STIR Academy is een initiatief van de Stad van Morgen om samen de transformatie van het onderwijs aan te gaan. Onderaan het artikel kunt u zich aanmelden voor meer informatie
Ruim 25 jaar aftakeling in het onderwijs
Nu de economische crisis haar sporen achter laat in de maatschappij en zich dieper wortelt zien we het spanningsveld tussen de koudheid van het systeem en de warmtebehoefte van de medemens alleen maar groeien. Ook hebben wij het onderwijs zich de laatste 25-30 jaar zien ontwikkelen naar systeemstructuren rondom vooral emotieloze cognitieve vaardigheden, ontdaan van elke vorm van menselijkheid en menselijke omgangsvormen, alsof het gaat om het programmeren van robotjes.
In dit plaatje tonen we het groeiende onnatuurlijke spanningsveld tussen de mens en het systeem:
Het spanningsveld tussen mens en systeem wordt steeds groter maar daartussenin zitten onze kinderen.
Leerkrachten raken in de stress
Uitval, gestreste leerkrachten, stafblaadjes, kruisjes, gedragsstempeltjes, groeiende bureaucratie, inspecties, cijfercultuur, enz drijven de zelfbewuste, gepassioneerde leerkrachten tegen de muren omhoog. Systeem georiënteerde figuren maken van de school een strafkamp. De afstand tussen de mensgedreven professionals en de geldafhankelijke besturen wordt zichtbaar.
De kinderen en jeugd hebben een leerplicht maar de school heeft een onderwijsplicht. Maar wat is “onderwijs”? Door de uitval gaan steeds meer scholen over op geautomatiseerde computersystemen om toch aan hun uren te voldoen. Of men laat de jeugd “zelfstudie” verrichten. Vanuit de verantwoordelijkheid van menselijkheid en de intensiteit van het leerproces op basis van verwerking van emoties, lichamelijke ontwikkeling, spiritualiteit (de essenties van het leven die elk systeem overstijgen) als ook de vaardigheden in bewustwording, is dit onaanvaardbaar.
Leerkrachten worden niet afgerekend op hun menselijkheid maar op de toepassing van een onmenselijk systeem. Zelfs bestuurders willen het anders maar zien vaak amper een uitweg. Er is niet meer geld voor het onderwijs maar met geld los je gebrek aan menselijkheid niet op. Daar is iets anders voor nodig.
Ouders én kinderen worden mondig
De klachten en weerstand hopen zich op. Scholen en leerkrachten worden zelfs bedreigd, ouderavonden lopen in het honderd, gesprekken tussen medewerkers en ouders lopen uit op hoog oplopende ruzies, kinderen snappen het niet. De jeugd gaat verplicht naar school maar leert meer op straat waar ook het onrecht wordt uitgespeeld tussen de leeftijden. Jongeren verlangen naar het einde van hun schooltijd en ouders ook. Want dan begint het échte leven pas met alle sociaal, emotionele en intellectuele achterstand die onze jeugd gaandeweg heeft opgelopen, met alle consequenties van dien. Het onderwijs wordt nu geacht als een kostbare onmenselijke verplichting dat men liever kwijt is dan rijk. Dit is niet eens een verspilling van middelen maar dat van de maatschappelijke waarden die ons bestaansrecht geven als gemeenschap.
We staan vaak onze jongeren verplicht af aan een opleidingssysteem waar wij geen vertrouwen aan hechten. Dat moet anders!
Er zijn natuurlijk uitzonderingen, zoals overal en met alles in het land, maar die bevestigen helaas de stelling in plaats van haar ter discussie te stellen. Alleen de scholen die aan het overheidsinfuus hangen en naar de pijpen dansen van “het systeem” overleven en dat zijn juist de omgevingen waar we onze jeugd het liefst niet willen hebben. Alternatieven zijn ofwel te kostbaar, te ver weg of op een andere manier onbereikbaar. Ook samenwerkende ouders, nieuwetijdse schooltjes, nieuwe modellen, die binnen het onderwijs alternatieven, steun en visie aanbieden, krijgen hun financiering niet rond of wordt de toegang tot het systeem ontzegd.
Transformatie
Zo kan het niet langer. De afstand tussen dat wat wij willen voor onze kinderen en de aangeboden werkelijkheid is te groot geworden. Het gaat om de toekomstige generaties die zo opgroeien in de onmenselijkheid en zich radeloos afvragen waar zij met hun emoties naar toe moeten? De een kiest drugs of alcohol, de ander springt voor de trein, soms zoekt men de criminaliteit of raakt te vroeg zwanger op zoek naar menselijke warmte. De dure, stempelgedreven zorg en strafcultuur maakt het alleen maar erger.
Het gaat niet om een vingertje opsteken en klagen. Het gaat om het verbinden van de mens en het leersysteem met de menselijke werkelijkheid in de opvoeding, opleiding en begeleiding van onze jeugd. Elke mens is “een held” en leert het hele leven om te gaan met de zoektocht naar het geheim van duurzame welzijn en vooruitgang. Dit gebeurt door geprikkelde interactie met de omgeving en reflectie over de eigen resultaten. We moeten als mens weer het menszijn gaan waarborgen in onze omgeving en systemen, te beginnen met het onderwijs!
Ons kind is een held op levensreis
Sustainocratie wil geen nieuw schoolsysteem introduceren maar het hele schoolbeleid aanpakken en helpen transformeren naar iets waar we trots op willen zijn, niet enkele kinderen en ouders, maar allemaal. We hebben geen extra geld nodig maar de bereidheid van “het systeem” zelf om los te laten en lid te worden van “toegepaste kennis en menselijkheid” als doelgericht samenwerkingsverband tussen de mens als burger, overheid, onderwijs, wetenschap en bedrijfsleven, rond duurzame menselijkheid.
We doen de transformatie niet alleen maar allemaal samen. We maken de kloof (het spanningsveld) tussen de warme mens en koude cultuur weer kleiner en beheersbaar. Wij nemen de verbindende verantwoordelijkheid op ons en nodigen uit tot de “transformatie”. We hebben er geen moeite mee om dit de komende 10 jaar te doen als experiment, bijvoorbeeld in Noord Brabant.
Het debat tijdens de algemene beschouwingen in de tweede kamer gaat over systeempolitiek, macht en geld. In het onderstaande plaatje geef ik het spanningsveld weer van de huidige werkelijkheid.
Onze toekomst wordt bepaald door de ontwikkeling van het spanningsveld in deze complexe tijden.
De geschiedenis heeft ons getoond dat het spanningsveld onderhevig is aan cyclische patronen die te maken hebben met de menselijke en universele natuur. Als het spanningsveld de mens en het systeem uit elkaar drijft dan kan het breken. In het verleden ontstond dan burger opstand, oorlog of het algehele verval en zelfs verdwijnen van een maatschappij.
In onze huidige werkelijkheid loopt deze spanning al geruime tijd steeds hoger op. Uit het plaatje blijkt dat dit twee kanten heeft, de mens en het systeem, die beide verantwoordelijk zijn voor het veroorzaken en oplossen van de stress. Dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan.
Aan de kant van het systeem staat de democratie met veel conservatieve neiging tot behoud van verworven rechten en handhaving van plichten. Na een grote piek van welzijn in de cyclus stijgt de spanning om dit welzijn systematisch in stand te houden door de afhankelijkheden die de burger eraan ontleent. Aan de menskant ontstaan de symptomen van menselijke stress die zich gaandeweg opbouwt (armoede, werkloosheid, verschillen tussen rijk en arm, voedselbank, criminaliteit, enz). De mens wordt uitgedaagd de eigen verantwoordelijkheden in ogenschouw te nemen om welzijn te behouden of opnieuw op te bouwen. De natuurlijke mens is dan erg creatief maar vaak niet direct passend in het oude systeembelang. Er ontstaat een uniek spanningsveld tussen vernieuwende en conservatieve krachten die de natuurlijke weg opzoeken.
