Op 17 december voltrok zich het proefcollege van de STIR Academy over het onderwijs. Gastdocente was Jacqueline de Theije, initiatiefneemster van de Eindhovense DOE School. Dit is een school die de mens centraal stelt en de kinderen uitdaagt vanuit hun zelflerende vermogen. Dit initiatief is een van de vele intenties tot vernieuwing van een onderwijssysteem dat uit de tijd is, ontstaan in een tijdperk van industriële arbeid, standardisatie van processen en hiërarchische structuren, uniformisering van economische belangen en bijbehorende robotisering van de mens. Maar die tijd bestaat niet meer, ook al wordt er nog steeds politieke en economische macht aan ontleend. Het is die machtuiting die de vernieuwing in de weg heeft gestaan maar dankzij de vele crisissen en het uitblijven van herstel van het verleden, ondanks de belastingverhogingen en kapitaalinjecties, is de noodzaak tot het openstellen van de vernieuwing nu ook doorgedrongen tot de hogere beleidsferen van de landelijke overheid.
Dit filmpje van vrije denkers geeft de essentie weer van de transitie waar we voor staan. Sugata Mitra heeft naam gemaakt door zijn TED speeches over experimenten in achterbuurten van India over het zelflerende vermogen van de straatjeugd. Nu komt hij in beeld om een lans te breken voor menselijk leervermogen onder de nieuwe prikkelende omstandigheden van een evolutie. U zult zichzelf er ongetwijfeld in herkennen.
Maar openstaan voor vernieuwing en daadwerkelijk vernieuwing invoeren zijn twee verschillende dingen. Jacqueline vertelt openhartig hoe zijzelf als kind niet paste in “het systeem” en later de barricade op moest voor de belangen van haar hoogbegaafde zoon die zijn weg niet kon vinden in de ommuurde maatschappelijke beperkingen van onderwijs. Veiligheid is onderdeel van de vrijheid om zich als kind tot volwassen mens te kunnen ontwikkelen door om te leren gaan met prikkels en bewustwordingsontwikkeling middels experimenteren met het leven. Het spanningsveld tussen mens en maatschappij dat door Jean-Paul in beeld wordt gebracht toont een gigantisch probleem waar we allemaal samen een doorbraak in dienen te vinden.
De stres tussen menselijk leren en systeem gericht onderwijs
Het natuurlijke leerproces van de mens gaat in fasen vanaf onze geboorte tot volwassenheid. Het komt voort uit de harmonieuze band van ouders die leidt tot het ontstaan van nieuw menselijk leven in een cyclus die zich steeds weer herhaalt. Telkens wordt een evolutionair stapje toevoegd aan ons bestaan door de complexiteit van het loslaten van het verleden en het zelfleiderschap van het bouwen aan een nieuwe harmonie.
Natuurlijke leerweg van harmonie naar harmonie via groei, chaos en bewustwording
De maatschappelijke focus op consumptie economie die belast wordt om de kosten van een zorgstaat te financieren heeft volgens Jean-Paul Close geleid tot een integrale breuk met de natuurlijke processen waarvoor een sturing is geïntroduceerd die niet de menselijke belangen dient maar die van een economisch in stand te houden systeem. De evolutie krijgt dan geen kans omdat verandering tot de taboe sfeer gaat behoren. Het onderwijs wordt door de financiële afhankelijkheid gestuurd waarin ouders en kind niet als mens maar als economische drijvers en kostenposten worden beschouwd, omringt door instanties die er belang aan hechten om een gefragmenteerd deel van een bestaan ter harte te nemen zodat steeds passend wordt gemaakt in het systeembelang.
Het systeem neemt de rol van de ouders over, niet vanuit harmonie en veiligheid maar individualisme en afhankelijkheid
Dit staat structureel de natuurlijke vrijheid en menselijke diversiteit in de weg. Jongeren raken de weg kwijt en krijgen geen begeleiding noch zicht op een hoger doel omdat de harmonie in het ouderlijk huis vaak is verdwenen door de druk van het economische systeem. Het systeem spiegelt niet vanuit harmonie maar hebzucht, afhankelijkheid en individualisme. De jongeren krijgen alleen de economische prikkels. De gevolgen zijn positief zolang de maatschappij in de behoefte voorziet van de mensen door voldoende arbeid en ontwikkelingsmogelijkheden. Het spanningsveld wordt vernietigend wanneer het systeem de vrije natuur van vooruitgang in de weg gaat staan. De een reageert daarop in wanhoop en ellende, soms met zelfmoordneigingen of uitzichtloze uitingen in verslavingen of gedragsproblemen. De ander (zoals Jacqueline en de mensen in de Stad van Morgen) verzamelt de moed om er iets anders voor in de plaats te zetten en eisen ruimte om het te kunnen waarmaken. Het zijn de pioniers van een nieuwe tijd. We zien dat zowel ruimte ontstaat en groeiend pionierschap.
Het nieuwe onderwijs ontwikkelt zich als in eerste instantie als systeem bevrijdende initiatieven
Het probleem is echter dat het sturende politieke systeem nog steeds afhankelijk is van de beoogde groei-economie en haar middelen inzet om die te stimuleren. De nieuwe initiatieven moeten zich zien te redden binnen de “wet van de tegenstellingen” en de vrije keuze en vermenselijking vorm geven in gegeven ruimte maar zonder middelen. Dat maakt de moed van de initiatieven extra indrukwekkend en zwaar omdat menzich moet bewijzen in algemene tegenstelling in plaats van de natuurlijke flow van aanvaard leiderschap. Jacqueline geeft aan dat alle kinderen terecht kunnen op haar school maar “niet alle ouders”. Het vergt verstandige ouders die weer regie nemen over de ontwikkeling van hun kinderen maar ook de harmonie van hun eigen leven om zo menselijke signalen te geven waar een kind zich aan kan spiegelen in plaats van alleen de prikkels van een groei-economie.
STIR
De positionering van de STIR Academy gaat een stapje verder en ziet de leerweg van de mens als een proces ten bate van waardecreatie in plaats van uitsluitend waardeconsumptie. De initiatieven die de stichting onder de vlag van de Stad van Morgen heeft opgebouwd zijn allemaal gericht op de echte menselijke waarden waar we samen vorm aan geven in reactie op de grote bedreigingen en uitdagingen waar we ons mee omringd voelen. De generatie van volwassen worden tegelijkertijd gevraagd zich in te zetten met kennis en talent terwijl de jongeren de stip op de horizon en hun persoonlijke inzet kunnen ervaren als leerweg in een wereld die ze zelf vorm geven. Het is een waardengedreven cultuur waardoor STIR niet afhankelijk is van de geldcultuur van de groei-economie maar de bewustwordingscultuur van waardengedreven bevolkingsgroepen.
STIR Academy
Het samen dragen van onze maatschappij en onze zekerheden is een leerweg op zichzelf dat zichzelf dient te financieren door de uitvergroting van werkelijke waarden die samen ontstaan. AiREAS, FRE2SH en SAFE zijn daar groeiende voorbeelden van die uiteindelijk een totaal nieuwe economie veroorzaken, die ook enorm kan groeien, echter steeds redenerend vanuit harmonie, nooit vanuit groei als doel maar als evolutionair middel van maatschappelijke volwassenheid en de cyclus van duurzame menselijke vooruitgang.
Het college werd als gebruikelijk afgesloten met de uitnodiging tot samenwerking op basis van de geleverde inspiratie.
Wat is een gezonde stad?
Een gezonde stad is een complexe, verzamelde menselijke leefomgeving waarin men harmonieus vooruitstrevend omgaat met elkaar en de natuurlijke omgeving. In een gezonde stad leven gezonde en actieve mensen. De gezondheid van de stad en die van de mens levert een wederkerigheid op die uit te drukken is in economische waarden.
Er zijn drie soorten economische waarden:
Speculatief: dat is de economische waarde die ontstaat wanneer er een tekort heerst en dit de prijs van een gewenst artikel, product of dienst omhoog drijft.
Spiritueel: (niet te verwarren met “religieus”) dit is de waarde van de omgang met elkaar en de natuurlijke omgeving ten behoeve van zorgzaamheid, zelf en samen redzaamheid, co-creatie en verbondenheid. Het geeft ook betekenis aan “de bezieling” van de gemeenschap waaraan vitaliteit, productiviteit en waarden gedreven ondernemerschap aan wordt ontleend.
Creatief: dat is het vermogen om nieuwe waarden te scheppen die voorheen nog niet bestonden.
Een gezonde stad waakt er voor dat de focus van economische waarden niet op 1 (speculatief) komt te liggen maar juist op 2 (spiritueel) en 3 (creatief). De meeste steden en landen zitten in een transitie fase omdat de economische verhoudingen lange tijd juist op speculatief niveau lagen waardoor de culturen onmenselijk werden met enorme consequenties voor de omgeving, de inwoners én de economie. Het “voordeel” van die historische ontwikkeling is dat we nu inzicht hebben gekregen in de harmonieuze en niet harmonieuze context en de dramatische gevolgen als we de verkeerde weg kiezen. Het nadeel is dat het inzicht er niet veel toe doet als de macht die aan de misstanden en speculaties wordt ontleend niet opgeheven wordt. De genoemde transitie is derhalve transformatief en gaat gepaard met veel menselijk én institutioneel leed maar ook passie en gedrevenheid om het spanningsveld te overbruggen. Men is echter alleen bereid dit aan te gaan als men ertoe gedwongen wordt (crisis) of als er precedenten zijn die zo overtuigend zijn dat andere gebieden ze gaan overnemen (goede voorbeeld). Stad van Morgen tracht in Eindhoven zulke precedenten zichtbaar te maken.
