat aan te doen. Maar als ik kijk naar al die duizenden auto’s, bussen, open haarden, enz dan denk ik “what the heck! Wat kan IK nou er aan doen?”.

Het liefst had ik zonnepanelen om ook mijn gasverbruik te verlagen. Maar ik woon in een huurhuis en de woningbouw corporatie wil liever zelf een slaatje slaan uit mijn energierekening dan mij te faciliteren met een dak voor mijn zonne-energie en kostenbesparing. Het liefst zou ik een hybride of elektrische auto rijden want dan betaal je geen wegenbelasting en belast ik ook de natuur niet direct (indirect misschien wel maar dat laat ik aan die energieleveranciers zelf over). Maar ik kan mijn oude benzine auto aan de straatstenen niet kwijt en zo’n groene auto is alleen weggelegd voor degenen die het kunnen betalen. Kortom, het systeem maakt het mij niet gemakkelijker om natuurbewust te zijn en aan mijn eigen gezondheid te denken. Ik word van alle kanten beperkt. Daarnaast ben ik boven de 50 dus zal de smerigheid zich al wel in mijn lijf hebben genesteld. Sinds ik weer in Nederland woon merk ik steeds meer pijnen en ongemakken. Last heb ik er nog niet echt van maar het kwaad zal ongetwijfeld al zijn geschiet. Als ik er dus aan ga werken is het niet meteen meer voor mijn eigen levenscomfort maar wel voor dat van mijn kinderen en kleinkinderen.

Ik ben dus liever nu een organisator die eerder alles ter discussie stelt voor de onbevangen en nog redelijk ongerepte jeugd, dan voor mijzelf. Dan besef ik mij meteen dat ikzelf redelijk zelfbewust omga met mijn inkopen en vervoer maar mij ook vaak laat leiden toch door gemakzucht. Als ik dus iets aan die luchtkwaliteit zou moeten doen dan zou ik verwachten dat wij het met zijn allen doen. Maar wie ben ik, met al mijn eigen fouten, om iedereen dat te zeggen? Voor de schone leefomgeving wil ik graag dat mijn normale levenspatroon in tact blijft. Er mogen gerust dingen aan worden toegevoegd die mijn gezondheid bevorderen maar ook mijn democratische keuzevrijheid niet schaden. Kortom, als ik het vanuit mijn dieper bewustzijn al niet structureel aanpak, wat kan ik dan doen om anderen te overtuigen het wel te doen?

Burgerparticipatie
Als iedereen een beetje is zoals ik vanuit gemakzucht dan moet de transitie van A (huidige stad) naar B (schoonste stad) verpakt zitten in de dagelijkse routine en ons daar niet veel vanaf halen. Ons leven veranderen we niet graag, maar ons gedrag bij in en aankopen, of ons autorijden, kunnen we ter discussie stellen. Misschien zie ik wel kansen om dingen te gaan ondernemen en er een boterham mee verdienen.

Daarom gaan wij in AiREAS experimenteren met burgerparticipatie vanuit verschillende thema”s:

  • De wijkbewoner als consument
  • De wijkbewoner op hun grondgebied
  • De wijkbewoner vanuit ondernemend burgerschap.

Burgerschap:
Dit woord is een breed begrip. Ik ben burger in een menselijke maatschappij. Burgerschap betekent eigenlijk dat ik mij bewust moet gaan gedragen volgens een soort burgernorm. Die norm is al decennia dat ik zoveel mogelijk geld moet verdienen om een luxe bestaan te kunnen leiden en via mijn consumptie, investeringen en belastingen bijdraag aan een economie. Dat is mijn burgerschap waar ik niet al te veel vragen over stel. Als ik geen geld verdien dan verlies ik grotendeels mijn luxe bestaan. En tot op heden was dit soort burgerschap van harte gewaardeerd door de wereld om mij heen.

Nu staat het begrip ter discussie. Ben ik als burger mede verantwoordelijk voor een aantal taken, zoals vervuiling of klimaatverandering? In de oude zorgstaat Nederland kon men doen en laten wat men wilde want via de gevolgen-economie en belastingdruk wist de overheid wel instanties in leven te roepen die voor alles een onderzoek konden doen en oplossingen bedenken. Nu wordt ineens van de burger verwacht dat men weer mee gaat denken over van alles en nog wat. De vraag is alleen tot hoever de deelname van de burger gewenst is? Betekent burgerschap dat wij initiatieven mogen gaan nemen of zijn wij een ideeënbus voor de overheid?

In de Stad van Morgen vragen we ons dat niet eens af. Wij vinden dat voor een aantal zaken de overheid nu eenmaal geen verantwoordelijkheid KAN nemen, hooguit faciliterend helpen. Dat is bijvoorbeeld voor gezondheid en veiligheid. Men kan ons omringen met gezondheidszorg en dat repareert de ongezondheid misschien, maar gezondheid is een aangelegenheid van ons zelf. Hetzelfde geldt voor politie en onveiligheid. Veiligheid moet van onszelf komen.

De gezondste stad van de wereld is dus vooral een mindset, een mentaliteit, geen set van regels noch een stad met ziekenhuizen en politieagenten. Het schept een nieuwe dimensie voor burgerschap.

De burger als consument 
Vanuit die nieuwe manier van kijken tegen het burgerschap kunnen we ook onze keuzes bezien over ons consumptie en investeringsgedrag. Als ik zonnepanelen op het dak wil van mijn huurhuis dan kan ik de uitdaging aangaan om mijn huurbaas mee te krijgen in mijn verlangens. Als dat niet lukt kan ik misschien mij verenigen met andere huurders die hetzelfde willen en op die manier onze huurbaas onder druk zetten. Waarom moet ik obstakels aanvaarden als ik ze ook uit de weg kan gaan en oplossingen zoeken? Dat hoort toch ook bij burgerschap. Als ik gezondheid wil en ik kan aantonen dat die zonnepanelen of andere initiatieven daaraan bijdragen wat is dan een huurhuisinstelling om er een stokje voor te steken? Dan belemmeren zij mijn eigen gezondheidstreven en dat van mijn buren? Dan moet men van goede huizen komen als men mij een strobreed in de weg wil leggen. En dat geldt natuurlijk voor alles wat ik in het dagelijks leven doe, binnen mijn eigen comfort zone maar ook in relatie met mijn buitenwereld.

