De honderden miljarden die Nederland laat liggen

Onze economie is te eenzijdig opgebouwd. Het kan anders. Een simpele andere kijk op waarden en waardecreatie levert Nederland minstens 300 miljard op aan bruto binnenlands product zonder ook maar met de ogen te knipperen en bovenop de traditionele productiviteit. Het bespaart Nederland ook nog eens zeker 100 Miljard, simpelweg door dingen anders te gaan zien.

Wat is waardevol voor de mens?
Wat is waardevol voor de mens uitgedrukt in geld?

Alles draait om “perceptie” en het begrip “waardering” in geld. We moeten onderscheid durven maken in “soorten economie”.

Traditie van handel in producten (handelseconomie)

Er wordt door de consument een gevoel van waarde gekoppeld aan producten. Die waarde wordt pas zichtbaar als er een verkooptransactie plaats vindt. Dan wordt het ook uitgedrukt in geld. Dat is een belangrijk principe waardoor de economie redelijk onvoorstelbaar is maar ook te manipuleren.

De “waarde” van het moment van een product wordt bepaald door de concrete behoefte aan het product, de beschikbaarheid, de relatieve zeldzaamheid, de eventuele houdbaarheid van het product of de waarde en het verkoopbeleid. “Behoefte” kan onderverdeeld worden in basisbehoefte, noodzaak, luxe en hebzucht. Bijvoorbeeld:

  • basisbehoefte: eten, een dak boven het hoofd, drinkwater….
  • noodzaak: een arts wanneer je ziek bent, politie bij geweld, een rolstoel als je niet kunt lopen …
  • luxe: meer hebben dan je nodig hebt, overvloed, gemak, vermaak
  • hebzucht: hebben om te hebben of het te weerhouden van anderen, niet om zelf te gebruiken

De wereld van de handelseconomie speculeert met deze waarden aan de kant van zowel productie, distributie en afname volgens het fenomeen product, klant, winstoptimalisatie. Zo heeft ook het produceren, distribueren en vermarketen van producten (en diensten) “waarde” gekregen voor degenen die daar belang aan hechten (bedrijven).

Het belasten van deze handelseconomie door de overheid wordt gezien als “waarde” omdat men daarmee havens,  wegen en spoorlijnen aan kan leggen die de handel bevorderen. Ook onderwijs kan hiertoe behoren omdat het jongeren opleidt voor deze economie rond productcreatie, productiviteit en consumptie. Speculatie met tekorten, diensten rond de supply chain, financiele systemen, enz. horen er ook bij net als de groeiende discussie over ethiek en verantwoordelijkheid.

Dit is niet de enige economie ook al doet men ons dat vaak voorkomen in de consumptie discussie over koopkracht. Er is bijvoorbeeld ook de “crisis economie”.

De handel in crisissen (crisis economie)
Een crisis draait om “het kwijtraken” en de “angst van het kwijtraken”. Er zijn zoveel dingen die we kwijt zouden kunnen raken zoals alles wat we in materiële zin tot eigendom beschouwen. Als we ons in onze basis behoeftevoorzieningen afhankelijk hebben gemaakt van de handelseconomie dan is het kwijtraken van koopkracht beangstigend. Waar anders halen wij onze basisvoorzieningen vandaan? Als die alleen toegankelijk is middels geld (en niet als ruilmiddel van waarde tegen waarde) dan wordt de kans van het ontbreken van geld een angst. Hoe groter die afhankelijkheid des te groter de angstgevoelens.

Maar ook onze gezondheid, veiligheid, welzijn, het leven zelf, kunnen we kwijt raken. Zelfs ons leefmilieu, het drinkwater, enz. Ook dat levert angst op.

Angst is daarom een economie geworden waar velen op inhaken of die angst nu terecht is of niet. Hoe meer we (denken te) hebben des te groter de angst iets kwijt te raken. Men beleeft een permanente psychologie van crisis.

Een crisis is voor veel partijen van waarde en voor anderen is het veel waard om het opgelost te zien om dat gevoel van angst kwijt te raken. Met de angst van de mens wordt dan druk gemarchandeerd en zelfs macht uitgeoefend of verdeeld.

Angst heeft een beklemmend effect dat misbruikt wordt in de crisiseconomie
Angst heeft een beklemmend effect dat misbruikt wordt in de crisiseconomie

Een crisis is echter pas een crisis als een angst bewaarheid wordt. Voor die tijd kan er nog van alles gedaan worden. Maar afkopen of uitbesteden van in ruil voor zekerheden levert alleen maar meer angst op. Als te laat is dan kan men er niets meer aan kan doen behalve het zelfbewust aanvaarden van een nieuwe werkelijkheid door de oude los te laten. Dat willen de meeste mensen niet. Men speculeert met wat er “zou kunnen gebeuren” en koopt zekerheden rond problemen die nog niet bestaan. Hoe ver we daarin gaan? Veel te ver! Denk aan ziekenkosten verzekeringen, pensioenen, antivirusprogramma, politie, enz. En al die zekerheden bouwen weer een grote hiërarchie en lobby op om de angst vooral aan te wakkeren en levendig te houden. Men creëert dus zelf de angst, houdt het met betalingen in stand en wakkert het aan totdat het een cultuur van antiwaarde is geworden.

Overheidcrisis is een angstcrisis, lucht dus.
De huidige overheid beleeft een crisis omdat het niet de hoeveelheid geld binnen krijgt die het zou willen hebben. Men verhoogt dan de belastingen waardoor men de koopkracht en handelseconomie verder blokkeert en weer minder binnenkrijgt. Deze reageert door verder waarden te onttrekken uit de keten waardoor het probleem zichzelf versterkt.

Men voedt zo de eigen angst door de werkelijkheid erop af te stemmen. Men ontleent eigenbelang, macht en waarde aan een crisis die niemand van de bevolking snapt, om er oplossingen bij te bedenken die niemand begrijpt of iets aan heeft maar die wel via de belastingen worden verrekend met de maatschappij. Eigenlijk is deze crisis dan de grote “antiwaarde”. Het onttrekt altijd waarde door zichzelf als waarde te verkopen, eigenlijk hetzelfde als waardoor de krediet crisis is ontstaan.

Voor de regering is het een argument om geld te onttrekken aan de maatschappij om “het” op te lossen. Men is alleen bezig met de eigen financiering, niet met waarde. Zo kan men voor altijd bezig zijn met niets en er zelfs macht aan ontlenen terwijl men bewust een crisis in stand houdt. Deze nep overheidcrisis, uit angst zichzelf niet te kunnen bedruipen, wordt dan een echte crisis voor mensen die niet meer in hun basisbehoeften kunnen voorzien en voor een onoplosbaar probleem komen te staan. De overheid lost haar crisis niet op en creëert crisis voor anderen.

De antiwaarde wordt machtiger dan de oorspronkelijke waarde waardoor er echte crisissen ontstaat op mens niveau. Geld pompen in de maatschappij is dan niet de oplossing want dat geld heeft nu een angstwaarde door de insteek van een angstgedreven overheid. De mens gaat eerder hamsteren dan waarde creëren.

Echte waarde is productiviteit
Een volksvertegenwoordiging zou zich natuurlijk nooit bezig moeten houden met angsten. Crisis bestaat niet op maatschappij niveau. Een maatschappij bestaat uit een stuk grondgebied en een bevolking. Daar moeten we het mee doen. Dat is niet verandert, we hebben zelfs steeds meer bevolking, dus we zijn niets kwijtgeraakt, we hebben erbij gekregen. We hebben daarom eigenlijk een luxe situatie, geen crisis. De vraag aan de volksvertegenwoordiging is dan “hoe gaan we ermee om?”. Met angst of zelfvertrouwen?

De enige maatschappelijke waarde is vooruitgang door doelgerichte productiviteit afgestemd op de omstandigheden van het moment en de duurzame menselijke vooruitgang die iedereen ambieert, ongeacht waar we geboren zijn maar waar we pp dat moment zijn. Veranderen de omstandigheden dan verandert de productiviteit en inzet ook al is de evolutionaire richting gelijk.

Een risico is pas een probleem als het zich voordoet, zoals een ongeluk of een catastrofe (overstroming, oorlog, aardverschuiving) die de productiviteit en zelfvoorziening in de war schopt. Vooruitzien is prima maar op basis van duurzame vooruitgang, niet uit angst om wat niet is gebeurd of wat men kwijt denkt te kunnen raken.

De instelling van productiviteit heeft niets met geld te maken maar met inzet van bewustzijn, kennis, menselijke creativiteit en energie. Dat is de echte waarde, hoe we die ook omzetten in geld. Het wordt uitgedrukt in echt welzijn. Geld kan daarbij gebuikt worden maar hooguit indirect een maatstaf.

Crisis is bewuste antiwaarde. De huidige regering (en voorgaande) is dus niet bezig met het landsbelang, lost niets op en is verwijtbaar dat het vooruitgang blokkeert op alle fronten.

Balans
De huidige maatschappijbalans is ontwricht door het eigenbelang van de overheid in het financieren en in stand houden van een angstcultuur. Na verloop van tijd weet men ook niet beter. Men denkt blind aan “het systeem” en snapt niets meer van beleid. Het zijn robotjes, geen mensen.Velen zijn bang macht kwijt te raken in plaats van de moed op te brengen om autoriteit te gaan benutten.

Oplossing
De oplossing is eenvoudig. We elimineren de crisis door het af te schaffen. Crisis bestaat niet. Angst dus ook niet. Niet in Nederland. We hebben grond, relaties en bevolking. Wat willen we nog meer voor het scheppen van waarden?

Wat wel bestaat is productiviteit en zelfvertrouwen. We hechten geen waarde meer aan angst want dat is antiwaarde. We hechten waarde aan onszelf en wat we willen bereiken binnen de mogelijkheden die een ieder kan aanreiken. Aan die waarde koppelen we het geld niet aan antiwaarde.

