Op 20 September 2013 zal de kick off plaats vinden van het grote STIR Innovatie spel. Gedurende 6 maanden zullen Innovatie Teams strijden om de inlegpot.
Het spel speelt zich af in Eindhoven en omstreken.
De hogere innovatie doelen zijn deze keer “het bedenken van toepasbare innovaties” voor:
Gezonde stad (mentaal, luchtkwaliteit, lichamelijk, enz)
Energie neutrale stad
De duurzame toekomst van de “kleine gemeente”?
Wie schrijven zich in?
De helden:
Bedrijven die zich willen profileren in de markt van MVO.
Overheden die innovatie willen voor gebiedsverduurzaming
Scholen en Universiteiten die open staan voor vernieuwing
De uitdagende innovatie teams:
Innovatie Teams (in worden) uit verschillende sectoren
Studenten
ZP-ers
Tijdelijk werklozen op zoek naar uitdaging
Expats in verbindingsfase
Bedrijfsleven
Burgerparticipatie groepen
Teams die zich in het andere spel “Het Geheim” vormen
NB: Streefbedrag van de pot is 50.000 – 10.000 euro
Aparte inschrijving voor helden en innovatie teams. Het zijn twee verschillende soorten deelnemers ook al komen ze misschien van dezelfde instelling. Een instelling hoeft zich niet als held in te schrijven als men een innovatie team op wenst te geven. Het een staat los van het ander. Inschrijven voor beide heeft zo z’n voordelen.
STIR avondcollege in de collegezaal van Fontys Eindhoven
Dit avondcollege is het vervolg van 14 Mei waarin het evolutieproces van het leven in onze natuurlijke oorsprong werd behandeld. De harmonieuze moleculaire verhouding die de oorsprong van het leven omvat ontwikkelde een natuurlijk drang naar groei (voedsel, vermenigvuldiging, formaat, enz). Dit leidt op termijn tot concurrentie waarin de Darwinistische wet van de sterkste een selectie teweeg brengt. Maar tevens ontstaat de drang op concurrentie te mijden door “anders” te zijn middels aanpassing. De enorme diversiteit van leven op onze planeet, waaruit ook de mens is ontstaan, zoekt middels deze constante individuele groei/onderlinge concurrentie/evolutionaire aanpassingen steeds de symbiose op van het samen leven. De onderlinge samenhang is uiteindelijk van belang waarbij de mens dit benaderd vanuit een lerend zelfbewustzijn door vallen en opstaan. Mijn evolutionaire model van de menselijke complexiteit dient dan als bron van inspiratie.
Het evolutie model
De stip op de horizon is derhalve ook voor de mens “symbiose” (de kunst van het samen leven) waarbij de lat door ons groeiende bewustzijn steeds hoger wordt gelegd mede door de numerieke groei van de mensheid en de consequenties van de levensstijl die zich gaandeweg heeft ontwikkeld. Deze is prima te bezien vanuit het model en de operationele werkelijkheden die wij tegenkomen in de wereld. De gastdocenten geven dan ook hun eigen visie op het geheel binnen de context van historische menselijke belangen waarin zij hun menselijke en professionele werkelijkheid beleven.
Cor Denneman-Heilscher
Cor Denneman-Heilscher
Het levensverhaal van Cor is vergelijkbaar met dat van mij. Ook hij is van het klatergoud van dikbetaalde functies wakker geworden en heeft daarna zijn leven gewijd aan menselijkheid door zich te wijden aan harmonieuze relaties met de natuur. Zijn avontuurlijke werk bracht hem naar grote natuurgebieden in de wereld waar hij zelfstandig gebiedsontwikkeling doet vanuit het “symbiose” gedachtegoed. Er is een economische ondergrond maar geld wordt als katalysator en middel beschouwd nooit als doel op zich. Daardoor kan hij zich zo goed vinden in Sustainocratie en de bijbehorende nuancering van functionele structuren zoals de overheid, banken, enz. Zijn verhaal kunt u via dit korte interviewfilmpje zelf beluisteren en vooral zien.
Sinds 2012 is Cor betrokken bij de Club van Rome. Door zijn doe-gerichte karakter had hij moeite met de kritische houding van deze club en het gebrek aan concrete resultaten in de afgelopen 40 jaar. Dit resulteerde in een open brief aan het bestuur. Volgens Cor sloeg het in als een bom en werd men aangezet tot concrete acties die in de loop van 2013 al zichtbaar gaan worden.
Erik van Merrienboer
Erik van Merrienboer
Erik heb ik leren kennen als wethouder in Eindhoven. Nu werkt hij als directeur economie in de Provincie Noord Brabant. Wat Erik kenmerkt is de waardengedreven benadering van “economie” in tegenstelling tot de speculatieve afhankelijkheidsbenadering van de centrale overheid. Het college geeft hij als “mens in dienst van de overheid” met een open beschouwing over de veranderende werkelijkheid van de functionaliteit van de instantie en zijn eigen rol daarin.
In zijn gastcollege legt Erik een verbintenis tussen de huidige bestuurlijke en maatschappelijke werkelijkheid in Nederland en mijn evolutie model. Vooral het element “symbiose” sprak tot de verbeelding omdat ook “de kunst van het samen leven” de titel is van het bidboek voor de Culturele Hoofdstad verkiezingen waar Brabant en Eindhoven de hoop op hebben gevestigd. In September 2013 wordt daarover uitsluitsel gegeven. “Kunst” kwam weliswaar vanuit cultuur en design en minder vanuit de gedrevenheid van samenleven maar toch was de verbintenis een boeiende oogopener.
Erik legt een verband met Brabant en de co-creatieve reactie op pijn met integrale vernieuwing door bevolkingsgroepen zelf. Zo verwijst hij naar de jaren 60 als voorbeeld van de weerbaarheid van Brabant als de nood werkelijk het hoogst is. Hij ontkent de maatschappelijke werkelijkheid van een doorgeslagen zorgstructuur niet en de noodzaak voor het ondersteunen van burgerinitiatieven en verantwoordelijkheden door een nieuwe rol van de overheid. Zo verwijst hij naar AiREAS als model dat ook tot een voorstel zou kunnen leiden voor de grote uitdagingen in “de zorg”. Echter blijkt het nog lastig om dit in de lagen van de overheid piramide te laten doordringen.
Ondertussen wijst Erik wel op de vooruitgang die is geboekt in onze lokale symbiose met de natuur en vooral op gebied van waterlandschappen. Al met al breekt Erik een lans voor waardecreatie in Sustainocratie maar heeft zelf moeite nog om in de overheid hiërarchie het nodige begrip te vinden voor de toepassing ervan. Wat ons betreft is dat ook niet nodig als Erik zelf maar, daar waar mogelijk, de ondersteunende ruimte weet te scheppen die nodig is voor het, vooralsnog experimentele “living lab” karakter van Sustainocratische processen zoals AiREAS, VE2RS en STIR.
Rik Konings
Rik Konings
Voor het tweede gedeelte van de avondcolleges vroeg ik Rik Konings om mensen te vinden die “iets doen” met de deelnemers op gebied van emotionele bewustwording in plaats van het rationele proces in het eerste deel.
Na een persoonlijke introductie presenteerde een aantal polaroid-achtige foto’s waarop het gezicht van mensen te zien waren. Ze begon met een foto van zichzelf en vroeg aan de zaal om dingen te zeggen die opvielen. Daarna deed ze hetzelfde met twee andere foto’s, elk van mannen die zij had meegebracht. Dit programma heet “kijken naar jezelf”.
Deze mannen kwamen daarna ook aan het woord om een contrast te scheppen tussen de indrukken van de getoonde foto’s en de menselijke werkelijkheid. De eerste vertelde dat hij door schulden in zijn leven in aanraking was gekomen met de handel in drugs. Hij wilde zo versneld zijn schulden aflossen maar werd opgepakt, opgesloten en kreeg een strafblad. Zijn mogelijkheden om een leven weer op te bouwen nadat hij van zijn fouten had geleerd werden volgens hem ontnomen omdat voor vele functies een “Verklaring van Goed Gedrag” overgelegd moet worden. Door het strafblad kan dat niet en krijgt hij ook geen baan. De boodschap is enerzijds dat hij nu op basisscholen kinderen bewust maakt wat er kan gebeuren als men de fout in gaat. Anderzijds dat de maatschappij iemand blijft achtervolgen door de fout en geen kans geeft zich te herstellen.