De burger als ondernemer
Bij het woord ondernemer denken veel mensen aan iemand met een eigen bedrijf. Dat is niet zo. We zijn allemaal ondernemers van ons eigen leven. In het dagelijks leven beslissen wij waar wij onze inkopen doen, waar we wonen en bij wie we werken. We klimmen in de boom als ons onrecht wordt aangegaan en durven veelal de confrontatie aan te gaan als we denken dat het ons goed recht is. Wij ondernemen dingen, de hele dag, elke dag!

Ondernemen is eigenlijk een synoniem “dingen doen”, voor de creatie van waarde voor onszelf. Wat is waardevol? En dan erop uit gaan om het te verwezenlijken. Dat is ondernemen. Als je die energie bundelt met meer mensen dan ontstaat er zelfs meer. Zo kunnen ondernemende mensen in eenzelfde wijk tot allerlei bloeiende initiatieven komen. Dan hoeft daar niet eens een bedrijfje tegenover te staan of er geld mee verdiend worden. Veelal is het gewoon een gemeenschappelijk doel dat samen eenvoudiger te bereiken blijkt dan alleen. Even samen naar de stort, of met wat mensen die hekjes timmeren, of wat zwerfafval opruimen, even het verkeer regelen als al die scholieren aan komen fietsen, enz. enz.

Kleine aanpassingen
Door de kleine aanpassingen in het leven mee te nemen vanuit het zelfbewustzijn dat het ook om de gezondheid gaat, kan men bij dragen aan die gezondste stad, zonder er veel extra voor te hoeven doen.

Om mensen dàt duidelijk te maken gaan we de dialoog en ontmoeting met elkaar aan. “Verander de wereld door NIETS te doen” is zo iets. Dan is niets doen uiterst relatief. We bedoelen natuurlijk dat men geen wezenlijke veranderingen hoeft door te voeren in het dagelijks leven. De energierekening onder brengen bij een grote energieleverancier of bij de opkomende wijkenergie coöperatie? Dat is maar een keuze en één handeling. Daarna gebeurt het gewoon door de inzet van anderen. De achtertuin beschikbaar stellen voor groente teelt. De auto laten staan en op de fiets gaan. Een deelauto organiseren met een aantal mensen. De kinderen lopend of op de fiets naar school brengen. Energie opwekken via het raam. Kijken waar het eten vandaan komt dat in de supermarkt ligt. Koop en kook vooral spullen uit de directe omgeving. Eenvoudige dagelijkse keuzes.

Stapje voor stapje, haast ongemerkt zijn wij binnen de kortste keren wat gezonder bezig, zijn er ineens wat grote projecten bij gekomen en ziet de stad er heel anders uit. Binnen een aantal jaren komen andere steden kijken en vragen we ons af hoe het toch zo is gekomen? En dan zien wij, als we goed kijken, dat wij zelf ons leven een tikkie hebben gewijzigd en daarmee onszelf én de hele wereld een dienst hebben bewezen.

Zo moeilijk is het allemaal niet.

 

Twee jaar “ondernemer van je eigen leven”

Stukje geschiedenis

In 2011 besloten Nicolette Meeder en ik om vanuit de Stad van Morgen een programma op te starten richting de jeugd van Nederland. Dit kwam voort uit de algemene ontevredenheid over het huidige  onderwijssysteem in Nederland. Voor ons gevoel is dit onderwijs te nadrukkelijk een leerweg voor cognitieve vaardigheden waar de integraal duurzame menselijkheid uit verdwenen is. In het beeld van menselijke ontwikkeling dat leeft in de Stad van Morgen is de betrokkenheid van de jeugd bij de volwassen uitdagingen van de omgeving een leerweg die door interactie ermee wordt aangegaan. Het onderwijs is in onze beleving een gefragmenteerde zuil in de samenleving waarin de jongeren een opleiding krijgen die amper aansluit op de gangbare werkelijkheid. Dit heeft enorme gevolgen, zowel voor de maatschappelijke ontwikkelingen als voor de toekomstperspectieven van de jongeren zelf. Het is dan ook niet vreemd dat vele jongeren ontredderd hun weg zoeken of in hun prive leven een heel ander bestaan leiden dan op school.

Het basis en voorbereidend middelbaar onderwijs bleek zo dichtgetimmerd dat wij op punt stonden een eigen school te starten. Dit zou echter ook weer de confrontatie aan moeten gaan met de huidige ministeriële opvattingen, normering en inspecties dat ons in dit stadium de muur te dik leek. Een Stad van Morgen bijeenkomst in Utrecht begin 2011 bracht wel veel gelijkdenkende bij elkaar maar niet voldoende basis om tot verbindende samenwerking te komen.

In 2009 was Chris Noordam in Rotterdam begonnen met een programma van ondernemerschap in het middelbaar onderwijs. Hij wist op die manier een grote groep jongeren uit te dagen middels jaartrajecten die hij begeleidde. Het concept sprak ons aan echter vanuit de aanpassing om dit ondernemerschap niet te positioneren vanuit het economische paradigma van “geld verdienen”, maar het menselijke paradigma van “verantwoordelijkheid nemen voor je eigen toekomst”. Dit betekende voor ons dat wij ons gingen richten op jongeren die op punt stonden om het schoolsysteem te verlaten en zich als volwassen individu een zelfstandig leven te gaan leiden. Deze brug gaf ons wat toegang in een systeem dat vooral in zichzelf gekeerd bezig is wegens de economische afhankelijkheden van Den Haag en de controle die erop wordt uitgevoerd. In de laatste jaren van het beroepsonderwijs gaan de deuren op een kier zodat de buitenwereld uiterst voorzichtig en gecontroleerd meegenomen wordt in de processen. Wij gingen aan de slag met ons project “ondernemer van je eigen leven”

Juni 2011: ROC Handel & Marketing te Eindhoven

Om binnen te komen in een ROC sloten wij aan op de interne ontwikkeling rondom het begrip “burgerschap”. Wij maakten de afspraak dat wij een burgerschapdag zouden organiseren die door de Stad van Morgen gefinancieerd zou worden uit onze eigen sponsoring. Als tegenprestatie zouden wij een jaar lang samen gaan werken aan burgerparticipatie. Het programma kreeg de naam “Laat mij maar los”. Het resultaat van de dag, met ruim 200 studenten, was bemoedigend, alleen veel te gefragmenteerd volgens onze doelstelling. De jongeren konden punten verdienen door aanwezig te zijn maar de betrokkenheid was vooral gericht op het doorkomen van de tijd. Het programma moest vooral “leuk” zijn maar of men wat leerde was eigenlijk niet aan de orde, noch het borgen van het proces in vervolgactiviteiten of het leerprogramma van het ROC. Na de dag, met veel boeiende en openhartige respons van de jongeren, bleef het afgesproken jaartraject uit en sloten de gelederen weer van het ROC.

