Tijdens Prinsjesdag werd een miljoenennota gepresenteerd die veel weg had van die van vorig jaar. De oppositie verwijt dat er geen creativiteit is, de koning dreunt het standaard overheid riedeltje op met wat MH17 menselijkheid en op internet vragen mensen zich af waarom men die gouden koets niet verkoopt of omsmelt om de overheid tekorten op te lossen?
Wat moeten we ermee? Is de regering de fut kwijt? Te druk met baantjes jagen in Brussel? Waarom anders die pappen en nathouden constructie? Of lijkt dat maar zo?
In de praktijk zien we wel degelijk veel veranderingen. In 2009 werd ik nog uitgenodigd om in Den Haag deel te nemen aan het “innovatie programma”. We mochten mee komen praten aan iets dat enorm sturend opgezet was. Het antwoord op de vragen was bekend. Men zocht maatschappelijk support om de visie van een bevolking aan het kostbare overheid zorginfuus op te lossen door vooral veel geld te gaan verdienen. Er werden innovatie sectoren door onze strot geduwd met de SER als visionaire pusher. We geloofden het toen al niet en na miljarden subsidies aan de bekende grote relaties bleek er niets van terecht te zijn gekomen. Je kunt de wereld niet overtuigen van je innovaties als je zelf in de vorige eeuw blijft hangen. Verander de wereld en begin bij jezelf.
Ik? Ik had ter plekke mijn geloof in de centrale overheid helemaal verloren alsof politiek Den Haag in een aparte satelliet om de zon was geraakt en het contact met de Aardse bevolking totaal kwijt was. Ik concentreerde mij op het “echte” transformatieve werk door vooral te experimenteren met nieuwe werkelijkheden. “Roeren” noemden we dat in STIR (Stad van Morgen), onze naam eer aan doend, in de hoop dat er bruikbare klonters zouden ontstaan die tot iets écht vernieuwend zouden leiden. Het complexe cocreatie kader lag al op tafel door mijn werk aan de menselijke complexiteit maar het individualistisch georiënteerde materialisme was niet zomaar te klonteren in samenwerkingsvormen. Steeds stond geldafhankelijkheid in de weg dat door bijna iedereen nog als doel in plaats van middel werd gehanteerd. De meeste verduurzaming experimenten stonden dan al snel op de tenen van agressieve geldbelangen. Blijven experimenteren, vallen en opstaan bleek de enige weg.
Dat kan ik maken als eenling maar een centrale, democratisch gekozen overheid natuurlijk niet. Die moet net doen of er een plan is om de publieke opinie te blijven paaien. En ondertussen vooral structurele kosten besparen. Dat deed men pas écht vorig jaar, onder druk van de EU én het uitblijven van resultaten. Ook dit jaar is er een budgettaire pas op de plaats. Maar een plan? Ja, men wil de burger meer betrekken maar is men dan ook bereid de burger daarin los te laten, ontlasten en faciliteren? Tot op heden leek het er meer op dat men grote bevolkingsgroepen gewoon “in de steek liet”. Ideologie en praktijk blijkt dan toch ook voor de overheid én bevolking een enorme stap.
Het pionierschap in de Stad van Morgen gaf ons vooral inzicht in de complexiteit. Het was allemaal niet gemakkelijk. In 2010 konden we met AiREAS van start in Eindhoven, een echt burgerinitiatief op zoek naar multidisciplinaire samenwerking met een niet ge-economiseerde doelstelling: luchtkwaliteit en volksgezondheid. Ik had namelijk voor mijzelf bepaald dat een stabiele maatschappij allereerst gezond moest zijn, in een gezonde leefomgeving, met verantwoordelijk naar elkaar toe, ook institutioneel. Anders zouden we crisis op crisis te verwerken krijgen zoals we aan de hand van de lange en korte termijn wereldgeschiedenis kunnen aantonen. Daarnaast stelde ik dat als je door een verkeerde focus (groei economie) de maatschappij ongezond hebt gemaakt, de omslag (naar duurzame harmonie) zoveel innovatieve kansen oplevert dat het automatisch óók leidt tot economisch herstel. De regionale economie ziet er daarna wel anders uit in structuur en organisatie.
Enkele bestuurlijke mensen van de gemeente Eindhoven en provincie Noord Brabant geloofden daar wel in en waren bereid mee te gaan experimenteren. Voor mijzelf betekende dit de fundamentele stap om geldafhankelijkheid los te laten om mijn onafhankelijkheid te verkrijgen die nodig was om het proces te verbinden. Geld werd een middel dat we projectmatig inzetten. Alleen door het voorbeeld te geven kon ik anderen overtuigen projectmatig mee te doen. Het had natuurlijk enorme consequenties voor mijn persoonlijke situatie daar de omgeving nog steeds uitging van een belastbare geldgedreven dynamiek in een maandelijkse tijdschaal en alles daarop was afgestemd. Dat ik het anders deed werd niet overal geaccepteerd noch begrepen waardoor er een extra persoonlijk spanningsveld ontstond met delen van het oude systeem. Dat leverde de paradoxale situatie op dat ik erkenning en eerbetoon kreeg als pionier van een nieuwe wereld en vergruisd en aangeklaagd werd door elementen uit de oude wereld. Op persoon vlak is dat onaangenaam, voor politici en maatschappelijke structuren natuurlijk ook.
We zijn nu 4 jaar verder en hebben concrete resultaten geboekt. Ik krijgen ineens allerlei landelijke instanties op bezoek die “onder de indruk zijn” van de aanpak en resultaten. Dat is een fraaie erkenning. We zien dat er ondertussen wetten zijn aangenomen die de omgevingsfactoren voor gezondheid vastleggen. De innovatie sectoren uit 2009 zijn geruisloos verdwenen terwijl ineens gezonde leefgebieden in aandacht hebben gewonnen.