Om de spanning te ontlasten heb ik de Transformatie Economie (Sustainocratie) geïntroduceerd. Dit is voor mijn gevoel en inzicht een noodzakelijke aanvulling op de democratie en even menselijk. De Transformatie Economie groeit als het spanningsveld zich vergroot en krimpt als het spanningsveld zich verkleind. Dit is nieuw en heeft zich nog nooit vertoond in onze geschiedenis. Voorheen werd transformatie ingegeven door een breuk waarna men opnieuw kon beginnen. Dat kunnen we ons in de huidige wereldmaatschappij niet meer permitteren. Het is ook niet nodig omdat onze kennis over de menselijke complexiteit gigantisch is toegenomen en wij ook daarin verantwoordelijkheid kunnen nemen in onze structuren.
Het aanvaarden van Sustainocratie is lastig voor de oudetijdse machtsstructuren maar in tijden van groeiende spanningen en onzekerheden is het juist de redding van die macht. Men laat wat macht los en doet mee aan Sustainocratie met autoriteit waardoor de macht zich via de transformatie weer bevestigt.
De Transformatie Economie plaatst zich buiten de systeem werkelijkheid richt zich op de kern van de menselijke welzijnsuitdagingen door “het systeem” uit te nodigen naar de mens kant en niet andersom. Sustainocratie is geen aparte maatschappij noch instelling. Het is een serie van transformatieve coöperaties rond specifieke menselijke kernzaken. De transformaties hebben een effect zowel op de menskant als de systeemkant. Daarom doen alle kernpartijen mee (overheid, ondernemerschap, burgers en wetenschap).
Met deze aanpak wordt in Eindhoven en Noord Brabant projectmatig ge-experimenteerd. Het is vooralsnog in een pioniersfase. De eerste resultaten zijn zo bemoedigend voor alle betrokken partijen dat het steeds meer steun krijgt. De Transformatie Economie voegt met Sustainocratie een belangrijke variabel toe aan de succesfactor van duurzamer maatschappelijke en economische ontwikkelingen:
De succes formule
In de, op natuurwetten gebaseerde, formule activeert “Transformatie” zich vooral als groei hapert, gevolgen te groot worden, concurrentie noopt tot verandering of lokale harmonie onevenwichtig is geraakt. In een “normale” duurzaam vooruitstrevende maatschappij is “transformatie” maar een klein percentage van de werkelijkheid maar kost wel de nodige moeite omdat het richting bepalend is door in te gaan op veranderprikkels. Lokale balans of onbalans kan daarbij uitstekend helpen om prioriteiten te bepalen. De onzichtbare variabel in deze formule die we er zelf aan toe kunnen voegen is “graad van integraal bewustzijn” hetgeen een toegepast leerproces weergeeft op basis van ervaringen, samenhang en open kijk op het leven zelf.
Jean-Paul Close
Sustainocratie, de huidige werkelijkheid en de Transformatie Economie
Voor het eerst in jaren is mijn voorspelling voor Prinsjesdag niet uitgekomen en daar ben ik redelijk blij om. In voorgaande jaren kon ik mij er gemakkelijk van afmaken door te voorspellen dat op Prinsjesdag er weer een begroting zou komen met een stijging van 6%. Dat kwam steevast op de halve Miljard verschil uit. In dit plaatje van vorig jaar laat ik het zien:
Prinsjesdag 2003 tot en met 2012
In ruim 10 jaar tijd gingen de overheid uitgaven steevast met 6% omhoog hetgeen een verdubbeling betekende in 11 jaar tijd!! Schrikbarend als we ons bedenken dat wij samen die kosten op moeten brengen en er naar verhouding maar bar weinig voor terugkregen. Hoe brengen we de vele Miljarden op?
4 grote lijnen:
Consumeren: Dat is te zien aan de BTW dat een aantal jaren geleden de grootste inkomstenpost werd van de overheid. Het is de belasting die wij betalen over de goederen die wij inkopen. Daar kunnen we de accijns ook aan toevoegen.
Werken: Dat zien we aan de Inkomsten Belasting die ingehouden wordt van ons loon.
Geld verdienen: Dit bedrag komt terug in de Vennootschap Belasting die geïnd wordt over de winst van de bedrijven
Gasbaten: De inkomsten van Nederland over de verkoop van gas uit eigen bodem.
De overheid stuurt het land dus aan op basis van deze parameters. Met deze inkomsten kan men het ambtenaren apparaat betalen, de benodigde infrastructuur, de scholing, de politie, de zorg, zekerheden en de rente over staatsleningen.
Transactie economie
In feite draait alles om de belastbaarheid van het heen en weer schuiven van producten en diensten (transacties) met de arbeid en winst die eraan verbonden wordt. We zien diezelfde basisdynamiek ook terugkomen in de zogeheten “gevolgeneconomie” die zich ontwikkelt rond de kosten van de samenleving en de consequenties van deze op levensstijl, de mens, het milieu en de maatschappelijke organisatie.
Die gevolgen zetten juist onze wereld op zijn kop:
De gevolgen economie overtreft de primaire economie
De opeenstapeling van crisissen die wij de laatste 10 jaar hebben meegemaakt, met een doorslaggevend dieptepunt in 2008 (kredietcrisis), toont ons nu dat de gevolgen door blijven lopen terwijl die transactie-economie structureel blijft haperen.
De overheid heeft met kapitaalinjecties, mooi weer verhalen en redding van banken nog jarenlang geprobeerd om ons aan te zetten tot het aanschaffen van kapitaalgoederen (huis, auto) waarop een belangrijk deel van de economische luchtballon dreef, maar het mocht niet baten. De bomen groeien niet tot aan de hemel. Maar die gevolgen groeien maar door.
Doorbraak 2013?
Voor het eerst zien wij in de miljoenennota 2013 een trenddoorbraak waarin de overheid haar gevecht heeft opgegeven om het verleden in stand te houden met bijbehorend verzet tegen verandering. Den Haag begint tekenen te vertonen van besef van de veranderende werkelijkheid en dat geeft ook ons (voorop lopers in de transformatie economie) het prille vertrouwen dat we misschien ooit ook samen kunnen werken met de centrale overheid en niet alleen met de gemeentes en provincies. Tot op heden waren het twee volstrekt gescheiden werelden.
Wat is dan die doorbraak 2013?
Miljoenennota 2013
Het eerste wat natuurlijk opvalt is de veelbesproken besparing. In 2012 werd nog een nota gepresenteerd met de traditionele 6% verhoging ten opzicht van het jaar daarvoor. Dit jaar is de verhoging er niet. De absolute hoogte van overheidsuitgave anno 2014 is nagenoeg hetzelfde als 2013. Dat is betekenisvol omdat duidelijk de overheid uitgaven bevroren zijn in absolute zin. Binnen de inhoudelijke details is er dus enorm geknok ontstaan om de zaken “anders” te gaan doen, vaak ten kosten van allerlei afhankelijke mensen en structuren door besparingsdrang in plaats van verandering zelf. Het dwingt die structuren wel tot kritische zelfbeschouwing. En dat is een begin.
Wat ook opvalt is het verschil tussen de inkomsten en uitgaven. De economie draait onvoldoende en ondanks de bevriezing van de traditionele 6 % verhoging is er een belangrijk gat. Dat drijft de staatsschuld omhoog met bijbehorende rentelasten. Dat is geen gezond beeld.
En dan is er nog die “zorgstaat” dat meer dan 50% van de begroting opslokt. Een goed functionerende staat faciliteert vooruitgang door maatregelen waardoor de bevolking optimaal voor zichzelf kan zorgen. We zien hier de omgekeerde wereld met een totaal verkeerde positionering van de functies van een moderne staat. De staat is geen instituut maar en samen-leving, een soort coöperatie waarin kerntaken onderling zijn verdeeld. In deze maatschappij is de staat de overheid, de burgers zijn de financiers via consumptie zonder dat er verantwoordelijkheden tegenover staan. De overheid kan die wel af proberen te dwingen door druk op werkgelegenheid en arbeidsbemiddeling maar dat komt al snel overeen met een nationaal strafkamp zonder intrinsieke motivatie. De gevolgen zijn uitgedrukt in de gevolgen-economie.
