Het televisie programma Mindf*ck brengt op grappige wijze de psychologie van de mens in beeld. De voorspelbaarheid van gedrag is daarbij uiterst zorgwekkend omdat we ons gemakkelijk laten onderwerpen aan manipulatie. Het experiment rondom kuddegedrag is daar een duidelijk voorbeeld van. Kijk zelf even mee ….
Natuurlijk kan het gedrag van de mensen in het filmpje geïnterpreteerd worden als aangeboren nieuwsgierigheid. Hierbij heeft men altijd de keuze om af te haken. Waarom blijft men dan meedoen? Omdat het leuk is? Om erbij te horen? Omdat het moeilijk is los te laten als je eenmaal in de molen meedraait?
Hoe zit dat in ons dagelijks leven? Hoeveel laten we ons beïnvloeden “omdat iedereen het doet?” of omdat we het moeilijk vinden uit een stroom te stappen? Of “omdat het zo hoort” volgens een bepaalde stroming….
Vandaag was ik uitgedaagd door een studente van Fontys om haar eigen klasgenoten en haarzelf ook weer uit te dagen. Zij studeren communicatie technieken met een speciale focus op de culturele sector. De grote vraag was “hoe ontstaan communities?” en natuurlijk ook “hoe houd je ze levendig in stand?”.
Ikzelf mocht hen prikkelen met mijn eigen community drang rondom het samen (instellingen en mensen gelijk) verantwoordelijkheid nemen voor onze menselijke kernwaarden. Dat is natuurlijk leuk en aardig en een bewijs dat communities rondom onze grote maatschappelijke uitdagingen kunnen ontstaan. Maar ik heb ook één grote zwakte: “ik weet niet hoe ik jongeren mee kan krijgen” in al mijn uitdagingen. Logisch dat ik deze groep om hulp vroeg. Daarvoor had ik met name AiREAS genomen als uitdaging.
Wat maakt een community?
De aanpak was intensief. Een korte uitleg van mij moest hen prikkelen om aan de slag te gaan met hun creativiteit. Ik vertelde over mijn eigen processen om tot Sustainocratie te komen, de verschillende communities die erin zijn ontstaan, en AiREAS als concrete uitdaging voor vandaag, inclusief mijn hulpvraag.
Daarna kregen deze jonge mannen en vrouwen ongeveer 90 minuten de tijd om een concreet plan te ontwerpen ter presentatie. In die 90 minuten gingen ze door verschillende stadia. Allereerst moesten ze zien te begrijpen wat er bedoeld werd. Het thema luchtkwaliteit wordt niet onderwezen op school. Ook de problematiek van Noord West Europa op gebied van luchtvervuiling was niet echt tot hen doorgedrongen. Ze gingen op zoek naar kennis op internet en probeerden tegelijkertijd een idee te vormen over wat nu de theoretische basis is voor het vormen van een community.
“Een community bestaat uit gelijkgestemden die samen de interesse in een bepaald onderwerp delen” was één van de definities die men wist aan te dragen.
Daarna moest er nog een plan bedacht worden dat zou leiden tot community-vorming, betrokkenheid van jongeren én verbetering van luchtkwaliteit. De groep had zich verdeeld in vijf subgroepjes, elk van 3 personen. De docent en ikzelf deden een rondje om de groepjes eventueel bij te staan bij vragen of tips. De gesprekken die ik voerde waren betrokken, relevant, analytisch, enz. Men wist zich in te leven in hun eigen community gedrag in het dagelijks leven, of het ontbreken ervan door persoonlijke omstandigheden, corona of een beeld van een bepaalde cultuurontwikkeling rond individualisme.
Tot slot moesten ze zich ook nog voorbereiden op een presentatie. Dat wil zeggen, de keuze maken wie wat presenteerde, in welke vorm en met welke ondersteuning? Zelfs daarin bleken deze studenten uit te blinken. Elke presentatie werd verbaal goed gebracht en ondersteund door professioneel beeldmateriaal.
Uiteindelijk werden vijf project ideeën geopperd, onderbouwd en getoetst aan de groep zelf als doelgroep. Het idee “adopteer een plant” ontving meteen veel bijval. De andere ideeën ook maar leverden eerst wat aanvullende discussies op. Opvallend was geweest de groepsdynamiek waarmee men de uitdaging was aangegaan, hoe de groepjes met de stress dip omgingen om tot een gewenste keuze te komen en de professionaliteit rond de uiteindelijke uitvoering van de presentatie. En dat alles in 90 minuten tijd!
Deze groepjes zijn natuurlijk uitgedaagd om hun creativiteit in de praktijk tot uitvoering te brengen, samen met de partners in de AiREAS community. Zonder uitzondering werd dit geaccepteerd. Wij zullen hier met veel genoegen de uitvoering volgen en kijken hoe die uiteindelijk wordt geïmplementeerd en met welke 4 x WIN resultaten.
Een vingerwijzende regering toont haar incompetentie op gebied van menselijkheid. Alle maatregelen die ze neemt rondom een vermeende pandemie worden bedacht vanuit systeemdenken. Maar zo werkt de natuur niet, ook de natuur van de mens niet. Voor dit soort situaties is een hele andere vorm van regering nodig, niet reactief, niet systemisch (geld en macht) maar proactief, holistisch (mens en natuur).
Nu zijn het de ongevaccineerden die het doelwit zijn van de overheid om zichzelf qua verantwoordelijkheid te ontlasten. Vanaf het begin van de crisis hebben we dit gedrag van afwimpeling van verantwoordelijkheid gezien. In het begin leek dat relevant door een grote onzekerheid (bijv. het komt uit China) die van buitenaf zou komen. Maar naar mate kennis (bijv. de eerste opgeblazen sterfte verwachting van 3.4 I.F.R vergeleken met de, in een later stadium gemeten werkelijkheid van 0,15) zich ontwikkelde kon men meer naar zichzelf én de eigen verantwoordelijkheid gaan kijken. In plaats van het beleid bij te stellen, zoals in 2009 met de Mexicaanse griep, bleef men dit keer doorpakken met dezelfde maatregelen gefocust op blokkades, vaccinatie en nog eens blokkades en vaccinatie. Men sloot zelfs bepaalde informatiekanalen af. Is dit kortzichtigheid, belangenverstrengeling of tunnelvisie?