Waar deze Haagse omslag vandaan komt is moeilijk te bepalen en eigenlijk ook niet belangrijk. Belangrijk is dát die had plaatsgevonden. Den Haag leek weer op Aarde te zijn teruggekeerd en zoekende naar haar daadwerkelijke rol in een nieuw tijdperk. Men laat zich dan graag inspireren en komt kijken. In werkelijkheid heeft men daarna altijd weer een keuze. Kiest men de traditie van de management kant van bureaucratie en oude groeiwensen? Of neemt men de leiderschap kant van bewustwording, verandering en cocreatie? Dat hoort bij de wet van de tegenstellingen. Lange tijd kiest men voor de “veilige” bekende bureaucratie totdat het niet anders meer kan.
Nu levert deze zoektocht van de centrale overheid een extra spanningsveld en een aantal nieuwe uitdagingen op voor de Stad van Morgen. Het “succes” van bijvoorbeeld AiREAS moet nog verder bewezen worden en consolideren. De essentie van AiREAS is de regionale, multidisciplinaire, sustainocratische samenwerking. Daarin zijn een aantal basisvoorwaarden voor succes ingebouwd:
* niet overheid maar mens gestuurd
* niet geld maar waarde gedreven
* deelname gebaseerd op gelijkwaardigheid, niet op hiërarchie
* mens en burgerschap geprojecteerd, niet economisch of politiek
* duidelijke gebiedsafbakening volgens aanspreekbare verantwoordelijkheden en betrokkenheid (lokale overheid, burgers en lokaal MKB)
De zoektocht van de centrale overheid toont nog geen cocreatie verlangens maar vooral inspiratie voor nieuwe management initiatieven. Toch charmeert de aandacht van de reus de oude kabouters. Dit werkt verstorend omdat sommige kleinere AiREAS deelnemers in verwarring raken over het commitment, horizontaal (in onafhankelijke cocreatie) of verticaal (in afhankelijkheid en hiërarchie) nu de centrale overheid belangstelling toont? De oude geldbelangen spelen weer op en de centrale overheid is via de belastingstructuur de machtige speler voor het leveren van fondsen aan de lagere overheden.
Toen Den Haag nog “in orbit” was deed zich geen verwarring voor. Op gemeentelijk niveau was de AiREAS cocreatie redelijk haalbaar maar in de hogere overheden niet. Het commitment van een wethouder in 2010 was visionaire moedig, in 2014 afhankelijk van de zoekende landspolitiek. Ook Brussel, met de supersubsidie machine doet een gooi naar “gezonde steden” en zorgt ook voor de nodige verwarring over wie, wat en waarvoor verantwoordelijk is. De lagere overheden hebben weer argumenten om vooral oude bureaucratie in stand te houden door het thema van gezondheid niet maatschappelijk maar bestuurlijk te maken. Dat is een grote fout want al in 1814 was gebleken dat bestuurders geen verantwoordelijkheid KUNNEN nemen voor iets wat behoort tot de mens en natuur. Men kan het hooguit faciliteren zoals AiREAS al heeft aangetoond.
Nu men van centraal naar decentraal, van groot eenzijdig naar klein multidisciplinair, op bezoek komt doet men dat nog steeds vanuit de gefragmenteerde prikkels (technologie, stukje visie, gedelegeerde functie) niet “het geheel”. Als ik dan vraag of we een Local AiREAS Nederland gaan opzetten dan kan men geen antwoord geven. “Ik kan geen verantwoordelijkheid nemen” zegt men dan “want die ligt bij de minister”. Dit toont aan dat als we de gebiedsverantwoordelijkheid verleggen van gemeente naar het hele land wij ook in eerste instantie moeten schakelen van wethouder naar minister. Dan zijn we weer in de visionaire en moedige fase aangeland, net als het gemeentelijke precedent van 2008. Pas als deze topdown faciliteert is de ambtenarij in staat zich aan te passen en verantwoordelijkheid te nemen in de cocreatie. Bottom up werkt pas in de hiërarchische instanties als top down beleid de ruimte schept voor deze cocreatieve gebiedsontwikkeling. Kortom, zolang de minister niet aan de AiREAS tafel komt is elke interactie op landelijk niveau slechts een kennismakingsgesprek voor AiREAS en een verkoopgesprek voor de gecreëerde AiREAS waarden.
AiREAS heeft ondertussen voorzieningen getroffen via haar gefragmenteerde, gespecialiseerde partners voor het uitvergroten van de deelprestaties. Maar dan is de relatie er een van het leveren van handelswaar en kennis, niet het gemeenschappelijk aanvaarden van een landelijke uitdaging en verantwoordelijkheid.
AiREAS kunnen we zowel gefragmenteerd als in het geheel uitvergroten, wereldwijd of landelijk.
Tot op heden komt men kijken naar de concrete, gefragmenteerde waarden die wij in AiREAS hebben gecreëerd. Men doet dit om te bezien of men ze over kan nemen in de oude structuur. Zo kijkt men bijvoorbeeld naar het gebruik van de speciale meetkastjes die we gemaakt hebben, niet hoe dat tot stand is gekomen noch welke relatie het heeft tot de bevolking in plaats van “het systeem”. Men kijkt ook naar het “nut van fijnmazig meten”.
Het succes van AiREAS levert daarom een nieuw spanningsveld op waar ikzelf waakzaam moet zijn en vasthouden aan de grondvoorwaarden van ons oorspronkelijke succes. Het mag niet zo zijn dat de landsoverheid in haar enthousiasme uiteindelijk AiREAS uit elkaar trekt door met de macht te charmeren zonder de noodzakelijke transitie door te maken. Het is juist AiREAS die moet charmeren om vanuit harmonie de landelijke aanpak te helpen herstructureren en de centrale overheid bij staan in haar complexe transitie. Daarom gaan de kennismakingsgesprekken over de noodzakelijke veranderingen in de overheid als we tot een landelijke aanpak zouden willen komen. Als dat onbespreekbaar is dan kan de centrale overheid stukjes uit AiREAS voor zichzelf gebruiken. Men kan ook een soort paraplu vormen over het creëren van Local AiREAS-en in elke stad of gebied van Nederland en die samen aan elkaar rijgen volgens de Sustainocratische visie van maatschappij innovatie.
