Conversation with Dr. Mahendra Shah and the concept of the sustainable human being

Een reflectie van Dr. Mahendra Shah. Deze man wil graag in Gemert een Zen resort beginnen….

Snippets of curiosity's avatarSnippets Of Curiosity's Blog

On a beautiful morning in March on the auspicious island of Bali, I met Dr. Mahendra Shah. Mahendra, dressed in a white kurta pyjama, greeted me with a kind smile and a soft handshake. I was a guest at the holistic Zen Resort in the North of Bali, which Dr. Mahendra Shah owns.

It didn’t take long to find out that Mahendra is a fascinating man, with ton of experience around the world, plenty of knowledge to share and yet, very, very humble.

I became insanely curious (who wouldn’t?) and decided to interview Mahendra. He is soft-spoken, has a look of a man who has lived many lives and I knew that behind his quirky smile there were many gems of his life story that I wanted to hear about.

Q: Who are you, what you do?

Mahendra: I’m of Indian origin, African upbringing, educated in England…

View original post 585 woorden meer

De graanschuur in het Genneper park

Genneper parken is een prachtig stukje Gestel in Eindhoven. Ik leg de nadruk op Gestel omdat er al ruim 580 jaar geschiedenis drukt op het gebied volgens het al even oude lokale St. Joris Gilde. De Genneper watermolen werd zelfs al in 1249 genoemd! Pas in 1920 is Gestel als dorp geannexeerd bij de stad Eindhoven die zich sindsdien tracht te profileren als wereldstad van innovatie met behoud van een groene inslag. Dat levert prachtige gebieden en routes op om te wandelen, te fietsen, te ontmoeten en te recreëren. Drie fundamentele groene stroken worden gekenmerkt als “stadspoorten”: Wasven, Genneper park en de Wielewaal (nu ook de Groene Corridor)  maar zijn vooral nog verbindende zones van de oude dorpsgemeenschappen van destijds. Nu levert het een uniek beeld op van een Eindhoven dat een authentieke samenstelling heeft van harde zakelijke en zachte natuurlijke impressies. Nog doorgeslagen hard en koud in de binnenstad ondanks vooruitgang op gebied van terrasjes en ontmoetingsmogelijkheden, mooi zacht op vele beeldschone plekken langs de Dommel en in de Stadspoorten.

Eindhovenaren identificeren zich sterk met deze samenhang waarin men kan genieten van de ijsvogel, een 300 jaar oude plataan en ongekende natuurschoon terwijl we verwikkeld zitten in de grootste technologische en design uitdagingen van deze tijd. Deze contrasten van yin-yang, rust en stress, groen en beton, zorgen voor een lokale mentaliteit van aanpakken onder de paraplu van Brabantse gezelligheid en gemoedelijkheid. Deze realiteit is verder geprikkeld door de wereldwijde eisen voor onze evolutionaire kernwaarden. Dat Eindhoven als eerste gemeenschap zich manifesteert op het gebied van Sustainocratie, de democratie vanuit menselijke kernwaarden, kan alleen evolutionair worden gezien als logische stap.

Maar dat gaat niet zonder schermutselingen met onszelf in diezelfde dualiteit. Zo ook de bestuurlijke transitie in de nieuwe samenhang. Met passie en gedrevenheid verbindt bestuurlijk Eindhoven zich met onze AiREAS beweging voor gezonde verstedelijking vanuit luchtkwaliteit, om met net zoveel tegenstelling in onhandigheid en gebrek aan faciliterende stellingname te klungelen met het gesloten Milieu Educatie Centrum en de cocreatie van de Genneper park positionering, inclusief de boerderij, het zwembad, de schaatsbaan, enz. Een en ander heeft natuurlijk een belangrijke achtergrond. Terwijl AiREAS een gemeenschappelijke investering is in allerlei innovatiestromen, zonder ander oud zeer dan onze luchtvervuiling, blijken de sociaal recreatieve milieu gebouwen en gebieden uit de kluiten gewassen subsidieslurpers te zijn geworden uit een oud economische groeitijdperk in het kielzog van de vooruitstrevende komeet die sinds 2009 de broekriem aan dient te trekken. Semi-overheid als “psuedo-maatschappelijk-ondernemerschap” is nu eenmaal in de volksmond een relatief veilig subsidieputje voor afgeschreven of geparkeerde ambtenaren en, als de instellingen groot genoeg zijn, ook voor oud bestuurders uit het ons kent ons netwerk. Semi-overheid is altijd een kostenpost, een wildgroei tijdens hoogtijdagen en een last in moeilijke tijden.

Als de kink in de kabel van de economie komt dan dienen kosten bespaard te worden. En dat kan alleen door het scheppen van chaos juist omdat onze wettelijke kaders wel instrumenten hebben voor saneringen, faillissementen en afschrijvingen van gedwongen ontslagen maar niet voor netjes gestructureerde transities naar een betere en opgeschoonde samenwerkingsvorm met respect voor de medemens. De andere kant van de transitie blijft dan met de ellende van de voorgangers zitten terwijl men juist een schone lei wenst. Dat in die ambtelijke chaos ook jarenlange gebruikers de dupe worden is “colateral damage” (nevenschade) omdat het opschoon doel van chaos de gebruikte middelen heiligt. Het is nooit een eerzame zaak.

