Bij een nieuwe maatschappijvorm horen andere instrumenten

Van arbeid naar participatie
De omschakeling van een arbeid naar participatie maatschappij verlangt tevens dat de bestuurlijke instrumenten die we hanteren zich aanpassen. Gesalarieerde arbeid was bijvoorbeeld een uitstekende basis voor een reguleerbare, controleerbare en belastbare ambtelijke financiële wereld binnen een gesalarieerde en contractuele arbeidscultuur. Ongeveer een derde van de Haagse schatkist is ervan afhankelijk. Het vangnet instrument van sociale uitkeringen, die de financiële overbrugging van een arbeidscontract naar een ander dient te faciliteren als ertussen een periode van werkloosheid zit, heeft prima werk verricht. Maar het systeem is vooral geschikt als er voor de hele maatschappij voldoende contractuele werkgelegenheid is en werkloosheid een uitzondering, niet de regel. Zo niet dan wordt het voor de bestuurders een enorme kostenpost die zowel bureaucratisch als belastingtechnisch de pan uitgroeit. Voor de deelnemers aan de vangnetprogramma’s wordt het een frustrerend knellend dwangbuis van oude regels die allerlei nieuwe sociaal innovatieve opties in de weg staan en het menselijke creatieve reactievermogen teniet doet met alle gevolgen van dien.

Van democratie naar Sustainocratie
De “participatie maatschappij” kan vanuit vele gezichtspunten worden uitgelegd. De mens als burger participeert namelijk altijd. De context van participatie is echter belangrijk. Doet men mee als bezoldigd deelnemer of deelneemster aan arbeidsprocessen? Of als vrijwilliger die onbezoldigd iets bijdraagt? Of door maandelijks verplicht op een uitkering te wachten om dan weer een lading postzegels te kunnen kopen voor de nieuwe ronde verplicht CV’s versturing?

Of doet men mee als pionier door te werken aan een maatschappelijke transitie naar iets nieuws?

De participatie maatschappij in de context is van de Stad van Morgen geeft betekenis aan een evolutionair nieuw maatschappijmodel dat resoneert met menselijke kernwaarden in plaats van geld en belastingen. De maatschappelijke belasting is inzet en talent, niet geld of schuld. Er ontstaat een samenwerking tussen de belangrijke pilaren van de mens aangestuurd door de mens, niet het systeem. Deze pilaren die samenwerken met dit evolutionair burgerschap zijn de overheid, het innovatieve ondernemerschap en onderwijs. Het is nieuwe wereld van waardecreatie en de onderlinge verdeling ervan.Het blijkt een geheel andere maatschappij waarin men participeert dan de oude. Er ontstaat een spanningsveld tussen twee werelden.

De deelnemende werknemers en bestuurders van participerende instellingen zijn bezoldigd in een beloningsstructuur. Ze krijgen van hun instelling de ruimte om (experimenteel) mee te kunnen doen aan de vernieuwingsprocessen en waardecreatie. Daarmee zit men in twee werelden.

Voor de participerende burgers ligt dat anders. Die zijn niet bezoldigd. We doen mee vanuit wederkerig eigenbelang, uitgedrukt in geld en-of waarde. Men heeft de vrijheid om mee te doen omdat men in de oude maatschappijvorm geen enkele kans meer heeft om zichzelf nuttig te maken. De sturing van geld is geblokkeerd en het vangnet is ontoereikend of de bijbehorende druk onmenselijk. Men zoekt een nieuwe weg door zich te laten sturen door iets anders, een bezieling waar wél mogelijkheden in te vinden zijn. Zich laten sturen door menselijke kernwaarden kan dan vanuit de mens maar ook vanuit het institutionele systeem. Hoe vinden we een juiste balans zonder dat de vernieuwing geschaad wordt terwijl de pioniers zowel institutioneel als persoonlijk daarin zich kunnen ontwikkelen? Dat doen we door instrumenten aan te passen.

Nieuwe of aangepaste instrumenten
We kunnen stellig een aantal aannames nu hard maken:

  • Door de nieuwe psycho-sociale bewustwording vindt een enorme gedrag en keuze omslag plaats op zowel bestuurlijk institutioneel niveau als bij de burgers.
  • Deze omslag resulteert in een nieuwe sociaal innovatieve benadering rondom de invulling van de daadwerkelijke kernwaarden van ons menselijk bestaan. De toepassing van wetenschap en technologie in deze aangepaste maatschappelijke context zorgt voor geheel nieuwe pionierswereld en bijbehorende emerging market impuls.
Dood of leven
De échte participatie maatschappij is een evolutie, geen revolutie, met een nieuwe economische cyclus mits deze kan doorbreken.
  • Deze opkomende markten en innovaties verlangen een andere samenstelling van de sociaal economische werkelijkheid, de beloning en bestuurlijke betrokkenheid.
  • Deze opkomende markten hebben ook de inzet van mensen nodig dat veel verder gaat dan vrijwilligerswerk. Er is een geheel nieuw leerproces bij van toepassing voordat deze ontwikkeling ook gaat behoren tot de economische handelswereld. De inzet is voorhanden maar vooralsnog geblokkeerd.

De oude vangnetinstrumenten kunnen omgezet worden als brug voor de maatschappelijke transitie tussen werkelijkheden, inclusief aanpassing van het bestuur en het instrumentarium, in plaats van persoonlijke transitie tussen arbeidcontracten.

Enkele oplossingen

Multidisciplinaire cocreatie
Het aanvaarden van Sustainocratie als beter sturingsinstrument dan de gangbare geldafhankelijke democratie is niet altijd even gemakkelijk. Maar sturing vanuit een kernwaarde zoals “gezondheid” is moeilijk te negeren door de belangenpartijen als we vervuiling zien die de mens beschadigt. Bestuurders zijn ook mensen en vaak voldoende opgeleid en op leeftijd dat het psychosociale bewustzijn ook hen heeft geroerd. Maar de gangbare overheersende geldafhankelijke democratie heeft argumenten van buiten nodig om te komen tot nieuw structuren. Samenwerking vanuit deze nieuwe kernwaarden levert zowel de vooruitgang op als de argumentatie voor een geweldloze transitie en aanpassing tussen systeeminstrumenten.

Participatie Fonds
Samen met het regio bestuur van een gebied creëren we een Participatie Fonds. We definiëren `participatie´ dan vanuit het sustainocratische gedachtegoed van menselijke kernwaarden. Dit fonds is gericht op de inzet en het ontwikkelen van talent in de nieuwe, zich ontpoppende bewustwording en innovaties. Vanuit dit fonds trekken we geschikte én beschikbare mensen. Bijvoorbeeld mensen die nu in de Bijstand zitten. De Bijstand wordt door hetzelfde bestuur gemanaged. Het vangnet blijft voor de deelnemers hetzelfde qua maandelijkse steun maar de omringende afspraken zijn geheel anders. Men wordt meegenomen in unieke processen waar men een nieuwe professionele identiteit mee op kan bouwen. De zogenaamde emerging markets, binnen de kaders van de maatschappelijk transitie op gebied van structurele verduurzaming, worden gaandeweg opgebouwd en geconsolideerd in de opkomende economie waardoor de deelnemers op termijn uit het Participatie Fonds verdwijnen en opgenomen worden in de reguliere bezoldigde of ondernemende maatschappij.

Het opzetten van een Participatie Fonds is niet zo moeilijk als we overeenstemming krijgen over de onderbouwing. Uiteindelijk hevelen we mensen én middelen over uit de Bijstand naar het Participatie Fonds. Het geld blijft hetzelfde alleen de omringende factoren niet. De enige weerstand die we ontmoeten is van bestuurders die tijdelijk belang hechten aan hun Bijstand dossier en de bijbehorende wetgeving in plaats van het scheppen van de (experimentele) ruimte scheppen voor de vernieuwende fondsvorming en uitvoering.

