Miljoenennota 2013 – een doorbraak of zinkend schip?

Voor het eerst in jaren is mijn voorspelling voor Prinsjesdag niet uitgekomen en daar ben ik redelijk blij om.  In voorgaande jaren kon ik mij er gemakkelijk van afmaken door te voorspellen dat op Prinsjesdag er weer een begroting zou komen met een stijging van 6%. Dat kwam steevast op de halve Miljard verschil uit. In dit plaatje van vorig jaar laat ik het zien:

prinsjesdag 2003 tot en met 2012
Prinsjesdag 2003 tot en met 2012

In ruim 10 jaar tijd gingen de overheid uitgaven steevast met 6% omhoog hetgeen een verdubbeling betekende in 11 jaar tijd!! Schrikbarend als we ons bedenken dat wij samen die kosten op moeten brengen en er naar verhouding maar bar weinig voor terugkregen. Hoe brengen we de vele Miljarden op?

4 grote lijnen:

  • Consumeren: Dat is te zien aan de BTW dat een aantal jaren geleden de grootste inkomstenpost werd van de overheid. Het is de belasting die wij betalen over de goederen die wij inkopen. Daar kunnen we de accijns ook aan toevoegen.
  • Werken: Dat zien we aan de Inkomsten Belasting die ingehouden wordt van ons loon.
  • Geld verdienen:  Dit bedrag komt terug in de Vennootschap Belasting die geïnd wordt over de winst van de bedrijven
  • Gasbaten: De inkomsten van Nederland over de verkoop van gas uit eigen bodem.

De overheid stuurt het land dus aan op basis van deze parameters. Met deze inkomsten kan men het ambtenaren apparaat betalen, de benodigde infrastructuur, de scholing, de politie, de zorg, zekerheden en de rente over staatsleningen.

Transactie economie
In feite draait alles om de belastbaarheid van het heen en weer schuiven van producten en diensten (transacties) met de arbeid en winst die eraan verbonden wordt. We zien diezelfde basisdynamiek ook terugkomen in de zogeheten “gevolgeneconomie” die zich ontwikkelt rond de kosten van de samenleving en de consequenties van deze op levensstijl, de mens, het milieu en de maatschappelijke organisatie.

Die gevolgen zetten juist onze wereld op zijn kop:

De gevolgen economie overtreft de primaire economie
De gevolgen economie overtreft de primaire economie

De opeenstapeling van crisissen die wij de laatste 10 jaar hebben meegemaakt, met een doorslaggevend dieptepunt in 2008 (kredietcrisis), toont ons nu dat de gevolgen door blijven lopen terwijl die transactie-economie structureel blijft haperen.

De overheid heeft met kapitaalinjecties, mooi weer verhalen en redding van banken nog jarenlang geprobeerd om ons aan te zetten tot het aanschaffen van kapitaalgoederen (huis, auto) waarop een belangrijk deel van de economische luchtballon dreef, maar het mocht niet baten. De bomen groeien niet tot aan de hemel. Maar die gevolgen groeien maar door.

Doorbraak 2013?
Voor het eerst zien wij in de miljoenennota 2013 een trenddoorbraak waarin de overheid haar gevecht heeft opgegeven om het verleden in stand te houden met bijbehorend verzet tegen verandering. Den Haag begint tekenen te vertonen van besef van de veranderende werkelijkheid en dat geeft ook ons (voorop lopers in de transformatie economie)  het prille vertrouwen dat we misschien ooit ook samen kunnen werken met de centrale overheid en niet alleen met de gemeentes en provincies. Tot op heden waren het twee volstrekt gescheiden werelden.

Wat is dan die doorbraak 2013?

Miljoenennota
Miljoenennota 2013

Het eerste wat natuurlijk opvalt is de veelbesproken besparing. In 2012 werd nog een nota gepresenteerd met de traditionele 6% verhoging ten opzicht van het jaar daarvoor. Dit jaar is de verhoging er niet. De absolute hoogte van overheidsuitgave anno 2014 is nagenoeg hetzelfde als 2013.  Dat is betekenisvol omdat duidelijk de overheid uitgaven bevroren zijn in absolute zin. Binnen de inhoudelijke details is er dus enorm geknok ontstaan om de zaken “anders” te gaan doen, vaak ten kosten van allerlei afhankelijke mensen en structuren door besparingsdrang in plaats van verandering zelf. Het dwingt die structuren wel tot kritische zelfbeschouwing. En dat is een begin.

Wat ook opvalt is het verschil tussen de inkomsten en uitgaven. De economie draait onvoldoende en ondanks de bevriezing van de traditionele 6 % verhoging is er een belangrijk gat. Dat drijft de staatsschuld omhoog met bijbehorende rentelasten. Dat is geen gezond beeld.

En dan is er nog die “zorgstaat” dat meer dan 50% van de begroting opslokt. Een goed functionerende staat faciliteert vooruitgang door maatregelen waardoor de bevolking optimaal voor zichzelf kan zorgen. We zien hier de omgekeerde wereld met een totaal verkeerde positionering van de functies van een moderne staat. De staat is geen instituut maar en samen-leving, een soort coöperatie waarin kerntaken onderling zijn verdeeld. In deze maatschappij is de staat de overheid, de burgers zijn de financiers via consumptie zonder dat er verantwoordelijkheden tegenover staan. De overheid kan die wel af proberen te dwingen door druk op werkgelegenheid en arbeidsbemiddeling maar dat komt al snel overeen met een nationaal strafkamp zonder intrinsieke motivatie. De gevolgen zijn uitgedrukt in de gevolgen-economie.

Maar voor Den Haag is dat allemaal “geld” zonder psychologie noch spiritualiteit. De gevolgen van onze consumptie gedreven economie gaan onverminderd door en hebben weerslag op de mens, de levensverwachting, het gedrag, het milieu, ons welzijn, enz. Die kosten kunnen nergens meer op worden verhaald nu de zorgstaat omvalt. Dus praat de minister president over een “participatie maatschappij”, los van alle zorgzaamheid die nu onttrokken wordt door de overheid. Er worden verantwoordelijkheden, die in het verleden door de overheid waren opgenomen, teruggelegd bij de bevolking.

En verantwoordelijkheid gaat niet om geld. Dat draait om waarden. Die koop je niet maar worden gecreëerd. “Participatiemaatschappij” is dan het verkeerde woord want in feite participeren we altijd al, of het nu is als financier door consumptie en arbeid of door de problemen voor onze kiezen te krijgen als het fout is gegaan. Wat het kabinet eigenlijk wil is een “initiatief-neem-maatschappij”. Maar dat gaat niet zomaar. Je kunt wel los willen laten maar we hebben generaties lang de bevolking in afhankelijkheid opgevoed en aan het overheid infuus gehangen. De regering wil besparen maar tegelijkertijd dient ineens de hele maatschappij te transformeren. Wil de regering die transformatie wel?

Het is lastig voor de centrale overheid. Hoe laat je de oude zorgtaken los, met bijbehorende machtsposities en structuren? En hoe stel je jezelf faciliterend op zonder dat er in belastinginkomsten op achteruit te gaan? De belastingen houden dan wel een grote bureaucratie in stand maar zijn ook de basis van de overgebleven zekerheden van grote groepen mensen. Hoe doe je zoiets zonder ook je partijbelang onherstelbaar te schaden in de stembus?

Dat kan geen van allen! De verandering gaat ten kosten van het verleden en er vallen slachtoffers. Kan de centrale overheid dat alleen? Nee, natuurlijk niet want die oude sturing systemen zijn vastgeroest na 150 jaar gebruik, wortel schieten en verankering.

Belangrijk is dat de losse schroeven van het kabinet en onze maatschappelijke structuur zelf zichtbaar zijn geworden. Men is noodgedwongen in een transformatie terecht gekomen en dient zich open te gaan stellen voor alternatieven. Dat dit proces gepaard gaat met de nodige innerlijke schermutselingen moge duidelijk zijn. We leven per slot van rekening in een verzuilde democratische structuur waarin eerste alle kalveren én koeien verdronken moeten zijn voordat men niet de put dempt (alle belangen rond een open put lobbyen gewoon door) maar overweegt een nieuwe te slaan op basis van ervaringen en parlementaire commissies. Het schip lijkt meer lekgeslagen en gestrand dan zinkende. Op een gestrand schip wacht iedereen op nieuw hoog water. Een zinkend schip wordt verlaten en met leert weer zwemmen.

De eerste tekenen van echte verandering zijn nu zichtbaar maar men roert nog steeds in het 150 jaar oude Thorbecke pannetje. Als de inkomsten dan niet uit auto’s en huizen komen dan zoekt het kabinet heil in het verhogen van de belasting op consumptie en gebruik. Men gaat ervan uit dat de consument evenveel blijft consumeren en daardoor de belastinginkomsten stijgen. Maar dat is natuurlijk niet zo. Als men niet consumeert dan gaat er arbeid verloren, gaan de gevolgkosten omhoog en schrijdt de crisis voort tot uiteindelijke chaos. De overheid laat los maar niet voldoende. Men stuurt nogsteeds met dezelfde middelen.

Conclusie
De belangrijkste conclusie die we kunnen verbinden aan Prinsjesdag 2013 is dat het kabinet eindelijk het verleden voor een belangrijk deel heeft losgelaten. Beter laat dan nooit zeggen we dan maar. De bevolking zal het maar moeilijk begrijpen terwijl we ons vaak afvragen of de regering zelf wel begrijpt waar ze naar toe wil? Besparingen enerzijds en de verandering van belastingstromen zijn de belangrijkste beleidsaanwijzingen. Maar dit mist elke vorm van creativiteit en opening voor vernieuwing. Of dat achter de schermen er wel is vragen we ons af.

De toekomst verlangt nog veel meer van ons maar dat ligt niet alleen aan Den Haag. Initiatiefname is essentieel, niet uit participatiedrang maar vanuit het besef dat zelfleiderschap beter is dan afhankelijkheid van een instortend systeem. Uiteindelijk werkt natuurlijk de gecreëerde opening van de alom aanwezige overheid mee. Maar die overheid is steeds kouder en materialistischer in haar geldnood terwijl de huidige maatschappij juist menselijkheid verlangt. Dat kan het systeem niet opbrengen waardoor het lijkt of de premier vraagt om participatie in het begrip voor de onmenselijkheid. Dat komt er niet en het onbegrip zal alleen maar groeien.

Wij mensen onder elkaar kunnen die menselijkheid wel opbrengen maar dan niet met de bevriezende adem van een belasting en schuldstaat in ons nek. Hopelijk beseft de overheid dat op termijn ook en laat het haar dictatoriale koude materialisme enigszins varen. Dat  hoeft zeker niet door met geld te gaan smijten en oude afhankelijkheden in stand te laten houden. Dat kan vooral door levend lab constructies toe te staan, te stimuleren en faciliteren, transformatiefondsen (anders dan investeringsfondsen) in te stellen en nieuwe waarden zich eerst te laten consolideren voordat men de belastinghamer er weer op loslaat.

Tot slot
In mijn openingszin zeg ik dat ik “redelijk” blij ben. Dat is al een wereld van verschil vergeleken met al die jaren dat ik mij publiekelijk ergerde aan die regeringen die maar blind vast bleven houden aan het verleden. Ik zie prille openheid tot verandering en dat maakt mij blij. Waar ik nog vele honderden slagen om de arm bij houd is de manier waarop de centrale overheid zich nu ontwikkelt tussen koude dwang en warme bevrijding. De blauwdrukken van transformatie zijn al in ontwikkeling in ee maatschappij en worden toegepast buiten Dem Haag om, maar het Thorbecke systeem blijft nog veelal een rem en geen gaspedaal. De dag dat Den Haag (actief!) lid wordt van bijvoorbeeld Sustainocratie zou ook voor Den Haag een opluchting zijn. Wie weet komt dat nog als ook het vertrouwen dat buiten de regering ook oplossingen te vinden zijn. Vooralsnog is mijn negativiteit veranderd in “the benefit of the doubt” hetgeen al een betere basis is voor de toekomst.

