Spanningsveld, mens en beleidcontrast

In dit artikel wordt gekeken naar het spanningsveld tussen twee parallel lopende werelden, die van de natuurlijke mens en van het functioneren van een modern maatschappij systeem. Dit spanningsveld levert positieve interactie op maar kan ook leiden tot crisis. Op dit moment zijn we in crisis en wordt het spanningsveld groter omdat het systeem en de mens voor hetzelfde probleem tegenstrijdige oplossingen bedenken.

In dit plaatje geef ik twee werelden weer die met elkaar een noodzakelijk spanningsveld beleven, de natuurlijke wereld en de onnatuurlijke wereld.

Het spanningsveld bepaalt vooruitgang of crisis
Het spanningsveld bepaalt vooruitgang of crisis

De “natuurlijke” wereld is die van moleculen, levensvormen, natuurlijke omgeving, evolutie, enz waar ook de mens een biologisch en evolutionair onderdeel van is. De mens functioneert in groepsverband en hanteert daarbinnen allerlei zelfbedachte mechanismen die op zich ook een evolutie en leerproces doormaken. We noemen dit “het systeem” omdat het instrumenten omvat waaraan door de mens bedachte economische en politieke waarden worden gehecht. Dit systeem is “onnatuurlijk” en dient zich af te stemmen op de mens en omgeving met het oog op scheppen van bepaalde harmonieuze rust en zekerheden. Zonder het systeem zou de mens een losgeslagen element zijn op zoek naar eigen individuele zekerheden middels onderlinge concurrentie en een zekere Darwinistische chaos.

Dankzij het systeem ontstaat een cultuur waarin de mens zich ordent volgens eigen opgestelde regels. Het systeem heeft echter de tendens een eigen leven te gaan leiden waardoor de afstand tot de menselijke natuur groeit en een spanningsveld laat zien die uitmondt in crisis. Teveel systeem is dus ook niet goed. Nu zien we dat het systeem zekerheden heeft opgeleverd maar ook lokale en wereldwijde vervuiling, verkeerde infrastructuur keuzes, ramp-scenarios, menselijke vervreemding, migraties, de angst voor de ander, vereenzaming, verstedelijking, individualisering, enz. Het spanningsveld levert dus een constante en boeiende interactie op die wij vooruitgang noemen door de constante stress tussen zekerheden en onzekerheden, menselijkheid en onmenselijkheid.

Vier grote aandachtsvelden

In het leerproces over de omgang met deze twee contrasten zien wij de interactie tussen het DOEN (organiseren, structureren, produceren, systeem) en ZIJN (ethiek verantwoordelijkheden, (natuur)bewustzijn, mens) waardoor er vier grote aandachtsvelden ontstaan: groei (afhankelijkheid cultuur), chaos (crisis ), aanpassing (menselijkheid) en symbiose (evenwicht tussen systeem en menselijkheid).

Natuurlijke evolutie
Natuurlijke evolutie

Het hele verhaal wordt complexer doordat wij vanuit “het systeem” hebben leren denken in termen van uitsluitend geld en economie. Onze maatschappij beperkt haar systeemdenken door in financiering te redeneren vanuit geldgedreven transacties (consumptie). Want daarover wordt belasting geheven waar weer systeemzaken uit worden betaald,   en bedrijfswinsten geboekt om vervolgens deze transactie wereld verder te stimuleren. Omdat tegenwoordig de gevolgen van dit economische systeem op de natuur en natuurlijke mens zo groot zijn geworden is de economie van die gevolgen ook enorm stijgend.

De gevolgen economie overtreft de primaire economie
De gevolgen economie overtreft de primaire economie

Door de groeiende crisis in de transactie en gevolgen economie is er een enorme stress gekomen in het gehele systeem. Daarboven op komt het economische systeem dat ook nog eens een schuldenlast hanteert op gebruikte materiële middelen. Omdat men van binnenuit het systeem uitsluitend redeneert aan de hand van economische prikkels komt men tot twee problematische maatregelen:

  • Men wil de transactie economie zo snel mogelijk herstellen en laten groeien
  • Men wil kosten besparen op de gevolgen economie (zoals de zorg).

In deze enorme systeemstress vergeet men “de mens” en “de natuur” waardoor het spanningsveld tussen beiden werelden alleen maar groter wordt. Een mooi voorbeeld kunt u zien in dit recente interview met wethouder Lenie Scholten van Eindhoven. Zij gaat over het zorgbeleid en zit midden in die economische systeemstress.

Wat we in het filmpje constateren is een beleid dat gebaseerd is op het voor een deel robotiseren van de zorg met het oog op besparingen op arbeidskosten. Voor een stad als Eindhoven is dit misschien geloofwaardig wegens de hightech cultuur van de stad, Brainport en de Technische Universiteit. Ook vanuit de transactie economische gedachten kunnen argumenten deze ontwikkeling onderbouwen, zeker als wij ons baseren op de systeemafhankelijkheid van de mens met bijbehorend economisch groeisysteem in een vergrijzende omgeving.

Daar is niets mis mee, geredeneerd vanuit die denktrant die zich positioneert in het systeemgebied van “groei zonder menselijkheid” van het van doen en zijn. Elke technologisch innovatie met bijbehorende diensten is natuurlijk een “product” dat aangeschaft wordt als transactie en op die manier ook weer via de belastingen bijdraagt aan de overheid economie. Op zich een prima gedachten als je midden in dat “systeem” zit. De kosten worden afgedekt met de middelen uit belasting.

Geredeneerd vanuit de menskant is het anders
Binnen de wereld van biologische werkelijkheden is de mens enorm gebaat bij groepsdynamiek. De kern van menselijke vooruitgang is het gezin en de familie. Het is gebleken dat “elkaar helpen” genoegdoening schept en zingeving verschaft aan grote bevolkingsgroepen die anderszins maar lastig actief zouden zijn op de arbeidsmarkt. “Zorg” was lange tijd een interactie tussen generaties waarin de overdracht van culturele waarden even belangrijk waren als het opvangen van kinderen. Grootouders hadden autoriteit die in de familie respectvolle relaties gaf. Dit is grotendeels verdwenen en ondergebracht in systemen zonder warmte, waarden, respect noch generationele expertise.

Niet alles hoeft geprofessionaliseerd te zijn zoals men dat nu heeft georganiseerd vanuit een puur systeem gedreven economisch oogpunt. De mens is verworden tot een opsomming van gefragmenteerde acties die allemaal ge-economiseerd kunnen worden door er een belastbare tijdbesteding, robot of prijskaartje aan te hangen. Denk aan acties zoals wakker worden (medicijn), opstaan (dienstverlening en controle), persoonlijke hygiëne, aankleden (elk kledingstuk per sok, kous, spelt, enz), gezelschap, entertainment, koffie zetten, licht aan, licht uit, schoonmaken, toilet, en dan het hele proces andersom. Hoe individueler des te groter het economische belang en de macht van de systemen. Integrale afhankelijkheid ontstaat dan van systeembelangen, met erachter ook hele optimaliseer processen, netwerken en bureaucratische programma’s die men moet handhaven en uitbreiden en die niets meer met de mens te maken hebben. Ze gebruiken de natuurlijke mens als object. Dat is de basis van de huidige crisissen.

De individu is doelwit van processen waar elke vorm van zingeving, waarde en menselijkheid uit is verdwenen. Zorgverleners in het huidige systeem die, exclusief reistijd, 7 minuten de tijd krijgen om bij iemand met overgewicht de sokken aan te trekken, worden geconfronteerd met een medemens die gewoon even een praatje wil maken. Als het aan het systeem ligt wordt daar ook weer een praatrobot voor bedacht maar aan de menselijke warmte wordt niet gedacht. De vereenzaming van de ouderen wordt opgevangen door een efficiënt systeem gericht op taken die de noodzaak van menselijke interactie steeds verder op de achtergrond brengen. Recent werd bijvoorbeeld een 60 jarig huwelijksfeest in een gewone flat georganiseerd waarbij alle flatbewoners waren uitgenodigd. Voor enkele ouderen was de drempel van angst voor andere mensen zo groot dat zij een week lang in de zenuwen hadden gezeten over het feest. Daar zijn geen robots voor, die veroorzaken juist het probleem dat onzichtbaar blijft voor het systeem door inherente onmenselijkheid.

Intermenselijke verbanden zijn gebaseerd op gewoonte, behoefte en gelegenheid. Als de behoefte en gelegenheid weggenomen wordt door het als inkoopproduct beschikbaar te stellen verdwijnt de gewoonte en ook de gedragsdynamiek. Men raakt geïrriteerd, intolerant en asociaal naar elkaar. Er ontstaan perverse gedragsstoornissen die door een effectieve “zorg”alleen maar worden aangewakkerd en uitvergroot, hetgeen weer aanleiding is voor wethouders en systeemlobbyisten om meer geld te vragen voor het zorgsysteem.

De persoonlijke lokale werkgelegenheid in productie wordt onderuit gehaald en ondergebracht in productiviteit die ongetwijfeld grotendeels in fabrieken van China en India wordt uitgevoerd. De gecentraliseerde dienstverlening is gebaseerd op statistieken, knopjes, toeters en bellen zonder menselijke interactie terwijl de bevolking gemiddeld steeds ouder wordt en steeds meer als kasplantje wordt behandeld en vereenzaamd.

De huidige economie vertoont al gigantische tekorten wegens de zorgstaat en niemand weet nog hoe men het kan opbrengen. Het gaat er niet om of we de robots wel of niet kunnen betalen. Die vraag stellen we ons ook niet over de stofzuiger, vaatwasser of wasmachine. Het gaat erom in hoeverre de maatschappij de last van onmenselijkheid op psychisch, lichamelijk, spiritueel, sociaal en financieel niveau aan kan zonder aan zichzelf ten onder te gaan?

