De afvinkdokter, 10 minuutjes en nepfactuur

Steeds meer raken we (Stad van Morgen) verwikkeld in discussies over zorg en zelfredzaamheid en wat nu zou moeten veranderen in onze maatschappij? Zo komen ook de afvinkdokter, 10 minuutjeshuisarts en nepfactuur tandarts voorbij. Het is een fenomeen van deze tijd waarin alles op klok moet en door een ieder anders wordt geïnterpreteerd.

De afvinkdokter
Jan stort onverwacht in elkaar. Hartinfarct denken omstanders en bellen 112. Het eerste wat Jan zich weer herinnert is de mond van de ambulance medewerker die hem reanimeert. Met loeiende sirenes wordt hij naar het ziekenhuis vervoerd. Daar volgt een hart onderzoek. De hartspecialist constateert dat hij het niet aan zijn hart heeft. “U mag weer naar huis.”

Pardon? Naar huis?! Een uur geleden lag hij stervende op straat. Waarom? Het ligt niet aan het hart maar wat dan wel? “Ik doe alleen hart” zegt de specialist en daarmee is de kous af. Voor hem althans. Niet voor Jan want die heeft de angst goed te pakken.

Het bovenstaande verhaal kan aangevuld worden met allerlei voorbeelden van de gefragmenteerde afvinkcultuur in de medische wereld. Op zich is het logisch want door bepaalde ziektebeelden uit te sluiten komt misschien de oorzaak wel een keer bovendrijven. Daar hebben veel medici een kostbaar netwerk van belangen omheen gebouwd. Men verwijst mensen door zonder specifieke noodzaak maar om “af te vinken”. De onderliggende stroom is puur economisch ook al wordt het vanuit menselijkheid “verkocht”. De afgebakende eilandjes leven dan een leven dat meetbaar is op basis van economische relaties. De wildgroei die ontstaat is al snel onoverzichtelijk en wordt ook als “noodzakelijk” ervaren. De patiënt (ook cliënt! genoemd) wordt van kastje naar de muur gestuurd zonder dat ergens een holistisch beeld wordt bewaakt van de persoon. Elk stukje staat op zichzelf, voelt zich onmisbaar, doet stinkend zijn/haar best maar binnen de muren van de eigen tunnel visie.

10 minuutjeshuisarts
Het is algemeen bekend dat de huisarts de consults plant in blokjes van 10 minuten. Dat is een prima insteek om de tijd redelijk efficiënt te benutten. Een mens is echter geen 10 minuutjes mens. De een gaat naar de huisarts voor een minuutje omdat het euvel bekend is maar even door de deskundige moet worden bevestigd. De ander gaat wegens eenzaamheid en maakt van de huisarts een uitje dat variable wordt opgerekt. Natuurlijk zit daartussen van alles dat met de 10 minuutjes wordt teruggebracht tot een redelijke standaard en gemiddelde.

Maar dan is er ook de opvatting van de huisarts en organisatie waarin men werkt. De 10 minuten krijgen een economische status: 10 minuten = 1 consult = “x” euro. Als vader Piet met dochter Jennifer binnen komt wegens herstel van een ingegroeide teennagel van de dochter zijn ze na 3 minuten weer klaar. Piet besluit de tijd goed te benutten en brengt zijn eigen prostaat klachten nog even ter sprake. De huisarts geeft aan dat hij dan een tweede consult moet rekenen. Dezelfde 10 minuten tijd worden dan 2 of 3 economische 10 minuutjes. Voor de huisarts is dat handig om de facturatie wat op te krikken en de lege 10 minutenblokjes aan te vullen. Als bedrijf is dat natuurlijk interessant en dan gaat het veelal een eigen leven leiden. Huisartsen worden gestuurd op aantal economische 10 minuten in plaats van dienstverlening. Zo kan het gebeuren dat er economisch efficiënte huisartsen zijn die goed scoren met hun 10 economische minuutjes en er zelfs meer declareren dan een natuurlijke werkdag heeft. Door patiënten naar elkaar door te verwijzen volgens de afvinkcultuur kan een patiënt een oneindige cirkel van consults volgen die nergens toe leidt behalve een constante stroom 10 minuutjes. Door het misbruik gaan de verzekeringen meer controle uitoefenen en bureaucratie invoeren waardoor de premies omhoog gaan. Want de consument betaalt altijd de rekening!

Nepfactuur tandarts
Je komt net van de tandarts na een korte behandeling. Als je dan na een paar weken de rekening krijgt voor de verzekering dan blijker er allerlei onherkenbare handelingen op te staan. Je bent geen tandarts dus denkt het zal wel goed wezen”. Maar nu een groot deel van de kosten op eigen conto komen via het eigen risico kijk je toch eens kritisch naar zo’n factuur. Röntgenfoto? Niet gemaakt, in ieder geval niet waar jij bij was. Eenzelfde rekening van een behandeling 6 jaar geleden toont een bedrag dat 25% is dan die van nu, met hele andere en simpele beschrijvingen.

Ook de tandarts rekent consult kosten. Vroeger was je in een keer klaar en nu kun je drie keer terug komen voor zaken waarvan jezelf denkt dat ze gemakkelijk in een keer afgehandeld kunnen worden.

Marktwerking
Marktwerking noemt men dat. Het economiseren van gefragmenteerde belangen. De economie gaat erop vooruit maar de zorg achteruit. De patiënt wordt cliënt. Maar de cliënt is helemaal geen klant. Dat is de overheid en de verzekering die de facturen betaald. Die zijn zo gebureaucratiseerd en ongevoelig omdat men deze economie in haar eigen belang verwerkt via de belastingen en premies. 10 jaar geleden was de gemiddelde zorglast per inwoner van Nederland 1000 euro zonder eigen risico. Nu is dat 5000 euro met eigen risico er boven op.

Alternatieve zorgsystemen mogen niet geïmplementeerd worden omdat de Nederlander gebonden is aan de wet van solidariteit. Logisch in maatschappelijk opzicht, onlogisch wanneer de economie de overhand heeft genomen en het uitgekiende bedrog zich heeft genesteld in de structuur als een hardnekkig virus.

Hoe reageert de bevolking? Men gaat minder naar de dokter als men niet kan betalen. Voor de rest? Worden we aan het lijntje gehouden met toeslagen en afhankelijkheid. De vergrijzing doet de rest. Half Nederland is chronisch lichamelijk ziek en daarom te afhankelijk om in opstand te komen. De rest is bestuurlijk ziek door economie de menselijkheid te laten verzieken.

Wat doet de Stad van Morgen? Wij introduceren GroZ: Gezondheid, regionaal ondernemerschap voor Zelfredzaamheid. Solidariteit begint bij onszelf en onze omgeving, niet een vastgelopen corrupt systeem.

Wiet van Meel – volhoudbare initiatieven

Het STIR avondcollege van 5 november 2013 stond in het teken van complexe verduurzamingsprocessen. Gastdocenten zijn Wiet van Meel (Pontifax) en Patrick van der Voort (Kleurrijke stad).

image
Wiet van Meel – Pontifax

Wiet van Meel is opgegroeid in Esbeek, een plattelandsgemeenschap nabij Hilvarenbeek. Als jonge knaap wilde hij al op een eerlijke manier dingen voor elkaar krijgen in een gemeenschap waar tegenstrijdigheden en onrechtvaardigheden meer de regel dan de uitzondering waren. Wiet leerde dat binnen de tegenstrijdigheden ook gemeenschappelijke belangen te vinden waren die partijen tot elkaar konden brengen. Al experimenterend ontwikkelde hij voor zichzelf een beeld dat met de tijd evolutioneerde tot een aanpak om complexe uitdagingen aan te pakken. De moderne People, Planet, Profit ideologie maakt het compleet.