Nieuwe waarde (gunsten economie) – voorbeeld
Neem nu als voorbeeld de waarde van elkaar helpen? Als we een kwartier hulp waarderen als “5 euro”. Het wordt pas geactiveerd wanneer die hulp ook daadwerkelijk gegeven wordt en als hulp wordt ervaren. Net als een productverkoop maar nu als gunst overdracht. Het instrument “tijd” plus “menselijkheid” heeft de waarde van 5 euro afgestemd op de eenheid 15 minuten.

Wat de werkelijke toegevoegde waarde wordt bepaald door de ontvangende partij die aan de productiviteit van tijd, talent en inzet echte waarde ontleent. Dat kan van alles zijn als het maar als positief wordt ervaren.

Er is waarde gecreëerd en 5 euro overgedragen. De 5 euro blijft 5 euro. De gecreëerde waarde is toegevoegd aan de maatschappij. Waarom zou een schroef waarde hebben en een gunst niet? Dat is een kwestie van onderlinge afspraken. Als we allemaal elkaar 4 uur per dag helpen zijn dan 16 blokjes van een kwartier a 5 euro per stuk. Dat hoeft niet op straat te zijn, noch in een bedrijf. We helpen onze kinderen, de buren, onze ouders, onze naasten, enz. Dat gaat niet volgens de productiviteit normen van de handelseconomie maar van de gunsteneconomie. De handelseconomie werkt gemiddeld 200 dagen per jaar a 8 uur per dag. De gunsteneconomie werkt 350 dagen per jaar (15 dagen ruimte voor ziekte) en kent geen 9 tot 5 mentaliteit.

Als 70% van de bevolking (iedereen boven de 12 jaar, onder de 12 jaar is vooral ontvangende partij hetgeen een zorgzame moeder of vader ook waardevol maakt) in staat is om dit te doen, zo’n 12 miljoen mensen dus, dan levert dat een potentiële extra economie op van:

4 uur × 4 kwartier × 350 dagen × 5 € × 12 miljoen mensen = 336 miljard euro bruto binnenlands product.

Net zo belangrijk en waardevol is het verdwijnen van een evenredig deel van de angsteconomie. Op dit moment is dat jaarlijks minimaal 120 miljard euro aan zorg en verzorgingskosten plus een evenredig bedrag aan zekerheden die we afkopen via allerlei verzekeringen. Gaandeweg verdwijnen die kosten uit de overheidsbegroting waardoor ook de bijbehorende bureaucratie kan verdwijnen als sneeuw voor de zon. Hierdoor ontstaat er meer ruimte en vrijheid voor vooruitgang.

Reken uit de winst.

De som van de opbrengst in het BNP is 336 miljard aan circulaire economie waar structurele waarden uit ontstaan die te meten zijn in vooruitgang, inclusief de besparing op de angst cultuur. De belasting hiervan gaat niet naar het aanleggen van nieuwe wegen want dat doet de handelseconomie al, maar het faciliteren van sociale cohesie en onderlinge productiviteit in de buurten en wijken.

Het mooiste van alles
Het mooiste van alles is dat dit gewoon latent aanwezig is in Nederland en alleen maar geactiveerd hoeft te worden. Het brengt de handelseconomie niet in gevaar, in tegendeel. Het haalt wel de risico-economie onderuit maar die is gebaseerd op de antiwaarde van angst die we het liefst zo snel mogelijk kwijt zijn, hoe belangrijk lobbyisten en machthebbers ze ook mogen vinden.

Het geld ligt op straat en de waarde van Nederland zit thuis of is met de verkeerde dingen bezig
Het geld ligt op straat en de waarde van Nederland zit thuis of is met de verkeerde dingen bezig

Het voegt een vorm nationale productiviteit toe aan ons land die niet uitbesteed kan worden aan China of India. De regering en instanties kunnen er autoriteit aan ontlenen met bijbehorende positieve erkenning. Tot slot brengt het stabiliteit dat als voorbeeld kan dienen voor andere delen van de wereld. Het maakt ons minder kwetsbaar voor invloeden vanuit Brussel of economieën buiten ons land en geeft ons individueel meer ongesubsidieerde koopkracht. Iemand die werkloos is in de handelseconomie kan in de gunsteneconomie prima zelfredzaam zijn. Ouders van kinderen zijn zelfredzaam door hun kinderen op gewaardeerde manier op te voeden in plaats van uit te besteden. Grootouders leveren weer een productieve bijdrage van overdracht van kennis, ervaring en levenswijsheid aan de jongere generaties. En ooj zij worden ervoor gewaardeerd zonder dat het ten kosten gaat van het pensioen dat in het industriële tijdperk is opgebouwd.

En zelfs als we allemaal besluiten dat een kwartier geen 5€ waard is maar 10€ is er geen haan die er naar kraait. Hooguit uit de handelseconomie zich dankbaar uit dat er meer geld in roulatie komt voor consumptie.

En dan zouden we misschien eens kunnen kijken hoe die menselijkheid op het milieu kan worden toegepast want ook daarin is de onbalans groot.

Conclusie
Economie is perceptie en afspraken. Crisis is nep en in handen van antiwaarde tenzij in tijden van natuurlijke catastrofe. Die hebben we wel (klimaat verandering, global warming, vervuiling) maar deze is niet zo zichtbaar. Laten we ons eerst op vooruitgang concentreren. Vooruitgang is echt en in handen van onszelf. Waarderen wij in geld angst of zelfvertrouwen? Dat is een zelfbewuste keuze.

Ondertussen laat Nederland honderden miljarden liggen en zit een groot deel van het land met angst thuis of op het werk.

Bent u Sustainocraat? Word dan lid. Dan stellen we dit soort dingen samen ter discussie bij de gevestigde orde.

Het laatste woord

We worden weer overspoeld met speelgoedreclame dus zal de Sinterklaastijd wel weer in aantocht zijn. Steeds vroeger in het jaar wordt de goedheiligman verbonden aan de verkoopbelangen van een consumptie gedreven maatschappij. Zijn kerkelijke boodschap als redder van kinderzieltjes uit de moordende hebzucht van een handelaar wordt zo ontkracht.

Het zwarte gezicht van zijn knechten wordt door de vieze schoorsteen veroorzaakt wanneer hij presentjes aflevert voor de kinderen. Maar nu wordt het zwarte gezicht met dezelfde schijnheiligheid verbonden aan slavernij en discriminatie, een oud schaamtegevoel uit onze eigen “gouden eeuw”.

Hebben of gebruiken?

“Papa, dat speelgoed hoef ik het niet te “hebben”, ik wil er gewoon een keer mee spelen”. Datzelfde geldt ook voor mij. Ik hoef die auto niet te hebben, ik heb er alleen af en toe een nodig, soms uit noodzaak, soms om er mee te spelen. Volgens de minister president dien ik echter beter het landsbelang door de auto in eigendom te nemen. Daar heb ikzelf andere opvattingen over als ik naar al die geparkeerde blikken bakken kijk die de straten bevolken. We hebben nog een cultuur van hebben. Die van gebruiken komt eraan.

Het systeem wil dat ik consumeer door aan te schaffen, ik wil gewoon gebruiken en teruggeven.
Het systeem wil dat ik consumeer door aan te schaffen, ik wil gewoon gebruiken en teruggeven.

Mens of systeem?

Mijn dochters groeien op in een wereld waarin we zelf leren kijken naar de werkelijkheid en het interpreteren op basis van ethische aspecten en verantwoordelijkheden die de omgevingscultuur stelselmatig lijkt af te breken. Op school “waar iedereen zichzelf mag zijn” moet men huiswerk inleveren over het verschil tussen allochtonen en autochtonen. Ik was 42 toen ik de woorden moest opzoeken in het woordenboek bij terugkeer naar Nederland. Ik was 27 jaar allochtoon geweest en had het nooit geweten. In Nederland werd mijn gezin bestempeld met discriminerende woorden.  De blog van Paul de Blot praat over “legalen en illegalen”, recht en onrecht over de onmenselijkheid van systemen die mensen beoordelen en veroordelen op afkomst.

Burgerparticipatie of verantwoordelijkheid in menselijkheid?

Tijdens een recente “burgerparticipatie” bijeenkomst vertelt de kersverse wethouder dat de burger mag meepraten maar de overheid het laatste woord heeft. Dat is een boeiende opstelling als burgers samenkomen om te praten over verantwoordelijkheid, ethiek of verwijtbaarheid in schending van menselijke en milieuwaarden. Men stelt gemeenschappelijke acties voor om te ondernemen om daarna terug gefloten te worden door de toestemming en beoordelingscriteria.

Een week later zit een andere wethouder aan tafel om samen met de burgerbevolking verantwoordelijkheid te nemen in een sustainocratisch proces over de gezonde stad. Dezelfde wereld, hetzelfde systeem, andere mensen, andere opvattingen en betrokkenheid of keuzes. De een doet het wel, de ander niet. Menselijkheid!

Wat leren wij onze kinderen?

Maar het gaat om verantwoordelijkheid nemen. Wat leren wij onze kinderen? Hoe gaan wij met elkaar om op straat? Welke verantwoording is nodig als je zelfbewust hebt leren bijdragen aan leefbaarheid? Waarom een kostbare bureaucratie van kwartjes om dubbeltjes te beoordelen? Hoe zit dat met verantwoordelijkheid en ethiek?

Het laatste woord heeft niet de wethouder, niet het systeem, niet de overheid noch de bank. Het laatste woord heeft de mens, de natuur en ons ge-weten in maatschappijspel dat we samen spelen. Het laatste woord heeft duurzame menselijke vooruitgang. Morgen is gisteren begonnen om er vandaag verantwoordelijkheid voor te nemen.

Een kind weet dat en dit kind zit in ons allemaal. We hebben niets, ook al bezitten we alles. In het spel van het leven gebruiken we alleen maar en geven alles terug wanneer we klaar zijn. Het laatste woord hebben wij niet want dan zouden onze kinderen niets meer te zeggen hebben. We hebben het laatste woord als we als mens uitgespeeld uitgespeeld zijn. Dan is het te laat.