Spanningsveld
Het contrast is groot als we beide werelden naast elkaar leggen. In de huidige maatschappij ligt er een zekere macht en autoriteit bij de overheden die vanuit de eenzijdige systeembenadering redeneren en de instrumenten van techniek, politiek en economie hanteren. Vaak vraagt men aan de Stad van Morgen waarom wij geen politieke partij vormen? Het bovenstaande geeft aan dat dit onmogelijk is. De natuur en de biologische mens trekt zich niets aan van geld of politiek. Mensen krijgen diabetisch, kanker of hartziekten of een wethouder nu robots bedenkt, geld vrijmaakt of uitsluitend redeneert vanuit gevolgen. De natuur is niet voor de gek te houden en gezondheid, veiligheid of zelfredzaamheid zijn natuurlijke bronnen van productiviteit, interactie en creativiteit die door het systeemgeweld alleen maar worden verziekt en daarna omringt door systemen. Dat levert altijd crisis op en onhoudbaarheid. Vandaar dat wij de kant van de natuurlijke mens kiezen en trachten het spanningsveld te minderen door de interactie aan te gaan met het systeem middels de toepassing van bewustzijn en kennis.

Dat is ook de reden waarom wij coöperaties opzetten waar alle partijen in vertegenwoordigd zijn om vanuit de mens naar het systeem te redeneren in plaats van eenzijdig vanuit het systeem naar de mens. De keuze van de wethouder wordt dan genuanceerd en onder druk gezet door experimenten te voeren die de menselijkheid als uitgangspunt nemen en niet uitsluitend systeeminstrumenten. We vermijden op die manier de confrontatie tussen mens en systeem die onvermijdelijk gebeurt wanneer het te laat is. Een modern maatschappij positioneert zich op de punt van symbiose. Dit betekent ook dat de mens en maatschappij een balans dienen te zoeken tussen natuur en systeem. Dat kan alleen als deze op gelijkwaardige basis met elkaar schakelen en niet hoeven te polderen over menselijk belang ten opzichte van systeembelang. Zowel systeem en mens zoeken dan het hogere menselijke doel van gezondheid en zelfredzaamheid waarbij toegepaste technieken een onderdeel zijn van het instrumentarium maar niet om de mens afhankelijk te maken maar de mens te faciliteren in haar levensgenot. Samen, liefde, gemeenschap, generaties en geven aan elkaar is van evolutionaire belang en kan niet zomaar weggepoetst worden door geldbelang. Het is een menselijke verantwoordelijkheid die we uit gemakzucht wel eens vergeten maar vroeg of laat ons met de neus op de feiten druk. Robots, net als de overheid als instelling, zijn een instrument van de mens voor de mens, en niet andersom. Dan pas heerst er stabiliteit, vooruitgang en harmonie. Dat komt alleen tot stand door de samenwerking in plaats van confrontatie tussen tegenstellingen op zoek naar compromis met menselijkheid als uitgangspunt.

Daarom wordt de bestuurders in de overheid en het bedrijfsleven vanuit hun eigen menselijkheid lid van Sustainocratische samenwerking. Zo kan men het systeemdenken nuancering met menselijkheid en het spanningsveld positief krijgen en houden.

Miljoenennota 2013 – een doorbraak of zinkend schip?

Voor het eerst in jaren is mijn voorspelling voor Prinsjesdag niet uitgekomen en daar ben ik redelijk blij om.  In voorgaande jaren kon ik mij er gemakkelijk van afmaken door te voorspellen dat op Prinsjesdag er weer een begroting zou komen met een stijging van 6%. Dat kwam steevast op de halve Miljard verschil uit. In dit plaatje van vorig jaar laat ik het zien:

prinsjesdag 2003 tot en met 2012
Prinsjesdag 2003 tot en met 2012

In ruim 10 jaar tijd gingen de overheid uitgaven steevast met 6% omhoog hetgeen een verdubbeling betekende in 11 jaar tijd!! Schrikbarend als we ons bedenken dat wij samen die kosten op moeten brengen en er naar verhouding maar bar weinig voor terugkregen. Hoe brengen we de vele Miljarden op?

4 grote lijnen:

  • Consumeren: Dat is te zien aan de BTW dat een aantal jaren geleden de grootste inkomstenpost werd van de overheid. Het is de belasting die wij betalen over de goederen die wij inkopen. Daar kunnen we de accijns ook aan toevoegen.
  • Werken: Dat zien we aan de Inkomsten Belasting die ingehouden wordt van ons loon.
  • Geld verdienen:  Dit bedrag komt terug in de Vennootschap Belasting die geïnd wordt over de winst van de bedrijven
  • Gasbaten: De inkomsten van Nederland over de verkoop van gas uit eigen bodem.

De overheid stuurt het land dus aan op basis van deze parameters. Met deze inkomsten kan men het ambtenaren apparaat betalen, de benodigde infrastructuur, de scholing, de politie, de zorg, zekerheden en de rente over staatsleningen.

Transactie economie
In feite draait alles om de belastbaarheid van het heen en weer schuiven van producten en diensten (transacties) met de arbeid en winst die eraan verbonden wordt. We zien diezelfde basisdynamiek ook terugkomen in de zogeheten “gevolgeneconomie” die zich ontwikkelt rond de kosten van de samenleving en de consequenties van deze op levensstijl, de mens, het milieu en de maatschappelijke organisatie.

Die gevolgen zetten juist onze wereld op zijn kop:

De gevolgen economie overtreft de primaire economie
De gevolgen economie overtreft de primaire economie

De opeenstapeling van crisissen die wij de laatste 10 jaar hebben meegemaakt, met een doorslaggevend dieptepunt in 2008 (kredietcrisis), toont ons nu dat de gevolgen door blijven lopen terwijl die transactie-economie structureel blijft haperen.

De overheid heeft met kapitaalinjecties, mooi weer verhalen en redding van banken nog jarenlang geprobeerd om ons aan te zetten tot het aanschaffen van kapitaalgoederen (huis, auto) waarop een belangrijk deel van de economische luchtballon dreef, maar het mocht niet baten. De bomen groeien niet tot aan de hemel. Maar die gevolgen groeien maar door.

Doorbraak 2013?
Voor het eerst zien wij in de miljoenennota 2013 een trenddoorbraak waarin de overheid haar gevecht heeft opgegeven om het verleden in stand te houden met bijbehorend verzet tegen verandering. Den Haag begint tekenen te vertonen van besef van de veranderende werkelijkheid en dat geeft ook ons (voorop lopers in de transformatie economie)  het prille vertrouwen dat we misschien ooit ook samen kunnen werken met de centrale overheid en niet alleen met de gemeentes en provincies. Tot op heden waren het twee volstrekt gescheiden werelden.

Wat is dan die doorbraak 2013?

Miljoenennota
Miljoenennota 2013

Het eerste wat natuurlijk opvalt is de veelbesproken besparing. In 2012 werd nog een nota gepresenteerd met de traditionele 6% verhoging ten opzicht van het jaar daarvoor. Dit jaar is de verhoging er niet. De absolute hoogte van overheidsuitgave anno 2014 is nagenoeg hetzelfde als 2013.  Dat is betekenisvol omdat duidelijk de overheid uitgaven bevroren zijn in absolute zin. Binnen de inhoudelijke details is er dus enorm geknok ontstaan om de zaken “anders” te gaan doen, vaak ten kosten van allerlei afhankelijke mensen en structuren door besparingsdrang in plaats van verandering zelf. Het dwingt die structuren wel tot kritische zelfbeschouwing. En dat is een begin.

Wat ook opvalt is het verschil tussen de inkomsten en uitgaven. De economie draait onvoldoende en ondanks de bevriezing van de traditionele 6 % verhoging is er een belangrijk gat. Dat drijft de staatsschuld omhoog met bijbehorende rentelasten. Dat is geen gezond beeld.

En dan is er nog die “zorgstaat” dat meer dan 50% van de begroting opslokt. Een goed functionerende staat faciliteert vooruitgang door maatregelen waardoor de bevolking optimaal voor zichzelf kan zorgen. We zien hier de omgekeerde wereld met een totaal verkeerde positionering van de functies van een moderne staat. De staat is geen instituut maar en samen-leving, een soort coöperatie waarin kerntaken onderling zijn verdeeld. In deze maatschappij is de staat de overheid, de burgers zijn de financiers via consumptie zonder dat er verantwoordelijkheden tegenover staan. De overheid kan die wel af proberen te dwingen door druk op werkgelegenheid en arbeidsbemiddeling maar dat komt al snel overeen met een nationaal strafkamp zonder intrinsieke motivatie. De gevolgen zijn uitgedrukt in de gevolgen-economie.

Maar voor Den Haag is dat allemaal “geld” zonder psychologie noch spiritualiteit. De gevolgen van onze consumptie gedreven economie gaan onverminderd door en hebben weerslag op de mens, de levensverwachting, het gedrag, het milieu, ons welzijn, enz. Die kosten kunnen nergens meer op worden verhaald nu de zorgstaat omvalt. Dus praat de minister president over een “participatie maatschappij”, los van alle zorgzaamheid die nu onttrokken wordt door de overheid. Er worden verantwoordelijkheden, die in het verleden door de overheid waren opgenomen, teruggelegd bij de bevolking.

En verantwoordelijkheid gaat niet om geld. Dat draait om waarden. Die koop je niet maar worden gecreëerd. “Participatiemaatschappij” is dan het verkeerde woord want in feite participeren we altijd al, of het nu is als financier door consumptie en arbeid of door de problemen voor onze kiezen te krijgen als het fout is gegaan. Wat het kabinet eigenlijk wil is een “initiatief-neem-maatschappij”. Maar dat gaat niet zomaar. Je kunt wel los willen laten maar we hebben generaties lang de bevolking in afhankelijkheid opgevoed en aan het overheid infuus gehangen. De regering wil besparen maar tegelijkertijd dient ineens de hele maatschappij te transformeren. Wil de regering die transformatie wel?

Het is lastig voor de centrale overheid. Hoe laat je de oude zorgtaken los, met bijbehorende machtsposities en structuren? En hoe stel je jezelf faciliterend op zonder dat er in belastinginkomsten op achteruit te gaan? De belastingen houden dan wel een grote bureaucratie in stand maar zijn ook de basis van de overgebleven zekerheden van grote groepen mensen. Hoe doe je zoiets zonder ook je partijbelang onherstelbaar te schaden in de stembus?