Hij raakte verwikkeld in grote maatschappelijke trajecten in de Kempen en later ook heel Europa waar veel verschillende partijen en grote bevolkingsgroepen bij betrokken zijn. Zijn verduurzamingsmodel heeft hij vandaag uitgelegd.

Wiet verdeelt de werkelijkheid in twee horizontale gebieden:

  • Sociaal – De mens en de menselijke omgangsvormen
  • Materiaal – De manier waarop we omgaan met materialen om dingen te bouwen en maken

Als je die twee gebieden toepast op de People, Planet, Profit ideologie van bijvoorbeeld een harmonieuze gebiedsontwikkeling dan ontstaat het volgende model:

Verduurzamingsmodel
Verduurzamingsmodel van Wiet van Meel

In elk van de velden van het verduurzamingsmodel (“Duurzaamheid bestaat niet”, aldus Wiet, “het is een mooi streven”) zijn bedrijven en instanties actief die vaak muren hebben opgeworpen rondom hun eigen beperkte kijk op de wereld. Door partijen te vinden in elk van de 6 velden rondom een concrete uitdaging, en deze samen aan tafel te zetten, ontstaat er een mogelijke dynamiek die bruggen slaat tussen de velden. Men kan samen gaan werken in waardecreatie waar allen wat aan hebben. Het hele gebied gaat er op vooruit.

“Overal zijn mensen te vinden die fatsoenlijk (definitie van Wiet: met respect voor mens en omgeving) om willen gaan met elkaar en de ontwikkeling van hun belangen”, zegt Wiet met passie en overgave. Die mensen zijn het die samen vooruitgang boeken.

Verschillende voorbeelden werden aangehaald die u in de presentatie van Wiet (Presentatie wiet verduurzaming 5-11-2013 stir)  kunt terugzien. Boeiend waren de projecten in Haarlemmermeer (ganzen en Schiphol), manege in de Kempen en coöperatief Esbeek zelf, allemaal gebaseerd op waardengedreven samenwerking. Wiet biedt zich aan om anderen te helpen die ermee aan de slag willen gaan. Als voorbeeld en case werden de plannen van Patrick van der Voort gebruikt.

Patrick van der Voort

image
Patrick van der Voort – Kleurrijke Stad Eindhoven

Patrick is actief als initiatiefnemer van de “Kleurrijke Stad Eindhoven” op sociaal maatschappelijk vlak met de positieve multiculturele beleving van de maatschappij. Hij vertelt hoe hij vele projecten initieert met multiculturele jongeren en betrokkenheid van onder andere de scholen. Zo viert hij binnenkort het 10 jarig bestaan van multicultureel sporten waarin alle nationaliteiten van Eindhoven samen een lokaal “wereldkampioenschap” spelen. Per slot van rekening is de hele wereld vertegenwoordigd in de stad.

image
De case “World Plaza” werd ter plekke uitgewerkt

Patrick wil graag een stap verder gaan en een World Plaza opzetten voor de multiculturele ontmoeting en sociaal ondernemerschap met een inspirerend en aantrekkelijk multicultureel programma. De moeilijkheidsgraad is groot door de afhankelijkheid en mogelijke betrokkenheid van vele partijen. Daarom is het interessant om het plan als case te gebruiken met het model van Wiet als leidraad.

image
De case “World Plaza” door Wiet en Patrick

Al snel werd duidelijk dat het professionele netwerk van Patrick erg sterk zich heeft ontwikkeld op sociaal maatschappelijk vlak (het veld rechtsboven in de tekening op de foto) maar er een onbalans is in de andere velden. Het lijkt moeilijk om dat op te lossen maar na een uitdagend vraag en antwoordspel van Wiet blijkt dat het netwerk van Patrick vele malen groter is dan hij professioneel benut. Dat geldt natuurlijk voor iedereen. We hebben toeleveranciers, klanten, privé relaties, bankrekeningen, vrienden, enz. En al deze relaties hebben weer een netwerk van relaties.

Door het hele spectrum van menselijke relaties en verbintenissen te raadplegen konden een aantal vakjes al ingevuld worden met positieve intenties. In het avondcollege zitten ook weer mensen met een professioneel en privaat netwerk die meteen aangesproken werden voor de opbouw van een band.

De boodschap was duidelijk. Als je wat groots wilt bereiken dan breek je eerst je eigen muren af en kijkt integraal naar je relatienetwerk. Die ga je dan betrekken met het model als gids. Al doende vullen de gaten zich en ontstaan er verrijkende verbanden van waardecreatie. Zo kan de World Plaza een kloppend hart worden met veel interactie met de omgeving en betrokkenheid van allerlei directe en indirecte belangen die elkaar structureel en “volhoudbaar” aanvullen.

NB Volhoudbaar is een mooi woord uit de vocabulair van Wiet, zijn eigenwijze maar doeltreffende en inspirerende benadering van verduurzaming.

VE2RS en GroZ in AiREAS

Het model van Wiet werd ook in verband gebracht met de gezonde stad ontwikkeling via AiREAS. Het blijkt een mooie praktische benadering tussen Sustainocratie en gebiedsontwikkeling. We gaan het dan ook experimenteel toepassen in VE2Rs en GroZ.

Wij danken Wiet en Patrick voor hun inspirerende woorden en interactie, en natuurlijk alle aanwezigen voor hun commitment aan een boeiend leerproces.

Volgend college:

Het volgende avondcollege is op 3 December met het thema “de 5 bewustzijnsniveaus van Dabrowski”

Permanent Beta Amersfoort

Op het podium staan Martijn Aslander,  Peter Ros en Jan-Henk Bouman. Deze jongens zijn de drijvende kracht achter Permanent Beta in Amersfoort.

image

Permanent Beta betekent zoveel als “altijd in fase van uitproberen”. Dat is een metafoor die uit de wereld van de techniek (Beta testen) komt maar ook van toepassing is op de ontdekkingsreis van iedere zelfbewuste mens en organisatie. Als je maar blijft ontdekken,  nieuwe dingen uitproberen en het avontuur van verandering blijft durven aangaan.

Vandaag was de 3e open netwerk dag. Het concept groeit uit tot een begrip in Nederland omdat het onbevooroordeeld, onbevangen en vrij is. Zoekende mensen laten zich inspireren door anderen die iets uitproberen. Het is erg actueel omdat de inrichting van het heden geen zekerheid meer geeft voor de toekomst en men op zoek is naar zekerheden. De een zoekt elementen uit het verleden weer op, anderen putten zekerheid uit de ontwikkeling van iets geheel anders.

Veel mensen hebben het voortouw genomen en zijn in een status van Permanent Beta aangeland. Dat zijn tevens degenen die hun inzichten graag delen met anderen en zo een diversiteit aan inspiratie vertegenwoordigen.

35 sprekers en 230 bezoekers. Gratis (doe je wat in de pot?). 4 zalen van groot tot klein. Voor iedereen wat wils.

Het ging natuurlijk vooral over inzichten rond verandering. Dat is ook wat PermanentBeta oproept en aantrekt. Ook AiREAS http://www.aireas.com en onze Sustainocratische avonturen in Eindhoven kwamen aan bod.

Zoals altijd zijn de contrasten en tegenstellingen bij veranderingsvoorstellen meteen zichtbaar in een zaal. Men wordt geconfronteerd met iets nieuws en beoordeelt ter plekke op basis van de eigen perceptie. De een wordt lyrisch van herkenning, de ander geïrriteerd door de innerlijke weerstand dat een verhaal oproept. Weer anderen zijn getuigen van wat anderen doen maar zien het meer als een circus dan iets waar men zichzelf in verbeeldt.

image

Het AiREAS en Stad van Morgen verhaal is confronterend. Het roept op tot deelname en verantwoordelijkheid vanuit menselijkheid in plaats van “het systeem”. Het is een ja of nee verhaal. “Ja” is empathisch en “nee” stimuleert innerlijk tot een uitleg waarin het geweten een rol speelt. De reacties zijn dan ook de uitersten van intense support via neutraal tot irritatie.

