Verkeerde structuur levert verkeerde resultaten – deel 1 overheid

Onze nationale overheid organiseert en financiert zich op een verkeerde manier, zodanig zelfs dat ze gedrag stimuleert waar ze daarna veel middelen voor nodig heeft om de consequenties aan te pakken of op te lossen. Zo voedt deze structuur haar eigen problemen en ontleent vervolgens macht eraan via regels en meer belastingen. Dit leidt tot een aaneenschakeling van crisissen waar de politieke structuur voor een belangrijk deel zelf verantwoordelijk voor is.

Dit is natuurlijk historisch zo gegroeid, niet uit onwil maar de logica van keuzes die in de context van een bepaalde tijd zijn gemaakt. Maar inhoudelijk is de oude context al lang niet meer wat het was. Daarom is de werkwijze die destijds voldoening bracht nu niet meer relevant, zelfs contraproductief! Om dit te doorbreken zouden we het hele systeem moeten ontslaan. Daar lossen we echter niets mee op omdat de politiek niet de enige is die aan transformatie toe is. Wel is zij verantwoordelijk voor het al dan niet vasthouden aan een kader waaraan de rest van de maatschappij (verplicht) is verbonden. Op termijn ontwikkelt zich een morele aansprakelijkheid voor het NIET accepteren van een nieuw kader. In zo’n situatie zijn we nu aangeland. Het MOET anders.

Daarom is het nodig dat een vernieuwd kader wordt aanvaard van waaruit het oude “fout geworden” kader zichzelf saneert. De introductie van Sustainocratie, waarin de mens en natuur centraal staat vanuit een vijftal duidelijk gedefinieerde kernwaarden, is zo’n kaderaanpassing. Het vervangt het kader van “met geld en controle lossen we alles op” niet meteen maar nuanceert het door het kader eromheen aan te passen. Dit noemen we niveau 4 bewustzijn gedreven samenleving en co-creatie, een toevoeging aan de reeds bestaande niveau’s 1 (basis infrastructuur), 2 (geïntegreerde infrastructuur, inclusief zorg) en niveau 3 (technologische gedreven SMART society).

Maar laat we eerst kijken waar de schoen wringt tot en met niveau 3 (SMART society)

Inkomstenstromen van de overheid

Dat de overheid belust is op belastingen is algemeen bekend. In Nederland wordt er op nagenoeg alles belasting geheven, je kunt het zo gek niet bedenken. Toch is de grote stroom van inkomsten van de landelijke overheid te verdelen in een aantal grote hoofdlijnen, die tevens leiden tot de problemen waar we mee kampen. In de plaatjes zien we de overheid begroting van 2006 (ongeveer 140 Miljard) en 2020 (ruim 300 Miljard).

Als we plaatjes naast elkaar leggen zien we dat de overheid haar presentatie heeft aangepast. Waar voorheen (2006) de belasting over twee grote delen werd weergegeven, met apart een bijdrage van gastbaten, zijn het er nu drie. Dat komt door de privatisering van o.a. de zorg via verzekeringen. De drie hoofdlijnen zijn nu: directe belastingen, indirecte belasting en verzekeringen (zorg, volks en werk), elk goed voor ongeveer een derde van de inkomsten. In 2020 gaat het om ruim 300 Miljard Euro, zowel aan de kant van de inkomsten als de uitgaven.

Directe belastingen:

Dit bestaat vooral uit Omzetbelasting (BTW) en Accijns. Dit is de belasting die we betalen over alles wat we consumeren. Deze belasting is op 1 januari 1968 ingevoerd en was destijds 12%. Gaandeweg is deze verhoogd. Sinds 2012 is deze 21%. In 2006 was deze 19% (steeds het hoge tarief). We zien bijna een verdubbeling van de BTW, van 37 Miljard naar 60 Miljard. Hoe meer of hoe duurder we consumeren des te groter de BTW inkomsten voor de overheid. Maar consumptie is juist het probleem. Het vernietigt en vervuilt onze omgeving waardoor regelgeving en bureaucratie groeit. Ook veroorzaakt overconsumptie welvaartsziektes die de zorgkosten doen groeien maar ook onze kwetsbaarheid voor virussen, stress en andere problemen. We worden misschien wel ouder maar het beroep op zorg wordt tevens groter door gebrek aan focus op gezondheid.

De overheid heeft het geld nodig om de goederenstromen en verkoop zo goed mogelijk te faciliteren. Winkels, logistiek, wegen en spoorinfrastructuur, havens, vliegvelden enz zijn hier onderdeel van. De maatschappij zelf wordt aangestuurd vanuit “koopkracht”, ofwel de middelen die mensen gemiddeld (let wel het gaat om de som van iedereen, niet het probleem van ongelijke verdeling, armoede, en andere morele zaken) kunnen uitgeven. Culturele evenementen zijn consumptie gericht. In de mond van sociologen en zelfs overheid adviseurs (lees, operationele overheid structuur, niet de politiek die de structuur aanstuurt) spreekt men over een sterk gestructureerde ONGEZONDE maatschappij. De politieke en overheid afhankelijkheid van deze directe belastingen voert de ongezondheid en bijbehorende kosten alleen maar op.

Indirecte belastingen:

Dit bestaat vooral uit loon en inkomstenbelasting over gesalarieerde arbeid. Hoe meer mensen een arbeidscontract hebben hoe beter de overheid erop vaart. Steeds meer mensen vallen echter buiten de boot van deze vorm van “oorspronkelijke” (lees industriële) arbeid door verplaatsingen naar lagelonenlanden, automatisering, kostenbesparingen. 

Andere vormen van “werk” ontwikkelen zich gestaag, zoals zzp’ers en klein mkb in het gebied van maatschappelijke waardecreatie (bewustwording, natuurlijke geneesmiddelen, spiritualiteit, duurzaamheid, kunst en expressie, enz). Dit wordt door de landelijke overheid uit eigenbelang ontmoedigd en valt veelal buiten gestructureerde, ongezonde belangen wereld die de politiek vast blijft houden. Deze groeiende groep is enorm kwetsbaar doordat ze niet gefaciliteerd wordt in het systeem en vormt een steeds grotere kritische massa dat de oude politieke overheid cultuur ter discussie stelt.