Dat kan geen van allen! De verandering gaat ten kosten van het verleden en er vallen slachtoffers. Kan de centrale overheid dat alleen? Nee, natuurlijk niet want die oude sturing systemen zijn vastgeroest na 150 jaar gebruik, wortel schieten en verankering.

Belangrijk is dat de losse schroeven van het kabinet en onze maatschappelijke structuur zelf zichtbaar zijn geworden. Men is noodgedwongen in een transformatie terecht gekomen en dient zich open te gaan stellen voor alternatieven. Dat dit proces gepaard gaat met de nodige innerlijke schermutselingen moge duidelijk zijn. We leven per slot van rekening in een verzuilde democratische structuur waarin eerste alle kalveren én koeien verdronken moeten zijn voordat men niet de put dempt (alle belangen rond een open put lobbyen gewoon door) maar overweegt een nieuwe te slaan op basis van ervaringen en parlementaire commissies. Het schip lijkt meer lekgeslagen en gestrand dan zinkende. Op een gestrand schip wacht iedereen op nieuw hoog water. Een zinkend schip wordt verlaten en met leert weer zwemmen.

De eerste tekenen van echte verandering zijn nu zichtbaar maar men roert nog steeds in het 150 jaar oude Thorbecke pannetje. Als de inkomsten dan niet uit auto’s en huizen komen dan zoekt het kabinet heil in het verhogen van de belasting op consumptie en gebruik. Men gaat ervan uit dat de consument evenveel blijft consumeren en daardoor de belastinginkomsten stijgen. Maar dat is natuurlijk niet zo. Als men niet consumeert dan gaat er arbeid verloren, gaan de gevolgkosten omhoog en schrijdt de crisis voort tot uiteindelijke chaos. De overheid laat los maar niet voldoende. Men stuurt nogsteeds met dezelfde middelen.

Conclusie
De belangrijkste conclusie die we kunnen verbinden aan Prinsjesdag 2013 is dat het kabinet eindelijk het verleden voor een belangrijk deel heeft losgelaten. Beter laat dan nooit zeggen we dan maar. De bevolking zal het maar moeilijk begrijpen terwijl we ons vaak afvragen of de regering zelf wel begrijpt waar ze naar toe wil? Besparingen enerzijds en de verandering van belastingstromen zijn de belangrijkste beleidsaanwijzingen. Maar dit mist elke vorm van creativiteit en opening voor vernieuwing. Of dat achter de schermen er wel is vragen we ons af.

De toekomst verlangt nog veel meer van ons maar dat ligt niet alleen aan Den Haag. Initiatiefname is essentieel, niet uit participatiedrang maar vanuit het besef dat zelfleiderschap beter is dan afhankelijkheid van een instortend systeem. Uiteindelijk werkt natuurlijk de gecreëerde opening van de alom aanwezige overheid mee. Maar die overheid is steeds kouder en materialistischer in haar geldnood terwijl de huidige maatschappij juist menselijkheid verlangt. Dat kan het systeem niet opbrengen waardoor het lijkt of de premier vraagt om participatie in het begrip voor de onmenselijkheid. Dat komt er niet en het onbegrip zal alleen maar groeien.

Wij mensen onder elkaar kunnen die menselijkheid wel opbrengen maar dan niet met de bevriezende adem van een belasting en schuldstaat in ons nek. Hopelijk beseft de overheid dat op termijn ook en laat het haar dictatoriale koude materialisme enigszins varen. Dat  hoeft zeker niet door met geld te gaan smijten en oude afhankelijkheden in stand te laten houden. Dat kan vooral door levend lab constructies toe te staan, te stimuleren en faciliteren, transformatiefondsen (anders dan investeringsfondsen) in te stellen en nieuwe waarden zich eerst te laten consolideren voordat men de belastinghamer er weer op loslaat.

Tot slot
In mijn openingszin zeg ik dat ik “redelijk” blij ben. Dat is al een wereld van verschil vergeleken met al die jaren dat ik mij publiekelijk ergerde aan die regeringen die maar blind vast bleven houden aan het verleden. Ik zie prille openheid tot verandering en dat maakt mij blij. Waar ik nog vele honderden slagen om de arm bij houd is de manier waarop de centrale overheid zich nu ontwikkelt tussen koude dwang en warme bevrijding. De blauwdrukken van transformatie zijn al in ontwikkeling in ee maatschappij en worden toegepast buiten Dem Haag om, maar het Thorbecke systeem blijft nog veelal een rem en geen gaspedaal. De dag dat Den Haag (actief!) lid wordt van bijvoorbeeld Sustainocratie zou ook voor Den Haag een opluchting zijn. Wie weet komt dat nog als ook het vertrouwen dat buiten de regering ook oplossingen te vinden zijn. Vooralsnog is mijn negativiteit veranderd in “the benefit of the doubt” hetgeen al een betere basis is voor de toekomst.

Sustainocratie is een transformatieve toevoeging waar de overheid aan deel kan nemen. Het veroorzaakt de transformatie van de economie parallel met de maatregelen in de oude structuur. Toepassing verlangt durf en bereidheid tot een coöperatieve samenleving.

Wijs door ervaring

image

Vandaag werd ik verrast door een oude tractor in het midden van Eindhoven die ook nog eens midden op straat geparkeerd stond. Er achter hing een kar vol spreuken alsof de studenten bierwagen getransformeerd was. “Wijs door ervaring” stond er groot op de zijkant. Al met al een fraaie (eigen)wijze vertoning van opvallende dienstverlening vol vrolijke kritiek en boodschappen.

Ik werd al roepend aangesproken door een man in overall die uit een huis kwam. “Wil je een kijkje nemen binnen?” vroeg hij met een smeuïg Brabants accent.  “Allemaal gecertificeerd werk” zegt ie terwijl de aanhanger opende.

De inhoud was al even spectaculair als de buitenkant. Een en al schroef, draad en spullen, een reizende marskramer van loodgieter en elektrische reparaties. Het deed mij denken aan de vroegere dorpsreparatie werkplaatsen waar je alles kon vinden dat zelfs overgrootvader allang vergeten was. Natuurlijk vroeg ik hem om op de foto te gaan.

Frans van Och - ZZP - 66 jaar
Frans van Och – ZZP – 66 jaar

“Ik ben hiermee begonnen om uit die bijstand te komen” zei hij. Met een vrolijk kritische stem vertelde hij dat hij geen werk meer kon vinden en die bijstand lui zat was. Hij geeft lekker af over burgemeester en wethouders die hem ook al uit zijn huis willen hebben “omdat ze toch miljoenen willen verbrassen die niet van hen zijn. Mee de grond in heien moeten ze die lui”. Dus was ie gaan klussen. Nu is hij 66 en zelfredzaam als zelfstandige professional waar het zelfbewustzijn van afstraalt. Een echte ZZP-er (zelfstandige zelfbewuste professional). Deze man maken ze niets meer wijs.

Ondertussen loopt de vrouw naar buiten waar hij was geweest voor een klus. “Een vakman is het”, vertelt ze me nog. Ze is een vaste klant geworden van deze man “die er pas mee ophoudt als ze hem onder de zoden stoppen”. Een mooi voorbeeld van een knokker die zich niet laat kisten. Een ondernemer van zijn eigen leven.

http://www.ochgtd.nl

Eindhoven wereldhoofdstad cultuurverandering

“We zijn het niet geworden” klonk het teleurgesteld in het wereldje van bepaalde kringen toen Eindhoven de titel van cultuurhoofdstad 2018 aan haar neus voorbij zag gaan. “Eindelijk weer tijd voor gezond verstand” klonk het in de vele andere wereldjes. Want laten we wel wezen. Waar heeft Eindhoven die titel voor nodig? “Wat doen we nu met die vrijgemaakte miljoenen” klonk uit de mond van enkele gewetenloze elementen die gewend zijn om met het schijnbaar onbeperkte vermogen van andere mensen te smijten. Zo zit het echte Eindhoven niet in elkaar.

De cultuur van Eindhoven is die van verandering. De permanente zelf-reflectieve aanpassing aan een veranderende werkelijkheid. We zijn een relatief kleine stad in het Nederland dat omringd wordt door een grote mensenwereld. Als de wereldkaart op een bepaalde manier neerlegt kun je ons zelfs bezien als het centrum van de wereld. Maar we zijn geen havenstad, geen regeringsstad, geen Den Haag, Rotterdam of Amsterdam. Ook geen Parijs, Rio de Janeiro, Sjanghai of Las Vegas. Wij zijn Eindhoven!

Niet de 5e op de ranglijst van grootste steden in het land maar onze eigen nummer 1 op gebied van wereldwijde cultuur en economieverandering door transformaties.  Wij hebben er ons stad en regioberoep van gemaakt om toegevoegde waarde te leveren aan de wereld door onszelf steeds proactief aan te passen aan de veranderende werkelijkheid. Dat kost pijn en moeite maar het transformeren zit in onze regionale genen. We hebben het zelf meermalen gedaan en doen het weer als het moet. Totdat we tot het besef komen dat die transformaties juist onze identiteit hebben geschapen en aanzien in de wereld.

Nu staat de rest van de wereld voor allerlei transformaties en kunnen we ons vermogen ook dienstbaar ontwikkelen als economie.

Dat kan op niveau van product en techniekontwikkeling (Brainport) of Design. Maar dat kan ook op gebied van transformaties van integrale zaken zoals het functioneren van de stad in een nieuw tijdperk, het centraal stellen van de evolutie van de mens (Sustainocratie) of het bewust zoeken naar harmonie met onze natuurlijke omgeving ( AiREAS, The Natural Step), enz. We hebben het allemaal.

Global issues, local solutions, global application

De huidige wereldmaatschappij wordt gekenmerkt door de grootste uitdagingen ooit voor de mensheid. Wij worden vooral geconfronteerd met onszelf. We komen voort uit een industrieel tijdperk waarin we geleerd hebben om producten massaal te vervaardigen en ze wereldwijd te verhandelen totdat er enorme economieën ontstonden. We hebben technieken ontwikkeld om dit efficiënter en grootschaliger te maken. Ook werd er gewerkt aan de psychologie van de mens via marketing technieken om zo veel mogelijk te willen consumeren. De transactie economie evolueerde van lokale productiviteit naar wereldwijde machten rondom productie, distributie en consumptie.