Maar voor Den Haag is dat allemaal “geld” zonder psychologie noch spiritualiteit. De gevolgen van onze consumptie gedreven economie gaan onverminderd door en hebben weerslag op de mens, de levensverwachting, het gedrag, het milieu, ons welzijn, enz. Die kosten kunnen nergens meer op worden verhaald nu de zorgstaat omvalt. Dus praat de minister president over een “participatie maatschappij”, los van alle zorgzaamheid die nu onttrokken wordt door de overheid. Er worden verantwoordelijkheden, die in het verleden door de overheid waren opgenomen, teruggelegd bij de bevolking.
En verantwoordelijkheid gaat niet om geld. Dat draait om waarden. Die koop je niet maar worden gecreëerd. “Participatiemaatschappij” is dan het verkeerde woord want in feite participeren we altijd al, of het nu is als financier door consumptie en arbeid of door de problemen voor onze kiezen te krijgen als het fout is gegaan. Wat het kabinet eigenlijk wil is een “initiatief-neem-maatschappij”. Maar dat gaat niet zomaar. Je kunt wel los willen laten maar we hebben generaties lang de bevolking in afhankelijkheid opgevoed en aan het overheid infuus gehangen. De regering wil besparen maar tegelijkertijd dient ineens de hele maatschappij te transformeren. Wil de regering die transformatie wel?
Het is lastig voor de centrale overheid. Hoe laat je de oude zorgtaken los, met bijbehorende machtsposities en structuren? En hoe stel je jezelf faciliterend op zonder dat er in belastinginkomsten op achteruit te gaan? De belastingen houden dan wel een grote bureaucratie in stand maar zijn ook de basis van de overgebleven zekerheden van grote groepen mensen. Hoe doe je zoiets zonder ook je partijbelang onherstelbaar te schaden in de stembus?
Dat kan geen van allen! De verandering gaat ten kosten van het verleden en er vallen slachtoffers. Kan de centrale overheid dat alleen? Nee, natuurlijk niet want die oude sturing systemen zijn vastgeroest na 150 jaar gebruik, wortel schieten en verankering.
Belangrijk is dat de losse schroeven van het kabinet en onze maatschappelijke structuur zelf zichtbaar zijn geworden. Men is noodgedwongen in een transformatie terecht gekomen en dient zich open te gaan stellen voor alternatieven. Dat dit proces gepaard gaat met de nodige innerlijke schermutselingen moge duidelijk zijn. We leven per slot van rekening in een verzuilde democratische structuur waarin eerste alle kalveren én koeien verdronken moeten zijn voordat men niet de put dempt (alle belangen rond een open put lobbyen gewoon door) maar overweegt een nieuwe te slaan op basis van ervaringen en parlementaire commissies. Het schip lijkt meer lekgeslagen en gestrand dan zinkende. Op een gestrand schip wacht iedereen op nieuw hoog water. Een zinkend schip wordt verlaten en met leert weer zwemmen.
De eerste tekenen van echte verandering zijn nu zichtbaar maar men roert nog steeds in het 150 jaar oude Thorbecke pannetje. Als de inkomsten dan niet uit auto’s en huizen komen dan zoekt het kabinet heil in het verhogen van de belasting op consumptie en gebruik. Men gaat ervan uit dat de consument evenveel blijft consumeren en daardoor de belastinginkomsten stijgen. Maar dat is natuurlijk niet zo. Als men niet consumeert dan gaat er arbeid verloren, gaan de gevolgkosten omhoog en schrijdt de crisis voort tot uiteindelijke chaos. De overheid laat los maar niet voldoende. Men stuurt nogsteeds met dezelfde middelen.
Conclusie
De belangrijkste conclusie die we kunnen verbinden aan Prinsjesdag 2013 is dat het kabinet eindelijk het verleden voor een belangrijk deel heeft losgelaten. Beter laat dan nooit zeggen we dan maar. De bevolking zal het maar moeilijk begrijpen terwijl we ons vaak afvragen of de regering zelf wel begrijpt waar ze naar toe wil? Besparingen enerzijds en de verandering van belastingstromen zijn de belangrijkste beleidsaanwijzingen. Maar dit mist elke vorm van creativiteit en opening voor vernieuwing. Of dat achter de schermen er wel is vragen we ons af.
De toekomst verlangt nog veel meer van ons maar dat ligt niet alleen aan Den Haag. Initiatiefname is essentieel, niet uit participatiedrang maar vanuit het besef dat zelfleiderschap beter is dan afhankelijkheid van een instortend systeem. Uiteindelijk werkt natuurlijk de gecreëerde opening van de alom aanwezige overheid mee. Maar die overheid is steeds kouder en materialistischer in haar geldnood terwijl de huidige maatschappij juist menselijkheid verlangt. Dat kan het systeem niet opbrengen waardoor het lijkt of de premier vraagt om participatie in het begrip voor de onmenselijkheid. Dat komt er niet en het onbegrip zal alleen maar groeien.
Wij mensen onder elkaar kunnen die menselijkheid wel opbrengen maar dan niet met de bevriezende adem van een belasting en schuldstaat in ons nek. Hopelijk beseft de overheid dat op termijn ook en laat het haar dictatoriale koude materialisme enigszins varen. Dat hoeft zeker niet door met geld te gaan smijten en oude afhankelijkheden in stand te laten houden. Dat kan vooral door levend lab constructies toe te staan, te stimuleren en faciliteren, transformatiefondsen (anders dan investeringsfondsen) in te stellen en nieuwe waarden zich eerst te laten consolideren voordat men de belastinghamer er weer op loslaat.
Tot slot
In mijn openingszin zeg ik dat ik “redelijk” blij ben. Dat is al een wereld van verschil vergeleken met al die jaren dat ik mij publiekelijk ergerde aan die regeringen die maar blind vast bleven houden aan het verleden. Ik zie prille openheid tot verandering en dat maakt mij blij. Waar ik nog vele honderden slagen om de arm bij houd is de manier waarop de centrale overheid zich nu ontwikkelt tussen koude dwang en warme bevrijding. De blauwdrukken van transformatie zijn al in ontwikkeling in ee maatschappij en worden toegepast buiten Dem Haag om, maar het Thorbecke systeem blijft nog veelal een rem en geen gaspedaal. De dag dat Den Haag (actief!) lid wordt van bijvoorbeeld Sustainocratie zou ook voor Den Haag een opluchting zijn. Wie weet komt dat nog als ook het vertrouwen dat buiten de regering ook oplossingen te vinden zijn. Vooralsnog is mijn negativiteit veranderd in “the benefit of the doubt” hetgeen al een betere basis is voor de toekomst.
Sustainocratie is een transformatieve toevoeging waar de overheid aan deel kan nemen. Het veroorzaakt de transformatie van de economie parallel met de maatregelen in de oude structuur. Toepassing verlangt durf en bereidheid tot een coöperatieve samenleving.
Ondernemers worden zelfs constant geconfronteerd met die vraag omdat de continuïteit van hun onderneming ervan afhangt. Ook hele maatschappijen vragen zich nu af wat het is?
Succes is natuurlijk een combinatie van een aantal factoren. In essentie draait succes om de resultaatgedreven interactie van uzelf met uw omgeving waarbij het resultaat voor u positief is, of u nu een individu bent, een instelling of een maatschappij. Als het resultaat negatief zou zijn dan zou u het als onsuccesvol ervaren met bijbehorende pijn en angst. Vanuit een wiskundig perspectief kunnen we dus praten over twee variabelen (U en Uw omgeving) en een resultaat (positief of negatief).