Sustainocratie is een transformatieve toevoeging waar de overheid aan deel kan nemen. Het veroorzaakt de transformatie van de economie parallel met de maatregelen in de oude structuur. Toepassing verlangt durf en bereidheid tot een coöperatieve samenleving.

Succes formule

Veel mensen vragen zich af wat “succes” is?

Ondernemers worden zelfs constant geconfronteerd met die vraag omdat de continuïteit van hun onderneming ervan afhangt. Ook hele maatschappijen vragen zich nu af wat het is?

Succes is natuurlijk een combinatie van een aantal factoren. In essentie draait succes om de resultaatgedreven interactie van uzelf met uw omgeving waarbij het resultaat voor u positief is, of u nu een individu bent, een instelling of een maatschappij. Als het resultaat negatief zou zijn dan zou u het als onsuccesvol ervaren met bijbehorende pijn en angst. Vanuit een wiskundig perspectief kunnen we dus praten over twee variabelen (U en Uw omgeving) en een resultaat (positief of negatief).

Van die twee variabelen bent u voor uzelf het meest voorspelbaar en uw omgeving het minst. U zult dus voor uw succes zo het beste uit uzelf moeten halen om zo goed mogelijk om te gaan met uw omgeving en succesvol te zijn (innerlijke kracht en zelfbewustzijn). U merkt vanzelf wanneer u dat goed doet want dan ontstaat er “groei” (externe kracht). Maar de omgeving reageert ook op uw groei door te gaan concurreren of mee te liften.

Natuurlijke wetten

In feite passen wij automatisch de cyclische natuurlijke wetten toe die altijd de volgende fasen doorlopen: groei, concurrentie, aanpassing en harmonie.

Natuurlijke evolutie
Natuurlijke evolutie

Het is eigenlijk heel simpel. Zodra de concurrentie zo groot wordt dat uw groei stopt en verandert in krimp dan weet u dat u zich moet aanpassen. De aanpassing zorgt weer voor een nieuwe zoektocht naar een positieve interactie met uw omgeving. U vindt deze door op zoek te gaan naar de onbalans in de omgeving. U kunt er waarde aan toevoegen door balans aan te bieden meestal door ergens een leegte te vinden waar u in past. Zodra de omgeving dat aanvaardt dan ontstaat weer een nieuwe groei curve en de cyclus begint opnieuw.

Op papier is deze uitleg eenvoudig maar in de werkelijkheid blijkt het enorm lastig uit te voeren. Daarom ervaren wij “succes” als iets speciaals terwijl het eigenlijk de normaalste zaak van de wereld zou moeten zijn. In de natuur zijn wij omringt met successen omdat het falen verdwijnt in de geschiedenis. Alleen succes evolueert. Zolang u leeft (of bestaat als organisatie) heeft u kans op succes en is de succesformule positief.

De formule

De genoemde variabelen spelen op elkaar in. Succes doet dus een beroep op de ontwikkeling van ons talent om er zelfbewust mee om te gaan. De een doet dat beter dan de ander. Ik toon u nu een formule die is gebaseerd op bovenstaande natuurwetten voor succes. Het linker deel van de formule vertegenwoordigt uw talent waar, de rechterkant uw omgeving.

De succes formule
De succes formule (>1 = succes)

Transformatie
In de formule treft u de variabel “transformatie” aan dat naast “groei” positieve invloed heeft op de succesformule. Transformatie geeft betekenis aan onze veranderingsgezindheid en praktische toepassing ervan. In feite voegt dit onze zelfbewustzijn toe aan de manier waarop wij omgaan met de werkelijkheid en onze eigen groei. De basis van transformatie is de creatie. Deze varieert van kleinschalige aanpassingen om groei te bevorderen tot het ontwikkelen van totaal nieuwe producten, diensten, inzichten en werkwijzen waarmee wij ons beeld van de veranderende werkelijkheid vorm geven en wederzijds beïnvloeden. Transformatie als variabel groeit wanneer groei mindert en krimpt wanneer groei stijgt. We beseffen dat groei niet oneindig is en pas continuïteit krijgt als het tegelijkertijd zich aanpast aan de veranderende werkelijkheid.

Consequenties

Ook zien wij de variabel “gevolgen” naast “concurrentie”. Concurrentie is de confrontatie tussen gelijken rond hetzelfde doel. De wet van de sterkste geldt maar gaat ook gepaard met consequenties op gebied van algehele waarde onttrekking dat door de concurrentie wordt veroorzaakt. Als er geen duidelijke winnaar is dan zijn er alleen verliezers. Dat heeft niet alleen invloed op de concurrenten zelf maar ook op de omgeving waar de waarde uit onttrokken wordt. De hele formule wordt zo omlaag gehaald en veroorzaakt uiteindelijk stress situaties. Als de formule onder de “1” komt dan er geen succes meer, maar u leeft nog wel. U ervaart het als een crisis. Wanneer het uitkomt op “0” dan is de dood ingetreden, hetgeen zoveel betekent als een faillissement, een overname of gewoon ophouden te bestaan. Elk van de variabelen kan zowel het succes als de ondergang betekenen. Uw talent is de manier waarop u ermee omgaat.

Deze gevolgen maken ook een verbintenis met ons zelfbewustzijn waar wij ook ons “geweten” aantreffen, een set instrumenten om op een bepaald moment de juiste prikkels te geven voor het opstarten van een transformatie. Als de concurrentie groeit vermindert ons succes. Als de consequenties groeien dan mindert succes ook. Deze prikkels zijn meetbaar, niet alleen door naar onze groei te kijken maar ook aan te leren voelen wanneer de confrontatie niet meer leidt tot succes maar afzwakking. Dan is het tijd om transformatie extra aandacht te geven, zelfs als we nog genieten van groei. Denk bijvoorbeeld in onze huidige werkelijkheid aan klimaatverandering, opwarming van de Aarde, grondstoftekorten. 100 jaar geleden speelden die gevolgen niet in de groei keuzes en werden ook niet meegenomen in de formule. Nu wel.

We merken wanneer we energie moeten gaan steken in transformatie als we actief de hele formule blijven bewaken. Transformatie is een techniek op zich dat omringd wordt door prikkels en bewijs van succes door groei. Zonder transformatie is succes nooit duurzaam en op termijn kwetsbaar. Transformatie zonder groei is nutteloos. Verandering op zich is geen groei, het is het scheppingsproces voor groei. De mens doet dat vanuit zelfbewustzijn. Zelfbewustzijn wordt door organisaties ingekocht maar transformaties dienen uit de innerlijke “ik” te komen. Dat heet dan leiderschap. Prof. Paul de Blot op Nijenrode noemt dat Business Spiritualiteit.

Conclusie
Hieruit kunnen we concluderen dat succes weliswaar te maken heeft met permanente groei maar uitsluitend zich evolutionair ontwikkelt vanuit “transformatie”. Het een kan niet zonder het ander waarbij transformatie een wezenlijke aanpassing of toevoeging vanuit toegevoegde waarde aan de omgeving betekent. De transformatie veroorzaakt dan ook altijd weer de transformatie van de omgeving. Transformatie ontwikkelt zich buiten de oude groei en veroorzaakt een totaal nieuwe groei.

1% transformatie geeft 100 % groei. Maar die 1 % kost 99.99 % moeite.

Transformatie is een van moeilijkste eigenschappen van succes. Het is iets waar amper aandacht wordt besteed in gemeenschappen die vooral uit zijn op groei en zich laten verrassen door de concurrenten en consequenties. De huidige crisissen in de wereld zijn daar een voorbeeld van. Ook de transformatieve kracht die ontstaat op de meest onvoorspelbare plekken toont aan dat schepping overal kan plaats vinden als het de ruimte krijgt. De gevestigde orde weert die transformatie vaak uit angst voor oude groeibelangen maar delft het onderspit of past zich aan.

Daarom plaatst Sustainocratie de transformatie naast de democratische werkelijkheid en nodigt belangenpartijen van de groeiwereld uit om mede verantwoordelijkheid te nemen op experimentele basis zonder nog hun huidige groeiprocessen ter discussie te stellen noch te verwarren door de transformaties.

Transformatie en Sustainocratie

In de mensenwereld hebben wij allerlei belangen gefragmenteerd en onderling afhankelijk gemaakt van geld. Door deze kunstmatige werkelijkheid als basis te nemen voor de succesfactor is men gaandeweg het contact kwijtgeraakt met fundamentele omgevingsfactoren (milieu en mens). De consequenties die wij in de wereld tegenkomen dwingen alle actoren tot het nemen van transformatieve verantwoordelijkheden tegelijkertijd. We zien veel bedrijven en overheden organisch reageren binnen het fragment van hun eigen autoriteit. We zien ook dat dit in beperkte mate effecten heeft op de veranderende werkelijkheid maar de grote crisissen niet oplost omdat de harmonie van onszelf en onze omgeving is verstoort.

Sustainocratie voegt er een transformatie platform aan toe waarin alle partijen samen verantwoordelijkheid nemen voor het creëren en herscheppen van optimale omgevingsfactoren waarin die natuurlijke universele componenten van gezondheid en veiligheid een hoofdrol spelen. Dat kan alleen door allereerst uiterst lokaal samen te werken want overal in de wereld zijn de mens en omgevingsfactoren verschillend. Door een netwerk te creëren van lokale transformaties die uitkomen in groei transformeert uiteindelijk de hele wereld. Wij noemen dit de “transformatie economie” en de “economie van het integraal transformeren”. Wanneer de integrale transformatie hebben plaatsgevonden kunnen de gefragmenteerde belangen weer groeien.

Sustainocratie is zelf een transformatie die stap voor stap een groeiproces mee aan het maken is. Het begon klein maar groeit gestaag door de toepassing van de natuurlijke werkelijkheid.

Voorbeeld hiervan is AiREAS

Regelmatig komt dit aan de orde in de colleges van de STIR Academy als ook in alle Sustainocratische organisaties die we opzetten.  Hieronder een schematisch voorbeeld van de transformatie, experimenteel toegepast in onze economie (Eindhoven en Noord Brabant).

 

Eindhoven wereldhoofdstad cultuurverandering

“We zijn het niet geworden” klonk het teleurgesteld in het wereldje van bepaalde kringen toen Eindhoven de titel van cultuurhoofdstad 2018 aan haar neus voorbij zag gaan. “Eindelijk weer tijd voor gezond verstand” klonk het in de vele andere wereldjes. Want laten we wel wezen. Waar heeft Eindhoven die titel voor nodig? “Wat doen we nu met die vrijgemaakte miljoenen” klonk uit de mond van enkele gewetenloze elementen die gewend zijn om met het schijnbaar onbeperkte vermogen van andere mensen te smijten. Zo zit het echte Eindhoven niet in elkaar.

De cultuur van Eindhoven is die van verandering. De permanente zelf-reflectieve aanpassing aan een veranderende werkelijkheid. We zijn een relatief kleine stad in het Nederland dat omringd wordt door een grote mensenwereld. Als de wereldkaart op een bepaalde manier neerlegt kun je ons zelfs bezien als het centrum van de wereld. Maar we zijn geen havenstad, geen regeringsstad, geen Den Haag, Rotterdam of Amsterdam. Ook geen Parijs, Rio de Janeiro, Sjanghai of Las Vegas. Wij zijn Eindhoven!