Het Participatie Fonds kan zich daarbij ontwikkelen tot een regionaal multidisciplinair Innovatie Fonds als eenmaal ook die dynamiek aanvaard wordt door ondernemerschap als vaststaande aanpak van permanente, waarden-gedreven innovatie. Daar participeren straks ook de pensioenfondsen in, ondernemers via Royalty’s, Europees geld voor regionale verbinding, enz. Men aanvaardt verandering als constante zonder groeiprocessen te schaden zolang die niet schadelijk zijn.

Nieuwe waarde-eenheid
Het huidige geldsysteem zit verweven in een dynamiek die nog stamt uit het industriële tijdperk. Daarom wordt een schroefjes aandraaiende arbeider wel beloond en een zorgzame alleenstaande moeder met kleine kinderen niet. Binnen de context van “waarden” is de een actief in het geldsysteem en de ander binnen de natuurlijke menselijke kernwaarden. Het begrip “waarde” is toe aan herziening, net als het bijbehorende waardecreatieproces en beloningssysteem. Veel mensen houden zich bezig met uiterst professioneel vrijwilligerswerk omdat er geen beloningsstructuur aan is verbonden. Of omdat geldbeloning eenzijdig is gestructureerd.

Het huidige geld is veelal gebaseerd op een transactiemodel, de uitwisseling van producten of diensten waarbij ook geld als dienst wordt neergezet, altijd als schuld niet als middel. Producten noch diensten zijn het onderpand, tenzij het om vastgoed gaat, maar je arbeidsvermogen in de oude gesalarieerde werkelijkheid wél. In een arbeidsrelatie krijg je een salaris als beloning. Je kunt dan een schuld aangaan ten opzichte van toekomstige beloningen, mits deze contractueel gegarandeerd zijn. In de nieuwe participatie maatschappij gaat het echter om waardecreatie. Bij creatie van de waarde bestaat deze waarde dus nog niet  want anders zou je het kunnen kopen. Zo ontstaat door de participatie in plaats van handel.  Het is daarom een ander soort economie, de Transformatie Economie. Een waardecreatie proces kost moeite, talent, inzet en verwacht een resultaat. Dat resultaat is een winst die niet altijd economisch is zoals in het geldsysteem maar een echte tastbare waarde vertegenwoordigt in maatschappelijke, menselijke of milieu begrippen. In de Sustainocratie van de Stad van Morgen hanteren we zelfs het 4 x winst principe. 3 x winst in waardecreatie en 1 x winst in het economische handelsverkeer of de kostenbesparing als de waarde eenmaal bestaat. De waarden die gecreëerd worden zijn dan niet meteen uit te drukken in geld maar wel in verdeelbare belangen. Een waarde-eenheid die we aan waardecreatie koppelen kan dan gepositioneerd worden als verdeelsleutel in plaats van handelsmunt. Een voorbeeld.

Denk even aan voedselproductie. Het bewerken en bemesten van de grond, het zaaien en verzorgen van het voedsel en de groei ervan heeft gewoon tijd nodig voordat de waardecreatie in de vorm van voeding kan worden geoogst en verdeeld. Men kan de gerelateerde arbeid economiseren en verrekenen met de toekomstige afzet van het voedsel in de handelsdynamiek. Men kan ook de arbeid waarderen als inzet en vervolgens een verdeelsleutel toepassen wanneer het voedsel beschikbaar is.

Hetzelfde geldt voor de Piramide Stad. Door er samen aan te bouwen met een overvloed aan woningen kan de deelnemer een woning krijgen door inzet en deelnemen aan het bouwproces en verdeling van de overvloed van verkoopbare extra woningen.

Stad van Morgen heeft de filosofie al vaker uitgedragen middels de AiREAS, de Gunst en andere initiatieven. Als instanties niet meedoen vanuit overtuiging dan komt het niet van de grond. Kortom, het blijft belangrijk dat er over waarde en waardeverdeling consensus komt die buiten de macht van banken, verzekeringen en centrale overheden vallen.

Van gezondheid-zorg naar zorg voor gezondheid
Dit is ook zo´n enorme omslag waarin bewustwording en transitie van ons instrumentarium tot spanningen maar ook enorme kansen leidt. Gezondheid-zorg is reactief. We tolereren vervuiling en een levensstijl die ongezondheid bevorderd en zetten er een kostbaar systeem tegenover die de problemen dient op te lossen als ze zich voordoen.  Met het gevolgd dat de mens en haar omgeving zodanig is aangetast dat we het met geld niet meer op kunnen lossen en we het risico lopen als biologische soort te verdwijnen of hele zware schade op te doen waardoor al ons welzijn verdwijnt.

Zorgen voor gezondheid is een proactief vernieuwende en innovatieve aanpak waarbij wij als mens en maatschappij ons het vooralsnog abstracte begrip van gezondheid moeten leren eigen maken en vormgeven ten behoeve van onze evolutie en overlevingsmechanisme vanuit bewustwording.

Conclusie
Als onze oude instrumenten niet meer de gewenste resultaten opleveren dan moeten we bereid zijn ze aan te passen. Dat gaat niet meteen maar stap voor stap door twee systemen, oud en nieuw, naast elkaar te aanvaarden en de transitie zich organisch te laten voltrekken door zelfbewust keuzes te maken. De belangrijkste transitie van het instrumentarium is de bestuurlijke. Deze is georiënteerd rond oude politiek economische belangen die de vernieuwende transitie volledig in de weg staan door conservatieve krachten. Het aanvaarden van een nieuwe, om te beginnen externe sturing, kunnen nieuwe politieke en economische belangen ontstaan waaraan men governance gaat relateren en het proces gaandeweg overneemt. Behoud en verandering gaan alleen samen als ze elkaar aanvaarden als belangrijke bouwstenen die met elkaar in balans dienen te zijn. De motivatie van behoud en die van verandering levert een permanent en noodzakelijk spanningsveld op dat als ecosysteem zorgt voor elkaar. Stad van Morgen staat aan de kant van waarden-gedreven verandering en helpt het bestuurlijke zich te vernieuwen door instrumentverandering en transities te onderbouwen voor bestuurlijk behoudontwikkeling van waarden die er toe doen.

Sustainocratie is geen politieke partij maar een maatschappijvorm

Natuurlijk komt alweer de vraag naar voren of “ik” mij verkiesbaar wil stellen voor burgermeesterschap Eindhoven? Enerzijds komt dit door het schijnbare onvermogen van de gemeenteraad van Eindhoven om te komen tot een raadscommissie die de opvolger van burgemeester Rob van Gijzel moet selecteren en de kandidaten voorstellen. De politieke verdeeldheid die dit tijdperk kenmerkt is geen enkele basis voor consensus. De huidige burgemeester komt uit een oud politiek nest maar heeft zich ontpopt tot iemand die met nieuwetijds denken zich populair heeft gemaakt maar zich vaak sterk belemmerd lijkt te voelen in het keurslijf van de Haagse en partij verzuiling. De Eindhovense gemeenteraad is slechts een weerspiegeling van een situatie die onhoudbare proporties heeft aangenomen. Hoe kan daaruit nog een burgemeester voortkomen?

Anderzijds komt de vraag uit kringen die in Sustainocratie een oplossing zien voor de vele uitdagingen waar we als stad en wereldwijde gemeenschap voor staan. Aangezien ik in Eindhoven veelal het voortouw neem als ervaringsdeskundige in een maatschappelijke werkwijze die ikzelf al experimenterend heb doen ontstaan, samen met de inzet van zoveel stadsgenoten en bestuurders, ziet men in mij ook een vorm van democratische optie van volksvertegenwoordiging. Aangezien men denkt in termen van de oude democratie, met haar partijprogrammas en belangen leiders, is het niet zo moeilijk om Sustainocratie ook als “partij” te zien en het leiderschap naar voren te schuiven.