Van die twee variabelen bent u voor uzelf het meest voorspelbaar en uw omgeving het minst. U zult dus voor uw succes zo het beste uit uzelf moeten halen om zo goed mogelijk om te gaan met uw omgeving en succesvol te zijn (innerlijke kracht en zelfbewustzijn). U merkt vanzelf wanneer u dat goed doet want dan ontstaat er “groei” (externe kracht). Maar de omgeving reageert ook op uw groei door te gaan concurreren of mee te liften.
Natuurlijke wetten
In feite passen wij automatisch de cyclische natuurlijke wetten toe die altijd de volgende fasen doorlopen: groei, concurrentie, aanpassing en harmonie.
Natuurlijke evolutie
Het is eigenlijk heel simpel. Zodra de concurrentie zo groot wordt dat uw groei stopt en verandert in krimp dan weet u dat u zich moet aanpassen. De aanpassing zorgt weer voor een nieuwe zoektocht naar een positieve interactie met uw omgeving. U vindt deze door op zoek te gaan naar de onbalans in de omgeving. U kunt er waarde aan toevoegen door balans aan te bieden meestal door ergens een leegte te vinden waar u in past. Zodra de omgeving dat aanvaardt dan ontstaat weer een nieuwe groei curve en de cyclus begint opnieuw.
Op papier is deze uitleg eenvoudig maar in de werkelijkheid blijkt het enorm lastig uit te voeren. Daarom ervaren wij “succes” als iets speciaals terwijl het eigenlijk de normaalste zaak van de wereld zou moeten zijn. In de natuur zijn wij omringt met successen omdat het falen verdwijnt in de geschiedenis. Alleen succes evolueert. Zolang u leeft (of bestaat als organisatie) heeft u kans op succes en is de succesformule positief.
De formule
De genoemde variabelen spelen op elkaar in. Succes doet dus een beroep op de ontwikkeling van ons talentom er zelfbewust mee om te gaan. De een doet dat beter dan de ander. Ik toon u nu een formule die is gebaseerd op bovenstaande natuurwetten voor succes. Het linker deel van de formule vertegenwoordigt uw talent waar, de rechterkant uw omgeving.
De succes formule (>1 = succes)
Transformatie
In de formule treft u de variabel “transformatie” aan dat naast “groei” positieve invloed heeft op de succesformule. Transformatie geeft betekenis aan onze veranderingsgezindheid en praktische toepassing ervan. In feite voegt dit onze zelfbewustzijn toe aan de manier waarop wij omgaan met de werkelijkheid en onze eigen groei. De basis van transformatie is de creatie. Deze varieert van kleinschalige aanpassingen om groei te bevorderen tot het ontwikkelen van totaal nieuwe producten, diensten, inzichten en werkwijzen waarmee wij ons beeld van de veranderende werkelijkheid vorm geven en wederzijds beïnvloeden. Transformatie als variabel groeit wanneer groei mindert en krimpt wanneer groei stijgt. We beseffen dat groei niet oneindig is en pas continuïteit krijgt als het tegelijkertijd zich aanpast aan de veranderende werkelijkheid.
Consequenties
Ook zien wij de variabel “gevolgen” naast “concurrentie”. Concurrentie is de confrontatie tussen gelijken rond hetzelfde doel. De wet van de sterkste geldt maar gaat ook gepaard met consequenties op gebied van algehele waarde onttrekking dat door de concurrentie wordt veroorzaakt. Als er geen duidelijke winnaar is dan zijn er alleen verliezers. Dat heeft niet alleen invloed op de concurrenten zelf maar ook op de omgeving waar de waarde uit onttrokken wordt. De hele formule wordt zo omlaag gehaald en veroorzaakt uiteindelijk stress situaties. Als de formule onder de “1” komt dan er geen succes meer, maar u leeft nog wel. U ervaart het als een crisis. Wanneer het uitkomt op “0” dan is de dood ingetreden, hetgeen zoveel betekent als een faillissement, een overname of gewoon ophouden te bestaan. Elk van de variabelen kan zowel het succes als de ondergang betekenen. Uw talent is de manier waarop u ermee omgaat.
Deze gevolgen maken ook een verbintenis met ons zelfbewustzijn waar wij ook ons “geweten” aantreffen, een set instrumenten om op een bepaald moment de juiste prikkels te geven voor het opstarten van een transformatie. Als de concurrentie groeit vermindert ons succes. Als de consequenties groeien dan mindert succes ook. Deze prikkels zijn meetbaar, niet alleen door naar onze groei te kijken maar ook aan te leren voelen wanneer de confrontatie niet meer leidt tot succes maar afzwakking. Dan is het tijd om transformatie extra aandacht te geven, zelfs als we nog genieten van groei. Denk bijvoorbeeld in onze huidige werkelijkheid aan klimaatverandering, opwarming van de Aarde, grondstoftekorten. 100 jaar geleden speelden die gevolgen niet in de groei keuzes en werden ook niet meegenomen in de formule. Nu wel.
We merken wanneer we energie moeten gaan steken in transformatie als we actief de hele formule blijven bewaken. Transformatie is een techniek op zich dat omringd wordt door prikkels en bewijs van succes door groei. Zonder transformatie is succes nooit duurzaam en op termijn kwetsbaar. Transformatie zonder groei is nutteloos. Verandering op zich is geen groei, het is het scheppingsproces voor groei. De mens doet dat vanuit zelfbewustzijn. Zelfbewustzijn wordt door organisaties ingekocht maar transformaties dienen uit de innerlijke “ik” te komen. Dat heet dan leiderschap. Prof. Paul de Blot op Nijenrode noemt dat Business Spiritualiteit.
Conclusie
Hieruit kunnen we concluderen dat succes weliswaar te maken heeft met permanente groei maar uitsluitend zich evolutionair ontwikkelt vanuit “transformatie”. Het een kan niet zonder het ander waarbij transformatie een wezenlijke aanpassing of toevoeging vanuit toegevoegde waarde aan de omgeving betekent. De transformatie veroorzaakt dan ook altijd weer de transformatie van de omgeving. Transformatie ontwikkelt zich buiten de oude groei en veroorzaakt een totaal nieuwe groei.
1% transformatie geeft 100 % groei. Maar die 1 % kost 99.99 % moeite.
Transformatie is een van moeilijkste eigenschappen van succes. Het is iets waar amper aandacht wordt besteed in gemeenschappen die vooral uit zijn op groei en zich laten verrassen door de concurrenten en consequenties. De huidige crisissen in de wereld zijn daar een voorbeeld van. Ook de transformatieve kracht die ontstaat op de meest onvoorspelbare plekken toont aan dat schepping overal kan plaats vinden als het de ruimte krijgt. De gevestigde orde weert die transformatie vaak uit angst voor oude groeibelangen maar delft het onderspit of past zich aan.
Daarom plaatst Sustainocratie de transformatie naast de democratische werkelijkheid en nodigt belangenpartijen van de groeiwereld uit om mede verantwoordelijkheid te nemen op experimentele basis zonder nog hun huidige groeiprocessen ter discussie te stellen noch te verwarren door de transformaties.
Transformatie en Sustainocratie
In de mensenwereld hebben wij allerlei belangen gefragmenteerd en onderling afhankelijk gemaakt van geld. Door deze kunstmatige werkelijkheid als basis te nemen voor de succesfactor is men gaandeweg het contact kwijtgeraakt met fundamentele omgevingsfactoren (milieu en mens). De consequenties die wij in de wereld tegenkomen dwingen alle actoren tot het nemen van transformatieve verantwoordelijkheden tegelijkertijd. We zien veel bedrijven en overheden organisch reageren binnen het fragment van hun eigen autoriteit. We zien ook dat dit in beperkte mate effecten heeft op de veranderende werkelijkheid maar de grote crisissen niet oplost omdat de harmonie van onszelf en onze omgeving is verstoort.