Daarentegen vinden meer mensen een baan in de controlerende bureaucratie en de zorg. De laatste decennia heeft deze structuur zo’n grote ontwikkeling doormaakt dat de politiek er een geheel eigen belastingdruk rondom heen heeft gebouwd in de vorm van verzekeringen. In 2006 werd de kosten voor “volksgezondheid, welzijn en sport” nog begroot met 13,7 Miljard, zo’n 10% van het totaal. Sociale zekerheid en werkgelegenheid was de grootste post met 24,6 Miljard.

Anno 2020 (slechts 14 jaar later) is dit allemaal schrikbarend anders geworden. Dit toont de onhoudbaarheid van het kader voor hen die het in willen zien. Maar er zijn ondertussen giga belangen aan verbonden.

Verzekeringen: 

Dit zijn de drie grote verzekeringen: zorg, volks en werknemersverzekeringen. Zo is de groeiende kostenpost van de gestructureerde ongezonde consumptiemaatschappij apart en op zichzelf staand bij de werknemers en bevolking neergelegd. De zorg staat gebudgetteerd anno 2020 op 84 Miljard! Dat is het 6 voudige vergeleken met 2006.

Het probleem in de politieke cultuur van de overheid is dat men alleen maar met kostenverhogingen werkt. Er wordt niet gekeken naar de oorzaak van de problemen, die allemaal ver weg in de geschiedenis hun consumptie en manipulatie basis vinden. Er wordt alleen gereageerd op de groeiende consequenties van de verkeerd gegroeide structuur waardoor de verkeerde resultaten, zoals kostenbesparingen, groeiende crisissen, kwetsbaarheden voor virussen, een afhankelijkheid mentaliteit bij de bevolking, groeiende ziekten, een controledrang bij de politici, blijvende vervuiling, verhoging van kosten en vergroting van het probleem, veroorzaakt worden.

Historisch gegroeid, actuele uitdaging 

Sinds jaar en dag zit de landelijke overheid met het probleem van inkomsten die onder druk staan en kosten die de pan uit rijzen. De belastingdruk verhogen heeft een limiet. Ook de aan de kostenkant gerelateerde organisatiestructuren zijn beperkingen verbonden. Sinds enkele jaren tracht de overheid de kosten aan banden te leggen maar kostenbesparingen gaan ten koste van het verzorgingssysteem. De corona perikelen hebben deze knelpunten maar al te duidelijk gemaakt. Daarnaast is elke belastingpot een belangenwereld op zichzelf waarin lobbies, manipulaties en belangenverstrengelingen niet vreemd zijn. En dat allemaal onder het toeziend oog van een bevolking die om de vier jaar het eigenbelang (economische afhankelijkheid, zorgbehoevend) verzekert wil zien in het spel dat gespeeld wordt. Politieke beeldvorming (loze beloftes, het verleden in stand houden, pappen en nathouden) staat dan vaak haaks op de werkelijkheid van de verantwoordelijkheden (verduurzaming, kosten besparingen, werkgelegenheid, koopkracht) die men tracht te dragen, de een nobel en ethisch, de ander met een dubbele of meervoudige agenda.

Omdraaien?

Zolang de politieke overheid blijft aansturen op de maatschappij als kostenpost via belastinginkomsten, in plaats van reële volks of liever “mens” vertegenwoordiging, integraal via kwaliteit van leven, zullen de problemen alleen maar erger worden. Kwaliteit van leven mag geen kostenpost zijn maar dient gezien te worden als een gemeenschappelijk gedragen verantwoordelijkheid. Die verantwoordelijkheid dragen we niet via doorgeslagen consumptie, zorgafhankelijkheid, economische speculatieve groei druk, in een gemanipuleerde, vervuilde omgeving en een twijfelachtige arbeidsmarkt die vaak geen enkele of zelfs aantoonbaar negatieve toegevoegde waarde geeft.

We moeten samen de zaak omdraaien en “kwaliteit van leven” voor onszelf definiëren in termen van directe “gezondheid, veiligheid en invulling van basisbehoeften voor iedereen”. Door niveau 4 bewustzijn gedreven co-creatie structureel toe te voegen aan de bestaande overheid lagen kan de cocreatie op basis van gezondheid en veiligheid vormgegeven worden. 

De onderliggende maatschappelijke niveaus, tot en met SMART (technologie nu gericht op gezondheid, veiligheid en samenredzaamheid, in plaats van controle en automatisering) zullen zich aanpassen aan de manier waarop niveau 4 zich ontwikkelt. 

De aanvaarding van niveau 4 door de overheden heeft gevolgen voor alle andere deelnemers aan de maatschappij als ook de manier van controle, belonen, handhaven, enz. Deze gevolgen leiden gaandeweg tot aanpassingen met een betere financiële economische samenhang tussen en voor alle partijen. Bij de lokaal regionale samenredzaamheid ligt de grootste uitdaging, net als sinds enige jaren, maar dan gekaderd in productiviteit in plaats van incasso, schuld en kostenbeheersing. Zorg voor elkaar staat dan centraal in een nieuwe vorm van solidariteit voor mens en natuur.

De landelijke overheid kan zich gaan richten op regionale verbindingen voor gelijke verdeling van voorzieningen tussen de regios. 

Niveau 4 begint op gemeentelijk niveau, gefaciliteerd door de nationale overheid door mee te gaan in het kader van menselijke kernwaarden (Sustainocratie). Dit is geen politieke keuze, het is een verantwoordelijkheid, die sinds de financiële crisis in 2008 (ongezonde financiële sector) en nu de corona crisis anno 2020 (ongezonde levensstijl en maatschappij structuur), geen weg terug meer kent, niet voor de overheid maar ook niet voor de bevolking.

Een lockdown dictatuur is onhoudbaar en alleen aanvaardbaar als de niveau 4 dialoog en transformatie erdoor opgestart wordt. Dit kan via de Stad van Morgen. Precedenten en ervaringsopbouw is er al sinds de financiële kredietcrisis van 2008 de eerste bewustwordingsslag “dat het anders moet” begon en deuren openden voor dialoog en transformatieve aandacht. Het volgende artikel gaat over ondernemen.