De tweede persoon vertelde dat hij enorme huidproblemen had gehad en deze uiteindelijk voort waren gekomen uit een psychische onbalans. Na herstel van zijn psyche via een reis naar India en kennismaking met chakra’s waren ook zijn lichamelijke klachten verdwenen. Zijn boodschap was dat er meer aandacht dient te komen voor de oorsprong van mogelijke problemen van onbalans in plaats van de symptomen aan te pakken.
Van groot naar klein (dat toch weer groot blijkt)
Via de grote natuurwereld van Cor en de regionale belangen vanuit Erik waren we aangeland op de individuele mens via Rik. De universele waarden van harmonie en levenscomplexiteit zijn voor zowel de mens als de maatschappij en de natuur die ons omringt hetzelfde. Het grote en het kleine vormt zo een groot levend geheel dat zich door bewustzijn ontwikkelt en evolueert. De mens speelt daarin haar eigen rol.
De discussie in de zaal ging verder over de jeugd, zorg en het gebruik maken van creativiteit van mensen in de vrijheid van een persoonlijk kruispunt. Het spelelement van het geheim en de held werd genoemd als positieve dragers voor sociale innovatie die STIR aan het uitrollen is. Een ieder is uitgenodigd om er kennis van te nemen.
Over spelelementen gesproken was ook het moment aangebroken om het Tuintopia spel van Arjen de Vries als beloning voor alle interactie en aandacht uit te delen. Het spel speelt zich af rondom een huis waar stadslandbouw kan worden gespeeld door 1 a 4 personen. Het geeft een mooi beeld van de balans die nodig is en hoe men overvloed kan creëren door het zelfbewust te organiseren. Het spelletje zal verder worden gebruik door ons voor burgerparticipatie.
De tuin op tafel
Conclusie
Met het evolutiemodel van “zijn” en “doen” als inspiratie en projectiebron van werkelijkheden kon de permanente stip op de horizon duidelijk worden gepositioneerd in het gebied van symbiose. Daarbij hadden ook de persoonlijke verhalen over dienstbaarheid, verantwoordelijkheid, structuren, enz duidelijk laten zien dat harmonie en symbiose voortkomt uit bewustzijn en de toepassing ervan op de veranderende werkelijkheid via een doelbewust aanpassingsvermogen en begrip van de menselijke en natuurlijke complexiteit. Een ieder kan daar persoonlijk verantwoordelijkheid in nemen en ermee experimenteren vanuit het eigen bewustzijnsproces met in acht name van het grotere geheel dat zo duidelijk zich aftekent via de kennis die wij met elkaar delen. Het maakt alles er niet gemakkelijker op maar wel inzichtelijker.
Het volgende avondcollege is na de zomer, op 3 September en gaat over de rol van geld in duurzame menselijke vooruitgang
Tijdens het STIR avondcollege van 14 Mei werd het ontstaan en de evolutie van het leven op aarde in verband gebracht met de huidige maatschappelijke werkelijkheid, de crisissen die wij beleven en de complexiteit waar we tegen aan lopen als mens en maatschappij. In dit artikeltje tracht ik het verband van toegevoegde waarde te leggen tussen Sustainocratie en de Parlementaire Democratie.
Bewustzijn
We hebben gezien dat het ontstaan en de evolutie van het leven op Aarde is gebaseerd op een vorm van muzikaal bewustzijn. Het allereerste levensdoel van tot leven komende stoffen is “groei”. Deze oorspronkelijk groeidrang zit moleculair ingebakken in ons eigen leven en dat wat ons omringt als natuur. Groei in een beperkte omgeving is echter nooit oneindig. Zo hebben wij in het college 4 bewustzijnsniveaus besproken:
Groei – de natuurlijk drang van elk levend wezen
Concurrentie – de strijd als groei botsingen oplevert
Verandering – confrontaties uit de weg gaan door “anders” te zijn
Symbiose – de kunst van het samen leven
Menselijke doorbraak:
De mens is in haar oorspronkelijke evolutionaire doorbraak doorgestoten naar een unieke situatie op niveau 3 van het “anders” zijn door een zeldzame combinatie van zelfbewustzijn en lichamelijke kenmerken. Dit gaf de mens de vrije ruimte om weer op een hoger niveau 1 van de evolutieladder te beginnen en onbeperkt te gaan groeien in een schijnbaar oneindig grote omgeving, zonder andere natuurlijke groeivijanden dan de mens zelf. Andere menssoorten zijn gaandeweg verdrongen of uitgestorven en alleen onze soort bleef over.
De eerste fase van de mens, enkele miljoenen jaren geleden werd alleen beperkt door de kunst van het vinden van onderdak en voldoende voedsel. Naar verloop van tijd kwam men vaker soortgenoten tegen die ook op zoek waren naar voedsel en groei. De mens werd de concurrent van de mens (niveau 2). Ons bewustzijn ging zich concentreren op de confrontaties met die ene mens. Onze creativiteit richtte zich daarop en daaraan hebben we veel technologische vooruitgang te danken.
Door het vrije spel in de natuurlijk omgeving creëerde de mens onderling een soort menselijk nevenuniversum dat dezelfde evolutionaire bewustzijnsfasen doorloopt als de oorsprong en evolutie van het alle leven samen. Eerst kwam er groei. Daarna concurrentie, met veel technologische uitdagingen om de Darwinistische wet van de sterkste en slimste toe te passen. Dat zien we nog steeds in onze wereldmaatschappijen. Toen de confrontaties te ernstig werden kwam er verandering bij in de vorm van nieuwe samenlevingsvormen en diplomatie. Al die tijd ging alle aandacht naar de mens, de gevaarlijke potentiële conflicten en onze wedijver om uit te blinken in competitieve daadkracht.
Geen enkel moment is er nog bewust aandacht geweest voor fase 4: symbiose o.a. met onze natuurlijke omgeving.
Grote gevolgen
De enorme bevolkingsexplosie, groeiende welvaart en welzijnsniveaus van de mensheid in haar “eigen universum” ontwikkelde al snel gigantische gevolgen voor de natuurlijke omgeving. Deze werden echter pas de laatste halve eeuw zichtbaar. De mens blijkt zo intensief aanwezig vanuit menselijk eigenbelang dat wij onze eigen leefomgeving dreigen te plunderen en vernietigen. Aan de menselijke symbiose die wij voor alle mensen onderling hebben geprobeerd te bewerkstelligen met medezeggenschap, kennisontwikkeling via onderwijs en een Parlementaire Democratie, gebaseerd op vrijheid van meningsuiting, maatschappelijke participatie en stemrecht dient nu ook een symbiose met onze natuurlijke omgeving te worden toegevoegd. Dat is een geheel nieuwe uitdaging op zich.
Vanuit een democratie blijken de gewenste resultaten op dit moment niet bereikbaar. Dat komt door de democratische cultuur die is ontstaan rond eigenbelang.
Eigenbelang
Organische ontwikkelingen van de mens zijn reacties op de gevolgen van de democratische processen en gefragmenteerde structuren rond eigenbelang. Wij vervuilen ons eigen nest op zo’n manier dat wij noodgedwongen weer in aanraking komen met het grotere geheel. De natuurlijke omgeving, waarin wij zijn ontstaan is het echte universum waar wij als mens ons niet gescheiden van ontwikkelen. Klimaatveranderingen, omgevingsvervuiling, culturele confrontaties door migraties, vernietiging van grondstoffen door verkeert en niet circulair gebruik, verstedelijking, welvaartsziektes, criminaliteit, enz. Het zijn allemaal consequenties waar reactief op gereageerd wordt wanneer het al te laat is. De gevolgeneconomie groeit op dit moment met 7% procent per jaar (een verdubbeling elke 10 jaar!!) en is niet meer te bekostigen uit de noodlijdende primaire consumptie economie.
Het menselijke en genetische anthropocene (tijdperk waarin de invloed van de mens op Aarde onuitwisbare gevolgen achterlaat) is volledig aan de gang met een sterke vernietigingskracht voor onszelf. Ondanks de solidariteit van de bevolking met de natuur en omgeving, en ondanks de regelgeving die ontstaat uit deze problemen, zien wij dat de problemen zich alleen maar opstapelen.
De democratie lost het als systeem niet op maar toch dienen wij verantwoordelijkheid te nemen voor ons eigen bewustzijn rond de situatie. Hoe?