Februari 2012 – ROC Techniek Eindhoven

Met deze ervaring in het achterhoofd gingen wij aan de slag met ROC Techniek en hebben ook een ondernemersdag aangeboden. Dit zouden wij twee keer doen in 2012 om zo de 500 leerlingen van de school te bereiken. De eerste dag werd in Februari 2012 georganiseerd en wederom had de Stad van Morgen de inhoudelijke verantwoordelijkheid op zich genomen. De school faciliteerde uitstekend met ruimte en aankleding. Wij hadden besloten dat als de school niet naar de werkelijkheid ging, wij de werkelijkheid aar de school zouden brengen vanuit het Sustainocratische proces (overheid, bedrijven, school en jongeren). Tijdens de voorbereidende besprekingen opperde betrokken coach Jules Ruis de mogelijkheid om de jongeren een spel te laten spelen. Dat hebben wij gedaan “de reis van de held” en het resultaat was prachtig. Dit was te danken aan het samenspel tussen de coaches, de faciliteiten van de deelnemende bedrijven en de interactie met de jongeren. Ook in dit geval klapte de school dicht en kwam er niets van het vervolg noch de tweede sessie.

Novalis college – Eindhoven

Ondertussen had de antroposofische school in Eindhoven toegestemd in het organiseren van het programma “ondernemer van je eigen leven” voor een groep van 14 en 15 jarige jongeren door 1 keer in de week gedurende 6 maanden gebruik te maken van een van de mentor uren. Er is natuurlijk een groot verschil tussen jongeren in het midden van hun pubertijd en degenen die op 18 -21 jarige leeftijd bezig zijn met hun toekomst. De speelse en onrustige natuur in de groep was een uitdaging op zich. Door allerlei speelse instrumenten toe te passen werd toegewerkt naar een aantal kleinschalige hoogtepunten die de jongeren geheel zelfstandig hadden ingevuld en uitgevoerd. Het antroposofische aspect van deze school sloot ook goed aan bij onze visie in de Stad van Morgen.

12.12.12 “Europe of Tomorrow”

Het spel “Stad van Morgen” dat wij in het ROC Techniek hadden gespeeld was zo goed bevallen dat wij het breder wilden positioneren dan alleen Eindhoven. Het ging niet alleen om het spel maar vooral ook de weg er naar toe. 2012 was al een beladen jaar door het einde van de Maya kalender. Dit was voor ons voldoende aanleiding was de maatschappelijke transformatie te verbinden aan de grote hype die was ontstaan. 12.12.12 werd als spel gepositioneerd voor studententeams uit heel Europa. Het werd uitgezet via universiteiten en persoonlijke contacten. Uiteindelijk werden de instellingen aangesproken om studententeams samen te stellen. het werd echter als “weer een event” gezien dat inbreuk deed in de agenda’s van de school en de studenten. Daarnaast kostte deelname geld en dat riep meteen weerstand op. Men had moeite zich in te leven in de mogelijkheid dat dit een proces was dat kon leiden tot een beweging. Begin december 2012 hadden zich twee scholen ingeschreven, beide uit Eindhoven, ROC Handel en Marketing en Fontys Hogescholen.

Al vanaf het begin hadden we gezegd dat 12.12.12 niet afhankelijk was van volume deelname maar van deelname van jongeren, al was het er maar één! Uiteindelijk werden het 10 jongeren van beide scholen. Zij hebben samen een uitdaging geformuleerd voor hun eigen generatie in Europa. In 2013 gaan wij dit verder doorzetten met hulp vanuit een groeiende hoeveelheid mensen. Uiteindelijk zal naar verwachting de volgende “Next Generation” bijeenkomst in Hongarije worden gespeeld.

En nu? 

Uit bovenstaande blijkt dat niets wat wij gepland hadden is uitgekomen maar ondertussen hebben wij heel veel gedaan. De vele honderden jongeren waar wij mee om zijn gegaan bleken stuk voor stuk betrokken bij hun eigen toekomst. Zij stonden open voor informatie, discussie en beeldvorming en verrasten ons steeds weer door hun brede wereldse kennis en belangstelling. Terwijl wij steeds weer bevestigd werden in onze teleurstelling in “het onderwijs systeem” groeide ons vertrouwen in de komende generatie. De kloof tussen het onderwijs en de zelfbewuste jeugd is zo gigantisch dat het ons regelmatig tot diepe treurnis bracht. Maar toch hebben wij moedige leerkrachten ontmoet die dezelfde visie deelden en bereid waren zich in te zetten voor verandering in het schoolsysteem, vaak zelfs ten koste van henzelf.

Wij gaan verder en hebben het volgende op het programma staan:

  • Kwetsbare jongeren – Nicolette is bezig met een groep mensen om een aanpak te definiëren rond deze groeiende groep jongeren die hun weg niet meer weten te vinden in de huidige maatschappij. Zij schreef een recent blogverslagje  over deze ontwikkelingen.
  • Gastcolleges – Ikzelf begin een serie avondcolleges met speciale genodigden voor alle jongeren en mensen die hun 2e en 3e jeugd beleven. Dit wordt met ruimte gefaciliteerd door Fontys in Eindhoven.
  • Madurodam locatie – wij zoeken een locatie waar wij een minimaatschappij kunnen bouwen volgens de sustainocratische principes.  Het is tevens een rustpunt voor mensen die even de weg kwijt zijn in de huidige maatschappij. Wij noemen het “Madurodam” locatie omdat het een maatschappij in het klein is waar even de stress en regels van de omringde maatschappij niet gelden en men zich een kan voelen met zichzelf en de natuur door wederkerigheid van inzet en wat de natuur teruggeeft.
  • 2013 “Our Common Future” in Hongarije.
  • Opzetten van de academie voor toegepast hoger bewustzijn

Kortom, plannen genoeg en zeker een uiting van onze eigen persoonlijke invulling aan “ondernemer van ons eigen leven”.  En dat houdt natuurlijk nooit op als het eenmaal in je bloed zit.