Uit deze situatie leren we twee belangrijke dingen:

  • Semi-overheid is geen basis voor betrouwbare samenwerking, zeker niet in tijden van maatschappelijke heroriëntatie of transitie. Het dient zoveel mogelijk gemeden te worden. Ze probeert zich altijd in stand te houden met de hulp van de politieke partijbelangen en blokkeert de natuurlijke veerkracht van maatschappelijk ondernemerschap.
  • De centrale overheid dient zich te houden aan haar basis verantwoordelijkheden als faciliterende ruggengraat van een maatschappij waaraan vruchtbare symbiotische (= wederzijds afhankelijke en elkaar steunende) relaties groeien gebaseerd op vertrouwen en samen(niet markt)werking.

De Graanschuur

Wat er overgebleven is van het Milieu Educatie Centrum is een geraamte met een dak vol asbest, een ziekelijke afspiegeling van de boodschap die het trachtte uit te stralen. Het gemeentelijke besluit tot sluiting had menigeen al tot actie gebracht om het gebied naar zich toe te trekken (ook de Stad van Morgen, om er een internationale school van Sustainocratie van te maken) maar met de overdracht ervan aan een zorginstelling (ook semi-overheid) was het gemeenschappelijke gevoel tot een dieptepunt gedaald. “We zijn het kwijt”, dacht menigeen triest. Totdat er ineens een oproep verscheen onder de naam “de Graanschuur”. Onder de bezielde, verkennende leiding van Wieteke Brocken werd er open huis gehouden deze week om te bezien hoe allerlei partijen zich weer kunnen verbinden aan de regionale uitdaging.  Er werd een tijdpad van 2 jaar voorgelegd waarin men gebruik kan gaan maken van de installaties. Er kon horeca in, of bijeenkomsten worden gehouden. Dat van de asbest was zeker een probleem maar redelijk beheersbaar zolang men er rekening mee hield.

De belangstelling is groot, de onzekerheid ook

Het voorstelrondje duurde lang omdat iedereen een geheel eigen verhaal en emotie verbond aan de locatie. De situatieschets van Wieteke was helder en transparant. Voor een lange termijnplan was er voor het gevoel geen ruimte. De 2 jaar leek afgestemd op het afsluiten van deze bestuurlijke beleidsperiode en om besluitvorming over het gebied over de verkiezingen heen te tillen. Op zich ook een logische zaak, als dit echt de achterliggende gedachten zou zijn, gezien de andere brandhaarden in de regio die misschien met veel moeite financieel geblust waren, en menig bestuurder en beleidsambtenaar deed afbranden, maar nog steeds volop maatschappelijk aanwezig waren, ook in de volksmond. Deze politieke vooruit schuif praktijken in de 4 jaarlijkse beleidsperiodes is één van de grote tekortkomingen van de gangbare democratie en iets waar Sustainocratie bijvoorbeeld geen last van heeft.

Tijdelijk gebruik van de Graanschuur was een optie, in de sfeer van coaching bijeenkomsten, start van wandelroutes of opname in onze geluksinfrastructuur, creatieve experimenten met studenten in als gebouw maar vooral als gebied. Als het gebouw en de omgeving echter in onze handen van multidisciplinaire coöperatieve cocreatie zou komen op niveau 4 dan was een lange termijn gebied commitment essentieel met bijbehorende garantie dat degenen die meewerken aan de opbouw van het gebied ook delen in het vruchtgebruik. Investeren in een grotendeels gesloopt gebouw voor de korte periode van 2 jaar is op zijn minst risicovol, gebruik ervan maken niet natuurlijk maar dan is er al keuze genoeg in Eindhoven, allen in een soortgelijke afwachtende houding met veel tijdelijke gebruikers. Ook nieuwetijdse pioniers zoals wij willen zich ontwikkelen tot kwalitatief hoogwaardige sectoren die niet steeds op de afvalhoop van het verleden dienen te gedijen maar er ruimte in willen vinden voor het nieuwe elan, niet gefragmenteerd voor ons alleen maar voor allemaal samen als samenleving. Maar dan verwacht de overheid een zak met geld om te kunnen blijven reguleren en controleren in plaats van de uitnodiging te aanvaarden om samen te investeren in cocreatie. Een proactieve, loslatende en faciliterende partner zoals de overheid is net zo belangrijk als het enthousiasme van de diversiteit aan deelnemers die het nieuwe verhaal mee willen schrijven.

Gelukkig hebben we Wieteke nog……

Wordt vervolgt……

De Groene Dialoog kick-off

Met op de voorgrond de zorgen die we ons maken over onze voedselzekerheden en bijbehorende uitdagingen werd op 28 september De Groene Dialoog geopend. Initiatiefnemers zijn:

  • S-Plaza – een nieuw geopende locatie in de oude Schellensfabriek waar Patrick van der Voort zijn droom verwezenlijkt om een multiculturele ontmoetingsplek toe te voegen aan de stad. Hij biedt de ruimte, achtergrond en catering aan.
  • Studio van Origine – het communicatiebureau van Anna en Laura die hun specialiteit mede inzetten voor die zaken waar hun hart en zorgen liggen.
  • Rik Konings – Sociaal ondernemer en ondernemerscoach die veel van zijn tijd en veelzijdigheid steekt in bewustwording, entertainment en verbinding.
  • Stad van Morgen – Stichting STIR die al sinds 2009 tracht om de kernwaarde van ons voedsel structureel op de sustainocratische samenredzaamheidagenda te plaatsen via initiatieven zoals FRE2SH, STIR en AiREAS.

