We zijn als maatschappij vooral in de ban geraakt van economische indexen. Ons besteedbare vermogen, het huishoudboekje, ons salaris, de hoogte van de uitkering, koopkracht, beurskoersen, winst, enz vertroebelen onze kijk op de wereld. Die indexen zijn zo sturend geworden dan we vaak vergeten dat economie geen doel op zich is maar hooguit een middel. Het doel van elk levend organisme (zoals de mens) is een duurzaam en evolutionair voortbestaan van zichzelf als soort en wat daaruit ontstaat. Het gaat dan niet alleen om het welzijn zelf maar ook de manier waarop we er zelfbewust aan bijdragen. Steeds vaker worden mensen, bestuurders en instanties zich ervan bewust dat we ons te afhankelijk hebben gemaakt van economische prikkels en belangen waardoor we de consequenties voor ons echte voortbestaan uit het oog zijn verloren, sterker nog, we zijn er niet eens meer integraal bij betrokken…. totdat we ermee worden geconfronteerd. Maar dan is het te laat.
De manier van kijken naar onze werkelijk geeft verrassend nieuwe inzichten
Daarom zien we dat steeds meer mensen en instanties afstand doen van economie als maatstaf. In de Stad van Morgen hanteren wij de 5 kernwaarden van Sustainocratie als maatstaf voor onze eigen definitie van duurzame menselijke vooruitgang. We kunnen daar met gemak een index van maken. Dat levert echter redelijk frustrerende resultaten op omdat in de wereld van verstedelijking die kernwaarden juist nooit echt een rol hebben gespeeld en derhalve op alle fronten een dikke onvoldoende scoren. Dat in schril contrast met de economische cijfers van een stad die vooral zijn gebaseerd op de waardering in geld van vastgoedtekorten, arbeid en goederenstromen. Men kijkt dan naar een groei-economie terwijl veelal de rekeningen, in de vorm van maatschappelijke lasten, vervuiling, criminaliteit en risico’s, via schulden, belastingen, kostenbesparingen en regelgeving gemanaged wordt zonder de echte oorsprong van de problemen onder ogen te zien. Men wil gewoon meer economische groei omdat er macht aan wordt ontleend maar er geen enkele betere of harmonieus duurzame wereld uit voortkomt.
Binnen de contouren van Sustainocratie blijken de steden daarom dodelijk kwetsbaar en die kwetsbaarheid wordt vooral veroorzaakt door focus op (groei)economie in plaats van het nastreven van echte kernwaarden. Een mooi initiatief dat zich tussen de twee werelden plaatst is de Gemeentelijke Duurzaamheid Index (GDI). De definitie die men hanteert voor duurzame vooruitgang is gebaseerd op de Brundtland definitie van de VN uit 1987 maar men geeft er wel een geheel eigen wending aan. Die wending maakt het waardevol omdat men economie nuanceert tussen mens en milieu. De PPP (people, planet, profit) beweging zien we erin terug maar wel met “profit” als middel en niet als doel zoals velen het nog steeds zien. In de Stad van Morgen vertalen we het Engelse “profit” niet in geldwinst maar maatschappelijke en ecologische meerwaarde. De GDI baseert zich op publiekelijk beschikbare gegevens en waardeert deze langs een as van 0 tot 10. Door allerlei parameters in te delen in de PPP kaart ontstaat een scoreplaatje van de betreffende gemeente. Zo kan iedereen meekijken naar het beleid en de effectiviteit ervan op gebied van de GDI definitie van duurzaamheid. Ook de landelijke ontwikkeling vertonen een beeld dat zeker de moeite waard is om naar te kijken en als betrokken maatschappelijke groepen eens wat mee te doen.
Eindhoven scoort volgens GDI een onvoldoende: 4, iets slechter dan gemiddeld Nederland (4,3)
Eindhoven GDI
Het burger stadsdebat van eind oktober heeft aangetoond dat Eindhovens burgerschap haar bestuur verwijt om met veel te weinig ambitie bezig te zijn. Ook de enorme tendens van sociaal ondernemen dat een vlucht neemt in het gebied wordt onvoldoende erkend of gefaciliteerd. Men laat zich nog teveel beïnvloeden door conservatieve, vaak twijfelachtige economische lobby’s in plaats van het nastreven van kernwaarden en duurzaam vooruitstrevende indicatoren. Als we naar de GDI kijken dan zijn het vooral de kleinere gemeenschappen die goed scoren terwijl de grotere steden, het Noorden en absolute Zuiden van Nederland veel te wensen over laten. Provinciaal zien we Noord en Zuid Holland, Utrecht, Zeeland, Groningen en Limburg als slechtst scorende gebieden. Al met al pleit dit niet voor verstedelijking en als we dan toch steden wensen dan moet het beleid drastisch veranderen.