Zelfs de “ja”s vinden het daarna moeilijk om zichzelf te positioneren in de rol van Sustainocraat ook al voelt men zich ermee vereenzelvigd. De vragen komen dan van het type “hoe doe ik dat?”. Men wordt persoonlijk geconfronteerd met twee praktische en bestaande werkelijkheden (Sustainocratie is geen utopie meer) en een geheel eigen transformatie traject. Dat roept veel vragen en onzekerheden op.
image

Verandering is een proces van uitersten. Dat was duidelijk te merken op de dag ook al kwamen veel mensen met de veranderbehoefte. Het getuigen zijn van de verandering van een ander hoeft nog niet het antwoord te zijn op de eigen vragen. Vaak roept het juist meer vragen op. De boodschap van Permanent Beta is dan ook duidelijk. Er bestaat geen eenduidig antwoord op alles en ook geen ultieme waarheid. Er bestaat wel een wereld van zelf uitproberen en ervaringen opbouwen die passend zijn voor jezelf. Word zelf Permanent Beta en leer genieten van het experiment dat wij “zelfbewust leven” noemen. De vele sprekers zijn slechts voorbeelden.
image

Mijn eigen motto is: “De enige constante in het leven is de verandering”.

Verandering kun jezelf veroorzaken door de prikkels van buiten naar binnen te vertalen in actie. Je kunt het je ook laten overkomen. Hoe het ook komt, de verandering is altijd “in een fase van uitproberen”.

Uiterst aanbevelingswaardig en zeker toe te passen in andere steden. Blijf uitproberen! Permanent Beta!

http://www.permanentbeta.nl

101 landen

Het is natuurlijk altijd leuk om te weten hoe vaak je blog bekeken wordt en vanuit welk land (als je voor een internationaal publiek schrijft). Mijn bloggen begon enige jaren geleden met mijn internationale Persoonlijke blog. De statistiek van WordPress ging alleen maar terug tot eind februari 2012. Toch was ik verrast om 101 verschillende landen te tellen.

image

Natuurlijk spant Nederland de kroon ondanks de Engelse taal. De landen daarna vind ik zeker boeiend. Het zegt natuurlijk niet zoveel want de hits tonen niet of men ook wat gelezen heeft. Maar toch. Ik schrijf nu eenmaal over onderwerpen die niet populair zijn en soms ronduit vervelend voor de niet betrokkene. Daarom is het zeker leuk om te zien dat er toch mensen ergens in de wereld woorden als Sustainocratie,  transformatie economie of AiREAS hebben opgepikt. Wie weet ontstaat daar ook een “Stad van Morgen”?

De honderden miljarden die Nederland laat liggen

Onze economie is te eenzijdig opgebouwd. Het kan anders. Een simpele andere kijk op waarden en waardecreatie levert Nederland minstens 300 miljard op aan bruto binnenlands product zonder ook maar met de ogen te knipperen en bovenop de traditionele productiviteit. Het bespaart Nederland ook nog eens zeker 100 Miljard, simpelweg door dingen anders te gaan zien.

Wat is waardevol voor de mens?
Wat is waardevol voor de mens uitgedrukt in geld?

Alles draait om “perceptie” en het begrip “waardering” in geld. We moeten onderscheid durven maken in “soorten economie”.

Traditie van handel in producten (handelseconomie)

Er wordt door de consument een gevoel van waarde gekoppeld aan producten. Die waarde wordt pas zichtbaar als er een verkooptransactie plaats vindt. Dan wordt het ook uitgedrukt in geld. Dat is een belangrijk principe waardoor de economie redelijk onvoorstelbaar is maar ook te manipuleren.

De “waarde” van het moment van een product wordt bepaald door de concrete behoefte aan het product, de beschikbaarheid, de relatieve zeldzaamheid, de eventuele houdbaarheid van het product of de waarde en het verkoopbeleid. “Behoefte” kan onderverdeeld worden in basisbehoefte, noodzaak, luxe en hebzucht. Bijvoorbeeld:

  • basisbehoefte: eten, een dak boven het hoofd, drinkwater….
  • noodzaak: een arts wanneer je ziek bent, politie bij geweld, een rolstoel als je niet kunt lopen …
  • luxe: meer hebben dan je nodig hebt, overvloed, gemak, vermaak
  • hebzucht: hebben om te hebben of het te weerhouden van anderen, niet om zelf te gebruiken

De wereld van de handelseconomie speculeert met deze waarden aan de kant van zowel productie, distributie en afname volgens het fenomeen product, klant, winstoptimalisatie. Zo heeft ook het produceren, distribueren en vermarketen van producten (en diensten) “waarde” gekregen voor degenen die daar belang aan hechten (bedrijven).

Het belasten van deze handelseconomie door de overheid wordt gezien als “waarde” omdat men daarmee havens,  wegen en spoorlijnen aan kan leggen die de handel bevorderen. Ook onderwijs kan hiertoe behoren omdat het jongeren opleidt voor deze economie rond productcreatie, productiviteit en consumptie. Speculatie met tekorten, diensten rond de supply chain, financiele systemen, enz. horen er ook bij net als de groeiende discussie over ethiek en verantwoordelijkheid.

Dit is niet de enige economie ook al doet men ons dat vaak voorkomen in de consumptie discussie over koopkracht. Er is bijvoorbeeld ook de “crisis economie”.

De handel in crisissen (crisis economie)
Een crisis draait om “het kwijtraken” en de “angst van het kwijtraken”. Er zijn zoveel dingen die we kwijt zouden kunnen raken zoals alles wat we in materiële zin tot eigendom beschouwen. Als we ons in onze basis behoeftevoorzieningen afhankelijk hebben gemaakt van de handelseconomie dan is het kwijtraken van koopkracht beangstigend. Waar anders halen wij onze basisvoorzieningen vandaan? Als die alleen toegankelijk is middels geld (en niet als ruilmiddel van waarde tegen waarde) dan wordt de kans van het ontbreken van geld een angst. Hoe groter die afhankelijkheid des te groter de angstgevoelens.

Maar ook onze gezondheid, veiligheid, welzijn, het leven zelf, kunnen we kwijt raken. Zelfs ons leefmilieu, het drinkwater, enz. Ook dat levert angst op.

Angst is daarom een economie geworden waar velen op inhaken of die angst nu terecht is of niet. Hoe meer we (denken te) hebben des te groter de angst iets kwijt te raken. Men beleeft een permanente psychologie van crisis.

Een crisis is voor veel partijen van waarde en voor anderen is het veel waard om het opgelost te zien om dat gevoel van angst kwijt te raken. Met de angst van de mens wordt dan druk gemarchandeerd en zelfs macht uitgeoefend of verdeeld.

Angst heeft een beklemmend effect dat misbruikt wordt in de crisiseconomie
Angst heeft een beklemmend effect dat misbruikt wordt in de crisiseconomie

Een crisis is echter pas een crisis als een angst bewaarheid wordt. Voor die tijd kan er nog van alles gedaan worden. Maar afkopen of uitbesteden van in ruil voor zekerheden levert alleen maar meer angst op. Als te laat is dan kan men er niets meer aan kan doen behalve het zelfbewust aanvaarden van een nieuwe werkelijkheid door de oude los te laten. Dat willen de meeste mensen niet. Men speculeert met wat er “zou kunnen gebeuren” en koopt zekerheden rond problemen die nog niet bestaan. Hoe ver we daarin gaan? Veel te ver! Denk aan ziekenkosten verzekeringen, pensioenen, antivirusprogramma, politie, enz. En al die zekerheden bouwen weer een grote hiërarchie en lobby op om de angst vooral aan te wakkeren en levendig te houden. Men creëert dus zelf de angst, houdt het met betalingen in stand en wakkert het aan totdat het een cultuur van antiwaarde is geworden.