De Groene Dialoog beoogt wekelijks, elke woensdagavond, thematisch aandacht te besteden aan elementen in de voedseltransitie met de hulp van de vele pioniers die hierin actief zijn in de regio en daarbuiten. Pionierschap is vaak nog erg fragmentarisch, kwetsbaar, klein en op zichzelf gericht. Met De Groene Dialoog trachten we het draagvlak voor de initiatieven te vergroten en onderling in samenhang te verbinden zodat er een maatschappelijke transitie plaatsvindt die uiteindelijk leidt tot voedselbetrokkenheid, innovatie en duurzame zekerheden in de regio en ver daarbuiten.

De kick-off

degroenedialoog-foto01-1
Rik Konings nam de rol van moderator op zich.  (Vlnr: Carlos Faes, Ben Nas, Jean-Paul Close, Rik Konings)

Om een beeld te krijgen van wat er zoal speelt in de voedselwereld van Eindhoven en omstreken was de diversiteit aan initiatieven uitgenodigd om zich voor te stellen en 2 minuten te pitchen. De volgende 11 thema’s kwamen aan de orde:

  • Ben – FRE2SH:  Benadrukt het belang van samenhang tussen onze basisbehoeften en kernwaarden zoals voedsel, educatie, energie, gezondheid en veiligheid met de uitnodiging om er samen verantwoordelijkheid voor te nemen.
  • Carlos – Philips Fruittuin: Vertelt over de ontwikkeling van deze educatieve plantage en horeca gelegenheid aan de Oirschotsedijk.
  • Philippe – SUR+: Introduceert een initiatief dat nu al anderhalf jaar zich bezighoudt met het verbinden van productie of inkoop overschotten van voedsel met gebruikersbestemmingen.
  • Jean-Paul – AiREAS: Vertelt over het enorme vervuilingsaspect van de huidige voedselproductiesystemen en het ziekmakende effect op de bevolking.
  • Twan & Sander – Eetbaar groen: Deze twee Fontys studenten willen graag flex-werkplekken in binnenruimtes vergroenen met een diversiteit aan (eetbare)planten met het oog op gezondheid, arbeidsgenot en productiviteit verbetering.
  • Ton – Stadsambassade en Europa Direct: Maakt het Europese netwerk initiatief bekend waarin allerlei steden met elkaar verbonden worden voor de uitwisseling van kennis en ondernemende initiatieven.
  • Arjan – Plukroute: Hoe is het om te wandelen met je kinderen of kleinkinderen al snoepend van wat de natuur om je heen te bieden heeft? Dat is de essentie van de plukroute.
  • Sanne – Cradle to Cradle: Doet een gepassioneerde oproep om bewust te worden van de verspilling van nutriënten en de noodzaak om onszelf en onze voorzieningen circulair herbruikbaar te maken volgens het C2C principe.
  • Terry – Stad-Platteland: Ziet de gelijkwaardige relatie tussen de stad en het platteland vanuit de toegevoegde waarde die elk te bieden heeft aan de mens.
  • Joyce – Indische eetcultuur: Eten is niet alleen een kernwaarde op zichzelf maar ook een element van menselijke interactie, verbroedering en gastvrijheid waar hele culturen op zijn gebaseerd. De Indische eetcultuur is daar een prachtig voorbeeld van zoals we gedurende de avond hebben mogen proeven.
  • Sander – BONT: Nieuwe kansen voor jong talent en ondernemerschap. Verbindt studenten aan innovatieve en inspirerende projecten.

Na afloop van de pitches werden 5 dialoogtafels bevolkt met de volgende stellingen:

  • Alle plantsoenen eetbaar
  • Sluiten van de menselijke kringloop
  • Samen werken, samen leven, samen eten
  • Als we samen niet voor ons voedsel gaan zorgen dan hebben we straks niets te eten.
  • De eetbare stadstuinen van Eindhoven
degroenedialoog-foto08
Duidelijke uitleg over alle lekkers dat de Indische keuken te bieden heeft

De dialoog tafels draaiende rond een eenvoudige set spelregels om iedereen de gelegenheid te geven een inbreng te geven. Na afloop van de ronde tafelgesprekken konden de conclusies nog even worden samengevat waarna men ruim de gelegenheid kreeg om met elkaar na te praten.

degroenedialoog-foto10-1
Enkele simpele regels voor optimale dialoog

De indruk ontstond binnen dit gezelschap dat we echt in een transitie zitten waarin veel nieuwe invalshoeken toch samen een geheel vormen. De groene dialoog is een goede toegevoegde waarde om kennis te maken met de inzichten en initiatieven waardoor er ook een verbindend potentieel ontstaat.

Het thema van de komende woensdagavond 5 oktober: samen zaaien, oogsten en eten. Vanaf 18:00 gelegenheid tot samen eten uit de keuken van S-Plaza (10€). Dialoog start om 19:30.