Daardoor is Sustainocratie ontstaan, een samenwerkingsvorm rond symbiotische uitdagingen waar alle partijen van een duurzaam vooruitstrevende maatschappij zich hard voor willen maken, het alleen niet kunnen, en zich er samen voor inzetten. Maar dat laatste is een probleem. Want onder wiens autoriteit werkt men samen?
Democratie en Sustainocratie
Onze huidige democratische structuur is niet gebaseerd op bewustzijn of verandering maar op eigenbelang in het verkrijgen en behouden van situaties van overvloed. Democratische overheden worden niet gevraagd om een leiderschapsrol te vervullen voor verandering maar om een maatschappij succesvol te managen rond behoud van een genoten luxe. Maatschappelijke overvloed, vrede en voorspoed maakt gemakzuchtig en hebzuchtig, hetgeen de huidige democratievorm tot onmogelijk instrument maakt voor structurele verandering. Gevolgen zoals klimaatverandering, vervuiling, migraties met cultuurconfrontaties, oorlogen om grondstoffen, schaarste, economische problemen, enz creëren conflicten en crisissen. Deze zijn niet vanuit een democratische consensus oplosbaar.
Nog nooit heeft een meerderheid ergens in de wereld een verandering veroorzaakt. Daarvoor is het in de menselijke maat onmogelijk om overeenstemming te krijgen. Complexe veranderingen komen door chaos, oorlog, opstand en crisissen of door de interactie en samenwerking van minderheden die de vrijheid nemen om de confrontatie aan te gaan met werkelijkheid en verandering door te voeren. Sustainocratie is een georganiseerde multidisciplinaire minderheid ten behoeve van structurele niet democratische verandering.
Sustainocratie werkt onafhankelijk vanuit een duidelijke en permanente menselijke stip op de horizon en gemeenschappelijke besef dat alleen een gezonde, vitale, veilige, zelfredzame menselijke samenleving in symbiotische samenhang met haar natuurlijke omgeving ook een gezonde democratie oplevert. Management en leiderschap zijn twee totaal verschillende belevingen waar je de gemiddelde mens niet mee kunt opzadelen.
Door Sustainocratie (zie plaatsje hieronder) te aanvaarden in een maatschappij (als gemeenschappelijke drijfveer voor integraal menselijk belang binnen de context van de natuurlijke omgeving) kunnen er multidisciplinaire verbanden ontstaan die de maatschappij vrijwaren van crisissen en voeden met nieuwe innovaties die grote chaos, conflicten en depressies voorkomen. We maken functioneel, evolutionair (niet hiërarchisch) leiderschap onderdeel de maatschappelijke beleving als hoogste vorm van bewustzijn. Hieruit ontstaan dan innovaties die uniek zijn en een nieuwe fase van welvaart en groei in kunnen luiden.
Huidige Parlementaire Democratie: concensus van de meerderheid, eigenbelang, vrijheid, verzuiling, gelijkwaardigheid, economische groei, concurrentie, geldafhankelijkheid, economie, zorg, regelgeving, structuur en organisatie: de wetten van de verdeelde massa(management – controle/beter) – focus op behoud
Sustainocratie: universeel menselijke belang, duurzame symbiose, universele waarden, waardecreatie, multidisciplinaire samenwerking, permanente toegepaste innovatie, toegepaste kennis, democratie gericht op vrijheid van keuzes en prioriteiten, niet van doelstellingen: duurzame menselijke vooruitgang (leiderschap – visie/anders) – focus op verandering
Sustainocratie en Democratie
Deze yin-yang achtige relatie tussen democratie en sustainocratie dient elkaar steeds weer uit te dagen zodat de democratie zich permanent moderniseert zonder schade aan te richten aan haar omgeving en met behoud van overvloed voor de bevolking.
Sustainocratie mag dan ook niet geïnstitutionaliseerd worden want dan ontwikkelt het zich ook weer als zichzelf instant houdende structuur. Het dient een functionele beweging te zijn die zich voedt vanuit de noodzaak van aanpassing (niveau 3 van bewustzijn) en symbiose tussen mens en de natuur (niveau 4) dat door alle kernpartijen van de maatschappij gedragen wordt. Het leiderschap in Sustainocratie wordt aangestuurd door de omstandigheden van lokale duurzame stabiliteit behoeften (zie hieronder). Het wordt door initiatiefnemers opgezet die niet de baas zijn maar uitnodigen tot de coöperatieve co-creatie vanuit de 5 kernprincipes van harmonie tussen duurzame menselijkheid en natuurlijke omgeving.
Gezondheid
Veiligheid
Welzijn
Toegepaste kennis
Zelfredzaamheid
Alle 5 de thema’s zijn inhoudelijk gebaseerd op de kern van evolutionaire duurzaamheid. Als deze kernfactoren goed worden behartigd zorgen ze voor de juiste integrale vernieuwing. Deze leidt dan weer tot optimale groei en concurrentieperspectieven in de maatschappelijke dynamiek en economische daadkracht zonder onnodige confrontaties met andere groepen of kosten met risico’s door gevolgen. Het geeft dienstbaarheid vanuit innovatiekracht.
Sustainocratie is daarom een noodzakelijke aanvulling op de huidige parlementaire democratie, die deze van een duidelijke stip op de horizon voorziet van menselijkheid waar weer allerlei belangen aan kunnen worden ontleend. Sustainocratie in tegenstelling tot democratie dient niet gefinancierd te worden, alleen opgestart met een minimum aan startkapitaal als katalysator. Dit kapitaal dient alleen om van de maatschappelijke partners het vertrouwen te krijgen door hen middelen te tonen waar men voor gaat samen werken. Die middelen worden als katalysator ingezet. Sustainocratie is een waardecreatie instrument dat zichzelf bedruipt uit de coöperatieve resultaat gedrevenheid. Waarden die zich bevestigen worden in de economie opgenomen en uitvergroot. Daarvan is een deel voor de vervolgstappen van de Sustainocratie juist omdat Sustainocratie zich altijd in de toekomst plaatst met terugwerking naar het heden. Het is even wennen aan de plek die Sustainocratie in neemt maar daar waar het functioneert zijn de vruchten al zichtbaar.
Sustainocratie is niet democratisch omdat het van algemeen erkend belang is waar altijd voor gekozen dient te worden. Het wordt wel democratisch uitgevoerd in de prioriteitstelling en keuzes van het moment.
Sustainocratie wordt uitgevoerd door minderheden die bereid zijn vanuit menselijk perspectief de eigen professionaliteit en autoriteit te koppelen aan het algemene belang. Het zijn stuk voor stuk mensen met passie voor de mens en menselijke vooruitgang, waarbij ook machtsposities functioneel zijn voor het bereiken van de juiste resultaten.
Precedenten
AiREAS (gezondheid en omgevingskwaliteit), VE2RS (zelfredzaamheid en wederkerigheid met de omgeving) en STIR (bewustzijnontwikkeling en toepassing) zijn concrete voorbeelden van Sustainocratische initiatieven die de democratie aanvullen met een innovatieve dynamiek die voortkomt uit geheel eigen drijfveren (stip van duurzame menselijkheid) anders dan de parlementaire democratie (behoud, groei, concurrentie, welzijn en reactie op gevolgen).
“Wakker worden” is een veel gehoorde term de laatste tijd. Meestal is het wakker wordt proces gerelateerd aan een intense ervaring die mensen meemaken. Wakker worden geeft betekenis aan een nieuwe kijk op het leven, een kijk die veel meer het gevoel van een werkelijkheidbesef weergeeft dan een soort verdoofde toestand waarin men voorheen verkeerde. Dat “voorheen” was dan het genot van een baan, een rustig leventje, huisje-boompje-beestje. Wanneer echter dit gevoel van oneindige continuiteit weg komt te vallen door het verlies van een baan, door ineens uit huis te gaan van de ouders en op jezelf gaan wonen, als je terugkeert naar Nederland na een lang verblijf in het buitenland, of als je een zorgtaak hebt gehad thuis en nu terug wenst te keren naar arbeid buitenshuis….het zijn allemaal van die kruispunten waarin men geconfronteerd wordt met zichzelf, wakker worden en keuzes maken.