Wezenlijke verschillen
Sustainocratie is net als Democratie gebaseerd op de vrijheid van meningsuiting en keuze. Het zijn twee overkoepelende begrippen die een soort levensformule vertegenwoordigen. Democratie is ook geen politieke partij hooguit de basis voor politieke stromingen. Wat Sustainocratie juist karakteriseert is dat niet het democratisch eigenbelang stuurt maar de wetenschappelijk onderbouwde duurzame natuurlijke kernwaarden van ons menselijke bestaan en evolutie. In Sustainocratie debateren we niet over politieke economische belangen of richting maar over kernwaarden gedreven prioriteiten in multidisciplinaire cocreatie.

Het huidige bestuurlijke stelsel is volledig gebaseerd op het democratisch clusteren van het individuele eigenbelang in partijprogramma’s. Elke individue in een democratie kan zo kijken welke partij het eigenbelang het beste behartigt. Daar wordt men lid van om ook in de mogelijke bestuursverdeling mee te delen. Of men kiest erop tijdens verkiezingen. Partijbelang staat boven het menselijke belang. Toen er nog een twee partijen stelsel was pingpongde de maatschappij tussen deze uitersten, populair rechts of links gedoopt. Nu is men echter zo genuanceerd geworden dat er gefragmenteerde belangen via allerlei partijen hun eigen versnipperde stem laten horen. Consensus is steeds vaker onmogelijk. De tijd is aangebroken dat er weer bestuurlijke cohesie komt. Dat verlangt een evolutie in onze denkwijze en structuren. Vrijheid is te vrijblijvend geworden waardoor eigenbelang het hoogste woord voert met het gevolg dat er een enorme hiërarchie is ontstaan rond de enige oudtijdse kernwaarde die ons nog bindt: geld. Maar geld is een onnatuurlijk gemanipuleerd menselijk principe en bedenksel zonder echte waarde. Het wordt door beperkte kringen gemanaged via een schuldsysteem waar macht aan wordt ontleend. Gekoppeld aan eigenbelang ontstaat de huidige situatie van verschillen, morele blindheid, structurele afhankelijkheid en despoten-gedrag op geldgedreven leiderschap niveau.

Sustainocratie is wezenlijk anders
Binnen Sustainocratie clusteren wij niet rondom democratisch eigenbelang maar multidisciplinair rondom universeel onderbouwde kernwaarden van de mens. Wij hebben geen partijen maar project en resultaat gedreven multidisciplinaire clusters rondom het regionale en algemene belang van de duurzame ontwikkeling en het welzijn van de mens. De evolutionaire richting staat vast, de democratische multidisciplinaire clusters gaan over prioriteitstelling in het cocreëren en waarborgen van de kernwaarden in een aldoor veranderende omgeving.

“De overheid” in een democratie is een uitvoeringsorganisatie binnen een politiek economisch gefragmenteerde werkelijkheid. In Sustainocratie is het gezaghebbend rondom het faciliteren van optimale infrastructuur en buitengewone diensten vanuit gemeenschapskapitaal in een concreet territorium. Uit datzelfde kapitaal worden prikkelende innovaties bekostigd die meetbaar bijdragen aan de regionale ontwikkeling van de kernwaarden samen met innovatieve ondernemers, sociaal betrokken wetenschap en scholen, en een nieuwe versie van participatief burgerschap.

Als de stad Eindhoven integraal zou overstappen op Sustainocratie dan zou de positie van de burgemeester zich manifesteren als kaderbewaker van het menselijk belang vanuit de Sustainocratische kernwaarden. Dat is iets wat ik nu al doe als tafelvoorzittende Sustainocraat in AiREAS en de andere sustainocratische clusters. De gemeenteraad zou omgezet worden tot vertegenwoordiging van de dynamische clusters van multidisciplinaire waardecreatie middels samenwerking. Sustainocraten vormen een overleg commissie om onderling de processen af te stemmen en versterken. De raadsvergaderingen gaan dan over het evalueren van de bereikte resultaten en de mogelijkheid om deze uit te vergroten. Er wordt gestuurd vanuit participatie, kernwaarden, gelijkwaardigheid, doelgerichtheid en waardeverdeling.

De juridische samenhang transformeert van controle en reguleringsmechanisme naar een solidariteit principe vanuit inzet en talent, gebaseerd op de waardekolom van cocreatie en verdeelsleutels. Schuld houdt op te bestaan. Overvloed is de basis. Het basisvermogen van de gemeente is haar gemeenschap. Door samen de kernwaarden te waarborgen en verdelen ontstaat cohesie, betrokkenheid en harmonie. In deze situatie is zelfs een participatiefonds denkbaar waaruit iedereen een basisinkomen geniet maar ook structureel bijdraagt aan de gemeenschap. Talent, Inzet en Resultaat bepaalt de Wederkerigheid, niet macht, belastingen, schuldbekentenissen en georganiseerd eigenbelang.

Aangezien Sustainocratie nog niet algemeen aanvaardt is als alternatief voor de democratie is burgemeesterschap een schijnbare utopie ook staan beide werkelijkheden naast elkaar in de maatschappij en wordt Sustainocratie steeds meer gesteund, ook in bestuurlijke kringen. Het wordt zelfs gezien als evolutionair. Het zal daarom niet vreemd zijn dat gaandeweg het niveau 4 gebiedsontwikkeling, het participatie model van Sustainocratie zich uitvergroot totdat het algemeen in het gebied van toepassing is. Het is slechts een kwestie van tijd en het goede voorbeeld.

Het groene dak

Recent kreeg ik het krantenbericht van Dirk onder ogen waaruit zou blijken dat hij en zijn partner uit huis worden gezet omdat hij zijn dak groen had geverfd. Nu wil de media berichten wel eens met enige sensatie inkleuren. Als persoon die in de nieuwe werkelijkheid leeft van Sustainocratie, de democratie die zich door menselijke kernwaarden laat aansturen,  kijk ik naar deze berichtgeving met verbazing en herkenning. Herkenning omdat ik het natuurlijk ook allemaal heb meegemaakt en verbazing dat dit nu, anno 2016, nog steeds gebeurt. Hebben we dan niets geleerd in al die tijd van crisissen en gedwongen zelfreflectie? Kennelijk leeft de oude aftakelende en nieuwe opbouwende wereld nog braaf naast elkaar en af en toe bereikt dan zo’n menselijk drama de keukentafel en het persoonlijk contact.

Sustainocratie wordt al thematisch toegepast in verschillende regio’s en steden, zoals bijvoorbeeld AiREAS gezonde gebiedsontwikkeling in Eindhoven en Breda, het Rijk Dommel en Aa, FRE²SH samenredzaamheid, CITI-MAP en de wereldwijde nieuwe leeromgeving die ontstaat via STIR Academy. Deze nieuwe werkelijkheid is niet zomaar ontstaan. Daaraan is een lijdensweg vooraf gegaan waarin ik die van Dirk herken. Maar, zoals Socrates heel wijs heeft gezegd, “je kunt je leven lang vechten tegen het systeem of al je energie steken in het creëren van iets nieuws”. Dat vechten ben ik al lang afgeleerd. Het creëren van iets nieuws is veel leuker. Terwijl je daarmee bezig bent wordt je vanzelf de Goliath van je eigen nieuwe werkelijkheid en is de rest ellende van vroeger waar we allemaal veel van hebben geleerd en nooit meer opnieuw willen meemaken. Prof. Paul de Blot van Business Spiritualiteit Nyenrode zei het ook zo mooi: “Alles wat je hebt kun je kwijtraken, alles wat je bent niet” refererend aan zijn eigen 5 jaren in het Jappenkamp in de tweede wereldoorlog. Focus op het zijn en niet het hebben, leven in plaats van overleven.