Overheidcrisis is een angstcrisis, lucht dus.
De huidige overheid beleeft een crisis omdat het niet de hoeveelheid geld binnen krijgt die het zou willen hebben. Men verhoogt dan de belastingen waardoor men de koopkracht en handelseconomie verder blokkeert en weer minder binnenkrijgt. Deze reageert door verder waarden te onttrekken uit de keten waardoor het probleem zichzelf versterkt.

Men voedt zo de eigen angst door de werkelijkheid erop af te stemmen. Men ontleent eigenbelang, macht en waarde aan een crisis die niemand van de bevolking snapt, om er oplossingen bij te bedenken die niemand begrijpt of iets aan heeft maar die wel via de belastingen worden verrekend met de maatschappij. Eigenlijk is deze crisis dan de grote “antiwaarde”. Het onttrekt altijd waarde door zichzelf als waarde te verkopen, eigenlijk hetzelfde als waardoor de krediet crisis is ontstaan.

Voor de regering is het een argument om geld te onttrekken aan de maatschappij om “het” op te lossen. Men is alleen bezig met de eigen financiering, niet met waarde. Zo kan men voor altijd bezig zijn met niets en er zelfs macht aan ontlenen terwijl men bewust een crisis in stand houdt. Deze nep overheidcrisis, uit angst zichzelf niet te kunnen bedruipen, wordt dan een echte crisis voor mensen die niet meer in hun basisbehoeften kunnen voorzien en voor een onoplosbaar probleem komen te staan. De overheid lost haar crisis niet op en creëert crisis voor anderen.

De antiwaarde wordt machtiger dan de oorspronkelijke waarde waardoor er echte crisissen ontstaat op mens niveau. Geld pompen in de maatschappij is dan niet de oplossing want dat geld heeft nu een angstwaarde door de insteek van een angstgedreven overheid. De mens gaat eerder hamsteren dan waarde creëren.

Echte waarde is productiviteit
Een volksvertegenwoordiging zou zich natuurlijk nooit bezig moeten houden met angsten. Crisis bestaat niet op maatschappij niveau. Een maatschappij bestaat uit een stuk grondgebied en een bevolking. Daar moeten we het mee doen. Dat is niet verandert, we hebben zelfs steeds meer bevolking, dus we zijn niets kwijtgeraakt, we hebben erbij gekregen. We hebben daarom eigenlijk een luxe situatie, geen crisis. De vraag aan de volksvertegenwoordiging is dan “hoe gaan we ermee om?”. Met angst of zelfvertrouwen?

De enige maatschappelijke waarde is vooruitgang door doelgerichte productiviteit afgestemd op de omstandigheden van het moment en de duurzame menselijke vooruitgang die iedereen ambieert, ongeacht waar we geboren zijn maar waar we pp dat moment zijn. Veranderen de omstandigheden dan verandert de productiviteit en inzet ook al is de evolutionaire richting gelijk.

Een risico is pas een probleem als het zich voordoet, zoals een ongeluk of een catastrofe (overstroming, oorlog, aardverschuiving) die de productiviteit en zelfvoorziening in de war schopt. Vooruitzien is prima maar op basis van duurzame vooruitgang, niet uit angst om wat niet is gebeurd of wat men kwijt denkt te kunnen raken.

De instelling van productiviteit heeft niets met geld te maken maar met inzet van bewustzijn, kennis, menselijke creativiteit en energie. Dat is de echte waarde, hoe we die ook omzetten in geld. Het wordt uitgedrukt in echt welzijn. Geld kan daarbij gebuikt worden maar hooguit indirect een maatstaf.

Crisis is bewuste antiwaarde. De huidige regering (en voorgaande) is dus niet bezig met het landsbelang, lost niets op en is verwijtbaar dat het vooruitgang blokkeert op alle fronten.

Balans
De huidige maatschappijbalans is ontwricht door het eigenbelang van de overheid in het financieren en in stand houden van een angstcultuur. Na verloop van tijd weet men ook niet beter. Men denkt blind aan “het systeem” en snapt niets meer van beleid. Het zijn robotjes, geen mensen.Velen zijn bang macht kwijt te raken in plaats van de moed op te brengen om autoriteit te gaan benutten.

Oplossing
De oplossing is eenvoudig. We elimineren de crisis door het af te schaffen. Crisis bestaat niet. Angst dus ook niet. Niet in Nederland. We hebben grond, relaties en bevolking. Wat willen we nog meer voor het scheppen van waarden?

Wat wel bestaat is productiviteit en zelfvertrouwen. We hechten geen waarde meer aan angst want dat is antiwaarde. We hechten waarde aan onszelf en wat we willen bereiken binnen de mogelijkheden die een ieder kan aanreiken. Aan die waarde koppelen we het geld niet aan antiwaarde.

Nieuwe waarde (gunsten economie) – voorbeeld
Neem nu als voorbeeld de waarde van elkaar helpen? Als we een kwartier hulp waarderen als “5 euro”. Het wordt pas geactiveerd wanneer die hulp ook daadwerkelijk gegeven wordt en als hulp wordt ervaren. Net als een productverkoop maar nu als gunst overdracht. Het instrument “tijd” plus “menselijkheid” heeft de waarde van 5 euro afgestemd op de eenheid 15 minuten.

Wat de werkelijke toegevoegde waarde wordt bepaald door de ontvangende partij die aan de productiviteit van tijd, talent en inzet echte waarde ontleent. Dat kan van alles zijn als het maar als positief wordt ervaren.

Er is waarde gecreëerd en 5 euro overgedragen. De 5 euro blijft 5 euro. De gecreëerde waarde is toegevoegd aan de maatschappij. Waarom zou een schroef waarde hebben en een gunst niet? Dat is een kwestie van onderlinge afspraken. Als we allemaal elkaar 4 uur per dag helpen zijn dan 16 blokjes van een kwartier a 5 euro per stuk. Dat hoeft niet op straat te zijn, noch in een bedrijf. We helpen onze kinderen, de buren, onze ouders, onze naasten, enz. Dat gaat niet volgens de productiviteit normen van de handelseconomie maar van de gunsteneconomie. De handelseconomie werkt gemiddeld 200 dagen per jaar a 8 uur per dag. De gunsteneconomie werkt 350 dagen per jaar (15 dagen ruimte voor ziekte) en kent geen 9 tot 5 mentaliteit.

Als 70% van de bevolking (iedereen boven de 12 jaar, onder de 12 jaar is vooral ontvangende partij hetgeen een zorgzame moeder of vader ook waardevol maakt) in staat is om dit te doen, zo’n 12 miljoen mensen dus, dan levert dat een potentiële extra economie op van:

4 uur × 4 kwartier × 350 dagen × 5 € × 12 miljoen mensen = 336 miljard euro bruto binnenlands product.

Net zo belangrijk en waardevol is het verdwijnen van een evenredig deel van de angsteconomie. Op dit moment is dat jaarlijks minimaal 120 miljard euro aan zorg en verzorgingskosten plus een evenredig bedrag aan zekerheden die we afkopen via allerlei verzekeringen. Gaandeweg verdwijnen die kosten uit de overheidsbegroting waardoor ook de bijbehorende bureaucratie kan verdwijnen als sneeuw voor de zon. Hierdoor ontstaat er meer ruimte en vrijheid voor vooruitgang.

Reken uit de winst.

De som van de opbrengst in het BNP is 336 miljard aan circulaire economie waar structurele waarden uit ontstaan die te meten zijn in vooruitgang, inclusief de besparing op de angst cultuur. De belasting hiervan gaat niet naar het aanleggen van nieuwe wegen want dat doet de handelseconomie al, maar het faciliteren van sociale cohesie en onderlinge productiviteit in de buurten en wijken.