 

 

 

 

Betrokkenheid is het nieuwe geld

Tijdens de kick-off van de groene dialoog in Eindhoven gisterenavond viel de opmerking dat “voedsel gratis zou moeten zijn voor iedereen”. Dit is een boeiende visie die we toch wat trachten te nuanceren. Gratis wordt namelijk geassocieerd met “voor niets” en dat het beschikbaar is “zonder er iets voor te doen”. En dat is een misverstand want de wekelijkse discussie draait om onze voedselzekerheden en hoe we daar samen verantwoordelijkheid voor kunnen nemen. 

Nu is voedsel in een stedelijke omgeving bijna uitsluitend beschikbaar via geld. Als je geen toegang hebt tot geld dan heb je ook geen toegang tot de overvloed aan etenswaren doe via de commerciële kanalen wordt aangeboden. Armoede wordt niet gezien als het ontbreken van zekerheden maar het ontbreken van geld. Voedsel komt zo in handen van geldgedreven speculanten waardoor er allerlei onmenselijke misstanden ontstaan die zelfs op termijn ons duurzame voortbestaan als soort kunnen bedreigen door alle neveneffecten op onszelf en onze planeet. Allerlei voorbeelden komen voorbij die onze huidige voedselkwetsbaarheid duidelijk maken. 

Een alternatief is dat voedsel als kernwaarde voor het menselijke voortbestaan wordt erkend door ons allemaal. Hierdoor moet het uit het manipulatieve geldsysteem worden ontheven om vrij toegankelijk te worden in goede verdeling voor iedereen. Dat kan alleen als iedereen weer betrokken raakt bij het creëren van onze voedselvoorziening. Dat kan op vele manieren. Bijvoorbeeld door deel te nemen aan de voedselproductie of in de distributie onderling, de verwerking, de bereiding, het bedenken van innovaties of door het beschikbaar stellen van middelen. 

Er werd gesproken over lokale productiviteit, in de stad bijvoorbeeld, daarna de productiviteit in de nabijheid, bijvoorbeeld op fiets afstand en dan op auto afstand, enz waarbij de verhoudingen in volume, behoefte, schaarste en specialisatie kan worden uitgedrukt. Daar waar meer mensen betrokken zijn kan volume ontstaan met verdeelbare productiviteit. Naar mate de afstand groter wordt verminderd de betrokkenheid om plaats te maken voor specialisatie of zeldzaamheid. 

Om het lokale volume en de diversiteit van voedsel op peil te brengen werd gesproken over de toepassing van meerlaagse voedselbossen, indoor technieken die de natuur nabootsen maar geen last hebben van seizoenen noch hagelbuien of tornados en herinrichting van het publieke domein. In al die toepassingen en inzichten zit veel kennis, vaardigheden en arbeid verstopt. Door dit te ruilen voor een verdeelsleutel van de overvloed die men samen genereert is er geen geld meer nodig. Dat is namelijk vervangen door iets anders van veel meer waarde: betrokkenheid. 

In onze voedselzekerheden van morgen is daarom betrokkenheid het nieuwe geld, net als in alle menselijke kernwaarden die ons voortbestaan en welzijn garanderen. 

Voedsel expertise verzamelt zich in de groene dialoog elke woensdagavond

Op niveau 4 heeft de overheid niet het laatste woord

Wat is “Niveau 4”? Niveau 4 is een begrip dat we op verschillende fronten zijn tegengekomen in wetenschappelijke en intellectuele publicaties, en onze eigen expertise opbouw dat heeft geleid tot het ontstaan van de Stad van Morgen:

Niveau 4 bewustwording
Wanneer we de inzichten van psychiater en filosoof Dabrowski ter harte nemen dan geeft niveau 4 betekenis aan een multi-niveau loslaatproces:

dabrowski-niveau-4

Niveau 4 menselijke complexiteit
In mijn eigen research over de menselijke complexiteit sinds 2007 refereer ik naar niveau 4 als het gebied waarin we opnieuw op zoek gaat naar een nieuwe fase van harmonie door toepassing van authentiek leiderschap (de groene lijn vanuit een nieuwe fase van bewustwording).

geluksinfrastructuur-1b
Niveau 4 leiderschap positioneert zich in een nieuwe maatschappelijke cyclusvorming naar samenhang en harmonie

Niveau 4 gebiedsontwikkeling
De analyse die door Presencing Institute van Otto Schwarmer (U-Theorie) en Peter Senge (beide van Harvard University) wordt geponeerd laat een matrix zien van bewustwordingsniveaus en organisatievormen. De vorm die op beide assen niveau 4 bereikt is het gebied van “bewustzijn gedreven co-creatie”.

social-evolution-1

Wat men echter niet laat zien in deze matrix is het complexe proces om van niveau 1 (Hierarchy) in “global systems” te transformeren naar niveau 4 (Awareness Based Collective Action). De weg ertussen is niet lineair maar vergt een proces van afbrokkeling van de hiërarchische organisatievormen en de wederopbouw vanuit samenhangend bewustzijn.

ego-vs-eco

Niveau 4 ondernemerschap
Deze vorm van ondernemen richt zich op het 4 x winst principe of het Piramide Paradigma van structurele waardecreatie.