Authentieke vrouwelijkheid

Chaos 2 (5)
De enorme transformatie van Nederland is ook wereldwijd

De noodzakelijke en natuurlijke doorbraak en groei van authentieke vrouwelijkheid in de maatschappelijke structuren van de mens wereldwijd heeft enorme gevolgen. Al jaren is dit gaande maar de laatste maanden lijkt een doorbraak zich aan te kondigen. Al sinds 2009 geeft de Stad van Morgen dit structureel vorm vanuit het Sustainocratische model. Maar ook in onze aanpak is de transformatie aangeland in een doorbraak. Deze manifesteert zich bij ons maximaal sinds het ontstaan van COS3I, de multidisciplinaire samenwerking aan sociale inclusie en innovatie middels thematische kringen.

In een serie blogs over de jaren heen geef ik de vrouwelijke energie patronen en activiteiten een plek zoals die zich manifesteren in onze community en uiteindelijk wereld veranderend blijken voor de mens. Maar eerst even het proces dat we allemaal doormaken, ook de overheid en het bedrijfsleven.

Gelijkwaardigheid

De gelijkwaardigheid tussen man en vrouw wordt in Nederland sterk erkend. Deze gelijkwaardigheid is vooral functioneel in politieke economische belangen structuren. De vrouw heeft stemrecht en economische zelfstandigheid. Dat is fijn maar in spiritueel, antropologisch en sociologisch opzicht heeft dit niet veel te maken met authentieke vrouwelijkheid en de vrouwelijke energiepatronen die het voortbestaan van de mens garanderen. Het vrouwelijke geeft vorm aan de inhoud van ons bestaan, de ethiek en moraal van het leven in zijn algemeenheid en specifiek de zorg ervoor door veranderingen te omarmen en de lijn van het menselijk ZIJN te waarborgen.

In dat opzicht leven we in een erg doorgeslagen mannelijke maatschappijstructuur. Een structuur waar geld en macht sturend is, wereldwijde hiërarchieën de dienst uit lijken te maken en de mens ondergeschikt is gemaakt aan haar systemen. In cultureel opzicht mag Nederland dan wel een vrouwelijke consensus cultuur hebben maar de context waarin deze zich ontplooit is alles behalve vrouwelijk. Daarin is Nederland de (mede)bedenker en vooroploper van alles wat op dit moment in de wereld de overlevingskansen van de mens op Aarde ter discussie stelt door de doorgeslagen mannelijke energie. Deze mannelijke energie vertaalt zich in wereldwijde concurrentie, speculatie, geld gedreven handel en slavernij, niet alleen in de vorm van mensenhandel maar vooral in de vorm van het gebruik en misbruik van de mens voor het in stand houden van economische structuren en machtsbolwerken.

Het is daarom niet meer dan logisch dat ook Nederland de unieke en vooroplopende voedingsbodem blijkt van het helende transformatie proces naar gelijkwaardigheid tussen vrouwelijke en mannelijke energie en samenhang. Dit niet alleen op niveau van menselijke bewustwording en leerprocessen maar ook de maatschappelijke cultuur en structuur transformatie die daarmee gepaard gaat (Sustainocratie). Dit zal op termijn de klimaat, milieu en intermenselijke relatieproblemen oplossen.

Wat betekent dat concreet?

  1. Hiërarchische structuren vallen om. Macht gedreven culturen worden niet meer getolereerd.
  2. Geld wordt middel, geen doel op zich
  3. Menselijke kernwaarden gaan sturen, niet macht en geld
  4. Vrouwen gaan opzoek naar hun nieuwe zelf. Wat is de betekenis van hun innerlijke drang? Het mystieke groeit en zo ook de innerlijke verbintenis met kosmische energie, de moraal en ethiek van het bestaan.
  5. Mannen voelen zich verloren, raken werkloos en gaan ook op zoek naar hun nieuwe zelf en de betekenis van zichzelf in context van harmonie in plaats van groei, controle en concurrentie.
  6. Taakgerichte groepjes (community achtige kringen) ontstaan waarin mannen en vrouwen samenwerken aan reële functionele oplossingen voor lokale behoeften op gebied van voedsel, kleding, huisvesting, educatie, ouderenzorg, enz.
  7. De participatie maatschappij krijgt vorm en verplaatst de parlementaire democratie. In plaats van elke vier jaar te stemmen en verantwoordelijkheden te delegeren wordt verantwoordelijkheid dagelijks genomen samen.
  8. De rol van de overheid transformeert van dominant naar faciliterend
  9. De rol van het bedrijfsleven transformeert van hebzuchtig naar dienstbaar
  10. Steden worden samenredzaam in samenhang met het platteland
  11. Veel pijn van de oude macht en geld cultuur komt los. Dit wordt niet alleen ervaren als enorme crisis en chaos maar ook als emotionele psychose door het intense loslaatproces dat iedereen (mensen en instellingen) ondergaat voordat men zich opnieuw kan gaan verbinden in de nieuwe context en samenhang van gelijkwaardigheid.
  12. Het helende transformatie proces is nu al gaande maar de grote psychose moet nog komen.
  13. De nieuwe maatschappij bestaat al en groeit. Naar mate het de ruimte neemt en krijgt verzacht het de transitie die nooit in een keer kan plaatsvinden maar wel steeds sneller zich manifesteert.