 

Wat is een Sustainocraat?

Tot mijn vermaak typeerde onze Antwerpse relatie Werner van Ginneken de Sustainocraat als “iemand die niet beter is of slimmer dan iemand anders, hij/zij heeft enkel het inzicht verworven dat iedereen gemakkelijk de deur kan nemen waardoor het probleem niet langer bestaat.” Lees hier de bijdrage van Werner

Een Sustainocraat beseft dat hij of zij een levend wezen is die, net als alle andere levende wezens, zich ontwikkelt in de dynamiek van een natuurlijk universum. Wij proberen dit zelfbewust en in levende vrijheid met kennis te doorgronden en ontwikkelen. In de natuurlijke werkelijkheid bestaan de vele “problemen” niet die door mensen onderling worden gecreëerd. Zo bestaat er in de natuur geen geld en ook geen schuld. Wat wel bestaat is de natuurlijke drang naar groei, eventueel via concurrentie, aanpassingsvermogen of symbiose (de kunst van het samenleven). De mens voegt daar een praktische creatieve vorm van lerend zelfbewustzijn aan toe dat heeft geleid tot een breed arsenaal van instrumenten die de mens helpen in de ontwikkeling van haar belangen.

image

Dit instrumentarium kan voor en tegen de mens zelf gebruikt worden in diezelfde oorspronkelijke natuurlijke drang die ons en onze omgeving kenmerkt. De mens is haar eigen natuurlijke vriend en vijand. Deze vriend en vijandschap houdt ons zo bezig dat wij niet bewust zijn gebleven van onze natuurlijke omgeving .

De Sustainocraat redeneert wél vanuit deze natuurlijke basis en gebruikt het beschikbare en toekomstige instrumentarium (producten, autoriteit, organisatievormen, kennis) voor de ontwikkeling van “duurzame menselijke vooruitgang” dat als volgt is gedefinieerd:

“Samen blijven werken aan een gezonde, vitale, veilige en zelfredzame menselijke maatschappij binnen de context van onze aldoor veranderende natuurlijke omgeving”.

De Sustainocraat aanvaardt per definitie dat “gezondheid, veiligheid, zelfredzaamheid, voedsel en toegepaste kennis”, behoren tot de kernverantwoordelijkheden van elke mens en maatschappij. Dit verbindt ons onlosmakelijk met ons leefmilieu. Deze kerntaken staan op natuurlijke wijze boven politieke, economische en menselijke organisaties, belangen en rechtsvormen.

Elke mens is in essentie Sustainocraat, ook al hebben wij dit op de achtergrond geschoven. Wanneer het weer doordringt tot ons bewustzijn dan gaan we ons er naar gedragen. Dat is alsof er een deur geopend wordt naar een wereld waar die typische menselijke dogma’s niet bestaan. Het is daarna ook prima mogelijk om de menselijke uitdagingen te relativeren en aan te passen aan dienstbaarheid voor die duurzaam vooruitstrevende menselijkheid. Jezelf Sustainocraat noemen is simpelweg een zelfbewuste erkenning van de eigen natuurlijke oorsprong en een commitment om ernaar te leven.

We treffen Sustainocraten aan in elke functie en status van de bevolking. Sustainocraten vormen waardengedreven bijeenkomsten en samenwerkingsvormen, vooral wanneer de basisprincipes geschaad dreigen te worden door verkeerd gebruik van ons instrumentarium. Sustainocraten benutten hun talent, kennis, functie, autoriteit en verantwoordelijkheid in de maatschappij door de basiswaarden te verdedigen en handhaven middels het goede voorbeeld en resultaatgedreven samenwerking.

Sustainocratie in ons bewustzijn is nieuw. Nog nooit heeft de mens zoveel schade aangericht aan haar natuurlijke omgeving (en zichzelf) om er zelfbewust een wetenschap en gedragskeuze op te gaan baseren. Nu wel.

image

Dan komen we terug op het beeld dat Werner schetste met de muur en de deur. De muur bestaat alleen voor mensen die hun bewustwording nog niet serieus nemen. Zij laten zich beheersen door de muur van pijn en angst die door de mens zelf is gecreëerd. Als je eenmaal Sustainocraat bent dan blijkt de muur niet te bestaan, de deur ook niet, alleen de grote universele werkelijkheid waarin wij allemaal samen bouwen en genieten van de duurzame ontwikkelingen van een positief ingestelde menselijkheid.

Jean-Paul Close
Sustainocraat

Spanningsveld, mens en beleidcontrast

In dit artikel wordt gekeken naar het spanningsveld tussen twee parallel lopende werelden, die van de natuurlijke mens en van het functioneren van een modern maatschappij systeem. Dit spanningsveld levert positieve interactie op maar kan ook leiden tot crisis. Op dit moment zijn we in crisis en wordt het spanningsveld groter omdat het systeem en de mens voor hetzelfde probleem tegenstrijdige oplossingen bedenken.

In dit plaatje geef ik twee werelden weer die met elkaar een noodzakelijk spanningsveld beleven, de natuurlijke wereld en de onnatuurlijke wereld.

Het spanningsveld bepaalt vooruitgang of crisis
Het spanningsveld bepaalt vooruitgang of crisis

De “natuurlijke” wereld is die van moleculen, levensvormen, natuurlijke omgeving, evolutie, enz waar ook de mens een biologisch en evolutionair onderdeel van is. De mens functioneert in groepsverband en hanteert daarbinnen allerlei zelfbedachte mechanismen die op zich ook een evolutie en leerproces doormaken. We noemen dit “het systeem” omdat het instrumenten omvat waaraan door de mens bedachte economische en politieke waarden worden gehecht. Dit systeem is “onnatuurlijk” en dient zich af te stemmen op de mens en omgeving met het oog op scheppen van bepaalde harmonieuze rust en zekerheden. Zonder het systeem zou de mens een losgeslagen element zijn op zoek naar eigen individuele zekerheden middels onderlinge concurrentie en een zekere Darwinistische chaos.

Dankzij het systeem ontstaat een cultuur waarin de mens zich ordent volgens eigen opgestelde regels. Het systeem heeft echter de tendens een eigen leven te gaan leiden waardoor de afstand tot de menselijke natuur groeit en een spanningsveld laat zien die uitmondt in crisis. Teveel systeem is dus ook niet goed. Nu zien we dat het systeem zekerheden heeft opgeleverd maar ook lokale en wereldwijde vervuiling, verkeerde infrastructuur keuzes, ramp-scenarios, menselijke vervreemding, migraties, de angst voor de ander, vereenzaming, verstedelijking, individualisering, enz. Het spanningsveld levert dus een constante en boeiende interactie op die wij vooruitgang noemen door de constante stress tussen zekerheden en onzekerheden, menselijkheid en onmenselijkheid.

Vier grote aandachtsvelden

In het leerproces over de omgang met deze twee contrasten zien wij de interactie tussen het DOEN (organiseren, structureren, produceren, systeem) en ZIJN (ethiek verantwoordelijkheden, (natuur)bewustzijn, mens) waardoor er vier grote aandachtsvelden ontstaan: groei (afhankelijkheid cultuur), chaos (crisis ), aanpassing (menselijkheid) en symbiose (evenwicht tussen systeem en menselijkheid).

Natuurlijke evolutie
Natuurlijke evolutie

Het hele verhaal wordt complexer doordat wij vanuit “het systeem” hebben leren denken in termen van uitsluitend geld en economie. Onze maatschappij beperkt haar systeemdenken door in financiering te redeneren vanuit geldgedreven transacties (consumptie). Want daarover wordt belasting geheven waar weer systeemzaken uit worden betaald,   en bedrijfswinsten geboekt om vervolgens deze transactie wereld verder te stimuleren. Omdat tegenwoordig de gevolgen van dit economische systeem op de natuur en natuurlijke mens zo groot zijn geworden is de economie van die gevolgen ook enorm stijgend.

De gevolgen economie overtreft de primaire economie
De gevolgen economie overtreft de primaire economie

Door de groeiende crisis in de transactie en gevolgen economie is er een enorme stress gekomen in het gehele systeem. Daarboven op komt het economische systeem dat ook nog eens een schuldenlast hanteert op gebruikte materiële middelen. Omdat men van binnenuit het systeem uitsluitend redeneert aan de hand van economische prikkels komt men tot twee problematische maatregelen:

  • Men wil de transactie economie zo snel mogelijk herstellen en laten groeien
  • Men wil kosten besparen op de gevolgen economie (zoals de zorg).

In deze enorme systeemstress vergeet men “de mens” en “de natuur” waardoor het spanningsveld tussen beiden werelden alleen maar groter wordt. Een mooi voorbeeld kunt u zien in dit recente interview met wethouder Lenie Scholten van Eindhoven. Zij gaat over het zorgbeleid en zit midden in die economische systeemstress.

Wat we in het filmpje constateren is een beleid dat gebaseerd is op het voor een deel robotiseren van de zorg met het oog op besparingen op arbeidskosten. Voor een stad als Eindhoven is dit misschien geloofwaardig wegens de hightech cultuur van de stad, Brainport en de Technische Universiteit. Ook vanuit de transactie economische gedachten kunnen argumenten deze ontwikkeling onderbouwen, zeker als wij ons baseren op de systeemafhankelijkheid van de mens met bijbehorend economisch groeisysteem in een vergrijzende omgeving.

Daar is niets mis mee, geredeneerd vanuit die denktrant die zich positioneert in het systeemgebied van “groei zonder menselijkheid” van het van doen en zijn. Elke technologisch innovatie met bijbehorende diensten is natuurlijk een “product” dat aangeschaft wordt als transactie en op die manier ook weer via de belastingen bijdraagt aan de overheid economie. Op zich een prima gedachten als je midden in dat “systeem” zit. De kosten worden afgedekt met de middelen uit belasting.