De economische waarde van productiviteit
Als we de bezieling ter harte nemen van een bevolking om samen vorm te geven aan hun eigen belangen en behoeften, door samenwerking, dan ontstaat een circulaire economie met een zelfregulerend vermogen. De waarde wordt dan afgestemd op de invulling van de behoeften en leefbaarheid. Dat wat men zelf produceert hoeft men niet te kopen. Het schept een graad van onafhankelijkheid van speculanten doordat men zorg draagt voor de eigen overvloed, afgestemd op de eigen werkelijkheid. Uiteindelijk draait het in economie niet om de hoeveelheid geld maar om de circulatie ervan in waarde creatie processen. Geld is een katalysator, geen doel op zich. De hoeveelheid productiviteit en de echte waarden die daaruit ontstaat is de werkelijke economie.
Talent x Inzet x Waarde creatie = Wederkerigheid (waarden consumptie)
De relatie tussen eigen productiviteit en eigen consumptie is van belang om de spirituele en creatieve inzet en het talent te prikkelen. In een stad die oorspronkelijk opgezet is vanuit speculatief handelsbelang is dit erg moeilijk maar niet onmogelijk. In plaats van te concurreren tussen de steden of de eigen bevolking uit te melken voor industriële of handelsbelangen kan men op zoek gaan naar de nieuwe verhoudingen waaraan gemeenschappelijke waarden kunnen worden ontleend. Alles wat de stadsbevolking zelf produceert hoeft ook de stad niet in te kopen, noch schulden voor te ontwikkelen die via de belastingen weer over de bevolking wordt uitgesmeerd. Meerwaarde kan dan worden gezocht in de eigenheid van de stad die tot een harmonieuze band kan leiden van toegevoegde waarde met andere steden of gebieden. Deze toegevoegde waarde zit m in de verschillen tussen de steden en gebieden, niet de overeenkomsten.
De kracht van eigenheid
Uitgaande van het feit dat elke gezonde stad primair zich focust op zelfredzaamheid met integrale betrokkenheid van de lokale bevolking is 70% – 90% van de economie circulair en lokaal. Die bezieling is noodzakelijk om niet in de sfeer van speculatieve belangen terecht te komen van mensen of organisaties buiten het eigen beïnvloedingsgebied. De kracht van deze eigenheid, die ook te vinden is in waarde gedreven bedrijven, zit dan in resultaat gedreven cohesie en samenhang. In die sterkte vindt ook de creativiteit plaats die tot innovatie en vooruitgang leidt. De innovatie is dan gericht op de eigenwaarde. Omdat elke stad demografisch, historisch en cultureel anders is ontstaat er ook authentieke waarde creatie die inspirerend of uitwisselbaar blijkt met andere gebieden. Dit levert de overige 30% – 10% van de economie op. Deze zorgt er tevens voor dat eigen tekorten aangevuld worden door eigen meerwaarde uit te wisselen met die van andere gebieden.
De waarden gedreven economie heeft geen schulden
Als we naar de oude speculatieve werkelijkheid kijken in gebieden dan zien we dat de rijkdom zich niet collectief vergaart maar daar waar de macht van speculatie zich concentreert. De rest van de bevolking ontwikkelt een noodgedwongen schuld waar ook weer speculatie en macht op wordt uitgeoefend. Dit levert altijd crisissen op zoals historisch aan te tonen is.
De spirituele en creatieve werkelijkheid werkt zonder schulden omdat het volledig geënt is op het creëren van waarden die men vervolgens voor eigen gebruik consumeert.
Gezonde mensen zijn niet kostbaar
Naast de productiviteit van gezonde mensen, waarbij gezondheid niet alleen lichamelijk gemeten wordt maar vooral ook in termen van mentaliteit, bezieling, gedrevenheid en empathie, zijn gezonde mensen geen kostenpost. Door de mentaliteit van waarde creatie heft men onderlinge zorgen op zonder het te economiseren of economisch met ziekte en leed te speculeren. In een gezonde stad is de beste zekerheid de gemeenschapszin in plaats van een zorginstantie en verzekeringsbedrijf. Dit plaatje van het vooruitschuiven van verantwoordelijkheden is in een gezonde stad met gezonde, productieve mensen niet denkbaar. Aangezien dit wél het geval is in de meeste steden van de wereld zien we een tendens ontstaan om “gezondheid” als basis beleid op te nemen in plaats van “zorg” mede uit economisch belang.
Conclusie
Een gezonde stad is op de korte en lange termijn van enorme economische waarde door de optimale samenhang die wordt bewaakt door zelf en samen redzaamheid te stimuleren en faciliteren, en speculatie te ontmoedigen en voorkomen. Een netwerk van gezonde steden zal uiteindelijk veel van de kritieke knelpunten van de huidige economische wereld oplossen en de leefbaarheid herstellen die nu zwaar is aangetast in de meeste gebieden. Voorwaarde voor de gezonde stad ontwikkeling in een transitie is dat de oude machtscultuur rond speculatieve belangen ophoudt te bestaan en vervangen wordt door waarden gedreven, lokale en eventuele interlokale co-creatie. Dat loslaat proces is misschien het lastigste van alles omdat macht zich niet gemakkelijk vrijwillig laat ontzetten. Tegelijkertijd moet de bevolking weer leren voor zichzelf op te komen in positieve productiviteit. Daarom gaat dit proces geleidelijk en nooit in een keer omdat dat laatste een enorme chaos zou opleveren die erger is dan de oude, vervuilde speculatieve werkelijkheid.
Introductie: Sinds 2009 is de Stad van Morgen bezig met de integrale transitie van een gestuurd onderwijs naar een participatieve leerweg, georiënteerd op bewustwording, menselijkheid en duurzame menselijke vooruitgang. Wat ligt er aan de visie ten grondslag. Waarom bestaat het spanningsveld tussen een oud onderwijsbeeld en een evolutionaire stap? Welke belangen spelen en waarom zal de transitie plaatsvinden ondanks allerlei blokkerende obstakels?
Prikkelend of oervervelend onderwijs?
College: Allerlei initiatieven op gebied van “onderwijs vernieuwing” ontstaan in de vrije markt van onderwijsaanbod in Nederland. Maar het inspectiebeleid is nog steeds gericht op rationele fundamenten vanuit oude industriële denkwijzen over arbeid en maatschappelijke bijdrage in een geldafhankelijke economie. Het onderwijssysteem is afhankelijk van de geconditioneerde geldstromen waardoor vernieuwing geen echte vrije markt kent. Hoe breken we daar doorheen? Met welke argumenten en middelen? Zijn er voorbeelden die ervaringen willen delen?
Jacqueline de Theije is te gast. Zij heeft na jaren van voorbereiding eindelijk de Democratische school te Eindhoven op kunnen zetten en openen in September 2014. Jacqueline vertelt over haar ervaring.
Jean-Paul Close: Is visionair over de evolutie van de mens en de menselijke complexiteit, meervoudig auteur, initiatiefnemer van de Stad van Morgen, het democratiemodel Sustainocratie en de vele samenwerkingsvormen die daaruit zijn ontstaan, zoals AiREAS, FRE2SH en STIR Academy, grondlegger van een nieuw maatschappijmodel waartoe hijzelf uitnodigt.
Nicolette Meeder: Is in 2009 ingegaan op de uitnodiging en experimenteert met concepten zoals FRE2SH en de STIR Academy om zo een inspiratie netwerk op te bouwen van zowel duurzame menselijkheid, Sustainocratie en de transitie die gaande is.
Voor wie: ondernemers, medemensen, beleidmakers of uitvoerders, pioniers, vernieuwers, zoekenden, verbinders, studenten en andere lerenden, enz. Kortom, een ieder die de ontwikkelingen van deze tijd een persoonlijk of professioneel plekje moet geven en met de vele veranderingen om dient leren te gaan of ze zelfs vorm geven.
Kosten: 5€ leden, 10€ niet leden of 1 AiREAS munt (voor de kosten van koffie)
De blogserie “de grote omslag” wordt U aangeboden door Jean-Paul Close, de bedenker van Sustainocratie en maatschappelijk ondernemer met AiREAS, FRE2SH en STIR Academy binnen de context van de Stad van Morgen. De grote omslag verwijst naar het intense en complexe, evolutionaire proces dat de mens doormaakt en leidt tot een totaal aangepaste cultuur en maatschappijvorm.
Blog 13: De wet van de tegenstellingen
In de natuur zien we het dagelijks. Een hoge drukgebied communiceert met een lage door bewegende luchtmassa’s. Het veroorzaakt allerlei weertypes die soms erg extreem kunnen zijn. Bij de mens werken soortgelijke krachten ook, in ons bewustzijn. Soms voelen we ons gelukkig en willen we het vasthouden als een zwoele zomerse dag. Een andere keer stormt het in ons bestaan alsof een herfst tornado door ons leven woedt. Net als in de natuur volgen in ons leven de seizoenen elkaar op. Dat komt door de evolutionaire wet van de tegenstellingen.