Chaos 2 (5)

Het nieuwe Nederland ontstaat uit een intense transformatie

Op niveau 4 heeft de overheid niet het laatste woord

Wat is “Niveau 4”? Niveau 4 is een begrip dat we op verschillende fronten zijn tegengekomen in wetenschappelijke en intellectuele publicaties, en onze eigen expertise opbouw dat heeft geleid tot het ontstaan van de Stad van Morgen:

Niveau 4 bewustwording
Wanneer we de inzichten van psychiater en filosoof Dabrowski ter harte nemen dan geeft niveau 4 betekenis aan een multi-niveau loslaatproces:

dabrowski-niveau-4

Niveau 4 menselijke complexiteit
In mijn eigen research over de menselijke complexiteit sinds 2007 refereer ik naar niveau 4 als het gebied waarin we opnieuw op zoek gaat naar een nieuwe fase van harmonie door toepassing van authentiek leiderschap (de groene lijn vanuit een nieuwe fase van bewustwording).

geluksinfrastructuur-1b
Niveau 4 leiderschap positioneert zich in een nieuwe maatschappelijke cyclusvorming naar samenhang en harmonie

Niveau 4 gebiedsontwikkeling
De analyse die door Presencing Institute van Otto Schwarmer (U-Theorie) en Peter Senge (beide van Harvard University) wordt geponeerd laat een matrix zien van bewustwordingsniveaus en organisatievormen. De vorm die op beide assen niveau 4 bereikt is het gebied van “bewustzijn gedreven co-creatie”.

social-evolution-1

Wat men echter niet laat zien in deze matrix is het complexe proces om van niveau 1 (Hierarchy) in “global systems” te transformeren naar niveau 4 (Awareness Based Collective Action). De weg ertussen is niet lineair maar vergt een proces van afbrokkeling van de hiërarchische organisatievormen en de wederopbouw vanuit samenhangend bewustzijn.

ego-vs-eco

Niveau 4 ondernemerschap
Deze vorm van ondernemen richt zich op het 4 x winst principe of het Piramide Paradigma van structurele waardecreatie.

Pyramid 3
Het centrum van de piramide verzameld alle positieve waardegedreven energie

Niveau 4 leiderschap
Deze vorm van leiderschap overstijgt het volgerschap, zelfleiderschap en hiërarchisch leiderschap door empathisch verantwoordelijkheid te nemen voor het sturende mechanisme van menselijke of natuurlijke kernwaarden. Aangezien deze vorm vaak combinaties vertoont van autoritair leiderschap en empathisch volgerschap van hogere maatschappelijke doelen is het in staat zich te verenigen met gelijkdenkend leiderschap uit andere sectoren om zo tot een co-creatie te komen.

Sustainocratie
Als we luisteren naar sociologen en psychologen over de techniek van maatschappelijke transities dan zou er een democratisch draagvlak van 30% van de bevolking nodig zijn om een structurele verandering door te kunnen voeren. De praktijk laat echter zien dat dit niet waar is. Veel mensen zullen het wel “anders” willen maar worden geblokkeerd door de politieke economische werkelijkheid die ons omringt en hen aan blijft sturen.

Sustainocratie gaat uit van een geheel andere rekensom: Je hebt voldoende niveau 4 leiderschap nodig uit elk van de gefragmenteerde pilaren van de maatschappij die samen verantwoordelijkheid nemen zowel voor het nastreven van de kernwaarden als de integrale innovatie in hun onderliggende structuren.

sustainocratie-1
Veel huidige niveau 4 leiders hebben het gevoel niet in de juiste “ballenbak” te zitten terwijl ze juist betekenisvol vooruitgang willen boeken.

Op regionaal gebied van miljoenen mensen kan een groepje van 10 a 20 juiste personen het verschil maken, mits ze de juiste leiderschapsmentaliteit, maatschappelijke autoriteit en het doorzettingsvermogen hebben in elke fase van het proces en beïnvloeding van de onderliggende lagen. En daar zit juist de uitdaging.

Op de onderliggende niveau’s van gebiedsontwikkeling heeft de overheid een duale verantwoordelijkheid: het opbouwen en onderhouden van een publieke infrastructuur met bijbehorende regelgeving en controle mechanismen, en het beheer over de ingezamelde publieke middelen via de belastingen.

Wanneer dan het niveau 4 geactiveerd wordt als bewustzijnsgedreven cocreatie omdat mensen met autoriteit en leiderschap hiervoor maatschappijbreed verantwoordelijkheid nemen, dan botsen ze met de regionale dominantie rond beheer van geldelijke middelen van de lokale politieke/economische overheid. Over de infrastructuur kan men over het algemeen vrij beschikken maar niet het gemeenschapsgeld. Als men op niveau 4 aanspraak wenst te maken op een deel van de beschikbare publieke middelen dan is men afhankelijk van de overtuigingskracht van de betrokken niveau 4 leiders die uit deze “ballenbak” voortkomen. Maar ook dan blijft de niveau 4 leiderschapsgroep zich bewegen in een sfeer van afhankelijkheid die degenen met de financiële middelen meer macht geeft om niveau 4 processen te verhinderen of mogelijk te maken dan degenen die de verbindende kracht, waardevolle kennis, technologieën, innovatie kracht of sociale netwerken toevoegen.

De hiërarchische niveau 2-3 overheid kan nooit het laatste woord hebben op niveau 4 omdat men veelal zowel het bewustzijn als het leiderschap mist. Het niveau 4 leiderschap ontstaat nooit als er geen dwingende aanleiding toe is. Het blokkeren ervan leidt tot grote potentiële kwetsbaarheid van de regio en mogelijke kostbare problemen die op termijn de tijdelijke niveau 4 aanpak ruimschoots zullen overstijgen. Tijdig optuigen van niveau 4 verlangt een investering die zelfs op termijn het meervoudige oplevert voor de lokale gemeenschap.

Dit integrale besef vereist een nieuwe indeling van de gemeenschapsgelden waarbij een relatief gering percentage ervan (bijvoorbeeld 10%) als regionaal fonds beschikbaar dient te komen voor niveau 4 ontwikkelingen. Dit fonds wordt ondergebracht in onafhankelijke niveau 4 coöperaties die onder toezicht staan van de eigen leden, niet de overheid. Een goed voorbeeld hiervan is AiREAS (gezonde verstedelijking vanuit luchtkwaliteit) waarin nog geen fondsvorming heeft plaatsgevonden maar wel een investering in geld en andere middelen van de leden die door de groep zijn beheerd en benut in ongekende waardecreatie waarin alle bovenstaande niveau 4 eigenschappen zijn toegepast.

niveau-4

Herpositionering van groot Gemert

VE2RS
Gemert kan een kernrol vervullen in de Brabantse Health Deal

Als we naar de ligging van Gemert kijken dan valt ons op dat het een platteland gemeente is die centraal ligt ten opzichte van veel grotere Brabantse gemeenschappen zoals Eindhoven, Den Bosch, Oss of Helmond. Daarnaast heeft Gemert, sinds het bekend maken van de Brabantse Health Deal (filmpje niet gezien met de wethouders van de 5 grote Brabantse gemeenten? Kijk hier), eigenlijk alles in huis waar de andere gemeentes naar toe zouden willen groeien; meer groen in de stad, betere samenhang water, groen en leefbaarheid, gezonde lucht, rechtstreekse toegang tot lokale voedselsystemen, aantrekkelijk erfgoed, gezellige horeca, de stad als ontmoetingsplek, enz. In het filmpje zien we de Euro-commissaris al een oproep doen aan de wereld om er een voorbeeld aan te nemen. Dat voorbeeld hoeft Gemert en omgeving alleen maar zichtbaar te maken en verder, in samenwerking met de Health Deal partners verder verbinden met de plannen van deze gemeentes.