Regionaal en landelijk kan samen opgebouwd worden (Hoofdstuk 8, J.P. Close in wereldwijd boek over Ethical Prospects)
Conclusie:
De landelijke overheid is zoekende en laat zich inspireren door de gebeurtenissen en ontwikkelingen in het land zelf. Daar is op zich niets mis mee. De regio’s in het land zijn allemaal zoekende naar oplossingen en hanteren de inzichten en uitdagingen volgens het instrumentarium dat men optimaal acht. De uitdaging is verlegd van lokaal, naar regionaal en nu landelijk. De keuzes die elk van de partijen kan maken zijn potentieel verstorend en potentieel elkaar aanvullend. men moet elkaar vooral leren begrijpen. Moed bij het overstijgen van chaos ontbreekt vaak, zeker omdat de overkoepelende cultuur nog erg afhankelijk blijft van geld in plaats van waardecreatie. Het zal daarom niet allemaal in een vloeiende beweging gaan maar vooral in horten en stoten. Wat belangrijk is in dit proces is dat in die horten en stoten die reeds gecreëerde waarden en banden zich solide blijven manifesteren en het vertrouwen winnen van de grotere structuren. Daar zal ik persoonlijk weer verantwoordelijkheid voor moeten nemen omdat de spanningsvelden op alle manieren de relaties onder druk zullen blijven zetten. De enige manier om daarmee om te gaan is door samen resultaten te boeken zowel in de uitvergroting als de consolidatie van de aanpak.
Laten zien dat het anders kan. Het goede voorbeeld.
Deze blogserie van 20 over de grote omslag wordt u aangeboden door Jean-Paul Close, initiatiefnemer van de Stad van Morgen en grondlegger van Sustainocratie. De blogserie gaat over de grote bewustzijnssprong van de mensheid en bijbehorende ingrijpende veranderingen in ons gedrag en maatschappijvormen.
Blog 10 – Risicobesef
Cyclus van verandering en weerstand maar onderhandeling een aanvaarding
Als we de typische psychologische cyclus van verandering bekijken dan zien we dat elke fase naadloos wordt doorlopen door de spanningsvelden van tegenstellingen.
Sinds de jaren 70 is er het besef (eg Club van Rome, Club van Budapest, Earth Charter, The inconvenient truth, Stad van Morgen) dat wij als mens bezig zijn onszelf te vernietigen. De grote omslag werd gesuggereerd maar liet op zich wachten. Net als in de eerste fase van de Stad van Morgen stuurden de klokkenluiders aan op bewustwording in de hoop dat de wereldleiders de noodzakelijke veranderingen zouden omarmen. Maar dat was niet zo. De maatschappij was net pas verwikkeld in een geldafhankelijke manier van denken waarin de problemen als kosten in geld werden gekenmerkt en de oplossing als een noodzakelijke groei-economie. (zie fase rood). Hoe meer geld er gecreëerd zou worden des te meer men zou kunnen investeren in oplossingen. Dat is de basis geworden van de vele ontkenningsstrategieën van machthebbers en geldwolven die als maatschappelijke criminelen vanuit blinde zelfovertuiging zand gooien in de raderen van het algemene bewustzijn uit eigenbelang. Lange tijd werden we zo gevangen gehouden in de immorele onderkant van de cyclus tussen bureaucratie, behoud en groeibelangen terwijl de spanning van vernietiging zich opbouwde. Ondanks deze verwerpelijke manier van doen is deze mens eigen en van alle tijden. Bedenk bijvoorbeeld hoe lang religie de wetenschap van een ronde Aarde of ons zonnestelsel heeft tegengehouden en mensen vermoordde die het tegendeel beweerden. De motieven van macht zijn vaak met terugwerkende kracht misdadig met het eigen wetboek in de hand. Dat zien we nu ook weer ook is het even aantoonbaar dat op termijn diezelfde macht het onderspit delft, vaak op even gewelddadige wijze. De ruim 90 jarige Jacques Fresco van het Venus project deelde het podium met mij in 2010 (10 jarige viering “Earth Charter”) en wist het publiek te verrassen door alle huidige politici en bankiers rechtstreeks naar de gevangenis te verwijzen wegens de historisch bewezen immoraliteit van macht. Zoals het er nu in de wereld voorstaat heeft hij gelijk. Het alternatief van bevrijding van de individu is echter niet eenvoudig als dit niet gepaard gaat met richting, verantwoordelijkheid gevoel, empathie en samenwerking. Zijn we daar als mensheid klaar voor? We zullen zien. Ook dit is een proces.
Van urgentiebesef naar risicobesef
Risicobesef plaatst ons collectief maatschappelijk in de oranje zone terwijl velen individueel al in geel en als Sustainocratie in groen zitten. Dat betekent nog niet dat er algemeen aanvaarding is maar wel een intentie om tot oplossingen te komen die buiten de macht en bureaucratische structuren vallen. Dit zal alleen maar groeien, net als het verzet tegen de gevestigde orde.
In de blog over geld hebben we gezien dat er zoveel geld is dat het elk mens op Aarde miljonair zou maken als het gelijkmatig zou worden verdeeld. Geld schepping en groei-economie is dus helemaal niet nodig. Dat is een macht en sturingselement van despoten met maar een doel, meer persoonlijke rijkdom en behoud van status. Omdat wij allemaal ook individueel afhankelijk zijn geworden van geld voor de invulling van onze levensbehoeften hebben we individueel net zo hard meegedaan met de ontkenning. Hoe anders zouden wij geldloos kunnen overleven? Als er iets urgent moest veranderen was dat alles behalve geld. Zo is het “systeem”. We zijn massaal in steden gaan leven wegens de aanwezigheid van duurbetaalde banen om in duurbetaalde huizen te wonen, duurbetaalde luxe te kopen in duurbetaalde dienstverlening en leeggezogen materialistische productiviteit, dat uiteindelijke alle wereld ellende veroorzaakt. Haal hier geld uit weg en er blijft ogenschijnlijk niets van het stedelijke systeem over noch van de schijnovervloed die in de steden wordt aangeboden in ruil voor geld. Consumptie en productiviteit staan tegenwoordig lichtjaren ver uit elkaar en om dat te overbruggen blijkt alleen geld de gangbare oplossing met alle consequenties van dien.