Pyramid 3
Het centrum van de piramide verzameld alle positieve waardegedreven energie

Niveau 4 leiderschap
Deze vorm van leiderschap overstijgt het volgerschap, zelfleiderschap en hiërarchisch leiderschap door empathisch verantwoordelijkheid te nemen voor het sturende mechanisme van menselijke of natuurlijke kernwaarden. Aangezien deze vorm vaak combinaties vertoont van autoritair leiderschap en empathisch volgerschap van hogere maatschappelijke doelen is het in staat zich te verenigen met gelijkdenkend leiderschap uit andere sectoren om zo tot een co-creatie te komen.

Sustainocratie
Als we luisteren naar sociologen en psychologen over de techniek van maatschappelijke transities dan zou er een democratisch draagvlak van 30% van de bevolking nodig zijn om een structurele verandering door te kunnen voeren. De praktijk laat echter zien dat dit niet waar is. Veel mensen zullen het wel “anders” willen maar worden geblokkeerd door de politieke economische werkelijkheid die ons omringt en hen aan blijft sturen.

Sustainocratie gaat uit van een geheel andere rekensom: Je hebt voldoende niveau 4 leiderschap nodig uit elk van de gefragmenteerde pilaren van de maatschappij die samen verantwoordelijkheid nemen zowel voor het nastreven van de kernwaarden als de integrale innovatie in hun onderliggende structuren.

sustainocratie-1
Veel huidige niveau 4 leiders hebben het gevoel niet in de juiste “ballenbak” te zitten terwijl ze juist betekenisvol vooruitgang willen boeken.

Op regionaal gebied van miljoenen mensen kan een groepje van 10 a 20 juiste personen het verschil maken, mits ze de juiste leiderschapsmentaliteit, maatschappelijke autoriteit en het doorzettingsvermogen hebben in elke fase van het proces en beïnvloeding van de onderliggende lagen. En daar zit juist de uitdaging.

Op de onderliggende niveau’s van gebiedsontwikkeling heeft de overheid een duale verantwoordelijkheid: het opbouwen en onderhouden van een publieke infrastructuur met bijbehorende regelgeving en controle mechanismen, en het beheer over de ingezamelde publieke middelen via de belastingen.

Wanneer dan het niveau 4 geactiveerd wordt als bewustzijnsgedreven cocreatie omdat mensen met autoriteit en leiderschap hiervoor maatschappijbreed verantwoordelijkheid nemen, dan botsen ze met de regionale dominantie rond beheer van geldelijke middelen van de lokale politieke/economische overheid. Over de infrastructuur kan men over het algemeen vrij beschikken maar niet het gemeenschapsgeld. Als men op niveau 4 aanspraak wenst te maken op een deel van de beschikbare publieke middelen dan is men afhankelijk van de overtuigingskracht van de betrokken niveau 4 leiders die uit deze “ballenbak” voortkomen. Maar ook dan blijft de niveau 4 leiderschapsgroep zich bewegen in een sfeer van afhankelijkheid die degenen met de financiële middelen meer macht geeft om niveau 4 processen te verhinderen of mogelijk te maken dan degenen die de verbindende kracht, waardevolle kennis, technologieën, innovatie kracht of sociale netwerken toevoegen.

De hiërarchische niveau 2-3 overheid kan nooit het laatste woord hebben op niveau 4 omdat men veelal zowel het bewustzijn als het leiderschap mist. Het niveau 4 leiderschap ontstaat nooit als er geen dwingende aanleiding toe is. Het blokkeren ervan leidt tot grote potentiële kwetsbaarheid van de regio en mogelijke kostbare problemen die op termijn de tijdelijke niveau 4 aanpak ruimschoots zullen overstijgen. Tijdig optuigen van niveau 4 verlangt een investering die zelfs op termijn het meervoudige oplevert voor de lokale gemeenschap.

Dit integrale besef vereist een nieuwe indeling van de gemeenschapsgelden waarbij een relatief gering percentage ervan (bijvoorbeeld 10%) als regionaal fonds beschikbaar dient te komen voor niveau 4 ontwikkelingen. Dit fonds wordt ondergebracht in onafhankelijke niveau 4 coöperaties die onder toezicht staan van de eigen leden, niet de overheid. Een goed voorbeeld hiervan is AiREAS (gezonde verstedelijking vanuit luchtkwaliteit) waarin nog geen fondsvorming heeft plaatsgevonden maar wel een investering in geld en andere middelen van de leden die door de groep zijn beheerd en benut in ongekende waardecreatie waarin alle bovenstaande niveau 4 eigenschappen zijn toegepast.