Als voorbeeld kunnen we de groen-blauwe ruit van Rijk van Dommel en Aa gebruiken waar we als Stad van Morgen samen met bestuurders,ondernemers, burgers en kennisinstellingen tot interessante cocreatietafels zijn gekomen door het doorlopen van het Sustainocratische 3 stappenplan.

Gemert heeft daarbij het voordeel dat ze een enorm gedreven gemeenschap heeft met een groeiende verbinding met de sustainocratische processen door het leerproces van Atelier3P en de gangmaker, Terry van de Vossenberg. Al zoekende kwam men op het pad van de ontwikkelingen in en rondom Eindhoven en zagen de kans om dit ook in de regio van Gemert te positioneren. Dat kost natuurlijk moeite, net  als ook wij in Eindhoven en Noord Brabant de juiste personen moesten treffen om de multidisciplinaire tafels, processen en uiteindelijk de formele coöperatieve waardecreatie te gaan vormen. Deze kennis hebben we al beschikbaar gesteld aan de Gemertse gemeenschap maar we hebben er een ambitielaag boven gesteld. We zien Gemert niet als een eilandje in een Brabantse zee van belangen maar als unieke verbinder van moderne stad-platteland ontwikkeling op basis van kwaliteit van leven en kernbelangen. Zo is Gemert al een parel waar anderen jaloers op kunnen zijn maar de gemeente dient nu niet de fouten te maken die de andere, grotere gemeentes noodgedwongen of door herziend beleid trachten te herstellen.

kasteel-gemert_hoofdbeeld
Kasteel Gemert

Denk aan het prachtige Kasteel Gemert dat door gefragmenteerde geldbelangen in de handen kan komen van projectontwikkelaars die het pand als duur hotel of vastgoed enclave neerzetten. Maar dit kasteel is erfgoed dat in morele zin eigendom is van de gemeenschap, los van wie er formeel de eigendomspapieren heeft. Want uiteindelijk, wat er ook in de economische wereld van speculatie gebeurd, de rekening van elk debacle van milieu en maatschappelijk of zelfs economische schade komt bij de Gemertse gemeenschap terecht terwijl de tijdelijke winst verdwijnt in de zakken van de speculanten. Hetzelfde geldt voor het lokale Nazareth klooster, het regionale landschap dat zo brood nodig is voor de regionale voedsel, energie, recreatie en gezondheid innovatie, en de infrastructuur waar de ruim 1 miljoen verstedelijkte Brabanders hun rust, geluk en welzijn zouden kunnen vinden.

Door het contrast van speculatieve geldafhankelijkheid van de steden en de structurele sturing op regionale waardecreatie van Gemert op te bouwen kan een Yin-Yang ontstaan die beide partijen sterkt in samenhang. Dat op zich is een aanpak waar vele gebieden van Europa een voorbeeld aan kunnen nemen.

De manier van werken is echter totaal anders dan de verzuilde belangen in de meer versteende steden waar men zich concentreert op kostbare bureaucratie, controle en “slimme technologische oplossingen”. In het geval van Gemert zou men structureel, en inclusief de belangen van de omringende steden, tot een Sustainocratisch multidisciplinair overleg structuur kunnen komen. Het is een uitnodigende multidisciplinaire tafelcultuur onder onafhankelijk voorzitterschap van een Sustainocraat (Atelier3P) met rechtstreekse betrokkenheid van de lokale overheid, innovatieve ondernemers, burgers en wetenschap. Deze constructie trekt juist kernwaarden-gedreven autoriteiten aan en schrikt korte termijn speculatie af. Bestuurders uit de steden kunnen vaak beter zaken doen op gebied van waarden in deze kernwaarden-gedreven omgeving dan bij henzelf thuis waar de speculanten veel touwtjes in handen hebben. Zo ontstaat een band tussen geld en waarde waar Gemert en omgeving wel op kan varen en nog beter op kan boeren.

Nazarethklooster en tuin boven
Nog zo’n parel met duurzame mogelijkheden

 

Barcelona, parel aan de Middellandse zee

Zoals sommigen van u misschien weten ben ik als tiener opgegroeid in en rondom Barcelona. Als 16 jarige landde ik op het kleine streek vliegveld van Prat de Llobregat in 1974 om voor het eerste voet te zetten op wat mijn tweede vaderland zou worden. Uiteindelijk zijn mijn twee kinderen er geboren, de een in Madrid de ander in de buurt van Barcelona. Maar in 1974 was daar nog geen sprake van. Barcelona was een smerige havenstad onder de rook van chemische fabrieken zoals “La Seda” die zorgden voor permanente geur van rotte eieren als je er langs reed. De binnenstad was voor mij een openbaring als plattelandsventje met een paardrij-achtergrond. Voor het eerst betrad ik een miljoenenstad. In 1977 ging ik naar Engeland in (Small Giant) York om te studeren maar Barcelona bleef mijn thuishaven omdat mijn familie zich er permanent gevestigd had.

Zo zag ik gaandeweg te transformatie van die zwarte, donker sfeer in de stad naar een bruisende metropool vol innovatie en vernieuwing. Verschillende belangrijke evenementen droegen daar aan bij en waar ik op verschillende manieren bij betrokken was. De wereldkampioenschappen van 1982 beleefde ik als gids en reisleider, een werk waar ik van genoot en dat mij hielp bij het zorgen van financiële middelen voor mijn studie in Engeland en mijn hobby aldaar, parachutespringen, dat ik elk weekeinde beoefende als het weer het ook maar enigszins toestond. De openingswedstrijd met Maradona als sterspeler voor Argentinië staat mij nu nog bij. Ik zag het vanuit de nok van het Camp Nou met 220.000 mensen in het publiek. Maradona was alleen herkenbaar voor mij door zijn enorme bos haren hetgeen hem ook zijn bijnaam van Pluisje had opgeleverd.