De ontkenningsfase heeft naar verhouding veel te lang geduurd, misschien omdat we ons concentreerden op “de urgentie van verandering”. Urgent voor wie? Wat moet veranderen? George Bush Jr zei ooit “milieu aandacht is prima als het de concurrentiepositie van Amerika maar niet schaadt.” Urgentie is altijd afschuifbaar op de toekomst. Pas als het te laat is verandert men. Als het nog niet te laat is blijkt er altijd wel een argument om niets te doen. Crisis blijft de motor van verandering. Pas als men persoonlijk (als mens of instelling) geraakt wordt dan is men in staat om de verandering te overwegen. Daarvoor niet.
Sindsdien is er de klad gekomen in de stabiliteit van economieën. De confrontaties tussen machtsbolwerken zoals Rusland, Amerika, Europa, Midden Oosten en China met energie, voedsel, grond, zekerheden en veiligheid gevoel als speerpunten hebben het besef doen oplaaien dat de spanningen niet tot veranderingsurgentie leiden maar risico van vernietiging. Steeds meer geluiden worden gehoord dat de kwetsbaarheid van afhankelijkheid niet meer leidt tot diplomatiek overleg noch handel maar uitingen van macht, stoppen van leveringen en conflict. Nederland ziet de bui hangen en vraagt om budget voor het vergroten van de strijdmacht. Amerika heeft, door het omstreden schaliegas te gaan winnen, zichzelf los gewrikt uit de greep van Opec landen. Niet afhankelijkheid en economische handels-quota’s maakt machtig maar juist zelfredzaamheid en onafhankelijkheid. Dat is een grote bewustzijnsomslag, ook voor de instanties.
Elke, vanuit zelfbewustzijn geboren, oplossing brengt natuurlijk weer andere problemen met zich mee maar het is een teken aan de wand dat risicobesef en angst sneller leidt tot verandering dan urgentiebesef, los van de vraag of de veranderingen ook daadwerkelijk verduurzamend genoeg zijn of slechts een van de vele noodmaatregelen. Door zelfredzaamheid nog steeds vanuit de oude geldafhankelijkheid te beredeneren ontstaat een schuld door kapitaalinjecties die niet wordt gecompenseerd door een lokale circulaire of globale economie. Natuurlijk wil America ons hun schaliegas aanbieden ter compensatie maar ook wij zitten in de omslag naar onafhankelijkheid en willen liever op een gelijkwaardige manier samenwerken met de USA en anderen dan vanuit structurele afhankelijkheid.
Nieuwe, lokale waardesystemen zijn daarom aan de orde van de dag en ondermijnen verder de oude globale systeemwerkelijkheid van “machtig” geld. Dit oude geld leidt een eenzijdig leven van wereldmacht terwijl er nieuwe machten en krachten opbouwen van binnenuit. Vaak worden die nog sterk tegengewerkt maar ze zijn niet de stoppen.
De ontkennende fase voorbij
Tot voor kort was ik verbaasd over de grote ontkenning die ook van de wetenschap kwam en had besloten zelf een wetenschappelijk team en centrum op te zetten dat vanuit vrijheid werkt in plaats van gestuurd (STIR Academy). Ik besefte dat de universiteiten gefinancierd wordt door geld en derhalve de argumenten van geld wetenschappelijk verdedigden in plaats van de van daadwerkelijke kennisontwikkeling. De depressies in de geldwereld hebben gaandeweg ook de doorbraak geleverd in kennisinstellingen dat hun geloofwaardigheid en daarmee hun kredietwaardigheid in de ogen van het grote publiek ter discussie kwam te staan. Ontkenning kon niet meer op tegen de aantoonbare en groeiende bewijslast uit de praktijk. Stapje voor stapje breken de inzichten door in de media onder naam van vooraanstaande universiteiten en worden de risico’s die we lopen belangrijker dan de ontkenning ervan.
Overheden en gerelateerde instanties kunnen niet meer de concurrentiepositie boven milieu stellen, geld boven de mens, macht boven veiligheid. Ze worden afgestraft door opstanden, verzet en onderhandelingsmechanismen van de omgeving. In tegenstelling tot de opmerking van Bush zo’n 10 jaar geleden is nu de groeiende opvatting “als we geen aandacht besteden aan mens en het milieu dan schaden we onze stabiliteit én concurrentiepositie”.
De omgeving is wijzer geworden dan de systeemstructuren.
Als recent voorbeeld noemen we dat zowel het tijdschrift Wetenschap in Beeld als door de betrokken universiteiten wordt nu aangetoond dat de mens de 6e wereldwijde massa uitroeiing veroorzaakt. Ik verwijs hierbij tevens naar mijn eigen stukken over het Anthropoceen (de blijvende stempel van de mens op de ontwikkeling van het leven op Aarde, inclusief dat van ons zelf). De eerste 5 massale catastrofes die het leven op een laag pitje hebben gezet werden veroorzaakt door natuurlijke fenomenen (bijv. vulkanen en meteorietinslagen). De 6e wordt echter door een parasitair levend wezen veroorzaakt dat zichzelf schaamteloos goddelijk zelfbewust noemt, de mens! In dat 6e uitroeiingsproces staan wij zelf ook genomineerd als een van de volgende soorten die verdwijnen, en dat duurt niet lang meer. We hebben het daarom niet meer over economie of groei maar over evolutionair voortbestaan. Wie neemt verantwoordelijkheid?
Wetenschap in Beeld (editie Nr 10/2014) stelt dat 75% van het leven uitgeroeid is binnen 200 jaar.
Zo’n vernietigingsproces gaat niet in een keer. Dat bouwt zich op. Onze huidige generaties worden zich er alleen bewust van. We hoeven niet te wachten tot we zelf, en 75% andere soorten, over 250 jaar verdwenen zijn. De vele verdwenen diersoorten die ons al zijn voorgegaan door ons toedoen, of op uitsterven staan, hebben het ecosysteem al zodanig verstoord dat het proces nagenoeg onomkeerbaar lijkt. De effecten van vervuiling en misbruik doen de rest. Pas als de mens weg is of zich in samenhang onherroepelijk aanpast zal de grote omslag plaatsvinden en een nieuwe fase van levensevolutie ontstaan, met of zonder mens. Hoe die nieuwe fase eruit ziet is nu nog in handen van de mens zelf.