Wakkere mensen
De oude zekerheden of verplichtingen zijn verdwenen of dreigen te verdwijnen en men ervaart een leegte, een loslaatproces, wat opgevolgd dient te worden door nieuwe bezigheden en voldoening. Men gaat open staan voor nieuwe ontmoetingen, nieuwe ideeen, nieuwe relaties, nieuwe uitdagingen. Deze openheid maakt deze groep mensen tot een ideale bron van inspiratie voor maatschappelijke innovaties. Reeds in eerdere blogs (in mijn Engelse blog bijv de relatie Kondratieff en Close) heb ik aangetoond dat een crisis leidt tot bewustwording. Op maatschappelijk niveau heeft een depressie altijd geleid tot maatschappelijke innovatie dat daarna weer een periode van vele decennia voorspoed heeft opgeleverd. Waarom moeten wij dan innovaties overlaten aan de zogenaamde beleidspeerpunten en hooggesalarieerde figuren en gesubsieerde instanties in de maatschappij? Zij missen het wakker worden en staan niet op een kruispunt in hun leven. Zij die wel in de bloei van hun creativiteit staan worden weggestopt in een uitkering of outplacement regeling en niet benut.
Maatschappelijk spel met de werkelijkheid
De twee spelen van de Stad van Morgen via STIR, “het geheim” en “de held” zijn gericht op het verbinden tussen de oude en nieuwe werkelijkheden, de ingeslapen en wakker geworden werkelijkheid, met baanbrekende innovaties. Mensen die op een kruispunt van hun leven zitten spelen het spel om de maatschappij uit te dagen tot verandering. De beste innovaties worden dan ook daadwerkelijk uitgevoerd door de innovatieteams die ze hebben uitgewerkt samen met de professionele deelnemers. Zo voedt de ene werkelijkheid de andere volgens een stramien van vooruitgang.
Als de werkloosheid groeit in een land dan moet er vernieuwing plaats vinden. Dat kan niet door de mensen weer op zoek te laten gaan naar een vergelijkbare plek van hun verleden. Dat kan alleen als er aangepaste mogelijkheden worden geschapen die passen in de tijdgeest van het moment. Wie beter om die te bepalen en aan te duiden dan de mensen die er rechtsstreeks belang bij hebben? Zo worden de institutionele spelers uitgedaagd zich open te stellen voor vernieuwing die aangedragen wordt door de zelfbewuste werklozen die “het anders willen”.
De spelen spelen zich af in de gangbare werkelijkheid waardoor de virtuele oplossingen eerst virtueel getoetst kunnen worden aan de eisen van het spel en daarna worden gepresenteerd aan de gangbare werkelijkheid voor toepassing. Zo kan een maatschappij zich wakker houden door de juiste mensen te betrekken bij de juiste processen op het juiste moment en de juiste ondersteuning.
Uitproberen
Wij gaan deze gedachten uitproberen in verschillende gebieden van Nederland en het buitenland door beide spelen uit te zetten en te voorzien van partnerships. Het spel is reeds uitontwikkeld en gespeeld met succes in 2012 en kan alleen maar groeien met de ervaringen die wij hebben opgebouwd. De werkelijkheid simuleren met de werkelijkheid is niet gemakkelijk en daar een stip op de horizon aan toevoegen die de zweverige abstractie van economische groei overstijgt is zelfs een uitdaging op zich. De aanpak heeft zich historisch al bewezen, echter altijd achteraf. Dit is de eerste keer dat wij het vooraf al gaan benutten. Een spel is altijd leuk en vooral als het alleen maar winnaars kent.
In September 2013 gaat het spel van start in Eindhoven. Deelname van lokale institutionele partijen staat vanaf nu open.
Van Werner van Ginneken, onze STIR partner in Antwerpen kwam dit stukje tekst dat ik graag deel. Niet omdat het om mij gaat maar om Werner. Hij legt het weer bij mij nav van wat kritiek op mijn vele volgeschreven boeken, teksten en blogs door opbouwende supporters. Het zegt genoeg:
Je mededogen is grenzeloos, alsook je eindeloze volharding in het overgul strooien van heelder collecties literaire parelsnoeren, elk aspect ervan schitterend en blakend in een rijke eenvoud en diep getuigend van een innerlijk glanzende natuur. Tussen de moreel-intelligente barbarij van het economische slagveld kan elk lichtpuntje tellen en moge de geldschrokkende monetaire zwijnen duizendmaal gezegend zijn, met zo iemand in hun midden die hen in wezen goed genegen is en die het van harte met hen meent, onderwijl de besproken materie beter beheersend dan de Masters in de moshpit zelf. Enfin, voorlopig nog pretenderen trotse bezitters van een of ander geautoriseerd brevet in de Economie tot zelfs in de Psychologie toe, de enige echte waarheid in pacht te hebben, ondertussen nogal vrij duidelijk en heel professioneel gedemonstreerd in het virtuoze failliet van hun conservatieve werkterreinen annex denkpatronen en tonen tegelijk hierbij de volgehouden negatie van zowat al je posts, wat de ontwrichtende pathologie van een acute ego- of etnocentrische regressie van sommige voor intelligent doorgaande posters zowaar bevestigd, alle beschikbare kennis hierover ten spijt. Ik hoop met je mee op een goede afloop.
Soms zijn woorden overbodig en volstaat een beeld, zoals dit van de economische status van Europa. Het sterkt nog te meer in het doen wat we moeten doen, in woorden maar ook Sustainocratische daden. Hij die niets zegt spreekt ook.
Het thema van dit college gaat over harmonie, muziek en het leven.
Mineur en majeur, en hierin de balans zien te vinden is voor iedereen een nobel streven. Je komt ter wereld en slaakt daarbij jouw eerste toon, dat je diezelfde levensenergie uiteindelijk weer zal uitblazen, dat weten we gewoon. Het gaat om die tijd ertussen, wat doe jij daarmee, ben je je bewust van jouw vele mogelijkheden? Of houd jij liever je adem in, deins je mee op die grote stroom en bedenk je je niet zo gemakkelijk een reden? Het leven is als een doolhof, groot en onbekend, waarbij je ontelbare keren valt en uiteindelijk toch weer opstaat en doorrent. En vraag je je weleens af, waar ga ik naartoe, waar wil ik heen?
Luister dan naar het lied van je hart, daar vind je het antwoord vrijwel meteen.Toen we jong waren, onbezonnen en vrij wisten we vaak al vroeg wat we het liefste deden of wilde worden en voelden we ons blij. Nog geen disbalans van hart en hoofd, dit pure gevoel had ons nog niet van onze vrijheid beroofd. Gevangen in een web van wirwar en draden, blijven we vaak dezelfde wegen bewandelen , en zien we niet meer dat we zelf verantwoordelijk zijn voor onze eigen daden. Er gloort hoop aan de horizon voor diegene die de moed heeft om goed naar zichzelf te kijken. Diegene die liever op korte termijn denkt, zal uiteindelijk zichzelf ook weer tegenkomen, juist omdat je deze obstakels in het leven niet kunt ontwijken. Het leven gaat niet altijd over rozen en klinkt ons niet altijd als muziek in de oren, maar juist om er dan de dialoog mee aan te gaan kan het ons de schaduwzijden ervan doen bekoren. Die lef is nodig om te durven leven, als je de ander kant opkijkt is dat laf, in eerste instantie tegenover jezelf, maar kun je anderen om je heen ook niet veel geven.Kijken naar jezelf in de zin van wie ben ik zonder alle poespas eromheen, is een andere vraag dan wie wil je zijn, meestal weten we dat wel meteen. Het is juist de kunst terug te gaan naar jouw kern en de reden van jouw bestaan.
Dan pas kun je jouw bestemming, jouw zielendoel vinden, en de ups and downs van het leven aangaan. Dus luister naar elk thema dat de revue passeert in jouw leven, en bekijk het van alle kanten, om er daarmee op eigen wijze klank aan te geven. Niets is daarbij goed of fout, het is maar hoe jij verkiest ernaar te kijken, hoe jij het beschouwt. Met vallen en opstaan leren we een hoop, soms ontwarren we bepaalde zaken, soms komen we er tijdelijk door in de knoop. Toch geeft het idee dat je telkens weer een keuze hebt rust en hoop, en gaat het fenomeen “leven om te overleven” niet met je aan de loop.Want net als dat muziekstuk dat je op diverse manieren kunt arrangeren, zo kan ook jij jouw leven dirigeren leren. Geef je dat stokje door waarmee je dirigeert, of zing jij nu je eigen lied, zodat jij niet ook weer jouw kinderen met bepaalde overtuigingen bezeerd? Sleutelwoorden van het leven zijn uiteindelijk voor eenieder harmonie en balans, dus luister naar jouw ziel, speel geen tweede viool meer en grijp die kans! Als je dan ooit terugkijkt op jouw levensverhaal, kun je met trots zeggen: Ik heb het leven dat voor me bestemt was geleden, maar ondanks alle mineurs en majeurs heeft het me niet moe gestreden. Heb ik geluk gekend alsook verdriet, en kun je tijdens je laatste adem fluisteren; het is goed zoals het was, ik zing vanaf nu alleen nog maar het hoogste lied.