En dan Dirk. Die zit er nog midden in. Wereldwijd investeren we in groene daken in onze nieuwe wereld, al dan niet bedekt met etenswaren, wegens de energiebesparing en duurzame oplossingen van zulke dakbedekking. Maar ergens in de regelgeving van de stad Oss staat dat een groen dak niet mag. Handhavers hebben Dirk verplicht zijn dak te veranderen of een boete te betalen. Dat kan Dirk niet want hij zit met zijn zieke lijf in de WAO en heeft al moeite om het hoofd boven het geld-gedreven water te houden. Daarnaast heeft hij een beleggingshypotheek waar sinds de kredietcrisis alleen maar meer schulden door zijn ontstaan. Het huis staat onder water. De hypotheek is in feite een gedrocht dat nooit had mogen ontstaan en strafbaar gesteld zou moeten worden, en uiteindelijk bijgedragen heeft aan het verdwijnen van vertrouwen in het gecorrumpeerde bankwezen. Dit bankwezen blijft op haar stutten daar en eist haar betalingen op want anders wordt de woning van Dirk, met groen dak en al, in de verplichte verkoop gegooid. Dirk beweegt stad en land tegen de bestuurlijke, ambtelijke en bancaire onmenselijkheid maar vangt overal bot behalve sensatiegerichte media aandacht. “Een gebroken mens”, ooit de Willy Wortel in de bedrijven waar hij werkte, een creatieve geest die in zijn tuin een sprookjesbeleving aan het maken was en nu met lede ogen ziet dat de natuur het overneemt en zijn droom wordt overwoekerd. Zijn partner heeft het ook zwaar en kampt met depressies. Slachtoffers van een corrupt dwangsysteem en een blind handhavingsprincipe dat weerlegbaar is als men de context zou durven aanpassen aan een nieuwe werkelijkheid. Het gebeurt nog te vaak in Nederland dat ambtenaren blind vast houden aan hun regels en daar mensen koudbloedig in de vernieling mee brengen omdat het systeem nu eenmaal belangrijker is dan de logica van het menselijk bestaan. Dat geldt helemaal voor banken. Als het huis van Dirk ver onder de eigenlijke waarde is geveild dan legt men de restschuld bij hem neer, Dirk kan verhuizen naar de daklozenopvang of krijgt een huurwoning toegewezen met arbeidsongeschiktheid voorzieningen waar de gemeente wel een potje voor heeft en gaat in de schuldsanering. Het huis wordt weer verkocht aan een nieuw hypothecair slachtoffer, het dak blijft waarschijnlijk gewoon groen en de bank dekt haar boekhoudkundig verlies af bij de staat waar een garantiefonds de belangen van de bank in stand houdt. Het is een boekhoudkundig verlies want Dirk heeft al ruim 25 jaar betaald dus de banken hebben al dik geld verdiend aan de relatie.  Eigenlijk is het crimineel schandalig. Maar zo ziet de bank, het juridische systeem en de overheid het niet. Er ligt een getekende overeenkomst en die is bindend.

En Dirk? Ach weer zo’n zelfredzame creatieve figuur die niet meer binnen de radartjes van het manipulatiesysteem paste en er zonder enige emotie uitgespuugd wordt, net zoals zovelen in het land, om daarna in de kostenbesparende zorgstaat terecht te komen die vooral wil dat mensen voor zichzelf gaan zorgen maar wel naar de pijpen dansen van de regels. Hoe krom wil je het hebben? Het is onbegrijpelijk dat er nog geen opstand is geweest tegen beleid en banken.

Tijdens de wereldwijde bijeenkomst in het Evoluon in 2010 ter ere van de Earth Charter, een verdrag dat door allerlei wereldleiders ergens in 2000 werd getekend voor het behoud van onze leefomgeving De Aarde, sprak ook Jacques Fresco. Hij is de grondlegger van het Venus Project, dik in de 90 maar vitaal en welbespraakt. Nadat ik mijn podiumverhaal had gedaan over alle onrecht dat mij was aangedaan door banken en overheden en de Wereldwijde transformatie die ik vorm wilde geven, kwam hij aan het woord. In plaats van een verhaal over architectuur en stadsdesign ging hij met de vuist in de lucht “alle huidige politici en bankiers kunnen rechtstreeks naar de gevangenis”. Het redeneerde fel dat de geschiedenis heeft uitgewezen dat alle ellende op deze wereld, alle oorlogen en misstanden veroorzaakt zijn door de belangenstrijd tussen deze zogenaamde elite en volksvertegenwoordigers. En zo is het ook, nog steeds. Daarom moeten we af van deze oude werkelijkheid van hiërarchische hebzucht culturen waar we zelf van aan de “democratische” basis staan, vaak ook uit eigenbelang. Tijdens verkiezingstijden wordt ons hoop verkocht (koopkracht, geld genoeg, huisvesting, enz) en tijdens de regeerperioden alleen maar gezaaid met angsten om de hiërarchie en onderdrukking in stand te houden.

Wat ben ik blij dat ik mij nu omring met de vele mensen, inclusief bestuurders, die het beter voorhebben met de mens en mensheid en wij door middel van multidisciplinaire samenwerking aan onze kernwaarden de zin en onzin van alles wat hierboven staat beschreven de rug toe keren. We hebben nog een lange en intense weg te gaan. De geschiedenis zal ongetwijfeld de kentering kenmerken en uiteindelijk het tijdperk van moedwillige vernietiging van menselijke waarden in perspectief plaatsen. Het opbouwen van de nieuwe samenleving geschied met vertrouwen, samenhorigheid en gelijkheid in de verdeling van de waarden. Maar wat schiet Dirk hiermee op? Niets! Hij moet zich nog los worstelen van de monsters die hem in hun greep hebben, inclusief het eigen monster van zelfbeklag en weemoed. Eenmaal vrij dan is hij en zijn partner meer dan welkom om weer energie te putten uit de nieuwe werkelijkheid en als herboren Willy Wortel de wereld in te kleuren met innovatie die dienstbaar is aan mens en omgeving.

Icoon project sustainocratisch wonen en werken

Piramidestad

In regio Brabant zijn we steeds op zoek naar icoon-projecten, ofwel betekenisvolle projecten met pit, karakter, uitstraling en aantrekkingskracht. Dit dient passend te zijn in het gedachtegoed van co-creatie rond kernwaarden zoals bijvoorbeeld de Health Deal die we samen aan het formuleren zijn.

20160310_151818.jpg

Een van de grootste uitdagingen waar ook deze regio voor staat is huisvesting binnen de context van samen-redzaamheid. Stad van Morgen kan zich goed vinden in de filosofie van 75 jarige architect Aad Breed. Deze bestaat uit fundamenteel een aantal algemeen aanvaardde principes:

  1. De wereldbevolking groeit nog steeds en deze groei (en bestaande bevolking) heeft behoefte aan een woning, voeding, water, en gezonde leefomgeving.
  2. De mensen trekken naar steden wegens de schijnovervloed die een aantrekkingskracht heeft, maar ook omdat in ruimtelijk opzicht de stad de beste mogelijkheden biedt tot efficiënte samenleving en diensten.
  3. De mens heeft echter ook betrokkenheid nodig bij de invulling van de eigen behoeften.
  4. Het speculatieve kapitaalsysteem is uit de tijd en veroorzaakt gigantische vervuiling, armoede, vluchtelingen en vele andere problemen. De steden die uit dit systeem zijn ontstaan of doorontwikkeld zijn asociaal, duur, kwetsbaar, gevaarlijk en niet (meer) bestand tegen de eisen van deze tijd.
  5. In de Stad van Morgen is het basisvermogen in een gebied de mens met haar de inzet, bewustzijn en creativiteit
  6. De Stad van Morgen wordt dan ook door multidisciplinaire cocreatie, Sustainocratie, gebouwd of getransformeerd, niet door projectontwikkelaars of banken.
  7. We zijn steden aan het transformeren maar gaan er nu ook een bouwen!

De Piramide Stad
Deze heeft inderdaad de vorm van een piramide maar wordt ook gerealiseerd vanuit het Piramide Paradigma van 4 x winst (maatschappelijke, ecologische, gebruikers en economische winst).

20160310_151810.jpg

Vier van deze vierkantjes kunnen worden gecreëerd op een oppervlakte van 200 m2 en huisvesten 1000 mensen per vierkant in ruime 4 persoons-woningen. Men kijkt altijd uit over een veld zo groot als een voetbalveld waar men zelfvoorzienend producten kan verbouwen of recreatie kan beoefenen. Verderop kijkt men naar de immense natuur van enkele kilometers die de piramide omringt.