Dat de Stad van Morgen goed gebruik zou kunnen maken van de G1000 technische middelen hebben we al eens eerder geopperd. Uiteindelijk zijn de dynamische cluster technieken van beide initiatieven sterk te vergelijken. In Eindhoven waardeerden we het G1000 proces maar haakten af door het verlies van diepgang aan het einde de rit wegens afhankelijkheid van gebruik van bepaalde technologische middelen en een afgeroomde werkwijze. In Gemert-Bakel laten ze zien dat het ook anders kan. Bekijk de twee korte werkgroep presentaties….
SINI laat ons kennis maken met de Turkse keuken en eetcultuur
Adres: Edisonstraat 103-105, 5621 HL Eindhoven
Start: 19:00
Maximum 20 plaatsen (op is op)
Aanmelden (zie onderaan) is een vereiste wegens planning en registratie speciale wensen
Wist u trouwens dat de Edisonstraat geweldig is gerenoveerd? Elke maand gaan we met de FRE2SH (kwaliteit van leven) samenwerking eten “in een ander land” onder het mom van “ik eet vreemd” in een restaurant in Eindhoven. Dit doen we om kennis te maken met de culinaire diversiteit in onze stad en bijbehorend land, de cultuur, de mensen, de gastvrijheid en geschiedenis. De multiculturele rijkdom in onze samenleving is uniek en iets om van te genieten.
We werken met een vaste prijs (20€ voor leden, 25€ niet leden) dat voor 90% als budget wordt aangeboden aan de restaurant eigenaar (10% is voor de FRE2SH coördinatie). Daarna laten we ons verrassen door het eten, de presentatie en de gastvrijheid van het land.
Recreatie is onderdeel van de grote FRE2SH groep van samenwerkende mensen en instellingen (de “R”) met als hoger doel de kwaliteit van ons leven in de regio. FRE2SH richt zich op de kwalitatief hoogwaardig invulling van onze dagelijkse behoeften door er samen verantwoordelijkheid voor te nemen. Iedereen kan meedoen. Recreatie is zo’n dagelijkse behoefte. Iedereen gebruikt het woord maar wat is dat het eigenlijk?
Maar waar denkt u aan bij “recreatie”?Waarschijnlijk komt u in gedachten uit op wandelen in de natuur, fietsen, op een boot varen of sporten. Misschien denkt u aan het komende weekeinde, een vrije dag of vakantie? Krijgt u bij de gedachten een gevoel of vooruitzicht van ontspanning, opladen van nieuwe energie, rust, plezier? Dit alles vaak als contrast met een overigens hectisch, tegenovergesteld druk en zorgelijk leven.
Het woord zelf betekent “weer opnieuw maken”. Dit kan opgevat worden als “herstellen” zodat iets weer functioneert als vanouds, door bijvoorbeeld onze energieniveau’s weer wat op te laden. Of in de vorm van “nog een keer maken” naar voorbeeld van een eerdere versie, zoals elke dag een uurtje sporten om die spieren los te krijgen en diep adem te halen in de gezonde lucht. Re-creëren heeft daarom iets creatiefs dat zich herhaalt, naar het voorbeeld van iets goeds dat ons bekend was. En creativiteit is een menselijke eigenschap die verbeeldingskracht, inzet en doorzettingsvermogen nodig heeft. Men is gedreven, passievol en energiek, en pas tevreden als het eindresultaat bereikt is. Het feit dat het eindresultaat reeds bekende associaties oproept omdat men het al eens eerder heeft ervaren zorgt voor een extra impuls. Want recreëren is vergelijkbaar met “opnieuw (mee)maken”. En men wil alleen dat opnieuw (mee)maken wat eerder tevredenheid en genot heeft gegeven. Dat vooruitzicht is een belangrijke drijfveer.
Ontspannen leidt tot recreatie, niet andersom. Maar voordat men aan recreatie toekomt is een ander aspect essentieel, namelijk het loslaat proces van dat drukke en hectische or zorgelijke bestaan. “Ontspannen” noemen we dit. Pas als men de zorgen van de dagelijkse gang van zaken opzij zet maakt men de ruimte vrij voor herstel. Sommige mensen zeggen “ik moet mijn hoofd eerst leegmaken”. Die volgorde is heel belangrijk. Daar zijn ook technieken voor. We moeten namelijk onze zorgen niet bagatelliseren. Want als we ze opzij zetten om er daarna weer mee om te gaan komen ze vaak dubbel zo hard weer terug. Opzij zetten is derhalve niet hetzelfde als “onder de mat verstoppen”. Zorgen een plek geven, zodat ze niet iemand overheersen maar gewoon een onderdeel zijn van een leven waar bij tijd en wijlen aandacht aan moeten besteed, is net zo belangrijk als ruimte scheppen voor herstel, opladen en recreatie.
Recreatie is daarom een vorm van zorg voor jezelf, een vorm van genezing door enerzijds loslaten en ontzorging, en anderzijds door het herstelproces zelf. Goed recreëren is daarom een kunst op zich, een vorm van innerlijke harmonisering met de uitdagingen van deze tijd. Door met FRE2SH samen te werken gaan we met deze kunst aan de slag. U kunt dat zelf doen of onder begeleiding van onze specialisten. FRE2SH is een beweging voor uw eigen kwaliteit van leven. Aan FRE2SH zijn geen kosten verbonden maar wel inzet en doorzettingsvermogen. Want inzet is het nieuwe geld en u krijgt er kwaliteit voor terug. Als u gebruik maakt van de diensten van onze partners dan zijn er natuurlijk wel kosten aan verbonden maar die investering bepaalt u zelf.