Spanje is sinds 1986 lid van de Europese Unie en heeft sindsdien een enorme moderniseringsslag meegemaakt in infrastructuur en bereikbaarheid.  De wegen rondom Barcelona transformeerden en het vliegveldje werd een internationale luchthaven. De stimulans voor ondernemers in de regio om mee te doen aan de modernisering was enorm. De bevolking ging zich modieus kleden en gedroegen zich als gegoede handelspartners met een centraal Europese mentaliteit.

In 1992 werden de Olympische spelen gehouden In Barcelona. Ik was nu volwassen en zelf in 1990 uitgezonden door Philips naar Spanje om als algemeen directeur voor de telecomdivisies door het leven te gaan. Mijn standplaats was Madrid maar het belangrijkste sateliet-kantoor was Barcelona waar ik wekelijks vertoefde. We deden prestige projecten met de lokale overheid en ik zag de transformatie van het havengebied met de Olympische stad die er gebouwd werd. De binnenstad was al onderworpen aan allerlei gestimuleerde private investeringen van ondernemers die hun gevels en uitstraling hadden gemoderniseerd.

In 2000 keerde ik tijdelijk terug naar de regio als telecom adviseur wegens de geboorte van mijn tweede dochter als tussenstap voor mijn terugkeer na 27 jaar naar Nederland (2001). Barcelona verkeerde in een economische dip omdat veel grote bedrijven aan het centraliseren van belangen waren geslagen. Dat betekende dat investeringen voor lokale fabricage activiteiten in de pre-europese tijd werden weggehaald en naar andere gebieden verhuisd. Mijn laatste beeld van Barcelona was er een van een prachtige binnenstad, zware luchtvervuiling, mede door de ligging van de stad en alle activiteiten, en industriële randgebieden die steeds verder in verval raakten. Lege gebouwen, werkloosheid, enz. Voor mij was dat ook aanleiding om mijn heil te zoeken in centraal Europa.

Daarna gebeurde er van alles met mij en mijn gezin waardoor ik mij moest gaan focussen op mijn activiteiten in Eindhoven. Hierdoor schoot mijn relatie met Barcelona er een beetje bij in. Totdat ik vorig jaar werd uitgenodigd werd om te spreken tijdens het grote wereldcongres van Slimme Steden in Barcelona. Wat had deze stad zich krachtig ontdaan van alle littekens van vergane glorie en geïnvesteerd in het creëren van toegevoegde waarde door midden in de wereldmaatschappij te gaan staan. De binnenstad was volledig autovrij gemaakt waardoor er ruimte ontstond voor ontmoetingen, sfeer en gezelligheid. De metro was uitstekend en betaalbaar in vergelijking met de andere steden waar ik dat jaar was geweest. Het verkeer was aan snelheid limieten gebonden om verdere vervuiling te voorkomen. En er waren hele vernieuwde stadsdelen gekomen in de plaats van de verpauperde industriële gebieden van eind jaren 90.

Natuurlijk kan er nog veel meer gebeuren in de stad en dat zal ongetwijfeld ook zijn weg vinden maar het resultaat van nu was al voldoende om als voorbeeld enkele maanden later in India te worden aangewezen. Kennelijk valt het anderen ook op.

En dan lees ik vandaag in de blog van de burgemeester van de stad dat de gemeenteraad heeft besloten niet meer in zee te gaan met bedrijven die hun geld wegsluizen naar belastingparadijzen en ook niet bedrijven die geen maatregelen nemen om hun eigen vervuiling tegen te gaan door structurele innovatie. Nu is de vraag of men ambtelijk ook in staat is om te investeren in waardecreatie in plaats van de goedkoopste te selecteren tussen de aanbieders waar men weer meer eisen aan stelt? We zullen zien.

Via verschillende kanalen zijn we bezig om in Barcelona een AiREAS en STIR achtig initiatief op te zetten. Dit soort signalen geven de burger moed, dat regelgeving en transparantie nu ook open gaat staan voor structurele participatie vanuit menselijke kernwaarden. We zullen zien de komende tijd.

Het doet mij in ieder geval deugd dat Barcelona in staat blijkt om een bepaalde “kwaliteit van leven” lijn vast te houden die ze sinds de dood van Franco in 1975 heeft ingezet. Het is bij uitstek een parel aan de Middellandse Zee en zeker een parel in de complexe stedelijke ontwikkelingen van historische kustgebieden. Daarbij toont de stad dat “stilzitten is achteruitgang” geen optie is en men vanuit bewustwording bereid is grenzen te verleggen.

Licht op Eindhoven, het belang van sturen op kernwaarden

“De menselijke kernwaarden onze maatschappij aan laten sturen” is een boodschap die wij via de Stad van Morgen verkondigen en tot uitvoering brengen in AiREAS, FRE2SH, STIR enz. Dat deze boodschap belangrijk en waardevol wordt gevonden getuigt de aandacht die eraan wordt besteed door communicatie partners in de stad. Dit is een overzicht van de laatste dagen:

img-20160604-wa0002.jpg

Tegenlicht juni

European Innovation Platform – Eindhoven meet-up:

  • Recommendations for citizen engagement: We will hear brief examples of co-creation projects from a variety of background to kick-off an open call to gather use cases. We will discuss the key relevant issues that need to be refined to make it an effective knowledge transfer tool and useful resource for citizens in smart cities.
    • Jean-Paul Close –  AiREAS Project, Small Giants initiative 
    • Francesca Rizzo – University of Bologna, Social Innovation Network (SIN)
    • Saskia Beer – ZO!City, Transforming Amsterdam Southeast
    • DTV

Slimme steden – 100 jaar bibliotheek

Eindhovens Dagblad
http://www.ed.nl/mening/opinie-slimme-stad-werkt-ook-aan-gezondheid-en-veiligheid-1.6078457

 

 

Tegenlicht: Het rendement van Geluk

Kijk de inspirerende bijeenkomst terug in het Ketelhuis te Eindhoven:

STIR Academy van de Stad van Morgen verwerkt Geluk nu in een infrastructuur tussen Helmond en Eindhoven waar men geluk kan beleven, als therapie, als grootouders met hun kleinkinderen, als teambuilding voor het bedrijfsleven of gewoon als iemand die even de stres van alle dag opzij wil zetten en via rust, ademhaling, sport of beweging de batterij weer oplaadt.