Binnen in de piramide zitten de algemene voorzieningen, zoals afvalverwerking, energieopwekking, zorgsystemen, verbindende transport elementen, enz. Op de laagste laag wordt voedsel volgens de modernste technieken verbouwd. Daar bevinden zich ook winkeltjes en diensten. De hele gemeenschap is betrokken bij de waardecreatie en verdeling ervan onderling. De hele stad is samenvoorzienend in een circulaire economie en waardesysteem.

Deze piramidestad wordt opgebouwd door de huidige lokale werklozen en eventuele vluchtelingen. In 3 jaar tijd is het gereed en krijgt elke deelnemer 1 lastenvrije woning volgens eigen specificatie en positie. Maar men heeft 3 keer zoveel gebouwd. Die overvloed wordt verkocht of verhuurd en de extra middelen zorgen voor de aflossing van de investering en een basisinkomen voor de oorspronkelijke bouwers die tegelijkertijd zorgen voor de productiviteit in en rond de piramide.

Op een oppervlakte van Eindhoven kunnen zo 12 Miljoen mensen worden gehuisvest in cohesie en samenhorigheid met minimale ruimtelijke belasting en overvloed aan natuurlijke bronnen erom heen.

Beginnen met een kleine piramide op een oppervlakte van enkele 100den vierkante meters kan een icoon worden voor de regio, een proof of principle voor een nieuwe manier van huisvesting en participatie maatschappij.

Brabantse Health Deal

Keuze 2
Keuzes maken

In Brabant en de rest van de wereld is een psychosociale transitie gaande die het algemene begrip “gezondheid” sturend op de agenda zet van gebiedsontwikkeling. Deze transitie is steeds sterker zichtbaar op vele fronten waar mensen en instanties zich ondernemend inzetten met gezondheid als leidraad. Het raakt alles wat betekenisvol is in onze samenleving, van tastbare dingen zoals voeding, voedselproductie, gebruik van grondstoffen, landschapsbenutting, productiviteit, verdeling van producten, financieringsmodellen, waardesystemen en de herontwikkeling van de stedelijke vormgeving maar ook de vernieuwende relatie stad en platteland. Tot de ontastbare zaken zoals het bewustzijn, (multi)cultuur, gedrag, onderwijs en omgangsvormen. Het is een trend die zich in sneltreinvaart ontwikkelt en niet te stoppen is. Dit wordt gekenmerkt als een maatschappelijke “evolutie”, een nieuwe economische Kondratiev cyclus, een niveau 4 gebiedsaanpak, een Sustainocratie.

Deze breed gedragen evolutie is spectaculair want het geeft betekenis aan het herformuleren van onze zekerheden. De vorige fase van onze maatschappelijke en bestuurlijke manier van doen stamt uit het begin van de 18e eeuw, geformaliseerd in het begin van de 19e eeuw, nadat we Napoleon hadden verslagen. Het heeft ons veel vooruitgang gebracht maar tekent zich nu af op weg naar een afgrond. Deze algehele bewustwording vertaalt zich in de verlegging van onze route door keuzes te maken. Gaan we door als vanouds? Dan storten we in een afgrond. Zetten we de wissel om? Dan bouwen we aan nieuwe zekerheden maar wel via een gemeenschappelijk gedragen keuze en commitment. Het bestuur van onze maatschappij kan daarin niet achterblijven. Initiatief wordt nu ook bestuurlijk genomen om deze transitie te borgen in een nieuw beleid-elan. Dat maakt de tijd waarin we leven een van de meest uitdagende en boeiende ooit.

Dood of leven 0
Deze keuze hebben we in Brabant al gemaakt. We gaan voor leven vanuit bewustzijn en creativiteit. Gezondheid is daarin sturend. Dit moeten we alleen nog formaliseren.

Daarom beklinken wij op 22 maart nogmaals onze Brabantse Health Deal, deze keer door ook het regionale bestuur uit te nodigen zich bewust en met hun toebedeelde autoriteit in te gaan zetten voor deze nieuwe werkelijkheid en routeplan. Dat doen we door samen en met alle belangenpartijen de commitment uit te spreken om alle onze sociale, economische en politieke keuzes primair te gaan toetsen aan innovatie met gezondheid als doel. Dit commitment doen we samen.

Dood of leven 3
Dit doen we allemaal samen (burgers, overheid, onderwijs en ondernemers)

Betrokken zijn de vele gemeentes in Brabant, de provincie, de vele waarden gedreven ondernemers, zorg voor gezondheid instellingen, betrokken burgers, onderwijs en wetenschap. De gezonde maatschappij is per slot van rekening een multidisciplinaire cocreatie.

De volgende mijlpalen zijn:

  • 22 Maart – Health Deal gemeenschappelijk erkennen en formaliseren als wisselkeuze met bijbehorende transitie en inzet van beschikbare middelen. Geef aan beneden als u mee wilt committeren.
  • 28 juni – BrabantStad – verbinden van beleidstafel overleg (mobiliteit, voedseltransitie, enz) met deze multidisciplinaire vooruitgang
  • 22 juli – De Brabantse Health Deal wordt getekend
  • Oktober 2016 – Dutch Design Week – podium en feest voor alle mooie voorbeelden vanuit gezondheid en gezonde gebiedsontwikkeling en ondernemerschap die in Brabant zichtbaar zijn en zich krachtig manifesteren.

Meedoen?  Mail even: jean-paul.close@stadvanmorgen.com

De gunst als waarde-eenheid

Stel u nu eens voor dat we de gunst aan elkaar als waarde van samenredzaamheid gaan beschouwen en dit structureren in een wijk, buurt, straat of dorp. Hoe zou dat kunnen werken?

We gaan ervan uit dat iedereen in een gemeenschap wel wat kan bijdragen aan anderen in diezelfde gemeenschap. Een gunst verlenen. Er zijn heel veel gunsten denkbaar. Van het zetten van koffie voor wat oudere, eenzame mensen, een praatje houden met een zieke, boodschappen doen voor die jonge moeder die op de baby moet passen, een zelf verbouwde krop sla weggeven, of een handvol sperzieboontjes, aardappels, een bosje bloemen. De hond uitlaten, even op de kinderen passen, helpen met witten, de tuin doen, de auto wassen, hondenpoep opruimen of zwerfafval inzamelen en weggooien in de container. We zouden iets kunnen helpen schouwen of dat moeilijke fornuis aan de achterkant een keer schoon komen maken. Allemaal van die kleine dingen die het leven voor de ander én onszelf zoveel aangenamer of gemakkelijker maakt.

Maar we zijn zelf ook mens en kunnen ook wel eens een gunst gebruiken. Als we nu eens gemiddeld uitgaan van 3 gunsten per dag voor iedereen in de wijk, die door iedereen op hun eigen manier worden opgebracht en aan elkaar wordt gegund. Dan hebben we het over zo’n 100 gunsten per persoon per maand. In een buurt waar 200 mensen wonen is dat een vermogen van 20.000 gunsten. Meestal is dat vermogen onzichtbaar, onbenut en ook nog eens slecht verdeeld. Er zijn mensen die altijd voor een ander klaarstaan terwijl anderen niet eens om een gunst durven vragen maar er enorm veel behoefte aan hebben. Vele anderen zijn zo druk en in de stress dat ze af en toe wel eens een beroep op een ander zouden willen doen maar niet weten hoe. Als de gunst echter gemeenschappelijk gedragen wordt dan kan men er ook zonder gene mee om gaan.