Pythagoras en Galilei, onbewust grondleggers van bewustzijn
De avond begon met een uiteenzetting over de nieuwsgierigheid van Pythagoras in het “waarom wij mensen bepaalde muziektonen zo mooi vinden?” Hij wist een verband te leggen tussen de tonen door harmonieuze relaties van frequenties te ontdekken. Dat was in 500BC in het toenmalige Griekenland. Het heeft daarna nog 2000 jaar geduurd voordat Galileo, de vader van de beroemde sterrenkundige Galileo Galilei er een vervolg aan gaf en de ontdekking verfijnde. De harmonieuze relaties vertonen unieke patronen die steeds weer terugkomen in het universum en onze dagelijkse werkelijkheid, zoals wij die kunnen observeren. In de jaren 70 van de vorige eeuw was Ray Tomes bezig met het analyseren van economische schommelingen en ontdekte identieke tijdspatronen die overeen kwamen met de muzikale patronen van Galilei. Hij wilde er eerst niet over praten uit angst voor gek verklaard te worden. Maar toen hij de verbanden tussen harmonieuze toonfrequenties, de opbouw van sterrenstelsels en planeten tot en met ons subatomaire niveau, terug zag bij onderzoeken van andere mensen kroop hij uit zijn schulp. Er volgde een zoektocht naar de betekenis van deze wijsheden die onmiskenbaar een verband legden tussen de cyclussen van menselijke organisatievormen, geboortes, sterfte, klimaatveranderingen, de stand van planeten, enz.
Binnen de visie over de menselijke complexiteit (het conflict tussen het Doen en het Zijn) kon ik zo de verschillende ontdekkingen samensmelten en zelfs tot de conclusie komen dat wij eerst zijn en dan pas doen. Hoe? De uitleg over het ontstaan van het leven gaat als volgt. Deze is vooralsnog filosofisch maar gebaseerd op wetenschappelijk samengevoegde inzichten die samen een geheel vormen die ook op termijn formeel zal worden bewezen. Natuurlijk is de visie een confrontatie met werkelijkheden waar wij vanuit verschillende culturen mee zijn opgevoed en als “waar” beschouwen, zelfs met hand en tand verdedigen omdat ze ooit zekerheid hebben geboden. Dat hoort bij het proces, zoals ooit ook de moeizame aanvaarding van een ronde Aarde of de Zon als middelpunt van ons stelsel ooit een bron van verzet was van vermeende oudetijdse machtsstructuren.
Het ontstaan van het bewustzijn, de basis van het leven
De cyclussen die door de verschillende genoemde wetenschappers en onderzoekers worden beschreven, als ook de harmonische verhoudingen, zijn ook terug te voeren naar de manier waarop atomen trillen. Deze hebben veelal een positieve of negatieve lading maar ook een variatie in beweging die onder uiterst specifieke omstandigheden harmonieuze frequenties tonen. Deze frequenties hebben unieke eigenschappen, buiten de polariteit van de moleculen om. Hierdoor kunnen er tussen bepaalde moleculen stabiele harmonieuze relaties en verbintenissen ontstaan die op zichzelf OOK een nieuwe, stabiele harmonieuze frequentie teweeg brengen. De eerste komt per toeval tot stand dankzij de unieke omstandigheden van de elementen en omgeving. Daarna is het leven ontstaan met een vorm van organische stabiliteit tussen schijnbaar onverenigbare elementen. Die relatie tussen element A en element B is dus niet op basis van positief of negatief geladenheid maar de harmonie in unieke, zeldzame onderlinge frequenties, muziek dus. A+B wordt zo “(bewust)AB” waar “bewust” betekenis geeft aan de harmonieuze aantrekkingskracht van deze uniek AB combinatie onder speciale omstandigheden waardoor AB een eigen identiteit en gedrag krijgt dat niet behoort tot de traditionele leer van natuurkunde maar gaat behoren tot biologie, het leven. Het leven is nu ontstaan omdat de gestabiliseerde harmonieuze band open staat voor nieuwe harmonieuze bindingen. Hoe groter deze verbintenissen des te krachtiger de aantrekkingskracht en bewuste zoektocht naar nieuwe harmonieuze verbindingen. Dit vertaalt zich in ons gangbare biologische besef naar “voeding” en “groei”, de eerste drijfveren van het leven.
Door het ontstaan van het leven in een speciale omgeving, waarin ook water een fundamentele rol speelt als drager van vele elementen die door de stroming van water (dat een uiterst neutrale eigenschap heeft als oplosser van vele vaste elementen) met elkaar in aanraking komen, ontstaat ook een organisch groeiproces. Groei van harmonieus samengekomen elementen kan echter niet onbeperkt doorgaan. Het ontwikkelt zich exponentieel waardoor er een punt van verzadiging komt (point of singularity). Als dit punt is bereikt dan stort het verband in als plumpudding of er ontstaan kleinere versies van dezelfde levende vorm (fractale groei). Door de enorme diversiteit van combinaties die ontstaan uit de vroegste harmonieuze verbintenissen ontstaat er een moment dat het op groei gecentreerde leven elkaar tegenkomt en met elkaar noodgedwongen gaat concurreren. Grotere harmonieuze levenscombinaties “eten” kleineren die overeenkomen met een specifiek harmonieus patroon dat de “waarde”van groei tegemoet komt.
Concurrentie geeft een nieuwe impuls aan de ontwikkeling van levensvormen waardoor er een soort Darwinische ontwikkeling ontstaat van de snelste, de grootste, de meest of minst harmonieuze, enz. Maar er ontstaat ook een andere dynamiek die de levende wereld op zijn kop zet: het aanpassingsvermogen. Verschillende soorten ontdekken dat concurreren alleen leidt tot dood en verderf via een bepaald eenzijdig selectieproces. Een doorbraak in de ontwikkeling en groei van vormen van het leven in een omgeving waar “overleven” tot de drijfveren ging horen ontwikkelde zich ook de dissonantie van harmonie en disharmonie waarin het gevoel “angst” zich kon ontwikkelen. Groei en vermenigvuldiging werd via concurrentie aangevuld met een nieuw fenomeen dat de basis werd voor een nieuwe stap in zintuiglijke bewustwording, namelijk het aanpassingsvermogen door het ontwikkelen van zekerheden juist door confrontaties te mijden in plaats van op te zoeken. Het bewustzijn ging zich aan te passen in een veelzijdigheid van vormen, kleuren, voedingspatronen, enz. Nog steeds ervaren wij de oerimpulsen van onze levensdrang in ons dagelijks bestaan door onze emoties rond angst, tekorten en voortplanting. Deze zien wij ook terug in onze maatschappelijke organisaties, bedrijfsleven, vormen van zekerheden. macht, enz.
De hogere stap in het bewustzijn tussen planten en dieren heeft ook een nieuwe dynamiek toegevoegd aan de processen, namelijk die van het maken van onbewuste en zelfbewuste keuzes. De combinatie tussen aanpassen naar niet confronterende relaties in een concurrerende omgeving opende de weg voor wederom een nieuwe vorm van leven en overleven. Dat is het SAMEN leven, de symbiose, waarin verschillende soorten elkaar zodanig ondersteunen waar beiden er voordeel bij beleven. Zo is elke mens zelf als individu een symbiose van miljarden samenlevende soorten organismen. De mens zou niet kunnen bestaan zonder de dynamiek van die organismen die zorgen voor onze lichamelijke balans, onze innerlijke muzikale harmonie. Wij dienen echter zelfbewust te zorgen voor onze eigen harmonie met de grotere universele buitenwereld, wederom om er samen profijt van te ondervinden (duurzame menselijke vooruitgang). Als wij dat niet doen zal de universele werkelijkheid uiteindelijk een nieuwe balans opdringen. Aangezien die onverwacht komt doordat wij er ons niet zelfbewust op hebben afgestemd zal deze als crisis en chaos worden ervaren. Door open te staan voor onze innerlijke kompas, die per slot van rekening miljarden jaren oud en bewust is, kunnen wij ons beeld van de werkelijkheid verenigen en harmonieus afstemmen met de werkelijkheid rond om ons heen. Daarom vinden wij muziek zo mooi, niet omdat de tonen en frequenties ons aanspreken maar omdat wij muziek ZIJN!