 

Creatie, co-creatie en geld verdienen

Regelmatig ontstaat er een discussie als we praten over de manier van (samen) werken in de Stad van Morgen (Stichting STIR). Dan gaat het vooral over wanneer men nu een factuur mag sturen en wanneer iets “gratis” gebeurd? Het verschil zit ‘m in de manier waarop wij tegen ondernemen aankijken, de manier waarop vernieuwingen tot stand komen en wanneer iets een co-creatieproces is of een product-verkoopproces. Wanneer is er budget en wanneer niet?

Creatie:

Creatie is de essentie van ondernemen, of het nu industrieel is, dienstverlenend, maatschappelijk, kunstzinnig, ….. Het is tevens de voedende basis van het onderscheidende vermogen van een bedrijf, de duurzaamheid van het bestaansrecht. Dit geldt zowel voor de individu als zelfredzaam en zelfreflecterend persoon, als voor een instelling of zelfs de gehele maatschappij. Het creatieproces is derhalve een investering in jezelf en de toekomst. Wanneer ik het woord “investering” noem denken de meeste mensen meteen weer aan geld en niet zichzelf (talent). Maar met geld doe je in een creatieproces helemaal niets want dan heeft het alleen de waarde van een schuld. En een schuld ga je aan als je erop vertrouwt het terug te kunnen betalen. Dat conditioneert dan weer je creatieproces dat automatisch gericht moet zijn op geldverdienen terwijl de droom bijna altijd toch eerst iets anders voor ogen heeft.

Creatie komt voort uit het intense verlangen om iets nieuws, iets anders neer te zetten dan datgene dat al bestaat. Het is een sterke innerlijke drang, een passie, die zich als een vulkaan doet aanvoelen binnen de ondernemer. Om die droom, want creatie gaat eerst uit van een soort droom, een ideaal, een denkbeeldig iets dat alleen in de geest van de ondernemer bestaat en nog niet in het echt, te verwezenlijken moeten er veel dingen gedaan worden. Soms komt daar wat geld bij kijken om bepaalde benodigdheden te kopen of in te huren. Soms zijn er mensen die zich tegen betaling aanbieden om je te helpen je droom waar te maken. Dan moet je zelf keuzes maken en kijken of je budget hebt, die betaalde hulp echt nodig hebt of het alleen kunt. Of je maakt er een co-creatie van met mensen die dezelfde droom ook waar willen maken en verschillende talenten aan die van jou toevoegen. In principe is geld niet nodig. Daar krijg je de droom niet mee bewaarheid, alleen misschien wat instrumenten om er aan te werken . Wat men vooral nodig heeft in deze fase is de visie, het doorzettingsvermogen, geloof in jezelf, eigenwijsheid en de verbindende kracht om anderen mee te krijgen in de creatie.

Creatie is daarom de essentie van duurzame vooruitgang.

Het is ook de basis van een gezonde economie, niet andersom (ook zo’n misvatting). Er wordt echter in dit stadium helemaal geen geld mee verdiend, het kost meestal alleen geld en héél véél moeite. Voor degene die creëert gaat het niet om het geld maar om het creatieproces zelf en het beoogde eindresultaat dat vaak een menselijke waarde omvat dat niet in geld is uit te drukken. Dat zijn de échte ondernemers, in tegenstelling tot de algemene, foutieve opvatting dat ondernemers uitsluitend “geldverdieners” zijn. Die zijn er ook, de concurrerende productverkopers, maar die werken op basis van andere parameters (prijs, distributiekanalen, marketing, inkoop, voorraden, balans, enz) en waarden die al in prioducten zijn omgezet. Daar is niets mis mee maar heeft minder met waardecreatie te maken, wel met economie (ruilhandel van bestaande waarden en handel in tekorten). De ene ondernemer is dus de andere niet.

Creatie en Stichting STIR

Stad van Morgen is een stichting voor permanente waardecreatie. Wij stellen steeds de complexe maatschappij ter discussie vanuit onze visie voor duurzame menselijke vooruitgang, onze eigen stip op de horizon. De mens heeft de neiging om steeds van die stip af te willen wijken. Onze  wispelturige natuur laat zich vooral  aansturen door materieel heb en heerszucht om dan door crisissen en bijbehorende pijn weer tot bezieling en heroriëntatie te worden gedwongen. Dit geeft dus altijd weer aanleiding voor ondernemende mensen om te dromen dat het ook anders kan. Zij brengen dan stabiliteit door vernieuwing. Dat is ook een van de redenen dat in tijden van een gelddepressie of oorlog de meeste nieuwe uitvindingen zijn gedaan, niet in tijden van financiële hoogtij. (Zie ook mijn blogartikel in het Engels over Kondratieff versus Close). Dit proces levert uiteindelijk een maatschappelijke slingerlijn op die met vallen en opstaan vooruit gaat.

Stad van Morgen zit vooral aan de kant van het opstaan, vaak nog voordat we gevallen zijn.

Ja maar…..