Niet de 5e op de ranglijst van grootste steden in het land maar onze eigen nummer 1 op gebied van wereldwijde cultuur en economieverandering door transformaties.  Wij hebben er ons stad en regioberoep van gemaakt om toegevoegde waarde te leveren aan de wereld door onszelf steeds proactief aan te passen aan de veranderende werkelijkheid. Dat kost pijn en moeite maar het transformeren zit in onze regionale genen. We hebben het zelf meermalen gedaan en doen het weer als het moet. Totdat we tot het besef komen dat die transformaties juist onze identiteit hebben geschapen en aanzien in de wereld.

Nu staat de rest van de wereld voor allerlei transformaties en kunnen we ons vermogen ook dienstbaar ontwikkelen als economie.

Dat kan op niveau van product en techniekontwikkeling (Brainport) of Design. Maar dat kan ook op gebied van transformaties van integrale zaken zoals het functioneren van de stad in een nieuw tijdperk, het centraal stellen van de evolutie van de mens (Sustainocratie) of het bewust zoeken naar harmonie met onze natuurlijke omgeving ( AiREAS, The Natural Step), enz. We hebben het allemaal.

Global issues, local solutions, global application

De huidige wereldmaatschappij wordt gekenmerkt door de grootste uitdagingen ooit voor de mensheid. Wij worden vooral geconfronteerd met onszelf. We komen voort uit een industrieel tijdperk waarin we geleerd hebben om producten massaal te vervaardigen en ze wereldwijd te verhandelen totdat er enorme economieën ontstonden. We hebben technieken ontwikkeld om dit efficiënter en grootschaliger te maken. Ook werd er gewerkt aan de psychologie van de mens via marketing technieken om zo veel mogelijk te willen consumeren. De transactie economie evolueerde van lokale productiviteit naar wereldwijde machten rondom productie, distributie en consumptie.

Over elke transactie wordt geld verdiend in de vorm van bedrijfskundige winst. En belasting geheven voor de ontwikkeling van faciliterende infrastructuur en maatschappelijke structuren rondom werkgelegenheid en sociale zekerheden. Maar nu wordt de belasting ook geheven om de gigantische gevolgen van de transactie economie het hoofd te bieden. Opwarming van de Aarde, vervuiling, klimaatverandering, stijgende zeeniveaus, migraties, “de angst voor de ander”, enz. enz.

De Staat kan zelf niet transformeren

 

Het geeft allemaal weer dat er zaken moeten veranderen die in die transactie economie geen verandering kunnen vinden. Ook de politiek heeft haar oorsprong in de verzuiling rond economische en transactie belangen en is amper tot niet in staat om anders met de werkelijkheid om te gaan. De politieke democratische vertegenwoordiging is niet bij machte om verantwoordelijkheid te nemen voor consequenties als haar politieke oorsprong  en staatshuishouding juist voortkomt uit de probleemveroorzaker. Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat de Staat wel in staat is tot zelfreflectie maar niet tot zelftransformatie. De transformatie komt altijd van buitenaf, door een alles vernietigende crisis of een beter alternatief. In Eindhoven ontstaat het betere alternatief door LID te worden van de transformatie economie (verandering) en die toe te passen op onszelf.

Eindhoven is een zelfbewuste coöperatie, niet alleen overheid

Eindhoven is geen Staat, geen industrieel bolwerk noch een logistiek centrum. Daar hebben we vleugjes van meegepikt toen die werkelijkheden overheersten. Maar nu overheersen geheel andere zaken, gigantische wereldse uitdagingen die door de gevestigde orde niet opgelost kunnen worden. Eindhoven is een flexibel bolwerk van vernuft, samenwerking en toegevoegde waarde. Eindhoven is een waardengedreven coöperatie gericht op welzijn, leefbaarheid en duurzame menselijke vooruitgang door toegepaste innovatie en creativiteit.

Als de wereld transformatie nodig heeft dan ontstaat de economie van de transformatie hier, in deze stad en regio, niet door het te verkopen maar allereerst door de transformatie zelf te zijn en dan van de ervaringen een wereldeconomie te maken.

Het is niet verrassend dat Sustainocratie in Eindhoven een juiste voedingsbodem heeft gevonden. Het is ook niet verrassend dat de Stad Eindhoven beseft dat zij niet alleen bestaat uit overheid. Zowel de overheid, bedrijven, burgers en wetenschap zijn allemaal samen LID zijn geworden van de eigen transformatie noodzaak en economie ontwikkeling door AiREAS te omarmen als eerste wereldwijde stap een gemeenschappelijke transformatieve uitdaging (gezonde stad). AiREAS is uniek en maar een begin. Het is een economie van transformaties die in Eindhoven haar wortels vindt maar tevens ook de transformatie van economieën veroorzaakt door een integrale, onbevangen en onbevooroordeelde aanpak waarin de mens en milieu centraal staan.

In dit download document kunt u het nog eens uitgebreid nalezen en zich eigen maken. Het is de werkelijkheid van Eindhoven waardoor we geschiedenis schrijven zonder dat er een “commissie” aan te pas komt. Wat wij als Eindhoven zijn bepalen we zelf.

GemeenteSustainocratie (1)

Eindhoven is dus misschien geen culturele hoofdstad in 2018 geworden door besluit van een externe commissie maar wel wereldhoofdstad cultuurverandering en transformatie economie NU en minstens voor de komende 30 jaar vanuit onze eigen intrinsieke motivatie en gedurfde daadkracht!

Jean-Paul Close (ideologische grondlegger en praktische uitvoerder Sustainocratie).

Angst regeert

Angst is een democratische drijfveer, maar niet voor altijd

De grote waarde van een democratie is dat de bevolking eens in de zoveel tijd haar volksvertegenwoordiging mag kiezen. Ondertussen is er de vrijheid van meningsuiting en het rechtssysteem om de orde een beetje te bewaken. In principe is dit een grote winst van onze organisatorische evolutie. De bevolking lijkt het voor het zeggen te hebben terwijl de regering vooral moet voldoen aan de wensen van de massa om herkozen te worden.

Maar werkt dat echt?

In Nederland leven wij in een van de rijkste landen ter wereld. Dat hebben wij voor elkaar gekregen door een sterke handelscultuur en de voorzichtigheid om voldoende sociale zekerheden op te bouwen voor als het een keer minder gaat of als we door leeftijd kunnen gaan genieten van een verzorgde oude dag. Als we dan naar de stembus gaan dan stemmen we vooral op de belofte om die luxe situatie te behouden.

We zijn namelijk bang. Bang om ons werk te verliezen, bang om de hypotheek niet te kunnen betalen, bang dat we niet meer twee keer per jaar op vakantie kunnen, bang dat we geen nieuwe meubels meer kunnen kopen, bang dat onze auto het begeeft en we niet meer kunnen rijden, bang dat we niet meer naar de dokter kunnen als we ziek zijn, bang om ons pensioen te verliezen, bang dat de buren meer hebben dan wij, bang dat de kinderen niet het beste van het beste krijgen,…… bang bang bang.

We zijn vooral bang omdat wij zelf niets in de hand hebben. We zijn voornamelijk afhankelijk van het functioneren van een economie die in handen is van allemaal onzichtbare mensen. Zolang dat goed gaat zijn we tevreden. Dan klagen we misschien dat het misschien ook beter kan maar in essentie zijn we blij dat we het allemaal nog hebben. We hoeven maar op televisie te kijken om te weten dat het ook anders kan. Maar dat is gelukkig ergens anders in de wereld, niet bij ons.

Als we dan naar de stembus gaan dan stemmen we op behoud. We zijn bang dat we onze situatie kwijt kunnen raken dus luisteren we naar de beloftes van mensen die zeggen dat ze alles in stand kunnen houden en zelf verbeteren. Sinds 2000 hebben we 6 regeringen gehad die allemaal via de stembus het mandaat van behoud kregen maar telkens dat niet konden waarmaken. Zij gingen vroegtijdig ten onder om plaats te maken voor de volgende die ons overstelpte met beloftes. Sinds 2008 is er ook nog de kredietcrisis die ons heeft aangetoond dat degenen die wij het meeste wilden vertrouwen, de banken, dit en ons spaargeld hadden verkwanseld aan allerlei twijfelachtige buitenlandse handeltjes die men financierde door onze huizenmarkt kunstmatig op te drijven en ons via de hypotheek 25 jaar lang kaal te plukken en nog banger te maken.

Ook de regering laat zien dat zij alleen maar haar beloftes waar kan maken door de rekening bij ons zelf neer te leggen. Jaren lang speelden ze onder een hoedje met de banken. In 10 jaar tijd zijn de lasten via de belastingen verdubbeld. Hoeveel kan onze angst nog verduren?

De maatschappelijke lasten via de belastingen zijn verdubbeld in 10 jaar tijd
De maatschappelijke lasten via de belastingen zijn verdubbeld in 10 jaar tijd

Van angst naar moed is een kleine stap

Het wordt duidelijk gaandeweg dat de oplossing niet ligt bij angst maar bij moed. Die afhankelijkheid van allerlei onzichtbaar personen is geen optie meer als uit die onzichtbaarheid alleen maar incasso’s verschijnen waar we zelf geen enkele schuld aan hebben maar die ons via de stembus wél worden toegerekend. Wie kunnen we vertrouwen als de banken en de regering alleen maar zichzelf in stand houden en geen enkele zekerheid meer bieden voor onze toekomst? Hoe lang accepteren we nog dat de rekening om onze angst te sussen aan onszelf en onze kinderen ver in de toekomst wordt gepresenteerd? Hoe lang duurt het nog voordat het allemaal als een plumpudding in elkaar zakt en we inderdaad niets meer hebben?

Het democratische systeem is uitstekend maar evenzeer een last als het achterliggende systeem niet meer voldoet. Verandering kan dan niet zomaar organisch via de stembus omdat de massa nooit ineens geconfronteerd wordt met het inzicht van de noodzaak tot verandering. Daarvoor is men te bang. Het verleden terug verlangen is veilig en bekend. Veranderen is instemmen met het onbekende. Wie krijgt de democratische massa zover dat men ingaat op verandering als de problemen nog maar pas echt bij de deskundigen bekend zijn? Zodra de massa er mee eens is dan is de plumpudding allang in elkaar gezakt.

De oplossing moet dus van buiten de gangbare werkelijkheid komen maar wel op een nette manier. De “onnette” manier is die van de gefragmenteerde opstand zoals staking, barricadewerk en zelfs vormen van terrorisme of activisme.

In de moderne tijd is er ook een andere optie. Dat noemen wij het opzetten van de “transformatie economie”, een verandersysteem dat werkt op basis van ethiek en verantwoordelijkheid. Sustainocratie is zo’n verander economie. Men kiest in een democratie voor de afhankelijkheid en welzijn. In de Sustainocratie neemt men verantwoordelijkheid door deel te nemen aan duurzame zelfredzaamheid. Men werkt dus mee aan veranderingen die het duurzame welzijn in gevaar brengen vanuit een inzicht dat door de massa nog niet wordt gedragen.

Vertrouwen in onszelf

De enige die we kunnen vertrouwen dat zijn wij zelf. Als we vertrouwen willen uit besteden via de democratische weg dan weten we al bij voorbaat dat er niets van terecht komt zoals de situatie er NU voor staat. Daar hoeven we dan al niet meer bang voor te zijn. De angst verplaatst zich dan naar onszelf. Hoe betrouwbaar en talentvol ben ikzelf om richting te geven aan de toekomst en zekerheden te creëren waar ik en mijn omgeving wat aan heeft? Ook dat is beangstigend maar die pijn schept wel mentale ruimte om na te denken over mijn eigen rol in dit geheel? Wat doe ik eigenlijk? Hoe zelfredzaam ben ik? Hoe zelfbewust ben ik over de werkelijkheid? Als ik zo afhankelijk ben hoe zorg ik dat ik weer wat controle krijgt over mijn eigen leven?