Een boeiend verslag uit 2010 “terugblik op de influezapandemie” toont vergelijkbare stappen die we nu kennen van de COVID19 aanpak. Een zin valt op:
Een belangrijk aspect is de rol die de farmaceutische industrie zou hebben gespeeld bij het ‘opblazen’ van de pandemie. De adviseurs van de WHO liggen onder vuur vanwege vermeende financiële belangen.
In een geldgedreven wereld worden eigenbelangen vaak verdoezeld door met ethiek gecamoufleerde argumenten. In een tijd dat de gezondheid en samenhang van onze maatschappij in crisis verkeert mogen we openheid, transparantie en samenwerking verwachten en zelfs eisen van onze regering. Als deze er niet is dan is opstand onvermijdelijk.
Herhaalt de geschiedenis zich maar nu geraffineerder?
In 2004 kostte de gezondheid zorg gemiddeld 1000€ per persoon in Nederland. Nu kost ons dat nagenoeg 6000€ per persoon! Deze gigantische stijging zou gemotiveerd zijn door de vergrijzing in het land en onze gestuurde afhankelijkheid van het kostbare zorgsysteem. Sinds de kredietcrisis in 2008 kwam het principe van de groei-economie ter discussie te staan. De verzorgingsstaat is niet alleen een enorme kostenpost. Het slaat tevens de sociale verbindingen plat die de basis vormen van een zorgzame maatschappij, voor en met elkaar. Matthew Lieberman, een Amerikaanse hersen onderzoeker, toonde al aan dat de eerste levensbehoefte van de mens “de sociale verbinding” is. De verzorgingsstaat heeft gaandeweg ons sociale contact uitgehold met ongelooflijk veel consequenties op gebied van agressie, eenzaamheid, depressies, gedragsstoornissen, welvaartziektes, enz. De verzorgingsstaat reageert met allerlei kostbare gefragmenteerde instanties en maatregelen rondom die stoornissen. De verzorgingsstaat stelt zichzelf hierbij niet ter discussie, ze reageert op symptomen. De kostendruk wordt alleen maar hoger.
De Staat moest haar jaarlijkse kostengroei van gemiddeld 6% aan banden gaan leggen. De staatsdiensten zoals de zorg en het onderwijs moesten het ontzien. Verzorgingshuizen werden gesloten, ziekenhuis capaciteiten aan banden gelegd. Allerlei verantwoordelijkheden werden overgeheveld naar de gemeenten. Deze gemeenten zoeken in toenemende mate de cocreatie van het maatschappelijk belang op, samen met haar inwoners. Maar die transitie is in de nationale overheid nog ver te zoeken. Een recent verslag laat zien dat slechts een kwart van de Nederlandse bevolking zonder moeite zich financieel kan bedruipen. Het toont aan dat “het systeem” niet meer voldoet en “het anders moet, maar ook anders kan”. Ondertussen wordt onze maatschappij gekenmerkt als “zeer gestructureerd, ongezond”, hetgeen zich uit in welvaartziektes, een ongezonde leefomgeving, apathie rond verantwoordelijkheden en structurele afhankelijkheid van het geldgedreven en geldafhankelijke systeem. Zelfs onze essentiële “waarden” (gezondheid, veiligheid, basis behoeften) worden gezien als kostenpost in plaats van gemeenschappelijke verantwoordelijkheid.
En dan komt ineens de COVID pandemie. Het sinds 2009 geoefende en geperfectioneerde draaiboek wordt (wereldwijd) uit de kast gehaald en zo ook het (lokale) OMT. Die zou volgens het reeds geciteerde verslag uit 2010 moeten bestaan uit “deskundigen uit de publieke gezondheidszorg, microbiologen, infectiologen en behandelaars” en wat ons betreft ook uit antropologen en sociologen. Deze crisis laat ineens alle tekortkoming van het beleid van de afgelopen jaren zien. Onmenselijkheid is de norm geworden. De regering valt wegens de toeslagenaffaire maar vele andere wanpraktijken zijn ook aan de oppervlakte komen te drijven. Tijdens verkiezingen komen vreemd genoeg dezelfde partijen weer aan de macht. Hierdoor ontstaat de unieke, ongekende situatie van een demissionair ontslagen kabinet die nagenoeg ongelimiteerd haar gang kan gaan met de steun van de herkozen tweede kamer waar ze officieel nog geen regering van is.
Ondertussen gaat alles fout wat maar fout kan gaan. COVID blijkt vergelijkbare proporties aan te nemen, inclusief snel muterende varianten, van een zware griep. Ondanks alle influenza vaccinaties in de afgelopen jaren zijn winterse griepcrisissen niet voorkomen. Een nieuw soort vaccin zou de oplossing moeten bieden. Deze vaccins vallen echter door de mand wegens de beperkte bescherming die ze blijken te bieden. Toch wordt stoïcijns de bevolking voorgeschoteld dat ze met meerdere vaccins (big Pharma) en een bijbehorende QR code (big IT) “veilig” zou zijn. Het tegendeel is gebleken. Toch wordt de schuld van voortdurende problemen gelegd bij het uitgaansleven (redelijk, gezien de beperkte graad van beveiliging van vaccinatie en de schijnveiligheid van de QR code. Onredelijk richting de zwaar gereguleerde horeca vergeleken met voetbalwedstrijden en grote evenementen) en de niet gevaccineerde (onredelijk, daar deze zich altijd moeten voorzien van een recente PCR test).
Sterker nog. Nieuw onderzoek toont aan dat vaccinatie bij oudere mensen misschien effectief zou zijn, niet qua besmettingspotentieel maar wel het gevaar van versneld overlijden. Het vertraagd overlijden dankzij vaccinatie heeft misschien een effect op IC belasting in ziekenhuizen maar niet op het natuurlijke verloop van het einde van het leven zelf. Bij jongere groepen is dat anders. De registratie van vaccinaties en overlijden zou misleidende gegevens bevatten. Bij deze bevolkingsgroepen zijn “onverklaarbare” pieken in overlijden geconstateerd, zoals het verslag aangeeft en uitdaagt tot tegenspraak en verder onderzoek.
Russische roulette
Het is bekend dat een COVID vaccin het immuunsysteem verstoord zodat het reageert om tot de gewenste vermeende bescherming te komen. In die periode van verstoring (volgens het verslag uit Engeland duurt dit ongeveer 28 dagen) kan van alles gebeuren. Men heeft zelfs de regel dat als iemand een infectie heeft opgelopen dat men niet gevaccineerd dient te worden. Ik laat het plaatje hier weer even zien.