Irma Lohman
De tweede docent van de avond was opera zangeres en levenscoach Irma Lohman. Irma heeft gestudeerd aan het conservatorium en in haar jonge jaren veel samengewerkt op de podia van de belangrijkste organisatie van de wereld van muziek en entertainment. Zij is moeder van 6 kinderen, allemaal jongens! De tweede fase van haar leven werd gekenmerkt door de uitdagingen van het leven zelf, het loslaten van de schijnwereld van faam, en de werkelijkheid van een permanente ontdekkingsreis van harmonieuze verhoudingen die vaak niet te voorspellen zijn. De herkenbare problemen van omgevingsfactoren zoals de crisissen, met burn out van partner, de speciale kenmerken van verschillende kinderen, economische zorgen en problemen gingen ook parten spelen in haar eigen leven en dat van haar gezin. Haar pijn heeft haar innerlijke zelf losgemaakt en uiteindelijk kon ze zich weer vinden in haar zang, niet meer puur als entertainment instrument maar vooral ook als muzikale boodschapper en verbinder van emoties, nieuwe werkelijkheden en bewustzijn. Zij werkt dan ook als relatie coach en gebruik haar talent en persoonlijke verhaal voor het grotere publiek.
Irma vertelde haar verhaal waarna zij uitgenodigd werd om iets voor ons te zingen. Haar keuze viel op een stuk uit de wereld van opera waarin het drama van het leven verwoord wordt. Na haar indrukwekkende optreden van 7 minuten lag er een stilte over de deelnemers. Het drama was binnengekomen. De vraag was alleen: “Waarom drama?” Waarom had Irma de keuze gemaakt juist voor dit lied? Was het om haar zangkunsten te vertonen als operazangeres omdat “opera veelal drama vertolkt?” of als boodschap?
Het college was vooral bedoeld om muziek als instrument te laten beleven volgens de context die in het begin van de avond was geschapen. Drama is een voorstelling van een werkelijkheid maar er zijn andere werkelijkheden. Daarom werd de vraag gesteld of zij een keuze kon maken uit haar repertoire om ons allen vrolijk en gelukkig te stemmen? Haar keuze viel op “Summertime”. Na de vertolking van dit nummer was de sfeer inderdaad “anders” in de zaal maar de zwaarte van het eerste lied dreunde nog door. Op de vraag of wij nu genoeg opgevrolijkt waren kwam het volmondige maar met humor geladen “nee”. Het was tevens een smeekbede van de zaal om door te gaan op onze zoektocht naar het juiste gevoel van de avond. Rik vroeg aan Irma of zij misschien een boodschap wilde zingen vanuit haar innerlijke zelf. Wederom een uitdaging die Irma te beurt viel, haar aan het denken zette maar ook het publiek openstelde voor haar antwoord. Zij verkoos een nummer van Händel.
Na afloop heerste er een gevoel van tevredenheid in de zaal. Vraag en antwoord waren op elkaar afgestemd. Jan verwoordde het mooi door te zeggen dat hij “de innerlijke stilte had beleefd”. Peter vatte de drie nummers samen vanuit zichzelf “bij het eerste nummer ontstond bij mij een vraag die mij al bezig hield. Het tweede nummer zette mij aan het denken en bij het derde nummer kreeg ik van binnen het antwoord”. Het verbond was muzikaal ontstaan en als bewijs geleverd van de presentatie eerder op de avond. Wij ZIJN muziek en onze werkelijkheden stemmen zich muzikaal op elkaar af in verschillende werkelijkheden. De onderlinge band die was ontstaan tussen Irma en alle deelnemers onderling verlangde een verder bevestiging, een definitieve waarborging van ons innerlijk zijn die avond, onze tijdelijke (misschien wel blijvende) symbiose. Rik vertelde over een ervaring tijdens een Renaissance groep bijeenkomst een jaar of 4 terug waar Paul en Carla van der Velden het lied Nessun Dorma (niemand zal slapen) hadden gezongen. Irma riep dat zij dat lied ook bij zich had! De zaal werd uitgenodigd om samen met haar te komen staan en de energie van die lied over een wakker bestaan te beleven. Het was een waardige en bijzonder afsluiting van de avond. De vertolking was subliem en de aanwezigen hadden zichtbaar moeite om de ontstane band los te laten. De gesprekken gingen door totdat de herhaaldelijke signalen van de school lieten weten dat wij het gebouw en terrein met tegenzin dienden te verlaten.
Vanuit Stad van Morgen zijn wij actief met allerlei processen om zelfredzaamheid op te zetten en met elkaar vorm te geven naar een gezonde en zelfredzame samenleving. Natuurlijk wil je zelf voorbeeld geven en voorleven en delen wat daar in gebeurd. Het leercentrum waar we het geheel willen laten ervaren is nog in onderzoek en ontmoetingsfases, dus dat werd voor nu met de voeten in de klei. Maar waar en hoe?
Anderhalve maand geleden reed ik op de fiets aan de rand van Eindhoven langs een stuk grond met tuinen. Nieuwsgierig stapte ik “binnen” en vroeg welke ruimte beschikbaar was? Tot mijn grote schrik was er alleen een stuk grond van 200m2 over en moest volledig worden omgespit. Pfff, 200m2 alleen….hoe doe ik dat, kan ik dat aan, wat moet ik doen, wat brengt het ons?
Allerlei vragen die door mij heen speelden, maar vrij snel was heel duidelijk en doorslaggevend het brengt voedsel. Ik neem hier verantwoordelijkheid om te zorgen dat er eten op tafel komt, eerlijk eten voor mijn dierbaren. De vreugde en plezier die dat in mij aanwakkerde was enorm en gewapend met schop, boek permacultuur, gezond verstand en de wil om dit tot stand te brengen stond ik al snel ploeterend in de aarde.
Nu is samen werken veel leuker dan alleen werken en na korte tijd was Hannah geïnspireerd geraakt en betrok zich bij het proces. Andere ideeën, andere inzichten, aanvullend aan de basis creëerden wij de indeling van de tuin, welke groenten, fruit en kruiden onze keukens zouden laten geuren en eerlijke maaltijden konden brengen. Aangeraakt door de energie en het plezier werden wij voor de keuze gesteld, door de eigenaar, dat het naastgelegen verwilderde perceel van 100m2 ook beschikbaar kwam en dat hij het zou omploegen, maar wij het zelf moesten omspitten.
Tja en wat doe je dan?
Spinazie
Bij elkaar was het een prachtige mogelijkheid en schitterend gelegen, totaal 300m2 tegen de weilanden aan waar de fantasie volledig opging in hutten van wilgentenen voor kinderen, permacultuur, de sloot erbij betrekken, fruit gaardje, bloemenweelde, etc. en alles laten ontstaan in natuurlijke beweging. We gingen overstag…. Vrij snel daarna melde zich een jonge vrouw van 18 jaar, Marieke, die gestopt was met haar studie met een enorme belangstelling voor zelfredzaamheid. Zij werkt nu een maand met ons mee om te kijken, te leren, te delen, te ervaren of ze hier mee door wil gaan.
Alles organiseert zich met en rond ons op een natuurlijke manier en ontstaan er spontaan paden, komen allerlei thema’s aan de orde, zoals gif spuiten tegen kweek, ja/nee en wat is alternatief binnen de natuurlijke context? Experimenteren met vormen, spiralen, etc. Hooggebruik, laag gebruikers van de grond. Wat doe je tegen een overvloed aan slakken, laat je een mierenkolonie zitten bij spitten of haal je het door elkaar. De aarde zit vol met allerlei insecten en het is fantastisch alles tijdens het omspitten te bestuderen. Dit is letterlijk leren in een natuurlijke context.
De buitenlucht, de verbondenheid met de ontluikende natuur van flora en fauna om je heen laat je voelen dat je leeft en wat leven is.