Geredeneerd vanuit de menskant is het anders
Binnen de wereld van biologische werkelijkheden is de mens enorm gebaat bij groepsdynamiek. De kern van menselijke vooruitgang is het gezin en de familie. Het is gebleken dat “elkaar helpen” genoegdoening schept en zingeving verschaft aan grote bevolkingsgroepen die anderszins maar lastig actief zouden zijn op de arbeidsmarkt. “Zorg” was lange tijd een interactie tussen generaties waarin de overdracht van culturele waarden even belangrijk waren als het opvangen van kinderen. Grootouders hadden autoriteit die in de familie respectvolle relaties gaf. Dit is grotendeels verdwenen en ondergebracht in systemen zonder warmte, waarden, respect noch generationele expertise.

Niet alles hoeft geprofessionaliseerd te zijn zoals men dat nu heeft georganiseerd vanuit een puur systeem gedreven economisch oogpunt. De mens is verworden tot een opsomming van gefragmenteerde acties die allemaal ge-economiseerd kunnen worden door er een belastbare tijdbesteding, robot of prijskaartje aan te hangen. Denk aan acties zoals wakker worden (medicijn), opstaan (dienstverlening en controle), persoonlijke hygiëne, aankleden (elk kledingstuk per sok, kous, spelt, enz), gezelschap, entertainment, koffie zetten, licht aan, licht uit, schoonmaken, toilet, en dan het hele proces andersom. Hoe individueler des te groter het economische belang en de macht van de systemen. Integrale afhankelijkheid ontstaat dan van systeembelangen, met erachter ook hele optimaliseer processen, netwerken en bureaucratische programma’s die men moet handhaven en uitbreiden en die niets meer met de mens te maken hebben. Ze gebruiken de natuurlijke mens als object. Dat is de basis van de huidige crisissen.

De individu is doelwit van processen waar elke vorm van zingeving, waarde en menselijkheid uit is verdwenen. Zorgverleners in het huidige systeem die, exclusief reistijd, 7 minuten de tijd krijgen om bij iemand met overgewicht de sokken aan te trekken, worden geconfronteerd met een medemens die gewoon even een praatje wil maken. Als het aan het systeem ligt wordt daar ook weer een praatrobot voor bedacht maar aan de menselijke warmte wordt niet gedacht. De vereenzaming van de ouderen wordt opgevangen door een efficiënt systeem gericht op taken die de noodzaak van menselijke interactie steeds verder op de achtergrond brengen. Recent werd bijvoorbeeld een 60 jarig huwelijksfeest in een gewone flat georganiseerd waarbij alle flatbewoners waren uitgenodigd. Voor enkele ouderen was de drempel van angst voor andere mensen zo groot dat zij een week lang in de zenuwen hadden gezeten over het feest. Daar zijn geen robots voor, die veroorzaken juist het probleem dat onzichtbaar blijft voor het systeem door inherente onmenselijkheid.

Intermenselijke verbanden zijn gebaseerd op gewoonte, behoefte en gelegenheid. Als de behoefte en gelegenheid weggenomen wordt door het als inkoopproduct beschikbaar te stellen verdwijnt de gewoonte en ook de gedragsdynamiek. Men raakt geïrriteerd, intolerant en asociaal naar elkaar. Er ontstaan perverse gedragsstoornissen die door een effectieve “zorg”alleen maar worden aangewakkerd en uitvergroot, hetgeen weer aanleiding is voor wethouders en systeemlobbyisten om meer geld te vragen voor het zorgsysteem.

De persoonlijke lokale werkgelegenheid in productie wordt onderuit gehaald en ondergebracht in productiviteit die ongetwijfeld grotendeels in fabrieken van China en India wordt uitgevoerd. De gecentraliseerde dienstverlening is gebaseerd op statistieken, knopjes, toeters en bellen zonder menselijke interactie terwijl de bevolking gemiddeld steeds ouder wordt en steeds meer als kasplantje wordt behandeld en vereenzaamd.

De huidige economie vertoont al gigantische tekorten wegens de zorgstaat en niemand weet nog hoe men het kan opbrengen. Het gaat er niet om of we de robots wel of niet kunnen betalen. Die vraag stellen we ons ook niet over de stofzuiger, vaatwasser of wasmachine. Het gaat erom in hoeverre de maatschappij de last van onmenselijkheid op psychisch, lichamelijk, spiritueel, sociaal en financieel niveau aan kan zonder aan zichzelf ten onder te gaan?

Spanningsveld
Het contrast is groot als we beide werelden naast elkaar leggen. In de huidige maatschappij ligt er een zekere macht en autoriteit bij de overheden die vanuit de eenzijdige systeembenadering redeneren en de instrumenten van techniek, politiek en economie hanteren. Vaak vraagt men aan de Stad van Morgen waarom wij geen politieke partij vormen? Het bovenstaande geeft aan dat dit onmogelijk is. De natuur en de biologische mens trekt zich niets aan van geld of politiek. Mensen krijgen diabetisch, kanker of hartziekten of een wethouder nu robots bedenkt, geld vrijmaakt of uitsluitend redeneert vanuit gevolgen. De natuur is niet voor de gek te houden en gezondheid, veiligheid of zelfredzaamheid zijn natuurlijke bronnen van productiviteit, interactie en creativiteit die door het systeemgeweld alleen maar worden verziekt en daarna omringt door systemen. Dat levert altijd crisis op en onhoudbaarheid. Vandaar dat wij de kant van de natuurlijke mens kiezen en trachten het spanningsveld te minderen door de interactie aan te gaan met het systeem middels de toepassing van bewustzijn en kennis.

Dat is ook de reden waarom wij coöperaties opzetten waar alle partijen in vertegenwoordigd zijn om vanuit de mens naar het systeem te redeneren in plaats van eenzijdig vanuit het systeem naar de mens. De keuze van de wethouder wordt dan genuanceerd en onder druk gezet door experimenten te voeren die de menselijkheid als uitgangspunt nemen en niet uitsluitend systeeminstrumenten. We vermijden op die manier de confrontatie tussen mens en systeem die onvermijdelijk gebeurt wanneer het te laat is. Een modern maatschappij positioneert zich op de punt van symbiose. Dit betekent ook dat de mens en maatschappij een balans dienen te zoeken tussen natuur en systeem. Dat kan alleen als deze op gelijkwaardige basis met elkaar schakelen en niet hoeven te polderen over menselijk belang ten opzichte van systeembelang. Zowel systeem en mens zoeken dan het hogere menselijke doel van gezondheid en zelfredzaamheid waarbij toegepaste technieken een onderdeel zijn van het instrumentarium maar niet om de mens afhankelijk te maken maar de mens te faciliteren in haar levensgenot. Samen, liefde, gemeenschap, generaties en geven aan elkaar is van evolutionaire belang en kan niet zomaar weggepoetst worden door geldbelang. Het is een menselijke verantwoordelijkheid die we uit gemakzucht wel eens vergeten maar vroeg of laat ons met de neus op de feiten druk. Robots, net als de overheid als instelling, zijn een instrument van de mens voor de mens, en niet andersom. Dan pas heerst er stabiliteit, vooruitgang en harmonie. Dat komt alleen tot stand door de samenwerking in plaats van confrontatie tussen tegenstellingen op zoek naar compromis met menselijkheid als uitgangspunt.

Daarom wordt de bestuurders in de overheid en het bedrijfsleven vanuit hun eigen menselijkheid lid van Sustainocratische samenwerking. Zo kan men het systeemdenken nuancering met menselijkheid en het spanningsveld positief krijgen en houden.

Stress in het onderwijs

STIR Academy is een initiatief van de Stad van Morgen om samen de transformatie van het onderwijs aan te gaan. Onderaan het artikel kunt u zich aanmelden voor meer informatie

Ruim 25 jaar aftakeling in het onderwijs
Nu de economische crisis haar sporen achter laat in de maatschappij en zich dieper wortelt zien we het spanningsveld tussen de koudheid van het systeem en de warmtebehoefte van de medemens alleen maar groeien. Ook hebben wij het onderwijs zich de laatste 25-30 jaar zien ontwikkelen naar systeemstructuren rondom vooral emotieloze cognitieve vaardigheden, ontdaan van elke vorm van menselijkheid en menselijke omgangsvormen, alsof het gaat om het programmeren van robotjes.

In dit plaatje tonen we het groeiende onnatuurlijke spanningsveld tussen de mens en het systeem:

Het spanningsveld tussen mens en systeem wordt steeds groter maar daartussenin zitten onze kinderen.
Het spanningsveld tussen mens en systeem wordt steeds groter maar daartussenin zitten onze kinderen.

Leerkrachten raken in de stress

Uitval, gestreste leerkrachten, stafblaadjes, kruisjes, gedragsstempeltjes, groeiende bureaucratie, inspecties, cijfercultuur, enz drijven de zelfbewuste, gepassioneerde leerkrachten tegen de muren omhoog. Systeem georiënteerde figuren maken van de school een strafkamp. De afstand tussen de mensgedreven professionals en de geldafhankelijke besturen wordt zichtbaar.

De kinderen en jeugd hebben een leerplicht maar de school heeft een onderwijsplicht. Maar wat is “onderwijs”? Door de uitval gaan steeds meer scholen over op geautomatiseerde computersystemen om toch aan hun uren te voldoen. Of men laat de jeugd “zelfstudie” verrichten. Vanuit de verantwoordelijkheid van menselijkheid en de intensiteit van het leerproces op basis van verwerking van emoties, lichamelijke ontwikkeling, spiritualiteit (de essenties van het leven die elk systeem overstijgen) als ook de vaardigheden in bewustwording, is dit onaanvaardbaar.

Leerkrachten worden niet afgerekend op hun menselijkheid maar op de toepassing van een onmenselijk systeem. Zelfs bestuurders willen het anders maar zien vaak amper een uitweg. Er is niet meer geld voor het onderwijs maar met geld los je gebrek aan menselijkheid niet op. Daar is iets anders voor nodig.