Het mooiste van alles
Het mooiste van alles is dat dit gewoon latent aanwezig is in Nederland en alleen maar geactiveerd hoeft te worden. Het brengt de handelseconomie niet in gevaar, in tegendeel. Het haalt wel de risico-economie onderuit maar die is gebaseerd op de antiwaarde van angst die we het liefst zo snel mogelijk kwijt zijn, hoe belangrijk lobbyisten en machthebbers ze ook mogen vinden.

Het geld ligt op straat en de waarde van Nederland zit thuis of is met de verkeerde dingen bezig
Het geld ligt op straat en de waarde van Nederland zit thuis of is met de verkeerde dingen bezig

Het voegt een vorm nationale productiviteit toe aan ons land die niet uitbesteed kan worden aan China of India. De regering en instanties kunnen er autoriteit aan ontlenen met bijbehorende positieve erkenning. Tot slot brengt het stabiliteit dat als voorbeeld kan dienen voor andere delen van de wereld. Het maakt ons minder kwetsbaar voor invloeden vanuit Brussel of economieën buiten ons land en geeft ons individueel meer ongesubsidieerde koopkracht. Iemand die werkloos is in de handelseconomie kan in de gunsteneconomie prima zelfredzaam zijn. Ouders van kinderen zijn zelfredzaam door hun kinderen op gewaardeerde manier op te voeden in plaats van uit te besteden. Grootouders leveren weer een productieve bijdrage van overdracht van kennis, ervaring en levenswijsheid aan de jongere generaties. En ooj zij worden ervoor gewaardeerd zonder dat het ten kosten gaat van het pensioen dat in het industriële tijdperk is opgebouwd.

En zelfs als we allemaal besluiten dat een kwartier geen 5€ waard is maar 10€ is er geen haan die er naar kraait. Hooguit uit de handelseconomie zich dankbaar uit dat er meer geld in roulatie komt voor consumptie.

En dan zouden we misschien eens kunnen kijken hoe die menselijkheid op het milieu kan worden toegepast want ook daarin is de onbalans groot.

Conclusie
Economie is perceptie en afspraken. Crisis is nep en in handen van antiwaarde tenzij in tijden van natuurlijke catastrofe. Die hebben we wel (klimaat verandering, global warming, vervuiling) maar deze is niet zo zichtbaar. Laten we ons eerst op vooruitgang concentreren. Vooruitgang is echt en in handen van onszelf. Waarderen wij in geld angst of zelfvertrouwen? Dat is een zelfbewuste keuze.

Ondertussen laat Nederland honderden miljarden liggen en zit een groot deel van het land met angst thuis of op het werk.

Bent u Sustainocraat? Word dan lid. Dan stellen we dit soort dingen samen ter discussie bij de gevestigde orde.

Wat is een Sustainocraat?

Tot mijn vermaak typeerde onze Antwerpse relatie Werner van Ginneken de Sustainocraat als “iemand die niet beter is of slimmer dan iemand anders, hij/zij heeft enkel het inzicht verworven dat iedereen gemakkelijk de deur kan nemen waardoor het probleem niet langer bestaat.” Lees hier de bijdrage van Werner

Een Sustainocraat beseft dat hij of zij een levend wezen is die, net als alle andere levende wezens, zich ontwikkelt in de dynamiek van een natuurlijk universum. Wij proberen dit zelfbewust en in levende vrijheid met kennis te doorgronden en ontwikkelen. In de natuurlijke werkelijkheid bestaan de vele “problemen” niet die door mensen onderling worden gecreëerd. Zo bestaat er in de natuur geen geld en ook geen schuld. Wat wel bestaat is de natuurlijke drang naar groei, eventueel via concurrentie, aanpassingsvermogen of symbiose (de kunst van het samenleven). De mens voegt daar een praktische creatieve vorm van lerend zelfbewustzijn aan toe dat heeft geleid tot een breed arsenaal van instrumenten die de mens helpen in de ontwikkeling van haar belangen.

image

Dit instrumentarium kan voor en tegen de mens zelf gebruikt worden in diezelfde oorspronkelijke natuurlijke drang die ons en onze omgeving kenmerkt. De mens is haar eigen natuurlijke vriend en vijand. Deze vriend en vijandschap houdt ons zo bezig dat wij niet bewust zijn gebleven van onze natuurlijke omgeving .

De Sustainocraat redeneert wél vanuit deze natuurlijke basis en gebruikt het beschikbare en toekomstige instrumentarium (producten, autoriteit, organisatievormen, kennis) voor de ontwikkeling van “duurzame menselijke vooruitgang” dat als volgt is gedefinieerd:

“Samen blijven werken aan een gezonde, vitale, veilige en zelfredzame menselijke maatschappij binnen de context van onze aldoor veranderende natuurlijke omgeving”.

De Sustainocraat aanvaardt per definitie dat “gezondheid, veiligheid, zelfredzaamheid, voedsel en toegepaste kennis”, behoren tot de kernverantwoordelijkheden van elke mens en maatschappij. Dit verbindt ons onlosmakelijk met ons leefmilieu. Deze kerntaken staan op natuurlijke wijze boven politieke, economische en menselijke organisaties, belangen en rechtsvormen.

Elke mens is in essentie Sustainocraat, ook al hebben wij dit op de achtergrond geschoven. Wanneer het weer doordringt tot ons bewustzijn dan gaan we ons er naar gedragen. Dat is alsof er een deur geopend wordt naar een wereld waar die typische menselijke dogma’s niet bestaan. Het is daarna ook prima mogelijk om de menselijke uitdagingen te relativeren en aan te passen aan dienstbaarheid voor die duurzaam vooruitstrevende menselijkheid. Jezelf Sustainocraat noemen is simpelweg een zelfbewuste erkenning van de eigen natuurlijke oorsprong en een commitment om ernaar te leven.

We treffen Sustainocraten aan in elke functie en status van de bevolking. Sustainocraten vormen waardengedreven bijeenkomsten en samenwerkingsvormen, vooral wanneer de basisprincipes geschaad dreigen te worden door verkeerd gebruik van ons instrumentarium. Sustainocraten benutten hun talent, kennis, functie, autoriteit en verantwoordelijkheid in de maatschappij door de basiswaarden te verdedigen en handhaven middels het goede voorbeeld en resultaatgedreven samenwerking.

Sustainocratie in ons bewustzijn is nieuw. Nog nooit heeft de mens zoveel schade aangericht aan haar natuurlijke omgeving (en zichzelf) om er zelfbewust een wetenschap en gedragskeuze op te gaan baseren. Nu wel.

image

Dan komen we terug op het beeld dat Werner schetste met de muur en de deur. De muur bestaat alleen voor mensen die hun bewustwording nog niet serieus nemen. Zij laten zich beheersen door de muur van pijn en angst die door de mens zelf is gecreëerd. Als je eenmaal Sustainocraat bent dan blijkt de muur niet te bestaan, de deur ook niet, alleen de grote universele werkelijkheid waarin wij allemaal samen bouwen en genieten van de duurzame ontwikkelingen van een positief ingestelde menselijkheid.

Jean-Paul Close
Sustainocraat

Werner van Ginneken over de crisis en sustainocraten

Stel dat er ergens een muur staat waar we met z’n allen tegenaan lopen, na het opruimen van de slachtoffers proberen we terug opnieuw met hetzelfde resultaat. Dit blijven we herhalen, onze doelstelling blijft hetzelfde en dat is voorbij die muur geraken. Plots komt er iemand op het idee om een gat in die muur te hakken, hij plaatst er ook een deur in. We proberen opnieuw en het resultaat is exact hetzelfde dan voorheen. Het gat en de deur heeft dus niet geholpen, het idee gaat de prullenmand in en we doen verder zoals voorheen, slachtoffers opruimen en nog eens proberen, slachtoffers opruimen en nog eens proberen … Aan de andere kant van de muur staan een aantal te roepen dat men eerst die deur moet opendoen vooraleer men door de muur kan, ook niet allemaal tegelijkertijd natuurlijk maar één voor één.