In kringen van menselijk ontwikkeling wordt dat proces “bewustwording” genoemd. “Alles wat ik heb kan ik verliezen” en dat schept angst waar anderen gebruik of misbruik van maken. “Alles wat ik ben neemt niemand van mij af” en is de basis van het scheppen van zekerheden en zelfvertrouwen.

Wanneer wij in de Stad van Morgen praten over de “transitie economie” dan hebben we het allereerst over de verandering van mentaliteit van angst voor het onbekende naar vertrouwen in jezelf. Pas met dat zelfvertrouwen kan men de verbintenis aangaan met anderen en samen gaan werken aan hernieuwde zekerheden. Soms dient dat zelfvertrouwen op zoek te gaan naar nieuwe talenten die men vaak wel heeft maar in de afhankelijkheid wereld niet werden benut maar in die nieuwe wereld juist enorm van toepassing zijn. Die oude vaardigheden die men loslaat waren veelal kunstjes die door de omgeving werden verlangd, de nieuwe vaardigheden komen meestal van binnenuit en worden geboren uit de passie van de mens zelf. Men staat er dan ook veel authentieker mee in het leven.

Maar dat is allemaal een proces. Ondertussen gaan we naar de stembus weer in Maart 2014 voor de raadverkiezingen. Nu regeert angst nog in heel Nederland. Als we naar de raadverkiezing gaan laten dan vooral stemmen op die mensen die in staat zijn om ons de ruimte te geven om onszelf weer te ontwikkelen. De nieuwe gemeentelijke besturen kunnen faciliterend lid worden van burgerinitiatieven (géén participatie want we participeren nergens in maar nemen zelf verantwoordelijkheid) en samen gaan werken aan de transitie.

Laat Maart 2014 een stapje zijn in de omslag van een cultuur van angst naar een van zelfverzekerdheid. We willen geen rekeningen meer hebben van onze overheden maar zelf waarden creëren zodat we onze maatschappij zonder schulden zelf kunnen dragen.

Sustainocratie, de transformatie economie

U kunt ook desgewenst gratis (niet vrijblijvend) lid worden van Sustainocratie (de transformatie economie). Dat is geen politiek partij maar een verander initiatief dat helpt de maatschappelijke onbalans saneren die door angst is ontstaan, door collectieve angst blijft regeren en de zaak democratisch alleen maar verergerd. Als u lid wordt van Sustainocratie dan nodigen wij u regelmatig uit om mee te doen met de transformatie via vreedzame veranderprojecten in speciale coöperaties waar paradoxaal ook de overheid, wetenschap en het bedrijfsleven zich bij aansluit. Kijk naar bijvoorbeeld AiREAS

Antroposofie en inenting

De discussie is weer opgelaaid over de antroposofische stroming in de bevolking die hun kinderen niet willen inenten tegen bepaalde ziekten. Die discussie is op zich prima en heel antroposofisch als erdoor een openheid in dialoog ontstaat over essentiële levensvragen.  Wanneer echter de discussie geblokkeerd wordt door dogmatische opvattingen of “God’s wil” dan hebben we meer te maken met religie dan antroposofie.

Antroposofie is een filosofische levensbeschouwing waarin de ontwikkeling van het bewustzijn een natuurlijke oorsprong heeft met een natuurlijk spirituele en zintuiglijke evolutionaire context. Daarin past niet “het is zoals het is” noch “het is zoals Rudolph Steiner het heeft gezegd” maar wel “het is zoals ik het voel en zelfbewust beredeneer”. De kern van de discussie gaat over “wat is natuurlijk evolutionair en wat niet?”. Voor mij gaat de discussie over “waarvoor neem ik verantwoordelijkheid en op welke gronden baseer ik mijn keuzes?”.

Toepassen van kennis

De mens onderscheidt zich van een groot deel van de levende omgeving door onze zelfbewuste toepassing van kennis. Dit doen we natuurlijk uit eigenbelang en de toepassing ervan is op zichzelf al evolutionair, niet alleen voor onszelf als soort maar ook voor onze omgeving. Waar leggen we onze grenzen? Wat moeten we aan de natuur overlaten en wat mogen we een handje helpen vanuit de ontwikkeling van onze kennis en hulpmiddelen?

Ethische vraagstukken

In de antroposofie is het ontstaan van de mens al geprogrammeerd in de beginselen van het ontstaan van het leven, niet in haar definitieve fysieke vorm maar wel als een zich ontwikkelend bewustzijn. Zo heeft Steiner het over onder andere de “vuurwezens” waar in verschillende fasen van alles bij kwam. De interactie en samenvoegingen van elementen en natuurverschijnselen zijn alles bepalend geweest. In feite komt het met nuance verschillen overeen met het scheppingsverhaal en ook met mijn eigen werk dat zich uit in “het geheim van het leven”. Hierbij moeten we in acht nemen dat ik veel vrijer schrijf over opvattingen vandaag dan men dat in het verleden kon doen door allerlei overheersende dogma’s die gevaarlijk zichzelf in stand hielden en nieuwe redenaties tegenwerkten.

De natuurlijke levenswetten gelden natuurlijk ook voor alle levende wezens die zijn ontstaan, ons omringen of zijn verdwenen, niet alleen de mens. Dus ook de wereld van insecten, bacteriën en virussen.

Antroposofie en Sustainocratie
Terwijl antroposofie filosofeert over “de mens” als voorbestemd zelfbewust onderdeel van onze natuurlijke omgeving gaat Sustainocratie over de manier waarop wij zelfbewust met onszelf en onze omgeving omgaan als menselijke samenleving binnen een dynamisch universum. Volgens het model van de menselijke complexiteit en de uiting in “het geheim van het leven” zien we vier natuurlijke aandachtsgebieden die de antroposofische bedenkingen omvatten.

1. Harmonie
Ons universum is harmonieus door de constante verandering die steeds weer een nieuwe balans zoekt. Dit universum speelt zich af buiten maar ook binnen de mens zelf. Wij zijn in alle aspecten hetzelfde als onze universele omgeving en ontwikkelen ons volgens de functionele werkwijze hiervan, niet dat van het niveau van ons bewustzijn maar van dat deel dat we denken te snappen. Om zelf in harmonie te blijven dienen het op te zoeken met onze aldoor veranderende omgeving. Hierin heeft de mens maar een doel: het in stand houden van zichzelf als levende soort. Het zelfbewustzijn helpt ons daarbij en zorgt voor de evolutionaire context die verder gaat dan Darwinistische omstandigheden. Wij beïnvloeden onze omgeving zelfbewust en beredeneren de effecten van onze beïnvloeding. Andere soorten hebben dezelfde doelstelling voor zichzelf maar misschien een andere instrumentarium waardoor er een interactie plaats vindt tussen de mens en de omgeving. Deze uit zich op verschillende manieren waarbij harmonie het uitgangspunt is, niet de instandhouding van het fragment. Daar zorgt het fragment, zoals de mens, zelf voor binnen haar eigen mogelijkheden. Symbiose noemen we dat, ofwel de kunst van het samen leven maar ook overleven.

We kunnen dat romantiseren maar ook noodzakelijkerwijs relativeren. We hebben onze omgeving nodig om te leven. Deze levende omgeving reageert uit eigenbelang op de veranderingen die de mens veroorzaakt. In vele gevallen is dit bedreigende voor de mens en dwingt de mens tot een reactie

2. Groei
Als een soort de kans krijgt om te groeien dan doet deze dat totdat er grenzen worden bereikt van de groei. De mens als soort groeit exponentieel binnen de beperkte fysieke ruimte van onze leefomgeving. De omgeving past zich op de groei van de mens aan terwijl ze zelf ook uit is op groei. Maar hoe groter de mensheid des te interactiever de omgeving met de mens omgaat uit eigenbelang. Zo kan de levende wereld de mens ervaren vanuit elk van de vier contexten voor de eigen groei. Het gaat dan niet alleen om de soorten die wij zien maar ook de vele soorten die wij niet zien.

De mens als wezen is zelf een symbiotische samenstelling van miljarden wezens die samen het bestaansrechtelijke leven van onszelf beïnvloeden. In feite zijn wij een universum op zich, een weerspiegeling van de werkelijkheid buiten ons, in alle opzichten. Als wij de symbiose beïnvloeden dan beïnvloeden wij onszelf. Maar in ons zijn ook die miljarden wezen actief in hun eigen processen.

3. Concurrentie
Alles in de natuur concurreert. Ook de mens met alle mogelijke bedreigingen en kansen. Wij lijken soms te denken dat wij geen natuurlijke vijanden hebben maar dat is niet waar. Naast onszelf als onze gevaarlijkste tegenspeler is de wereld van insecten, planten, bacteriën en virussen zowel een symbiotische alliantie als een permanente bedreiging. Dat wij daar slim mee om trachten te gaan is ook natuurlijk. Wij hebben bijvoorbeeld geleerd om ons voedsel te koken voor onze veiligheid. We braden ons vlees voor betere vertering. We hebben muren en steden gebouwd om onze mogelijke natuurlijke vijanden de baas te blijven. Wij bedenken allemaal middelen tegen muggen, steekvliegen en ongedierte (voor ons dan). Hoe ver dienen wij daarin te gaan voordat het onszelf evolutionair gaat benadelen in plaats van helpen?

Die wisselwerking tussen eigenbelang, beheersing en de effecten ervan, onze natuurlijke drang tot groei, de concurrentie voor ruimte en de ontwikkeling van ons bewustzijn, van ons individuele zelf en in onze organisatievormen, hoort daar ook bij. Lang hebben wij onze velden bespoten voor overvloedige voedselproductiviteit maar we zien nu een effect op onze eigen lichamelijke weerstand en vervuiling via ziektes. De bijensterfte wordt ook de mens verweten en heeft uiteindelijk weerslag op voedsel. Antibiotica heeft ons geholpen totdat bacteriën er resistent tegen werden. Nu moeten we weer op zoek naar iets anders.

Kortom, de natuur reageert op alles wat wij doen en bedenken. En de natuur is veel creatiever dan wij waarbij de lange termijn niet in onze handen is maar beïnvloed wordt door vele verschillende variabelen. De kern van ons bewustzijn is een leerproces van onze eigen acties. Daarin staat de mens centraal in haar duurzame menselijke vooruitgang. In onze concurrentie met onze omgeving dienen wij in acht te nemen wat dienstbaar is naar ons bestaan en wat uiteindelijk bedreigend is door ons eigen toedoen? Soms weten wij dat niet vooraf en dienen we het te ervaren. Soms kunnen we dat beredeneren door ethiek en verantwoordelijkheid tot te passen in ons leven en de maatschappijvorm die wij kiezen.

Vanuit deze context is inenting tegen bepaalde bedreigingen een prima concurrentiemiddel om weerstand te bieden tegen de agressie van onze omgeving. Het is iets anders wanneer wij de inenting doen uit gemakzucht, bijvoorbeeld als een bepaalde ziekte nooit levensbedreigend is en misschien zelfs wel bijdraagt aan de natuurlijk weerstand opbouw van de mens. Wanneer is een vaccin een toevoeging aan onze evolutionaire kansen en wanneer is het een uiting van hebzucht van de materialistische of gemakzuchtige cultuur? Daarin speelt antroposofie een gewetensrol die van wezenlijk belang is om de juiste overwegingen te maken.