Ouders én kinderen worden mondig
De klachten en weerstand hopen zich op. Scholen en leerkrachten worden zelfs bedreigd, ouderavonden lopen in het honderd, gesprekken tussen medewerkers en ouders lopen uit op hoog oplopende ruzies, kinderen snappen het niet. De jeugd gaat verplicht naar school maar leert meer op straat waar ook het onrecht wordt uitgespeeld tussen de leeftijden. Jongeren verlangen naar het einde van hun schooltijd en ouders ook. Want dan begint het échte leven pas met alle sociaal, emotionele en intellectuele achterstand die onze jeugd gaandeweg heeft opgelopen, met alle consequenties van dien. Het onderwijs wordt nu geacht als een kostbare onmenselijke verplichting dat men liever kwijt is dan rijk. Dit is niet eens een verspilling van middelen maar dat van de maatschappelijke waarden die ons bestaansrecht geven als gemeenschap.

We staan vaak onze jongeren verplicht af aan een opleidingssysteem waar wij geen vertrouwen aan hechten. Dat moet anders!

Er zijn natuurlijk uitzonderingen, zoals overal en met alles in het land, maar die bevestigen helaas de stelling in plaats van haar ter discussie te stellen. Alleen de scholen die aan het overheidsinfuus hangen en naar de pijpen dansen van “het systeem” overleven en dat zijn juist de omgevingen waar we onze jeugd het liefst niet willen hebben. Alternatieven zijn ofwel te kostbaar, te ver weg of op een andere manier onbereikbaar. Ook samenwerkende ouders, nieuwetijdse schooltjes, nieuwe modellen, die binnen het onderwijs alternatieven, steun en visie aanbieden, krijgen hun financiering niet rond of wordt de toegang tot het systeem ontzegd.

Transformatie
Zo kan het niet langer. De afstand tussen dat wat wij willen voor onze kinderen en de aangeboden werkelijkheid is te groot geworden. Het gaat om de toekomstige generaties die zo opgroeien in de onmenselijkheid en zich radeloos afvragen waar zij met hun emoties naar toe moeten? De een kiest drugs of alcohol, de ander springt voor de trein, soms zoekt men de criminaliteit of raakt te vroeg zwanger op zoek naar menselijke warmte. De dure, stempelgedreven zorg en strafcultuur maakt het alleen maar erger.

Het gaat niet om een vingertje opsteken en klagen. Het gaat om het verbinden van de mens en het leersysteem met de menselijke werkelijkheid in de opvoeding, opleiding en begeleiding van onze jeugd. Elke mens is “een held” en leert het hele leven om te gaan met de zoektocht naar het geheim van duurzame welzijn en vooruitgang. Dit gebeurt door geprikkelde interactie met de omgeving en reflectie over de eigen resultaten. We moeten als mens weer het menszijn gaan waarborgen in onze omgeving en systemen, te beginnen met het onderwijs!

Ons kind is een held op levensreis
Ons kind is een held op levensreis

Sustainocratie wil geen nieuw schoolsysteem introduceren maar het hele schoolbeleid aanpakken en helpen transformeren naar iets waar we trots op willen zijn, niet enkele kinderen en ouders, maar allemaal. We hebben geen extra geld nodig maar de bereidheid van “het systeem” zelf om los te laten en lid te worden van “toegepaste kennis en menselijkheid” als doelgericht samenwerkingsverband tussen de mens als burger, overheid, onderwijs, wetenschap en bedrijfsleven, rond duurzame menselijkheid.

We doen de transformatie niet alleen maar allemaal samen. We maken de kloof (het spanningsveld) tussen de warme mens en koude cultuur weer kleiner en beheersbaar. Wij nemen de verbindende verantwoordelijkheid op ons en nodigen uit tot de “transformatie”.  We hebben er geen moeite mee om dit de komende 10 jaar te doen als experiment, bijvoorbeeld in Noord Brabant.

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

Algemene beschouwingen 2013 en menselijkheid

Het debat tijdens de algemene beschouwingen in de tweede kamer gaat over systeempolitiek, macht en geld. In het onderstaande plaatje geef ik het spanningsveld weer van de huidige werkelijkheid.

Onze toekomst wordt bepaald door de ontwikkeling van het spanningsveld in deze complexe tijden.
Onze toekomst wordt bepaald door de ontwikkeling van het spanningsveld in deze complexe tijden.

De geschiedenis heeft ons getoond dat het spanningsveld onderhevig is aan cyclische patronen die te maken hebben met de menselijke en universele natuur.  Als het spanningsveld de mens en het systeem uit elkaar drijft dan kan het breken. In het verleden ontstond dan burger opstand, oorlog of het algehele verval en zelfs verdwijnen van een maatschappij.

In onze huidige werkelijkheid loopt deze spanning al geruime tijd steeds hoger op. Uit het plaatje blijkt dat dit twee kanten heeft, de mens en het systeem, die beide verantwoordelijk zijn voor het veroorzaken en oplossen van de stress. Dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan.

Aan de kant van het systeem staat de democratie met veel conservatieve neiging tot behoud van verworven rechten en handhaving van plichten. Na een grote piek van welzijn in de cyclus stijgt de spanning om dit welzijn systematisch in stand te houden door de afhankelijkheden die de burger eraan ontleent. Aan de menskant ontstaan de symptomen van menselijke stress die zich gaandeweg opbouwt (armoede, werkloosheid, verschillen tussen rijk en arm, voedselbank, criminaliteit, enz). De mens wordt uitgedaagd de eigen verantwoordelijkheden in ogenschouw te nemen om welzijn te behouden of opnieuw op te bouwen. De natuurlijke mens is dan erg creatief maar vaak niet direct passend in het oude systeembelang. Er ontstaat een uniek spanningsveld tussen vernieuwende en conservatieve krachten die de natuurlijke weg opzoeken.

Transformatie Economie

(Download hier een praktische uitnodig bestuurdersregio Eindhoven  GemeenteSustainocratie (1) )

Om de spanning te ontlasten heb ik de Transformatie Economie (Sustainocratie) geïntroduceerd. Dit is voor mijn gevoel en inzicht een noodzakelijke aanvulling op de democratie en even menselijk. De Transformatie Economie groeit als het spanningsveld zich vergroot en krimpt als het spanningsveld zich verkleind. Dit is nieuw en heeft zich nog nooit vertoond in onze geschiedenis. Voorheen werd transformatie ingegeven door een breuk waarna men opnieuw kon beginnen. Dat kunnen we ons in de huidige wereldmaatschappij niet meer permitteren. Het is ook niet nodig omdat onze kennis over de menselijke complexiteit gigantisch is toegenomen en wij ook daarin verantwoordelijkheid kunnen nemen in onze structuren.

Het aanvaarden van Sustainocratie is lastig voor de oudetijdse machtsstructuren maar in tijden van groeiende spanningen en onzekerheden is het juist de redding van die macht. Men laat wat macht los en doet mee aan Sustainocratie met autoriteit waardoor de macht zich via de transformatie weer bevestigt.

De Transformatie Economie plaatst zich buiten de systeem werkelijkheid richt zich op de kern van de menselijke welzijnsuitdagingen door “het systeem” uit te nodigen naar de mens kant en niet andersom. Sustainocratie is geen aparte maatschappij noch instelling. Het is een serie van transformatieve coöperaties rond specifieke menselijke kernzaken. De transformaties hebben een effect zowel op de menskant als de systeemkant. Daarom doen alle kernpartijen mee (overheid, ondernemerschap, burgers en wetenschap).

Met deze aanpak wordt in Eindhoven en Noord Brabant projectmatig ge-experimenteerd. Het is vooralsnog in een pioniersfase. De eerste resultaten zijn zo bemoedigend voor alle betrokken partijen dat het steeds meer steun krijgt. De Transformatie Economie voegt met Sustainocratie een belangrijke variabel toe aan de succesfactor van duurzamer maatschappelijke en economische ontwikkelingen:

De succes formule
De succes formule

In de, op natuurwetten gebaseerde, formule activeert “Transformatie” zich vooral als groei hapert, gevolgen te groot worden, concurrentie noopt tot verandering of lokale harmonie onevenwichtig is geraakt. In een “normale” duurzaam vooruitstrevende maatschappij is “transformatie” maar een klein percentage van de werkelijkheid maar kost wel de nodige moeite omdat het richting bepalend is door in te gaan op veranderprikkels. Lokale balans of onbalans kan daarbij uitstekend helpen om prioriteiten te bepalen. De onzichtbare variabel in deze formule die we er zelf aan toe kunnen voegen is “graad van integraal bewustzijn” hetgeen een toegepast leerproces weergeeft op basis van ervaringen, samenhang en open kijk op het leven zelf.

Jean-Paul Close

Sustainocratie, de huidige werkelijkheid en de Transformatie Economie

jp@stadvanmorgen.com

Miljoenennota 2013 – een doorbraak of zinkend schip?

Voor het eerst in jaren is mijn voorspelling voor Prinsjesdag niet uitgekomen en daar ben ik redelijk blij om.  In voorgaande jaren kon ik mij er gemakkelijk van afmaken door te voorspellen dat op Prinsjesdag er weer een begroting zou komen met een stijging van 6%. Dat kwam steevast op de halve Miljard verschil uit. In dit plaatje van vorig jaar laat ik het zien:

prinsjesdag 2003 tot en met 2012
Prinsjesdag 2003 tot en met 2012

In ruim 10 jaar tijd gingen de overheid uitgaven steevast met 6% omhoog hetgeen een verdubbeling betekende in 11 jaar tijd!! Schrikbarend als we ons bedenken dat wij samen die kosten op moeten brengen en er naar verhouding maar bar weinig voor terugkregen. Hoe brengen we de vele Miljarden op?

4 grote lijnen:

  • Consumeren: Dat is te zien aan de BTW dat een aantal jaren geleden de grootste inkomstenpost werd van de overheid. Het is de belasting die wij betalen over de goederen die wij inkopen. Daar kunnen we de accijns ook aan toevoegen.
  • Werken: Dat zien we aan de Inkomsten Belasting die ingehouden wordt van ons loon.
  • Geld verdienen:  Dit bedrag komt terug in de Vennootschap Belasting die geïnd wordt over de winst van de bedrijven
  • Gasbaten: De inkomsten van Nederland over de verkoop van gas uit eigen bodem.