Sustainocratie voegt er een transformatie platform aan toe waarin alle partijen samen verantwoordelijkheid nemen voor het creëren en herscheppen van optimale omgevingsfactoren waarin die natuurlijke universele componenten van gezondheid en veiligheid een hoofdrol spelen. Dat kan alleen door allereerst uiterst lokaal samen te werken want overal in de wereld zijn de mens en omgevingsfactoren verschillend. Door een netwerk te creëren van lokale transformaties die uitkomen in groei transformeert uiteindelijk de hele wereld. Wij noemen dit de “transformatie economie” en de “economie van het integraal transformeren”. Wanneer de integrale transformatie hebben plaatsgevonden kunnen de gefragmenteerde belangen weer groeien.
Sustainocratie is zelf een transformatie die stap voor stap een groeiproces mee aan het maken is. Het begon klein maar groeit gestaag door de toepassing van de natuurlijke werkelijkheid.
Regelmatig komt dit aan de orde in de colleges van de STIR Academy als ook in alle Sustainocratische organisaties die we opzetten. Hieronder een schematisch voorbeeld van de transformatie, experimenteel toegepast in onze economie (Eindhoven en Noord Brabant).
Vandaag werd ik verrast door een oude tractor in het midden van Eindhoven die ook nog eens midden op straat geparkeerd stond. Er achter hing een kar vol spreuken alsof de studenten bierwagen getransformeerd was. “Wijs door ervaring” stond er groot op de zijkant. Al met al een fraaie (eigen)wijze vertoning van opvallende dienstverlening vol vrolijke kritiek en boodschappen.
Ik werd al roepend aangesproken door een man in overall die uit een huis kwam. “Wil je een kijkje nemen binnen?” vroeg hij met een smeuïg Brabants accent. “Allemaal gecertificeerd werk” zegt ie terwijl de aanhanger opende.
De inhoud was al even spectaculair als de buitenkant. Een en al schroef, draad en spullen, een reizende marskramer van loodgieter en elektrische reparaties. Het deed mij denken aan de vroegere dorpsreparatie werkplaatsen waar je alles kon vinden dat zelfs overgrootvader allang vergeten was. Natuurlijk vroeg ik hem om op de foto te gaan.
Frans van Och – ZZP – 66 jaar
“Ik ben hiermee begonnen om uit die bijstand te komen” zei hij. Met een vrolijk kritische stem vertelde hij dat hij geen werk meer kon vinden en die bijstand lui zat was. Hij geeft lekker af over burgemeester en wethouders die hem ook al uit zijn huis willen hebben “omdat ze toch miljoenen willen verbrassen die niet van hen zijn. Mee de grond in heien moeten ze die lui”. Dus was ie gaan klussen. Nu is hij 66 en zelfredzaam als zelfstandige professional waar het zelfbewustzijn van afstraalt. Een echte ZZP-er (zelfstandige zelfbewuste professional). Deze man maken ze niets meer wijs.
Ondertussen loopt de vrouw naar buiten waar hij was geweest voor een klus. “Een vakman is het”, vertelt ze me nog. Ze is een vaste klant geworden van deze man “die er pas mee ophoudt als ze hem onder de zoden stoppen”. Een mooi voorbeeld van een knokker die zich niet laat kisten. Een ondernemer van zijn eigen leven.
“We zijn het niet geworden” klonk het teleurgesteld in het wereldje van bepaalde kringen toen Eindhoven de titel van cultuurhoofdstad 2018 aan haar neus voorbij zag gaan. “Eindelijk weer tijd voor gezond verstand” klonk het in de vele andere wereldjes. Want laten we wel wezen. Waar heeft Eindhoven die titel voor nodig? “Wat doen we nu met die vrijgemaakte miljoenen” klonk uit de mond van enkele gewetenloze elementen die gewend zijn om met het schijnbaar onbeperkte vermogen van andere mensen te smijten. Zo zit het echte Eindhoven niet in elkaar.
De cultuur van Eindhoven is die van verandering. De permanente zelf-reflectieve aanpassing aan een veranderende werkelijkheid. We zijn een relatief kleine stad in het Nederland dat omringd wordt door een grote mensenwereld. Als de wereldkaart op een bepaalde manier neerlegt kun je ons zelfs bezien als het centrum van de wereld. Maar we zijn geen havenstad, geen regeringsstad, geen Den Haag, Rotterdam of Amsterdam. Ook geen Parijs, Rio de Janeiro, Sjanghai of Las Vegas. Wij zijn Eindhoven!
Niet de 5e op de ranglijst van grootste steden in het land maar onze eigen nummer 1 op gebied van wereldwijde cultuur en economieverandering door transformaties. Wij hebben er ons stad en regioberoep van gemaakt om toegevoegde waarde te leveren aan de wereld door onszelf steeds proactief aan te passen aan de veranderende werkelijkheid. Dat kost pijn en moeite maar het transformeren zit in onze regionale genen. We hebben het zelf meermalen gedaan en doen het weer als het moet. Totdat we tot het besef komen dat die transformaties juist onze identiteit hebben geschapen en aanzien in de wereld.
Nu staat de rest van de wereld voor allerlei transformaties en kunnen we ons vermogen ook dienstbaar ontwikkelen als economie.
Dat kan op niveau van product en techniekontwikkeling (Brainport) of Design. Maar dat kan ook op gebied van transformaties van integrale zaken zoals het functioneren van de stad in een nieuw tijdperk, het centraal stellen van de evolutie van de mens (Sustainocratie) of het bewust zoeken naar harmonie met onze natuurlijke omgeving ( AiREAS, The Natural Step), enz. We hebben het allemaal.
Global issues, local solutions, global application
De huidige wereldmaatschappij wordt gekenmerkt door de grootste uitdagingen ooit voor de mensheid. Wij worden vooral geconfronteerd met onszelf. We komen voort uit een industrieel tijdperk waarin we geleerd hebben om producten massaal te vervaardigen en ze wereldwijd te verhandelen totdat er enorme economieën ontstonden. We hebben technieken ontwikkeld om dit efficiënter en grootschaliger te maken. Ook werd er gewerkt aan de psychologie van de mens via marketing technieken om zo veel mogelijk te willen consumeren. De transactie economie evolueerde van lokale productiviteit naar wereldwijde machten rondom productie, distributie en consumptie.
Over elke transactie wordt geld verdiend in de vorm van bedrijfskundige winst. En belasting geheven voor de ontwikkeling van faciliterende infrastructuur en maatschappelijke structuren rondom werkgelegenheid en sociale zekerheden. Maar nu wordt de belasting ook geheven om de gigantische gevolgen van de transactie economie het hoofd te bieden. Opwarming van de Aarde, vervuiling, klimaatverandering, stijgende zeeniveaus, migraties, “de angst voor de ander”, enz. enz.
De Staat kan zelf niet transformeren
Het geeft allemaal weer dat er zaken moeten veranderen die in die transactie economie geen verandering kunnen vinden. Ook de politiek heeft haar oorsprong in de verzuiling rond economische en transactie belangen en is amper tot niet in staat om anders met de werkelijkheid om te gaan. De politieke democratische vertegenwoordiging is niet bij machte om verantwoordelijkheid te nemen voor consequenties als haar politieke oorsprong en staatshuishouding juist voortkomt uit de probleemveroorzaker. Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat de Staat wel in staat is tot zelfreflectie maar niet tot zelftransformatie. De transformatie komt altijd van buitenaf, door een alles vernietigende crisis of een beter alternatief. In Eindhoven ontstaat het betere alternatief door LID te worden van de transformatie economie (verandering) en die toe te passen op onszelf.
Eindhoven is een zelfbewuste coöperatie, niet alleen overheid
Eindhoven is geen Staat, geen industrieel bolwerk noch een logistiek centrum. Daar hebben we vleugjes van meegepikt toen die werkelijkheden overheersten. Maar nu overheersen geheel andere zaken, gigantische wereldse uitdagingen die door de gevestigde orde niet opgelost kunnen worden. Eindhoven is een flexibel bolwerk van vernuft, samenwerking en toegevoegde waarde. Eindhoven is een waardengedreven coöperatie gericht op welzijn, leefbaarheid en duurzame menselijke vooruitgang door toegepaste innovatie en creativiteit.