Sociaal ondernemen is volgens het manifest burgerparticipatie van de Stad van Morgen slechts gebrekkig erkend terwijl het de motor is voor de ontwikkeling van banen, maatschappelijke bezuinigingen en het debureaucratiseren van onze gemeenschap. Volgens een artikel vandaag in het Eindhovens Dagblad heeft het onderzoekbureau McKinsey aangetoond dat deze banenmotor in Nederland alleen al goed is geweest voor 25.000 nieuwe banen in de laatste 5 jaren met ruim 2000 sociale onderneming die zijn gestart in die periode.
De tendens is alleen maar groeiende. Stad van Morgen focust zich al jaren integraal op deze manier van ondernemen als structurele oplossing voor de lokale en wereldproblemen die veroorzaakt worden door de waardevernietiging van puur geld-gedreven belangen. In 2008 publiceerden we een analyse van 300 bedrijven op basis van de 4 x winst index (ofwel het piramide paradigma) die we hadden ontwikkeld. Daarin keken we naar het ondernemerslandschap in Nederland en kwamen tot een gemene deler van een “C”. Dat wilde zeggen dat in Nederland net zoveel waarde wordt toegevoegd als onttrokken aan de economie. Kortom we stonden stil. En stilstand is achteruitgang. Nederland scoort slecht in waardecreatie.
Ondanks de positieve tendens die vandaag werd gepubliceerd in de krant is de erkenning van deze sector nog minimaal. Dat heeft twee belangrijke redenen:
De geld-gedreven sector wordt in de politiek-economische hiërarchie geliefd omdat het meetbaar resultaten oplevert die te vertalen zijn naar statistieken maar ook belastingsystemen en macht. Geld heeft geen kleur of geur en verlangt weinig visie maar vertegenwoordigt grote belangen. Ethiek en moraal spelen amper een rol in die wereld die zich via “groei” manifesteert als maatschappelijk belangrijk maar in essentie onze leefomgeving, onderlinge relaties en toekomstperspectieven totaal kapot heeft gemaakt. Sociaal ondernemen wordt in deze sferen van beleid vaak gezien als zweverig, vrijwilligerswerk en onrealistisch. Dat komt omdat het fenomeen op geheel andere succesfactors wordt beoordeeld dan de geldnorm die de andere sector erop nahoudt.
Sociaal ondernemen mist nog een concreet meetinstrument om de impact ervan inzichtelijk te maken. Dat is ook moeilijk want hoe meet je zaken als gezondheid, harmonie, geluk, liefde of gezond eten en gezonde lucht? Het ontbreken van zo’n instrument is een handicap waardoor deze vorm van ondernemen ook geen erkenning geniet bij het UWV of andere instanties die mensen zoveel mogelijk willen onderbrengen in de geld-gedreven wereld die men erkent en herkent en zo min mogelijk in dat sociale gebeuren waar men geen grip op heeft. Echter zijn de tekenen zodanig dat men er rekening mee moet gaan houden. We doen er goed aan wat meetinstrumenten toe te voegen aan sociaal ondernemen, als is het maar in het taalgebruik van de geld-gedreven overheersers:
Sociaal ondernemen creëert banen door maatschappelijke empathie en betrokkenheid
Geld-gedreven ondernemen vernietigt banen door automatisering van processen, verhuizen naar lageloonlanden en waardevernietiging in de productieketen.
Sociaal ondernemen werkt lastenverlichtend omdat het maatschappelijke lasten ombuigt naar kansen voor investering in waardecreatie door allerlei vormen van toegepaste innovatie.
Geld-gedreven ondernemen verlegt de kosten van de consequenties op maatschappij en milieu naar de bevolking die het via belastingen en regelgeving maar ook via hun gezondheid moet bekopen.
Sociaal ondernemen werkt debureaucratiserend waardoor niet alleen de kosten van de maatschappij omlaag gaan maar ook de vele blokkerende factoren die vooruitgang in de weg staan.
Geld-gedreven ondernemen heeft zowel belang bij het creëren van de problemen als bij het oplossen ervan omdat de financiering geput wordt uit de bevolking. Grote delen van semi-overheid instanties en gesubsidieerde bedrijven hebben hele machtige hiërarchieën geschapen die met deze dualiteit omgaan met alle vormen van bureaucratie en regelgeving erbij.
Sociaal ondernemen wordt door conservatief geld-gedreven belangen als bedreigend ervaren omdat het vernieuwingen introduceert die ten kosten kunnen gaan van groei patronen die men vast wenst te houden.