De overheid stuurt het land dus aan op basis van deze parameters. Met deze inkomsten kan men het ambtenaren apparaat betalen, de benodigde infrastructuur, de scholing, de politie, de zorg, zekerheden en de rente over staatsleningen.

Transactie economie
In feite draait alles om de belastbaarheid van het heen en weer schuiven van producten en diensten (transacties) met de arbeid en winst die eraan verbonden wordt. We zien diezelfde basisdynamiek ook terugkomen in de zogeheten “gevolgeneconomie” die zich ontwikkelt rond de kosten van de samenleving en de consequenties van deze op levensstijl, de mens, het milieu en de maatschappelijke organisatie.

Die gevolgen zetten juist onze wereld op zijn kop:

De gevolgen economie overtreft de primaire economie
De gevolgen economie overtreft de primaire economie

De opeenstapeling van crisissen die wij de laatste 10 jaar hebben meegemaakt, met een doorslaggevend dieptepunt in 2008 (kredietcrisis), toont ons nu dat de gevolgen door blijven lopen terwijl die transactie-economie structureel blijft haperen.

De overheid heeft met kapitaalinjecties, mooi weer verhalen en redding van banken nog jarenlang geprobeerd om ons aan te zetten tot het aanschaffen van kapitaalgoederen (huis, auto) waarop een belangrijk deel van de economische luchtballon dreef, maar het mocht niet baten. De bomen groeien niet tot aan de hemel. Maar die gevolgen groeien maar door.

Doorbraak 2013?
Voor het eerst zien wij in de miljoenennota 2013 een trenddoorbraak waarin de overheid haar gevecht heeft opgegeven om het verleden in stand te houden met bijbehorend verzet tegen verandering. Den Haag begint tekenen te vertonen van besef van de veranderende werkelijkheid en dat geeft ook ons (voorop lopers in de transformatie economie)  het prille vertrouwen dat we misschien ooit ook samen kunnen werken met de centrale overheid en niet alleen met de gemeentes en provincies. Tot op heden waren het twee volstrekt gescheiden werelden.

Wat is dan die doorbraak 2013?

Miljoenennota
Miljoenennota 2013

Het eerste wat natuurlijk opvalt is de veelbesproken besparing. In 2012 werd nog een nota gepresenteerd met de traditionele 6% verhoging ten opzicht van het jaar daarvoor. Dit jaar is de verhoging er niet. De absolute hoogte van overheidsuitgave anno 2014 is nagenoeg hetzelfde als 2013.  Dat is betekenisvol omdat duidelijk de overheid uitgaven bevroren zijn in absolute zin. Binnen de inhoudelijke details is er dus enorm geknok ontstaan om de zaken “anders” te gaan doen, vaak ten kosten van allerlei afhankelijke mensen en structuren door besparingsdrang in plaats van verandering zelf. Het dwingt die structuren wel tot kritische zelfbeschouwing. En dat is een begin.

Wat ook opvalt is het verschil tussen de inkomsten en uitgaven. De economie draait onvoldoende en ondanks de bevriezing van de traditionele 6 % verhoging is er een belangrijk gat. Dat drijft de staatsschuld omhoog met bijbehorende rentelasten. Dat is geen gezond beeld.

En dan is er nog die “zorgstaat” dat meer dan 50% van de begroting opslokt. Een goed functionerende staat faciliteert vooruitgang door maatregelen waardoor de bevolking optimaal voor zichzelf kan zorgen. We zien hier de omgekeerde wereld met een totaal verkeerde positionering van de functies van een moderne staat. De staat is geen instituut maar en samen-leving, een soort coöperatie waarin kerntaken onderling zijn verdeeld. In deze maatschappij is de staat de overheid, de burgers zijn de financiers via consumptie zonder dat er verantwoordelijkheden tegenover staan. De overheid kan die wel af proberen te dwingen door druk op werkgelegenheid en arbeidsbemiddeling maar dat komt al snel overeen met een nationaal strafkamp zonder intrinsieke motivatie. De gevolgen zijn uitgedrukt in de gevolgen-economie.

Maar voor Den Haag is dat allemaal “geld” zonder psychologie noch spiritualiteit. De gevolgen van onze consumptie gedreven economie gaan onverminderd door en hebben weerslag op de mens, de levensverwachting, het gedrag, het milieu, ons welzijn, enz. Die kosten kunnen nergens meer op worden verhaald nu de zorgstaat omvalt. Dus praat de minister president over een “participatie maatschappij”, los van alle zorgzaamheid die nu onttrokken wordt door de overheid. Er worden verantwoordelijkheden, die in het verleden door de overheid waren opgenomen, teruggelegd bij de bevolking.

En verantwoordelijkheid gaat niet om geld. Dat draait om waarden. Die koop je niet maar worden gecreëerd. “Participatiemaatschappij” is dan het verkeerde woord want in feite participeren we altijd al, of het nu is als financier door consumptie en arbeid of door de problemen voor onze kiezen te krijgen als het fout is gegaan. Wat het kabinet eigenlijk wil is een “initiatief-neem-maatschappij”. Maar dat gaat niet zomaar. Je kunt wel los willen laten maar we hebben generaties lang de bevolking in afhankelijkheid opgevoed en aan het overheid infuus gehangen. De regering wil besparen maar tegelijkertijd dient ineens de hele maatschappij te transformeren. Wil de regering die transformatie wel?

Het is lastig voor de centrale overheid. Hoe laat je de oude zorgtaken los, met bijbehorende machtsposities en structuren? En hoe stel je jezelf faciliterend op zonder dat er in belastinginkomsten op achteruit te gaan? De belastingen houden dan wel een grote bureaucratie in stand maar zijn ook de basis van de overgebleven zekerheden van grote groepen mensen. Hoe doe je zoiets zonder ook je partijbelang onherstelbaar te schaden in de stembus?

Dat kan geen van allen! De verandering gaat ten kosten van het verleden en er vallen slachtoffers. Kan de centrale overheid dat alleen? Nee, natuurlijk niet want die oude sturing systemen zijn vastgeroest na 150 jaar gebruik, wortel schieten en verankering.

Belangrijk is dat de losse schroeven van het kabinet en onze maatschappelijke structuur zelf zichtbaar zijn geworden. Men is noodgedwongen in een transformatie terecht gekomen en dient zich open te gaan stellen voor alternatieven. Dat dit proces gepaard gaat met de nodige innerlijke schermutselingen moge duidelijk zijn. We leven per slot van rekening in een verzuilde democratische structuur waarin eerste alle kalveren én koeien verdronken moeten zijn voordat men niet de put dempt (alle belangen rond een open put lobbyen gewoon door) maar overweegt een nieuwe te slaan op basis van ervaringen en parlementaire commissies. Het schip lijkt meer lekgeslagen en gestrand dan zinkende. Op een gestrand schip wacht iedereen op nieuw hoog water. Een zinkend schip wordt verlaten en met leert weer zwemmen.

De eerste tekenen van echte verandering zijn nu zichtbaar maar men roert nog steeds in het 150 jaar oude Thorbecke pannetje. Als de inkomsten dan niet uit auto’s en huizen komen dan zoekt het kabinet heil in het verhogen van de belasting op consumptie en gebruik. Men gaat ervan uit dat de consument evenveel blijft consumeren en daardoor de belastinginkomsten stijgen. Maar dat is natuurlijk niet zo. Als men niet consumeert dan gaat er arbeid verloren, gaan de gevolgkosten omhoog en schrijdt de crisis voort tot uiteindelijke chaos. De overheid laat los maar niet voldoende. Men stuurt nogsteeds met dezelfde middelen.

Conclusie
De belangrijkste conclusie die we kunnen verbinden aan Prinsjesdag 2013 is dat het kabinet eindelijk het verleden voor een belangrijk deel heeft losgelaten. Beter laat dan nooit zeggen we dan maar. De bevolking zal het maar moeilijk begrijpen terwijl we ons vaak afvragen of de regering zelf wel begrijpt waar ze naar toe wil? Besparingen enerzijds en de verandering van belastingstromen zijn de belangrijkste beleidsaanwijzingen. Maar dit mist elke vorm van creativiteit en opening voor vernieuwing. Of dat achter de schermen er wel is vragen we ons af.

De toekomst verlangt nog veel meer van ons maar dat ligt niet alleen aan Den Haag. Initiatiefname is essentieel, niet uit participatiedrang maar vanuit het besef dat zelfleiderschap beter is dan afhankelijkheid van een instortend systeem. Uiteindelijk werkt natuurlijk de gecreëerde opening van de alom aanwezige overheid mee. Maar die overheid is steeds kouder en materialistischer in haar geldnood terwijl de huidige maatschappij juist menselijkheid verlangt. Dat kan het systeem niet opbrengen waardoor het lijkt of de premier vraagt om participatie in het begrip voor de onmenselijkheid. Dat komt er niet en het onbegrip zal alleen maar groeien.

Wij mensen onder elkaar kunnen die menselijkheid wel opbrengen maar dan niet met de bevriezende adem van een belasting en schuldstaat in ons nek. Hopelijk beseft de overheid dat op termijn ook en laat het haar dictatoriale koude materialisme enigszins varen. Dat  hoeft zeker niet door met geld te gaan smijten en oude afhankelijkheden in stand te laten houden. Dat kan vooral door levend lab constructies toe te staan, te stimuleren en faciliteren, transformatiefondsen (anders dan investeringsfondsen) in te stellen en nieuwe waarden zich eerst te laten consolideren voordat men de belastinghamer er weer op loslaat.