In het weer is de wet van de tegenstellingen steeds goed te zien en merken
Zonder deze tegenstellingen zou het leven op Aarde zich niet hebben kunnen ontwikkelen. De cyclische processen in natuur zorgen ervoor dat zaden zich verspreiden, allerlei grondstoffen zich blijven mengen, levensvormen met elkaar in contact komen en DNA zich verstrengeld. Zo ontstaat een evolutionair patroon waarin perioden van groei, chaos, verandering en stabiliteit zich afwisselen. Allerlei cycli lopen door elkaar heen en beïnvloeden elkaar waardoor er een complexiteit ontstaat die veelal lastig te doorgronden is. Denk bijvoorbeeld aan de klimaatbeïnvloeding van de 7 jarige golfstromen el Nino en la Nina.
De mens is onderdeel van deze evolutionaire wervelwind. Wij zijn zelf voortgekomen uit die complexiteit van tegenstellingen als evolutionair product van het aanpassingsvermogen van het leven. Ons zelfbewustzijn maakt ons een getuige van deze processen, in tegenstelling tot de soorten die niet bewust zijn van zichzelf. Die tegenstelling geeft ons een voordeel zodat wij het eigenbelang kunnen beredeneren terwijl andere soorten hier intuïtief mee omgaan. Als we de wet van de tegenstellingen toepassen op de mens alleen dan zien we dat de natuurlijke cyclussen ook op onszelf, onze maatschappijvormen en economieën van toepassing zijn. We kunnen dit in het opkomen en in verval raken van grote tijdperken zien in onze geschiedenis. Ook analisten, zoals de econoom Kondratiev, hebben de cycli geconstateerd en trachten te beschrijven.
De economische cyclus is gerelateerd aan de menselijke psychologie en bewustzijn
Omdat wij een zelfbewust wezen zijn leren wij gaandeweg van ons levenspad en ervaringen. Zo doorgronden wij deze evolutionaire weg en kunnen wij een bepaalde manier de evolutionaire krachten naar onze hand zetten. Dat gaat niet zonder moeite. Want de grootste veranderingen gebeuren pas bij de grootste tegenstellingen. Ook ons bewustzijn ontwikkelt zich het meest bij de grootste spanningsvelden.
Ogenschijnlijke harmonie
Ondanks alle veranderingen lijkt de natuur steeds in harmonie. Dat is precies de leerweg die de mens nog moet ondergaan. Terwijl we constant bezig waren met onszelf, ons eigenbelang, in de basale processen van groei en onderlinge concurrentie, besteedden we nergens anders aandacht aan. Ons bewustzijn was en is meestal nog steeds gericht op winst ten kosten van alles. Dat is onderdeel van een natuurlijk, elementair groei instinct dat alle soorten in zich hebben. De Aardse omgeving was zo groot dat deze als oneindig werd ervaren. Obstakels werden vooral door de mens zelf gecreëerd. Men kon dan uitwijken, vechten of onderhandelen. De wereld om ons heen leek altijd onveranderd en werd ervaren als vaststaand feit. Schijn bedriegt door het blinde onbewuste.
Er veranderde wel degelijk veel. De bevolkingsgroei naar 1 miljard mensen op aarde ging redelijk onbewust met veel onderlinge strijd en territoriale concurrentie alsof de verschillende maatschappijen concurrerende soorten herbergden. De groei naar 2 en daarna naar ruim 7 miljard mensen ging niet ongemerkt voorbij. Dreigingen van onszelf werden exponentieel groter, confrontaties waren niet meer te winnen, alleen te verliezen en uitwijkmogelijkheden beperkt door overbevolking. De traditie van vervuiling, misbruik van onze omgeving, overconsumptie en vernietiging werd niet meer opgevangen door de natuur zelf maar begon deze aan te tasten. In 1000 jaar tijd roeiden wij 30% van alle diersoorten uit waardoor de natuurlijke diversiteit en harmonie verstoord raakte. Binnen 100 jaar roeien we nog eens 30% uit. Structurele ontbossing, afvallozing in de zeeën, overbevissing, verbranden van inefficiënte brandstoffen, enz zorgden voor de natuurlijke reactie binnen de wet van de tegenstellingen, zoals de opwarming van de Aarde, uitstervende planten en diersoorten, uitdroging van grote stukken landbouwgrond, enz. Dat had natuurlijk ook weer gevolgen voor de mens. We trokken massaal naar steden, armoede migraties groeiden met de dag, bekende en onbekende ziektes deden hun entree en harmonieus welzijn verdween gaandeweg naar de ultieme grote tegenstelling: chaos.
De veel beschreven parallel natuur van geldgedreven economie is gebaseerd op de dierlijke hebzucht van groei en concurrentie van de mens maar verstoken van moraal, ethiek en bewustwording. Net als de exponentiële groei van de mens verstorend was voor de natuur deed de geldbeluste economie daar een schepje bovenop door het bewustzijn te verwijderen uit menselijke consumptie en productieprocessen. Men kan dan wel het bewustzijn weg proberen te poetsen maar de natuur doet dat niet. De wet van de tegenstellingen zorgt dat deze in volle hevigheid terugkomt door catastrofes en ellende die ons als mens en maatschappij keihard raken. Zo worden ook de economieën verstoord waardoor wij weer voor de poort van de volgende stap in het bewustzijn komen te staan. De grote omslag is dan een natuurlijk gevolg. De grote vraag is dan: wat komt daarna?
Complexiteiten model
Toen mijn complexiteiten model ontstond kwamen ook de tegenstellingen in beeld die ons steeds sterker bezig gingen houden. Het voor het eerst dat er een kijkje genomen kan worden in de turbulente combinatie van organisatie en actie met bewustzijn en spiritualiteit. Deze innerlijke drijfveren zorgen voor de energetische stroming tussen uitersten in tegenstellingen. Omgaan hiermee voedt ons bewustzijn. De poort van dat leerproces ligt tussen chaos en verandering. Alleen bij de pijn van het loslaten van groei en in de strijd van concurrentie en aanpassingsvermogen ontstaat onze vooruitgang. Dat op zichzelf lijkt al een tegenstelling juist omdat wij harmonie en gemak als vooruitgang ervaren, niet pijn en verandering.
Dankzij tegenstellingen ontwikkelt zich het leven én de maatschappij
Daarom zien we dat de meeste baanbrekende innovaties zijn ontwikkeld in oorlogstijd en hun weg vonden naar de maatschappelijke ontwikkelingen in tijden van grote onrust, depressie en chaos. In tijden van vrede en vermeende voorspoed was er alleen groei in hebzucht maar amper een vernieuwingsdrang. In tegenstelling tot de mens gaat de natuur om met de dynamiek van tegenstellingen waardoor er altijd een zoektocht is naar harmonie. Dat is precies de grote omslag die mens in haar bewustzijn aan het maken is. In onze evolutionaire processen hebben wij miljoenen jaren ons uit kunnen leven in groei en onderlinge concurrentie. Maar de grenzen zijn bereikt. De volgende fase is aanpassing vanuit bewustzijn en streven naar harmonie, niet alleen onderling maar ook met onze natuurlijke omgeving. Wat betekent dat voor onze samenlevingen, economie en activiteiten?
Ná de grote omslag
De huidige maatschappelijke organisatie is verweven in groeiprocessen. De weg naar de toekomst is de herpositionering van de maatschappij, niet meer gebaseerd op groei maar op harmonie. In dit filmpje van 2012 geef ik het proces weer zoals we het in de Stad van Morgen toepassen in AiREAS, FRE2SH en STIR Academy.
Het filmpje geeft een route aan die de chaos omzeild. Dat is een zelfbewuste route die vorm wordt gegeven door mensen die wel degelijk de chaos hebben meegemaakt voor zichzelf en daardoor zijn doorgestoten tot het nieuwe bewustzijnsniveau. Als we dit koppelen aan de grote uitdagingen waar we voor staan in de wereld dan kunnen we met redelijk gemak uitkomen op samenwerkingsmodellen zoals AiREAS voor gezonde steden en FRE2SH voor zelfredzaamheid en productiviteit. Dat wil niet zeggen dat deelname aan deze samenwerkingsverbanden een organisatie vrijwaart van crisis en chaos. Het schept wél de mogelijkheid om er gedoseerd en zelfbewust mee om te gaan. Dat laatste vergt veel moeite voor bestuurders die verwikkeld raken in dit soort processen omdat zij aangesteld zijn in een dynamiek van groei en concurrentie, en zich ontpoppen in leiderschap voor verandering en harmonie. Het spanningsveld van de chaos verlegt zich op die manier van buiten de organisatie naar binnen om te komen tot een bezieling van de rol die men speelt in de grote uitdagingen van deze wereld. Dat is geen geldgedreven reflectie meer maar een gebaseerd op waarde creatie en meerwaarde ontwikkeling.