Geld-gedreven ondernemen wordt door de vooruitstrevende sociale belangen gezien als de uitvergrotende factor van de waarden als deze eenmaal zijn gecreëerd en zichtbaar gemaakt. Sociaal ondernemen wordt daarom gezien als de koplopers van vooruitgang.
Volgens de Stad van Morgen worden onze gemeenschapsgelden nog steeds bestuurlijk verkwanseld aan het behouden en tegen faillissement beschermen van geld-gedreven belangen. Een maatschappelijk beleid gericht op het aanvaarden van kernwaarden gedreven evolutie en vooruitgang door het stimuleren van sociaal en ecologisch gedreven veranderingen levert veel meer op dan het huidige beleid. Stad van Morgen maakt dat waar in Sustainocratische samenwerkingsvormen zoals AiREAS dat goed is voor een omgeving van 100den sociale ondernemingen met enorm veel arbeid en marktontwikkeling.
“Visie is als een olifant die het uitzicht belemmert.” (Mark Rutte, president BV-NL).
Veel politiek belang wordt onterecht gehecht aan onbelemmerde economische groei. Dat heeft een bepaalde logica als we bedenken dat politieke belangen draaien om het maken van aanspraak op het beheren van de maatschappelijke overheid waaraan men macht koppelt. Deze overheid wordt in stand gehouden door belastingen via geld en regels te onttrekken aan de bevolking. Meer geld levert meer overheid en meer machtsinstrumenten voor de politieke stromingen die er aanspraak op trachten te maken. Een groei-economie is het enige antwoord dat men kan verzinnen hetgeen leidt tot verwrongen, ondoordachte en ronduit maatschappelijk tegenwerkende maatregelen. Een maatschappij werkt namelijk niet op basis van groei maar vanuit een evolutie met constante veranderingen.
“Economisch groeibeleid is als een olifant die het inzicht belemmert.” (Sustainocratie)
De woorden “als je altijd doet wat je gedaan hebt dan krijg je altijd wat je gekregen hebt” zijn niet waar en zeker niet als dit de basis is van een politiek-economische opvatting “als ik wat meer doe, krijg ik evenredig meer terug”. Als je altijd blijft doen wat je gedaan hebt dan verlies je contact met de veranderende omgeving en mis je het aanpassingsvermogen om het voortbestaan van jezelf te garanderen. Dat geldt ook voor een overheid die veranderingen dient te faciliteren in plaats van te blokkeren uit “meer van het oude” geloof, of partijpolitici die “meer van het oude” als oplossing verkopen voor maatschappelijke steun naar macht.
“Allerlei veranderingen hebben geleid tot groei maar groei nooit tot veranderingen, wel verstoringen.”
Innovaties hebben gezorgd voor vooruitgang waaraan allerlei groei fenomenen werden verbonden. Denk aan globalisering, vergroting van ons welzijn maar ook de groei van vervuiling, klimaatverstoring, stromen van vluchtelingen, dood van levende soorten op Aarde. Groei is dus relatief en verandering schept ruimte voor groei.
“Elektriciteit is niet uitgevonden door constante verbetering van kaarsen” (Oren Haran)
Als de economische groei leidt tot verstoring van maatschappelijke processen en kernwaarden zoals gezondheid en veiligheid dan zijn de lasten van die groei niet betaalbaar uit de economische winst. Macht misschien wel maar die werkt als de olifant die vooruitgang in de weg staat. De rekening komt dan niet alleen via de belastingen terecht bij de bevolking maar ook via verstoring van welzijn, duurzame vooruitgang en verminderde (overlevings)kansen.
“Met geld koop je zorg maar geen gezondheid, politie maar geen veiligheid, vis maar leer je niet vissen, kennis maar geen bewustzijn, enz. ” (Stad van Morgen)
Groei is derhalve geen maatschappelijke maatstaf maar verandering is moeilijk politiek te “verkopen” aan een bevolking die alleen maar meer van hetzelfde wil.
“Had ik naar de markt had geluisterd, dan hadden ze mij gevraagd een sneller paard te bouwen.” (autofabrikant Henry Ford).
Bovenstaande inzichten geven aan dat de macht, verbonden aan partijpolitieke en economische groeigerelateerde beloftes, uit de tijd is en zelfs blokkerend werkt. Een nieuwe maatschappelijke context is nodig, een waarin het eigenbelang ondergeschikt is gemaakt aan het grotere en veranderende geheel, en faciliterend beleid gerelateerd is aan een constante stroom van duurzaam vooruitstrevende veranderingen binnen de context van een maatschappelijke samenhang en continuïteit van menselijke en natuurlijke kernwaarden. Sustainocratie daagt permanent uit tot verandering door deelnemers vastigheid te geven aan het nastreven van menselijke kernwaarden.
“Als we de huidige, vooral stedelijke samenleving moeten waarderen op de schaal van kernwaarden volgens Sustainocratie dan scoort het een grote onvoldoende.” (Stad van Morgen)
Een keer in de maand (of vaker) gaan we eten bij een andere cultuur. Zo maken we kennis met de eetculturen uit de hele wereld. Natuurlijk nodigen wij de andere culturen ook uit om kennis te maken met de Nederlandse eetgewoontes en keuken…..