Ik weet het! Er moet brood op de plank komen en al dat creëren vanuit een droom is mooi en aardig maar ik zal toch moeten overleven in deze maatschappij die alles vertaald heeft in geld. Natuurlijk snappen we dat. Maar het is niet de verantwoordelijkheid van de Stad van Morgen of de coöperaties die eruit ontstaan om het geldbelang te dienen. Wij creëren samen nieuwe waarden die nog niet bestaan en dus ook nog geen prijskaartje hebben. Dat uit het co-creatie proces verkoopbare waarden ontstaan is duidelijk alleen weten we vooraf nog niet wat. Dat is het doel ook niet. In de Stad van Morgen handelen we alsof het altijd een depressie is. Het haalt het beste uit de mens naar boven en in tijden dat er in de omgeving geen direct crisisgevoel heerst is er toch “markt” voor integrale vernieuwing. Wat we gezien hebben tot nu toe is:

  • Deelnemers kwamen zo in de aandacht dat ze een baan aangeboden hebben gekregen bij een van de institutionele partners,
  • Deelnemers kregen een belangrijke opdracht omdat zij op een duidelijke manier talent en integriteit zichtbaar maakten.
  • Nieuwe producten en diensten zijn ontstaan die verkoopbaar werden zonder nog concurrentie omdat ze zo vernieuwend zijn. Ze komen op de markt met een maatschappelijk verhaal dat eigenlijk geen marketing nodig heeft
  • Nieuwe professionele samenwerkingsverbanden ontstaan die weer nieuwe korte termijn co-creaties opleveren.
  • De co-creatie de medewerking krijgt van de overheid en bepaalde trajecten als productontwikkeling worden gezien waar subsidies aan worden geplakt zonder dat wij er een ellenlange aanvraag voor moeten voorbereiden of bedenken.
  • Investeerder raken geinteresseerd
  • De stip op de horizon leidt tot allerlei tussenstapjes waar wel weer allerlei geldbelangen uit komen rollen voor de deelnemers. Een co-creatie hoeft dus geen oneindig lange termijn ding te zijn maar kan ook allerlei korte termijn acties zijn
  • Deelname aan deze co-creatie je eigen verkoopverhaal versterkt als je ergens acquisitie gaat doen.

Co-creatie leidt dus onverminderd tot allerlei onvoorspelbare en voorspelbare  kansen, ook materiele, mits het voortkomt uit loyaliteit, menselijkheid en betrouwbaarheid. Een wolf in schaapskleren valt van zelf door de mand. En zoals Prof. Paul de Blot ooit zei: “alles wat ik gepland heb is niets van terecht gekomen”. Zodra je  bevooroordeelde verwachtingen gaat scheppen die voortkomen uit het materiele eigenbelang dan loop je de kans het hogere doel te verstoren en dan komen die onverwachte en verwachte vruchten niet voorbij. Laat het geluk je toevallen door open, onbevooroordeeld en zonder verwachtingen vooraf deel te nemen aan dit soort processen. De rest komt vanzelf. Zorg er zelf voor dat je je tijd goed verdeelt tussen co-creatie in het waarmaken van dromen, en het oogsten van wat je al in het verleden zelf gezaaid hebt. Van dat laatste leef je vandaag van het eerste leef je morgen.

Waarde creatie en handel zijn verschillende dingen
Waarde creatie en handel zijn verschillende dingen

Co-creatie

Co-creatie is hetzelfde proces als creatie maar dan wordt het gedaan door de samenwerking van verschillende partijen die eenzelfde droom met elkaar delen. Het is wederom niet geld maar waarde-gedreven. De waarde is menselijk en wordt bepaald door de visie en passie die de deelnemers aan het co-creatieproces bindt. Ook co-creatie is geen geldmachine maar een investering van passie, daadkracht, kennis en energie. De wederkerigheid zit ‘m in het waarmaken van de visie en daar de eer voor krijgen, allereerst door zichzelf te prijzen, nog voordat anderen het eventueel doen. Denk aan de schilder Vincent van Gogh die een ondernemende creator was maar dat alleen voor zichzelf beleefde, zonder de huidige erkenning te hebben mogen ervaren. Dat in tegenstelling tot Rembrandt van Rijn die ondernemende creator was maar dit ook in zijn eigen tijd om wist te zetten in roem en eer door af en toe zijn creatiedrang ondergeschikt te maken aan zijn materiële belangen en bijbehorende concessies te doen. Van Gogh kon dat psychisch en emotioneel niet. Creatie is sterk “zijn” gedreven vanuit allerlei motivaties, meestal ethisch, functioneel en expressief.

Stichting STIR en co-creatie

De stichting heeft co-creatie tot een kunst verheven waar zelfs de grootste instellingen aan meedoen en het onderscheid vaak zelf ook nog niet helemaal begrijpen. Zo hebben wij het co-creatieproces, dat zich sturend op het hoogste maatschappelijke niveau afspeelt binnen een concreet gebied, zelfs een aparte naam gegeven: Sustainocratie. Dit in tegenstelling tot een “economische democratie” die aangestuurd wordt vanuit het consumeren van waarden en het handelen erin vanuit tekorten.

AiREAS is een concreet voorbeeld van een sustainocratisch proces in een gebied (nu nog Eindhoven). Het gaat bij AiREAS niet om geldverdienen maar om het samen creëren van een gezonde stad. Hoe doe je zoiets? Hoe draag je eraan bij? Wie is verantwoordelijk? Dat heeft niets met economie te maken maar met menselijkheid en duurzaamheid, maar ook met permanente creatie en co-creatie, gedrag en mentaliteit, ethiek en expressie. In een samenleving verandert er steeds wat, veroorzaakt door mensen of onze natuurlijke omgeving. Dat valt niet te plannen maar wel op te reageren en anticiperen door creatief gedrag. Als men dat samen doet met een belang van allemaal dan ontstaat er iets nieuws, een permanente drang tot verandering. Dit kun je niet budgetteren, niet plannen en niet inkopen. Co-creatie is op basis van vrijwillige commitment binnen de mogelijkheden die men heeft. Men doet mee omdat men het voor zichzelf belangrijk vindt en erin gelooft. Ook de te verwachten wederkerigheid bepaalt men daarin zelf.

Binnen de context van het model van de menselijke complexiteit (Zie de tekening eerder in dit schrijven en het boek Sustainocratie, de nieuwe democratie) is creatie en co-creatie vooral een uiting en ontwikkeling van het “zijn”, de “ik ben” – identiteit. De deelnemers aan het proces ondergaan een leerproces door vanuit zingeving te handelen. Dit leerproces, dat zich ook uit in de professionaliteit van de deelnemers, is voor de betrokkenen essentieel om zich aan de waarden van een veranderende werkelijkheid te binden en de eigen identiteit eraan te koppelen. Dit doet men niet alleen wegens de mogelijke erkenning die men erdoor krijgt vanuit de omgeving maar vooral vanuit de innerlijke vreugde van het bijdragen aan iets belangrijks voor zichzelf.