Over elke transactie wordt geld verdiend in de vorm van bedrijfskundige winst. En belasting geheven voor de ontwikkeling van faciliterende infrastructuur en maatschappelijke structuren rondom werkgelegenheid en sociale zekerheden. Maar nu wordt de belasting ook geheven om de gigantische gevolgen van de transactie economie het hoofd te bieden. Opwarming van de Aarde, vervuiling, klimaatverandering, stijgende zeeniveaus, migraties, “de angst voor de ander”, enz. enz.

De Staat kan zelf niet transformeren

 

Het geeft allemaal weer dat er zaken moeten veranderen die in die transactie economie geen verandering kunnen vinden. Ook de politiek heeft haar oorsprong in de verzuiling rond economische en transactie belangen en is amper tot niet in staat om anders met de werkelijkheid om te gaan. De politieke democratische vertegenwoordiging is niet bij machte om verantwoordelijkheid te nemen voor consequenties als haar politieke oorsprong  en staatshuishouding juist voortkomt uit de probleemveroorzaker. Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat de Staat wel in staat is tot zelfreflectie maar niet tot zelftransformatie. De transformatie komt altijd van buitenaf, door een alles vernietigende crisis of een beter alternatief. In Eindhoven ontstaat het betere alternatief door LID te worden van de transformatie economie (verandering) en die toe te passen op onszelf.

Eindhoven is een zelfbewuste coöperatie, niet alleen overheid

Eindhoven is geen Staat, geen industrieel bolwerk noch een logistiek centrum. Daar hebben we vleugjes van meegepikt toen die werkelijkheden overheersten. Maar nu overheersen geheel andere zaken, gigantische wereldse uitdagingen die door de gevestigde orde niet opgelost kunnen worden. Eindhoven is een flexibel bolwerk van vernuft, samenwerking en toegevoegde waarde. Eindhoven is een waardengedreven coöperatie gericht op welzijn, leefbaarheid en duurzame menselijke vooruitgang door toegepaste innovatie en creativiteit.

Als de wereld transformatie nodig heeft dan ontstaat de economie van de transformatie hier, in deze stad en regio, niet door het te verkopen maar allereerst door de transformatie zelf te zijn en dan van de ervaringen een wereldeconomie te maken.

Het is niet verrassend dat Sustainocratie in Eindhoven een juiste voedingsbodem heeft gevonden. Het is ook niet verrassend dat de Stad Eindhoven beseft dat zij niet alleen bestaat uit overheid. Zowel de overheid, bedrijven, burgers en wetenschap zijn allemaal samen LID zijn geworden van de eigen transformatie noodzaak en economie ontwikkeling door AiREAS te omarmen als eerste wereldwijde stap een gemeenschappelijke transformatieve uitdaging (gezonde stad). AiREAS is uniek en maar een begin. Het is een economie van transformaties die in Eindhoven haar wortels vindt maar tevens ook de transformatie van economieën veroorzaakt door een integrale, onbevangen en onbevooroordeelde aanpak waarin de mens en milieu centraal staan.

In dit download document kunt u het nog eens uitgebreid nalezen en zich eigen maken. Het is de werkelijkheid van Eindhoven waardoor we geschiedenis schrijven zonder dat er een “commissie” aan te pas komt. Wat wij als Eindhoven zijn bepalen we zelf.

GemeenteSustainocratie (1)

Eindhoven is dus misschien geen culturele hoofdstad in 2018 geworden door besluit van een externe commissie maar wel wereldhoofdstad cultuurverandering en transformatie economie NU en minstens voor de komende 30 jaar vanuit onze eigen intrinsieke motivatie en gedurfde daadkracht!

Jean-Paul Close (ideologische grondlegger en praktische uitvoerder Sustainocratie).

Eerste leden VE2RS wijkcoöperatie regio Eindhoven

Logo van VE2RS
Logo van VE2RS

Nu de eerst leden zich hebben aangemeld kan de VE2RS wijkcoöperatie van start in Eindhoven en omgeving. Wat kunt u verwachten?

In algemene zin gaan we experimenteren met het thema “zelfredzaamheid en samenwerking” op gebied van duurzame wijk en gebiedsontwikkeling. Een aantal zaken zijn al lopende:

1. Gemeenschappelijke inkoop van:

  • Energie
  • Stadslandbouwproducten
  • Workshops
  • Lokale recreatie
  • Verzekeringen
  • Mobiliteit

2. Samenwerking op gebied van:

  • Energie productie
  • Verbetering van de woning
  • Verbetering leefbaarheid
  • Stadslandbouw in de wijk en uw tuin
  • Sociale cohesie
  • Wijkprojecten
  • Advies
  • Wijkgezondheid
  • Wijkveiligheid
  • Wijkverduurzaming
  • Wijk-economie
  • Wijk-dienstverlening
  • Activiteiten
  • Wijk-ondernemerschap

Woonachtig in of om Eindhoven? VE2RS zal steeds verder groeien in de wijken en ontmoetingsplekken creëren waar men bij elkaar kan komen.

Lidmaatschap per gezin: 20 € per jaar

Aanmeldingsformulier voor gezinnen of natuurlijke personen, hier.

Ondernemer die graag met coöperaties samenwerkt

Lidmaatschap per MKB/ZP onderneming:  150 € per jaar (na intake gesprek)

Meer informatie voor ondernemers en aanmeldingsformulier hier

Nota bene:

De wijkcoöperatie VE2RS is onder de Stichting STIR (www.stadvanmorgen.com) gestart en groeit. Vanaf het 100-ste lid zal de coöperatie zich notarieel verzelfstandigen. Wijken vormen vanaf 100 leden een eigen zelfstandige VE2RS groep volgens de algemene kaders van deze coöperatie.

Ve2RS heeft sinds 10 september 2013 ook een eigen blog 

Verzorgingsstaat naar Ontzorgingsstaat

Op Zaterdag 3 Augustus kopte het Eindhovens Dagblad “Verzorgingsstaat wordt ‘doe-democratie'”. Het artikel verwijst naar de onbetaalbaarheid van de verzorgingsstaat en de manier waarop veel vrijwilligers al op hun eigen manier vernieuwing brengen door zelf verantwoordelijkheden te gaan dragen in plaats van deze van externe organisaties te verwachten.

Contrast
De verzorgingsmaatschappij heeft een historische opbouw. Het feit dat deze onbetaalbaar is geworden komt door een aantal maatschappelijke keuzes die al zo ver als 1798 terug te voeren zijn toen de eerste grondwet zich ontwikkelde in Nederland. De huidige grondwet dateert van Thorbecke rond 1850. Eind 18e eeuw ging de discussie nog over “gezondheid” wegens de sterfte onder de bevolking door de vervuiling van de industriële activiteiten. Medio 19 eeuw was de discussie veranderd in “gezondheidszorg”.

Dat verschil tussen “gezondheid” en “gezondheidszorg” is essentieel in de ontwikkeling van onze maatschappij. De eerste is proactief (zorgen voor gezonde omstandigheden) in de benadering en de andere reactief (reageren op ongezondheid). Het ging allemaal over de verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid die men kon aanvaarden als overheid. Gezondheid kan men reguleren door maatregelen en voorzieningen rondom ongezondheid. Daaruit ontstond een regeringsapparaat die de ontwikkeling van gezondheid moest afwegen tegen de economische.
Gezondheidzorg werd een overheidtaak in haar dienstbaarheid naar de bevolking om de productiviteit zo hoog mogelijk te houden. Ongezonde mensen zijn een last en gezonde mensen een lust (via de belastingen op productiviteit). Toen na de tweede wereldoorlog ook de sociale zekerheden belangrijk werden om nieuwe oorlogsomstandigheden te voorkomen ontstond de materiële drang om allerlei potjes op te bouwen via belastingen, pensioenen en verzekeringen. Nederland is daarin nog steeds het meest geavanceerde land van de wereld met enorme hoeveelheden geld die samen zijn gebracht door de naoorlogse generaties.

Marktwerking
Die aanpak heeft ons een lange periode van vrede opgeleverd. Ook is de levensverwachting van de bevolking gestegen met ruim 20 jaar!. We kunnen dus niet zeggen dat dit allemaal slecht is geweest. Integendeel.

Wat echter veel lastiger is gebleken is de menselijke natuur. Als iemand een leven lang spaart voor een zorgeloze oude dag dan kun je hem of haar dat niet afpakken. Als die persoon dan 20 jaar langer leeft dan oorspronkelijk werd berekend dan zullen de beloftes afgestemd moeten worden op een nieuwe werkelijkheid. Als de bevolking langer leeft en allerlei kwaaltjes krijgt door de levensstijl die wij hebben ontwikkeld dan gaan de zorgkosten ook enorm omhoog. De overheid heeft steeds meer geld nodig en de volking heeft steeds groter verzorgingsverwachtingen. In een democratie waarin de macht toebedeeld wordt door het in stand houden van een luxe situatie betekent dat de regering maatregelen zoekt die de macht niet schaden en toch de verwachtingen waar maakt. Naar mate de zekerheidspotjes groeiden groeide ook de macht van de bewakers van deze potjes en de relatie met de regeringsmensen.

De bevolking werd rijker in middelen en leefde langer met meer vrije tijd, minder productiviteit en meer zorgbehoeften. De overheid had al het Amerikaanse model overgenomen van individuele consumptie en eigenbelang als belastbaar systeem. Dat leverde een sterk consumptie gedreven maatschappij op maar ook de evenredige ontwikkeling van welvaart kwalen. Ook de productiviteit liep achteruit omdat de bevolking gemakzuchtig werd door alle zekerheid zonder bijbehorend productiviteit besef. Dit wilde men compenseren door te concentreren op kennis in plaat van handvaardigheid. Van het een komt het ander. De inflatie dwong te werken aan een groei economie door consumptie te verhogen en speculatie te introduceren in de kapitaal goederen markt. De salarissen stegen door meer op kennis te focussen terwijl het zorgland ook een logistiek doorschuifland werd. Het leverde allemaal een groei op in belastinginkomsten en ook een sterke afhankelijkheid van de ontwikkelingen in de wereld.