De multiculturele culinaire proeverij club van Eindhoven
Je hoeft geen uren in een vliegtuig te zitten om de cultuur van een land te proeven. In en rondom Eindhoven zijn er veel gelegenheden die ons kennis laten maken met een land en levenswijze via hun kookkunsten. Vaak zijn die heel anders dan die van ons. Het is enorm leerzaam en smakelijk om te proeven uit deze culturele rijkdom in onze directe omgeving.
Waarom deze club?
Stad van Morgen vindt het belangrijk dat een multiculturele omgeving leert omgaan met elkaar op een interculturele manier, op basis van gelijkwaardigheid, respect en vertrouwen in elkaar, en erkenning van onze verschillen. Dat doen we door alle culturen te verbinden binnen de kaders van de menselijke en natuurlijke kernwaarden die we Sustainocratie hebben gedefinieerd. Gezondheid, lichamelijk maar ook in de vorm van gezond met elkaar omgaan, en gezonde voeding zijn daar een onderdeel van. Maar elke cultuur vult dat anders in. De manier van elkaar groeten, tafelmanieren, eetgewoontes, ingrediënten, enz zijn heel divers. We willen niet alleen kennis maken met de keuken en de smaken uit andere landen maar ook het verhaal er achter.
Hoe werkt de club?
De club bouwt een netwerk van relaties op uit de diversiteit van culturen met eetgelegenheden die we herbergen in de stad en omgeving. De restaurant eigenaren worden uitgenodigd om zichzelf, hun cultuur en keuken te presenteren door een representatief menu (meergangen menu of proeverij) samen te stellen en zelf met het gezelschap aan tafel te gaan. We vragen de eigenaar om de achtergrond van zijn of haar komst naar Nederland en Eindhoven en het verhaal van zijn keuze rond het samenstellen van het menu. Veel restaurants sluiten zich ook aan bij het FRE2SH concept van de Stad van Morgen om zo een belangrijk deel van hun grondstoffen lokaal te betrekken.
De club heeft een agenda waar leden en niet leden zich op in kunnen schrijven. U bepaalt dus zelf met welk bezoek en wanneer u meedoet. Er zijn geen verplichtingen verbonden aan het lidmaatschap maar als lid hopen we u toch minstens eens in de maand te zien. Als u drie maanden achter elkaar niet mee heeft gedaan dan vervalt het lidmaatschap. U kunt zo vaak meedoen als u wilt. Per jaar komt eenzelfde restaurant enkele keren voor op de agenda, dus als u een keer verhinderd bent dan krijgt u toch nog de kans om kennis te maken met de cultuur op een ander moment. Het maximum aantal clubdeelnemers per restaurantbezoek is 30 (tenzij anders aangegeven). U betaalt een vast bedrag vooraf voor het menu (leden hebben korting en voorrang) bij aanmelding waarmee de club een budget afspreekt met de restaurant eigenaar of exploitant. Mocht u onverwacht verhinderd zijn op de avond zelf dan krijgt u bij tijdige afmelding uw inleg terug.
Wat kost het?
Lidmaatschap kost 5€ administratie en communicatie kosten per jaar of deel ervan. Het menubudget is gesteld op 20€ voor leden per avond en per persoon (tenzij anders vooraf is aangegeven). Niet leden betalen 25€. Het inlegbedrag is vooral gericht op de eetcultuur. Drank is per keer afhankelijk van het restaurant en het samengestelde menu. Drank dat genuttigd wordt buiten de gestelde afspraken komt apart voor eigen rekening.
In deze twee plaatjes laten we de werkwijze van FRE2SH zien. Elk van de gebieden in de kolommen wordt ingevuld door allerlei sociaal en ecologisch gedreven ondernemer’s initiatieven of ondernemingen. Door zich in de FRE2SH coöperatie te verbinden aan het gemeenschappelijke hogere doel van samenredzaamheid en kwaliteit van leven ontstaat er een levende kruisbestuiving dat elkaar enorm versterkt zonder dat daar buitensporige moeite of kosten tegen over staat.
De netwerk coöperatie rondom de invulling van basisbehoeftes van de mens
Functioneel werkt FRE2SH als volgt. Elke partner heeft een stukje van de puzzel dat men zelf beheert vanuit eigen inzichten, visie, passie, ondernemerschap en vakman(vrouw)schap. Men heeft ook elkaar nodig in een soort keten van overdraagbare of verenigbare waarden of belangen. Door deze waardeprocessen te integreren ontstaat een samenhang dat uitwisselbaar is binnen de groep en verkoopbaar erbuiten.
Integratie is gebaseerd op betrokkenheid, inzet, talent en tijd waar waarden tegenover staan die samen worden gecreëerd.