Uit dit proces kunnen natuurlijk nieuwe producten, diensten en zienswijzen ontstaan maar gegarandeerd is dat niet. Wel leren we allemaal en tegelijkertijd wordt de omgeving er beter van in vele opzichten. Dat ziet men ook om ons heen omdat het co-creatieproces ons nu eenmaal zichtbaar maakt in een omgeving die geheel anders functioneert. Wij roeren in die maatschappij en daaruit ontstaat de vernieuwing.

Living Lab

AiREAS in Eindhoven heeft daarom de status van een Living Lab, met de nadruk op de co-creatieve menselijkheid van “living”. Alle betrokken partijen komen zichzelf tegen in dat proces, krijgen een innerlijke drang om zichzelf te overstijgen boven het gangbare uit en in de creatie vernieuwing te introduceren die hun eigenheid als talent en ondernemer of organisatie verder onderstreept. Het raakt de ziel van de onderneming, of het nu de overheid is, een multinational, een kleine zelfstandige of een gezinslid op de hoek van de straat. We kunnen over het algemeen stellen dat een crisis (zoals aangegeven in het complexiteiten model) altijd zal bestaan al gevolg van het uitmelken van onze cashcows en het beveiligen van de belangen door groeiende bureaucratie. Een persoon, bedrijf of maatschappij die niet compenseert met een duidelijke waardecreatie ontwikkeling zal uiteindelijk de crisis ervaren als losstaand geheel in plaats van een oplosbaar incident binnen een groter geheel. In een bos vallen ook bomen om, maar het bos blijft bestaan. In een materialistische economie zonder evenredige ruimte voor waardecreatie valt één boom om en zal het hele bos omvallen. Dat zien we nu ook gebeuren overal.

Geld verdienen

Zodra een creatie zichtbaar is geworden voor de omgeving dan ontstaat er een erkenning of een (soms tijdelijke) afwijzing. De droom voor de ondernemer, of co-creërende groep, heeft zich gemanifesteerd in de werkelijkheid en die werkelijkheid moet ermee om leren gaan. Soms snapt de omgeving het nog niet en gaat er tijd overheen voordat men de waarde van de creatie weet te waarderen in bijvoorbeeld geld, zoals nu gebeurd met de schilderijen van Vicent van Gogh. Of de President van Amerika in 1897 over de telefoon “een prachtige uitvinding maar waar dient het voor?”.  Vaak is het toch ook redelijk snel wereldveranderend, zoals is gebeurd met de i-serie producten van Apple of in vroegere decennia door Microsoft of Nintendo en vele anderen nog op product niveau. Nu praten we over integraal maatschappelijke transformaties die nog een tikje ingrijpender en complex zijn dan alleen het creerende succesvolle bedrijf.

Zodra een creatie gemeengoed is geworden dan wordt het materieel uitgemolken door de volgers die zelf niet het creatie talent hebben. Ook de mensen en organisaties die wél de creatie hebben waargemaakt kunnen hun materiële slaatje slaan uit hun werk door het te vermarkten. Dat is weer een kunst apart. Deze “marktleiders” hebben vaak de erkenning en zijn dan ook in materiële zin veel succesvoller dan de volgers (tussen 4 en 9 x winstgevender volgens enkele studies).

Stad van Morgen en geld verdienen

Stichting STIR laat dit geld-verdien-proces over aan de ondernemers en co-creërende partners. Het gaat ons om het creatie en co-creatieproces zelf, de ethische voeding van vooruitgang en een gezonde economie. Onze partners blijven eigenaar van hun eigen creaties en leerproces. Stad van Morgen schept alleen de omstandigheden om in de complexiteit van de huidige maatschappij en binnen de abstracte context van duurzame menselijke vooruitgang te experimenteren en het beste van elkaar te laten zien, zonder er facturen tegenover te stellen. Wij kopen geen producten maar benutten deelnemende talenten om tot integraal duurzame vernieuwing te komen op gebied van toegepaste innovatie. Het eigenbelang haalt de deelnemer er uiteindelijk zelf wel uit. Daarom ontstaat vaak een 1+1 > 2 in dit roerproces dat uiteindelijk leidt tot blijvende partnerrelaties, nieuwe economische impulsen, ook in de geldgedreven wereld door de meerwaarde die ontstaat en waar ook commerciële belangen aan kunnen worden ontleend.

Stichting STIR (Stad van Morgen) is eigenlijk een moderne vorm van integraal duurzame publieke R&D. De partners zelf financieren de processen vanut eigen vermogen. Het vermogen van STIR is de co-creerende verbinding. Behalve dat heeft de stichting geen eigen middelen.

Coöperaties

Specifieke complexe co-creatie processen die een concreet hoger doel nastreven, zoals AiREAS, worden daarom ondergebracht in een coöperatieve vereniging waarin bindende afspraken kunnen worden ondergebracht over eigendomsrechten en verdelingen. Deze komen voort uit de co-creaties die uiteindelijk al dan niet vermarkt kunnen worden. De coöperatie zelf speelt dan een essentiële rol maar ook elk van de leden die de co-creaties mogelijk maken.

Investeren in waardecreatie in Living Lab Eindhoven
Investeren in waardecreatie in Living Lab Eindhoven

Een van de problemen waar we dan tegenaan lopen is dat de meeste organisaties in een multidisciplinaire context, zoals een Sustainocratie, alleen een co-creatieproces willen ingaan als iemand er vooraf een budget tegenover stelt. Dan komen we in de wereld van subsidies en overheidsgelden terecht waardoor er een lastige discussie plaats vindt over eigendomsrecht, opdrachtgever/klant, wederkerigheid, aansprakelijkheden, als ook de sturende belangen van de overheid zelf. Door budgettering vooraf te eisen creëert men automatisch een hiërarchische verhouding van afhankelijkheden omdat men een materiële schuld aangaat. Het is dan nog maar de vraag of men tot echt iets nieuws komt want de verstrekker van de middelen stelt ook eisen vanuit een vooroordeel en economisch of risico belang vooraf. In Nederland is men vaak te risicomijdend om met risicokapitaal te durven werken. Daarnaast is risicokapitaal vooral bedoeld om geldbelangen aan te jagen. De voeding (zie tekening) die juist crisismijdend is en door de Stichting STIR (Stad van Morgen) wordt gevoed vanuit bewustzijn is juist die van ethiek en menselijkheid, de werkelijke waarden waar het om gaat.