De nieuwe maatschappij van morgen is er een die nu al ontstaat en zich niet richt op groei maar op harmonie. Binnen die maatschappij speelt groei, chaos en verandering nog steeds een belangrijke rol maar de stimulans gaat niet meer naar de collectieve groei maar de onderlinge samenhang. De samenhang is niet statisch maar dynamisch, net als in de natuur. Zo leren we onszelf steeds weer aan te passen, persoonlijk maar ook met onze organisatievormen. Het enige wat we nodig hebben is een permanente “stip op de horizon” die als een soort baken onze koers bepaald. Dit is geen economisch baken maar een van duurzame menselijke vooruitgang. Daar kan een economie aan worden ontleend maar deze is een gevolg, geen doel op zich. Vandaar dat wij in de Stad van Morgen dit de naam Sustainocratie hebben gegeven, de democratie met een duurzame menselijke missie, en voorzien van een definitie waar we dagelijks verantwoordelijkheid voor kunnen nemen in onze permanente zoektocht naar harmonie door de aanvaarding van constante verandering:
“Samen blijven werken aan een gezonde, vitale, veilige, zelfbewuste en zelfredzame menselijke maatschappij binnen de context van onze aldoor veranderende natuurlijke omgeving waarin we leven en ons ontwikkelen”.
Galblaas en spijsvertering
Toen een jaar of 6 geleden mijn galblaas acuut verwijderd moest worden moest ikzelf en mijn lichaam zich daarna aanpassen. Bepaalde stoffen in mijn eet en drinkgewoonten sloegen mijn darmen dicht en ik verging van de pijn in mijn bovenbuik. Dat duurde zo’n 4 dagen waarbij ik als bijverschijnsel geen enkele motivatie kon vinden om positief in het leven te staan. Verschillende medische onderzoeken in maag, dunne darm en dikke darm konden geen afwijkingen aantonen. “We kunnen niets vinden”, was het onbevredigende resultaat.
Al experimenterend met mijn menu kon ik redelijk de problemen voorkomen maar had nog geen vinger kunnen leggen op de problematiek, behalve dat het te maken had met de harmonieuze werking van mijn spijsvertering. Als dat weer op gang was gekomen verdwenen de klachten, kwam de darmwerking en eetlust terug en ook mijn positieve gemoed.
Van de week was het weer zover. “Iets” had mijn darmevenwicht verstoord en ik verging van de pijn. Ik kon geen voedsel door mijn keel krijgen. Alles zat verstopt. In de krant stond een artikel over walnoten. Ik was nieuwsgierig want in ons FRE2SH project staan 3 gezonde notenbomen en we waren op zoek naar een bestemming voor de overvloed elk jaar. Van de productie van vorig jaar hadden ik nog een pot vol gepelde noten staan.
Walnoten voorraad
Ook al repte het artikel niets over de werking van walnoten besloot ik er toch een in mijn mond te doen, al was het maar om erop te zuigen. Mijn verrassing was compleet! Op hetzelfde moment dat ik het nootvlees op mijn tong lei verzachte de pijn in mijn ingewanden. Een wonder! Ik predik wetenschappelijk over de moleculaire samenhang van het leven maar deze snelheid overtrof elk medicijn van de farma industrie. Instantaan. Ik had nog niet eens gekauwd laat staan iets doorgeslikt. Met het kauwen voelde ik mijn darmen in beweging komen en alle pijn verdween als sneeuw voor de zon. Ik kon ineens normaal functioneren. En dat met één noot?!.
Direct ging ik op internet op zoek naar meer informatie. Naast boeiende inzichten over zuurstof in cellen in relatie tot kanker trof ik één veelbetekend zinnetje dat mijn bewustzijn extra roerde “het beïnvloedt de doorstroom van gal”.
Aha! Mijn galblaas was weg dus overvloedige galproductie wilde een weg zoeken door weefsel en haarvaten maar had geen opslag meer. Het kon zich gemakkelijk ophopen en een verstopping veroorzaken. De gal heeft kennelijk meerdere belangrijke functies in het spijsverteringskanaal. Naast het helpen afbreken van vetsoorten blijkt het ook een sleutel te bevatten om de dunne en dikke darm in beweging te krijgen voor een goede doorvoer. Als de gal hapert of verstopt raakt dan is het systeem gestopt. Door stoffen in de walnoot raakt de galstroom weer op gang en begint de rest van de spijsvertering ook weer door te stromen.
Echt een praktische openbarig voor mij terwijl ik mij bezig houd met de theorie. Hopelijk helpt het anderen ook.
Meer info over walnoten of FRE2SH:
nicolette.meeder@stadvanmorgen.com (0654282812)
De Stad van Morgen (Stichting STIR) hanteert het complexiteiten-model van Jean-Paul Close om de grote uitdagingen inzichtelijk te maken waar de mens lokaal en in de wereld mee te kampen heeft. Dit leidt tot een groot aantal ingrijpende vernieuwingen en bijbehorende spanningsvelden. Close en zijn team van betrokken maatschappelijk ondernemers (Sustainocraten) worden vaak gevraagd om er over te vertellen op podia in binnen en buitenland. Dat komt onder andere omdat vanuit de Stad van Morgen het voorbeeld wordt gegeven in een concreet onderdeel van de transitie, de waardengedreven co-creatie.
AiREAS, STIR Academy en FRE2SH zijn daar voorbeelden van met betrokkenheid van duizenden mensen en evenveel functies. De invloed van deze maatschappelijk transities zijn zodanig zichtbaar dat het de nieuwsgierigheid en steun opwekt van bestuurders, ondernemers, wetenschappers en bevolkingsgroepen.
In de rest van de wereld zijn er soortgelijke groepen actief. Zij leveren ook baanbrekende innovaties die de oude wereld versteld doen staan en tot voor kort voor onmogelijk werden gehouden. De huidige reeks avondcolleges zijn proefsessies van Close om visies en ontwikkelingen te delen die in de wereld zichtbaar worden en ze een logische plek te geven in de transitie. De vraag die Close steeds aan zijn publiek stelt is: “Wat doen we met die inspiratie voor onszelf?”
Voedsel en mobiliteit
Twee colleges hebben al plaatsgevonden volgens deze aanpak. De thema’s sluiten aan op de waardengedreven actualiteit van “Global issues, local solutions, global application”, ofwel wereldwijde problemen eerst zelf lokaal aanpakken voor eigen gebruik.
Voedsel: Het college ging over de basisbehoefte voor de mens om zich te voeden en de afstand die wij tegenwoordig hebben tot de oorsprong ervan. Het bewustzijn dat gepaard gaat met de levenswijsheid over ons voortbestaan, de kwaliteit van het leven en onze relatie met de natuurlijke omgeving wordt teniet gedaan waardoor er situaties kunnen ontstaan zoals de klimaatverandering, opwarming van de Aarde, vervuiling, uitdroging van de Aarde, hongermigraties, enz. In het belang van de mens zelf als zelfbewust wezen is het nodig dat we onze relatie met de natuur herstellen, met name om er weer met een vorm van ethiek en gewetensbesef mee om te gaan. We zijn zo afhankelijk geworden van geld en de macht die eraan ontleend wordt dat we ons de basisvragen van ethisch bestaan niet meer stellen. We achten de schijn van overvloed normaal terwijl onze aandacht uitsluitend naar consumptie gaat, totdat een enorme crisis ons treft. De grote omslag dat door voedsel wordt veroorzaakt is niet zo zeer de terugkeer van intensiteit van arbeid op het platteland maar vooral die van onze verantwoordelijkheid naar onszelf door op zelfbewuste wijze om te gaan met onze natuurlijke omgeving en invulling van basisbehoeften. Het bewustzijn van ons eigen moleculaire bestaan, de interactie met microscopisch kleine levende wezens en de behoefte aan water en energie laat zich doordringen in ons gewetensbesef op het moment dat de schijn van overvloed plaats maakt voor schrijnende tekorten. Overal in de wereld is dat zichtbaar en komt steeds dichterbij. Voedselbanken, daklozen, werklozen, enz zijn zichtbare groepen die steeds meer moeite hebben om zich toegang te verschaffen tot de geldafhankelijke circuits. Er ontstaan initiatieven om voedsel (en drinkwater) dichter bij de medemens te brengen door consumptie en productiviteit weer aan elkaar te koppelen. In de 65% verstedelijking van de wereld is dat een enorme uitdaging, enerzijds door gebrek aan betrokkenheid van de stadsmens, anderzijds door de ruimtelijke en logistieke problematiek in en rondom steden voor effectieve voedselproductie en voorziening. Hoe zit de stad van morgen eruit? Een afhankelijkheid bolwerk in een wereldwijd machtspel? Of een parelende schakel van zelfredzaamheid en onderlinge harmonie?
In Eindhoven en omgeving experimenteert de Stad van Morgen met het FRE2SH concept dat de stedelingen uitnodigt zich coöperatief te betrekken bij hun eigen voedselvoorziening. Dat gebeurt enerzijds door een netwerk van boerderijen in de buurt van de stad in beheer te nemen en vruchtgebruik af te stemmen op burgerinzet, en anderzijds door een oude industrieel pand in Eindhoven te benutten voor indoor voedselproductie in een nagebootste natuurlijke omgeving. De ervaringen die opgebouwd worden worden gedeeld met de wereld middels dit soort colleges waarbij vooral het onbewuste en bewustzijn van de mens aandacht krijgt.