Als de wereld transformatie nodig heeft dan ontstaat de economie van de transformatie hier, in deze stad en regio, niet door het te verkopen maar allereerst door de transformatie zelf te zijn en dan van de ervaringen een wereldeconomie te maken.
Het is niet verrassend dat Sustainocratie in Eindhoven een juiste voedingsbodem heeft gevonden. Het is ook niet verrassend dat de Stad Eindhoven beseft dat zij niet alleen bestaat uit overheid. Zowel de overheid, bedrijven, burgers en wetenschap zijn allemaal samen LID zijn geworden van de eigen transformatie noodzaak en economie ontwikkeling door AiREAS te omarmen als eerste wereldwijde stap een gemeenschappelijke transformatieve uitdaging (gezonde stad). AiREAS is uniek en maar een begin. Het is een economie van transformaties die in Eindhoven haar wortels vindt maar tevens ook de transformatie van economieën veroorzaakt door een integrale, onbevangen en onbevooroordeelde aanpak waarin de mens en milieu centraal staan.
In dit download document kunt u het nog eens uitgebreid nalezen en zich eigen maken. Het is de werkelijkheid van Eindhoven waardoor we geschiedenis schrijven zonder dat er een “commissie” aan te pas komt. Wat wij als Eindhoven zijn bepalen we zelf.
Eindhoven is dus misschien geen culturele hoofdstad in 2018 geworden door besluit van een externe commissie maar wel wereldhoofdstad cultuurverandering en transformatie economie NU en minstens voor de komende 30 jaar vanuit onze eigen intrinsieke motivatie en gedurfde daadkracht!
Jean-Paul Close (ideologische grondlegger en praktische uitvoerder Sustainocratie).
Nu de eerst leden zich hebben aangemeld kan de VE2RS wijkcoöperatie van start in Eindhoven en omgeving. Wat kunt u verwachten?
In algemene zin gaan we experimenteren met het thema “zelfredzaamheid en samenwerking” op gebied van duurzame wijk en gebiedsontwikkeling. Een aantal zaken zijn al lopende:
1. Gemeenschappelijke inkoop van:
Energie
Stadslandbouwproducten
Workshops
Lokale recreatie
Verzekeringen
Mobiliteit
2. Samenwerking op gebied van:
Energie productie
Verbetering van de woning
Verbetering leefbaarheid
Stadslandbouw in de wijk en uw tuin
Sociale cohesie
Wijkprojecten
Advies
Wijkgezondheid
Wijkveiligheid
Wijkverduurzaming
Wijk-economie
Wijk-dienstverlening
Activiteiten
Wijk-ondernemerschap
Woonachtig in of om Eindhoven? VE2RS zal steeds verder groeien in de wijken en ontmoetingsplekken creëren waar men bij elkaar kan komen.
De wijkcoöperatie VE2RS is onder de Stichting STIR (www.stadvanmorgen.com) gestart en groeit. Vanaf het 100-ste lid zal de coöperatie zich notarieel verzelfstandigen. Wijken vormen vanaf 100 leden een eigen zelfstandige VE2RS groep volgens de algemene kaders van deze coöperatie.
Angst is een democratische drijfveer, maar niet voor altijd
De grote waarde van een democratie is dat de bevolking eens in de zoveel tijd haar volksvertegenwoordiging mag kiezen. Ondertussen is er de vrijheid van meningsuiting en het rechtssysteem om de orde een beetje te bewaken. In principe is dit een grote winst van onze organisatorische evolutie. De bevolking lijkt het voor het zeggen te hebben terwijl de regering vooral moet voldoen aan de wensen van de massa om herkozen te worden.
Maar werkt dat echt?
In Nederland leven wij in een van de rijkste landen ter wereld. Dat hebben wij voor elkaar gekregen door een sterke handelscultuur en de voorzichtigheid om voldoende sociale zekerheden op te bouwen voor als het een keer minder gaat of als we door leeftijd kunnen gaan genieten van een verzorgde oude dag. Als we dan naar de stembus gaan dan stemmen we vooral op de belofte om die luxe situatie te behouden.
We zijn namelijk bang. Bang om ons werk te verliezen, bang om de hypotheek niet te kunnen betalen, bang dat we niet meer twee keer per jaar op vakantie kunnen, bang dat we geen nieuwe meubels meer kunnen kopen, bang dat onze auto het begeeft en we niet meer kunnen rijden, bang dat we niet meer naar de dokter kunnen als we ziek zijn, bang om ons pensioen te verliezen, bang dat de buren meer hebben dan wij, bang dat de kinderen niet het beste van het beste krijgen,…… bang bang bang.
We zijn vooral bang omdat wij zelf niets in de hand hebben. We zijn voornamelijk afhankelijk van het functioneren van een economie die in handen is van allemaal onzichtbare mensen. Zolang dat goed gaat zijn we tevreden. Dan klagen we misschien dat het misschien ook beter kan maar in essentie zijn we blij dat we het allemaal nog hebben. We hoeven maar op televisie te kijken om te weten dat het ook anders kan. Maar dat is gelukkig ergens anders in de wereld, niet bij ons.
Als we dan naar de stembus gaan dan stemmen we op behoud. We zijn bang dat we onze situatie kwijt kunnen raken dus luisteren we naar de beloftes van mensen die zeggen dat ze alles in stand kunnen houden en zelf verbeteren. Sinds 2000 hebben we 6 regeringen gehad die allemaal via de stembus het mandaat van behoud kregen maar telkens dat niet konden waarmaken. Zij gingen vroegtijdig ten onder om plaats te maken voor de volgende die ons overstelpte met beloftes. Sinds 2008 is er ook nog de kredietcrisis die ons heeft aangetoond dat degenen die wij het meeste wilden vertrouwen, de banken, dit en ons spaargeld hadden verkwanseld aan allerlei twijfelachtige buitenlandse handeltjes die men financierde door onze huizenmarkt kunstmatig op te drijven en ons via de hypotheek 25 jaar lang kaal te plukken en nog banger te maken.
Ook de regering laat zien dat zij alleen maar haar beloftes waar kan maken door de rekening bij ons zelf neer te leggen. Jaren lang speelden ze onder een hoedje met de banken. In 10 jaar tijd zijn de lasten via de belastingen verdubbeld. Hoeveel kan onze angst nog verduren?
De maatschappelijke lasten via de belastingen zijn verdubbeld in 10 jaar tijd
Van angst naar moed is een kleine stap
Het wordt duidelijk gaandeweg dat de oplossing niet ligt bij angst maar bij moed. Die afhankelijkheid van allerlei onzichtbaar personen is geen optie meer als uit die onzichtbaarheid alleen maar incasso’s verschijnen waar we zelf geen enkele schuld aan hebben maar die ons via de stembus wél worden toegerekend. Wie kunnen we vertrouwen als de banken en de regering alleen maar zichzelf in stand houden en geen enkele zekerheid meer bieden voor onze toekomst? Hoe lang accepteren we nog dat de rekening om onze angst te sussen aan onszelf en onze kinderen ver in de toekomst wordt gepresenteerd? Hoe lang duurt het nog voordat het allemaal als een plumpudding in elkaar zakt en we inderdaad niets meer hebben?
Het democratische systeem is uitstekend maar evenzeer een last als het achterliggende systeem niet meer voldoet. Verandering kan dan niet zomaar organisch via de stembus omdat de massa nooit ineens geconfronteerd wordt met het inzicht van de noodzaak tot verandering. Daarvoor is men te bang. Het verleden terug verlangen is veilig en bekend. Veranderen is instemmen met het onbekende. Wie krijgt de democratische massa zover dat men ingaat op verandering als de problemen nog maar pas echt bij de deskundigen bekend zijn? Zodra de massa er mee eens is dan is de plumpudding allang in elkaar gezakt.