Er zijn natuurlijk mensen met een bekende of onbekende onderliggende aandoening, bijvoorbeeld een hartprobleem, sluimerende infectie of een andere lichamelijke onbalans, die door het reguliere immuunsysteem wordt onderdrukt. Zij nemen misschien de vaccinatie om zichzelf of anderen te beschermen maar blijken zich bloot te stellen aan een soort Russische Roulette. Vaak gaat het goed, maar regelmatig ook niet. Mensen die ogenschijnlijk gezond waren kunnen zo zwaar ziek worden en zelfs overlijden. De oorzaak wordt dan onterecht aangewezen als “onderliggende kwaal”, niet als COVID en zeker niet als bijwerking van het vaccin.
We kunnen dit de regering natuurlijk niet zomaar aanrekenen. Wat we de regering wél aan kunnen rekenen is dat ze vasthoudt aan een beperkte tunnelvisie rondom vaccinatie zonder open te staan voor de feedback-lussen die door voortschrijdend inzicht wereldwijd worden aangereikt. Je kunt de bevolking ook niet aanrekenen dat ze gefundeerde twijfels heeft bij een crisisbeleid dat zichzelf niet constant corrigeert. En zeker niet als men gefundeerd angstig is dat men “uit solidariteit” zelf slachtoffer wordt. Dat een overheid dan overgaat tot het verwijten van deze groep is een teken van onmacht, gebrek aan zelfreflectie en kan zelfs als misdadig worden betiteld door de gevaarlijke tweedeling die ontstaat tussen angstige groepen die elkaar hun angst gaan verwijten. Het toont een totaal gebrek aan leiderschap.
Deze groep dwingen tot vaccinatie is onder omstandigheden van de gefundeerde twijfel ronduit verwerpelijk. Ook het vasthouden aan een beleid van opsluiten en beperken is tegenstrijdig aan de menselijke natuur en basisbehoefte. Het geeft alleen maar meer maatschappelijke problemen die door een te gefragmenteerde aanpak onvoldoende aandacht krijgen.
Niet vingerwijzen maar coherent optreden vanuit het geheel
Een crisis, ongeacht de intensiteit, is geen politiek spel. Het is een gemeenschappelijke gedeelde verantwoordelijkheid van bewustwording, loslaten van oude, foute patronen, nieuwe inzichten benutten en samenwerken aan het creëren van een nieuwe vorm van harmonie en gezondheid. Dat geldt niet alleen voor de regering maar ook voor het bedrijfsleven, de bevolking, de wetenschap, enz. Met een extra politiemacht kom je er niet, ook niet met een investering in controle technologie, noch het platspuiten van jong en oud. Het ontbreekt dan totaal aan menselijkheid en kennis van natuurlijke complexiteit processen. Die kennis hoeft een regering niet zelf in huis te hebben. Ze dient er wel voor open te staan, het uit de maatschappij te betrekken, steeds te vernieuwen en transparant te gebruiken in haar moeilijke keuzes, niet selectief maar co-creatief. In plaats van puur op kosten, baten of belangen te manipuleren via verknipte dwang dient de regering zich open te stellen voor inzichten en te faciliteren op basis van gezondheid en samenhang. Ze dient niet tot een Russische roulette te verplichten, met alle weerstand en opstanden van dien, maar juist een middenweg te vinden tussen bescherming (bijv. vaccins voor ouderen), verzorging (IC uitbreiding, stimulans en beleid rondom een gezonde samenleving, niet het repareren van ongezondheid) en een natuurlijke gezondheid stimulans (natuurlijke immuniteit opbouw, gezonde levensstijl).
Leonie Haas tekende een maatschappij in wording volgens de inzichten die Daan Fousert weergeeft in zijn boek “Leiderschap voor Toekomstmakers”. Omdat ik er veel in herkende van de totstandkoming en uitvoering van Sustainocratie, vroeg ik toestemming om het te gebruiken. Zelfs veel van de onderbouwing ervan is erin verwerkt. Herkent u zich in de beelden? Deze gelden overigens ook voor instellingen in transitie, zoals overheden, bedrijven, scholen…..
Vandaag zijn na ruime vertraging de meetkastjes opgehangen op de daarvoor door de gemeente Nuenen aangewezen plekken. De vertragingen rond fase 2 zijn gekomen door verschillende factoren.
De complexiteit van de wens van de gemeente. Het meten van fijnstof als luchtkwaliteit is relatief eenvoudig. De interpretatie van de data is echter veel moeilijker. Dat wordt vaak door onwetendheid gebagatelliseerd. Er zijn goedkope metertjes tegenwoordig beschikbaar die je zelf in elkaar kunt knutselen. Het Samen Meten project van RIVM is daarop gebaseerd, net als de Sensor Community van Duitse oorsprong. AiREAS werkt er graag mee samen en onze eigen data is in de meeste gevallen ook zichtbaar op deze sites. De goedkope metertjes hebben vaak een afwijkend gedrag door de geringe betrouwbaarheid, ze hangen bij mensen thuis en geven een relatief beeld van de luchtkwaliteit op elk moment van de dag. een enkel metertje kan onbetrouwbare informatie verstrekken. Dankzij het grote volume van metertjes in een gebied is er een interessant beeld te verkrijgen van de luchtvervuiling, verplaatsingen ervan bij bijvoorbeeld brand, enz. Hoe interessant ook, de metingen zijn niet van toepassing op de huidige Nuenense casus. Dit hebben wij in fase 1 al gedaan.
De uitdaging waar Nuenen voor staat gaat over het wegennet (bundelroutes), de bijbehorende vervuiling en overlast, als ook de beleidskeuzes waar de overheid voor staat, al dan niet in samenwerking met de lokale burgers. Als het over verkeer gaat dan hebben we het niet meer alleen over fijnstof maar vooral over gassen zoals NO2. De technologie om NO2 te meten is al jaren in ontwikkeling maar nog steeds verre van optimaal. In fase 1 beschikten we niet over NO2 meet mogelijkheden. Het wachten was op ons regionale meetnetwerk dat we ingekocht hebben van TNO. Echter ondervond ook TNO vertragingen met haar NO2 sensor. Leverancier Intemo heeft al wél een NO2 sensor maar deze werd in twijfel getrokken door de problemen die we in fase 1 hadden ondervonden met de producten van deze leverancier. TNO stelde voor om de techniek van Intemo aan te vullen met een goedkope en bewezen techniek op basis van chemische palmes buisjes. Deze leveren geen piek informatie maar wel maandelijkse gemiddeldes die veel nauwkeuriger zijn dan alle technologische meet opties bij elkaar.