Een ander voorbeeld is dat de Universiteit van Montana heeft aangetoond in een grote stad dat luchtvervuiling schade aanricht in het immuunsysteem van jongeren waardoor er ontstekingen in de hersenen plaats vinden die kunnen leiden tot allerlei stoornissen, zoals alzheimer. In het Stad van Morgen initiatief AiREAS besteden we aandacht aan deze constatering en proberen er wat aan te doen. We nemen het mee in onze gezondheid gedreven aanpak voor Eindhoven met betrokkenheid van 1000-den burgers mits daarvoor de nodige support komt uit de overheid.
Technologie helpt als middel
Terwijl technologie heeft geleid tot een Big Brother situatie van afluisteren, manipuleren, automatiseren, in handen van machthebbers en bureaucraten is dezelfde technologie ook instrumentaal voor het aantonen van de schandalen die veroorzaakt worden. Denk aan wikileaks, drones die vervuiling en watermisbruik aantonen, de opnames van criminelen en misdadigers die op internet terecht komen, enz. Zie hier een documentaire trailer over ons broodnodige drinkwater…
We roepen onszelf ter verantwoording voor ons eigen gedrag en daarbij degenen die macht op ons uitoefenen. Ik ben het op genuanceerde wijze eens met Benjamin Franklin hieronder. Autoriteit is iets anders dan macht, meedoen is ook autoriteit. Mijn eigen opvatting is “Het is de eerste verantwoordelijkheid van iedere burger om macht te verwerpen en autoriteit ter discussie te stellen ten behoeve van duurzame menselijk vooruitgang“. Dat zou het motto kunnen zijn van Sustainocratie, de democratie met een menselijke missie”.
Verantwoordelijkheid en Autoriteit of Macht?
Consequenties van risicobesef
De recente 70 jarige herdenkingen van de bevrijding van de tweede wereldoorlog, en in november het 100 jarige einde van de eerste wereldoorlog, worden met vlaggetjes, V – tekens, zwaaien en dankbaarheid feestelijk ervaren. Maar ondertussen worden de schrikbarende beelden van Syrië, Oekraïne, de MH17 met 298 onschuldige mensen, Afrikaanse vluchtelinge kampen, gruwelijke onthoofdingen door ISIS, enz door velen ineens ervaren als “wij hebben dit ook gehad”. De verhalen van opa’s en oma’s, de overgebleven haat nog van ouders die herinneringen doorgeven aan kinderen, tonen dat het leed ook hier nog steeds onder de oppervlakte ligt. Niemand wil oorlog maar men is zich in groeiende mate bewust dat we er zelf op aansturen door de levensstijl die wij gemakzuchtig hebben aanvaard door autoriteit niet op tijd ter discussie te stellen en ons welzijn onhoudbaar blijft als we er zelf niet de schouders onder zetten.
De consequenties van het risico besef zijn vooral in het gele stuk te vinden van de veranderingscyclus:
Gebeurtenissen bouwen zich op en bewijs ook
Het komt steeds dichterbij of raakt mensen persoonlijk
Men wordt bewust van essentiële maatschappelijke voorwaarden, waarbij “veiligheid” een nog grotere drijfveer is dan gezondheid of zelfredzaamheid
Macht wordt steeds vaker afgewezen en vergruisd
Autoriteit wordt getoetst aan bewustwording en nieuwe werkelijkheden
Men gaat op zoek naar eigen innovatieve oplossingen
Men kopieert inspiratie van anderen
Men verbindt desgewenst in co-creatie
Sustainocratie
Sustainocratie is op dit moment de meest complexe vorm van maatschappelijke transitie door cocreatie (groene deel). In een wereld waarin eigenbelang heerst is co-creatie een fenomeen dat altijd noodzaak gedreven blijkt en daarna weer snel in de vergetelheid raakt. Stad van Morgen concentreert zich daarom op de “hotspots”, de belangrijkste complexe aandachtspunten, van een gebied waar ALLE partijen tegelijk bereid zijn zich in te zetten. Dat is alleen het geval wanneer de nood het hoogst is. Als de nood nog niet het hoogst is dan doet een ieder voor zich zijn best vanuit de eigen fase van bewustwording en gezichtsveld. Ook wanneer het co-creatiepunt voorbij is en nieuwe samenhang is gevonden dan willen de partners graag hun eigen gefragmenteerde stukje weer oppakken en uitvergroten. De kunst in Sustainocratie is om de maatschappelijke innovatie cyclus zo dicht mogelijk bij huis en zo effectief mogelijk draaiende te houden vanuit blijvende samenhang. Dat vergt inzet en vertrouwen van alle partijen in het proces.
Van rood naar oranje
Samenvattende kunnen we stellen dat we van de management fase rood van verzet zijn overgestapt naar de oranje fase van chaos, angst, onderhandeling (vooruit of achteruit?) per hotspot en uiteindelijk aanvaarding van nieuw bewustzijn. Dat neemt niet weg dat een belangrijke groep is doorgestoten naar hete geel van bewustwording en aanpassing. Zij benutten de chaos en onderhandeling om vooruitgang te boeken in plaats van zich weer te laten verleiden tot het herbeleven van het verleden. Kortom, we beginnen verantwoordelijkheid te nemen in plaats van erom te vragen.