Mobiliteit
Het college vroeg zich af waarom er zoveel mobiliteit is van mensen? Wat bezielt de mens om zich zo heen en weer te bewegen? Het lichamelijke aspect van de mens heeft er in onze oorsprong voor gezorgd dat wij mobiel zijn om te zorgen voor onze voedselvoorziening. Maar nu voedsel voorverpakt en voorbereid aanwezig is in de supermarkt zou de behoefte aan mobiliteit zich hooguit beperken tot bevoorrading vanuit winkels en recreatie van de mens. Wat veroorzaakt dan al die verkeersopstoppingen en bewegingen van mensen van hot naar haar? De oorzaak wordt gevonden in wat wij “economie” noemen, ofwel onze afhankelijkheid van een geldsysteem. Om toegang te krijgen tot voedsel in winkels heeft men eerst geld nodig. Om aan geld te komen dienen wij te werken in een systeem. Het woon werk verkeer is een intense bezigheid waar een infrastructuur en activiteit mee is gemoeid.
Mobiliteit is niet voedsel gerelateerd maar geld
Het doel is niet om aan voedsel te komen maar aan geld. De voedselproductiviteit en stromen zijn weer een ander circuit dat er voor zorgt dat de voorzieningen dicht bij ons terecht komen in supermarkten en winkels. Mens en voorzieningen zijn redelijk dicht bij elkaar te vinden maar om met elkaar om te kunnen gaan in de nabijheid moet men bij wijze van spreken eerst de wereld rondreizen. Hoe groter de afstanden des te meer “economie” ook al ligt consumptie en behoeften invulling op meters van elkaar. De mobiliteit zelf is een belangrijk onderdeel van de economie. De voertuigen, infrastructuur, dienstverlening, het energieverbruik, parkeren, enz zijn allemaal geldafhankelijk en gedreven activiteiten waar een hele bureaucratie en geldsysteem aan wordt ontleend.
Close toont aan dat op elk front binnen mobiliteit exponentiële groeicurves te zien zijn die allemaal op zichzelf al tot een crisiselement zijn aangeland. De explosieve groei van de wereldbevolking en geldgedreven, systeemafhankelijke mobiliteitsbehoefte zet het crisisstuk alleen maar verder onder druk. Close maakt in de hele transitie discussie onderscheid tussen twee innovatie stromen:
* de systeemdenkers: dat zijn de mensen die mobiliteit en geldafhankelijkheid zelf niet ter discussie stellen en in het fragment van probleemsituaties vernieuwingen introduceren. We denken dan aan kleinere of zuinigere voertuigen, nieuw openbaar vervoer, ander vormen van energie, aangepaste infrastructuur, parkeerbeleid, enz.
* de cultuurveranderaars: dat zijn degenen die mobiliteit en geldafhankelijkheid wél ter discussie stellen en bijdragen aan het transformeren van de maatschappij door basisbegrippen van menselijkheid (gezondheid, veiligheid, voeding, enz) te koppelen aan bewustzijn, zelf en samen-redzaamheid, experimentele nieuwe omgangsvormen, toegepaste wetenschappen, enz. Als men dit doorvoert tot een uiterste dan zou geld en mobiliteit in zijn geheel teniet doen en in tussenfasen wellicht leiden tot vele directere lokale economieën en waardecreatie.
Spanningsveld
Zoals altijd is er een spanningsveld tussen de systeemdenkers en cultuurveranderaars waarin crisis en chaos een belangrijke rol speelt om beiden te voeden met een innovatiedrang. Stad van Morgen verbindt beide partijen door een hoger menselijk doel te stellen vanuit de definitie duurzame menselijke vooruitgang. Hierin kan zowel de systeemtransitie én cultuurverandering zich op elkaar afstemmen voor bevredigend resultaat voor beide uitersten. Zo is AiREAS actief op gebied van luchtkwaliteit en volksgezondheid waarin zowel infrastructuur, mobiliteit en energieconsumptie als gedragsverandering, sociale innovatie en bewustwording een even fundamentele rol spelen. Dan blijkt het spanningsveld zich niet te uiten in onderlinge strijd maar juist elkaar aan te vullen in de complexiteit naar nieuwe harmonieuze verhouding.
Het volgende proefcollege is op 22 oktober en gaat over gezondheid en zorgsystemen
Het probleem:
“Wij zijn de eerste generatie die last heeft van de klimaatverandering en de laatste die er wat aan kan doen” (Jay Inslee, gouverneur USA en doorgetweet door President Barack Obama).
We kunnen altijd wat doen maar moeten vooral beginnen
De consequenties zijn erg groot als we het niet doen. Nederland is nu al risicoland nummer 1 op gebied van bevolkingsaantal (47%) dat door stijgend water wordt getroffen. China is nummer 1 door het aantal mensen dat getroffen wordt (50 miljoen).
Als je nummer 1 bent moet je er ook naar gedragen. De watersnood ramp van 1953 heeft ons veel geleerd. Maar genoeg?
Wetenschappers voorspellen dat de mens bezig is om de geschiedenis in te gaan als de 6e catastrofe van massa uitroeiing op Aarde, de enige die het doet vanuit zelfbewustzijn. De andere 5 waren meteoren en vulkanen.
De mens roeit 100% van zichzelf uit als we onze samenleving niet structureel aanpassen. Bron: Maandblad Wetenschap in Beeld
De oplossing
Bewustwording leidt tot verandering. Daar zitten enorme innovatieve kansen voor de risico landen. Eigenbelang is de beste motivator. Voor de individuele medemens zijn de wereldproblemen en consequenties echter zo enorm en abstract dat men gemakkelijker denkt dat het wel voorbij gaat dan de oplossing bij zichzelf te leggen.
Dit is niet de oplossing, hoe aantrekkelijk het ook lijkt (foto: Occupy)Geld is ook niet de oplossing, de manier waarop er macht aan ontleend wordt staat de oplossingen wél in de weg
10 jaar geleden vroeg ik mij af wat de oplossing zou zijn? Moest ik kritisch blijven naar overheden, bedrijven en medemens? Nee, want dan ben ik afhankelijk van anderen en ga ik het leven door met frustratie en gevoel van machteloosheid. Zelf verantwoordelijkheid nemen was voor mij de oplossing, maar hoe, op welke manier? Ik kon geen aanvaardbare definitie vinden voor duurzame menselijke vooruitgang waar ikzelf dagelijks iets mee kon. Daarom heb ik er een zelf gecreëerd waar ik naar ben gaan leven en uiteindelijk anderen toe ben gaan uitnodigen het ook te doen.
Deze definitie werkt wonderbaarlijk wel als je het ter harte neemt en je eigen leven ernaar aanpast.
Deze blog reeks van 20 over de grote omslag wordt u aangeboden door Jean-Paul Close, oprichter van de Stad van Morgen en initiatiefnemer van ingrijpende maatschappelijke veranderingsprocessen. Hij legt uit waarom, hoe en waar naar toe. Vaak is dit anders dan wat u in de pers of door de politiek te horen krijgt. Ook dat heeft een reden. Deze 9e blog gaat over wonen.
Blog 9 – wonen
Voor de meeste mensen is wonen een vorm van verlengstuk van hun persoonlijkheid, een omhulsel dat beschermt tegen weer en wind met afzondering van andere mensen om zo een eigen territoriumgevoel te krijgen. “Thuis” is een emotioneel geladen begrip dat zorgt voor rust, eigenheid en veiligheid. Thuis kan men zijn wie men is. Buitenshuis worden ook andere dingen verwacht die te maken hebben met de complexiteit van het leven, de cultuur en regels. Binnenshuis heerst veelal een klein mini-universum van duurzaam evolutionair menselijk leven: de persoon en het gezin.
De grote omslag in het aspect wonen is veel omvattend. Wonen heeft namelijk ook een fundamentele betekenis binnen de relatie van de individu met de omgeving. Het gaat hier dan niet om het simpele begrip “een dak boven het hoofd” maar de verhouding “wonen en samen leven” of “wonen in wederkerigheid met de omgeving”. Wonen geeft betekenis aan maatschappij als het zich verbindt met gemeenschapszin. Het is een wederzijdse overeenkomst van privacy, welzijn en samenhorigheid.
Vooral in dat aspect is de omslag ingrijpend, als maatschappij en als burger omdat we een maatschappij hebben geschapen waarin wonen ongeschikt is gemaakt aan economie in plaats van maatschappij. Wonen is een economische melkkoe voor banken, overheden en woningcorporaties.Dat zal veranderen.