De gemeente Nuenen heeft zich aangesloten op het regionale meetnetwerk van AiREAS dat in de loop van het jaar zich heeft uitgerold in de 23 deelnemende gemeenten. Het doel van dit netwerk is om wetenschappelijk inzicht te krijgen over stedelijk, luchthaven en vervuiling van intensieve veehouderij. Hier zijn verschillende landelijke partijen bij betrokken, zoals het RIVM en IRAS (universiteit van Utrecht). Dit regionale meetnetwerk heeft ook een aantal flexibele meetstations die op verzoek van gemeenten inzetbaar zijn. Daar wilde gemeente Nuenen graag gebruik van maken maar het ontbreken van de NO2 sensoren maakte de optie minder interessant. Dus was Nuenen weer aangewezen op de lokale Nuenense aanpak met AiREAS en de inzet van de Intemo sensoren aangevuld met de palmes buisjes.
De vergelijkbaarheid van de data van verschillende leveranciers was ook een issue gebleken toen in de verschillende AiREAS projecten voor het eerst verschillende sensoren tegelijk werden ingezet. Er werden onverklaarbare verschillen geconstateerd die door burger participatie al snel als onbetrouwbaar en waardeloos werden bestempeld. Voor AiREAS was het echter een reden om te onderzoeken waar die verschillen vandaan kwamen. Met de betrokkenheid van allerlei partijen, zoals Scapeler, RIVM, Sensor Community, enz werd gaandeweg duidelijk dat de sensor technieken per meetmodule en fabrikant verschilden. Dat geldt niet alleen voor de kastjes van Intemo, maar ook voor een grote speler zoals TNO. Het referentie netwerk is dat van RIVM. Dit is sinds kort door RIVM beschikbaar gesteld voor vergelijkende metingen en het bijstellen van de meetapparatuur (kalibratie). AiREAS vroeg aan de leveranciers om dit ter harte te nemen. Dat wilde iedereen wel maar het kost tijd en moeite. Er ontstond hier en daar jaloezie omdat de grotere partijen subsidies zouden krijgen om dit te doen en de kleineren niet. Dankzij wat middelen van de Gemeente Eindhoven werd toch hierin consensus gevonden.
Tot slot was er nog Corona waardoor alles stroperig ging, vooral als het om fysieke ontmoetingen ging die betrekking hadden op deze installaties.
Met de huidige installatie van Intemo meetkasten, aangevuld met palmes buisjes, gaan we 6 maanden meten. Daaruit moet een duidelijk onderbouwde nulmeting komen ten opzichte van het verkeer en de lokale omstandigheden bij de meetstations. Op basis van deze resultaten en de ontwikkelingen bij bijvoorbeeld TNO in het regionale meetnetwerk, kijken we of er nog aanvullend iets nodig is of dat we dit stuk naar tevredenheid (voor de gemeente) kunnen afronden. Nadruk ligt op “de gemeente” omdat deze verplichtingen heeft naar de gemeenteraad voor de keuzes die op handen zijn. AiREAS is zich bewust van de spanningen die bij burger groepen bestaan ten opzichte van dit project. AiREAS is zelf een burgerinitiatief met het oog op multidisciplinaire samenwerking met maar één gemeenschappelijk doel en verantwoordelijkheid: gezondheid en een gezonde leefomgeving. Voor AiREAS is meten een middel, geen doel op zich. AiREAS beroept zich op de deskundigheid en inzet van haar partners (technologie, wetenschap, overheden), ieder op hun eigen gebied van autoriteit. In de stappen naar die stip op de horizon van gezondheid moeten we zelfbewust samen prioriteiten stellen binnen de mogelijkheden die zich aandienen, niet alleen in beleid beïnvloeding maar ook burger zelfreflectie en gedragsaanpassingen.
Om 11 uur zou de cameraploeg uit Luxemburg via Maastricht in Eindhoven zijn. Vroeg omdat dit gevraagd was door een van de wethouders die graag de vergroening en autoluwte van de Vestdijk wilde laten zien. Want dat is wat men uiteindelijk voor de hele binnenring in gedachten heeft. Helaas had de wethouder op het laatste moment andere belangrijke dingen te doen. Niet getreurd. De CreatiVelos waren toch al iets vertraagd en werden uiteindelijk met een vrachtwagen naar Eindhoven gebracht. Een andere wethouder, Rik Thijs, had zijn agenda aangepast en wilde graag het Clausplein laten zien. Dat bleek een pareltje van inventieve vergroening in de binnenstad. Het groene plein als alternatief voor de oude verstening heeft vele voordelen. Zo is het een heerlijke sociale plek voor de omwonenden en alle bezoekers. Tevens draagt het groen bij aan het verminderen van de stedelijke, ongezonde hittestress. Wat minder zichtbaar is op het eerste gezicht licht de wethouder toe. Onder de grond is er een parkeergarage, dan een water opvang systeem en daarna de groenvoorziening. Deze multifunctionaliteit is een ingenieus kunstje moderne stadsopbouw. Dit wil men nu op 10 verschillende plekken in de binnenstad uitvoeren. Wow. 5 voetbalvelden groen in de binnenstad van Eindhoven? Wie had dat durven denken?
Wethouder Thijs is op zijn gemak in het Engels en trots op de zichtbare resultaten in de stad. En ambitieus om daarin door te pakken.