De zorglasten stegen evenredig en moesten omlaag. Zo’n 50% van de staatslast was zorg gerelateerd aan de kant van overheid uitgaven. Men wilde liever de zorg via belastbare kant organiseren. Dat probeerde men via “marktwerking”. Dat wil zeggen dat het zorgsysteem uit handen wordt gegeven aan ondernemers en semi overheid waardoor het middels subsidies en regelgeving kan worden geoptimaliseerd. Dat was de intentie in de jaren 70 maar de werkelijkheid liep heel anders.

De gesubsidieerde zorginstellingen gingen gefragmenteerde hulp verlenen waar elke dienst een eigen economie ontwikkelde met bijbehorende bureaucratie en hiërarchie. De marktwerking op de fragmenten leverde geen besparing op maar juist het tegendeel, een explosieve exponentiële wildgroei aan zorg die langs elkaar heen werkt, ondoorzichtig is en totaal onbeheersbaar. Dat is de situatie van vandaag.

Sinds de kredietcrisis in 2008 is de economische luchtballon kapot. De speculatie op kapitaalgoederen is gestopt en toont een krimp. Daaraan was het vermogen gekoppeld van het land. Om toch door te kunnen gaan deed men een beroep op de staatsschuld maar dat kan niet oneindig doorgaan. Nu al draagt elke Nederlander een schuld via de overheid van 23000€ per persoon. De overheid kan niet anders dan zich stapsgewijs terugtrekken uit de gecreëerde onhoudbaarheid om te voorkomen dat er een hypotheek gelegd wordt op de toekomst.

Gevaarlijke contrasten
De maatschappij wordt uit elkaar getrokken. Dat komt door de drang vande oude hiërarchische structuren om zich via belastingen en geld voor een onhoudbaar deel verplicht in stand te willen houden. Hierdoor wordt alles alleen maar kostbaarder, de lasten van de bevolking verzwaren nog meer en de maatschappij wordt gaandeweg uit elkaar gehaald in minstens drie grote sectoren.

1. De graaiwereld
De bestuurders in die maatschappelijke organisatie hebben zelf geen enkel vertrouwen meer in de toekomst en compenseren hun eigenbelang door torenhoge salarissen te eisen. In die wereld zijn nog vele normale mensen actief die een salaris ontvangen voor hun werk en bang zijn om hun baan te verliezen. Zij zien de betaalde arbeidsmogelijkheden om zich heen alleen maar schaarser worden terwijl ze lasten (hypotheek, schoolgaande kinderen, levensstijl) dragen die hen verplichten mee te gaan in de in stand houderij.

Er zijn ook enorm veel misstanden, profiteurs en boeven actief op alle niveaus in die wereld , die nog even snel een geldslaatje mee willen pikken in de chaos die is ontstaan van bestuurlijke en operationele wanorde. Ondertussen stijgen de maatschappelijke lasten alleen maar onder het mom van “maatschappelijke plicht”, “Europa” en “solidariteit” die de grenzen van de ethische normering allang voorbij zijn. Nu zijn het nog de wettelijke hulpmiddelen van een dwangbestuur dat geen ander alternatief te bieden heeft dan de zorgcultuur op re vangen door een geldgedreven dictatuur en tegelijkertijd “het teruggeven” van verantwoordelijkheden aan de bevolking. Dit laatste onder het mom van kostenbesparing terwijl de druk van de lasten het belasten alleen maar toeneemt. En de onmenselijkheid ook want gaandeweg is de gelijkwaardigheid in de maatschappij aangetast. Alleen als je geld en een betaalde baan hebt tel je mee ook al wordt alles duurder en zwaarder belast.

De andere wereld
Dan is er die andere wereld. De wereld van de onbetaalde vrijwilligers. Dit zijn de mensen die geen toegang meer hebben tot het opgeblazen geldcircuit en nu het heft in handen nemen door zelf maar waarden te gaan creëren zonder dat er een beloning tegenover staat, behalve een “dankjewel”, een bloemetje of een lintje als het uitkomt. Toch moeten deze mensen ook eten, ergens wonen en zich in stand houden in een wereld die alleen toegankelijk is met geld. Zij zijn dan misschien de doeners die zich ontzorgen door zich onafhankelijk op te stellen van een failliete zorgstaat, het wordt er door de verhardende geldomgeving niet gemakkelijker op gemaakt.

In die nieuwe “doe” wereld zien wij dan ook weer twee werelden ontstaan. De eerste wereld is die van vrijwilligers die op een of andere manier (pensioen, uitkering, verzekering, erfenis, oud opgebouwd vermogen) in de geldwereld redelijk ingedekt en zelfredzaam genoeg zijn maar graag hun overvloed aan tijd en energie zinnig besteden door iets toe te voegen waar de behoefte het grootst is. Deze groep komt de noodleidende zorgstaat goed uit natuurlijk want dat vrijwilligerswerk compenseert de gaten die vallen in de oude aanpak. Zo lijkt het alsof alles nog als vanouds functioneert maar dat is natuurlijk niet zo. Deze vrijwilligersgroep is vermogend totdat de koek op is. Hun zekerheden worden ook aangetast door de ten dode opgeschreven, op geld beluste instanties die de lasten opdrijven en op lusten inboeten.

De nieuwe wereld
Dan is er die andere “doe” groep, de mensen die geen rugzakje hebben om op te teren en ook niet in aanmerking komen voor de overgebleven gemakken van een oud overheid of verzekerings infuus. En ook niet meer zomaar terecht kunnen op de arbeidsmarkt. Dat zijn de mensen die proberen (via o.a. de Stad van Morgen) te gaan werken aan zelfvoorziening voor basisbehoeften, zoals voedsel, huisvesting, enz. Het zijn vaak mensen die geen beroep wensen te doen op zwaar gesubsidieerde stichtingen die daklozen moeten helpen alsof het zwervers zijn of een voedselbank alsof ze blij moeten zijn met de afdankertjes van de elite omdat deze vooruitgang blijft blokkeren uit eigenbelang. Deze groep voelt zich behandeld als afdankertjes van een zieke maatschappij en groepeert zich om zelf geheel nieuwe zekerheden op te bouwen.

De mogelijkheden van deze groep zijn beperkt omdat de omringende dwangstructuur nog steeds sturend is op de geldelijke eigen belangen in plaats van deze groep te faciliteren op vernieuwing. De spanning bouwt op tussen de uitersten. Wij zijn een van de meest vermogende landen van de wereld maar ook een waar de vernieuwing zodanig geblokkeerd wordt dat er een drijfzand is ontstaan van armoede waar Nederland langzaam in wegzakt. Niemand laat zich zomaar opofferen door een geldstaat die dwang uitoefent waar de redelijk weg is. Dan is de opstand nabij.

Van verzorging naar ontzorging
Als we naar het bovenstaande verhaal kijken dan tekent zich een lastig beeld af waar maatschappelijke stromingen lijnrecht tegenover elkaar komen te staan. De sustainocratische aanpak van de Stad van Morgen tracht er wat aan te doen via de vreedzame weg door de tegenstellingen te verenigen in een gemeenschappelijk hoger doel: duurzame menselijkheid.

Dat is geen gemakkelijke taak. Want enerzijds moet de productiviteit omhoog van de bevolking maar dan niet volgens de normen van de gevestigde orde (sturend op afhankelijkheid via het kostbare zorgsysteem) maar volgens die van zelfredzaamheid in integrale gezondheid. We moeten dus niet primair uit zijn op geld verdienen maar op welzijn door eigen verantwoordelijkheid te nemen. Dat is strijdig met het economisch belang maar noodzakelijk vanuit duurzame menselijkheid. Het risico bestaat nu serieus dat de bevolking op verschillende manieren in opstand komt, enerzijds om oude vermeende rechten af te dwingen, anderzijds om ruimte te eisen voor zelfredzaamheid. In beide gevallen richt het verzet en de agressie zich tot de overheid die in alle gevallen incompetent blijkt.

Stad van Morgen probeert “ontzorging” door te voeren door in economisch in verval geraakte gebieden en gebouwen nieuwe zelfredzaamheid initiatieven te ontplooien volgens het sustainocratische fundament. De gebieden hebben daarvoor veel potentieel terwijl ze voor de geldgedreven eigenaren een last zijn geworden. Door daar de vernieuwing op te bouwen verstoren wij de economische belangen niet in de economische bolwerken maar nemen wel de kans om onze visie zichtbaar te maken voor een algemene toepassing. Dit doen wij niet geïsoleerd zoals vroeger religieuze organisaties de afzondering verkozen. Dat doen door samenwerkingsverbanden te starten met de belangenpartijen.

Sustainocratie brengt de verschillende belangenpartijen bij elkaar vanuit een regionaal perspectief. Zo steunt de geldwereld de waarde creatie en voedt de nieuwe waarde de economische ontwikkeling. Stap voor stap hopen we dan een moderne maatschappelijke organisatie functioneel te tonen die ontzorgt in plaats van verzorgt, door doelgericht samen werken in plaats van economische structuren en afhankelijkheid.

Natuurlijk!

Blogger: Nicolette Meeder

Natuurlijke zelfredzaamheid

In mijn vorige blog over zelfredzaamheid vertelde ik over de zoektocht naar een stuk grond, 300m2, de beelden hierbij en de natuurlijke manier waarop alles zich hier in organiseerde. Het buffelen, maar ook vreugde, schoonheid en verbondenheid met de natuur en natuurlijk leven. Inmiddels zijn we een poosje verder en hebben we de eerste ervaringen opgedaan. Het weer speelde daarbij een grote rol, waarbij een “achterstand” van zeker 6 weken een uitwerking heeft op het geheel. De maaltijden thuis krijgen inmiddels een steeds groener karakter. Het zinnenstrelende verse erwtje, de verbondenheid met de natuur, welzijn van alle kinderen, de voedselketen en onze activiteiten voor Coöperatie VE2RS gaven mij inspiratie om deze blog te schrijven. Ik raak daarbij meteen aan zingeving en hoe zich dat in haar natuurlijke proces kan ontvouwen.