Daarom werken we in de Stad van Morgen in eerste instantie zonder geld met uitzondering van wat vrijblijvend sponsorgeld voor de beperkte lopende kosten. In de coöperaties zoals AiREAS (EQoL, Stad-VERS, STIR, etc) werken we dan altijd met een nulbudget als uitgangspositie zodat er een transparante discussie komt over het doel of tussendoel dat we willen bereiken en wat we daar qua diversiteit aan middelen voor nodig hebben. Dan kan iedereen de belangen op tafel leggen, de middelen toekennen en beperkingen of zienswijzen kenbaar maken. Zo wordt altijd gezorgd naar een weg vooruit ook al is die via een slingerweg. Wat er verder uit de co-creatie coöperatie komt qua waarden is vooraf nog onduidelijk. Eenmaal gemanifesteerd in de werkelijkheid komen de belangen weer aan bod in de handel van de gecreerde en erkende waarden (economie).

Gemeenschapsgeld

Aan de andere kant rijst de vraag waar gemeenschapsgeld dan voor dient? Alleen voor infrastructurele en zorgstaat aangelegenheden in een economie? Alleen voor controle en bureaucratie? Of ook voor het faciliteren van complexe, onafhankelijke co-creatie? Zeker binnen een Sustainocratie geldt primair de duurzame menselijke vooruitgang in een regio. Is het dan ook niet logisch dat de gemeenschap zelf investeert in co-creatie door inzet van eigen middelen? Zijn die eigen middelen dan, behalve de aanwezige bevolking en haar diversiteit aan professionele initiatieven, ook het belastinggeld dat men inlegt? Het zijn boeiende vragen die ook co-creatief een antwoord verlangen.

In een Sustainocratie proberen we het co-creatieproces zuiver te houden door alle partners evenredig te laten investeren en daarna de eventuele producten en diensten die eruit voortvloeien te borgen in de coöperatie en via de leden. Maar de waarden die gecreëerd worden zijn veelal anders dan geld (zoals gezondheid, stabiliteit, veiligheid, enz). Geld wordt daarna weer door de verkoopkanalen verdiend en maatschappelijk belast. Niet alleen de producten en diensten die ontstaan hebben waarden maar het holistische eindresultaat en de aanpak zelf ook.

Door de gelijkwaardigheid aan de cocreatie tafel kan een ieder zijn of haar twijfels of vragen hierover kwijt en wordt gezamenlijk gezocht naar een geruststellende oplossing. Per slot van rekening willen we ons niet beperken door angst maar sterken door onderlinge oplossingsgerichtheid en vertrouwen.

Het vinden van transparant oplossingen samen vergt een uiting van verantwoordelijkheid en commitment van de partijen door middel van een lidmaatschap. Vaak is onduidelijk of het co-creatie belang of het uiteindelijke geldbelang de boventoon voert in de relaties. Dat blijkt gaandeweg. Ook is duidelijkheid hierin vaak strijdig met de gangbare regelgeving die co-creatie (nog) niet als maatschappelijke drijfveer erkent, uitsluitend de materiële kant van de relaties, via afhankelijkheden, risico’s en en aansprakelijkheden binnen een economie.

De grootste bijkomende uitdaging ten behoeve van holistische waardecreatie, naast het intense en vruchtbare maatschappelijk duurzaam co-creëren, is voor ons het proces om ruimte te scheppen door ook een gemeenschappelijk co-creatieproces te starten in de risicomijdende regelgeving en een verzuilde maatschappij van afhankelijkheden . Dit proces is nu al zichtbaar, ook bij de leden. Het gehele model is uiteindelijk een crisismijdend maatschappijmodel dat voor de hele menselijke wereld veel goeds kan brengen. En dat is ons heel veel waard.

AiREAS Eindhoven formele kickoff – sustainocratie

Op donderdag 11.10.12 ging AiREAS het eerste sustainocratische samenwerkingsverband van start waarbij burgers het initiatief nemen om een multidisciplinair samenwerkingsverband aan te gaan met institutionele partijen voor een concreet menselijk doel, in dit geval de gezonde stad Eindhoven vanuit luchtkwaliteit.

AiREAS
AiREAS is het 1e sustainocratische proces in de wereld

Welzijn is geen kostenpost maar het resultaat van doelgericht samen verantwoordelijkheid nemen (sustainocratie – Jean-Paul Close) 

Onder uiterst professionele en bezielende begeleiding van ceremoniemeester en mede-initiatiefnemer Marco van Lochem werd het ochtendprogramma uitgevoerd. Het eerste gaf hij het woord aan Jean-Paul Close die de menselijkheid en burgerverantwoordelijkheid van AiREAS onderstreepte vanuit zijn eigen innerlijke motivatie om een “mensgerichte maatschappij over te dragen aan zijn kinderen”.

YouTube (10 min) http://www.youtube.com/watch?v=4amu1U0Mnr0

Marco van Lochem was ceremonie-meester van de officiele AiREAS presentatie

Wethouder Schreurs benadrukte daarna dat de ontwikkeling van de maatschappij in evolutionaire fasen verloopt en we nu in een fase zijn aangeland waarin menselijkheid en samenwerking van essentieel belang is. Men was in het verleden niet altijd in staat om individueel verantwoordelijkheid te nemen maar die ruimte ontstaat nu wel. AiREAS is daar een mooi voorbeeld van. YouTube filmpje (7 min): http://www.youtube.com/watch?v=eHMFQTunO1E

Wethouder Mary-Ann Schreurs benadrukt de verandering van de maatschappij

Het panel van institutionele partijen, die deel uit maken van het samenwerkingsverband, kwam aan het woord door middel van interviewster en zelfstandig verslaggeefster Debbie Langelaan.