Boontejes
Het omspitten van de kale vlakte, het genot om te zaaien, vensterbanken vol met stekjes, te kijken wat er wel of niet gebeurt en dan opeens groen van spinazie zien wat als een speer omhoog schiet. Die vreugde, die kracht van de natuur zien en ervaren roept zo’n respect en eerbied voor natuurlijk leven op en dankbaarheid dat je daar zelf aan kan bijdragen en in voorzien in eenvoud en eerlijkheid.
Tijdens de gesprekken in Eindhoven met de vele mensen die iets willen doen op gebied van stadlandbouw ontstaat er steeds een mooi beeld tussen twee werkelijkheden, die van het geld verdienen en die van zelfvoorziening. Eigenlijk is het vergelijkbaar met de rest van ons land en de keuzes die wij dagelijks maken. Laten we eens kijken.
Een stukje grond
Neem nu een stukje grond van een paar honderd vierkante meter. Wat wilt u ermee doen als u zich gaat verdiepen in stadslandbouw? De discussie komt op gang tussen de mensen.
Geld verdienen
Wil ik het benutten om er geld mee te verdienen? Welke keuzes maak ik? Welke gewassen leveren het meeste op en hoe kan ik het veldje het beste benutten? Om er zoveel mogelijk mee te verdienen. In onze regio (Eindhoven) hebben we verschillende voorbeelden. Zo is er op de hoek van de Celebeslaan een driehoekig veld dat jaarlijks allereerst wordt benut voor het telen van bloemen en in een tweede ronde worden sier en consumptie pompoenen gezaaid die rond de tijd van Halloween beschikbaar zijn in alle soorten en maten. Zo levert het veld twee keer winst op voor de belangenpartijen die het uiterst professioneel benaderen met maar een klein groepje mensen.
We hoeven maar door ons land te rijden en we zien veel meer voorbeelden van de eenzijdige gewassen die massaal geteeld worden voor de volume verkoop op geldgedreven velden. Bloembollen, mais, prei, aardappelen, enz. Het is eenzijdigheid die opvalt en die veelal is afgestemd op omzetmogelijkheden.
Tulpen voor de verkoop
Zelfvoorziening
Even verderop in dezelfde staart heeft de Wasvenboerderij een groentetuin waarin de diversiteit voor eigen gebruik in het restaurant zichtbaar is. Er staan geen eenzijdige plantensoorten maar een veelvoud van groenten in verschillende groeifasen en rijping. Er is ook wel een verbinding met geld verdienen omdat de oogst gebruikt wordt binnen het restaurant maar toch geeft het een aardig beeld van het verschil in gebruik van een lap grond afhankelijk van de keuze die men maakt. De diversiteit van plantengroei is opvallend omdat het is afgestemd op eigen gebruik. Men hoeft het niet in te kopen.
Diversiteit van permacultuur
In de omgeving van Eindhoven en de meeste steden zijn allerlei stadslandbouwveldjes te zien waar je de keuzes van de eigenaren kunt aanschouwen door de eenzijdigheid of diversiteit van de soorten die erop staan in de loop van het seizoen.
Stadslandbouw
Nu is stadslandbouw een nieuwe tak van sport waarbij private en publieke ruimtes gebruikt kunnen worden vanuit dit soort keuzes waar er nog een aantal aan kunnen worden toegevoegd. Een stad is historisch gezien altijd benut vanuit grond en vastgoedbelangen waar rondom heen allerlei menselijke activiteiten werden georganiseerd die niets met voedsel of de natuur te maken hadden. De stad was vooral een concentratie van materieel belang waar veel mensen samen drommen om te handelen, plezier te maken, of samen te wonen en werken. Een stad is voor een verzamelplek van veel mensen met een grote geldconcentratie en bijbehorende dynamiek, maar ook grote afhankelijkheid. Zonder geld kan een stad niet functioneren. De stad draait om distributie en een soort mierennest van menselijke belangen. De natuur is er bij traditie uit geweerd.
Moderne inzichten tonen dat het weghalen van de natuur erg nadelige effecten heeft op de bewoners van de stad. De temperatuur van een stad is gemiddeld hoger dan buiten de stad. De stad vervuilt de atmosfeer doordat plantensoorten, die zuiverend werken, er niet aanwezig zijn. De stad heeft last van wateroverlast bij zware regenval doordat oude waterstromen zijn vernield door de fundamenten van de oude stedenbouw . En ga zo maar door. Die concentratie van eenzijdige belangen heeft ervoor gezorgd dat de natuur uit de stad is verdwenen. Zelfs de mens in de stad weet nog amper wat de natuur is. Dat heeft geleid tot consequenties waar men nu van terug aan het komen is. De kosten van deze consequenties vormen een secondaire economie (algemene vervuiling en natuurlijke onbalans) die drie tot zeven keer zo snel groeit als de primaire stadseconomie (van consumptie).
Gezonde stad
Nu gingen de mensen niet naar de stad puur om hun gezondheid. De aantrekkingskracht van de stad was op vele fronten juist belangrijker dan de gezondheid. Maar ongezondheid is een last en als de consumptie economie hapert door crisissen of ander oorzaken dan is de last wel erg voelbaar. Om de stad gezonder te krijgen kunnen allerlei maatregelen getroffen worden maar de eenvoudigste is om de natuur weer toegang te geven tot het stadsgebied. Dat gebeurde vroeger door bomen te planten die sterk genoeg waren om de luchtvervuiling te weerstaan. Veel steden hebben zo lange rijen platanen langs hun wegen geplaatst (Bijv. Barcelona). Maar in onze moderne tijd willen we kijken naar meer multifunctionele toepassingen. Want planten leveren niet alleen een mooi gezicht, ze zijn ook warmtewerend, geven voedsel, zorgen voor energie, waterhuishouding, zijn goed voor de menselijke psyche, enz.
De toepassing van stadslandbouw kan de gezondheid van de stad positief beïnvloeden door de terugkeer van de natuur in onze omgeving. Maar ook dat heeft weer consequenties. Bloemen en planten brengen allerlei andere diersoorten (insecten, vogels) met zich mee waar we niet meer aan gewend zijn in de stad. Ook merken we dat mensen gaandeweg allergien hebben ontwikkeld en minder weerstand hebben tegen pollen en andere effecten van de natuur. De mens en natuur zijn uit elkaar gedreven en het naar elkaar toebrengen levert een nieuwe ongekende reactie van gewenning op. Het benutten van de daken en de muren in de stad voor levend groen en water is een onbekend gebied van innovaties waar de mens nu aan toe is. Het gaat dan niet alleen om voedsel maar ook alle bijkomende neveneffecten die van invloed zijn op onze kwaliteit van het leven. Er ontwikkelt zich gaandeweg een nieuwe stadscultuur waarin ook weer de keuze van geld verdienen en zelfredzaamheid een rol speelt die door de verschillende disciplines van de stad op een andere manier worden geïnterpreteerd.
Professioneel vrijwilligerswerk
Zo kan de overheid van de stad zich misschien bekommeren om de gezondheid die een positieve weerslag heeft op de kosten van de zorg en de productiviteit van de bevolking. Maar het bedrijfsleven zal zich ook transformeren om de binnenstedelijke voedsel en energie ontwikkeling een plekje te geven. De voor en tegenstanders van natuur in de stad, met alle bijverschijnselen van dien, zullen ook met elkaar overweg moeten. De openbare ruimte is voor iedereen maar als er voedsel wordt geteeld dan blijken er eigenaren te zijn. Hoe gaan we ermee om? Het zijn allemaal vraagstukken die wij in de Stad van Morgen meenemen in onze proefgebieden. Door het Sustainocratisch aan te pakken leggen we een verbintenis tussen deze ontwikkelingen en een menselijk belang. Zo speelt bij stadslandbouw het thema “zelfredzaamheid” een grote rol. We kunnen de mensen weer leren omgaan met samenwerking, onderling overleg en waardecreatie. Maar bij levend groen speelt “gezondheid” ook een grote rol. Het gaat er bij ons niet zo zeer om het eigenaarschap van het voedsel (dat natuurlijk respectvol dient te worden verdeeld al nagelang inzet en talent) maar vooral om de effecten op de natuur van de mens en de duurzame vooruitgang die wij boeken door hier open mee te experimenteren. Die vooruitgang wordt dan gerelateerd aan algemene menselijkheid (gezondheid, veiligheid, zelfredzaamheid) en niet de gefragmenteerde eigenbelangen. Daardoor zijn wij ook in staat om verschillen van inzicht en belangen te overstijgen met het hogere doel. Betrokken zijn de overheid, de burgerbevolking, de ondernemers, de scholen en de wetenschap. Dat levert alles te samen altijd wel een stapje vooruit op ongeacht de onderlinge schermutselingen of verschillen.