Tijdens een internationale bijeenkomst kwam taal en beeldvorming bij maatschappelijke transitie processen ter sprake. Vaak zegt een beeld meer dan 1000 woorden. Nu bouwt Sustainocratie vanzelf al een eigen vocabulaire op puur omdat de energetische lading van woordinhoud anders is na de transitie dan het erna. Om verwarring of nodeloze discussies over symantica te voorkomen worden geheel nieuwe woorden geïntroduceerd. Sustainocratie is zo’n woord, net als de transformatie economie, waarde gedreven cocreatie, multidisciplinaire tafel of bewustzijn gedreven ecosysteem. Bij deze wereld horen ook beelden. Sustainocratie is op deze manier onderwerp geworden van creativiteit van professionele vormgevers. Dit is het resultaat….
Het beeld geeft een cyclische beweging weer waarin kernelementen zoals lucht, water, energie en aarde zich verbinden in een progressieve evolutie van leven. Het beeld beschrijft de zelfbewuste interactie die wij multidisciplinaire vormgeven. De verdikking van de lijnen net als de kleuren geven de diversiteit en vooruitgang weer van onze processen.
Erg mooi weergegeven. Vormgever is Kevin Wheely in samenwerking met Scapeler.
Burgerbetrokkenheid en mede-verantwoordelijkheid voor de ontwikkeling van regionale kernwaarden zoals gezondheid
Tijdens DDW2016 werden ruim 1000 bezoekers ontvangen op de 1e verdieping van het gemeentehuis tijdens de expositie over sustainocratisch samenwerken aan gemeenschappelijke kernwaarden zoals onze gezondheid en luchtkwaliteit. Het afsluitende debat in de raadzaal leverde dit manifest van aandachtspunten op om burgers beter te betrekken én erkennen bij de ontwikkeling van onze eigen kernwaarden. Tevens wordt een bestuurlijke oproep gedaan om zich veel ambitieuzer op te stellen in de aanpak voor de verbetering van gezondheid in de binnenstad. Aan het einde van het manifest kunt u eventueel en desgewenst uw steun betuigen. Download hier manifestburgerparticipatie-2 het hele document.
1. Ruimte en waardering voor sociaal ondernemerschap:
Onze gangbare politiek-economische werkelijkheid concentreert zich met name op de speculatieve economie van industrieel materialisme, of dit nu tot uiting komt in productcreatie en handels processen of maatschappelijke dienstverlening. Deze maatschappijvorm werkt problemen in de hand die niet via dezelfde economische drijfveren, regelgeving of bestuur opgelost kunnen worden. Sociaal ondernemerschap doet dat juist wél en zorgt voor vreedzame transitieprocessen die de continuïteit van maatschappelijke en economische stabiliteit waarborgen. Uit sociaal ondernemerschap ontstaat een enorme maatschappelijke kostenbesparing, oplossingsgerichte creativiteit, vermindering van bureaucratie en de basis voor ontwikkeling van nieuwe vormen van arbeid en economie. Sociaal ondernemerschap is de kiem van maatschappelijke, sociale en economische innovaties die voldoen aan de nieuwe eisen van een voortschrijdende evolutie.
Sociaal ondernemen is niet geld maar waarde-gedreven hetgeen een geheel ander verdiensten patroon met zich meebrengt dan de geldafhankelijkheid of sturing van de (stedelijke) omgeving. Als nieuwe waarden zich manifesteren uit sociaal ondernemen worden ze op termijn overgenomen door geld-gedreven ondernemerschap in nieuwe marktontwikkelingen van sociale uitvergroting. In de huidige tijd is sociaal ondernemen zodanig geprofessionaliseerd en onderdeel geworden van een nieuwe maatschappelijke structuur dat het evenredige erkenning behoeft, niet beperkend vanuit een geldelijke beloning maar vanuit waardering en de toebedeling van emotionele rust en ruimte in de geldafhankelijke wereld die de verstedelijking kenmerkt.
Huidige sociaal ondernemers worden, vaak met nodige vormen van onbegrip, gesteund door partners, een uitkering of pensioen, of familie. Of ze leven op het randje van armoede. Deze onterechte status vertegenwoordigt een gebrek aan erkenning en structuur van deze vorm van maatschappelijke professionaliteit. De stelling van “1% maatschappelijke waardering van sociaal ondernemen vormt de basis van 100% stabiliteit en 200% duurzame regionale evolutie en vooruitgang” kan via sustainocratische processen worden onderbouwd. Geen erkenning maakt elke gemeenschap kwetsbaar voor speculatie, (macht)misbruik en bijbehorende crisissen en depressies.
Actie: STIR (Stad van Morgen) gaat zich namens de debatgroep in sustainocratisch verband de tafel creëren voor het formaliseren van een maatschappelijke erkenning, organisatie en waardering van sociale innovatie en ondernemen.
2. Het indexeren en meetbaar maken van sociaal ondernemen:
De bekende “voetafdruk” heeft bijgedragen aan het bewustzijn van de impact van onze consumptiepatronen en levensstijl op het draagvlak van de Aarde. Een soortgelijke indexering kan helpen door het sociale ondernemen van meetbare instrumenten te voorzien waardoor het onderdeel wordt van de vermogensontwikkeling van een gebied en gemeenschap.