YouTube filmpje (47 min): http://www.youtube.com/watch?v=D5yDpb4T4xk

Top directieleden van institutionele deelnemers aan het AiREAS “gezond Eindhoven” living lab

Gerard de Groot (ECN) benadrukte het unieke van deze samenwerking (in 20 jaar heb ik zo iets nog nooit meegemaakt) en de kracht om vanuit de directe betrokkenheid met de maatschappij en wetenschappelijke inzichten nieuwe producten te kunnen ontwikkelen.

Ronald Wolff van Philips Research bezag dat er veel raakvlakken liggen met allerlei afdelingen en belangen binnen Philips waardoor het extra complex werd om die complexiteit intern te regelen. Daar is Philips doorheen en heeft zeker groen licht om mee te doen. Uit Shanghai wordt al meegekeken om te bezien of het AiREAS model aldaar tot uitvoering kan worden gebracht. AiREAS in Eindhoven is een nieuwe norm aan het creeren voor mensgedreven samenwerking waar andere steden niet achter mogen blijven.

Jan van de Bovenkamp (I’mtech) laat zien dat Imtech nauw betrokken is bij maatschappelijke belangen en stelt apparatuur beschikbaar om de datastromen te ontvangen en verwerken die gegenereerd worden. Hij benadrukt de belangstelling die in de wereld bestaat voor het meekijken wat er in AiREAS gebeurd. Imtech heeft een intern stuk gepubliceerd over AiREAS dat naar alle grote partijen in Nederland gaat. Men neemt proactief deel aan het proces en neemt initiatief.

Imtech's internal publication
Alfred Stein
van de technische universiteit Twente refereerde aan ervaringen die opgedaan waren in Rotterdam en het boeiende proces om als wetenschap rechtstreeks aan tafel te zitten voor vernieuwende inzichten en mee te kunnen sturen in de beleidvorming rondom o.a. metingen.

Simon Middelkamp is directielid ecologie en milieu in de Provincie Noord Brabant en benadrukt dat het belang van de provincie vooral is om de werkwijze van AiREAS te bestuderen voor toepassing in andere gebieden van de provincie waar grote uitdagingen zijn. Zo wordt bijvoorbeeld intensieve veehouderij genoemd.

AiREAS in de wijk Doornakkers met de Stad van Morgen

Hans Verhoeven is projectleider bij de gemeente Eindhoven en bracht het belang van de burgerparticipatie aan de orde. In de zaal waren op uitnodiging van de gemeente meerdere wijkverenigingen aanwezig die zo hun betrokkenheid toonden bij dit bijzondere project. Het “onzichtbare zichtbaar maken” werd benadrukt zodat men concreet verantwoordelijkheid kon gaan nemen op basis van bewustwording en inzichten.

Ruim 50 deskundigen en belangenpartijen netwerken rond AiREAS

Er volgde ruime gelegenheid tot netwerken en onderling overleg waar de verbanden onderling werden gelegd en afspraken gemaakt. Er is bijna 450000 euro beschikbaar gesteld voor de uitrol van de meetnetwerken en het doen van wetenschappelijk onderzoek. Veel werd er door aanwezigen benadrukt om vooral niet bang te zijn om open te communiceren met de burgers. Na het informele overleg was er gelegenheid om wat interactieve vragen te stellen waarbij vooral burgerparticipanten zich kenbaar maakten om verantwoordelijkheid te gaan nemen. Organisaties als Trefpunt Groen (Joop van Hout) en Duurzaam Eindhoven (Hans de Beule) en Stad van Morgen (Nicolette Meeder) zijn interactieve structuren voor interactie met allerlei burgerinitiatieven.

Tijdens de afsluitende speech benadrukte Marco van Lochem nogmaals het belang van het experimenteren, levend lab, en de technologische en sociale innovatie die men beoogd door deze samenwerking. Uiteindelijk ziet hij de droom dat AiREAS uitwaaiert over de hele wereld om vanuit burgerparticipatie en institutionele uitvergroting die wereld gezonder te maken.

YouTube video: http://www.youtube.com/watch?v=sw8vBe-A9i0

Al met al kunnen we terugkijken naar een boeiende bijeenkomst van alle mensen die AiREAS vorm geven en met dank aan Maaike Veenbrink van SRE die de organisatie op zich heeft genomen en dit tot in de puntjes heeft verzorgd.

Ook het Eindhovens Dagblad en CityTV.nl waren aanwezig. De volgende dag heeft de krant er uitgebreid aandacht aan besteed. De reportage van CityTV.nl zal binnenkort op YouTUbe beschikbaar komen.

Eindhovens Dagblad besteedt veel aandacht aan het onderwerp

De website http://www.aireas.com/air (die door Commilfo van Tim Heukelom is ontwikkeld) wordt ingericht om met forums een interactief medium te worden met de bevolking. De echte uitdaging begint nu pas. Het meetsysteem dat geinstalleerd wordt zal ook de stad moeten uitdagen om tot ondernemende acties te komen die er toe bijdragen dat de gezondheid gaandeweg bevorderd wordt. Het systeem wordt tevens benut voor allerlei wetenschappelijke onderzoeken die weer bijdragen aan de kennis in de stad over haar eigen functioneren en de consequenties ervan. Al met al zal de lokale bevolking en haar institutionele organisaties samen gaan werken met de durf om te ondernemen en de angst voor verandering te minimaliseren door het experimentele karakter van deze aanpak.

Volgens velen stelt AiREAS een nieuwe cooperatieve maatschappelijke norm waar andere steden niet bij achter kunnen blijven en dat van toepassing kan zijn op vele andere uitdagingen van een complexe maatschappij waar geld geen oplossingen biedt.

“Luchtvervuiling en fijnstof is een menselijke factor sinds de ontwikkeling van dorp en stadgemeenschappen in de prehistorie. Het gaat er niet om dat we het bestaan of de effecten ervan ontkennen of als kostenpost beschouwen. Het is van belang dat we er mee leren omgaan binnen de context van de duurzame ontwikkeling van ons bestaan” (Jean-Paul Close)