niveau-4

Pas als je meedoet leer je het meest

Programma STIR niveau 4 leercoöperatie – oktober 2016
logo-stir-niveau-4
Niveau 4 is het samenwerkingsgebied dat boven de politiek economische sturing zich verbindt met de natuurlijke en menselijke kernwaarden die de stabiliteit en duurzame vooruitgang van een gemeenschap garanderen. Niveau 4 betrekt alle mensen en instanties bij een gemeenschappelijk gedragen verantwoordelijkheid. Voorbeelden zijn AiREAS, FRE2SH, Rijk van Dommel en Aa en deze leercoöperatie zelf.
Programma oktober 2016
Hier volgt een lijstje van de komende evenementen waar u of uw organisatie desgewenst aan deel kunt nemen. U mag deze mail doorzetten naar anderen die er gebaat bij zouden kunnen zijn:
Inspiratie: veelal gratis – drankjes/eten voor eigen rekening
Woensdagavond 28 sept, vanaf 18.00: Kick-off De Groene Dialoog
S-Plaza in de oude Schellensfabriek aan de Vestdijk
Voedsel is een kernwaarde van ons bestaan. Ondanks volle supermarkten is het niet evident dat we in de toekomst te eten hebben tenzij er drastische maatregelen worden genomen.Gelukkig gebeurt er al veel. De groene dialoog nodigt wekelijks uit ons te verdiepen én verbinden aan het voedselbewustzijn en innovaties die er toe doen.
Dinsdagmiddag 11 Okt vanaf 13:00, Kennisfestival 
Evoluon
STIR heeft ook dit jaar de beschikking over 3 minitheaters waarin 3 verschillende STIR leerprogramma’s worden gepresenteerd: 
  • Brabantse Health Deal – wat betekent dit voor het onderwijs?
  • Niveau 4 leiderschap – wat betekent dit?
  • Participerend leren –  hoe werkt dat in de praktijk?
Woendagavond 12 Okt, vanaf 19.00: Tegenlicht040 “What makes you kick?”
Singularity-U op Strijp-S
Dutch Design Week – 22 – 30 Okt Stadhuis 1e verdieping voor de raadzaal – Expositie en activiteiten rond De Brabantse Health Deal – Samen werken aan een gezonde stad! Inclusief AiREAS en Sustainocratie.
Innovatie: persoonlijk – laagdrempelig
 
Dinsdagochtend 11 Okt, 09:00 – 12:30: Geluk en Ontzorgen
STIR in Sectie-C, Doornakkersweg 2-178
Geluk staat vaak in relatie tot een zorgeloos leven. Maar niemand leeft zonder zorgen. Deze workshop geeft u tips om geluk de boventoon te laten voeren en uw zorgen niet.
Implementatie: professioneel
Donderdag 12 Okt, 10 – 16:00: Presenteren voor het oog van de camera
STIR in Sectie-C, Doornakkersweg 2-178
Het oog van de camera registreert anders dan die van de mens. Als je een uniek publiek moment hebt om op het podium je boodschap te verkondigen dan wil je dat de opnames via YouTube of Vimeo, e.d. ook optimaal zijn. Deze workshop met online TV maker Hein Kuijper geven u tips en inzichten om het meeste te halen uit uw optreden en terugkijk mogelijkheden.
Donderdag 27 Okt, vanaf 12:30: Hoe stel ik mijn organisatie in staat te kiezen tussen wat werkt en wat niet? 
Rotterdam
Voor grote en kleine organisaties is het enorm lastig om keuzes te maken in tijden van intense veranderingen zowel in marktbenaderingen als samenwerkingsvormen. Wat bepaalt succes en wat juist niet? Rotterdam Kantelt, Comdys en Stad van Morgen laten allerlei visies zien die werken maar ook hoe we omgaan met blokkades.
Donderdag 28 Okt, vanaf 12:30: Hoe stel ik mijn organisatie in staat te kiezen tussen wat werkt en wat niet? 
Eindhoven – Sectie-C
Hetzelfde als in Rotterdam maar nu in Eindhoven met DDW2016 op de achtergrond.
Samenwerkingspartners deze maand in de STIR niveau 4 leercoöperatie: 
Comdys, Rotterdam Kantelt, Stichting Duurzaam Brabant, CityTV.nl, gemeente Eindhoven, Tante Netty, Brainport, S-Plaza, Studio van Origine, Rik Konings ondernemerscoach, AiREAS, FRE2SH, enz…….en u!

Zelfsturende teams bestaan niet

Dat is natuurlijk een spannende opmerking van iemand die dagelijks bezig is met hiërarchieloze, zichzelf sturende structuren, zoals natuurlijke en menselijke eco-systemen binnen de maatschappelijke leer-experimenten van Stichting STIR. In de Stad van Morgen mengen we individueel zelfleiderschap net zo gemakkelijk met bestuurders van strakke hiërarchische organisaties, eigengereide wetenschappers en “machteloze” burgers in eenzelfde zichzelf sturend team. Hoe zit dat dan met de opmerking dat dit soort teams niet bestaan?

Als we kijken naar al die cursus aanbiedingen rond zelfsturende teams dan valt op dat men het allereerst heeft over “het scheppen van de voorwaarden” of “de organisatie om de teams heen”. Organisaties die het hebben over zelfsturing willen vooral dat hun personeel meer eigen verantwoordelijkheid draagt en initiatief neemt, alleen of in teamverband. Op zich is daar niets mis mee en vaak zelfs erg noodzakelijk in een sterk veranderende omgeving waarin een “hiërarchische toestemmingscultuur” alleen maar de nodige flexibiliteit en daadkracht weghaalt uit een proces. De oude tijd van een “baas met zijn hulpjes” is getransformeerd naar “met experts omringde zelfstandige operationele samenwerkende krachten”.

hierarchie-238x300
Hierarchy: Top level people look down and only see shit. Lower level people look up and only see assholes. 
Dood of leven 3
Het Stad van Morgen dynamisch cluster proces op basis van gelijkwaardigheid

In het geval van de Stad van Morgen gaan we zelfs een grote stap verder. We hebben niemand op de loonlijst en de teams kunnen variëren tussen enkele personen tot duizenden samenwerkende individuen en een grote diversiteit aan instanties. Als we het geheel tillen naar het niveau van een Sustainocratie dan betrekken we met evenveel “gemak” hele regio’s met miljoenen mensen, bedrijven, overheden en wetenschappelijke instellingen. Dynamisch clusteren noemen wij dit waarbij teams zichzelf vormen en verbinden aan de hand van prikkelende motivatie, doelgerichtheid en eigenbelang.  Maar in hoeverre is er sprake van zelfsturing?