Tot slot
In mijn openingszin zeg ik dat ik “redelijk” blij ben. Dat is al een wereld van verschil vergeleken met al die jaren dat ik mij publiekelijk ergerde aan die regeringen die maar blind vast bleven houden aan het verleden. Ik zie prille openheid tot verandering en dat maakt mij blij. Waar ik nog vele honderden slagen om de arm bij houd is de manier waarop de centrale overheid zich nu ontwikkelt tussen koude dwang en warme bevrijding. De blauwdrukken van transformatie zijn al in ontwikkeling in ee maatschappij en worden toegepast buiten Dem Haag om, maar het Thorbecke systeem blijft nog veelal een rem en geen gaspedaal. De dag dat Den Haag (actief!) lid wordt van bijvoorbeeld Sustainocratie zou ook voor Den Haag een opluchting zijn. Wie weet komt dat nog als ook het vertrouwen dat buiten de regering ook oplossingen te vinden zijn. Vooralsnog is mijn negativiteit veranderd in “the benefit of the doubt” hetgeen al een betere basis is voor de toekomst.

Sustainocratie is een transformatieve toevoeging waar de overheid aan deel kan nemen. Het veroorzaakt de transformatie van de economie parallel met de maatregelen in de oude structuur. Toepassing verlangt durf en bereidheid tot een coöperatieve samenleving.

Succes formule

Veel mensen vragen zich af wat “succes” is?

Ondernemers worden zelfs constant geconfronteerd met die vraag omdat de continuïteit van hun onderneming ervan afhangt. Ook hele maatschappijen vragen zich nu af wat het is?

Succes is natuurlijk een combinatie van een aantal factoren. In essentie draait succes om de resultaatgedreven interactie van uzelf met uw omgeving waarbij het resultaat voor u positief is, of u nu een individu bent, een instelling of een maatschappij. Als het resultaat negatief zou zijn dan zou u het als onsuccesvol ervaren met bijbehorende pijn en angst. Vanuit een wiskundig perspectief kunnen we dus praten over twee variabelen (U en Uw omgeving) en een resultaat (positief of negatief).

Van die twee variabelen bent u voor uzelf het meest voorspelbaar en uw omgeving het minst. U zult dus voor uw succes zo het beste uit uzelf moeten halen om zo goed mogelijk om te gaan met uw omgeving en succesvol te zijn (innerlijke kracht en zelfbewustzijn). U merkt vanzelf wanneer u dat goed doet want dan ontstaat er “groei” (externe kracht). Maar de omgeving reageert ook op uw groei door te gaan concurreren of mee te liften.

Natuurlijke wetten

In feite passen wij automatisch de cyclische natuurlijke wetten toe die altijd de volgende fasen doorlopen: groei, concurrentie, aanpassing en harmonie.

Natuurlijke evolutie
Natuurlijke evolutie

Het is eigenlijk heel simpel. Zodra de concurrentie zo groot wordt dat uw groei stopt en verandert in krimp dan weet u dat u zich moet aanpassen. De aanpassing zorgt weer voor een nieuwe zoektocht naar een positieve interactie met uw omgeving. U vindt deze door op zoek te gaan naar de onbalans in de omgeving. U kunt er waarde aan toevoegen door balans aan te bieden meestal door ergens een leegte te vinden waar u in past. Zodra de omgeving dat aanvaardt dan ontstaat weer een nieuwe groei curve en de cyclus begint opnieuw.

Op papier is deze uitleg eenvoudig maar in de werkelijkheid blijkt het enorm lastig uit te voeren. Daarom ervaren wij “succes” als iets speciaals terwijl het eigenlijk de normaalste zaak van de wereld zou moeten zijn. In de natuur zijn wij omringt met successen omdat het falen verdwijnt in de geschiedenis. Alleen succes evolueert. Zolang u leeft (of bestaat als organisatie) heeft u kans op succes en is de succesformule positief.

De formule

De genoemde variabelen spelen op elkaar in. Succes doet dus een beroep op de ontwikkeling van ons talent om er zelfbewust mee om te gaan. De een doet dat beter dan de ander. Ik toon u nu een formule die is gebaseerd op bovenstaande natuurwetten voor succes. Het linker deel van de formule vertegenwoordigt uw talent waar, de rechterkant uw omgeving.

De succes formule
De succes formule (>1 = succes)

Transformatie
In de formule treft u de variabel “transformatie” aan dat naast “groei” positieve invloed heeft op de succesformule. Transformatie geeft betekenis aan onze veranderingsgezindheid en praktische toepassing ervan. In feite voegt dit onze zelfbewustzijn toe aan de manier waarop wij omgaan met de werkelijkheid en onze eigen groei. De basis van transformatie is de creatie. Deze varieert van kleinschalige aanpassingen om groei te bevorderen tot het ontwikkelen van totaal nieuwe producten, diensten, inzichten en werkwijzen waarmee wij ons beeld van de veranderende werkelijkheid vorm geven en wederzijds beïnvloeden. Transformatie als variabel groeit wanneer groei mindert en krimpt wanneer groei stijgt. We beseffen dat groei niet oneindig is en pas continuïteit krijgt als het tegelijkertijd zich aanpast aan de veranderende werkelijkheid.

Consequenties

Ook zien wij de variabel “gevolgen” naast “concurrentie”. Concurrentie is de confrontatie tussen gelijken rond hetzelfde doel. De wet van de sterkste geldt maar gaat ook gepaard met consequenties op gebied van algehele waarde onttrekking dat door de concurrentie wordt veroorzaakt. Als er geen duidelijke winnaar is dan zijn er alleen verliezers. Dat heeft niet alleen invloed op de concurrenten zelf maar ook op de omgeving waar de waarde uit onttrokken wordt. De hele formule wordt zo omlaag gehaald en veroorzaakt uiteindelijk stress situaties. Als de formule onder de “1” komt dan er geen succes meer, maar u leeft nog wel. U ervaart het als een crisis. Wanneer het uitkomt op “0” dan is de dood ingetreden, hetgeen zoveel betekent als een faillissement, een overname of gewoon ophouden te bestaan. Elk van de variabelen kan zowel het succes als de ondergang betekenen. Uw talent is de manier waarop u ermee omgaat.

Deze gevolgen maken ook een verbintenis met ons zelfbewustzijn waar wij ook ons “geweten” aantreffen, een set instrumenten om op een bepaald moment de juiste prikkels te geven voor het opstarten van een transformatie. Als de concurrentie groeit vermindert ons succes. Als de consequenties groeien dan mindert succes ook. Deze prikkels zijn meetbaar, niet alleen door naar onze groei te kijken maar ook aan te leren voelen wanneer de confrontatie niet meer leidt tot succes maar afzwakking. Dan is het tijd om transformatie extra aandacht te geven, zelfs als we nog genieten van groei. Denk bijvoorbeeld in onze huidige werkelijkheid aan klimaatverandering, opwarming van de Aarde, grondstoftekorten. 100 jaar geleden speelden die gevolgen niet in de groei keuzes en werden ook niet meegenomen in de formule. Nu wel.

We merken wanneer we energie moeten gaan steken in transformatie als we actief de hele formule blijven bewaken. Transformatie is een techniek op zich dat omringd wordt door prikkels en bewijs van succes door groei. Zonder transformatie is succes nooit duurzaam en op termijn kwetsbaar. Transformatie zonder groei is nutteloos. Verandering op zich is geen groei, het is het scheppingsproces voor groei. De mens doet dat vanuit zelfbewustzijn. Zelfbewustzijn wordt door organisaties ingekocht maar transformaties dienen uit de innerlijke “ik” te komen. Dat heet dan leiderschap. Prof. Paul de Blot op Nijenrode noemt dat Business Spiritualiteit.

Conclusie
Hieruit kunnen we concluderen dat succes weliswaar te maken heeft met permanente groei maar uitsluitend zich evolutionair ontwikkelt vanuit “transformatie”. Het een kan niet zonder het ander waarbij transformatie een wezenlijke aanpassing of toevoeging vanuit toegevoegde waarde aan de omgeving betekent. De transformatie veroorzaakt dan ook altijd weer de transformatie van de omgeving. Transformatie ontwikkelt zich buiten de oude groei en veroorzaakt een totaal nieuwe groei.

1% transformatie geeft 100 % groei. Maar die 1 % kost 99.99 % moeite.

Transformatie is een van moeilijkste eigenschappen van succes. Het is iets waar amper aandacht wordt besteed in gemeenschappen die vooral uit zijn op groei en zich laten verrassen door de concurrenten en consequenties. De huidige crisissen in de wereld zijn daar een voorbeeld van. Ook de transformatieve kracht die ontstaat op de meest onvoorspelbare plekken toont aan dat schepping overal kan plaats vinden als het de ruimte krijgt. De gevestigde orde weert die transformatie vaak uit angst voor oude groeibelangen maar delft het onderspit of past zich aan.

Daarom plaatst Sustainocratie de transformatie naast de democratische werkelijkheid en nodigt belangenpartijen van de groeiwereld uit om mede verantwoordelijkheid te nemen op experimentele basis zonder nog hun huidige groeiprocessen ter discussie te stellen noch te verwarren door de transformaties.

Transformatie en Sustainocratie

In de mensenwereld hebben wij allerlei belangen gefragmenteerd en onderling afhankelijk gemaakt van geld. Door deze kunstmatige werkelijkheid als basis te nemen voor de succesfactor is men gaandeweg het contact kwijtgeraakt met fundamentele omgevingsfactoren (milieu en mens). De consequenties die wij in de wereld tegenkomen dwingen alle actoren tot het nemen van transformatieve verantwoordelijkheden tegelijkertijd. We zien veel bedrijven en overheden organisch reageren binnen het fragment van hun eigen autoriteit. We zien ook dat dit in beperkte mate effecten heeft op de veranderende werkelijkheid maar de grote crisissen niet oplost omdat de harmonie van onszelf en onze omgeving is verstoort.