Presentatie en college leider: Jean-Paul Close
Gastvrouw: Nicolette Meeder
Elke twee weken organiseert de STIR Academy, olv Jean-Paul Close en Nicolette Meeder, een college over een maatschappelijk kernthema voor verduurzaming van de maatschappij. Elk werkcollege is een proef om in EU perspectief STIR Hubs aan te zetten tot werkgroepen net als STIR dit doet met internationale inspiratie in Eindhoven. Na de proef zijn ze, aangepast met de feedback, tegen betaling beschikbaar via STIR als spreekbeurt, inspiratie middag of avond, minor, werkprogramma en project. De proefcolleges laagdrempelig, interactief en belicht vanuit de 4 grote invalshoeken van de menselijke en natuurlijke complexiteit:
* economie
* chaos
* transformatie
* samenhang
7 oktober Deze innovatie wordt in Eindhoven experimenteel gemaakt via een STIR werkgroep
Mobiliteit is mens eigen. Voor veel situaties bewegen we ons van A naar B en gebruiken daarvoor allerlei hulpmiddelen. Mobiliteit is onderhevig aan cultuur, beschikbare ruimte en energie, technologie, behoefte, psychologie en beleid. Mobiliteit is ook economie, daadkracht, concurrentiekracht en macht.
Om verschillende redenen staat mobiliteit onder innovatiedruk. Waarom? Veranderen onze gewoontes door nieuwe mobiliteitvormen of juist andersom? Mobiliteit slurpt energie, kan dat nog wel in deze tijd? Waarom gaan we van A naar B? Verandert die wens of noodzaak? Wat veroorzaakt de drang tot verandering en hoe gaan we ermee om vanuit de vier spanningsvelden?
Hoe zien de ontwikkelingen eruit? Wat voor inspirerende voorbeelden zien we in de wereld ontstaan en toegepast worden? En boven alles, hoe gaan we hier zelf mee om? Hoe verwerken wij inspiratie in onze eigen nieuwe werkelijkheid? Hoe dragen wij zelf bij aan innovatie en verandering? Wat zijn ondernemende en maatschappelijke kansen en bedreigingen?
Deze blog reeks van 20 over de grote omslag wordt u aangeboden door Jean-Paul Close, oprichter van de Stad van Morgen en initiatiefnemer van ingrijpende maatschappelijke veranderingsprocessen. Hij legt uit waarom, hoe en waar naar toe. Vaak is dit anders dan wat u in de pers of door de politiek te horen krijgt. Ook dat heeft een reden. Deze 9e blog gaat over wonen.
Blog 9 – wonen
Voor de meeste mensen is wonen een vorm van verlengstuk van hun persoonlijkheid, een omhulsel dat beschermt tegen weer en wind met afzondering van andere mensen om zo een eigen territoriumgevoel te krijgen. “Thuis” is een emotioneel geladen begrip dat zorgt voor rust, eigenheid en veiligheid. Thuis kan men zijn wie men is. Buitenshuis worden ook andere dingen verwacht die te maken hebben met de complexiteit van het leven, de cultuur en regels. Binnenshuis heerst veelal een klein mini-universum van duurzaam evolutionair menselijk leven: de persoon en het gezin.
De grote omslag in het aspect wonen is veel omvattend. Wonen heeft namelijk ook een fundamentele betekenis binnen de relatie van de individu met de omgeving. Het gaat hier dan niet om het simpele begrip “een dak boven het hoofd” maar de verhouding “wonen en samen leven” of “wonen in wederkerigheid met de omgeving”. Wonen geeft betekenis aan maatschappij als het zich verbindt met gemeenschapszin. Het is een wederzijdse overeenkomst van privacy, welzijn en samenhorigheid.
Vooral in dat aspect is de omslag ingrijpend, als maatschappij en als burger omdat we een maatschappij hebben geschapen waarin wonen ongeschikt is gemaakt aan economie in plaats van maatschappij. Wonen is een economische melkkoe voor banken, overheden en woningcorporaties.Dat zal veranderen.
“Behoorlijke huisvesting”
Deze term is ontstaan in de jaren 80 van de vorige eeuw toen sociale wetgeving op basis van mensenrechten zich met veel moeite introduceerde in Nederland. Amper 30 jaar geleden dus! Vóór die tijd was huisvesting een functioneel begrip dat werd gerelateerd aan arbeid en status. Vrijheid, huisvesting en leefbaarheid werden niet direct met elkaar in verband gebracht. En nog steeds is het een geladen thema onderhevig aan allerlei machtssituaties. Zo is vastgoedmarkt nog een groot machtbolwerk. Maar daar komt verandering in. Economie is geen maatstaf meer voor welzijn en stabiliteit. Kijk naar alle leegstand in steden en op het platteland terwijl tegelijkertijd mensen uit huis worden geplaatst wegens betalingsachterstand. Duurzame productiviteit en samenhorigheid zijn wel maatstaven voor welzijn maar die zijn slachtoffer geworden van materialisme en speculatie. De mens wordt bewust dat de huidige vorm van economie een gevaar vormt en samenwerking de oplossing biedt. De eerste plek waar dat gebeurd is in de straat, buurt en wijken. Thuis heeft dan een functie in relatie tot een actieve omgevingsbeleving, zoals gezondheid en veiligheid maar ook gezelligheid en plezier. Er wordt steeds meer betrokkenheid en verantwoordelijkheid gezocht naar deze relatie ook in andere functies, zoals voeding (eetbare tuinen) en energievoorziening (zonnepanelen).
Download hier een boeiende, op internet gevonden analyse over “behoorlijk woonrecht” in Nederland.
Anno 2014 gelden juridisch gestaafde voorwaarden voor sociaal woonrecht en zelfs de kwaliteit van het wonen. Dat op zichzelf is al een enorme omslag die in de naoorlogse periode van de eerste wereldoorlog in 1919 in het eerste mensenrechten verdrag van Versaille werd voorgesteld. In de praktijk bokst het begrip van menselijkheid nog steeds op tegen de onmenselijke materialistisch belangen die regelmatig de overhand nemen en eenzijdig tot crisissen leiden. Het is echter goed om te weten dat er nu sociaal recht bestaat en in artikel 22 van onze wetgeving voor “behoorlijke huisvesting” redelijk wordt getypeerd. Het is belangrijk dit ook op te eisen en aan te vullen met eigen verantwoordelijkheid.
Het gaat daarbij ook om het wonen in een gezonde en veilige omgeving.