Als we de “Gunst” tastbaar en zichtbaar maken dan hebben we een grote pot van 20.000 Gunsten elke maand beschikbaar in de buurt. Die verdelen we onder de 200 buurtbewoners, ieder 100 Gunsten. Elke keer als men een gunst ontvangt van een andere wijkbewoner, spontaan of door erom te vragen, geeft de gunstgever 1 van zijn 100 Gunsten terug aan de grote pot. Daarna kan men hij of zij nog 99 gunsten geven. Degene die de gunst heeft weggegeven mag natuurlijk zelf ook gunsten ontvangen op precies dezelfde manier. Zo behouden we gelijkwaardigheid en gelijke verdeling van de beschikbare gunsten. En de gunst blijft in de sfeer van de geefcultuur. Het is de kunst om alle gunsten aan het einde van de maand weer terug te hebben in de pot zodat de volgende maand de cyclus weer door kan gaan. Dan zijn er 20.000 gunsten verstrekt in de buurt en is de buurt erdoor verrijkt vanuit samenredzaamheid.

Buurtproductiviteit kan op deze manier gestimuleerd worden door tastbare en ontastbare zaken met elkaar te combineren. Denk bijvoorbeeld aan het samen verbouwen en verdelen van voedsel in de buurt. Het beschikbaar stellen van de tuin voor voedselteelt is een gunst, het meehelpen planten, wieden, oogsten of verwerken is ook een gunst. Het samen koken en opeten ook. Zo zou het gunstvermogen in de wijk het geldvermogen voor een deel kunnen ontlasten (wat we samen kunnen creëren hoeven we niet te kopen) zodat ook het besteedbare geldvermogen in de buurt groter wordt. Het zelfregulerende vermogen van de gunsten kan basisvoorzieningen zodanig beschikbaar maken dan behoeftige mensen in hun belangen worden voorzien via de gunstpatronen die afgestemd kunnen worden op dat wat leeft in de buurt. Iedereen doet mee. Als iemand Gunsten over houdt aan het einde van de maand kunnen we ons afvragen waarom deze persoon onvoldoende gunsten heeft weggegeven? Misschien te druk, afgezonderd, eenzaam of ziek? Misschien weet de persoon niet eens wat hij of zij als gunst bij zou kunnen dragen terwijl iedereen zoveel talent heeft om te delen.

Er ontstaat een vorm van buurt-medeleven of empathie in de vorm van zorg voor elkaar. Zelfs de Gunstadministratie kan als gunst worden beschouwd. Als er veel behoefte is aan voedselgunsten dan zal er meer aandacht aan voedselproductie en verdeling worden besteed. Als er meer gunsten nodig zijn op gebied van ouderenhulp of eenzaamheid bestrijding dan zal het gunstenpakket zichzelf daar naar toe reguleren.

Zo wordt de Gunst circulair vermogen en een token van mensgerichte waardecreatie met zelfregulerende kwaliteit van leven en sociale cohesie als hoogste doel. Belangrijk in het proces is dat de Gunst eenheid in een afgebakend gebied zich laat kenmerken en organiseren zodat de gemeenschap zich eromheen gaat identificeren. Het gebied dient zo klein te zijn dat er een persoonlijke band kan ontstaan die het onpersoonlijke individualisme doorbreekt. Maar ook groot genoeg dat er voldoende diversiteit aan inzetbaar gunsttalent en vermogen is om zich gaandeweg te structureren rond de verschillende behoeften die het gebied en bevolking kenmerken. Aangezien de Gunst een intermenselijke daad is van liefde en betrokkenheid kan deze overal worden uitgevoerd alsof het een basisinkomen betreft van barmhartigheid en maatschappelijke cocreatie.

Kiezen tussen leven en dood

Het STIR avondcollege van 17 februari ging over fundamentele keuzes maken. De mens karakteriseert zich door haar creativiteit en zelfbewust intelligentie. Daardoor zijn we geworden wat we zijn, een levende soort die zich omringt met spullen die ons welzijn aan aanzien verschaffen. We zijn in feite een soort wonder van de natuur omdat in dat creatievermogen wij niet worden overtroffen door andere soorten. Daarom willen wij ook wel geloven dat we geen natuurlijke evolutie zijn maar dat er ergens een hogere macht ons deze krachten heeft gegeven.

Tegelijkertijd zijn we tegenwoordig ook erkend als de 6e oorzaak van massavernietiging van leven, inclusief onszelf, sinds het ontstaan van de Aarde. Dit tijdperk van vervuiling, misbruik van grondstoffen en onze natuurlijke bronnen, de concurrentieoorlogen en manipulatie rond geldgedreven belangen, deze algehele vernietiging van leven door de mens, heeft een eigen naam: het Anthropocene.

Dood of leven 0

Alles verwijst naar het industriële tijdperk dat sinds het introduceren van de stoommachine ons in staat heeft gesteld massaal gebruiksartikelen te gaan produceren. Die artikelen hebben grondstoffen nodig die vaak voortkomen van levende soorten (planten en dieren) die we daarvoor dood moeten maken. Doordat de beloningsstructuur van arbeid in de fabrieken niet in natura maar met geld werd afgehandeld ontstond een geldgedreven cultuur van economische groei enerzijds en economische afhankelijkheid anderzijds. Binnen die economie werd consumeren van dode producten een belangrijke drijfveer maar ontwikkelde ons bewustzijn en creatievermogen zich niet meer om balans te houden met onze natuurlijke omgeving.

Het industriële tijdperk ontwikkelde sterk vanuit bijvoorbeeld de textiel industrie met groot gebruik van katoen, een natuurlijke grondstof. De enorme toename van behoefte aan katoen en de verwerking ervan ging gepaard met een gigantische toename van landschapsvernietiging en vervuiling.

Een ander voorbeeld is de vleesindustrie die ons in onze voedselbehoefte voorziet. Nederland is een van de grootste vleesproducten ter wereld en heeft er een intensieve industriële productie van gemaakt. Voer voor de beesten komt veelal uit Zuid Amerika waar belangrijke bosgebieden worden gekapt om plaats te maken voor veevoer productie. De massaproductiviteit en consumistische levensstijl, zonder algemeen bewustzijn over de consequentie, heeft ons een gevoel van rijkdom gegeven ten kosten van het leven op Aarde. Dit gebrek aan bewustzijn zien we ook terug in de voedselverspilling.

Als we de economische pieken aanschouwen die we sinds dit industriële tijdperk hebben meegemaakt dan constateren we dat de pieken vooral werden veroorzaakt door nieuwe vormen van mobiliteit die de handelsbelangen in bereik deden groeien. Globaliseren was het gevolg. Gecombineerd met een enorme groei van de wereldbevolking werd de geldgedreven economie rond handel in dode spullen de oorzaak van onze massavernietiging. Verstedelijking is slechts een afspiegeling van deze drang naar consumptie van de dood. Steden zijn bolwerken van cement, asfalt en glas met een beeld van overvloed in winkels en supermarkten zonder de zelfvernietiging zichtbaar te maken. Wat de mens niet ziet of voelt hoort niet tot onze werkelijkheid waardoor we geestesdood raken zoals het cement dat ons omringt.

Dood of leven

Maar de introductie van internet en persoonlijke computersystemen hebben ons massaal toegang gegeven tot kennis. De vele verstoringen van de wereld, die zich uiten via massale migraties van vluchtelingen, grondstofschandalen, uitingen van financiële hebzucht en macht, enz. bereiken het collectieve bewustzijn. Gaandeweg bouwt de massavernietiging zich verder op maar ook een nieuw psychosociaal bewustzijn.

De onterechte kapitaalinjecties na de kredietcrisis heeft de wereldwijde cyclus van de dood gerekt en de massale omslag afgehouden. Bijbehorende positieve consequentie was dat initiatieven zoals Sustainocratie (niveau 4 gebiedsontwikkeling) zich in argumentatie en bewijsvoering verder konden verstevigen. Hoe robuuster het antwoord op het stimuleren en heractiveren van ons creatieve zelfbewustzijn en vermogen tot een evolutionaire aanpak des te sneller de ommekeer wereldwijd tot stand komt, zonder de bijbehorende traditionele tussenfase van wereldoorlogen of volkerenmoord.