“Behoorlijke huisvesting”
Deze term is ontstaan in de jaren 80 van de vorige eeuw toen sociale wetgeving op basis van mensenrechten zich met veel moeite introduceerde in Nederland. Amper 30 jaar geleden dus! Vóór die tijd was huisvesting een functioneel begrip dat werd gerelateerd aan arbeid en status. Vrijheid, huisvesting en leefbaarheid werden niet direct met elkaar in verband gebracht. En nog steeds is het een geladen thema onderhevig aan allerlei machtssituaties. Zo is vastgoedmarkt nog een groot machtbolwerk. Maar daar komt verandering in. Economie is geen maatstaf meer voor welzijn en stabiliteit. Kijk naar alle leegstand in steden en op het platteland terwijl tegelijkertijd mensen uit huis worden geplaatst wegens betalingsachterstand. Duurzame productiviteit en samenhorigheid zijn wel maatstaven voor welzijn maar die zijn slachtoffer geworden van materialisme en speculatie. De mens wordt bewust dat de huidige vorm van economie een gevaar vormt en samenwerking de oplossing biedt. De eerste plek waar dat gebeurd is in de straat, buurt en wijken. Thuis heeft dan een functie in relatie tot een actieve omgevingsbeleving, zoals gezondheid en veiligheid maar ook gezelligheid en plezier. Er wordt steeds meer betrokkenheid en verantwoordelijkheid gezocht naar deze relatie ook in andere functies, zoals voeding (eetbare tuinen) en energievoorziening (zonnepanelen).
Download hier een boeiende, op internet gevonden analyse over “behoorlijk woonrecht” in Nederland.
Anno 2014 gelden juridisch gestaafde voorwaarden voor sociaal woonrecht en zelfs de kwaliteit van het wonen. Dat op zichzelf is al een enorme omslag die in de naoorlogse periode van de eerste wereldoorlog in 1919 in het eerste mensenrechten verdrag van Versaille werd voorgesteld. In de praktijk bokst het begrip van menselijkheid nog steeds op tegen de onmenselijke materialistisch belangen die regelmatig de overhand nemen en eenzijdig tot crisissen leiden. Het is echter goed om te weten dat er nu sociaal recht bestaat en in artikel 22 van onze wetgeving voor “behoorlijke huisvesting” redelijk wordt getypeerd. Het is belangrijk dit ook op te eisen en aan te vullen met eigen verantwoordelijkheid.
Het gaat daarbij ook om het wonen in een gezonde en veilige omgeving.
Dat dit gezien wordt als maatschappelijke verantwoordelijkheid leidt tot de vraag “wie is er verantwoordelijk”? En “hoe ver gaat deze verantwoordelijkheid”? Denk bijvoorbeeld aan de kennis die is ontstaan de laatste jaren over bodem en luchtvervuiling, asbest, energiemisbruik, effecten van luchtvervuiling, afval, enz. De woonwet legt een kader neer maar er is meer. Leg de verantwoordelijkheid bij een ander en deze oefent macht uit door afhankelijkheid. Leg de verantwoordelijkheid bij jezelf en er ontstaat een waardengedreven interactie met de omgeving.
Bewustzijn en inzet
Toen ik jarenlang de wereld rondreizend door wisselende internationale directie functies was huisvesting vooral gerelateerd aan mijn zakelijke missies. Nooit heb ik in de wereld huisvestingsproblemen ervaren, behalve bij terugkeer naar Nederland. Er was een enorme wachtlijst (5 jaar) voor huurwoningen, de private huursector bleek exorbitant duur en een koophuis was alleen toegankelijk als men een arbeidscontract kon overleggen. Voor het eerst werd mij duidelijk dat huisvesting geen automatisme is noch een vaststaand feit. Er is een duidelijke relatie met de manier waarop de omgeving met huisvesting om gaat. In Nederland is vastgoed een economisch machtsinstrument dat door banken, overheden en semioverheden (woningbouwcorporaties) wordt gebruikt en misbruikt voor economisch eigenbelang. Sinds de jaren 70 zijn de stenen in de maatschappij machtiger geworden dan de menselijke productiviteit. Dat hebben we al gezien in de blog over geld. Een groot deel van ons maatschappelijk welzijn is gerelateerd aan de speculatie rond geld, grond en gebouwen met bijbehorende systeemslavernij voor de mens tot gevolg. Voor een 25 jarige hypotheek is men gedurende dezelfde tijd gebonden aan het vinden van een arbeidscontract dat voldoende winstgevend is om de kosten af te dekken, zelfs als deze uiteindelijk het meervoudige kost door rente en kosten dan het oorspronkelijke aanschafbedrag. Anders raakt men de woning kwijt. Dat is asociaal en niet rechtvaardig. Vaak ontstaan in crisissituaties nieuwe waardesystemen en samenwerkingsvormen die waardevoller zijn dan het geld. De machthebbers dwingen echter geldafdracht in plaats van alternatieven. Zo ontstaat een machtsysteem dat de sociale mensenrechten in de weg staan.
In verschillende steden slapen al mensen in hun auto of een tent terwijl er in de vastgoedwereld leegstand heerst dat leeg fiscaal aantrekkelijker is dan met een bestemming voor materieel arme mensen. In een geldgedreven maatschappij zijn mensenrechten alleen toegankelijk voor hen die het kunnen betalen. Mensen die met waardecreatie bezig zijn worden niet gekend. Daar komt verandering in.
Burgerparticipatie
Sinds de jaren 70 is het begrip burgerparticipatie geïntroduceerd. Vóór die tijd had de burger niet veel te vertellen maar gaandeweg was de beleidbeinvloeding van burgers en later, na 2000, de eigen verantwoordelijkheid middels initiatieven, een maatschappelijk groeiend thema. Prof. Laurens de Graaf van de Universiteit van Tilburg heeft deze 40 jarige ontwikkeling in kaart gebracht op een boeiende manier. Toch is hij verbaasd over “de doorbraak stap” van de Stad van Morgen met Sustainocratie. We draaien de wereld namelijk om. De bevolking draagt een maatschappij middels sociale inzet met hulp van de instanties en innovaties. Systeem wordt hulpmiddel niet dominant sturend. Daarmee experimenteren wij in de steden en erbuiten met AiREAS en FRE2SH.
Van belang in deze evolutie is het besef dat vrijheid in een gestructureerde maatschappij gepaard gaat met een leerproces over hoe we met die vrijheid omgaan. En ook hoe de traditionele autoriteiten transformeren van een historisch autoritair bolwerk naar een faciliterend, multidisciplinair, dynamisch netwerksysteem.
Wanneer we als burger meer bewust worden van onszelf (zie blog 1 over mensbeeld) en onze omgeving door kennisontwikkeling, omstandigheden en wens tot samenhang dan gaan we er ook anders mee om. We leggen de verantwoordelijkheden niet zo gemakkelijk meer neer bij een overkoepelend orgaan maar nemen veel meer zelf het initiatief. We zien dan ook enorm veel burger initiatieven ontstaan op gebied van duurzaamheid (stadslandbouw, energie cooperaties, andere mobiliteit, aangepaste woonvormen, nieuwe kijk op diensten en producten, enz) maar in verzet tegen oude, blokkerende normeringen en machtbolwerken.
Vaak begint men met de eigen woning als centrale “cockpit” voor omgevingsgerelateerde activiteiten. Sociaal of Maatschappelijk ondernemen noemen we dat. Het is vaak niet geldgedreven maar waardengedreven. Het verschil is dat men iets wil toevoegen aan de maatschappij dat we in het regerende speculatieve geldsysteem missen, bijvoorbeeld menselijkheid of anders omgaan met de natuur, onze voeding of basisbehoeften. Men investeert dan vooral liefde en inzet in plaats van geld. Men zoekt geen wederkerigheid maar genegenheid, een beetje erkenning en vooral een zinnig bestaan.
Doordat steeds meer mensen werkloos raken door de centralisering en automatisering van productie processen ontstaan er allerlei waardengedreven activiteiten die de recent verworven mensenrechten verder onderbouwen met zinnige initiatieven. Zelfs kleinschalige productiviteit en kunst komt terug in onze nabijheid. Dat schept ook een nieuwe relatie met de omgeving.
Het nieuwe wonen
Er ontwikkelt zich een nieuwe manier van omgang met de omgeving vanuit onze eigen huisvesting. We stellen eisen aan de leefomgeving vanuit gezondheid en veiligheid. Dat gaat nu zelfs een stapje verder. In vele landen ontwikkelen burgers hun eigen wijken en woningen op basis van moderne verduurzamingscriteria. Ook in Nederland zien we dit soort initiatieven ontstaan. Men begint met stadslandbouw, daktuinen, verticale structuren of deelname aan coöperatieve programma’s voor energie opwekking, voedsel zelfredzaamheid en gezondheid programma’s. In een dichtgetimmerde stad is het misschien wel gezellig door vertier op straat en de nabijheid van allerlei voorzieningen maar de afhankelijk van geld en de toenemende risico’s voor gezondheid of armoede raken veel mensen. Zij gaan op zoek naar alternatieve vormen om toch de basisbehoeften in te gaan vullen en creëren individuele initiatieven en samenwerkingsverbanden. Zij vormen bij wijze van spreken de eigen “utopia” en verwachten van de omgeving de ruimte om aan deze woon en werkwensen invulling te kunnen geven. Daarin worden innovaties toegepast die men leert via internet of het goede voorbeeld elders.