4. Aanpassing

Zowel de natuur als de mens onderscheidt zich door de mogelijkheid zich aan te passen aan nieuwe werkelijkheden. Voor de mens is dat een leerproces dat het bewustzijn net zoveel aangaat als onze lichamelijke, spirituele en emotionele ontwikkeling via reflectie en beredenering. We hebben een deel van onze ontwikkeling zelf in de hand en een deel helemaal niet. Waar vinden wij de balans? Ook dat is een natuurlijk proces van actie en reactie op verschillende invloedsniveaus om ons heen. Het bewustzijn van het leven zit ingebakken in het universum, of dat nu in de directe omgeving van onszelf is of elders in het heelal. Uitsluitende onder de juiste omstandigheden wordt het leven geactiveerd en komt het tot ontwikkeling in al haar diversiteit en complexiteit. Dat dan steeds weer een mensachtig bewustzijnsniveau bereikt kan worden is ook weer afhankelijk van allerlei factoren. Ons bestaan is daarom redelijk uitzonderlijk en uniek. Daar mogen we niet lichtzinnig mee omgaan. De antroposofische reflectie is daarom zeker zo interessant omdat het ons weer bewust maakt van een omringende werkelijkheid die ook met de mens omgaat en waar wij het cirkeltje steeds weer rond mee proberen te maken vanuit een nieuwe mogelijke harmonie, als was het door de eliminatie van een mogelijke vijand.

Conclusie    

Het krijgen van kinderen is een evolutionair progressieve daad. Het begeleiden van de kinderen naar volwassenheid is een ethisch bestaansrechtelijk gedragen verantwoordelijkheid. Het bepalen van vaccins  en middelen voor onszelf is een persoonlijke keuze. Maar het bepalen ervan voor onze kinderen heeft een geheel andere antroposofische dimensie. Kinderen zijn niet ons eigendom maar onze verantwoordelijkheid. Hun opgroeiende fasen dienen gesteund te worden door de volwassenen op basis van antroposofische criteria van verantwoordelijkheid rond gezondheid, veiligheid, welzijn en toegepaste kennis voor optimale ontwikkeling naar volwassenheid. De opvattingen die de zelfbewuste ouder op zichzelf toepast zijn niet automatisch van toepassing op het kind. Daar dient een gewetenslag overheen te gaan van reflectie die een kind niet zelf kan nemen. De beste personen die de keuze kunnen maken zijn de ouders natuurlijk. Hierbij dient men zich af te vragen wat het effect zal zijn op het eigen kind en in hoeverre de eigen keuze de wereld om ons heen beïnvloedt. Laten we ons manipuleren door oude of nieuwe dogma’s of passen wij antroposofie toe in de meest verdiepende zin?

Welke keuzes wij ook maken, aanvaarden wij de verantwoordelijkheid ten opzichte van onszelf, ons nageslacht en onze omgeving? En dat geldt niet alleen voor vaccins maar voor elke keuze in het dagelijks leven.

Verzorgingsstaat naar Ontzorgingsstaat

Op Zaterdag 3 Augustus kopte het Eindhovens Dagblad “Verzorgingsstaat wordt ‘doe-democratie'”. Het artikel verwijst naar de onbetaalbaarheid van de verzorgingsstaat en de manier waarop veel vrijwilligers al op hun eigen manier vernieuwing brengen door zelf verantwoordelijkheden te gaan dragen in plaats van deze van externe organisaties te verwachten.

Contrast
De verzorgingsmaatschappij heeft een historische opbouw. Het feit dat deze onbetaalbaar is geworden komt door een aantal maatschappelijke keuzes die al zo ver als 1798 terug te voeren zijn toen de eerste grondwet zich ontwikkelde in Nederland. De huidige grondwet dateert van Thorbecke rond 1850. Eind 18e eeuw ging de discussie nog over “gezondheid” wegens de sterfte onder de bevolking door de vervuiling van de industriële activiteiten. Medio 19 eeuw was de discussie veranderd in “gezondheidszorg”.

Dat verschil tussen “gezondheid” en “gezondheidszorg” is essentieel in de ontwikkeling van onze maatschappij. De eerste is proactief (zorgen voor gezonde omstandigheden) in de benadering en de andere reactief (reageren op ongezondheid). Het ging allemaal over de verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid die men kon aanvaarden als overheid. Gezondheid kan men reguleren door maatregelen en voorzieningen rondom ongezondheid. Daaruit ontstond een regeringsapparaat die de ontwikkeling van gezondheid moest afwegen tegen de economische.
Gezondheidzorg werd een overheidtaak in haar dienstbaarheid naar de bevolking om de productiviteit zo hoog mogelijk te houden. Ongezonde mensen zijn een last en gezonde mensen een lust (via de belastingen op productiviteit). Toen na de tweede wereldoorlog ook de sociale zekerheden belangrijk werden om nieuwe oorlogsomstandigheden te voorkomen ontstond de materiële drang om allerlei potjes op te bouwen via belastingen, pensioenen en verzekeringen. Nederland is daarin nog steeds het meest geavanceerde land van de wereld met enorme hoeveelheden geld die samen zijn gebracht door de naoorlogse generaties.

Marktwerking
Die aanpak heeft ons een lange periode van vrede opgeleverd. Ook is de levensverwachting van de bevolking gestegen met ruim 20 jaar!. We kunnen dus niet zeggen dat dit allemaal slecht is geweest. Integendeel.

Wat echter veel lastiger is gebleken is de menselijke natuur. Als iemand een leven lang spaart voor een zorgeloze oude dag dan kun je hem of haar dat niet afpakken. Als die persoon dan 20 jaar langer leeft dan oorspronkelijk werd berekend dan zullen de beloftes afgestemd moeten worden op een nieuwe werkelijkheid. Als de bevolking langer leeft en allerlei kwaaltjes krijgt door de levensstijl die wij hebben ontwikkeld dan gaan de zorgkosten ook enorm omhoog. De overheid heeft steeds meer geld nodig en de volking heeft steeds groter verzorgingsverwachtingen. In een democratie waarin de macht toebedeeld wordt door het in stand houden van een luxe situatie betekent dat de regering maatregelen zoekt die de macht niet schaden en toch de verwachtingen waar maakt. Naar mate de zekerheidspotjes groeiden groeide ook de macht van de bewakers van deze potjes en de relatie met de regeringsmensen.

De bevolking werd rijker in middelen en leefde langer met meer vrije tijd, minder productiviteit en meer zorgbehoeften. De overheid had al het Amerikaanse model overgenomen van individuele consumptie en eigenbelang als belastbaar systeem. Dat leverde een sterk consumptie gedreven maatschappij op maar ook de evenredige ontwikkeling van welvaart kwalen. Ook de productiviteit liep achteruit omdat de bevolking gemakzuchtig werd door alle zekerheid zonder bijbehorend productiviteit besef. Dit wilde men compenseren door te concentreren op kennis in plaat van handvaardigheid. Van het een komt het ander. De inflatie dwong te werken aan een groei economie door consumptie te verhogen en speculatie te introduceren in de kapitaal goederen markt. De salarissen stegen door meer op kennis te focussen terwijl het zorgland ook een logistiek doorschuifland werd. Het leverde allemaal een groei op in belastinginkomsten en ook een sterke afhankelijkheid van de ontwikkelingen in de wereld.

De zorglasten stegen evenredig en moesten omlaag. Zo’n 50% van de staatslast was zorg gerelateerd aan de kant van overheid uitgaven. Men wilde liever de zorg via belastbare kant organiseren. Dat probeerde men via “marktwerking”. Dat wil zeggen dat het zorgsysteem uit handen wordt gegeven aan ondernemers en semi overheid waardoor het middels subsidies en regelgeving kan worden geoptimaliseerd. Dat was de intentie in de jaren 70 maar de werkelijkheid liep heel anders.

De gesubsidieerde zorginstellingen gingen gefragmenteerde hulp verlenen waar elke dienst een eigen economie ontwikkelde met bijbehorende bureaucratie en hiërarchie. De marktwerking op de fragmenten leverde geen besparing op maar juist het tegendeel, een explosieve exponentiële wildgroei aan zorg die langs elkaar heen werkt, ondoorzichtig is en totaal onbeheersbaar. Dat is de situatie van vandaag.

Sinds de kredietcrisis in 2008 is de economische luchtballon kapot. De speculatie op kapitaalgoederen is gestopt en toont een krimp. Daaraan was het vermogen gekoppeld van het land. Om toch door te kunnen gaan deed men een beroep op de staatsschuld maar dat kan niet oneindig doorgaan. Nu al draagt elke Nederlander een schuld via de overheid van 23000€ per persoon. De overheid kan niet anders dan zich stapsgewijs terugtrekken uit de gecreëerde onhoudbaarheid om te voorkomen dat er een hypotheek gelegd wordt op de toekomst.

Gevaarlijke contrasten
De maatschappij wordt uit elkaar getrokken. Dat komt door de drang vande oude hiërarchische structuren om zich via belastingen en geld voor een onhoudbaar deel verplicht in stand te willen houden. Hierdoor wordt alles alleen maar kostbaarder, de lasten van de bevolking verzwaren nog meer en de maatschappij wordt gaandeweg uit elkaar gehaald in minstens drie grote sectoren.

1. De graaiwereld
De bestuurders in die maatschappelijke organisatie hebben zelf geen enkel vertrouwen meer in de toekomst en compenseren hun eigenbelang door torenhoge salarissen te eisen. In die wereld zijn nog vele normale mensen actief die een salaris ontvangen voor hun werk en bang zijn om hun baan te verliezen. Zij zien de betaalde arbeidsmogelijkheden om zich heen alleen maar schaarser worden terwijl ze lasten (hypotheek, schoolgaande kinderen, levensstijl) dragen die hen verplichten mee te gaan in de in stand houderij.

Er zijn ook enorm veel misstanden, profiteurs en boeven actief op alle niveaus in die wereld , die nog even snel een geldslaatje mee willen pikken in de chaos die is ontstaan van bestuurlijke en operationele wanorde. Ondertussen stijgen de maatschappelijke lasten alleen maar onder het mom van “maatschappelijke plicht”, “Europa” en “solidariteit” die de grenzen van de ethische normering allang voorbij zijn. Nu zijn het nog de wettelijke hulpmiddelen van een dwangbestuur dat geen ander alternatief te bieden heeft dan de zorgcultuur op re vangen door een geldgedreven dictatuur en tegelijkertijd “het teruggeven” van verantwoordelijkheden aan de bevolking. Dit laatste onder het mom van kostenbesparing terwijl de druk van de lasten het belasten alleen maar toeneemt. En de onmenselijkheid ook want gaandeweg is de gelijkwaardigheid in de maatschappij aangetast. Alleen als je geld en een betaalde baan hebt tel je mee ook al wordt alles duurder en zwaarder belast.

De andere wereld
Dan is er die andere wereld. De wereld van de onbetaalde vrijwilligers. Dit zijn de mensen die geen toegang meer hebben tot het opgeblazen geldcircuit en nu het heft in handen nemen door zelf maar waarden te gaan creëren zonder dat er een beloning tegenover staat, behalve een “dankjewel”, een bloemetje of een lintje als het uitkomt. Toch moeten deze mensen ook eten, ergens wonen en zich in stand houden in een wereld die alleen toegankelijk is met geld. Zij zijn dan misschien de doeners die zich ontzorgen door zich onafhankelijk op te stellen van een failliete zorgstaat, het wordt er door de verhardende geldomgeving niet gemakkelijker op gemaakt.