Dood of leven 2

In de Stad van Morgen hebben we de evolutionaire keuze dus al gemaakt en focussen met succes of de winst van kernwaarden van het leven zelf die we niet kunnen kopen maar wel creëren en onderling verdelen in echte en veilige overvloed. Tijdens het tweede deel van de avondinspiratie maken we een lijstje van de multidisciplinaire co-creatieprojecten waar we mee bezig zijn:

  • AiREAS – gezonde stad Eindhoven, Breda en Helmond
  • AiREAS – gezonde airport – airport dicht 2 weken
  • AiREAS Turkije via Erasmus+ en BdT
    • Ankara – kindvriendelijke stad
    • Soma – luchtvervuiling van deze mijnstad
    • Izmir – gezonde havenstad
  • FRE2SH Turkije
    • Malatya – voedsel en energie
  • SAFE Turkije
    • Grensgebied met Syrië vrij maken van landmijnen
  • FRE2SH Eindhoven – Son en Breugel/Gemert
    • Consumptie / Productie – Aristo
    • Gemert kruidengebied
  • STIR
    • Sustainocratische ontwikkelingen Interreg V (Aken, Leuven, Genk, Luik, Maastricht)
    • India Sustainocratie
    • China LOI
    • Health Deal Brabant
    • Groen/blauwe ruit Eindhoven – Helmond
    • 23 Mei – Regionaal bezoek Europa Smart City
    • Brainport participatief leren
    • Sustainocraten opleiding
    • Erasmus+ Spanje
  • FRE2SH Deventer – regionale samenredzaamheid en resilience
  • FRE2SH Houten – regionale samenredzaamheid en productiviteit
  • FRE2SH Eindhoven – transformatie wijken
    • Energie coöperatie

Twee gebeurtenissen in 2015 hebben ons geconsolideerd in de wereld van zelfbewuste evolutie:

  1. De formele erkenning van Sustainocratisch AiREAS als peer 4 gebiedsontwikkeling zoals door het Presencing Institute beschreven als co-creatief ecosysteem.
  2. Het VINCI innovatie award dat aantoont dat waardecreatie ook economische waarde heeft. AiREAS fase 1 heeft aangetoond dat elke geïnvesteerde euro een return geeft van vele malen die euro. Maar omdat AiREAS belang hecht aan gezonde verstedelijking en niet aan het geld wordt het geld een middel voor verdere ontwikkelingen.  Het loslaten van geld als doel en aanvaarden van kernwaarden als creatieve richtlijn en verdeelsleutel is wellicht de moeilijkste keuze voor mensen en instantie. Toch is het één met de keuze tussen leven en dood.

Uiteindelijk vatten we de aanpak van de STIR en aanverwante cocreatie tafels en coöperatieve verenigingen samen in 4 stappen, te beginnen met de waardengedreven keuze.

Dood of leven 3

Zo eren wij de uitspraak van Socrates: “Je kunt je leven lang vechten tegen het systeem of al je energie steken in het creëren van iets nieuws”. Wij steken onze energie in de creatie van iets nieuws en laten ons prikkelen door ons zelfbewustzijn en het drama van zelfvernietiging dat we ombuigen tot de kracht en pracht van het leven.

17 februari avondinspiratie kiezen tussen leven en dood

Kiezen tussen leven en dood

Dit klinkt dramatisch maar in essentie is het waar het in de huidige wereldorde om gaat. Wij hebben een wereldeconomie gecreëerd dat handelt in dode dingen waar we allemaal veel waarde aan hechten. Wij mensen kleden ons met dode materialen, eten gedood voedsel, wonen in dode stenen huizen en maken levende dingen dood om er de vele producten van te maken waar wij ons mee omringen. Er wordt aangedrongen op een groei-economie omdat we al die dode dingen een economische waarde hebben gegeven en er een sport van maken om de waarde zoveel mogelijk te optimaliseren door ermee te handelen. Een groei economie heeft derhalve behoefte aan veel meer dode dingen en speculeert ermee door een psychologisch gevoel van tekort te veroorzaken in de menselijke mentaliteit van hebzucht.

AiREAS India
De complexe dualiteit van de mens geeft ons een keuze

Door deze focus op dode dingen is onze aandacht verdwenen over de essentie van alles, het leven. Niet voor niets worden wij mensen nu gezien als 6e oorzaak van massavernietiging van het leven op Aarde sinds het ontstaan van onze planeet. Dit intense drama speelt zich onder ons af en is zichtbaar door de vele vluchtelingen, armoede en vervuiling in de wereld. Wij hechten zoveel waarde aan deze economie van de dood dat we het leven erbij laten. Maar de mens heeft een keuze. Kiezen wij voor het leven? Of de dood? Welke rol speelt Eindhoven of Nederland in deze? Welke beweging ontstaat er in de wereld? Wat doet de Stad van Morgen?

Inspirator: Jean-Paul Close

Locatie: Fontys Hogeschool te Eindhoven, Rachelmolen 1, lokaal 0.13

Tijd: van 19:00 tot 21:30

Kosten: 5 euro koffie bijdrage of 1 AiREAS muntje

Voor wie? Voor iedereen

Aanmelden wegens planning aub: nicolette.meeder@stadvanmorgen.com

2 februari STIR avondinspiratie

Verbinden

Voor dit jaar hebben we besloten om de STIR avondinspiratie sessies te oriënteren rond praktische zaken vanuit Sustainocratie, de kernwaarden gedreven participatiemaatschappij. Deze keer, op verzoek van deelnemers, gaan we in op de vraag:

`Hoe verbind ik met een onbekende?`

In Sustainocratische processen is dynamisch clusteren voor projectmatige multidisciplinaire samenwerking essentieel. Constant komen nieuwe gezichten en talenten in beeld die al dan niet zich verbinden aan de gemeenschappelijke uitdagingen. Hoe gaan we daar mee om? Hoe gaat dat in zijn werk? Hoe blijven de verhoudingen in tact en wanneer valt een band weer uit elkaar?

De inspiratie wordt ingeleid door Jean-Paul Close, initiatiefnemer van de Stad van Morgen en Sustainocratie, de verbinder van vele 1000-den mensen en instanties.

Deelname is geschikt voor iedereen. Even aanmelden aub.

Tijd: 19.00 tot 21.30,     Locatie: Fontys, Rachelmolen 1, Gebouw R1, lokaal 0.13

Kosten: 5 euro koffiebijdrage of een AiREAS muntje

Aanmelden: nicolette.meeder@stadvanmorgen.com

Consequenties van Sustainocratisch samenwerken

De STIR avondinspiratie van 20 januari stond in het teken van de consequenties van niveau 4 gebiedsontwikkeling, ofwel Sustainocratie. Bij de vraag wat dit nu betekent voor alle belangenpartijen (overheid, bedrijfsleven, wetenschap, burgers, de andere niveaus, het wettelijke systeem of het geld) kwamen we al snel allereerst op het voorbeeld van participatief onderwijs dat we toepassen in het Erasmus+ programma met Turkse jongeren en ook neer trachten te leggen bij het Nederlands onderwijs.

fb_img_1453379304481.jpg
Erasmus+ groep uit Turkije

Participatief onderwijs gaat uit van betrokkenheid bij de ontwikkeling van de Sustainocratische kernwaarden in de maatschappij. Door de leerweg van een beroepskeuze uitnodigend toe te passen in een concrete en reële alledaagse uitdaging worden de jongeren geraakt waardoor ze in enkele dagen leren en borgen wat in cognitieve overdracht jaren duurt of zelfs nooit plaats vindt. Dit (levenslang) leren door participeren verlangt een geheel andere leeromgeving en begeleiding dan het traditionele klassikaal verblijf. Het gaat namelijk niet primaire om de theorie maar de praktische toepassing ervan voorafgaand aan het leerproces. De onderwijzer wordt coach in een productief lerende omgeving. Daarin kunnen tegelijkertijd verschillende leerwegen samenkomen die elk de ruggespraak met een of meerdere docenten verlangen. Als voorbeeld nemen we de jongeren uit Turkije die gevraagd worden te helpen in onze communicatie met de Turkse gemeenschap in Eindhoven. De jongeren projecteren de hulpvraag op hun studierichting en passen die toe door iets te creëren, zoals een website, posters, een theatershow of presentatie. In korte tijd leren ze omgaan met de technieken, de maatschappelijke uitdaging, de praktijk issues in verschillende landen en zichzelf positioneren in deze werkelijkheid met eigen talent, inzicht, motivatie en waarde gedreven inzet.