De oplossing moet dus van buiten de gangbare werkelijkheid komen maar wel op een nette manier. De “onnette” manier is die van de gefragmenteerde opstand zoals staking, barricadewerk en zelfs vormen van terrorisme of activisme.
In de moderne tijd is er ook een andere optie. Dat noemen wij het opzetten van de “transformatie economie”, een verandersysteem dat werkt op basis van ethiek en verantwoordelijkheid. Sustainocratie is zo’n verander economie. Men kiest in een democratie voor de afhankelijkheid en welzijn. In de Sustainocratie neemt men verantwoordelijkheid door deel te nemen aan duurzame zelfredzaamheid. Men werkt dus mee aan veranderingen die het duurzame welzijn in gevaar brengen vanuit een inzicht dat door de massa nog niet wordt gedragen.
Vertrouwen in onszelf
De enige die we kunnen vertrouwen dat zijn wij zelf. Als we vertrouwen willen uit besteden via de democratische weg dan weten we al bij voorbaat dat er niets van terecht komt zoals de situatie er NU voor staat. Daar hoeven we dan al niet meer bang voor te zijn. De angst verplaatst zich dan naar onszelf. Hoe betrouwbaar en talentvol ben ikzelf om richting te geven aan de toekomst en zekerheden te creëren waar ik en mijn omgeving wat aan heeft? Ook dat is beangstigend maar die pijn schept wel mentale ruimte om na te denken over mijn eigen rol in dit geheel? Wat doe ik eigenlijk? Hoe zelfredzaam ben ik? Hoe zelfbewust ben ik over de werkelijkheid? Als ik zo afhankelijk ben hoe zorg ik dat ik weer wat controle krijgt over mijn eigen leven?
In kringen van menselijk ontwikkeling wordt dat proces “bewustwording” genoemd. “Alles wat ik heb kan ik verliezen” en dat schept angst waar anderen gebruik of misbruik van maken. “Alles wat ik ben neemt niemand van mij af” en is de basis van het scheppen van zekerheden en zelfvertrouwen.
Wanneer wij in de Stad van Morgen praten over de “transitie economie” dan hebben we het allereerst over de verandering van mentaliteit van angst voor het onbekende naar vertrouwen in jezelf. Pas met dat zelfvertrouwen kan men de verbintenis aangaan met anderen en samen gaan werken aan hernieuwde zekerheden. Soms dient dat zelfvertrouwen op zoek te gaan naar nieuwe talenten die men vaak wel heeft maar in de afhankelijkheid wereld niet werden benut maar in die nieuwe wereld juist enorm van toepassing zijn. Die oude vaardigheden die men loslaat waren veelal kunstjes die door de omgeving werden verlangd, de nieuwe vaardigheden komen meestal van binnenuit en worden geboren uit de passie van de mens zelf. Men staat er dan ook veel authentieker mee in het leven.
Maar dat is allemaal een proces. Ondertussen gaan we naar de stembus weer in Maart 2014 voor de raadverkiezingen. Nu regeert angst nog in heel Nederland. Als we naar de raadverkiezing gaan laten dan vooral stemmen op die mensen die in staat zijn om ons de ruimte te geven om onszelf weer te ontwikkelen. De nieuwe gemeentelijke besturen kunnen faciliterend lid worden van burgerinitiatieven (géén participatie want we participeren nergens in maar nemen zelf verantwoordelijkheid) en samen gaan werken aan de transitie.
Laat Maart 2014 een stapje zijn in de omslag van een cultuur van angst naar een van zelfverzekerdheid. We willen geen rekeningen meer hebben van onze overheden maar zelf waarden creëren zodat we onze maatschappij zonder schulden zelf kunnen dragen.
Sustainocratie, de transformatie economie
U kunt ook desgewenst gratis (niet vrijblijvend) lid worden van Sustainocratie (de transformatie economie). Dat is geen politiek partij maar een verander initiatief dat helpt de maatschappelijke onbalans saneren die door angst is ontstaan, door collectieve angst blijft regeren en de zaak democratisch alleen maar verergerd. Als u lid wordt van Sustainocratie dan nodigen wij u regelmatig uit om mee te doen met de transformatie via vreedzame veranderprojecten in speciale coöperaties waar paradoxaal ook de overheid, wetenschap en het bedrijfsleven zich bij aansluit. Kijk naar bijvoorbeeld AiREAS
De discussie is weer opgelaaid over de antroposofische stroming in de bevolking die hun kinderen niet willen inenten tegen bepaalde ziekten. Die discussie is op zich prima en heel antroposofisch als erdoor een openheid in dialoog ontstaat over essentiële levensvragen. Wanneer echter de discussie geblokkeerd wordt door dogmatische opvattingen of “God’s wil” dan hebben we meer te maken met religie dan antroposofie.
Antroposofie is een filosofische levensbeschouwing waarin de ontwikkeling van het bewustzijn een natuurlijke oorsprong heeft met een natuurlijk spirituele en zintuiglijke evolutionaire context. Daarin past niet “het is zoals het is” noch “het is zoals Rudolph Steiner het heeft gezegd” maar wel “het is zoals ik het voel en zelfbewust beredeneer”. De kern van de discussie gaat over “wat is natuurlijk evolutionair en wat niet?”. Voor mij gaat de discussie over “waarvoor neem ik verantwoordelijkheid en op welke gronden baseer ik mijn keuzes?”.
Toepassen van kennis
De mens onderscheidt zich van een groot deel van de levende omgeving door onze zelfbewuste toepassing van kennis. Dit doen we natuurlijk uit eigenbelang en de toepassing ervan is op zichzelf al evolutionair, niet alleen voor onszelf als soort maar ook voor onze omgeving. Waar leggen we onze grenzen? Wat moeten we aan de natuur overlaten en wat mogen we een handje helpen vanuit de ontwikkeling van onze kennis en hulpmiddelen?
Ethische vraagstukken
In de antroposofie is het ontstaan van de mens al geprogrammeerd in de beginselen van het ontstaan van het leven, niet in haar definitieve fysieke vorm maar wel als een zich ontwikkelend bewustzijn. Zo heeft Steiner het over onder andere de “vuurwezens” waar in verschillende fasen van alles bij kwam. De interactie en samenvoegingen van elementen en natuurverschijnselen zijn alles bepalend geweest. In feite komt het met nuance verschillen overeen met het scheppingsverhaal en ook met mijn eigen werk dat zich uit in “het geheim van het leven”. Hierbij moeten we in acht nemen dat ik veel vrijer schrijf over opvattingen vandaag dan men dat in het verleden kon doen door allerlei overheersende dogma’s die gevaarlijk zichzelf in stand hielden en nieuwe redenaties tegenwerkten.
De natuurlijke levenswetten gelden natuurlijk ook voor alle levende wezens die zijn ontstaan, ons omringen of zijn verdwenen, niet alleen de mens. Dus ook de wereld van insecten, bacteriën en virussen.
Antroposofie en Sustainocratie
Terwijl antroposofie filosofeert over “de mens” als voorbestemd zelfbewust onderdeel van onze natuurlijke omgeving gaat Sustainocratie over de manier waarop wij zelfbewust met onszelf en onze omgeving omgaan als menselijke samenleving binnen een dynamisch universum. Volgens het model van de menselijke complexiteit en de uiting in “het geheim van het leven” zien we vier natuurlijke aandachtsgebieden die de antroposofische bedenkingen omvatten.