Bij het werken met levend groen is het net als bij kinderen opvoeden, je van baby af aan (uiteraard ook in de buik) moet blijven waarnemen om te zien waar je kan faciliteren aan de natuurlijke groei van je kind, telkens een moment of omgeving scheppen waarin het zich verder kan ontwikkelen. Waar het ontplooien van een eigenheid samen gaat met een besef van dienstbaarheid aan de samenleving, de natuur of iets anders buiten zichzelf. Dat is onze natuur en dit vraagt om natuurlijke ontvouwing van onze volledige potentie, als kind, als vrouw, als man, als mens. Zo raken we nooit werkeloos. Het zit in ons, maar als we als mens nee gaan zeggen tegen deze natuurlijke staat van Zijn dan gaat het goed fout, kijk maar om je heen. Natuur zijn wij als mens en natuur is overal en je er natuurlijk naar verhouden of aan overgeven is het grootste geschenk wat je jezelf en je omgeving kunt geven.

Het is natuurlijk dat een vrouw het leven draagt, leven brengt, kinderen baart, ze erna voedt (borstvoeding), beschermd, de ontwikkeling “draagt” in liefdevolle aanwezigheid. Zij staat van nature ook dicht bij de voedselketen, verbonden en afgestemd vanuit vertrouwen en wijsheid op kinderen wat “nodig” is voor hun groei en welzijn. Dat is een natuurlijke imprint en een enorme natuurlijke vrouwelijke spirituele liefdeskracht in het belang van leven verder brengen van het kind, van allen, van het hele gezin.
Alles binnen de natuur heeft zo zijn harmonische plaats en ons gedrag dient zich daarbij aan te sluiten om tot algehele harmonie te komen. De diepe imprint van natuurlijk leven die een ieder in zich heeft, maar die we ons dienen te herinneren. Heiligheid van bestaan, van mens zijn, respect naar alles wat leeft, het gezin, waar moederschap ruimte krijgt, de vrouw de natuurlijke primaat heeft en de man zijn dienende functie in de samenleving kan uitoefenen.

Helaas is dit in de huidge samenleving “vergeten” en durft men het niet meer te leven. De jeugd is het meest kwetsbare en kostbaarste van onze samenleving en die heeft begeleiding nodig. Zij ervaren nu grote schade door de manier waarop de maatschappij en onderwijs is ingericht. Waar ook zorg en waardering voor het “eeuwige vrouwelijke” in de mens volledig wordt geruïneerd. Puur gericht op geld verdienen, emancipatie uitgedrukt in geld verdienen, onafhankelijk zijn, wat in de huidige maatschappelijke context een werkelijkheid schept van “eenmancipatie” en geld uitgeven om de economie in stand te houden. Gericht op voeding consumeren. Gelukkig wordt steeds meer bekend over de manipulatie van voedsel en de gevolgen hiervan voor gezondheid en welzijn van ons allen en vraag je je af of het nog verantwoordelijk is wat je kinderen op hun bord voor zet?

Wat kan je eraan doen. Hoe kan je het nu allemaal dichter bij huis halen? Waar begin je dan? Op je balkon, je voortuin, met of zonder je buren? Met de hele buurt? Vragen om over na te denken, vragen hoe ga je daar mee om naar je kinderen en onderwijs, neem je die verantwoordelijkheid? Wat laat je los? Vanuit een waardegedreven menselijke coöperatie kan je een hoop doen met je talenten, samenwerking en eigen middelen ( ruimte, materialen, etc) om tot volle voedsel productie voor aangesloten leden te komen. In Eindhoven is een coöperatie in ontwikkeling, zie
Http://stadvanmorgen.wordpress.com/mijn-wijk/ve2rs-wijkcooperatie/

Bijgaand filmpje, The Path to freedom, brengt het beeld waarbij het hele gezin bijdraagt en zelfvoorzienend is in de voedselketen en restaurateurs uit de omgeving verse groenten komen kopen. De “winst” wordt voor minimale kosten gebruikt en de rest gaat terug in het gezin. Hier is duidelijk zichtbaar dat een gezin ook een bedrijf is, een waardengedreven bedrijf, die zorgt voor haar vooruitgang.

De transitie vraagt ruimte voor allerlei mogelijkheden en vraagt duidelijk om het oorspronkelijke, het natuurlijke weer te laten zijn en te stoppen met natuurvernietiging van mens en haar natuurlijke omgeving. Waar samen, vanuit gelijkwaardigheid, wordt gewerkt om gezin zelfredzaam te maken, als “bedrijf”, niet afhankelijk van de externe omstandigheden. Heel duidelijk hoor en zie je deze vraag en zoektocht hiernaar in de samenleving. De behoefte om er te zijn voor elkaar, waar ruimte voor gemeenschap is, zelfredzaamheid, veiligheid, harmonie, natuurlijk leven. Waarbij de zingevingsvraag, de existentiële vraag van leven, vanuit een veilige basis een zoektocht mag bieden aan kinderen om expressie van hun eigenheid te geven in een respectvolle relatie tot al wat leeft, nu en in de toekomst……

Nicolette Meeder, juli 2013

Sustainocratie is een noodzakelijke aanvulling op de Parlementaire Democratie

Tijdens het STIR avondcollege van 14 Mei werd het ontstaan en de evolutie van het leven op aarde in verband gebracht met de huidige maatschappelijke werkelijkheid, de crisissen die wij beleven en de complexiteit waar we tegen aan lopen als mens en maatschappij. In dit artikeltje tracht ik het verband van toegevoegde waarde te leggen tussen Sustainocratie en de Parlementaire Democratie.

Bewustzijn

We hebben gezien dat het ontstaan en de evolutie van het leven op Aarde is gebaseerd op een vorm van muzikaal bewustzijn. Het allereerste levensdoel van tot leven komende stoffen is “groei”. Deze oorspronkelijk groeidrang zit moleculair ingebakken in ons eigen leven en dat wat ons omringt als natuur. Groei in een beperkte omgeving is echter nooit oneindig. Zo hebben wij in het college 4 bewustzijnsniveaus besproken:

  1. Groei  –  de natuurlijk drang van elk levend wezen
  2. Concurrentie – de strijd als groei botsingen oplevert
  3. Verandering – confrontaties uit de weg gaan door “anders” te zijn
  4. Symbiose – de kunst van het samen leven

Menselijke doorbraak:

De mens is in haar oorspronkelijke evolutionaire doorbraak doorgestoten naar een unieke situatie op niveau 3 van het “anders” zijn door een zeldzame combinatie van zelfbewustzijn en lichamelijke kenmerken. Dit gaf de mens de vrije ruimte om weer op een hoger niveau 1 van de evolutieladder te beginnen en onbeperkt te gaan groeien in een schijnbaar oneindig grote omgeving, zonder andere natuurlijke groeivijanden dan de mens zelf. Andere menssoorten zijn gaandeweg verdrongen of uitgestorven en alleen onze soort bleef over.

De eerste fase van de mens, enkele miljoenen jaren geleden werd alleen beperkt door de kunst van het vinden van onderdak en voldoende voedsel. Naar verloop van tijd kwam men vaker soortgenoten tegen die ook op zoek waren naar voedsel en groei. De mens werd de concurrent van de mens (niveau 2). Ons bewustzijn ging zich concentreren op de confrontaties met die ene mens. Onze creativiteit richtte zich daarop en daaraan hebben we veel technologische vooruitgang te danken.

Door het vrije spel in de natuurlijk omgeving creëerde de mens onderling een soort menselijk nevenuniversum dat dezelfde evolutionaire bewustzijnsfasen doorloopt als de oorsprong en evolutie van het alle leven samen. Eerst kwam er groei. Daarna concurrentie, met veel technologische uitdagingen om de Darwinistische wet van de sterkste en slimste toe te passen. Dat zien we nog steeds in onze wereldmaatschappijen. Toen de confrontaties te ernstig werden kwam er verandering bij in de vorm van nieuwe samenlevingsvormen en diplomatie. Al die tijd ging alle aandacht naar de mens, de gevaarlijke potentiële conflicten en onze wedijver om uit te blinken in competitieve daadkracht.

Geen enkel moment is er nog bewust aandacht geweest voor fase 4: symbiose o.a. met onze natuurlijke omgeving.

Grote gevolgen

De enorme bevolkingsexplosie, groeiende welvaart en welzijnsniveaus van de mensheid in haar “eigen universum” ontwikkelde al snel gigantische gevolgen voor de natuurlijke omgeving. Deze werden echter pas de laatste halve eeuw zichtbaar. De mens blijkt zo intensief aanwezig vanuit menselijk eigenbelang dat wij onze eigen leefomgeving dreigen te plunderen en vernietigen. Aan de menselijke symbiose die wij voor alle mensen onderling hebben geprobeerd te bewerkstelligen met medezeggenschap, kennisontwikkeling via onderwijs en een Parlementaire Democratie, gebaseerd op vrijheid van meningsuiting, maatschappelijke participatie en stemrecht dient nu ook een symbiose met onze natuurlijke omgeving te worden toegevoegd. Dat is een geheel nieuwe uitdaging op zich.

Vanuit een democratie blijken de gewenste resultaten op dit moment niet bereikbaar. Dat komt door de democratische cultuur die is ontstaan rond eigenbelang.

Eigenbelang

Organische ontwikkelingen van de mens zijn reacties op de gevolgen van de democratische processen en gefragmenteerde structuren rond eigenbelang. Wij vervuilen ons eigen nest op zo’n manier dat wij noodgedwongen weer in aanraking komen met het grotere geheel. De natuurlijke omgeving, waarin wij zijn ontstaan is het echte universum waar wij als mens ons niet gescheiden van ontwikkelen. Klimaatveranderingen, omgevingsvervuiling, culturele confrontaties door migraties, vernietiging van grondstoffen door verkeert en niet circulair gebruik, verstedelijking, welvaartsziektes, criminaliteit, enz. Het zijn allemaal consequenties waar reactief op gereageerd wordt wanneer het al te laat is. De gevolgeneconomie groeit op dit moment met 7% procent per jaar (een verdubbeling elke 10 jaar!!) en is niet meer te bekostigen uit de noodlijdende primaire consumptie economie.