IMG_20160602_105300
“Geluk is niet zweverig, het is een wezenlijk, fundamenteel, tastbaar en maakbaar element van ons leven en onze samenleving”, Frans Dijstelbloem

Geluk is maakbaar

In onze huidige maatschappij zijn er zoveel financiële verplichtingen ontstaan waar bar weinig persoonlijke wederkerigheid tegenover staat dat vele mensen er radeloos, boos en ongelukkig van worden. Ons gangbare rechtssysteem is gebaseerd op solidariteit met financiële verplichtingen en steunt daarbij de contractuele inhoud van dienstverleners, banken, belastingen en verzekeringen die als monopolie-structuren opgelegd worden aan de bevolking. Als we niet aan de wettelijk opgelegde verplichtingen voldoen dan worden we middels incasso-bureau’s achtervolgt tot in den treuren met bijbehorende extra incasso en rente kosten, bij voorbaat verloren rechtszaken en onethisch machtsvertoon door inbeslagname van boedel, huisvesting of uit huis plaatsing.

Keuzevrijheid is systeemgericht. Dat wil zeggen dat we bijvoorbeeld mogen kiezen tussen verzekeringsmaatschappijen die allen precies hetzelfde functioneren, maar niet tussen verschillende vormen van voorzieningen zoals zorg voor elkaar zonder betalen. We mogen formeel democratisch kiezen tussen politieke kleuren maar niet paradigma’s (democratie of sustainocratie). Dat is een belangrijke tekortkoming en beknotting in onze natuurlijke vrijheden in onze maatschappij. Wij voelen ons gevangen als slaaf in een netwerk van verplichtingen zonder alternatieven.

Als biologische mens zijn wij vrij om zelf onze maatschappij in te richten. Uiteindelijk is een maatschappij een groepsvorm die de deelnemende individuen van zekerheden moet voorzien door als groep te functioneren. Als de maatschappelijke sturing een eigen vorm aanneemt, waardoor de groep niet meer als zodanig functioneert uit betrokkenheid maar verplicht bijdraagt aan uitsluitend het systeembelang, dan is er geen sprake meer van een maatschappij maar van een bedrijf, slavernij of dictatuur. Wij dienen ons dan te bevrijden van dit bedrijf om samen weer een echte maatschappij te gaan vormen. Dat is ons natuurlijke evolutionaire recht. Als het rechtssysteem van de mens de natuurlijk evolutie in de weg staat dan moet het menselijke rechtssysteem wijken. Zo niet dan is het verwijtbaar voor moord of chaos want evolutie gaat uit van leven door aanpassing aan de omstandigheden. Als de evolutie geblokkeerd wordt dan ontstaat er dood of spanningen die leiden tot opstand of afzondering. Zij die zich hier geen raad mee weten voelen zich al snel angstig, radeloos en diep ongelukkig.

Stad van Morgen nodigt sinds 2009 uit om vreedzaam en zelfbewust over te stappen naar een nieuw maatschappijmodel, Sustainocratie genaamd. Het is een vorm van samenredzaamheid door met elkaar de kernwaarden van het evolutionaire leven tot stand te brengen en te onderhouden. Zo nemen wij door natuurlijke keuzevrijheid afstand van de maatschappijvorm die de mens heeft ingelijfd als slaaf en zelf als bedrijf onterecht in plaats van onze maatschappij is gaan functioneren. Binnen een echte maatschappij draait alles om de deelnemende mens en niet om geld. Zodra het andersom is dan is er sprake van hiërarchische bedrijfsvoering.

Stad van Morgen nodigt de mens procesmatig uit om kennis te maken met de bevrijding, de waarden-gedreven cocreatie en de maakbaarheid van geluk. We zetten kernwaarden-gedreven coöperaties op en nodigen iedereen geheel democratisch uit om een keuze te maken, eerst op mens niveau en dan toe te passen op de functie die men bekleedt in het creëren van toegevoegde waarde in onze Sustainocratie. Als men, ook bestuurders, samen met ons werkt dan voelt men zich gelukkig, is men zinnig bezig en deelt in de waardecreatie. Daarom groeit het alternatief terwijl het oude steeds noodlijdender wordt.

Stad van Morgen organiseert ook geluksbelevingen, coaching en begeleiding van bestuurders en organisaties die zich gevangen voelen en graag de maatschappelijke werkelijkheid willen ervaren. Geluk is maakbaar maar dan dienen we als men en maatschappij de functioneren, niet als bedrijf.

Wanneer is het tijd voor leiderschap?

In onze menselijke reactie op omstandigheden zien we over het algemeen 4 fasen. Pas de laatste fase omvat het besef dat iets structureel dient te veranderen. Elk van de fasen heeft geheel eigen kenmerken. We zien ze in onze privé sfeer, in het bedrijfsleven en zelfs nu ook de hele maatschappij

Fase 1: Het waait wel over
Dit is de fase waarin we bewust zijn dat er iets is gebeurd maar dat wordt gezien als incident dat niet voor herhaling in aanmerking komt en derhalve niet verder aandacht verlangt. Als voorbeeld kunnen we de tiener aanwijzen die thuiskomt en vraagt “Pap, wanneer heb jij je eerste sigaret gerookt?”. Je kunt er donder op zeggen dat de tiener met een sigaret heeft geëxperimenteerd. Dat wil nog niet zeggen dat ie meteen nicotine verslaafd is. Het hoort bij de zoektocht naar de eigen identiteit en met een beetje geluk neemt de tiener zelfstandig afstand van een vieze mogelijke verslaving.

In het bedrijfsleven merken een omzet dipje. Als we echter de verhalen horen van de commerciële afdeling dan is er geen enkele reden tot paniek. Het is een tijdelijk dipje.