Dat laatste gaat niet zonder slag of stoot. De krachtige woningbouwcorporaties in Nederland hebben decennia lang een voorbeeldige functie vervuld voor sociale dienstverlening binnen de context van het verschaffen van een dak boven het hoofd. Het zijn echter bolwerken van macht over de huurder en een speelbal voor de materialistische eigenbelang en die van de staat. Er ontstaat een ongelijkheid in verduurzaming waarin huiseigenaren gebruik kunnen maken van hun eigen daken en infrastructuur om lasten te verlichten vanuit bewustzijn en innovatie. De sociale huursector is echter nog in de ban van de macht van standaardisatie van de jaren 50, 60, 70 en 80 met een verouderde woonvoorraad en een overheid die de huurmarkt leegzuigt wegens geld belang. In 10 jaar tijd is de huurprijs verdubbeld en er staat niets of bar weinig tegenover terwijl de kosten alleen maar stijgen. Sociaal wordt asociaal en de burgers die er iets aan willen doen komen een wetgeving tegen die veelal ingepalmd is door het doorgeslagen materialisme en bureaucratie. Dat schept een groeiend spanningsveld waarin we zien dat nieuwbouwwijken versneld, met twijfelachtige kwaliteit voor de hoofdprijs worden aangeboden. Ook de energietransitie blijft beperkt en sociale interactie met de burgers wordt nog tegengegaan.
Toch is er een sociale wetgeving die stapje voor stapje de maatschappelijke blokkade doorbreekt en de sociale partners dwingen zich open te stellen voor samenwerking met hun bewoners in plaats van tegenwerking of misbruik. Burgers worden mondiger, meer maatschappelijk en juridisch onderlegd en krijgen meer en meer support uit de omgeving. Waar de wetgeving nu nog praat over de kwaliteit van de gebouwen en omgeving als een verantwoordelijkheid waarin vooral de overheid een rol in speelt en de daarvan afgeleidde partners, ontstaat een tendens dat de burgers de rol overnemen in concrete samenwerking met instanties.
Nieuwe maatschappelijke contracten
Net als AiREAS een burger initiatief is voor het samen creëren van een gezonde stad ontstaan er allerlei burger initiatieven die de gebieden dynamisch, open en vooruitstrevend maken. Vanuit de ruimte die sociale rechten scheppen en de inzichten die wetenschap, zelfredzame behoeften, innovaties en zingeving instaat snel en effectief een vernieuwende maatschappij met een geheel ander gezicht.
Wonen is niet meer een plek om je privé terug te trekken en van waaruit men gaat studeren, werken of recreëren. Wonen is in toenemende mate een zelfbewust verbintenis met de omgeving waarin iedereen een steentje bijdraagt aan het groter geheel, alleen of samen. Daarin zoekt men de wederkerigheid die mogelijk is volgens de omstandigheden waarin men leeft maar altijd volgens de inzichten van duurzame menselijke vooruitgang. Burgers werken samen met de woningbouw voor eigen onderhoud en innovaties, zorgen voor hun eigen leefomgeving binnen vooropgestelde kaders maar met grote vrijheid en zoeken cohesie door wijkgedreven projecten en dienstbaarheid naar elkaar.
Zie hier enkele voorbeelden uit de Stad van Morgen zelf:
Stad platteland voorbeeldFietsroute VE2RS Stratum, duurzame initiatievenMijn wijk projecten
Fruitbomen in plaats van heestersNamen en initiatieven verbinden zich blijvend aan “onze appelboom”AiREAS voor de “gezonde stad” is burger initiatief
Voeg in een eventuele reactie je eigen initiatieven (liefst met foto’s en links) toe.
De maatschappij is een vorm van samenleven waaraan wij zekerheden ontlenen. We zouden ons erin veilig moeten voelen,…. en betrokken. Wanneer dit niet meer zo is dan worden we ongerust, angstig zelfs, met de bijkomstigheid dat we allerter worden over om omgeving. De spanning voedt ons bewustzijn en beinvloedt ons gedrag en de keuzes die we maken.
In 2009 zei de Chinese schrijfster Lulu Wang tijdens een gesprek over Oost en West met Jean-Paul Close “een oude Chinese opvatting leert ons dat als een mens 70% krijgt wat ie nodig heeft en 10% ergernis, de maatschappij zich vooruitstrevend ontwikkelt”.
Behoefte, noodzaak, ergernis zijn drijfveren voor inzet. Maar bewustwording zorgt dat die inzet ook waarde gedreven is. Het is allemaal een vorm van energie die zorgt dat wij open gaan staan voor prikkels die wij anders niet zouden waarnemen. Zo’n maatschappelijk spanningsveld is bewust en onbewust voelbaar maar beinvloed altijd ons gedrag en de keuzes die we maken. Het spanningsveld in beeld gebracht
Bewustzijn als veranderaar
Hoe meer we open gaan staan voor de ontwikkeling van dit spanningsveld des te meer aanspraak we maken op onze innerlijke vermogens om ermee om te gaan. Angst of onzekerheid zijn prikkels die ons motiveren op zoek te gaan naar het tegenovergestelde. We zijn bereid dingen te doen die verandering teweeg brengen bij onszelf, onze omgang met anderen en in onze opvattingen rond de diversiteit aan keuzes die we maken. Bewustwording is zo een motortje van verandering.
Verandering? Maar wat?
Bewustwording is lastig. Het raakt het geweten met praktische en ethische vraagstukken. De vragen zijn gemakkelijk te stellen maar de antwoorden erg moeilijk te vinden. Wij (Stad van Morgen) noemen dit “de complexiteit”.
Vaak is een minieme gedragsverandering al voldoende om een geheel nieuw levenspad te gaan bewandelen. Maar de som van deze minimale zelfbewuste keuzes binnen een maatschappij hebben vaak grote gevolgen. De grote lijnen veranderen daardoor ook.
Wat verandert eerst?
Grote institutionele bedrijven en overheden plannen hun toekomst door lijntjes door te trekken uit het verleden. De toekomst voorspellen kunnen zij niet. Verandering komt door innovaties die zij introduceren bij die voorspelbaarheid. De meeste doorslaggevende veranderingen beginnen dan ook klein en bijna onopgemerkt. Ze worden pas groot als belangen van klein en groot zich verenigen. En dan zijn er nog veel onvoorspelbare risicos dat iets nooit doorstoot maar ergens in het belangenspel blijft hangen. Groot is daarom vaak bureaucratisch, log en besluiteloos maar machtig. Klein is creatief, flexibel maar kwetsbaar.
Iets anders ontstaat tijdens een grote crisis. De grote belangen vallen om en scheppen ruimte voor allerlei nieuwe initiatieven. Men is ook sneller in staat om tegen of juist om samen te werken uit eigenbelang. Men is ook op groter niveau ineens “bewust” geworden.
Het thema van de avond is
“ondernemen in een complexe maatschappij”.
Introductie
Jean-Paul legt tijdens zijn introductie het verband tussen het ontstaan van het leven (de empathische, levenscheppende energetische verbondenheid op moleculair niveau) en het ontstaan van ondernemerschap (de gerichte spiegel tussen de pionier en het bedrijfsinitiatief dat ontstaat) in het gevoelsleven van een willekeurige persoon. Er ontstaat een soort opsplitsing tussen de natuurlijke persoon en de onderneming die in eerste instantie gelijk zijn aan elkaar. Daarna gaat de onderneming een eigen natuurlijk leven leiden met de transitionele levensfasen van groei, concurrentie, aanpassingsvermogen en harmonie. Omgaan met die complexiteit is vergt inzicht. Net als in de natuur ontstaat er een grote diversiteit aan ondernemingen die samen een biodiversiteit vormen en elk “empathie” zoekt met de omgeving “de markt”. Deze markt ontwikkelt zich steeds complexer. Degene die overleeft heeft die empathie op een authentieke manier weten te behouden, degene die het niet overleeft verdwijnt in de geschiedenis.
Waar we staan, waar we naartoe willen maar NIET via collectieve chaos
Tijdens het ontstaan van het industriële tijdperk kon nog worden volstaan met een relatie tussen een product en behoefte van een klant. De markt voor industriële productie moest nog ontstaan waardoor groei schijnbaar oneindige vormen kon aannemen voor een bedrijf, vergelijkbaar met de eerste minuscule levensvormen op Aarde. Pas bij de groei van concurrentie in een globaliserend tijdperk werd diversiteit een onderdeel van de markt. Gaandeweg ontstond een nieuw element dat toegevoegd werd aan ondernemerschap “de emotie van de klant bij het maken van keuzes tussen gelijkwaardige producten”. Marketing was een nieuw instrument dat de empathie tussen klant en bedrijf diende te verhogen.
Maar ook dat tijdperk heeft zijn langste tijd gehad doordat de loyaliteit van de klant, door overvloed in aanbod en verzadiging in behoeften, amper meer te binden was. Ondertussen werden de consequenties van de relatie tussen winstgedreven ondernemen in een consumptie-economie zichtbaar op gebied van misstanden, effecten op het klimaat, de relatie met de mens en milieu. De overheid belast consumptie, werkgelegenheid en ondernemerschap om de bureaucratie rond consequenties te financieren. Deze neemt exponentiële proporties aan maar lossen de problemen niet op.
Er ontstaat een moderne basis van nieuw ondernemerschap. Dit ondernemen geschied op basis van hoger empathisch bewustzijn, aangespoord door marktontwikkelingen en crisissen. We zien daarin MVO, CSR enz ontstaan om grip te krijgen op een nieuw fenomeen: “verantwoordelijkheid” waarin de nieuwe empathische band van ondernemerschap met de werkelijkheid wordt gezocht.