De theorie van de deur klopt niet met de waarneming en is derhalve inconsistent, er is ook geen acceptatie van het probleem dat we telkens tegen een muur lopen wat veel slachtoffers maakt. Achter de muur weet men dat de theorie wel klopt maar de muur staat in de weg om dat duidelijk te krijgen, de deur staat nochtans altijd open. Een Sustainocraat staat aan de andere kant van die muur maar wordt niet begrepen, hij/zij wordt zelfs gevraagd om zich aan te passen aan de regels van voor de muur en dat brengt hem/haar in een ongemakkelijke positie, het is immers zijn/haar wereld niet. Een Sustainocraat is niet beter of slimmer dan iemand anders, hij/zij heeft enkel het inzicht verworven dat iedereen makkelijk die deur kan nemen waardoor het probleem niet langer bestaat.

Werner van Ginneken
Antwerpen

Tekening van Gerard Putman
Visualisering van “de deur”

1% transformatie = 100 % acceleratie

De mens gedraagt zich net als een pompoenplant. Deze groeit maar door en woekert over alles heen. Als er ergens een obstakel is dan stopt de groei niet maar verandert van richting.

In onze economie gebeurt dat ook.

Bedrijven
Wanneer een bedrijf geen groei meer ondervindt dan moet er een richting verandering plaats vinden. Die verandering hoeft niet groot te zijn maar heeft wel grote consequenties. Zonder verandering zou het bedrijf ophouden te bestaan. Met de aanpassing is vooruitgang weer mogelijk. Daarin zijn veel keuzes. Dat vinden veel ondernemers moeilijk.

Als groei hapert dan gelden de regels:
1% transformatie = 100 % acceleratie.
Maar ook:
1% transformatie = 100 % transpiratie

Transpiratie ontstaat omdat “verandering” enorm moeilijk is. In onze huidige maatschappij zijn er al zoveel stromingen dat richting verandering bijna onvermijdelijk in het vaarwater komt van een ander. Het vinden van het spreekwoordelijke “gat in de markt” is daarom een uitdaging op zich. Richting verandering kan dan op verschillende manieren. Door net als een pompoenplant gewoon van richting te veranderen of door zelfbewust te transformeren naar iets anders dan een pompoenplant. Iets nieuws dus.

Denk aan Nokia die veranderde van elektronica fabrikant in GSM marktleider, Nintendo die met de Wii een nieuwe succesfase insloeg of Apple die met de i-reeks de wereld van communicatie revolutioneerde.

Nederlandse Staat
De staat heeft die transformatie mogelijkheid veel minder. De staat werkt met en voor “het succes van haar bevolking”. Als de staat als instituut in crisis verkeert dan kan het niet zomaar transformeren tenzij het een nieuw staatsmodel zou kiezen. Dat gebeurt niet snel in vredestijd.

Men kan dan alleen als land weer succesvol worden door de cultuur transformatie van de bevolking te faciliteren en eventueel als instituut mee te transformeren. Dat is moeilijk.

In de Stad van Morgen richten wij ons op hulp bij transformatie, zowel in richting verandering als integrale aanpassing, in het bedrijfsleven,  de overheid en hele maatschappij. Wij helpen ook bij de transpiratie door niet vanuit crisis en herstel te redeneren maar vanuit kans en vooruitgang.

In vele gevallen nemen we er zelfs integraal verantwoordelijkheid voor zodat de gevestigde orde het maar hoeft over te nemen als acceleratie weer mogelijk is. We vragen hen dan om mee te doen. De transpiratie van de omgeving gaat dan voor zitten in het weghalen en opruimen van obstakels. Een even eerzaam werk als men daarmee het eigen succes bevordert.
Voorbeeld: AiREAS (gezonde stad )

Transformatie formule

 > 1 = succes
> 1 = succes

 

Spanningsveld, mens en beleidcontrast

In dit artikel wordt gekeken naar het spanningsveld tussen twee parallel lopende werelden, die van de natuurlijke mens en van het functioneren van een modern maatschappij systeem. Dit spanningsveld levert positieve interactie op maar kan ook leiden tot crisis. Op dit moment zijn we in crisis en wordt het spanningsveld groter omdat het systeem en de mens voor hetzelfde probleem tegenstrijdige oplossingen bedenken.

In dit plaatje geef ik twee werelden weer die met elkaar een noodzakelijk spanningsveld beleven, de natuurlijke wereld en de onnatuurlijke wereld.

Het spanningsveld bepaalt vooruitgang of crisis
Het spanningsveld bepaalt vooruitgang of crisis

De “natuurlijke” wereld is die van moleculen, levensvormen, natuurlijke omgeving, evolutie, enz waar ook de mens een biologisch en evolutionair onderdeel van is. De mens functioneert in groepsverband en hanteert daarbinnen allerlei zelfbedachte mechanismen die op zich ook een evolutie en leerproces doormaken. We noemen dit “het systeem” omdat het instrumenten omvat waaraan door de mens bedachte economische en politieke waarden worden gehecht. Dit systeem is “onnatuurlijk” en dient zich af te stemmen op de mens en omgeving met het oog op scheppen van bepaalde harmonieuze rust en zekerheden. Zonder het systeem zou de mens een losgeslagen element zijn op zoek naar eigen individuele zekerheden middels onderlinge concurrentie en een zekere Darwinistische chaos.

Dankzij het systeem ontstaat een cultuur waarin de mens zich ordent volgens eigen opgestelde regels. Het systeem heeft echter de tendens een eigen leven te gaan leiden waardoor de afstand tot de menselijke natuur groeit en een spanningsveld laat zien die uitmondt in crisis. Teveel systeem is dus ook niet goed. Nu zien we dat het systeem zekerheden heeft opgeleverd maar ook lokale en wereldwijde vervuiling, verkeerde infrastructuur keuzes, ramp-scenarios, menselijke vervreemding, migraties, de angst voor de ander, vereenzaming, verstedelijking, individualisering, enz. Het spanningsveld levert dus een constante en boeiende interactie op die wij vooruitgang noemen door de constante stress tussen zekerheden en onzekerheden, menselijkheid en onmenselijkheid.

Vier grote aandachtsvelden

In het leerproces over de omgang met deze twee contrasten zien wij de interactie tussen het DOEN (organiseren, structureren, produceren, systeem) en ZIJN (ethiek verantwoordelijkheden, (natuur)bewustzijn, mens) waardoor er vier grote aandachtsvelden ontstaan: groei (afhankelijkheid cultuur), chaos (crisis ), aanpassing (menselijkheid) en symbiose (evenwicht tussen systeem en menselijkheid).

Natuurlijke evolutie
Natuurlijke evolutie

Het hele verhaal wordt complexer doordat wij vanuit “het systeem” hebben leren denken in termen van uitsluitend geld en economie. Onze maatschappij beperkt haar systeemdenken door in financiering te redeneren vanuit geldgedreven transacties (consumptie). Want daarover wordt belasting geheven waar weer systeemzaken uit worden betaald,   en bedrijfswinsten geboekt om vervolgens deze transactie wereld verder te stimuleren. Omdat tegenwoordig de gevolgen van dit economische systeem op de natuur en natuurlijke mens zo groot zijn geworden is de economie van die gevolgen ook enorm stijgend.