De luchtvervuiling die voortkomt uit onze levensstijl en politiek economische sturing ligt onder de door de politiek economische gestelde norm. Uiteindelijk gaan er meer mensen vroegtijdig dood aan roken, teveel eten en een ongezonde levensstijl. Lokale activisten over luchtvervuiling kunnen eenvoudig vanuit de politieke nuance en ontkenning worden gebagatelliseerd.

Fase 2: Reactief
Wanneer een probleem zich herhaalt dan gaan we erop reageren met maatregelen. Ons kind wordt herhaaldelijk gepest op school. Eerst lieten we het z’n beloop als incident maar bij herhaling gaan we toch in gesprek met de ouders van de pestende kinderen, de kinderen zelf en de school. Hetzelfde geldt voor de rokende tiener. Als deze ineens met pakjes sigaretten thuiskomt gaan we toch even in gesprek of dit allemaal wel zo verstandig is? Misschien stellen we wel eisen zoals “thuis wordt niet gerookt!”.

Binnen het bedrijfsleven is het terugvallen van de omzet aanleiding tot reactieve maatregelen in de vorm van extra marketing campagnes, kortingen en de zoektocht naar nieuwe marktgebieden voor dezelfde producten. De commerciële afdeling komt onder druk te staan. De directie gaat extra letten op de performance en zich bemoeien met het personeel en de klanten.

Het luchtvervuilingsprobleem blijkt hardnekkig en we nemen regulerende maatregelen vanuit de overheid om het probleem te bestuderen. Wetenschappelijke studies worden opgezet om vooral aan te tonen dat we iets serieus nemen. De gezondheid zorg ontwikkelt medicijnen en kostbare programma’s voor de mensen die lijden onder long of hart en vaat problemen. De maatschappij blijft gewoon functioneren maar het probleem wordt erkend en opgenomen in een reactief beleid.

Fase 3: Preventief 
De volgende stap in bewustwording is aan de orde wanneer het besef komt dat een probleem bedreigend is voor de stabiliteit en ontwikkeling van de mens, het gezin, het bedrijf of de maatschappij. Men gaat over tot het nemen van preventieve maatregelen. Voor onze voorbeelden geldt dan zoiets als:

  • De tiener krijgt minder zakgeld om te voorkomen dat ie sigaretten koopt. Het kleinere zusje wordt eerder aan banden gelegd om te voorkomen dat deze ook gaat vroegtijdig gaat experimenteren door het voorbeeld van de tiener.
  • De gepeste kleine wordt omringd door mensen die toezicht trachten te houden om te voorkomen dat er toch weer gepest wordt.
  • Het bedrijf ziet zich in een verliesgevende situatie terecht komen en reageert met preventieve maatregelen door kosten te gaan besparen. De directie gaat heisessies doen om te redden wat er te redden valt. De commerciële organisatie wordt gehalveerd maar moet toch proberen dezelfde omzet te blijven halen.
  • De overheid gaat preventieve maatregelen nemen die luchtvervuiling dienen te voorkomen of aanpakken. Regelgeving wordt geïntroduceerd met bijbehorende controle mechanismes en bureaucratie. Kosten lopen op.

Fasen 1 tot en met 3 gaan uit van de beheersbaarheid van een bestaande situatie waarin, door middel van maatregelen de oude bekende situatie weer stabiel en normaal gemaakt kan worden. We zien echter gaandeweg dat er een crisis ontstaat. De hoeveelheid aandacht voor het probleem groeit en gaat op een gegeven moment de hele situatie overheersen. Het is relatief gemakkelijk te duiden dat er een moment komt dat de situatie onhoudbaar is geworden. Dan gaat men over tot drastische proactieve verandering.

Fase 4: Proactieve verandering
De proactieve verandering gaat uit van een hoger doel dat de integrale situatie overziet en een transitie weergeeft tussen een oude en nieuwe werkelijkheid. Dit is een intense situatie waarin men risico’s gaat nemen door de oude situatie te verlaten en een nieuwe op te bouwen. Waar fase 1 tot en met 3 nog in de sfeer van management lag doen we nu aanspraak op ons leiderschapsvermogen.

Het gepeste kind veranderen we van school en omgeving. De rokende tiener sturen we 3 weken op kampt waar niet gerookt mag worden.

Het bedrijf introduceert een totaal nieuwe innovatieve productlijn of her-positioneert zich in een totaal nieuwe marktomgeving, veelal met de verandering van de directie.

De overheid stapt over op een nieuw maatschappij model waarin luchtvervuiling niet getolereerd wordt en men proactief stuurt op zorg voor gezondheid en innovatie in plaats van reactief op gezondheid-zorg en regelgeving rond behoud.

Constant in ons leven aanwezig
In een gezinssituatie met opgroeiende kinderen zien we dat we met enige regelmaat de fasen doorlopen. In het bedrijfsleven is deze cyclus minder snel maar toch zeker eens in de 7 jaar te constateren. In de algehele maatschappij zien we dat de cyclus zo’n 50 jaar in de slag neemt. Telkens zijn er overduidelijke signalen dat we over dienen te stappen op een proactieve benadering maar conservatieve management culturen drijven vaak de situatie op de spits waardoor crisissen langer duren en soms een nieuw paradigma niet mogelijk blijkt zonder eerst een enorme chaos te moeten doorstaan. Hoe langer of trager het duurt des te moeilijker het is om aanspraak te maken op leiderschap als het nodig is. In de maatschappij van geldafhankelijke consumptie ontstaan ook nog eens veel belangen rond kostbare reactieve en preventieve maatregelen die ook bij gaan dragen aan het verzet tegen verandering.

Met de kennis van nu over deze cyclussen is het helemaal niet meer nodig dat er crisissen ontstaan. We kunnen met enige eenvoud de fasen meetbaar maken en tijdig management en leiderschap met elkaar afstemmen. Stad van Morgen heeft deze kennis geborgen in onze STIR Academy waarmee we bedrijven, overheden, gezinnen en individuen kunnen helpen met bewustwording en acties in hun leiderschap processen in een vroegtijdig stadium en op een gestructureerde wijze.