Sustainocratie voegt er een transformatie platform aan toe waarin alle partijen samen verantwoordelijkheid nemen voor het creëren en herscheppen van optimale omgevingsfactoren waarin die natuurlijke universele componenten van gezondheid en veiligheid een hoofdrol spelen. Dat kan alleen door allereerst uiterst lokaal samen te werken want overal in de wereld zijn de mens en omgevingsfactoren verschillend. Door een netwerk te creëren van lokale transformaties die uitkomen in groei transformeert uiteindelijk de hele wereld. Wij noemen dit de “transformatie economie” en de “economie van het integraal transformeren”. Wanneer de integrale transformatie hebben plaatsgevonden kunnen de gefragmenteerde belangen weer groeien.

Sustainocratie is zelf een transformatie die stap voor stap een groeiproces mee aan het maken is. Het begon klein maar groeit gestaag door de toepassing van de natuurlijke werkelijkheid.

Voorbeeld hiervan is AiREAS

Regelmatig komt dit aan de orde in de colleges van de STIR Academy als ook in alle Sustainocratische organisaties die we opzetten.  Hieronder een schematisch voorbeeld van de transformatie, experimenteel toegepast in onze economie (Eindhoven en Noord Brabant).

 

Wijs door ervaring

image

Vandaag werd ik verrast door een oude tractor in het midden van Eindhoven die ook nog eens midden op straat geparkeerd stond. Er achter hing een kar vol spreuken alsof de studenten bierwagen getransformeerd was. “Wijs door ervaring” stond er groot op de zijkant. Al met al een fraaie (eigen)wijze vertoning van opvallende dienstverlening vol vrolijke kritiek en boodschappen.

Ik werd al roepend aangesproken door een man in overall die uit een huis kwam. “Wil je een kijkje nemen binnen?” vroeg hij met een smeuïg Brabants accent.  “Allemaal gecertificeerd werk” zegt ie terwijl de aanhanger opende.

De inhoud was al even spectaculair als de buitenkant. Een en al schroef, draad en spullen, een reizende marskramer van loodgieter en elektrische reparaties. Het deed mij denken aan de vroegere dorpsreparatie werkplaatsen waar je alles kon vinden dat zelfs overgrootvader allang vergeten was. Natuurlijk vroeg ik hem om op de foto te gaan.

Frans van Och - ZZP - 66 jaar
Frans van Och – ZZP – 66 jaar

“Ik ben hiermee begonnen om uit die bijstand te komen” zei hij. Met een vrolijk kritische stem vertelde hij dat hij geen werk meer kon vinden en die bijstand lui zat was. Hij geeft lekker af over burgemeester en wethouders die hem ook al uit zijn huis willen hebben “omdat ze toch miljoenen willen verbrassen die niet van hen zijn. Mee de grond in heien moeten ze die lui”. Dus was ie gaan klussen. Nu is hij 66 en zelfredzaam als zelfstandige professional waar het zelfbewustzijn van afstraalt. Een echte ZZP-er (zelfstandige zelfbewuste professional). Deze man maken ze niets meer wijs.

Ondertussen loopt de vrouw naar buiten waar hij was geweest voor een klus. “Een vakman is het”, vertelt ze me nog. Ze is een vaste klant geworden van deze man “die er pas mee ophoudt als ze hem onder de zoden stoppen”. Een mooi voorbeeld van een knokker die zich niet laat kisten. Een ondernemer van zijn eigen leven.

http://www.ochgtd.nl

Eindhoven wereldhoofdstad cultuurverandering

“We zijn het niet geworden” klonk het teleurgesteld in het wereldje van bepaalde kringen toen Eindhoven de titel van cultuurhoofdstad 2018 aan haar neus voorbij zag gaan. “Eindelijk weer tijd voor gezond verstand” klonk het in de vele andere wereldjes. Want laten we wel wezen. Waar heeft Eindhoven die titel voor nodig? “Wat doen we nu met die vrijgemaakte miljoenen” klonk uit de mond van enkele gewetenloze elementen die gewend zijn om met het schijnbaar onbeperkte vermogen van andere mensen te smijten. Zo zit het echte Eindhoven niet in elkaar.

De cultuur van Eindhoven is die van verandering. De permanente zelf-reflectieve aanpassing aan een veranderende werkelijkheid. We zijn een relatief kleine stad in het Nederland dat omringd wordt door een grote mensenwereld. Als de wereldkaart op een bepaalde manier neerlegt kun je ons zelfs bezien als het centrum van de wereld. Maar we zijn geen havenstad, geen regeringsstad, geen Den Haag, Rotterdam of Amsterdam. Ook geen Parijs, Rio de Janeiro, Sjanghai of Las Vegas. Wij zijn Eindhoven!

Niet de 5e op de ranglijst van grootste steden in het land maar onze eigen nummer 1 op gebied van wereldwijde cultuur en economieverandering door transformaties.  Wij hebben er ons stad en regioberoep van gemaakt om toegevoegde waarde te leveren aan de wereld door onszelf steeds proactief aan te passen aan de veranderende werkelijkheid. Dat kost pijn en moeite maar het transformeren zit in onze regionale genen. We hebben het zelf meermalen gedaan en doen het weer als het moet. Totdat we tot het besef komen dat die transformaties juist onze identiteit hebben geschapen en aanzien in de wereld.

Nu staat de rest van de wereld voor allerlei transformaties en kunnen we ons vermogen ook dienstbaar ontwikkelen als economie.

Dat kan op niveau van product en techniekontwikkeling (Brainport) of Design. Maar dat kan ook op gebied van transformaties van integrale zaken zoals het functioneren van de stad in een nieuw tijdperk, het centraal stellen van de evolutie van de mens (Sustainocratie) of het bewust zoeken naar harmonie met onze natuurlijke omgeving ( AiREAS, The Natural Step), enz. We hebben het allemaal.

Global issues, local solutions, global application

De huidige wereldmaatschappij wordt gekenmerkt door de grootste uitdagingen ooit voor de mensheid. Wij worden vooral geconfronteerd met onszelf. We komen voort uit een industrieel tijdperk waarin we geleerd hebben om producten massaal te vervaardigen en ze wereldwijd te verhandelen totdat er enorme economieën ontstonden. We hebben technieken ontwikkeld om dit efficiënter en grootschaliger te maken. Ook werd er gewerkt aan de psychologie van de mens via marketing technieken om zo veel mogelijk te willen consumeren. De transactie economie evolueerde van lokale productiviteit naar wereldwijde machten rondom productie, distributie en consumptie.

Over elke transactie wordt geld verdiend in de vorm van bedrijfskundige winst. En belasting geheven voor de ontwikkeling van faciliterende infrastructuur en maatschappelijke structuren rondom werkgelegenheid en sociale zekerheden. Maar nu wordt de belasting ook geheven om de gigantische gevolgen van de transactie economie het hoofd te bieden. Opwarming van de Aarde, vervuiling, klimaatverandering, stijgende zeeniveaus, migraties, “de angst voor de ander”, enz. enz.

De Staat kan zelf niet transformeren

 

Het geeft allemaal weer dat er zaken moeten veranderen die in die transactie economie geen verandering kunnen vinden. Ook de politiek heeft haar oorsprong in de verzuiling rond economische en transactie belangen en is amper tot niet in staat om anders met de werkelijkheid om te gaan. De politieke democratische vertegenwoordiging is niet bij machte om verantwoordelijkheid te nemen voor consequenties als haar politieke oorsprong  en staatshuishouding juist voortkomt uit de probleemveroorzaker. Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat de Staat wel in staat is tot zelfreflectie maar niet tot zelftransformatie. De transformatie komt altijd van buitenaf, door een alles vernietigende crisis of een beter alternatief. In Eindhoven ontstaat het betere alternatief door LID te worden van de transformatie economie (verandering) en die toe te passen op onszelf.

Eindhoven is een zelfbewuste coöperatie, niet alleen overheid

Eindhoven is geen Staat, geen industrieel bolwerk noch een logistiek centrum. Daar hebben we vleugjes van meegepikt toen die werkelijkheden overheersten. Maar nu overheersen geheel andere zaken, gigantische wereldse uitdagingen die door de gevestigde orde niet opgelost kunnen worden. Eindhoven is een flexibel bolwerk van vernuft, samenwerking en toegevoegde waarde. Eindhoven is een waardengedreven coöperatie gericht op welzijn, leefbaarheid en duurzame menselijke vooruitgang door toegepaste innovatie en creativiteit.

Als de wereld transformatie nodig heeft dan ontstaat de economie van de transformatie hier, in deze stad en regio, niet door het te verkopen maar allereerst door de transformatie zelf te zijn en dan van de ervaringen een wereldeconomie te maken.

Het is niet verrassend dat Sustainocratie in Eindhoven een juiste voedingsbodem heeft gevonden. Het is ook niet verrassend dat de Stad Eindhoven beseft dat zij niet alleen bestaat uit overheid. Zowel de overheid, bedrijven, burgers en wetenschap zijn allemaal samen LID zijn geworden van de eigen transformatie noodzaak en economie ontwikkeling door AiREAS te omarmen als eerste wereldwijde stap een gemeenschappelijke transformatieve uitdaging (gezonde stad). AiREAS is uniek en maar een begin. Het is een economie van transformaties die in Eindhoven haar wortels vindt maar tevens ook de transformatie van economieën veroorzaakt door een integrale, onbevangen en onbevooroordeelde aanpak waarin de mens en milieu centraal staan.

In dit download document kunt u het nog eens uitgebreid nalezen en zich eigen maken. Het is de werkelijkheid van Eindhoven waardoor we geschiedenis schrijven zonder dat er een “commissie” aan te pas komt. Wat wij als Eindhoven zijn bepalen we zelf.

GemeenteSustainocratie (1)

Eindhoven is dus misschien geen culturele hoofdstad in 2018 geworden door besluit van een externe commissie maar wel wereldhoofdstad cultuurverandering en transformatie economie NU en minstens voor de komende 30 jaar vanuit onze eigen intrinsieke motivatie en gedurfde daadkracht!

Jean-Paul Close (ideologische grondlegger en praktische uitvoerder Sustainocratie).