De gevolgen economie overtreft de primaire economie
De gevolgen economie overtreft de primaire economie

Door de groeiende crisis in de transactie en gevolgen economie is er een enorme stress gekomen in het gehele systeem. Daarboven op komt het economische systeem dat ook nog eens een schuldenlast hanteert op gebruikte materiële middelen. Omdat men van binnenuit het systeem uitsluitend redeneert aan de hand van economische prikkels komt men tot twee problematische maatregelen:

  • Men wil de transactie economie zo snel mogelijk herstellen en laten groeien
  • Men wil kosten besparen op de gevolgen economie (zoals de zorg).

In deze enorme systeemstress vergeet men “de mens” en “de natuur” waardoor het spanningsveld tussen beiden werelden alleen maar groter wordt. Een mooi voorbeeld kunt u zien in dit recente interview met wethouder Lenie Scholten van Eindhoven. Zij gaat over het zorgbeleid en zit midden in die economische systeemstress.

Wat we in het filmpje constateren is een beleid dat gebaseerd is op het voor een deel robotiseren van de zorg met het oog op besparingen op arbeidskosten. Voor een stad als Eindhoven is dit misschien geloofwaardig wegens de hightech cultuur van de stad, Brainport en de Technische Universiteit. Ook vanuit de transactie economische gedachten kunnen argumenten deze ontwikkeling onderbouwen, zeker als wij ons baseren op de systeemafhankelijkheid van de mens met bijbehorend economisch groeisysteem in een vergrijzende omgeving.

Daar is niets mis mee, geredeneerd vanuit die denktrant die zich positioneert in het systeemgebied van “groei zonder menselijkheid” van het van doen en zijn. Elke technologisch innovatie met bijbehorende diensten is natuurlijk een “product” dat aangeschaft wordt als transactie en op die manier ook weer via de belastingen bijdraagt aan de overheid economie. Op zich een prima gedachten als je midden in dat “systeem” zit. De kosten worden afgedekt met de middelen uit belasting.

Geredeneerd vanuit de menskant is het anders
Binnen de wereld van biologische werkelijkheden is de mens enorm gebaat bij groepsdynamiek. De kern van menselijke vooruitgang is het gezin en de familie. Het is gebleken dat “elkaar helpen” genoegdoening schept en zingeving verschaft aan grote bevolkingsgroepen die anderszins maar lastig actief zouden zijn op de arbeidsmarkt. “Zorg” was lange tijd een interactie tussen generaties waarin de overdracht van culturele waarden even belangrijk waren als het opvangen van kinderen. Grootouders hadden autoriteit die in de familie respectvolle relaties gaf. Dit is grotendeels verdwenen en ondergebracht in systemen zonder warmte, waarden, respect noch generationele expertise.

Niet alles hoeft geprofessionaliseerd te zijn zoals men dat nu heeft georganiseerd vanuit een puur systeem gedreven economisch oogpunt. De mens is verworden tot een opsomming van gefragmenteerde acties die allemaal ge-economiseerd kunnen worden door er een belastbare tijdbesteding, robot of prijskaartje aan te hangen. Denk aan acties zoals wakker worden (medicijn), opstaan (dienstverlening en controle), persoonlijke hygiëne, aankleden (elk kledingstuk per sok, kous, spelt, enz), gezelschap, entertainment, koffie zetten, licht aan, licht uit, schoonmaken, toilet, en dan het hele proces andersom. Hoe individueler des te groter het economische belang en de macht van de systemen. Integrale afhankelijkheid ontstaat dan van systeembelangen, met erachter ook hele optimaliseer processen, netwerken en bureaucratische programma’s die men moet handhaven en uitbreiden en die niets meer met de mens te maken hebben. Ze gebruiken de natuurlijke mens als object. Dat is de basis van de huidige crisissen.

De individu is doelwit van processen waar elke vorm van zingeving, waarde en menselijkheid uit is verdwenen. Zorgverleners in het huidige systeem die, exclusief reistijd, 7 minuten de tijd krijgen om bij iemand met overgewicht de sokken aan te trekken, worden geconfronteerd met een medemens die gewoon even een praatje wil maken. Als het aan het systeem ligt wordt daar ook weer een praatrobot voor bedacht maar aan de menselijke warmte wordt niet gedacht. De vereenzaming van de ouderen wordt opgevangen door een efficiënt systeem gericht op taken die de noodzaak van menselijke interactie steeds verder op de achtergrond brengen. Recent werd bijvoorbeeld een 60 jarig huwelijksfeest in een gewone flat georganiseerd waarbij alle flatbewoners waren uitgenodigd. Voor enkele ouderen was de drempel van angst voor andere mensen zo groot dat zij een week lang in de zenuwen hadden gezeten over het feest. Daar zijn geen robots voor, die veroorzaken juist het probleem dat onzichtbaar blijft voor het systeem door inherente onmenselijkheid.

Intermenselijke verbanden zijn gebaseerd op gewoonte, behoefte en gelegenheid. Als de behoefte en gelegenheid weggenomen wordt door het als inkoopproduct beschikbaar te stellen verdwijnt de gewoonte en ook de gedragsdynamiek. Men raakt geïrriteerd, intolerant en asociaal naar elkaar. Er ontstaan perverse gedragsstoornissen die door een effectieve “zorg”alleen maar worden aangewakkerd en uitvergroot, hetgeen weer aanleiding is voor wethouders en systeemlobbyisten om meer geld te vragen voor het zorgsysteem.

De persoonlijke lokale werkgelegenheid in productie wordt onderuit gehaald en ondergebracht in productiviteit die ongetwijfeld grotendeels in fabrieken van China en India wordt uitgevoerd. De gecentraliseerde dienstverlening is gebaseerd op statistieken, knopjes, toeters en bellen zonder menselijke interactie terwijl de bevolking gemiddeld steeds ouder wordt en steeds meer als kasplantje wordt behandeld en vereenzaamd.

De huidige economie vertoont al gigantische tekorten wegens de zorgstaat en niemand weet nog hoe men het kan opbrengen. Het gaat er niet om of we de robots wel of niet kunnen betalen. Die vraag stellen we ons ook niet over de stofzuiger, vaatwasser of wasmachine. Het gaat erom in hoeverre de maatschappij de last van onmenselijkheid op psychisch, lichamelijk, spiritueel, sociaal en financieel niveau aan kan zonder aan zichzelf ten onder te gaan?

Spanningsveld
Het contrast is groot als we beide werelden naast elkaar leggen. In de huidige maatschappij ligt er een zekere macht en autoriteit bij de overheden die vanuit de eenzijdige systeembenadering redeneren en de instrumenten van techniek, politiek en economie hanteren. Vaak vraagt men aan de Stad van Morgen waarom wij geen politieke partij vormen? Het bovenstaande geeft aan dat dit onmogelijk is. De natuur en de biologische mens trekt zich niets aan van geld of politiek. Mensen krijgen diabetisch, kanker of hartziekten of een wethouder nu robots bedenkt, geld vrijmaakt of uitsluitend redeneert vanuit gevolgen. De natuur is niet voor de gek te houden en gezondheid, veiligheid of zelfredzaamheid zijn natuurlijke bronnen van productiviteit, interactie en creativiteit die door het systeemgeweld alleen maar worden verziekt en daarna omringt door systemen. Dat levert altijd crisis op en onhoudbaarheid. Vandaar dat wij de kant van de natuurlijke mens kiezen en trachten het spanningsveld te minderen door de interactie aan te gaan met het systeem middels de toepassing van bewustzijn en kennis.