Theoretiseren gebeurt met terugwerkende kracht, verbindend met daadwerkelijke beleefde ervaringen. Zo bereiken we een ongekend patroon van waardengedreven kennisontwikkeling maar ook commitment aan maatschappelijke uitdagingen.

Burgerschap
“De jeugd staat relatief onbevooroordeeld open voor nieuwe kennis en vaardigheden”, suggereerde iemand die aanwezig was. Toen kwam de vraag hoe we andere en oudere burgers mee kunnen krijgen in dit soort waardecreatie processen? Dit was een boeiende kwestie omdat het alle verhoudingen raakt van een mens in relatie tot de omgeving en dat wat men verwacht van burgerschap in de diversiteit van paradigma’s waar we op verschillende niveaus waarde aan hechten. En wat motiveert mensen? In een economisch gedreven speculatieve omgeving gaat het vooral om geld en de afhankelijkheid daarvan. Iemand meekrijgen in waardecreatie verlangt een positieve prikkel én beloning. Beloning wordt zeker niet altijd in geld uitgedrukt maar in wederkerigheid.

De Turkse studenten werden bijvoorbeeld beloond met inzichten, kennisontwikkeling en praktische vaardigheden. Maar voor de gemiddelde burger is dat niet zo. Mensen die geen financiële zorgen hebben, zoals degenen met een pensioen of een uitkering zijn geneigd een zinvolle daginvulling te zoeken in de wereld van vrijwilligers werk. De beloning is dan de dagbesteding en de relatie met andere mensen of situaties.

Maar mensen die financiële verplichtingen hebben zijn minder geneigd mee te doen met maatschappelijke waardecreatie omdat er geen beloningsstructuur tegenover staat waar men wat mee kan rond deze verplichtingen. De kernwaarden zelf zijn niet te koop en vergen bewustzijn en cocreatie. De beloning van een gezonde levensstijl en leefomgeving betaalt niet de hypotheek in handen van vastgoed gedreven manipulatie noch eten uit de supermarkt.

Men wordt dus aangestuurd door de geldgedreven belangen. Sociale innovatie is daarom beperkt mogelijk. Alleen bijvoorbeeld als het valt binnen de economische sfeer zoals verandering in consument keuzes, waarbij prijs nog altijd sturend blijkt. We zien daarbij ook dat een belangrijk deel van het bestaande beloningssysteem bijdraagt aan de problemen, niet de oplossing. Denk aan de vervuiling van woon werk verkeer.

Dit brengt ons op de behoefte aan een nieuw waardesysteem dat participatie in waardecreatie opvangt.

Economie 2

De optie van twee waardesystemen

Met een enkel waardesysteem, de Euro, dat zich heeft ontwikkeld tot speculatief systeem, wordt waardecreatie niet beloond. Het wordt vaak zelfs gezien als risico omdat innovatie de gevestigde orde ter discussie zou kunnen stellen. Dat hoort namelijk bij verandering. Door een andere (lokale) waarde-eenheid te introduceren, die de transitie vorm geeft vanuit kernwaarden, dan zien we dat, wanneer de handel terugvalt de creativiteit toeneemt en andersom, wanneer de handel toeneemt komt creativiteit in verval. Beide systemen vullen elkaars gaten waardoor een harmonieuze samenhang kan ontstaan.

Als men niet met een duaal waardesysteem wil werken dan dient men de resultaten van speculatie evenredig te belasten om zo waardecreatie (niet de bureaucratie) te voeden. Dat is vaak lastig omdat speculatie te maken heeft met hebzucht en machtsbelangen die zich niet zomaar laten belasten en eerder een lobby vormen om dat juist niet te doen.

Dat brengt ons op ondernemerschap. Het gros van het huidige ondernemerschap voegt geen waarde toe maar handelt speculatief met waarden die elders zijn gecreëerd. Men speculeert door te concurreren. Deze marktconfrontatie zorgt voor waardeonttrekking in de keten zodra er meer dan 2 concurrenten optreden in een marktsegment. Belangrijker is de creatieve waarde van disruptieve innovatie van het bedrijfsleven, ofwel het creëren van iets totaal nieuws dat zich laat stimuleren door aandacht voor onze kernwaarden. Dit is de basis voeding van een harmonieuze economie, niet groei. Groei is slechts een natuurlijke bevestiging van ruimte en aandacht.

Waarde gedreven ondernemerschap kan nooit alleen verantwoordelijkheid nemen. Dat dient in de context geplaatst te worden van onze collectieve verantwoordelijkheden. Dat noemen we multidisciplinair, context gedreven ondernemen, ofwel het piramide paradigma of 4 x winst model.

Pyramid 3

Het brengt ons automatisch op multidisciplinaire cocreatie als waardecreatie systeem met faciliterende aandacht van de lokale overheid.

De overheid is de volgende die de consequenties aanvaardt. In plaats van zich duaal te richten op infrastructuur ontwikkeling, belasting inning en bureaucratische regelgeving, wordt het partner in haar eigen maatschappelijke cocreatie rond menselijke kernwaarden. Dat vergt een grote omslag daar de overheid de laatste decennia de aandacht vooral heeft gevestigd op economische groei met steun en stimulans van speculatie, met bankbelangen, in plaats van harmonisering en vernieuwende ideeën.

“Niet top down, niet bottom up, maar allemaal tegelijk!” was de boodschap van een van de betrokken wethouders. Zeggen is een, vormgeving en deelname is iets heel anders.

Financiële modellen staan ter discussie en verlangen creatieve innovatie. Nu wordt de overheid nog gefinancierd vanuit BTW (consumeren), IB (contract arbeid) en VB (winstgevend speculanten) met wat gasbaten (9%). Dit model voedt het probleem van de maatschappelijke onbalans. Loslaten kan de overheid niet want alles is gestoeld op dit inkomstenpatroon. Er dient dus iets nieuws te ontstaan waardoor de overheid mee kan opbouwen aan de vernieuwing terwijl het oude wordt afgebouwd. Datzelfde geldt ook voor het bedrijfsleven, de zekerheden van de bevolking, het onderwijs enz. Ook het juridische systeem kan op de schop omdat het modellen in stand helpt houden die uit de tijd zijn, inclusief justitie zelf. Denk aan de solidariteit wetgeving die participatie in zorg uitsluitend uitdrukt in geld in plaats van zorg voor elkaar.

Tot slot zien we dat de doorbraak tot niveau 4 gebiedsontwikkeling voortkomt uit de aanwezigheid van de eerste 3 niveaus, inclusief slimme hulpmiddelen en prikkels voor innovatieve ontwikkelingen. Maar als niveau eenmaal is bereikt dan stelt de kernwaarden gedreven werkelijkheid de onderliggende structuren weer ter discussie omdat ze meestal niet voldoen aan de nieuwe context van niveau 4. Kijk bijvoorbeeld naar de plannen rond de luchthaven van Eindhoven. Maar verandering brengt nieuwe werkgelegenheid, betrokkenheid en inspiratie.

Visgraat airport workshop
Vanuit de context `health deal` ontstaat een geheel andere mobiliteit dan toen `economische groei` voorop stond. Alles staat ter discussie.

Conclusie

De consequenties van Sustainocratie zijn gigantisch en alles omvattend. Door de evolutie naar niveau 4 van gebiedsontwikkeling ontstaat een geheel nieuwe onderlinge relatie tussen mensen, instanties, middelen en betrokkenheid. Er ontstaat een vibrerende gemeenschap waarin alles kan mits het bijdraagt aan de duurzame ontwikkeling van onze kernwaarden.