Een documentaire is wat anders dan een interview
Daar sta je als wethouder en krijg je ineens pittige vragen op je afgevuurd. Met verschillende camera’s worden de gesprekken, ook de voorbereidingen, opgenomen. Men is niet tevreden met het standaard verhaaltje. Er wordt doorgevraagd. Wie heeft dit bedacht? Hoe lang heeft het geduurd? Wie heeft er allemaal meegeholpen? Hoe kunnen we toegepaste technieken zichtbaar maken? Waarom is dit zo belangrijk? Na ruim 45 minuten vraag en antwoord, onder het oog van de camera’s lieten we de wethouder weer los. Uiteindelijk gaat het niet alleen om de resultaten maar ook “het verhaal” er achter. Dat alles samen is inspirerend voor andere gebieden die misschien met soortgelijke plannen rondlopen. Karakteristiek voor Eindhoven is de openheid waarmee hierover gesproken wordt. De complexiteit wordt niet uit de weg gegaan, ook niet de moeite die het heeft gekost om iets fundamenteel van de grond te krijgen. Het eindresultaat, hoe inspirerend en nuttig ook voor de gezondheid en kwaliteit van de leefomgeving, is een topje van een grote ijsberg van inzet, samenwerking en doorzettingsvermogen. Daar staan om dit te vertegenwoordigen is een hele eer maar het is juist ónze taak om niet alleen het topje zichtbaar te maken, maar het geheel.
Tsja, en dan lopen spontaan Mieke en Joop van Bree voorbij. Beide zijn ze al jaren bestuurlijk actief in Waterschap de Dommel. Het verhaal van de wethouder en het Clausplein is koren op hun molen. Jarenlang hebben zijn “gevochten” (de woorden van Mieke) om het waterbeleid in de gemeente de juiste aandacht te geven, inclusief de vergroening. De waterschappen zorgen voor voldoende en schoon oppervlakte water in de regio. Maar dat is niet eenvoudig als het structureel verspilt en vervuild wordt. Vol enthousiasme nemen ze ons mee naar het Lichtplein, vlakbij. Daar is nog geen vergroening zoals op het Clausplein. Het is nog een en al steen. Maar de plannen liegen er niet om.
Mieke bereidt zich voor met de microfoon op het Clausplein. Maar uiteindelijk wil ze toch naar het Lichtplein
Al met al ben je dan al snel langer bezig dan de gereserveerde twee uur. De volgende afspraak staat te wachten, op ongeveer 1 km afstand. Dus thema’s zoals de autoluwe stad, de historische indrukken in de fietsenstalling, de verdichting, de elektrische bussen, de sociale cohesie initiatieven in de wijken en tussen de enorme culturele diversiteit in Eindhoven, de vergroening van Brainport, de stadspoorten, enz moeten we derhalve laten liggen. We gaan naar het onderwijs.
Onderwijzen en leren is niet hetzelfde
We gaan naar Fontys. Daar worden we opgewacht door coördinator Elke van der Valk samen met één student en enkele docenten. Het eerste wat mij opviel was dat ik Fontys niet meer terug kende. Gedurende enkele jaren had ik daar elke twee weken avondcolleges gegeven. Tot mijn verbazing was het campus vergroend, waren er gebouwen bijgekomen, ook afgebroken en de hele sfeer was ineens anders. Ik heb de nadruk gelegd op de aanwezigheid van één student omdat na de kennismaking en het snappen wat de bedoeling was, er ineens andere studenten mee gingen doen. Ook de docenten waren enthousiast. Studenten deden hun verhaal met veel passie en gedrevenheid. Ze vertelden niet uit een boekje maar uit hun eigen belevingen en leerervaringen. Overduidelijk werd dat het onderwijs aan het transformeren was, net als de stad die we hadden gezien. Docenten waren geen zenders meer maar faciliterende bronnen van inspiratie en support voor studenten die zelf op onderzoek uit gingen. Ik herkende veel van de School of Talents & Wellness terug in de aanpak.
Docent Niels van Maaren is erg blij met de ontwikkeling van Fontys en zijn rol die hij erin als docent kan spelen door de SDGs te integreren in het leersysteem.
Als je ineens én een transitie van het onderwijs, het leersysteem, de leeromgeving, de verhalen van de docenten én die van de vele studenten wilt vastleggen dan ben je wel een tijdje bezig. Het uurtje dat we ervoor uitgetrokken hadden bleek al snel veel te weinig. Arme Maartje Kreike die in het voedselbos op ons zat te wachten.
Vergroening in niet genoeg
In het voedselbos treffen we niet alleen Maartje maar ook Ben Nas. Ben is al jaren bezig om eetbaar groen te introduceren in zijn buurt in Gestel om het sociale contact tussen de mensen te bevorderen. In samenwerking met de gemeente is dat nu gelukt. Maartje heeft het voedselbos overgenomen van vorige pioniers en duidelijk haar stempel gezet in de diversiteit van plantengroei en activiteiten op het terrein. Maartje heeft veel kennis van planten en de geneeskundige krachten ervan. Vol verve neemt ze de gedachten van de deelnemers mee in de wereld van healing in plaats van de pleisterplakkerij van de farmaceutische industrie. Ze werkt samen met het onderwijs en tracht ook kwetsbare groepen te betrekken en inspireren. Haar doel is, net als Ben, om de mens bewust te maken van haar omgeving en het ongekende nut ervan, bijvoorbeeld via voeding. Ze zou graag zien dat de vergroening van de stad gepaard gaat met de voedselvoorziening in de wijken middels kruiden, vruchten, eetbare planten, enz.
Maartje vertelt hoe kruiden helpen bij kwaaltjes
Als er tussen de aanwezigen een grote groep Luxemburgse studenten meekijkt die nog nooit een voedselbos hebben gezien, zelfs er niet van gehoord hebben, dan zijn we niet gauw uitgepraat. Ook hier was er materiaal genoeg om een hele dag te draaien met de camera’s. De entertainment die we voorzien hadden in het voedselbos was komen te vervallen. De deelnemers waren moe van de vele indrukken en wilden inchecken in hun hotel. Gelukkig was het programma van 17:00 in de stad komen te vervallen omdat we dit al in de ochtend hadden gedaan (Clausplein). Dus was er ruimte voor wat relax. Om 19:00 sloten we de dag toch sociaal af met lekker eten in Foodgallery op het Stratumseind. Na alle beperkingen van corona was het een gevoel van thuiskomen bij onze sociale partners in de horeca. De bezoekers uit Luxemburg waren onder de indruk van Eindhoven en besloten weer terug te komen ergens in de toekomst. Het verhaal van Eindhoven is nog niet af. Voldoende wellicht als inspirerende boodschap naar de klimaatconferentie in Glasgow (COP26) maar als je over enkele jaren terugkomt in Eindhoven dan ken je de stad waarschijnlijk niet meer terug.