Het menselijke en genetische anthropocene (tijdperk waarin de invloed van de mens op Aarde onuitwisbare gevolgen achterlaat) is volledig aan de gang met een sterke vernietigingskracht voor onszelf. Ondanks de solidariteit van de bevolking met de natuur en omgeving, en ondanks de regelgeving die ontstaat uit deze problemen, zien wij dat de problemen zich alleen maar opstapelen.

De democratie lost het als systeem niet op maar toch dienen wij verantwoordelijkheid te nemen voor ons eigen bewustzijn rond de situatie. Hoe?

Daardoor is Sustainocratie ontstaan, een samenwerkingsvorm rond symbiotische uitdagingen waar alle partijen van een duurzaam vooruitstrevende maatschappij zich hard voor willen maken, het alleen niet kunnen, en zich er samen voor inzetten. Maar dat laatste is een probleem. Want onder wiens autoriteit werkt men samen?

Democratie en Sustainocratie

Onze huidige democratische structuur is niet gebaseerd op bewustzijn of verandering maar op eigenbelang in het verkrijgen en behouden van situaties van overvloed. Democratische overheden worden niet gevraagd om een leiderschapsrol te vervullen voor verandering maar om een maatschappij succesvol te managen rond behoud van een genoten luxe. Maatschappelijke overvloed, vrede en voorspoed maakt gemakzuchtig en hebzuchtig, hetgeen de huidige democratievorm tot onmogelijk instrument maakt voor structurele verandering. Gevolgen zoals klimaatverandering, vervuiling, migraties met cultuurconfrontaties, oorlogen om grondstoffen, schaarste, economische problemen, enz creëren conflicten en crisissen. Deze zijn niet vanuit een democratische consensus oplosbaar.

Nog nooit heeft een meerderheid ergens in de wereld een verandering veroorzaakt. Daarvoor is het in de menselijke maat onmogelijk om overeenstemming te krijgen. Complexe veranderingen komen door chaos, oorlog, opstand en crisissen of door de interactie en samenwerking van minderheden die de vrijheid nemen om de confrontatie aan te gaan met werkelijkheid en verandering door te voeren. Sustainocratie is een georganiseerde multidisciplinaire minderheid ten behoeve van structurele niet democratische verandering.

Sustainocratie werkt onafhankelijk vanuit een duidelijke en permanente menselijke stip op de horizon en gemeenschappelijke besef dat alleen een gezonde, vitale, veilige, zelfredzame menselijke samenleving in symbiotische samenhang met haar natuurlijke omgeving ook een gezonde democratie oplevert. Management en leiderschap zijn twee totaal verschillende belevingen waar je de gemiddelde mens niet mee kunt opzadelen.

Door Sustainocratie (zie plaatsje hieronder) te aanvaarden in een maatschappij (als gemeenschappelijke drijfveer voor integraal menselijk belang binnen de context van de natuurlijke omgeving) kunnen er multidisciplinaire verbanden ontstaan die de maatschappij vrijwaren van crisissen en voeden met nieuwe innovaties die grote chaos, conflicten en depressies voorkomen. We maken functioneel, evolutionair (niet hiërarchisch) leiderschap onderdeel de maatschappelijke beleving als hoogste vorm van bewustzijn. Hieruit ontstaan dan innovaties die uniek zijn en een nieuwe fase van welvaart en groei in kunnen luiden.

Huidige Parlementaire Democratie: concensus van de meerderheid, eigenbelang, vrijheid, verzuiling, gelijkwaardigheid, economische groei, concurrentie, geldafhankelijkheid, economie, zorg, regelgeving, structuur en organisatie: de wetten van de verdeelde massa (management – controle/beter) – focus op behoud

Sustainocratie: universeel menselijke belang, duurzame symbiose,  universele waarden, waardecreatie, multidisciplinaire samenwerking, permanente toegepaste innovatie, toegepaste kennis, democratie gericht op vrijheid van keuzes en prioriteiten, niet van doelstellingen: duurzame menselijke vooruitgang (leiderschap – visie/anders) – focus op verandering

Sustainocratie en Democratie
Sustainocratie en Democratie

Deze yin-yang achtige relatie tussen democratie en sustainocratie dient elkaar steeds weer uit te dagen zodat de democratie zich permanent moderniseert zonder schade aan te richten aan haar omgeving en met behoud van overvloed voor de bevolking.

Sustainocratie mag dan ook niet geïnstitutionaliseerd worden want dan ontwikkelt het zich ook weer als zichzelf instant houdende structuur. Het dient een functionele beweging te zijn die zich voedt vanuit de noodzaak van aanpassing (niveau 3 van bewustzijn) en symbiose tussen mens en de natuur (niveau 4) dat door alle kernpartijen van de maatschappij gedragen wordt. Het leiderschap in Sustainocratie wordt aangestuurd door de omstandigheden van lokale duurzame stabiliteit behoeften (zie hieronder). Het wordt door initiatiefnemers opgezet die niet de baas zijn maar uitnodigen tot de coöperatieve co-creatie vanuit de 5 kernprincipes van harmonie tussen duurzame menselijkheid en natuurlijke omgeving.

  1. Gezondheid
  2. Veiligheid
  3. Welzijn
  4. Toegepaste kennis
  5. Zelfredzaamheid

Alle 5 de thema’s zijn inhoudelijk gebaseerd op de kern van evolutionaire duurzaamheid. Als deze kernfactoren goed worden behartigd zorgen ze voor de juiste integrale vernieuwing. Deze leidt dan weer tot optimale groei en concurrentieperspectieven in de maatschappelijke dynamiek en economische daadkracht zonder onnodige confrontaties met andere groepen of kosten met risico’s door gevolgen. Het geeft dienstbaarheid vanuit innovatiekracht.

Sustainocratie is daarom een noodzakelijke aanvulling op de huidige parlementaire democratie, die deze van een duidelijke stip op de horizon voorziet van menselijkheid waar weer allerlei belangen aan kunnen worden ontleend. Sustainocratie in tegenstelling tot democratie dient niet gefinancierd te worden, alleen opgestart met een minimum aan startkapitaal als katalysator. Dit kapitaal dient alleen om van de maatschappelijke partners het vertrouwen te krijgen door hen middelen te tonen waar men voor gaat samen werken. Die middelen worden als katalysator ingezet.  Sustainocratie is een waardecreatie instrument dat zichzelf bedruipt uit de coöperatieve resultaat gedrevenheid. Waarden die zich bevestigen worden in de economie opgenomen en uitvergroot. Daarvan is een deel voor de vervolgstappen van de Sustainocratie juist omdat Sustainocratie zich altijd in de toekomst plaatst met terugwerking naar het heden. Het is even wennen aan de plek die Sustainocratie in neemt maar daar waar het functioneert zijn de vruchten al zichtbaar.

Sustainocratie is niet democratisch omdat het van algemeen erkend belang is waar altijd voor gekozen dient te worden. Het wordt wel democratisch uitgevoerd in de prioriteitstelling en keuzes van het moment.

Sustainocratie wordt uitgevoerd door minderheden die bereid zijn vanuit menselijk perspectief de eigen professionaliteit en autoriteit te koppelen aan het algemene belang. Het zijn stuk voor stuk mensen met passie voor de mens en menselijke vooruitgang, waarbij ook machtsposities functioneel zijn voor het bereiken van de juiste resultaten.

Precedenten

AiREAS (gezondheid en omgevingskwaliteit), VE2RS (zelfredzaamheid en wederkerigheid met de omgeving) en STIR (bewustzijnontwikkeling en toepassing) zijn concrete voorbeelden van Sustainocratische initiatieven die de democratie aanvullen met een innovatieve dynamiek die voortkomt uit geheel eigen drijfveren (stip van duurzame menselijkheid) anders dan de parlementaire democratie (behoud, groei, concurrentie, welzijn en reactie op gevolgen).

Positionering van Sustainocratisch Ondernemen
Positionering van Sustainocratisch Ondernemen

Vreugde en avontuur in zelfredzaamheid

(Blog van Nicolette Meerder)

Vanuit Stad van Morgen zijn wij actief met allerlei processen om zelfredzaamheid op te zetten en met elkaar vorm te geven naar een gezonde en zelfredzame samenleving. Natuurlijk wil je zelf voorbeeld geven en voorleven en delen wat daar in gebeurd. Het leercentrum waar we het geheel willen laten ervaren is nog in onderzoek en ontmoetingsfases, dus dat werd voor nu met de voeten in de klei. Maar waar en hoe?

Anderhalve maand geleden reed ik op de fiets aan de rand van Eindhoven langs een stuk grond met tuinen. Nieuwsgierig stapte ik “binnen” en vroeg welke ruimte beschikbaar was? Tot mijn grote schrik was er alleen een stuk grond van 200m2 over en moest volledig worden omgespit. Pfff, 200m2 alleen….hoe doe ik dat, kan ik dat aan, wat moet ik doen, wat brengt het ons?

tuin nicolette

Allerlei vragen die door mij heen speelden, maar vrij snel was heel duidelijk en doorslaggevend het brengt voedsel. Ik neem hier verantwoordelijkheid om te zorgen dat er eten op tafel komt, eerlijk eten voor mijn dierbaren. De vreugde en plezier die dat in mij aanwakkerde was enorm en gewapend met schop, boek permacultuur, gezond verstand en de wil om dit tot stand te brengen stond ik al snel ploeterend in de aarde.

Nu is samen werken veel leuker dan alleen werken en na korte tijd was Hannah geïnspireerd geraakt en betrok zich bij het proces. Andere ideeën, andere inzichten, aanvullend aan de basis creëerden wij de indeling van de tuin, welke groenten, fruit en kruiden onze keukens zouden laten geuren en eerlijke maaltijden konden brengen. Aangeraakt door de energie en het plezier werden wij voor de keuze gesteld, door de eigenaar, dat het naastgelegen verwilderde perceel van 100m2 ook beschikbaar kwam en dat hij het zou omploegen, maar wij het zelf moesten omspitten.

Tja en wat doe je dan?