In die nieuwe “doe” wereld zien wij dan ook weer twee werelden ontstaan. De eerste wereld is die van vrijwilligers die op een of andere manier (pensioen, uitkering, verzekering, erfenis, oud opgebouwd vermogen) in de geldwereld redelijk ingedekt en zelfredzaam genoeg zijn maar graag hun overvloed aan tijd en energie zinnig besteden door iets toe te voegen waar de behoefte het grootst is. Deze groep komt de noodleidende zorgstaat goed uit natuurlijk want dat vrijwilligerswerk compenseert de gaten die vallen in de oude aanpak. Zo lijkt het alsof alles nog als vanouds functioneert maar dat is natuurlijk niet zo. Deze vrijwilligersgroep is vermogend totdat de koek op is. Hun zekerheden worden ook aangetast door de ten dode opgeschreven, op geld beluste instanties die de lasten opdrijven en op lusten inboeten.

De nieuwe wereld
Dan is er die andere “doe” groep, de mensen die geen rugzakje hebben om op te teren en ook niet in aanmerking komen voor de overgebleven gemakken van een oud overheid of verzekerings infuus. En ook niet meer zomaar terecht kunnen op de arbeidsmarkt. Dat zijn de mensen die proberen (via o.a. de Stad van Morgen) te gaan werken aan zelfvoorziening voor basisbehoeften, zoals voedsel, huisvesting, enz. Het zijn vaak mensen die geen beroep wensen te doen op zwaar gesubsidieerde stichtingen die daklozen moeten helpen alsof het zwervers zijn of een voedselbank alsof ze blij moeten zijn met de afdankertjes van de elite omdat deze vooruitgang blijft blokkeren uit eigenbelang. Deze groep voelt zich behandeld als afdankertjes van een zieke maatschappij en groepeert zich om zelf geheel nieuwe zekerheden op te bouwen.

De mogelijkheden van deze groep zijn beperkt omdat de omringende dwangstructuur nog steeds sturend is op de geldelijke eigen belangen in plaats van deze groep te faciliteren op vernieuwing. De spanning bouwt op tussen de uitersten. Wij zijn een van de meest vermogende landen van de wereld maar ook een waar de vernieuwing zodanig geblokkeerd wordt dat er een drijfzand is ontstaan van armoede waar Nederland langzaam in wegzakt. Niemand laat zich zomaar opofferen door een geldstaat die dwang uitoefent waar de redelijk weg is. Dan is de opstand nabij.

Van verzorging naar ontzorging
Als we naar het bovenstaande verhaal kijken dan tekent zich een lastig beeld af waar maatschappelijke stromingen lijnrecht tegenover elkaar komen te staan. De sustainocratische aanpak van de Stad van Morgen tracht er wat aan te doen via de vreedzame weg door de tegenstellingen te verenigen in een gemeenschappelijk hoger doel: duurzame menselijkheid.

Dat is geen gemakkelijke taak. Want enerzijds moet de productiviteit omhoog van de bevolking maar dan niet volgens de normen van de gevestigde orde (sturend op afhankelijkheid via het kostbare zorgsysteem) maar volgens die van zelfredzaamheid in integrale gezondheid. We moeten dus niet primair uit zijn op geld verdienen maar op welzijn door eigen verantwoordelijkheid te nemen. Dat is strijdig met het economisch belang maar noodzakelijk vanuit duurzame menselijkheid. Het risico bestaat nu serieus dat de bevolking op verschillende manieren in opstand komt, enerzijds om oude vermeende rechten af te dwingen, anderzijds om ruimte te eisen voor zelfredzaamheid. In beide gevallen richt het verzet en de agressie zich tot de overheid die in alle gevallen incompetent blijkt.

Stad van Morgen probeert “ontzorging” door te voeren door in economisch in verval geraakte gebieden en gebouwen nieuwe zelfredzaamheid initiatieven te ontplooien volgens het sustainocratische fundament. De gebieden hebben daarvoor veel potentieel terwijl ze voor de geldgedreven eigenaren een last zijn geworden. Door daar de vernieuwing op te bouwen verstoren wij de economische belangen niet in de economische bolwerken maar nemen wel de kans om onze visie zichtbaar te maken voor een algemene toepassing. Dit doen wij niet geïsoleerd zoals vroeger religieuze organisaties de afzondering verkozen. Dat doen door samenwerkingsverbanden te starten met de belangenpartijen.

Sustainocratie brengt de verschillende belangenpartijen bij elkaar vanuit een regionaal perspectief. Zo steunt de geldwereld de waarde creatie en voedt de nieuwe waarde de economische ontwikkeling. Stap voor stap hopen we dan een moderne maatschappelijke organisatie functioneel te tonen die ontzorgt in plaats van verzorgt, door doelgericht samen werken in plaats van economische structuren en afhankelijkheid.

Natuurlijk!

Blogger: Nicolette Meeder

Natuurlijke zelfredzaamheid

In mijn vorige blog over zelfredzaamheid vertelde ik over de zoektocht naar een stuk grond, 300m2, de beelden hierbij en de natuurlijke manier waarop alles zich hier in organiseerde. Het buffelen, maar ook vreugde, schoonheid en verbondenheid met de natuur en natuurlijk leven. Inmiddels zijn we een poosje verder en hebben we de eerste ervaringen opgedaan. Het weer speelde daarbij een grote rol, waarbij een “achterstand” van zeker 6 weken een uitwerking heeft op het geheel. De maaltijden thuis krijgen inmiddels een steeds groener karakter. Het zinnenstrelende verse erwtje, de verbondenheid met de natuur, welzijn van alle kinderen, de voedselketen en onze activiteiten voor Coöperatie VE2RS gaven mij inspiratie om deze blog te schrijven. Ik raak daarbij meteen aan zingeving en hoe zich dat in haar natuurlijke proces kan ontvouwen.

Bij het werken met levend groen is het net als bij kinderen opvoeden, je van baby af aan (uiteraard ook in de buik) moet blijven waarnemen om te zien waar je kan faciliteren aan de natuurlijke groei van je kind, telkens een moment of omgeving scheppen waarin het zich verder kan ontwikkelen. Waar het ontplooien van een eigenheid samen gaat met een besef van dienstbaarheid aan de samenleving, de natuur of iets anders buiten zichzelf. Dat is onze natuur en dit vraagt om natuurlijke ontvouwing van onze volledige potentie, als kind, als vrouw, als man, als mens. Zo raken we nooit werkeloos. Het zit in ons, maar als we als mens nee gaan zeggen tegen deze natuurlijke staat van Zijn dan gaat het goed fout, kijk maar om je heen. Natuur zijn wij als mens en natuur is overal en je er natuurlijk naar verhouden of aan overgeven is het grootste geschenk wat je jezelf en je omgeving kunt geven.

Het is natuurlijk dat een vrouw het leven draagt, leven brengt, kinderen baart, ze erna voedt (borstvoeding), beschermd, de ontwikkeling “draagt” in liefdevolle aanwezigheid. Zij staat van nature ook dicht bij de voedselketen, verbonden en afgestemd vanuit vertrouwen en wijsheid op kinderen wat “nodig” is voor hun groei en welzijn. Dat is een natuurlijke imprint en een enorme natuurlijke vrouwelijke spirituele liefdeskracht in het belang van leven verder brengen van het kind, van allen, van het hele gezin.
Alles binnen de natuur heeft zo zijn harmonische plaats en ons gedrag dient zich daarbij aan te sluiten om tot algehele harmonie te komen. De diepe imprint van natuurlijk leven die een ieder in zich heeft, maar die we ons dienen te herinneren. Heiligheid van bestaan, van mens zijn, respect naar alles wat leeft, het gezin, waar moederschap ruimte krijgt, de vrouw de natuurlijke primaat heeft en de man zijn dienende functie in de samenleving kan uitoefenen.

Helaas is dit in de huidge samenleving “vergeten” en durft men het niet meer te leven. De jeugd is het meest kwetsbare en kostbaarste van onze samenleving en die heeft begeleiding nodig. Zij ervaren nu grote schade door de manier waarop de maatschappij en onderwijs is ingericht. Waar ook zorg en waardering voor het “eeuwige vrouwelijke” in de mens volledig wordt geruïneerd. Puur gericht op geld verdienen, emancipatie uitgedrukt in geld verdienen, onafhankelijk zijn, wat in de huidige maatschappelijke context een werkelijkheid schept van “eenmancipatie” en geld uitgeven om de economie in stand te houden. Gericht op voeding consumeren. Gelukkig wordt steeds meer bekend over de manipulatie van voedsel en de gevolgen hiervan voor gezondheid en welzijn van ons allen en vraag je je af of het nog verantwoordelijk is wat je kinderen op hun bord voor zet?

Wat kan je eraan doen. Hoe kan je het nu allemaal dichter bij huis halen? Waar begin je dan? Op je balkon, je voortuin, met of zonder je buren? Met de hele buurt? Vragen om over na te denken, vragen hoe ga je daar mee om naar je kinderen en onderwijs, neem je die verantwoordelijkheid? Wat laat je los? Vanuit een waardegedreven menselijke coöperatie kan je een hoop doen met je talenten, samenwerking en eigen middelen ( ruimte, materialen, etc) om tot volle voedsel productie voor aangesloten leden te komen. In Eindhoven is een coöperatie in ontwikkeling, zie
Http://stadvanmorgen.wordpress.com/mijn-wijk/ve2rs-wijkcooperatie/

Bijgaand filmpje, The Path to freedom, brengt het beeld waarbij het hele gezin bijdraagt en zelfvoorzienend is in de voedselketen en restaurateurs uit de omgeving verse groenten komen kopen. De “winst” wordt voor minimale kosten gebruikt en de rest gaat terug in het gezin. Hier is duidelijk zichtbaar dat een gezin ook een bedrijf is, een waardengedreven bedrijf, die zorgt voor haar vooruitgang.

De transitie vraagt ruimte voor allerlei mogelijkheden en vraagt duidelijk om het oorspronkelijke, het natuurlijke weer te laten zijn en te stoppen met natuurvernietiging van mens en haar natuurlijke omgeving. Waar samen, vanuit gelijkwaardigheid, wordt gewerkt om gezin zelfredzaam te maken, als “bedrijf”, niet afhankelijk van de externe omstandigheden. Heel duidelijk hoor en zie je deze vraag en zoektocht hiernaar in de samenleving. De behoefte om er te zijn voor elkaar, waar ruimte voor gemeenschap is, zelfredzaamheid, veiligheid, harmonie, natuurlijk leven. Waarbij de zingevingsvraag, de existentiële vraag van leven, vanuit een veilige basis een zoektocht mag bieden aan kinderen om expressie van hun eigenheid te geven in een respectvolle relatie tot al wat leeft, nu en in de toekomst……

Nicolette Meeder, juli 2013

Spel “De Held” nu open voor inschrijving

Op 20 September 2013 zal de kick off plaats vinden van het grote STIR Innovatie spel. Gedurende 6 maanden zullen Innovatie Teams strijden om de inlegpot.

Het spel speelt zich af in Eindhoven en omstreken.

Meer informatie en inschrijving ervoor kan vanaf heden plaatsvinden.

De hogere innovatie doelen zijn deze keer “het bedenken van toepasbare innovaties” voor:

  • Gezonde stad (mentaal, luchtkwaliteit, lichamelijk, enz)
  • Energie neutrale stad
  • De duurzame toekomst van de “kleine gemeente”?

 

Wie schrijven zich in? 

De helden:

  1. Bedrijven die zich willen profileren in de markt van MVO.
  2. Overheden die innovatie willen voor gebiedsverduurzaming
  3. Scholen en Universiteiten die open staan voor vernieuwing

De uitdagende innovatie teams:

  • Innovatie Teams (in worden)  uit verschillende sectoren
    • Studenten
    • ZP-ers
    • Tijdelijk werklozen op zoek naar uitdaging
    • Expats in verbindingsfase
    • Bedrijfsleven
    • Burgerparticipatie groepen
    • Teams die zich in het andere spel “Het Geheim” vormen

NB: Streefbedrag van de pot is 50.000 – 10.000 euro

Aparte inschrijving voor helden en innovatie teams. Het zijn twee verschillende soorten deelnemers ook al komen ze misschien van dezelfde instelling. Een instelling hoeft zich niet als held in te schrijven als men een innovatie team op wenst te geven. Het een staat los van het ander. Inschrijven voor beide heeft zo z’n voordelen.