Zelfsturing betekent dat men zelf richting bepaalt en vervolgens daar keuzes en acties op afstemt. We hebben allemaal te maken met deze vorm van zelfsturing als we in het dagelijks leven willen bepalen waar we willen werken, wie onze levenspartner wordt en hoe we ons in onze dagelijkse behoeften voorzien. Maar zelfs dan liggen er in de kern voorgeprogrammeerde prikkels die onze vermeende zelfsturing sturen. Onze genetische drang naar het opbouwen van een of meerdere intieme relaties geeft ons weliswaar de schijnbare vrijheid van het kiezen van wie die uitverkorene zou moeten worden maar binnen die keuzeprocessen liggen allerlei zintuiglijke prikkels die onze keuze bewust of onbewust manipuleren en beïnvloeden. De vrijheid van keuze wil nog niet de vrijheid van sturing weergeven. Er is altijd een sturend belang.

Binnen een organisatie, waar personeel een gesalarieerde functie bekleedt, is ondergeschiktheid en loyaliteit aan de belangen van de organisatie essentieel. Dat is op zich al sturend. Dat men daarbinnen de mogelijkheid krijgt om zelf te kijken hoe dit belang het beste gediend kan worden behoort amper tot zelfsturing. Het zou pas zelfsturing zijn als men ook het belang van de organisatie ter discussie zou mogen stellen en uiteindelijk veranderen. Denk aan zelfsturende teams in een zorginstelling. Zij dienen zorg te verlenen. Mocht die zorginstelling lid worden van een Sustainocratisch proces in de Stad van Morgen, waarin we “zorg voor gezondheid” trachten te organiseren in plaats van “gezondheidszorg”, dan zouden de betrokken personen zelfsturend mee gaan werken aan het ter discussie stellen van hun eigen broodheer. Er is dus altijd een kader en doelgerichtheid waarin men al dan niet met een zekere vrijheid zelf kan handelen zonder dat dit vooraf gebeurt met toestemming van een baas. Hoe scherper de kaders des te “vrijer” het personeel of betrokken deelnemers kunnen handelen, ook in het aangeven en nastreven van haalbare doelstellingen maar altijd binnen de kaders.

In Sustainocratie is het democratische kader duidelijk. De 5 natuurlijke en menselijke kernwaarden zijn sturend voor ons zelfleiderschap en de complexiteit van organisatie, innovatie en gebiedsontwikkeling. Deze kernwaarden zijn historisch, wetenschappelijk en praktisch empirisch onderbouwd. Zodra men deze kernwaarden aanvaardt, ongeacht status of autoriteit, dan ontstaat vanzelf het zelfsturende karakter van het zoeken naar verbindingen met anderen die ook die aanvaarding hebben gedaan. Het doel en de richting is dan voor iedereen duidelijk alleen nog niet hoe men het bereikt. Het dynamische clusteren geschiedt dan door het doen van voorstellen, kiezen van prioriteiten en het nemen van initiatief. Vaak is dat “iemand” die het voortouw neemt en allerlei mensen en instanties om zich heen verzameld die waarde kunnen toevoegen aan de missie. Als de groep eenmaal geformeerd is en met elkaar in staat blijkt om een commitment te geven voor een groepsproces met een beoogd eindresultaat dan stapt de initiatiefnemer weer terug in de groep zodat deze zoveel mogelijk zelfsturend kan worden op basis van onderlinge gelijkwaardigheid en vertrouwen in een ieder’s toegevoegde waarde. Als het project is afgerond dan valt de groep weer uit elkaar en schept ruimte om tot nieuwe verbindingen te komen. Zo zien we veel partners in onze processen die in meerdere dynamische clusters een rol spelen.

Kortom, zelfsturende teams bestaan niet, ze kunnen zich hooguit onder de juiste omstandigheden tijdelijk redelijk zelfsturend gedragen. Maar daar is dan een heel proces aan voorafgegaan, is een band ontstaan van onderlinge erkenning, en houdt men eveneens rekening met de eindigheid van het team na het behalen van de gestelde doelen. Uiteindelijk zijn sturend:

  • het kader,
  • het onafhankelijke verbindende initiatief of motief,
  • het gemeenschappelijke doel,
  • het groepsbelang,
  • de unieke kwaliteiten van elke deelnemer,
  • het individuele eigenbelang (wederkerigheid) om te verbinden,
  • en de basisvoorwaarden voor niveau 4 leiderschap in groepsverband: authenticiteit, respect, veiligheid, gelijkwaardigheid, empathie en vertrouwen.