Dat dit gezien wordt als maatschappelijke verantwoordelijkheid leidt tot de vraag “wie is er verantwoordelijk”? En “hoe ver gaat deze verantwoordelijkheid”? Denk bijvoorbeeld aan de kennis die is ontstaan de laatste jaren over bodem en luchtvervuiling, asbest, energiemisbruik, effecten van luchtvervuiling, afval, enz. De woonwet legt een kader neer maar er is meer. Leg de verantwoordelijkheid bij een ander en deze oefent macht uit door afhankelijkheid. Leg de verantwoordelijkheid bij jezelf en er ontstaat een waardengedreven interactie met de omgeving.
Bewustzijn en inzet
Toen ik jarenlang de wereld rondreizend door wisselende internationale directie functies was huisvesting vooral gerelateerd aan mijn zakelijke missies. Nooit heb ik in de wereld huisvestingsproblemen ervaren, behalve bij terugkeer naar Nederland. Er was een enorme wachtlijst (5 jaar) voor huurwoningen, de private huursector bleek exorbitant duur en een koophuis was alleen toegankelijk als men een arbeidscontract kon overleggen. Voor het eerst werd mij duidelijk dat huisvesting geen automatisme is noch een vaststaand feit. Er is een duidelijke relatie met de manier waarop de omgeving met huisvesting om gaat. In Nederland is vastgoed een economisch machtsinstrument dat door banken, overheden en semioverheden (woningbouwcorporaties) wordt gebruikt en misbruikt voor economisch eigenbelang. Sinds de jaren 70 zijn de stenen in de maatschappij machtiger geworden dan de menselijke productiviteit. Dat hebben we al gezien in de blog over geld. Een groot deel van ons maatschappelijk welzijn is gerelateerd aan de speculatie rond geld, grond en gebouwen met bijbehorende systeemslavernij voor de mens tot gevolg. Voor een 25 jarige hypotheek is men gedurende dezelfde tijd gebonden aan het vinden van een arbeidscontract dat voldoende winstgevend is om de kosten af te dekken, zelfs als deze uiteindelijk het meervoudige kost door rente en kosten dan het oorspronkelijke aanschafbedrag. Anders raakt men de woning kwijt. Dat is asociaal en niet rechtvaardig. Vaak ontstaan in crisissituaties nieuwe waardesystemen en samenwerkingsvormen die waardevoller zijn dan het geld. De machthebbers dwingen echter geldafdracht in plaats van alternatieven. Zo ontstaat een machtsysteem dat de sociale mensenrechten in de weg staan.
In verschillende steden slapen al mensen in hun auto of een tent terwijl er in de vastgoedwereld leegstand heerst dat leeg fiscaal aantrekkelijker is dan met een bestemming voor materieel arme mensen. In een geldgedreven maatschappij zijn mensenrechten alleen toegankelijk voor hen die het kunnen betalen. Mensen die met waardecreatie bezig zijn worden niet gekend. Daar komt verandering in.
Burgerparticipatie
Sinds de jaren 70 is het begrip burgerparticipatie geïntroduceerd. Vóór die tijd had de burger niet veel te vertellen maar gaandeweg was de beleidbeinvloeding van burgers en later, na 2000, de eigen verantwoordelijkheid middels initiatieven, een maatschappelijk groeiend thema. Prof. Laurens de Graaf van de Universiteit van Tilburg heeft deze 40 jarige ontwikkeling in kaart gebracht op een boeiende manier. Toch is hij verbaasd over “de doorbraak stap” van de Stad van Morgen met Sustainocratie. We draaien de wereld namelijk om. De bevolking draagt een maatschappij middels sociale inzet met hulp van de instanties en innovaties. Systeem wordt hulpmiddel niet dominant sturend. Daarmee experimenteren wij in de steden en erbuiten met AiREAS en FRE2SH.
Van belang in deze evolutie is het besef dat vrijheid in een gestructureerde maatschappij gepaard gaat met een leerproces over hoe we met die vrijheid omgaan. En ook hoe de traditionele autoriteiten transformeren van een historisch autoritair bolwerk naar een faciliterend, multidisciplinair, dynamisch netwerksysteem.
Wanneer we als burger meer bewust worden van onszelf (zie blog 1 over mensbeeld) en onze omgeving door kennisontwikkeling, omstandigheden en wens tot samenhang dan gaan we er ook anders mee om. We leggen de verantwoordelijkheden niet zo gemakkelijk meer neer bij een overkoepelend orgaan maar nemen veel meer zelf het initiatief. We zien dan ook enorm veel burger initiatieven ontstaan op gebied van duurzaamheid (stadslandbouw, energie cooperaties, andere mobiliteit, aangepaste woonvormen, nieuwe kijk op diensten en producten, enz) maar in verzet tegen oude, blokkerende normeringen en machtbolwerken.
Vaak begint men met de eigen woning als centrale “cockpit” voor omgevingsgerelateerde activiteiten. Sociaal of Maatschappelijk ondernemen noemen we dat. Het is vaak niet geldgedreven maar waardengedreven. Het verschil is dat men iets wil toevoegen aan de maatschappij dat we in het regerende speculatieve geldsysteem missen, bijvoorbeeld menselijkheid of anders omgaan met de natuur, onze voeding of basisbehoeften. Men investeert dan vooral liefde en inzet in plaats van geld. Men zoekt geen wederkerigheid maar genegenheid, een beetje erkenning en vooral een zinnig bestaan.
Doordat steeds meer mensen werkloos raken door de centralisering en automatisering van productie processen ontstaan er allerlei waardengedreven activiteiten die de recent verworven mensenrechten verder onderbouwen met zinnige initiatieven. Zelfs kleinschalige productiviteit en kunst komt terug in onze nabijheid. Dat schept ook een nieuwe relatie met de omgeving.