Actie: Stad van Morgen gaat op zoek naar instrumenten voor de indexering van sociaal ondernemen.
3. Op wijkniveau burger betrokkenheid creëren:
“Wie ben je, wat ben je, wat doe je en wat wil je?” zijn vragen die uit zijn op het maatschappelijk betrekken van mensen op basis van hun talent en motivatie. Veel in de wijken krijgt men voor elkaar door met elkaar creatief naar oplossingen te zoeken zonder tussenkomst noch financiering vanuit de overheid. Sociaal ondernemen is een geheel nieuwe dynamiek van verbinden en benutten van wijkgerelateerde vermogensinstrumenten die voorhanden zijn. Wijkgerichte sociale ondernemers die dit voor elkaar krijgen doen dit niet altijd in deeltijd maar zijn fulltime structureel maatschappelijk betrokken en actief. Zij vormen een brug tussen de bestuurlijke ruggengraat van gebiedsontwikkeling en de dynamiek van burgerparticipatie in sociale innovaties. Wederkerigheid is niet alleen genoegdoening maar ook de toegang tot voorzieningen in de vorm van basisbehoeften (wonen, voeding, kleding) zonder dat er op een andere manier dwang bij komt kijken. Betrokkenheid creëren door de sustainocratische kernwaarden te gebruiken als verbindend middel blijkt goed te werken. Wijkgerichte sociale innovatie stuit echter regelmatig op de politiek economische sturing die ver weg staat van de kernwaarden en bijbehorende sociale betrokkenheid. Met de introductie van de Brabantse Health Deal is er aanleiding om overkoepelende stads en wijkgerichte sociale belangen te verenigen. Op sustainocratische manier de wijkgerichte evolutie vormgeven zorgt voor lokale vrije initiatieven die uit de bevolking zelf ontstaan en toch aansluiting vinden op het gebieds-DNA van de gehele regio.
Voorbeeld van sociaal ondernemen
Actie: STIR gaat samen met het regionale en stadsbestuur, en wijkgerichte initiatieven deze visie verder onderbouwen, uitvoeren, zichtbaar maken en borgen. De algehele opvatting is dat goede voorbeelden die zichtbaar worden gemaakt veel grotere en blijvende impact hebben doordat anderen het overnemen en gaan volgen. “Nu we zien dat het kan en bestaat, willen wij het ook” is een opmerking die veelbelovend de evolutie kenmerkt.
4. Durf als gebied en gemeente ambitieus te zijn:
Deze verrassende uitspraak kwam naar aanleiding van de ervaringen gedurende de DDW2016. Met de vergroening van de Vestdijk als voorbeeld wordt de constatering geuit dat maatschappelijk draagvlak voor, vanuit kernwaarden beargumenteerde, ingrijpende veranderingen vele malen groter is dan men via o.a. inspraaksessies op bestuurlijk niveau verneemt. Dat komt doordat de mensen die voor verandering zijn geen natuurlijke behoefte hebben zich hierover uit te spreken omdat de voorstellen er toch al liggen. Een veel grotere groep mensen “die het niets uitmaakt” spreekt zich ook niet uit. Alleen degenen die belang hebben bij het uiten van verzet of weerstand laten van zich horen. Dat geeft een vertekend beeld van de werkelijkheid en is geen solide basis voor het maken van bestuurlijke keuzes.
Het zichtbaar maken van de beoogde vernieuwing aan een breed en open gezelschap, zoals de 3D presentatie Vestdijk en vrije ontwerp maquette tijdens de DDW2016, bereikt een veel groter en genuanceerder publiek, zeker als de kernwaarden structureel worden onderbouwd door de voorgestelde aanpassingen. In het geval van de Vestdijk was de algehele publiek bijdrage veel ambitieuzer dan het bestuur. “Als je het doet doe het dan meteen goed en vergroen de gehele binnenstad door het autovrij te maken”, was de veelgehoorde opvatting over de Vestdijk plannen in de binnenstad ook van de bewoners zelf “we zitten in de stank en geluidoverlast van mensen die hier niets te maken hebben.” De verschillende generaties gingen spelenderwijs aan de slag met de uitnodiging tot het bedenken van innovatieve oplossingen. Argumenten werden geopperd die een ieder aan het denken zette.
De Vestdijkvisie van een 9 jarige “en de tunnel is alleen voor bussen of trams”
Ouderen reageren met verhalen over hun eigen beleving van geluid en vervuiling overlast en de ontmoediging door het gebrek aan medewerking die ze ervaren vanuit de overheid (politie en wijkambtenaren “we kunnen niets doen”). Ze reageren blij met de aandacht en met de opvatting “dit had allang eerder gedaan moeten worden”. Vooral de jeugd en jonge ouders laten zich verleiden tot meedenken en benaderen de uitdaging met een autoloze visie, veel groen en een veel grotere aanpak dan het stukje van de Vestdijk. De hele binnenstad autoloos, goed openbaar vervoer, veel levend groen en bereikbaarheid met fiets en te voet. Ondergrondse opties voor verkeer en logistiek werden alom gewaardeerd als bovengronds de vergroening de overhand krijgt.