 

Brabant en voedsel

Ontvangen van Provincie Noord Brabant voor agrofood professionals…..12 oktober….

unnamed-1

Agrofood: de tijd vooruit. Dé ontmoetingsplaats voor professionals die bijdragen aan de transitie in de agrofoodsector. Brabantse (koepel)organisaties, ondernemers, kennisinstellingen en gemeenten bieden jou als professional een afwisselend programma aan waarin je kunt horen, zien en beleven hoe de transitie in de agrofoodsector verloopt. En daarmee je voordeel doen in jouw eigen stappen voorwaarts!

De Brabantse Agrofood ís haar tijd vooruit: we mogen trots zijn op waar we vandaan komen, waar we nu staan en op wat er nog in het vat zit. Met de vele kennissessies, workshops en thematafels ervaar je op woensdag 12 oktober a.s. in één inspirerende dag hoe de transitie van de agrofoodsector ervoor staat. Samen innoveren, successen delen en ideeën uitwisselen. Van elkaar kunnen we immers leren en samen kunnen we ons verwonderen!

 
Programma
Er zijn sessies en workshops over allerlei thema’s op het gebied van agrofood, voor professionals in de keten. Van ondernemer tot gemeenten en waterschappen, voor ieder wat wils.
 
Een (kleine) greep uit het programma:
  • do’s en don’ts van crowdfunding, door Jeroen ter Huurne, bekend van Collin Crowdfund;
  • gemeente Zundert, Waterschap Brabantse Delta, Treeport Zundert, ZLTO en diverse landbouw(gerelateerde) ondernemingen tekenen de samenwerkingsintentie bodem van VICOE (Vitale Circulaire Organische Economie). Onder leiding van René Jochems (directeur GroeiBalans);
  • tijdens de Dragon’s Den pitchen jonge ondernemers hun idee aan een expert jury;
  • debatteren over voeding en techniek, waarbij gedeputeerde Bert Pauli (Economie en Internationalisering) onder leiding van Anne-Marie Fokkens (presentator Booming Brabant) in gesprek gaat met Brabantse ondernemers uit de agrofoodsector over kansen op het snijvlak van agrofood en high tech;
  • uitreiking Agrofoodpluim door Anne-Marie Spierings;
  • 1 op 1 sessies met succesvolle ondernemers;
  • #durftevragen-sessies over diverse thema’s. En stel ook zelf de vraag die jou bezig houdt!;
  • ga aan de verschillende thematafels de discussie aan met je vakgenoten;
  • benieuwd naar agrofood op Mars? Bas Lansdorp (Mars One missie) neemt ons mee;
  • kookworkshops verzorgd door jongeren;
  • tientallen ondernemers laten hun innovaties en succesverhalen zien en horen.
Ga naar de website voor meer informatie over het event en houd deze in de gaten voor updates in het programma.
 
Nog even op een rijtje
Wie professionals uit de hele agrofoodketen  
Wat gratis agrofood inspiratie event
Waar centrale hal, provinciehuis ‘s-Hertogenbosch
Wanneer 12 oktober 2016, tijdens de Dutch Agri Food Week
Tijd 10.00-17.00 uur
  open inloop: stel je eigen programma samen
Website Agrofood: de tijd vooruit
 
Aanmelden
Deze dag wil je niet missen. Meld je meteen aan via het digitaal aanmeldformulier en laat je inspireren en verwonderen op 12 oktober! Mocht je andere geïnteresseerden kennen die ook graag deel zouden nemen aan het Agrofood inspiratie event, dan kun je deze uitnodiging aan hen doorsturen.

Kunst komt van kunnen 

Tijdens een korte vakantie in Duitsland werd voor mij de associatie gemaakt tussen “kunst” en “kunnen”. In het Duits is dit een eenvoudige oude vervoeging van het werkwoord “können” maar in het Nederlands niet. Toch is de vergelijking erg aantrekkelijk, ook in onze taal. 

Kunnen omvat niet alleen associaties met concrete vaardigheden maar ook met de mogelijkheid, gelegenheid of ruimte om iets te doen. In “kunst” is dit alles van directe toepassing als men zich wil uiten op de een of andere creatieve manier. “Kun je dat?” is een innerlijke uitdaging die aanzet tot experimenteren met communicatie middels het creatieve vermogen van de mens en de inzet van de daartoe beschikbare middelen. Een innerlijk beeld tot uiting brengen zodat het zich laat bevredigen in de tastbare wereld is Kunst, je kunt het, los nog van wat het doet met anderen. 

Het innerlijke begrip rond “kunnen” kan dan tot enorme motivatie leiden, zelfs een obsessie, een bezielde waanzin, een wanhoop, tot het moment van bevrediging via dans, muziek, schilderen, beeldhouwen, films, design, praten of zelfs een maatschappelijke missie. Als dat niet tot uiting komt dan is “Du Kunst het nicht”, hoe zeer anderen in contemplatie tot bewondering geneigd zijn en zich zo uiten terwijl de kunstenaar radeloos verder op zoek gaat naar de ultieme expressie en het doorzettingsvermogen van “du könntest” of “er könnte es” ofwel “Kunst!” tot het is gelukt. En dat lukken brengt weer associaties met “geluk”.