Dat is ook de reden waarom wij coöperaties opzetten waar alle partijen in vertegenwoordigd zijn om vanuit de mens naar het systeem te redeneren in plaats van eenzijdig vanuit het systeem naar de mens. De keuze van de wethouder wordt dan genuanceerd en onder druk gezet door experimenten te voeren die de menselijkheid als uitgangspunt nemen en niet uitsluitend systeeminstrumenten. We vermijden op die manier de confrontatie tussen mens en systeem die onvermijdelijk gebeurt wanneer het te laat is. Een modern maatschappij positioneert zich op de punt van symbiose. Dit betekent ook dat de mens en maatschappij een balans dienen te zoeken tussen natuur en systeem. Dat kan alleen als deze op gelijkwaardige basis met elkaar schakelen en niet hoeven te polderen over menselijk belang ten opzichte van systeembelang. Zowel systeem en mens zoeken dan het hogere menselijke doel van gezondheid en zelfredzaamheid waarbij toegepaste technieken een onderdeel zijn van het instrumentarium maar niet om de mens afhankelijk te maken maar de mens te faciliteren in haar levensgenot. Samen, liefde, gemeenschap, generaties en geven aan elkaar is van evolutionaire belang en kan niet zomaar weggepoetst worden door geldbelang. Het is een menselijke verantwoordelijkheid die we uit gemakzucht wel eens vergeten maar vroeg of laat ons met de neus op de feiten druk. Robots, net als de overheid als instelling, zijn een instrument van de mens voor de mens, en niet andersom. Dan pas heerst er stabiliteit, vooruitgang en harmonie. Dat komt alleen tot stand door de samenwerking in plaats van confrontatie tussen tegenstellingen op zoek naar compromis met menselijkheid als uitgangspunt.

Daarom wordt de bestuurders in de overheid en het bedrijfsleven vanuit hun eigen menselijkheid lid van Sustainocratische samenwerking. Zo kan men het systeemdenken nuancering met menselijkheid en het spanningsveld positief krijgen en houden.

Stress in het onderwijs

STIR Academy is een initiatief van de Stad van Morgen om samen de transformatie van het onderwijs aan te gaan. Onderaan het artikel kunt u zich aanmelden voor meer informatie

Ruim 25 jaar aftakeling in het onderwijs
Nu de economische crisis haar sporen achter laat in de maatschappij en zich dieper wortelt zien we het spanningsveld tussen de koudheid van het systeem en de warmtebehoefte van de medemens alleen maar groeien. Ook hebben wij het onderwijs zich de laatste 25-30 jaar zien ontwikkelen naar systeemstructuren rondom vooral emotieloze cognitieve vaardigheden, ontdaan van elke vorm van menselijkheid en menselijke omgangsvormen, alsof het gaat om het programmeren van robotjes.

In dit plaatje tonen we het groeiende onnatuurlijke spanningsveld tussen de mens en het systeem:

Het spanningsveld tussen mens en systeem wordt steeds groter maar daartussenin zitten onze kinderen.
Het spanningsveld tussen mens en systeem wordt steeds groter maar daartussenin zitten onze kinderen.

Leerkrachten raken in de stress

Uitval, gestreste leerkrachten, stafblaadjes, kruisjes, gedragsstempeltjes, groeiende bureaucratie, inspecties, cijfercultuur, enz drijven de zelfbewuste, gepassioneerde leerkrachten tegen de muren omhoog. Systeem georiënteerde figuren maken van de school een strafkamp. De afstand tussen de mensgedreven professionals en de geldafhankelijke besturen wordt zichtbaar.

De kinderen en jeugd hebben een leerplicht maar de school heeft een onderwijsplicht. Maar wat is “onderwijs”? Door de uitval gaan steeds meer scholen over op geautomatiseerde computersystemen om toch aan hun uren te voldoen. Of men laat de jeugd “zelfstudie” verrichten. Vanuit de verantwoordelijkheid van menselijkheid en de intensiteit van het leerproces op basis van verwerking van emoties, lichamelijke ontwikkeling, spiritualiteit (de essenties van het leven die elk systeem overstijgen) als ook de vaardigheden in bewustwording, is dit onaanvaardbaar.

Leerkrachten worden niet afgerekend op hun menselijkheid maar op de toepassing van een onmenselijk systeem. Zelfs bestuurders willen het anders maar zien vaak amper een uitweg. Er is niet meer geld voor het onderwijs maar met geld los je gebrek aan menselijkheid niet op. Daar is iets anders voor nodig.

Ouders én kinderen worden mondig
De klachten en weerstand hopen zich op. Scholen en leerkrachten worden zelfs bedreigd, ouderavonden lopen in het honderd, gesprekken tussen medewerkers en ouders lopen uit op hoog oplopende ruzies, kinderen snappen het niet. De jeugd gaat verplicht naar school maar leert meer op straat waar ook het onrecht wordt uitgespeeld tussen de leeftijden. Jongeren verlangen naar het einde van hun schooltijd en ouders ook. Want dan begint het échte leven pas met alle sociaal, emotionele en intellectuele achterstand die onze jeugd gaandeweg heeft opgelopen, met alle consequenties van dien. Het onderwijs wordt nu geacht als een kostbare onmenselijke verplichting dat men liever kwijt is dan rijk. Dit is niet eens een verspilling van middelen maar dat van de maatschappelijke waarden die ons bestaansrecht geven als gemeenschap.

We staan vaak onze jongeren verplicht af aan een opleidingssysteem waar wij geen vertrouwen aan hechten. Dat moet anders!

Er zijn natuurlijk uitzonderingen, zoals overal en met alles in het land, maar die bevestigen helaas de stelling in plaats van haar ter discussie te stellen. Alleen de scholen die aan het overheidsinfuus hangen en naar de pijpen dansen van “het systeem” overleven en dat zijn juist de omgevingen waar we onze jeugd het liefst niet willen hebben. Alternatieven zijn ofwel te kostbaar, te ver weg of op een andere manier onbereikbaar. Ook samenwerkende ouders, nieuwetijdse schooltjes, nieuwe modellen, die binnen het onderwijs alternatieven, steun en visie aanbieden, krijgen hun financiering niet rond of wordt de toegang tot het systeem ontzegd.

Transformatie
Zo kan het niet langer. De afstand tussen dat wat wij willen voor onze kinderen en de aangeboden werkelijkheid is te groot geworden. Het gaat om de toekomstige generaties die zo opgroeien in de onmenselijkheid en zich radeloos afvragen waar zij met hun emoties naar toe moeten? De een kiest drugs of alcohol, de ander springt voor de trein, soms zoekt men de criminaliteit of raakt te vroeg zwanger op zoek naar menselijke warmte. De dure, stempelgedreven zorg en strafcultuur maakt het alleen maar erger.

Het gaat niet om een vingertje opsteken en klagen. Het gaat om het verbinden van de mens en het leersysteem met de menselijke werkelijkheid in de opvoeding, opleiding en begeleiding van onze jeugd. Elke mens is “een held” en leert het hele leven om te gaan met de zoektocht naar het geheim van duurzame welzijn en vooruitgang. Dit gebeurt door geprikkelde interactie met de omgeving en reflectie over de eigen resultaten. We moeten als mens weer het menszijn gaan waarborgen in onze omgeving en systemen, te beginnen met het onderwijs!

Ons kind is een held op levensreis
Ons kind is een held op levensreis

Sustainocratie wil geen nieuw schoolsysteem introduceren maar het hele schoolbeleid aanpakken en helpen transformeren naar iets waar we trots op willen zijn, niet enkele kinderen en ouders, maar allemaal. We hebben geen extra geld nodig maar de bereidheid van “het systeem” zelf om los te laten en lid te worden van “toegepaste kennis en menselijkheid” als doelgericht samenwerkingsverband tussen de mens als burger, overheid, onderwijs, wetenschap en bedrijfsleven, rond duurzame menselijkheid.

We doen de transformatie niet alleen maar allemaal samen. We maken de kloof (het spanningsveld) tussen de warme mens en koude cultuur weer kleiner en beheersbaar. Wij nemen de verbindende verantwoordelijkheid op ons en nodigen uit tot de “transformatie”.  We hebben er geen moeite mee om dit de komende 10 jaar te doen als experiment, bijvoorbeeld in Noord Brabant.

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