1. Harmonie
Ons universum is harmonieus door de constante verandering die steeds weer een nieuwe balans zoekt. Dit universum speelt zich af buiten maar ook binnen de mens zelf. Wij zijn in alle aspecten hetzelfde als onze universele omgeving en ontwikkelen ons volgens de functionele werkwijze hiervan, niet dat van het niveau van ons bewustzijn maar van dat deel dat we denken te snappen. Om zelf in harmonie te blijven dienen het op te zoeken met onze aldoor veranderende omgeving. Hierin heeft de mens maar een doel: het in stand houden van zichzelf als levende soort. Het zelfbewustzijn helpt ons daarbij en zorgt voor de evolutionaire context die verder gaat dan Darwinistische omstandigheden. Wij beïnvloeden onze omgeving zelfbewust en beredeneren de effecten van onze beïnvloeding. Andere soorten hebben dezelfde doelstelling voor zichzelf maar misschien een andere instrumentarium waardoor er een interactie plaats vindt tussen de mens en de omgeving. Deze uit zich op verschillende manieren waarbij harmonie het uitgangspunt is, niet de instandhouding van het fragment. Daar zorgt het fragment, zoals de mens, zelf voor binnen haar eigen mogelijkheden. Symbiose noemen we dat, ofwel de kunst van het samen leven maar ook overleven.
We kunnen dat romantiseren maar ook noodzakelijkerwijs relativeren. We hebben onze omgeving nodig om te leven. Deze levende omgeving reageert uit eigenbelang op de veranderingen die de mens veroorzaakt. In vele gevallen is dit bedreigende voor de mens en dwingt de mens tot een reactie
2. Groei
Als een soort de kans krijgt om te groeien dan doet deze dat totdat er grenzen worden bereikt van de groei. De mens als soort groeit exponentieel binnen de beperkte fysieke ruimte van onze leefomgeving. De omgeving past zich op de groei van de mens aan terwijl ze zelf ook uit is op groei. Maar hoe groter de mensheid des te interactiever de omgeving met de mens omgaat uit eigenbelang. Zo kan de levende wereld de mens ervaren vanuit elk van de vier contexten voor de eigen groei. Het gaat dan niet alleen om de soorten die wij zien maar ook de vele soorten die wij niet zien.
De mens als wezen is zelf een symbiotische samenstelling van miljarden wezens die samen het bestaansrechtelijke leven van onszelf beïnvloeden. In feite zijn wij een universum op zich, een weerspiegeling van de werkelijkheid buiten ons, in alle opzichten. Als wij de symbiose beïnvloeden dan beïnvloeden wij onszelf. Maar in ons zijn ook die miljarden wezen actief in hun eigen processen.
3. Concurrentie
Alles in de natuur concurreert. Ook de mens met alle mogelijke bedreigingen en kansen. Wij lijken soms te denken dat wij geen natuurlijke vijanden hebben maar dat is niet waar. Naast onszelf als onze gevaarlijkste tegenspeler is de wereld van insecten, planten, bacteriën en virussen zowel een symbiotische alliantie als een permanente bedreiging. Dat wij daar slim mee om trachten te gaan is ook natuurlijk. Wij hebben bijvoorbeeld geleerd om ons voedsel te koken voor onze veiligheid. We braden ons vlees voor betere vertering. We hebben muren en steden gebouwd om onze mogelijke natuurlijke vijanden de baas te blijven. Wij bedenken allemaal middelen tegen muggen, steekvliegen en ongedierte (voor ons dan). Hoe ver dienen wij daarin te gaan voordat het onszelf evolutionair gaat benadelen in plaats van helpen?
Die wisselwerking tussen eigenbelang, beheersing en de effecten ervan, onze natuurlijke drang tot groei, de concurrentie voor ruimte en de ontwikkeling van ons bewustzijn, van ons individuele zelf en in onze organisatievormen, hoort daar ook bij. Lang hebben wij onze velden bespoten voor overvloedige voedselproductiviteit maar we zien nu een effect op onze eigen lichamelijke weerstand en vervuiling via ziektes. De bijensterfte wordt ook de mens verweten en heeft uiteindelijk weerslag op voedsel. Antibiotica heeft ons geholpen totdat bacteriën er resistent tegen werden. Nu moeten we weer op zoek naar iets anders.
Kortom, de natuur reageert op alles wat wij doen en bedenken. En de natuur is veel creatiever dan wij waarbij de lange termijn niet in onze handen is maar beïnvloed wordt door vele verschillende variabelen. De kern van ons bewustzijn is een leerproces van onze eigen acties. Daarin staat de mens centraal in haar duurzame menselijke vooruitgang. In onze concurrentie met onze omgeving dienen wij in acht te nemen wat dienstbaar is naar ons bestaan en wat uiteindelijk bedreigend is door ons eigen toedoen? Soms weten wij dat niet vooraf en dienen we het te ervaren. Soms kunnen we dat beredeneren door ethiek en verantwoordelijkheid tot te passen in ons leven en de maatschappijvorm die wij kiezen.
Vanuit deze context is inenting tegen bepaalde bedreigingen een prima concurrentiemiddel om weerstand te bieden tegen de agressie van onze omgeving. Het is iets anders wanneer wij de inenting doen uit gemakzucht, bijvoorbeeld als een bepaalde ziekte nooit levensbedreigend is en misschien zelfs wel bijdraagt aan de natuurlijk weerstand opbouw van de mens. Wanneer is een vaccin een toevoeging aan onze evolutionaire kansen en wanneer is het een uiting van hebzucht van de materialistische of gemakzuchtige cultuur? Daarin speelt antroposofie een gewetensrol die van wezenlijk belang is om de juiste overwegingen te maken.
4. Aanpassing
Zowel de natuur als de mens onderscheidt zich door de mogelijkheid zich aan te passen aan nieuwe werkelijkheden. Voor de mens is dat een leerproces dat het bewustzijn net zoveel aangaat als onze lichamelijke, spirituele en emotionele ontwikkeling via reflectie en beredenering. We hebben een deel van onze ontwikkeling zelf in de hand en een deel helemaal niet. Waar vinden wij de balans? Ook dat is een natuurlijk proces van actie en reactie op verschillende invloedsniveaus om ons heen. Het bewustzijn van het leven zit ingebakken in het universum, of dat nu in de directe omgeving van onszelf is of elders in het heelal. Uitsluitende onder de juiste omstandigheden wordt het leven geactiveerd en komt het tot ontwikkeling in al haar diversiteit en complexiteit. Dat dan steeds weer een mensachtig bewustzijnsniveau bereikt kan worden is ook weer afhankelijk van allerlei factoren. Ons bestaan is daarom redelijk uitzonderlijk en uniek. Daar mogen we niet lichtzinnig mee omgaan. De antroposofische reflectie is daarom zeker zo interessant omdat het ons weer bewust maakt van een omringende werkelijkheid die ook met de mens omgaat en waar wij het cirkeltje steeds weer rond mee proberen te maken vanuit een nieuwe mogelijke harmonie, als was het door de eliminatie van een mogelijke vijand.
Conclusie
Het krijgen van kinderen is een evolutionair progressieve daad. Het begeleiden van de kinderen naar volwassenheid is een ethisch bestaansrechtelijk gedragen verantwoordelijkheid. Het bepalen van vaccins en middelen voor onszelf is een persoonlijke keuze. Maar het bepalen ervan voor onze kinderen heeft een geheel andere antroposofische dimensie. Kinderen zijn niet ons eigendom maar onze verantwoordelijkheid. Hun opgroeiende fasen dienen gesteund te worden door de volwassenen op basis van antroposofische criteria van verantwoordelijkheid rond gezondheid, veiligheid, welzijn en toegepaste kennis voor optimale ontwikkeling naar volwassenheid. De opvattingen die de zelfbewuste ouder op zichzelf toepast zijn niet automatisch van toepassing op het kind. Daar dient een gewetenslag overheen te gaan van reflectie die een kind niet zelf kan nemen. De beste personen die de keuze kunnen maken zijn de ouders natuurlijk. Hierbij dient men zich af te vragen wat het effect zal zijn op het eigen kind en in hoeverre de eigen keuze de wereld om ons heen beïnvloedt. Laten we ons manipuleren door oude of nieuwe dogma’s of passen wij antroposofie toe in de meest verdiepende zin?
Welke keuzes wij ook maken, aanvaarden wij de verantwoordelijkheid ten opzichte van onszelf, ons nageslacht en onze omgeving? En dat geldt niet alleen voor vaccins maar voor elke keuze in het dagelijks leven.