Jean-Paul tekent zijn piramide paradigma (2007) waarin de relatie van het product, de klant en kostenoptimalisatie wordt gecomplimenteerd met morele toegevoegde meerwaarden voor de klant (profit, uitgedrukt in iets anders dan alleen geld), maatschappij en milieu.
Piramide paradigma is gebaseerd op de menselijke complexiteit van natuuriijke vooruitgang
Tot slot verwijst Jean-Paul naar de nog een stapje hoger in complexiteit van ondernemen, zoals wordt toegepast in AiREAS en VE2RS. Daarin wordt verantwoordelijkheid multidisciplinair gedragen tussen de som van verschillende specialisaties en belangen (sustainocratie: overheid, bedrijven, wetenschap en burgers). Men draagt het ondernemen gezamenlijk waarbij de deelnemers gewaardeerd worden om hun specifieke talent en de oplossing in cocreatie bedacht worden, uitgeprobeerd, geborgen in kwaliteit en uitvergrootbaarheid om daarna aangeboden te worden aan de hele wereld in gefragmenteerde en collectieve verbanden.
Deze vorm van ondernemerschap in een uiterst complexe en uitdagende wereld schept totaal nieuwe relatie en omgangsvormen waarbij het hoger maatschappelijke doel (bijvoorbeeld luchtkwaliteit en volksgezondheid in AiREAS) vooropstaat maar de weg er naar toe onvoorspelbaar is binnen de dynamiek van cocreatie die ontstaat.
Eric van Schagen – CEO van Simac
Eric wordt aangekondigd als ondernemer die ook actief is in deze complexe wereld. Jean-Paul heeft hem uitgenodigd nadat bekend werd dat hij zijn onderneming Simac van de beurs had gehaald. Eric werd gevraagd dit toe te lichten.
Eric van Schagen is CEO van ICT bedrijf Simac met 1000 fte in dienst. Eric is geprikkeld door de introductie omdat ook hij enorm geboeid is door het ontstaan van het leven en de analogie met het ondernemen. Hij vertelt dat het bedrijf in 1971 is ontstaan omdat zijn vader de vertegenwoording wist te bemachtigen van Singer in Europa. In 1982 trad Eric in dienst bij zijn vader.
Medio jaren tachtig ontstond de behoefte om het bedrijf over te dragen aan een nieuwe generatie. In eerste instantie wilde vader van Schagen het bedrijf verkopen. Op het laatste moment ketste dit af omdat zowel vader als zoon geen goed gevoel hadden bij degene die het bedrijf zou gaan leiden. “Empathie” was een belangrijke gevoelskwestie in relatie tot “zou ik wel onder die persoon willen werken?”. Vader van Schagen confronteerde het bedrijf met de mogelijkheid dat zijn zoon het bedrijf zou gaan leiden. Dit kon alleen als hij de volledige steun zou krijgen van het team. Dat kreeg Eric en hij werd de hoogste baas.
Tegelijkertijd speelde de beursgang van Simac. Onder begeleiding van een bank werd Simac een beursgenoteerd bedrijf. “Achteraf gezien kan men zeggen dat we dit nooit hadden moeten doen”, zegt Eric, “maar in die tijd was dat een heel normale weg om aan kapitaal te komen voor groei”. Ook kon zo vader en oprichter van een goed pensioen genieten met een flink familievermogen.
De jaren die volgenden ging het bedrijf door enkele moeilijke fasen. De macht van de bank werd duidelijk toen deze de stekker uit kredietverlening trok. Het familievermogen bood toen de redding. Ook de druk van aandeelhouders werd steeds groter en gericht op geld en aansprakelijkheid. De commissarissen voerden de druk op om groei te verwezenlijken middels overnames en aggressief gedrag. De jaarverslagen groeiden uit van 16 pagina’s tot boekwerken van meer dan 200 pagina’s over alle mogelijke bedrijfsrisico’s. De relatie van aandeelhouders en commissarissen werd kouder en materialistischer zonder gevoel voor de meerwaarde van een “empathische” bedrijfscultuur. Eric werd steeds meer bewust van morele keuzes die hij moest verdediging tegen de korte termijn agressie van de beurs en media.
Eric besloot zich te bevrijden van dit spanningsveld dat ten koste ging van zijn vrijheid om te ondernemen in een complexe wereld.
Moderne bedrijfsvoering in een complexe wereld
Eric verklaart dat in de complexiteit waarin Simac zich beweegt er geen ruimte meer is voor de ouderwetse marktplannen. Hij heeft de zaak omgedraaid. De kerncompetenties van zijn bedrijf zijn te vinden in het bieden van ICT oplossingen die buiten de standaard vallen. “Binnen de standaard tref je de concurrentie van alle grote en kleinen der Aarde”, aldus van Schagen. “Als je wilt onderscheiden moet je “speciaal” zijn”. In de complexe wereld van de informatie technologie betekent dat we buiten de normen werken van de standaard. Simac bestaat uit kleine, klant en oplossingsgerichte teams die bestaan uit enorm bekwame mensen die verantwoordelijkheid delen en afleren om de baas over elkaar te spelen maar autoriteit afstemmen op de case, niet een hiërarchie. “En als het dan een keer lastig wordt en men er niet uitkomt dan ben ik er om als eindverantwoordelijke in te grijpen”.
Tijdens de presentatie vraagt het publiek, dat uit is op bewustwording, er op los. Het siert Eric enorm dat hij er open, transparant en doortastend zelfbewust mee omgaat. Er is natuurlijk een meningsverschil tussen visies over de ontwikkelingen naar de toekomst. Waar Eric een veel grotere integratie van technologie in de mens zelf ziet zijn anderen daar erg huiverig over.
Eric reageert daarop dat in de complexiteit het vooral gaat om het besef dat de onvoorspelbaarheid een feit is en het bedrijf dit als cultuur van flexibiliteit en professionaliteit dient te omarmen. Ik heb de juiste mensen en moet zorgen voor een optimale mix van ervaren ouderen en nieuwe generatie jongeren die meegenomen worden in de ervaringsopbouw van deskundigheid in aanpassingsvermogen en professionaliteit. “We houden van succes en vinden dat helemaal niet erg om ons daaraan te meten”.
Jean-Paul en Eric samen
Jean-Paul legt een verband tussen de gespecialiseerde sector complexiteit van Simac en de multidisciplinaire hoger doel gedreven complexiteit van bijvoorbeeld AiREAS door de verwijzen naar de waardekolom als kern van menselijkheid en team cohesie:
1. Erkenning van talent van elk van de teamleden
2. Gelijkwaardigheid tussen alle teamleden. Het leiderschap wordt ingegeven door de complexiteit rn het gewenste resultaat, niet de hiërarchie.
3. Veiligheid voor de teamleden, geuit in respect en zekerheid, ook als het even tegenzit. Dit mondt uit in loyaliteit en commitment.
4. Vertrouwen in elkaar en de onderneming
5. Samenwerking op basis van empathie. Als men de innerlijke kracht van waarden hanteert en uitdraagt dan kan dat ook met de klant.
In dat opzicht verschillen Simac en AiREAS niet van elkaar. Beide zijn actief in de meest complexe dynamiek van een onvoorspelbare markt. Eric bevestigt de waarden die hij zijn hele ondernemers leven intuïtief heeft gewaarborgd en verdedigt, ook toen het moeilijk ging met de agressieve, ongevoelige wereld van de kapitaalmarkt. Nu hij zich daar grotendeels van bevrijd heeft kan hij deze waarden verder uitbouwen met ondernemersvrijheid.
Jean-Paul nodigt Eric en Simac speels uitdagend uit om de innerlijke krachten van de Simac specialisatie ook te verbinden aan de holistische benadering van STIR in de sustainocratische samenwerkingsvormen zoals AiREAS waarin de wereldbelangen (global issues, local solutions, global application) ter harte worden genomen. “Dan zal ik toch eerst dat boek dat je me hebt gegeven gaan lezen” reageert Eric even speels terug.
Conclusie
Uit deze sessie blijkt dat er een groeiend spanningsveld bestaat tussen de koude geldbelangen van banken, overheden en beursspeculanten en de warme sfeer van waardecreatie in empathie gedreven ondernemerschap. De complexiteit van de natuurlijke biodiversiteit in de markt is ook zonder dat spanningsveld al enorm. Met al die aasgieren erbij staat ondernemerschap onder zware druk. Het is dan ook bewonderenswaardig dat mensen zoals Eric zich vrijworstelen van de dominantie van deze wereld van primaire bewustzijnsniveaus om zich als pioniers te ontwikkelen in een hoger empathie niveau. Zij zijn de nieuwe evolutionaire stap in modern ondernemerschap, toonbeeld van visie, menselijkheid, moed en doorzettingsvermogen. Voor deze vorm van ondernemen biedt een crisis alleen maar ruimte voor groei. Eric toont dan ook alle vertrouwen in de toekomst, van de mens maar ook van zijn bedrijf. “Niet iedereen kan wat wij kunnen en andere bedrijfsvoering blijft ook legitiem zolang er een markt voor is. Maar zo zou IK niet kunnen werken.”
Volgende avondcolleges:
9 mei – speciaal over voeding (Wasvenboerderij)
21 mei – weerbarstige pubers of pubers met een boodschap?
3 juni – servant leadership