Verslag avondcollege 4 juni

Stip op de horizon

STIR avondcollege in de collegezaal van Fontys Eindhoven
STIR avondcollege in de collegezaal van Fontys Eindhoven

Dit avondcollege is het vervolg van 14 Mei waarin het evolutieproces van het leven in onze natuurlijke oorsprong werd behandeld. De harmonieuze moleculaire verhouding die de oorsprong van het leven omvat ontwikkelde een natuurlijk drang naar groei (voedsel, vermenigvuldiging, formaat, enz). Dit leidt op termijn tot concurrentie waarin de Darwinistische wet van de sterkste een selectie teweeg brengt. Maar tevens ontstaat de drang op concurrentie te mijden door “anders” te zijn middels aanpassing. De enorme diversiteit van leven op onze planeet, waaruit ook de mens is ontstaan, zoekt middels deze constante individuele groei/onderlinge concurrentie/evolutionaire aanpassingen steeds de symbiose op van het samen leven. De onderlinge samenhang is uiteindelijk van belang waarbij de mens dit benaderd vanuit een lerend zelfbewustzijn door vallen en opstaan. Mijn evolutionaire model van de menselijke complexiteit dient dan als bron van inspiratie.

Het evolutie model
Het evolutie model

De stip op de horizon is derhalve ook voor de mens “symbiose” (de kunst van het samen leven) waarbij de lat door ons groeiende bewustzijn steeds hoger wordt gelegd mede door de numerieke groei van de mensheid en de consequenties van de levensstijl die zich gaandeweg heeft ontwikkeld. Deze is prima te bezien vanuit het model en de operationele werkelijkheden die wij tegenkomen in de wereld. De gastdocenten geven dan ook hun eigen visie op het geheel binnen de context van historische menselijke belangen waarin zij hun menselijke en professionele werkelijkheid beleven.

Cor Denneman-Heilscher
Cor Denneman-Heilscher

Cor Denneman-Heilscher

Het levensverhaal van Cor is vergelijkbaar met dat van mij. Ook hij is van het klatergoud van dikbetaalde functies wakker geworden en heeft daarna zijn leven gewijd aan menselijkheid door zich te wijden aan harmonieuze relaties met de natuur. Zijn avontuurlijke werk bracht hem naar grote natuurgebieden in de wereld waar hij zelfstandig gebiedsontwikkeling doet vanuit het “symbiose” gedachtegoed. Er is een economische ondergrond maar geld wordt als katalysator en middel beschouwd nooit als doel op zich. Daardoor kan hij zich zo goed vinden in Sustainocratie en de bijbehorende nuancering van functionele structuren zoals de overheid, banken, enz. Zijn verhaal kunt u via dit korte interviewfilmpje zelf beluisteren en vooral zien.

Sinds 2012 is Cor betrokken bij de Club van Rome. Door zijn doe-gerichte karakter had hij moeite met de kritische houding van deze club en het gebrek aan concrete resultaten in de afgelopen 40 jaar. Dit resulteerde in een open brief aan het bestuur. Volgens Cor sloeg het in als een bom en werd men aangezet tot concrete acties die in de loop van 2013 al zichtbaar gaan worden. 

Erik van Merrienboer
Erik van Merrienboer

Erik van Merrienboer

Erik heb ik leren kennen als wethouder in Eindhoven. Nu werkt hij als directeur  economie in de Provincie Noord Brabant. Wat Erik kenmerkt is de waardengedreven benadering van “economie” in tegenstelling tot de speculatieve afhankelijkheidsbenadering van de centrale overheid. Het college geeft hij als “mens in dienst van de overheid” met een open beschouwing over de veranderende werkelijkheid van de functionaliteit van de instantie en zijn eigen rol daarin.

In zijn gastcollege legt Erik een verbintenis tussen de huidige bestuurlijke en maatschappelijke werkelijkheid in Nederland en mijn evolutie model. Vooral het element “symbiose” sprak tot de verbeelding omdat ook “de kunst van het samen leven” de titel is van het bidboek voor de Culturele Hoofdstad verkiezingen waar Brabant en Eindhoven de hoop op hebben gevestigd. In September 2013 wordt daarover uitsluitsel gegeven. “Kunst” kwam weliswaar vanuit cultuur en design en minder vanuit de gedrevenheid van samenleven maar toch was de verbintenis een boeiende oogopener.

Erik legt een verband met Brabant en de co-creatieve reactie op pijn met integrale vernieuwing door bevolkingsgroepen zelf. Zo verwijst hij naar de jaren 60 als voorbeeld van de weerbaarheid van Brabant als de nood werkelijk het hoogst is. Hij ontkent de maatschappelijke werkelijkheid van een doorgeslagen zorgstructuur niet en de noodzaak voor het ondersteunen van burgerinitiatieven en verantwoordelijkheden door een nieuwe rol van de overheid. Zo verwijst hij naar AiREAS als model dat ook tot een voorstel zou kunnen leiden voor de grote uitdagingen in “de zorg”. Echter blijkt het nog lastig om dit in de lagen van de overheid piramide te laten doordringen.

Ondertussen wijst Erik wel op de vooruitgang die is geboekt in onze lokale symbiose met de natuur en vooral op gebied van waterlandschappen. Al met al breekt Erik een lans voor waardecreatie in Sustainocratie maar heeft zelf moeite nog om in de overheid hiërarchie het nodige begrip te vinden voor de toepassing ervan. Wat ons betreft is dat ook niet nodig als Erik zelf maar, daar waar mogelijk, de ondersteunende ruimte weet te scheppen die nodig is voor het, vooralsnog experimentele “living lab” karakter van Sustainocratische processen zoals AiREAS, VE2RS en STIR.

Rik Konings
Rik Konings

Rik Konings

Voor het tweede gedeelte van de avondcolleges vroeg ik Rik Konings om mensen te vinden die “iets doen” met de deelnemers op gebied van emotionele bewustwording in plaats van het rationele proces in het eerste deel.

Aan het woord kwam Cindy Joos. Zij heeft een fotografie project gedaan “May I look inside” http://nl.blurb.com/books/2224913-may-i-look-inside . http://www.scherpediepte.nl

Na een persoonlijke introductie  presenteerde een aantal polaroid-achtige foto’s waarop het gezicht van mensen te zien waren. Ze begon met een foto van zichzelf en vroeg aan de zaal om dingen te zeggen die opvielen. Daarna deed ze hetzelfde met twee andere foto’s, elk van mannen die zij had meegebracht. Dit programma heet “kijken naar jezelf”.

Deze mannen kwamen daarna ook aan het woord om een contrast te scheppen tussen de indrukken van de getoonde foto’s en de menselijke werkelijkheid. De eerste vertelde dat hij door schulden in zijn leven in aanraking was gekomen met de handel in drugs. Hij wilde zo versneld zijn schulden aflossen maar werd opgepakt, opgesloten en kreeg een strafblad. Zijn mogelijkheden om een leven weer op te bouwen nadat hij van zijn fouten had geleerd werden volgens hem ontnomen omdat voor vele functies een “Verklaring van Goed Gedrag” overgelegd moet worden. Door het strafblad kan dat niet en krijgt hij ook geen baan. De boodschap is enerzijds dat hij nu op basisscholen kinderen bewust maakt wat er kan gebeuren als men de fout in gaat. Anderzijds dat de maatschappij iemand blijft achtervolgen door de fout en geen kans geeft zich te herstellen.

De tweede persoon vertelde dat hij enorme huidproblemen had gehad en deze uiteindelijk voort waren gekomen uit een psychische onbalans. Na herstel van zijn psyche via een reis naar India en kennismaking met chakra’s waren ook zijn lichamelijke klachten verdwenen. Zijn boodschap was dat er meer aandacht dient te komen voor de oorsprong van mogelijke problemen van onbalans in plaats van de symptomen aan te pakken.

Van groot naar klein (dat toch weer groot blijkt)

Via de grote natuurwereld van Cor en de regionale belangen vanuit Erik waren we aangeland op de individuele mens via Rik. De universele waarden van harmonie en levenscomplexiteit zijn voor zowel de mens als de maatschappij en de natuur die ons omringt hetzelfde. Het grote en het kleine vormt zo een groot levend geheel dat zich door bewustzijn ontwikkelt en evolueert. De mens speelt daarin haar eigen rol.

De discussie in de zaal ging verder over de jeugd, zorg en het gebruik maken van creativiteit van mensen in de vrijheid van een persoonlijk kruispunt. Het spelelement van het geheim en de held werd genoemd als positieve dragers voor sociale innovatie die STIR aan het uitrollen is. Een ieder is uitgenodigd om er kennis van te nemen.

Over spelelementen gesproken was ook het moment aangebroken om het Tuintopia spel van Arjen de Vries als beloning voor alle interactie en aandacht uit te delen.  Het spel speelt zich af rondom een huis waar stadslandbouw kan worden gespeeld door 1 a 4 personen. Het geeft een mooi beeld van de balans die nodig is en hoe men overvloed kan creëren door het zelfbewust te organiseren. Het spelletje zal verder worden gebruik door ons voor burgerparticipatie.

De tuin op tafel
De tuin op tafel

Conclusie

Met het evolutiemodel van “zijn” en “doen” als inspiratie en projectiebron van werkelijkheden kon de permanente stip op de horizon duidelijk worden gepositioneerd in het gebied van symbiose. Daarbij hadden ook de persoonlijke verhalen over dienstbaarheid, verantwoordelijkheid, structuren, enz duidelijk laten zien dat harmonie en symbiose voortkomt uit bewustzijn en de toepassing ervan op de veranderende werkelijkheid via een doelbewust aanpassingsvermogen en begrip van de menselijke en natuurlijke complexiteit.  Een ieder kan daar persoonlijk verantwoordelijkheid in nemen en ermee experimenteren vanuit het eigen bewustzijnsproces met in acht name van het grotere geheel dat zo duidelijk zich aftekent via de kennis die wij met elkaar delen. Het maakt alles er niet gemakkelijker op maar wel inzichtelijker.

Het volgende avondcollege is na de zomer, op 3 September en gaat over de rol van geld in duurzame menselijke vooruitgang

Sustainocratie is een noodzakelijke aanvulling op de Parlementaire Democratie

Tijdens het STIR avondcollege van 14 Mei werd het ontstaan en de evolutie van het leven op aarde in verband gebracht met de huidige maatschappelijke werkelijkheid, de crisissen die wij beleven en de complexiteit waar we tegen aan lopen als mens en maatschappij. In dit artikeltje tracht ik het verband van toegevoegde waarde te leggen tussen Sustainocratie en de Parlementaire Democratie.

Bewustzijn

We hebben gezien dat het ontstaan en de evolutie van het leven op Aarde is gebaseerd op een vorm van muzikaal bewustzijn. Het allereerste levensdoel van tot leven komende stoffen is “groei”. Deze oorspronkelijk groeidrang zit moleculair ingebakken in ons eigen leven en dat wat ons omringt als natuur. Groei in een beperkte omgeving is echter nooit oneindig. Zo hebben wij in het college 4 bewustzijnsniveaus besproken:

  1. Groei  –  de natuurlijk drang van elk levend wezen
  2. Concurrentie – de strijd als groei botsingen oplevert
  3. Verandering – confrontaties uit de weg gaan door “anders” te zijn
  4. Symbiose – de kunst van het samen leven

Menselijke doorbraak:

De mens is in haar oorspronkelijke evolutionaire doorbraak doorgestoten naar een unieke situatie op niveau 3 van het “anders” zijn door een zeldzame combinatie van zelfbewustzijn en lichamelijke kenmerken. Dit gaf de mens de vrije ruimte om weer op een hoger niveau 1 van de evolutieladder te beginnen en onbeperkt te gaan groeien in een schijnbaar oneindig grote omgeving, zonder andere natuurlijke groeivijanden dan de mens zelf. Andere menssoorten zijn gaandeweg verdrongen of uitgestorven en alleen onze soort bleef over.