Jean-Paul Close en Jörg Altekuse hebben de handen in een geslagen op gebied van samenwerking aan een gezonde, samenredzame wereld.
Sinds september 2020 organiseert de Stad van Morgen wekelijks een open zoom sessie, elke dinsdagochtend om 10.00. Deze bijeenkomsten zijn gemotiveerd door de beperkingen in fysieke ontmoetingen en bewegingsvrijheden die werden opgelegd door de corona pandemie. De uitnodiging tot werd gekenmerkt door Sustainocratie, een maatschappij gebaseerd op menselijke kernwaarden en de uitnodiging om er gezamenlijk in projectmatige cocreatie verantwoordelijkheid voor te nemen. Een grote diversiteit aan mensen heeft deelgenomen gedurende het jaar. Zij deelden hun inzichten en positieve persoonlijke bijdrage aan het grotere geheel van een natuurlijke waarden gedreven samenhang. Deelnemers kwamen in eerste instantie uit heel Nederland. Gaandeweg sloten zich ook Nederlanders aan die woonachtig zijn in het buitenland (o.a. Portugal, Thailand) waardoor ook een interregionale culturele uitwisseling ontstond. Uiteindelijk kwam er tevens een verbinding met Vlaanderen.
Na een jaar is een evaluatie op zijn plaats. Wat heeft men ervaren? Wat kan er anders? Gaan we door? Of niet? Met welke motivatie?
Uniek in deze bijeenkomsten is de open, vrije dialoog die wordt toegepast. Zo ook vandaag tijdens de uitnodiging tot evaluatie. Elke opmerking van een van de deelnemers triggerde weer ideeën of verhalen bij een ander. Zo ontstonden er automatisch weer verbindende initiatieven en intenties onderling. Misschien is dit wel het meest tekenend van de bijeenkomsten: het onvoorspelbare. En dat binnen een algemeen aanvaardbare context van natuurlijke menselijke kernwaarden, gemeenschappelijk gedragen verantwoordelijkheden en projectmatige cocreatie. Enkele opmerkingen van deelnemers:
De mogelijkheid elkaar te ontmoeten, te bemoedigen en te inspireren
Het verlangen naar de dialoog als natuurlijk proces
De 2 fundamentele elementen: de kernwaarden en de cocreatie
Het doorzettingsvermogen
De indrukwekkende diversiteit aan deelnemers met hun inzichten en activiteiten
Ook werden er ideeën en wensen uitgesproken:
jongeren uitnodigen of betrekken
misschien ook op andere tijdstippen speciale sessies doen voor hen die thematisch geïnteresseerd zijn of wegens tijd geen mogelijkheid zien om mee te doen om 10.00 uur op een dinsdag.
meer de blogs gebruiken en delen als ook elkaars initiatieven zichtbaar maken als ze relevant zijn binnen het kader dat ons bindt
anderen uitnodigen om mee te doen aan de sessies
rijpe cocreatie appels (projecten, initiatieven) laten ontstaan die dan een eigen leven kunnen gaan leiden online en offline
Minder besproken maar wel van belang volgens mij als (niveau 4) verbinder is het breder trekken van de dialoog door ook mensen uit instellingen zoals de overheid, het bedrijfsleven, het onderwijs en wetenschap mee te krijgen. Zo kan er een brug geslagen worden tussen het oude denken en handelen (vaak met institutionele tunnelvisie) en het denken en handelen vanuit kernwaarden en cocreatieve verbindingen met de betrokkenheid van een veelvoud aan mensen en instituties.
Ondernemers van de 21ste eeuw onderscheiden zich van de andere, oudere vormen van ondernemerschap doordat ze structureel 4 x WIN waarde creëren. Geld is voor ons geen doel op zich, het is een van de vele middelen om onze echte doelen te bereiken die liggen op het vlak van de mens, maatschappij en milieu. Financieel welzijn is daar een onderdeel van ten bate van de continuïteit van de onderneming.
Ondernemers van de 21ste eeuw zijn waarden gedreven. Er heerst een hele andere mentaliteit voor het ondernemen dan in de oude wereld van acquisitie, lobby’s, concurrentie, verlies en winst, marketing, overnames, speculatie, subsidies, enz. Wij concurreren derhalve niet onderling maar werken veelal samen in cocreatie platforms. Hierin vinden we elkaar door elkaar aan te vullen en processen te versterken. Deze vorm van ondernemen beperkt zich niet alleen tot bedrijven, het is ook de nieuwe vorm van overheid participatie, kennisinstellingen, onderwijs en zelfs wij als deelnemende burgers via ons zelfbewuste gedrag en bereidheid tot waarden gedreven gedragsaanpassingen.
De vereniging is een initiatief van Stichting STIR, de grondlegger van de maatschappij aanpak Sustainocratie en het 4 x WIN ondernemerschap model. Stichting STIR onderneemt zelf al jaren vanuit het 4 x WIN principe. STIR zal toezicht houden. Het doel van de vereniging is meervoudig:
Het 4 x WIN principe borgen en uitdragen als erkende vorm van ondernemen.
Een 4 x WIN index bedrijfsanalyse methode en feedback beschikbaar stellen
Het zichtbaar maken van 4 x WIN ondernemers aan elkaar, lokaal, interregionaal en wereldwijd.
4 x WIN innovaties uit andere regio´s beschikbaar stellen voor (nieuwe) ondernemers elders en de in gebruik name of uitwisseling begeleiden.
Oudere ondernemingen die het transitieproces aan willen gaan naar 4 x WIN steunen en coachen.
Ruimte en steun bieden aan startende 4 x WIN ondernemers.
Verbindingen als thematisch clusterend bewerkstelligen tussen 4 x WIN ondernemers onderling ten behoeve van cocreatie en samenwerking.
Als onafhankelijk verbindende partij samenwerking en cocreatie fondsen beheren volgens het transparante Sustainocratische 10-10-80 principe.
Bij voldoende leden zich verzelfstandigen als vereniging met leden en ledenvergadering
Vergelijkbare verenigingen met partners opzetten in andere cultuur regio´s en deze onderling verbinden
In een wereld vol tegenstrijdige belangen willen wij toch proberen ergens in Nederland de handen op elkaar te krijgen voor de “cocreatie van de Wijk van Morgen”. Het zou een proefgebied moeten worden voor de hele wereld. In de Wijk van Morgen gaan we de moeilijkste uitdagingen aan, samen met de inwoners, de overheid, zorginstellingen, woningbouwcorporaties, verzekeringen, kennisinstellingen en bedrijven. We pakken het Sustainocratisch aan.