Toen de Stad van Morgen bezig was met het organiseren van een lokale Energie Coöperatie (2010) in Eindhoven volgens het Sustainocratische model werden we teruggefloten door de landelijke overheid. Men kon en wilde ons niet ondersteunen vanuit de toenmalige Green Deal omdat de aanpak “niet belastbaar” was. Toen de landelijke overheid moeilijk deed trokken fundamentele lokale partners zich ook terug. Zij hadden allen een belang om Den Haag tot vriend te behouden. Het initiatief viel uit elkaar. Als zo iets gebeurt dan realiseer je je weer een keer dat het in Den Haag alleen maar om geld en macht gaat.
De aanpak van de Stad van Morgen was georganiseerd vanuit menselijkheid en dat creëert een groot dilemma. Wij presenteerden onze local Energy & Quality of Life (EQoL) als gesloten lokaal systeem waarin energie een betaalmiddel was voor andere participatie zaken op gebied van lokale leefbaarheid. Maar dat zinde de landelijke overheid niet. De nationale overheid inkomsten zijn direct en indirect bij elkaar opgeteld, grof geschat, voor minstens 50% afhankelijk van ons energiegebruik. Dat is veel zult u zeggen maar als je kijkt naar de manier waarop de consumptie-economie in elkaar zit dan zijn het niet alleen de accijns op brandstoffen die tot die inkomsten behoren. Tel daarbij ook op de logistieke activiteiten van goederendistributie, het gebruik van op olie gebaseerde grondstoffen in de producties, onze verwarming en kookgedrag thuis, de belastingen op al deze producten, de werkgelegenheid van deze productiviteit en retail van consumptie, btw over retail, enz. Haal energie weg en er blijft niets over van de Nederlandse overheid door totaal gebrek aan inkomsten wegens instorting van de dynamiek waar onze economie op is gebaseerd.
Ook de bevolking heeft haar lifestyle gebaseerd op energiegebruik waardoor het ene en het andere een logisch verband heeft van wederzijdse afhankelijkheid. Zolang het gebruik van energie in geld uitgedrukt wordt kan de overheid het belasten en daarmee zichzelf in stand houden. Iedereen happy. Niet dus.
De traditionele bron van deze (op fossiele brandstof gebaseerde) energie is aan het uitputten en de consumptie in de hele wereld neemt toe door de welvaart en consumptiegroei in vele landen. De energiekosten rijzen de pan uit en het gevaar van structurele tekorten in de toekomst vereist een urgente transitie. Voor de overheid is de energie transitie (van fossiel naar iets anders) fundamenteel mits deze hetzelfde geld in het laadje blijft brengen. Voor de consument is het van belang om onze levensstijl te handhaven.
Maar er is nog iets dat misschien veel belangrijker is. De eeuwenlange verbranding van fossiele brandstoffen blijkt een ongeevenaarde vervuiling en structureel ontkende (door de machtsposities rond fossiele energie) klimaatverandering teweeg te hebben gebracht. De bijbehorende gevolgeneconomie groeit schrikbarend en kan alleen bekostigd worden vanuit de primaire consumptieeconomie. De gevolgeneconomie groeit met 7% per jaar en vertegenwoordigt daarmee een verdubbeling elke 10 jaar. Die economie heeft ook nieuwe machtposities gecreerd met een krachtige lobby, een grote bureaucratie van controle en voorzieningen met bijbehorende publieke afhankelijkheden via zorg en verzekeringen. Dit moet allemaal via de belasting van de consument afgedekt worden door meer energiegebruik. Gaf de overheid in 2003 nog 113 Miljard uit, nu anno 2013 is dat 278 miljard. In 2023 ruim 550 Miljard als we op deze weg doorgaan. Maar nog steeds is er die 50% afhankelijkheidsverhouding van energie, of meer. De macht die aan energie gerelateerd wordt in Den Haag staat energie innovaties in de weg die geen geld in het laadje brengen ook al brengen ze wel leefbaarheid en menselijkheid. Maar diezelfde macht brengt onmacht op gebied van menselijkheid omdat men eigenlijk bezig is de mens en misschien wel het leven op Aarde uit te roeien. Dit compenseert men door gezondheid zorg en wetenschappelijk onderzoek naar de gevolgen maar de oorzaak aanpakken kan de macht niet wegens structurele onmacht.
Voor de bevolking zijn er langzaamaan oogkleppen afgevallen en duidelijk geworden dat wij ruim 100 jaar bewust weg zijn gehouden van enig energie alternatief terwijl die wel bestonden. Door gemakzucht hebben wij dat ook toegestaan. Wij dragen onbewust ook onze verantwoordelijkheid.
Verkeerde perceptie
In onze omgeving is energie ruimschoots voor handen. Het is alleen van belang dat we leren hoe we er anders mee om kunnen gaan. De perceptie die over energie is ontstaan is verkeerd en heeft alles te maken met de onze huidige aangeleerde kijk op het leven. Waar gebruiken wij energie voor in ons privéleven?
Voor verwarming van onze huizen, het water, de douche
Voor verlichting en elektronische apparatuur
Om eten te bereiden
Voor vele vormen van mobiliteit
Dat is het antwoord dat de meeste mensen zouden geven omdat men zo de energie ziet die men inkoopt. Men vergeet echter dat wij zelf in leven blijven door energie. En dat komt niet uit het stopcontact. Als levend wezen nemen wij energie tot ons via voedsel. Daarbij voeden wij ons ook met vitaminen die ontstaan door wisselwerking van onszelf en voedsel met zonlicht. Voedsel, energie en ons leven kan dus niet los van elkaar worden gezien. Wij zijn ooit als soort ontstaan in een geldloze wereld dankzij deze relatie. Het is essentieel in een stabiele maatschappij dat wij daar zelfbewust en zelfredzaam mee omgaan. We kunnen deze essentie niet zomaar uitbesteden aan grote machthebbers en onze perceptie door gemakzucht vertroebelen door andere zaken belangrijker te gaan vinden. Als wij ons bestaan effectief organiseren dan nemen wij energie en voedsel serieus. Dat betekent ook dat wij onze eigen omgeving serieus moeten nemen uit levensbelang, niet geldbelang.
Door de economie vanuit consumptie en geldafhankelijkheid te organiseren ontstaan alle misstanden. Als we de economie organiseren rond gebruik en eigen inzet en verantwoordelijkheid met in acht name van duurzame menselijkheid dan kunnen vele misstanden opgelost worden. Het gaat niet om geldsystemen maar om duurzame menselijke vooruitgang.
De zon is gratis en de planten groeien weelderig zelfs als wij er niet naar omkijken. Als wij een beetje sturen dan geven die planten een overvloed aan voedsel en herbruikbaar afval voor energievoorziening. We hoeven niet eens te reizen hiervoor zoals we nu doen om geld te verdienen. Energie is van onszelf en dat mogen wij opeisen vanuit een natuurlijk perspectief door er zelfvoorzienend mee om te gaan. We hebben voor onszelf het dilemma geschapen door het uit handen te geven. Misschien wordt het tijd om daar zelf eens goed over na te denken en het weer terug te nemen.
Het dilemma van vervuiling, fossiele brandstoffen, klimaatproblemen lossen de machthebbers niet op want zij hebben hun macht eraan ontleend. Als het opgelost wordt is het omdat wij daar zelf verantwoordelijkheid voor nemen als individu en som der individuen in concrete samenwerking. Wij passen onze levensstijl aan, worden zelfredzaam, gebruiken geen fossiele brandstoffen meer en trachten zoveel mogelijk over te stappen op eigen productiviteit. We accepteren geen blokkerende maatregelen meer die ons leven en leefbaarheid in de weg staan. Wij zijn zelf de overheid die ondergeschikt is aan de mens, niet andersom. Wij hebben onze eigen autoriteit. En dat begint thuis, lokaal en in onze gemeentes. Niet in Den Haag of Brussel. Maar vaak staat gemakzucht ons eigenbelang in de weg en daar ontleent de macht haar macht aan en wij onze onmacht.
Tsja, en dat is voor iedereen nog steeds een gigantisch dilemma.