De eerste fase van de mens, enkele miljoenen jaren geleden werd alleen beperkt door de kunst van het vinden van onderdak en voldoende voedsel. Naar verloop van tijd kwam men vaker soortgenoten tegen die ook op zoek waren naar voedsel en groei. De mens werd de concurrent van de mens (niveau 2). Ons bewustzijn ging zich concentreren op de confrontaties met die ene mens. Onze creativiteit richtte zich daarop en daaraan hebben we veel technologische vooruitgang te danken.

Door het vrije spel in de natuurlijk omgeving creëerde de mens onderling een soort menselijk nevenuniversum dat dezelfde evolutionaire bewustzijnsfasen doorloopt als de oorsprong en evolutie van het alle leven samen. Eerst kwam er groei. Daarna concurrentie, met veel technologische uitdagingen om de Darwinistische wet van de sterkste en slimste toe te passen. Dat zien we nog steeds in onze wereldmaatschappijen. Toen de confrontaties te ernstig werden kwam er verandering bij in de vorm van nieuwe samenlevingsvormen en diplomatie. Al die tijd ging alle aandacht naar de mens, de gevaarlijke potentiële conflicten en onze wedijver om uit te blinken in competitieve daadkracht.

Geen enkel moment is er nog bewust aandacht geweest voor fase 4: symbiose o.a. met onze natuurlijke omgeving.

Grote gevolgen

De enorme bevolkingsexplosie, groeiende welvaart en welzijnsniveaus van de mensheid in haar “eigen universum” ontwikkelde al snel gigantische gevolgen voor de natuurlijke omgeving. Deze werden echter pas de laatste halve eeuw zichtbaar. De mens blijkt zo intensief aanwezig vanuit menselijk eigenbelang dat wij onze eigen leefomgeving dreigen te plunderen en vernietigen. Aan de menselijke symbiose die wij voor alle mensen onderling hebben geprobeerd te bewerkstelligen met medezeggenschap, kennisontwikkeling via onderwijs en een Parlementaire Democratie, gebaseerd op vrijheid van meningsuiting, maatschappelijke participatie en stemrecht dient nu ook een symbiose met onze natuurlijke omgeving te worden toegevoegd. Dat is een geheel nieuwe uitdaging op zich.

Vanuit een democratie blijken de gewenste resultaten op dit moment niet bereikbaar. Dat komt door de democratische cultuur die is ontstaan rond eigenbelang.

Eigenbelang

Organische ontwikkelingen van de mens zijn reacties op de gevolgen van de democratische processen en gefragmenteerde structuren rond eigenbelang. Wij vervuilen ons eigen nest op zo’n manier dat wij noodgedwongen weer in aanraking komen met het grotere geheel. De natuurlijke omgeving, waarin wij zijn ontstaan is het echte universum waar wij als mens ons niet gescheiden van ontwikkelen. Klimaatveranderingen, omgevingsvervuiling, culturele confrontaties door migraties, vernietiging van grondstoffen door verkeert en niet circulair gebruik, verstedelijking, welvaartsziektes, criminaliteit, enz. Het zijn allemaal consequenties waar reactief op gereageerd wordt wanneer het al te laat is. De gevolgeneconomie groeit op dit moment met 7% procent per jaar (een verdubbeling elke 10 jaar!!) en is niet meer te bekostigen uit de noodlijdende primaire consumptie economie.

Het menselijke en genetische anthropocene (tijdperk waarin de invloed van de mens op Aarde onuitwisbare gevolgen achterlaat) is volledig aan de gang met een sterke vernietigingskracht voor onszelf. Ondanks de solidariteit van de bevolking met de natuur en omgeving, en ondanks de regelgeving die ontstaat uit deze problemen, zien wij dat de problemen zich alleen maar opstapelen.

De democratie lost het als systeem niet op maar toch dienen wij verantwoordelijkheid te nemen voor ons eigen bewustzijn rond de situatie. Hoe?

Daardoor is Sustainocratie ontstaan, een samenwerkingsvorm rond symbiotische uitdagingen waar alle partijen van een duurzaam vooruitstrevende maatschappij zich hard voor willen maken, het alleen niet kunnen, en zich er samen voor inzetten. Maar dat laatste is een probleem. Want onder wiens autoriteit werkt men samen?

Democratie en Sustainocratie

Onze huidige democratische structuur is niet gebaseerd op bewustzijn of verandering maar op eigenbelang in het verkrijgen en behouden van situaties van overvloed. Democratische overheden worden niet gevraagd om een leiderschapsrol te vervullen voor verandering maar om een maatschappij succesvol te managen rond behoud van een genoten luxe. Maatschappelijke overvloed, vrede en voorspoed maakt gemakzuchtig en hebzuchtig, hetgeen de huidige democratievorm tot onmogelijk instrument maakt voor structurele verandering. Gevolgen zoals klimaatverandering, vervuiling, migraties met cultuurconfrontaties, oorlogen om grondstoffen, schaarste, economische problemen, enz creëren conflicten en crisissen. Deze zijn niet vanuit een democratische consensus oplosbaar.

Nog nooit heeft een meerderheid ergens in de wereld een verandering veroorzaakt. Daarvoor is het in de menselijke maat onmogelijk om overeenstemming te krijgen. Complexe veranderingen komen door chaos, oorlog, opstand en crisissen of door de interactie en samenwerking van minderheden die de vrijheid nemen om de confrontatie aan te gaan met werkelijkheid en verandering door te voeren. Sustainocratie is een georganiseerde multidisciplinaire minderheid ten behoeve van structurele niet democratische verandering.

Sustainocratie werkt onafhankelijk vanuit een duidelijke en permanente menselijke stip op de horizon en gemeenschappelijke besef dat alleen een gezonde, vitale, veilige, zelfredzame menselijke samenleving in symbiotische samenhang met haar natuurlijke omgeving ook een gezonde democratie oplevert. Management en leiderschap zijn twee totaal verschillende belevingen waar je de gemiddelde mens niet mee kunt opzadelen.

Door Sustainocratie (zie plaatsje hieronder) te aanvaarden in een maatschappij (als gemeenschappelijke drijfveer voor integraal menselijk belang binnen de context van de natuurlijke omgeving) kunnen er multidisciplinaire verbanden ontstaan die de maatschappij vrijwaren van crisissen en voeden met nieuwe innovaties die grote chaos, conflicten en depressies voorkomen. We maken functioneel, evolutionair (niet hiërarchisch) leiderschap onderdeel de maatschappelijke beleving als hoogste vorm van bewustzijn. Hieruit ontstaan dan innovaties die uniek zijn en een nieuwe fase van welvaart en groei in kunnen luiden.

Huidige Parlementaire Democratie: concensus van de meerderheid, eigenbelang, vrijheid, verzuiling, gelijkwaardigheid, economische groei, concurrentie, geldafhankelijkheid, economie, zorg, regelgeving, structuur en organisatie: de wetten van de verdeelde massa (management – controle/beter) – focus op behoud

Sustainocratie: universeel menselijke belang, duurzame symbiose,  universele waarden, waardecreatie, multidisciplinaire samenwerking, permanente toegepaste innovatie, toegepaste kennis, democratie gericht op vrijheid van keuzes en prioriteiten, niet van doelstellingen: duurzame menselijke vooruitgang (leiderschap – visie/anders) – focus op verandering

Sustainocratie en Democratie
Sustainocratie en Democratie

Deze yin-yang achtige relatie tussen democratie en sustainocratie dient elkaar steeds weer uit te dagen zodat de democratie zich permanent moderniseert zonder schade aan te richten aan haar omgeving en met behoud van overvloed voor de bevolking.

Sustainocratie mag dan ook niet geïnstitutionaliseerd worden want dan ontwikkelt het zich ook weer als zichzelf instant houdende structuur. Het dient een functionele beweging te zijn die zich voedt vanuit de noodzaak van aanpassing (niveau 3 van bewustzijn) en symbiose tussen mens en de natuur (niveau 4) dat door alle kernpartijen van de maatschappij gedragen wordt. Het leiderschap in Sustainocratie wordt aangestuurd door de omstandigheden van lokale duurzame stabiliteit behoeften (zie hieronder). Het wordt door initiatiefnemers opgezet die niet de baas zijn maar uitnodigen tot de coöperatieve co-creatie vanuit de 5 kernprincipes van harmonie tussen duurzame menselijkheid en natuurlijke omgeving.

  1. Gezondheid
  2. Veiligheid
  3. Welzijn
  4. Toegepaste kennis
  5. Zelfredzaamheid

Alle 5 de thema’s zijn inhoudelijk gebaseerd op de kern van evolutionaire duurzaamheid. Als deze kernfactoren goed worden behartigd zorgen ze voor de juiste integrale vernieuwing. Deze leidt dan weer tot optimale groei en concurrentieperspectieven in de maatschappelijke dynamiek en economische daadkracht zonder onnodige confrontaties met andere groepen of kosten met risico’s door gevolgen. Het geeft dienstbaarheid vanuit innovatiekracht.

Sustainocratie is daarom een noodzakelijke aanvulling op de huidige parlementaire democratie, die deze van een duidelijke stip op de horizon voorziet van menselijkheid waar weer allerlei belangen aan kunnen worden ontleend. Sustainocratie in tegenstelling tot democratie dient niet gefinancierd te worden, alleen opgestart met een minimum aan startkapitaal als katalysator. Dit kapitaal dient alleen om van de maatschappelijke partners het vertrouwen te krijgen door hen middelen te tonen waar men voor gaat samen werken. Die middelen worden als katalysator ingezet.  Sustainocratie is een waardecreatie instrument dat zichzelf bedruipt uit de coöperatieve resultaat gedrevenheid. Waarden die zich bevestigen worden in de economie opgenomen en uitvergroot. Daarvan is een deel voor de vervolgstappen van de Sustainocratie juist omdat Sustainocratie zich altijd in de toekomst plaatst met terugwerking naar het heden. Het is even wennen aan de plek die Sustainocratie in neemt maar daar waar het functioneert zijn de vruchten al zichtbaar.

Sustainocratie is niet democratisch omdat het van algemeen erkend belang is waar altijd voor gekozen dient te worden. Het wordt wel democratisch uitgevoerd in de prioriteitstelling en keuzes van het moment.

Sustainocratie wordt uitgevoerd door minderheden die bereid zijn vanuit menselijk perspectief de eigen professionaliteit en autoriteit te koppelen aan het algemene belang. Het zijn stuk voor stuk mensen met passie voor de mens en menselijke vooruitgang, waarbij ook machtsposities functioneel zijn voor het bereiken van de juiste resultaten.

Precedenten

AiREAS (gezondheid en omgevingskwaliteit), VE2RS (zelfredzaamheid en wederkerigheid met de omgeving) en STIR (bewustzijnontwikkeling en toepassing) zijn concrete voorbeelden van Sustainocratische initiatieven die de democratie aanvullen met een innovatieve dynamiek die voortkomt uit geheel eigen drijfveren (stip van duurzame menselijkheid) anders dan de parlementaire democratie (behoud, groei, concurrentie, welzijn en reactie op gevolgen).

Positionering van Sustainocratisch Ondernemen
Positionering van Sustainocratisch Ondernemen