De wijk of buurt is de kleinste vorm van maatschappij na het gezin. Als ergens de integrale verduurzaming plaats dient te vinden is het hier, in de wijk. Dat kan natuurlijk ook een klein dorp zijn, mits er de hiërarchische politieke structuur bereid is zich faciliterend op te stellen. Dat geldt ook voor wijken en buurten want de Wijk van Morgen is gebaseerd op integrale samenwerking, bewustwording, aanpassingsvermogen aan een veranderende werkelijkheid, met integraal, gezond en duurzaam welzijn als gemeenschappelijk doel.
Waarom is dit zo moeilijk?
Van alle partijen vragen wij het uiterste. Iedereen verlaat de traditionele comfort zone om samen aanpassingen te aanvaarden die baanbrekend en logisch zijn binnen de context van duurzame menselijke en ecologische vooruitgang en de vijf sustainocratische kernwaarden die wij nastreven. Voor de deelnemende instellingen is dit interessant om te kijken hoe deze veranderingen zich verhouden tot hun beleid, organisatie en boekhouding, niet per afdeling maar integraal. Tevens introduceren wij de 4 x WIN feedback lus (mens, maatschappij, milieu, economie). Uiteindelijk is het een experiment waaruit meervoudige lessen kunnen worden gedistilleerd en zichtbaar gemaakt die in eerste instantie het traditionele functioneren van de instelling niet beïnvloeden. Het experiment is per slot van rekening geïsoleerd in een bepaalde wijk of buurt. Met de lessen in de hand en de meetbare resultaten kan een ieder uiteindelijk keuzes maken om de aanpak breder te trekken, aan te passen op punten of om wat voor reden dan ook te verwerpen.
Enkele thema’s die aan de orde gaan komen (ter illustratie)
Energie: Met het huidige integrale energieverbruik (verwarming, mobiliteit, bevoorrading, automatisering, elektronica, etc) in de wijk als uitgangspunt dient een besparing van 75% gerealiseerd te worden. De overige 25% dient lokaal in de wijk geproduceerd en gebruikt te worden op een niet vervuilende manier. Dit kan alleen als het grootste deel van de wijkgerichte behoeften in of nabij de wijk worden geproduceerd en gebruikt op een circulaire manier. De wijkbewoners dienen zelf die productiviteit te organiseren.
Huisvesting: De huidige woonruimtes zijn star en niet flexibel in gebruik. Inwoners houden noodgedwongen vast aan hun woonruimte ook al is deze niet (meer) geschikt voor hen. Mensen met een handicap bijvoorbeeld blijven in een eengezinswoning en verlangen kostbare aanpassingen terwijl een gelijkvloerse oplossingen beter zou passen bij hen. Net als gescheiden eenlingen. Jonge gezinnen met kinderen zijn gebaat met de eengezinswoning maar moeten zich vaak behelpen bij familie of op kamertjes. Door inwoners te stimuleren te verhuizen, binnen een regelmatige, samen gedragen (vrijwillige) herdistributie van woonruimtes, naar beter passende woningen in dezelfde wijk, kan veel beter woongenot, een betere verdeling en kostenbesparing worden gerealiseerd.
Sociale zorg voor en met elkaar: De sociale verbindingen dienen optimaal en zorgzaam te ontstaan. 25% of meer van de huidige huisartsen consultaties zijn niet medisch. Dit kan voor een deel door de wijk zelf worden opgevangen. Ook zijn er diensten in de privé sector die invulling geven aan de brede gezondheid, ruim nog voordat iemand een patiënt is. Met 30% van de Nederlandse bevolking lijdend aan een chronisch aandoening is het van belang dat we integraal positieve gezondheid met elkaar serieus gaan nemen. De zorglasten kunnen gehalveerd worden en meer maar dan dienen we te werken aan onze levensstijl, zelf en samen.
Dit zijn slechts enkele van de bekende issues die spelen en in de gangbare maatschappijvorm nauwelijks aangepakt kunnen worden door gebrek aan doelgerichte samenwerking, maatschappelijke empathie en aanpassingsvermogen. Vaak wil men wel maar ziet geen ruimte in de eigen instelling om de complexe verbindingen eenzijdig te gaan realiseren. Dat past niet bij de bedrijfsvoering. Door de Stad van Morgen (Stichting STIR) als verbinder te aanvaarden kunnen gezamenlijk projecten worden gedefinieerd en tot uitvoering worden gebracht, ook al staan die vaak haaks op gangbare normen elders.
Hoe ver staan wij? Op stedelijk, regionaal en internationaal niveau is Stad van Morgen aI jaren actief met o.a. AiREAS, FRE2SH, School of Talents & Wellness en COS3i. In sommige wijken vinden boeiende burgerinitiatieven plaats. Ook woningbouwcorporaties hebben aangegeven dit te willen doen maar niet de kartrekker ervan kunnen noch willen zijn. Innovaties zijn er voldoende voor handen maar vinden hun weg niet naar de Wijk van Morgen. Overheden laten het tot op heden afweten omdat ze op zichzelf veelal een bolwerk van tegenstrijdige belangen zijn geworden. Dit doorbreken is al een uitdaging op zich, ook voor de overheid zelf. Een plek vinden die als integraal voorbeeld wil gaan dienen blijkt niet gemakkelijk omdat vele neuzen tegelijk eenzelfde richting in moeten willen. Toch lijkt de tijd rijp.
Steeds meer mensen zoals jij en ik staan op om zelf verantwoordelijkheid te nemen voor onze uitdagingen van deze tijd. Door die initiatieven te verbinden ontstaat een nieuwe werkelijkheid, een nieuw wereldwijd krachtenveld dat wij 400 Miljoen en 1 hebben genoemd en waaronder wij alle initiatieven trachten zichtbaar te maken, te erkennen en te verbinden in samenwerking. 400 Miljoen en 1 is geen bedrijf, geen nieuwe instelling maar een weergave van een nieuw menselijk ecosysteem dat is gebaseerd op waarde creatie en gelijke verdeling in optimale samenwerking met onze natuurlijke omgeving.