Spinazie
Spinazie

Bij elkaar was het een prachtige mogelijkheid en schitterend gelegen, totaal 300m2 tegen de weilanden aan waar de fantasie volledig opging in hutten van wilgentenen voor kinderen, permacultuur, de sloot erbij betrekken, fruit gaardje, bloemenweelde, etc. en alles laten ontstaan in natuurlijke beweging. We gingen overstag…. Vrij snel daarna melde zich een jonge vrouw van 18 jaar, Marieke, die gestopt was met haar studie met een enorme belangstelling voor zelfredzaamheid. Zij werkt nu een maand met ons mee om te kijken, te leren, te delen, te ervaren of ze hier mee door wil gaan.

Alles organiseert zich met en rond ons op een natuurlijke manier en ontstaan er spontaan paden, komen allerlei thema’s aan de orde, zoals gif spuiten tegen kweek, ja/nee en wat is alternatief binnen de natuurlijke context? Experimenteren met vormen, spiralen, etc. Hooggebruik, laag gebruikers van de grond. Wat doe je tegen een overvloed aan slakken, laat je een mierenkolonie zitten bij spitten of haal je het door elkaar. De aarde zit vol met allerlei insecten en het is fantastisch alles tijdens het omspitten te bestuderen. Dit is letterlijk leren in een natuurlijke context.

De buitenlucht, de verbondenheid met de ontluikende natuur van flora en fauna om je heen laat je voelen dat je leeft en wat leven is.

Boontejes
Boontejes

Het omspitten van de kale vlakte, het genot om te zaaien, vensterbanken vol met stekjes, te kijken wat er wel of niet gebeurt en dan opeens groen van spinazie zien wat als een speer omhoog schiet. Die vreugde, die kracht van de natuur zien en ervaren roept zo’n respect en eerbied voor natuurlijk leven op en dankbaarheid dat je daar zelf aan kan bijdragen en in voorzien in eenvoud en eerlijkheid.

Wordt vervolgd (Nicolette Meeder)

Stadslandbouw is keuzes maken

(Blog door Jean-Paul Close)

Tijdens de gesprekken in Eindhoven met de vele mensen die iets willen doen op gebied van stadlandbouw ontstaat er steeds een mooi beeld tussen twee werkelijkheden, die van het geld verdienen en die van zelfvoorziening. Eigenlijk is het vergelijkbaar met de rest van ons land en de keuzes die wij dagelijks maken. Laten we eens kijken.

Een stukje grond

Neem nu een stukje grond van een paar honderd vierkante meter. Wat wilt u ermee doen als u zich gaat verdiepen in stadslandbouw? De discussie komt op gang tussen de mensen.

Geld verdienen

Wil ik het benutten om er geld mee te verdienen? Welke keuzes maak ik? Welke gewassen leveren het meeste op en hoe kan ik het veldje het beste benutten? Om er zoveel mogelijk mee te verdienen. In onze regio (Eindhoven) hebben we verschillende voorbeelden. Zo is er op de hoek van de Celebeslaan een driehoekig veld dat jaarlijks allereerst wordt benut voor het telen van bloemen en in een tweede ronde worden sier en consumptie pompoenen gezaaid die rond de tijd van Halloween beschikbaar zijn in alle soorten en maten. Zo levert het veld twee keer winst op voor de belangenpartijen die het uiterst professioneel benaderen met maar een klein groepje mensen.

We hoeven maar door ons land te rijden en we zien veel meer voorbeelden van de eenzijdige gewassen die massaal geteeld worden voor de volume verkoop op geldgedreven velden. Bloembollen, mais, prei, aardappelen, enz. Het is eenzijdigheid die opvalt en die veelal is afgestemd op  omzetmogelijkheden.

Tulpen voor de verkoop
Tulpen voor de verkoop

Zelfvoorziening

Even verderop in dezelfde staart heeft de Wasvenboerderij een groentetuin waarin de diversiteit voor eigen gebruik in het restaurant zichtbaar is. Er staan geen eenzijdige plantensoorten maar een veelvoud van groenten in verschillende groeifasen en rijping. Er is ook wel een verbinding met geld verdienen omdat de oogst gebruikt wordt binnen het restaurant maar toch geeft het een aardig beeld van het verschil in gebruik van een lap grond afhankelijk van de keuze die men maakt.  De diversiteit van plantengroei is opvallend omdat het is afgestemd op eigen gebruik. Men hoeft het niet in te kopen.

Diversiteit van permacultuur
Diversiteit van permacultuur

In de omgeving van Eindhoven en de meeste steden zijn allerlei stadslandbouwveldjes te zien waar je de keuzes van de eigenaren kunt aanschouwen door de eenzijdigheid of diversiteit van de soorten die erop staan in de loop van het seizoen.

Stadslandbouw

Nu is stadslandbouw een nieuwe tak van sport waarbij private en publieke ruimtes gebruikt kunnen worden vanuit dit soort keuzes waar er nog een aantal aan kunnen worden toegevoegd. Een stad is historisch gezien altijd benut vanuit grond en vastgoedbelangen waar rondom heen allerlei menselijke activiteiten werden georganiseerd die niets met voedsel of de natuur te maken hadden. De stad was vooral een concentratie van materieel belang waar veel mensen samen drommen om te handelen, plezier te maken, of samen te wonen en werken. Een stad is voor een verzamelplek van veel mensen met een grote geldconcentratie en bijbehorende dynamiek, maar ook grote afhankelijkheid. Zonder geld kan een stad niet functioneren.  De stad draait om distributie en een soort mierennest van menselijke belangen. De natuur is er bij traditie uit geweerd.

Moderne inzichten tonen dat het weghalen van de natuur erg nadelige effecten heeft op de bewoners van de stad. De temperatuur van een stad is gemiddeld hoger dan buiten de stad. De stad vervuilt de atmosfeer doordat plantensoorten, die zuiverend werken, er niet aanwezig zijn. De stad heeft last van wateroverlast bij zware regenval doordat oude waterstromen zijn vernield door de fundamenten van de oude stedenbouw . En ga zo maar door. Die concentratie van eenzijdige belangen heeft ervoor gezorgd dat de natuur uit de stad is verdwenen. Zelfs de mens in de stad weet nog amper wat de natuur is. Dat heeft geleid tot consequenties waar men nu van terug aan het komen is. De kosten van deze consequenties vormen een secondaire economie (algemene vervuiling en natuurlijke onbalans) die drie tot zeven keer zo snel groeit als de primaire stadseconomie (van consumptie).

Gezonde stad

Nu gingen de mensen niet naar de stad puur om hun gezondheid. De aantrekkingskracht van de stad was op vele fronten juist belangrijker dan de gezondheid. Maar ongezondheid is een last en als de consumptie economie hapert door crisissen of ander oorzaken dan is de last wel erg voelbaar. Om de stad gezonder te krijgen kunnen allerlei maatregelen getroffen worden maar de eenvoudigste is om de natuur weer toegang te geven tot het stadsgebied. Dat gebeurde vroeger door bomen te planten die sterk genoeg waren om de luchtvervuiling te weerstaan. Veel steden hebben zo lange rijen platanen langs hun wegen geplaatst (Bijv. Barcelona). Maar in onze moderne tijd willen we kijken naar meer multifunctionele toepassingen. Want planten leveren niet alleen een mooi gezicht, ze zijn ook warmtewerend, geven voedsel, zorgen voor energie, waterhuishouding, zijn goed voor de menselijke psyche, enz.

De toepassing van stadslandbouw kan de gezondheid van de stad positief beïnvloeden door de terugkeer van de natuur in onze omgeving. Maar ook dat heeft weer consequenties. Bloemen en planten brengen allerlei andere diersoorten (insecten, vogels) met zich mee waar we niet meer aan gewend zijn in de stad. Ook merken we dat mensen gaandeweg allergien hebben ontwikkeld en minder weerstand hebben tegen pollen en andere effecten van de natuur. De mens en natuur zijn uit elkaar gedreven en het naar elkaar toebrengen levert een nieuwe ongekende reactie van gewenning op. Het benutten van de daken en de muren in de stad voor levend groen en water is een onbekend gebied van innovaties waar de mens nu aan toe is. Het gaat dan niet alleen om voedsel maar ook alle bijkomende neveneffecten die van invloed zijn op onze kwaliteit van het leven. Er ontwikkelt zich gaandeweg een nieuwe stadscultuur waarin ook weer de keuze van geld verdienen en zelfredzaamheid een rol speelt die door de verschillende disciplines van de stad op een andere manier worden geïnterpreteerd.

Professioneel vrijwilligerswerk

Zo kan de overheid van de stad zich misschien bekommeren om de gezondheid die een positieve weerslag heeft op de kosten van de zorg en de productiviteit van de bevolking. Maar het bedrijfsleven zal zich ook transformeren om de binnenstedelijke voedsel en energie ontwikkeling een plekje te geven. De voor en tegenstanders van natuur in de stad, met alle bijverschijnselen van dien, zullen ook met elkaar overweg moeten. De openbare ruimte is voor iedereen maar als er voedsel wordt geteeld dan blijken er eigenaren te zijn. Hoe gaan we ermee om? Het zijn allemaal vraagstukken die wij in de Stad van Morgen meenemen in onze proefgebieden. Door het Sustainocratisch aan te pakken leggen we een verbintenis tussen deze ontwikkelingen en een menselijk belang. Zo speelt bij stadslandbouw het thema “zelfredzaamheid” een grote rol. We kunnen de mensen weer leren omgaan met samenwerking, onderling overleg en waardecreatie. Maar bij levend groen speelt “gezondheid” ook een grote rol. Het gaat er bij ons niet zo zeer om het eigenaarschap van het voedsel (dat natuurlijk respectvol dient te worden verdeeld al nagelang inzet en talent) maar vooral om de effecten op de natuur van de mens en de duurzame vooruitgang die wij boeken door hier open mee te experimenteren. Die vooruitgang wordt dan gerelateerd aan algemene menselijkheid (gezondheid, veiligheid, zelfredzaamheid) en niet de gefragmenteerde eigenbelangen.  Daardoor zijn wij ook in staat om verschillen van inzicht en belangen te overstijgen met het hogere doel. Betrokken zijn de overheid, de burgerbevolking, de ondernemers, de scholen en de wetenschap. Dat levert alles te samen altijd wel een stapje vooruit op ongeacht de onderlinge schermutselingen of verschillen.