Zo vroegen ouders zich openlijk af waarom men uitlaatgassen van auto’s en scooters moet tolereren op neus en mond hoogte van hun fietsende kinderen terwijl men als ouder waakt over de gezondheid van zichzelf en hun kroost? Fietspaden liggen tegen het autoverkeer aan hetgeen automatisch zorgt voor verzet van de een tegen de ander. Als die twee vormen van mobiliteit dan toch elk een maatschappelijk belang dienen zorg dan dat ze elkaar niet negatief beïnvloeden en leg, zolang auto’s vervuilen, de infrastructuren ver uit elkaar.
Bezwaar fietsende ouders: “De kwetsbaarste wordt het meest blootgesteld”
Actie: STIR gaat zich via AiREAS verder bekommeren om het structureel verhogen van de bestuurlijke ambities door deze te verbinden met de brede publieke opvattingen, ook vanuit die groepen die niet gemakkelijk zich uiten. Sustainocratisch samenwerken helpt daarbij, zowel het bestuur als de kracht van waarde-gedreven veranderprocessen.
5. Betrek jongeren bij de maatschappelijke uitdagingen
In de groep was men het eens dat het huidige onderwijs veel te vastgebonden blijft aan cognitieve overdracht routines die aanspraak maken op tijdelijke geheugenprocessen van de jongeren maar op geen enkele wijze hun zelfleiderschap noch hun maatschappelijke betrokkenheid stimuleert. Nieuwe vormen van kennisontwikkeling, overdracht en borging, zoals het participerend leren dat de laatste jaren door de Stad van Morgen in de STIR leer coöperatie (waar mogelijk) is toegepast, levert enorm positieve resultaten op zowel in de cognitie en borging van kennis als het stimuleren van betrokkenheid en creatief zelfleiderschap. Deze nieuwe vorm vergt echter veel van de schoolbesturen die hun programma’s en ondersteuningsmechanismen dienen te herzien en structureel aanpassen met geheel nieuwe leermiddelen. Bestuurders gaan die uitdaging veelal niet aan omdat ze zich niet gesteund voelen door de Haagse sturing. De Brabantse Health Deal biedt weliswaar de argumentatie en de Stad van Morgen de werkwijze maar de omslag in en met de scholen vergt veel meer op alle fronten. Dit moeten we gezamenlijk als kans zien en niet geblokkeerd door (school)bestuurders in een hiërarchie van afhankelijkheden. Er is geen enkel denkbaar belang dat de waarde-gedreven evolutie van onze nieuwe generaties in de weg zou mogen staan.
Actie: STIR gaat verder met het opbouwen van het nieuwe scholingssysteem van betrokkenheid en stimulans tot zelfleiderschap. De vrije denkprocessen van de jeugd en de onbevangen creativiteit is een maatschappelijk vermogen dat juist in deze tijden van onschatbare waarde is en gedolven niet bedolven dient te worden.
6. Internationale communicatie en uitwisseling:
De aanwezigheid van internationale deelnemers aan het debat uit Spanje, Afghanistan, en Turkije, gaf een extra dimensie aan de gesprekken die met tolk vertaling en open interactie werden gevoerd. De algehele opvatting werd gedeeld dat de sustainocratisch geformuleerde kernwaarden universeel zijn en derhalve verbindend werken tussen alle gemeenschappen en culturen. Overal in de wereld ontstaat het sociale ondernemen en innovaties, gemotiveerd door inzichten en bewustwording “dat het anders moet” en met hun resultaten de wereld, vaak tegen alle oude opvattingen in, vooruit helpen. Het onderling uitwisselen van ervaringen, lokaal en internationaal is essentieel om met elkaar de lat steeds verder te verhogen. De sustainocratische manier van werken die via de DDW2016 tentoonstelling werd getoond, het burgerparticipatie debat en de ervaringen tijdens de Erasmus+ uitwisseling, hadden de basis gelegd voor deze spontane internationale aanwezigheid in de raadzaal. “Nu het bestaat, willen wij het ook”, komt uit deze groep. Mensen uit andere landen, zoals Zuid Korea, Mexico, China, Peru, Japan, enz hadden zich ook al op deze manier geuit.
Verschillende partijen zijn, net als de Stad van Morgen met de STIR HUBs en leer coöperatie, bezig met een horizontaal kennis en innovatie uitwisselingsprogramma en platforms in Europa. De initiatieven van STIR via AiREAS en Sustainocratie, Pakhuis de Zwijger met Citymakers, de Stadsambassades en de intenties van het WTC zijn hiervan voorbeelden.
Actie: STIR als onderzoeksstichting en initiatiefnemer van Stad van Morgen bewegingen zoals AiREAS, FRE2SH en STIR leer coöperatie zal de samenwerking tussen deze netwerk initiatieven verder trachten op te bouwen zodat er een snelweg van uitwisseling van kennis, goede voorbeelden en innovaties ontstaat en groeit.