De plastic soep in de oceanen, de klimaatproblemen, lucht, bodem en watervervuiling, arbeid uitbuiting, het kappen van de broodnodige bossen, de verstening en uitbuiting in vastgoed voor huisvesting, armoede, ongelijkheid, onze ongezonde levensstijl, de stijgende zorgkosten, en ga zo maar door. Het zijn allemaal miskleunen van een maatschappij die er veel te tolerant voor is uit financiële belangen en afhankelijkheid. De politiek is handlanger daarvan wegens haar afhankelijkheid van geld ondanks de mooie praatjes om verkiezingen te winnen. Eenmaal in de pluche van de bestuurlijke functie spelen de lobby’s en afhankelijkheden een doorslaggevende rol, ongeachte het idealisme dat de persoon in kwestie misschien bij zich draagt. “Het systeem” heeft haar werkwijze en laat zich niet zomaar ombuigen naar een andere vorm.
Als men überhaupt maatregelen neemt dan is het vaak achteraf, al dweilend met de kraan open, en te laat. Politiek is afhankelijk van draagvlak bij een grote achterban. Dat krijg je niet door gezond verstand maar door een drama dat is ontstaan of de manipulatie van het denken van de massa. Maar echt leiderschap kan nooit afhankelijk zijn van een gedragen meerderheid. Leiderschap zit de problemen aankomen ruim voordat ze ontstaan. Ze ziet ook de kernoorzaken die de problemen veroorzaken. De aanpak van de problemen vergt vaak aanpassingen die de politieke financiële werkelijkheid overhoop halen. Want daar ligt de kernoorzaak van het ontbreken van een duidelijk moreel humanitair en ecologisch kompas. En die maatregelen zijn nooit populair. Van het gros van de zogenaamde “machthebbers” moeten we dus geen ingrijpende en onpopulaire veranderingen verwachten.
Naar mate het steeds duidelijker wordt dat van die kant we geen ingrijpende verantwoordelijkheden kunnen verwachten staan er steeds meer mensen op met activistische of ondernemende motieven en initiatieven. Vaak zijn die initiatieven lokaal, kleinschalig maar wel degelijk mens of milieu gericht, niet puur financieel gedreven noch afhankelijk. Soms komen ze tot stand met de hulp van lokale sponsoren, inclusief de lokale overheid, waar ook de nodige risico’s aan verbonden zijn. Bijvoorbeeld wat gebeurd er als de sponsor zich terug trekt of het idee overneemt en verkwanselt in haar web van belangen?
Gaandeweg bouwen deze initiatieven zich op op basis van creativiteit, steun van de omgeving en op eigen kracht. Ze zijn ontsproten aan de bewustwording van deze mensen en de drang om wel degelijk het verschil te maken.
Voor hun leiderschap zijn ze alleen afhankelijk van zichzelf, hun directe omgeving en de opbouwende kracht van hun verhaal met bijbehorende aanpak. Deze pioniers zijn het werkelijke zaad van toekomst. Door zichzelf zichtbaar te maken ontstaat een netwerk van (h)erkenning, een goed voorbeeld dat doet volgen, een mogelijkheid tot samenwerken. Stapje voor stapje ontstaat een beweging, een nieuw veld van miljoenen initiatieven tegelijk waar de politiek niet onderuit kan. De som van deze initiatieven zijn een nieuw krachtenveld dat geen tolerantie meer heeft voor de oude vervuilende of manipulatieve processen, en ruimte neemt, zelfs eist, voor de verandering, algeheel en ook van de instanties.
400 Miljoen en 1 (jij?, ik? samen?) geeft blijk van deze evolutie die voor velen lijkt op een revolutie maar eigenlijk puur een stap vooruit is in de menselijke beschaving, bewustwording en nieuwe kijk op onze samenleving. We laten het oude los als het nieuwe zich manifesteert. 400 Miljoen en 1 vormt die beweging die zich niet politiek manifesteert maar vanuit gemeenschappelijk gedragen verantwoordelijkheid rondom de kernwaarden van ons bestaan. Alles wat die natuurlijke kernwaarden in de weg staat wordt op termijn overbodig. In de natuur betekent dat een soort verdwijnt. Binnen de natuurlijke mens betekent dat we een keuze maken, ons aanpassen, als mens maar ook als organisatie.
Binnen 400 Miljoen en 1 zijn er al een aantal wereldwijde, interregionaal gefocuste clusters van bewegingen waar men zich bij kan aansluiten als supporter, deelnemer of als eigen initiatief:
Sustainocratie – de overkoepelende maatschappijvorm als contextuele paraplu en regionale extra laag (niveau 4) van het samen nemen van onze verantwoordelijkheid voor onze kernwaarden en basisbehoeften. De onderliggende 3 lagen, infrastructuur (1), al dan niet geïntegreerd (2), en slimme feedback informatie systemen (3), passen zich aan aan de nieuwe mens en natuur gedreven context. Geld wordt desgewenst een middel, nooit een doel op zich.
AiREAS – samen verantwoordelijkheid nemen voor de kwaliteit van onze leefomgeving (lucht, geluid, enz) door het niet te vervuilen en er optimaal samen met om te gaan ten bate van onze gezondheid
School of Talents & Wellness – het participerend leren in de sustainocratische omgeving van bewustwording en cocreatie van onze kernwaarden en basisbehoeften
Youth4Planet – een leeromgeving in samenwerking met basisscholen voor de bewustwording en omgang met onze natuurlijke omgeving
Earthbeat – een uitdagende uitnodiging voor jongeren om positieve voorbeelden voor milieu verbetering te tonen via eigen gemaakte video’s die wereldwijd ter inspiratie worden gedeeld.
Andere multidisciplinaire 400 Miljoen en 1 coalities in wording zijn op gebied van drinkwater (niet alleen de beschikbaarheid maar ook het verantwoord gebruik) , voedsel (agrarische transitie), energie (waaronder het reduceren van onze energiebehoefte met 75% door veel meer lokaal voor lokaal samen te werken en interregionaal te verbinden), sociale cohesie (Vrede door met elkaar diplomatisch te werken aan overvloed en de verdeling ervan), enz.
Duurzame menselijke vooruitgang is geen kostenpost maar een gemeenschappelijke gedragen en gedeelde verantwoordelijkheid.