Het nieuwe wonen
Er ontwikkelt zich een nieuwe manier van omgang met de omgeving vanuit onze eigen huisvesting. We stellen eisen aan de leefomgeving vanuit gezondheid en veiligheid. Dat gaat nu zelfs een stapje verder. In vele landen ontwikkelen burgers hun eigen wijken en woningen op basis van moderne verduurzamingscriteria. Ook in Nederland zien we dit soort initiatieven ontstaan. Men begint met stadslandbouw, daktuinen, verticale structuren of deelname aan coöperatieve programma’s voor energie opwekking, voedsel zelfredzaamheid en gezondheid programma’s. In een dichtgetimmerde stad is het misschien wel gezellig door vertier op straat en de nabijheid van allerlei voorzieningen maar de afhankelijk van geld en de toenemende risico’s voor gezondheid of armoede raken veel mensen. Zij gaan op zoek naar alternatieve vormen om toch de basisbehoeften in te gaan vullen en creëren individuele initiatieven en samenwerkingsverbanden. Zij vormen bij wijze van spreken de eigen “utopia” en verwachten van de omgeving de ruimte om aan deze woon en werkwensen invulling te kunnen geven. Daarin worden innovaties toegepast die men leert via internet of het goede voorbeeld elders.
Dat laatste gaat niet zonder slag of stoot. De krachtige woningbouwcorporaties in Nederland hebben decennia lang een voorbeeldige functie vervuld voor sociale dienstverlening binnen de context van het verschaffen van een dak boven het hoofd. Het zijn echter bolwerken van macht over de huurder en een speelbal voor de materialistische eigenbelang en die van de staat. Er ontstaat een ongelijkheid in verduurzaming waarin huiseigenaren gebruik kunnen maken van hun eigen daken en infrastructuur om lasten te verlichten vanuit bewustzijn en innovatie. De sociale huursector is echter nog in de ban van de macht van standaardisatie van de jaren 50, 60, 70 en 80 met een verouderde woonvoorraad en een overheid die de huurmarkt leegzuigt wegens geld belang. In 10 jaar tijd is de huurprijs verdubbeld en er staat niets of bar weinig tegenover terwijl de kosten alleen maar stijgen. Sociaal wordt asociaal en de burgers die er iets aan willen doen komen een wetgeving tegen die veelal ingepalmd is door het doorgeslagen materialisme en bureaucratie. Dat schept een groeiend spanningsveld waarin we zien dat nieuwbouwwijken versneld, met twijfelachtige kwaliteit voor de hoofdprijs worden aangeboden. Ook de energietransitie blijft beperkt en sociale interactie met de burgers wordt nog tegengegaan.
Toch is er een sociale wetgeving die stapje voor stapje de maatschappelijke blokkade doorbreekt en de sociale partners dwingen zich open te stellen voor samenwerking met hun bewoners in plaats van tegenwerking of misbruik. Burgers worden mondiger, meer maatschappelijk en juridisch onderlegd en krijgen meer en meer support uit de omgeving. Waar de wetgeving nu nog praat over de kwaliteit van de gebouwen en omgeving als een verantwoordelijkheid waarin vooral de overheid een rol in speelt en de daarvan afgeleidde partners, ontstaat een tendens dat de burgers de rol overnemen in concrete samenwerking met instanties.
Nieuwe maatschappelijke contracten
Net als AiREAS een burger initiatief is voor het samen creëren van een gezonde stad ontstaan er allerlei burger initiatieven die de gebieden dynamisch, open en vooruitstrevend maken. Vanuit de ruimte die sociale rechten scheppen en de inzichten die wetenschap, zelfredzame behoeften, innovaties en zingeving instaat snel en effectief een vernieuwende maatschappij met een geheel ander gezicht.
Wonen is niet meer een plek om je privé terug te trekken en van waaruit men gaat studeren, werken of recreëren. Wonen is in toenemende mate een zelfbewust verbintenis met de omgeving waarin iedereen een steentje bijdraagt aan het groter geheel, alleen of samen. Daarin zoekt men de wederkerigheid die mogelijk is volgens de omstandigheden waarin men leeft maar altijd volgens de inzichten van duurzame menselijke vooruitgang. Burgers werken samen met de woningbouw voor eigen onderhoud en innovaties, zorgen voor hun eigen leefomgeving binnen vooropgestelde kaders maar met grote vrijheid en zoeken cohesie door wijkgedreven projecten en dienstbaarheid naar elkaar.
Zie hier enkele voorbeelden uit de Stad van Morgen zelf:
Stad platteland voorbeeldFietsroute VE2RS Stratum, duurzame initiatievenMijn wijk projecten
Fruitbomen in plaats van heestersNamen en initiatieven verbinden zich blijvend aan “onze appelboom”AiREAS voor de “gezonde stad” is burger initiatief
Voeg in een eventuele reactie je eigen initiatieven (liefst met foto’s en links) toe.
PERSBERICHT
1e FRE2SH Farm Eindhoven – open dag op zaterdag 27 september.
Toegang: Gratis
Website
De eerste Eindhovense FRE2SH Farm is in 2013 in Son en Breugel, aan de Van Elsenstraat 47, van start gegaan en houdt op zaterdag 27 september van 11.00 – 17.00 uur haar eerste open dag.
Een FRE2SH Farm is een locatie waar optimaal gestreefd wordt naar zelfredzaamheid in samenwerking met stadsburgers. De bedoeling van FRE2SH projecten is dat wijkbewoners van Eindhoven samen de boerderij voor vruchtgebruik exploiteren en daarbij niet alleen een stukje zelfvoorziening organiseren maar tevens zelfbewust innovatief bezig zijn met voedsel, energie, recreatie, gezondheid, enz. geïnspireerd door wetenschappelijke kennis, visie en praktische voorbeelden uit de hele wereld. Projectmatig wordt ook verder in de wijken samengewerkt. We zoeken voor FRE2SH Son en Breugel nog naar 2 extra hectare akkerbouw grond om bij de farm te betrekken. Het ligt in de bedoeling komende jaren allerlei FRE2SH Farms rondom Eindhoven, en misschien andere steden, te laten ontstaan en zo Stad/Platteland te verbinden.
Op zaterdag 27 september, tevens nationale burendag, zijn er allerlei activiteiten op de locatie, zoals muziek, uitleg en ervaren klankschalen, divers lokaal voedsel, uitleg over FRE2SH en tuinverkoop van allerhande spullen waarvan de opbrengst ten goede komt aan een te bouwen kas voor voedselproductie.
Daarnaast is er een fietsroute beschikbaar langs diverse lokale zelfredzame en inspirerende (o.a. voedsel, recreatie) bezienswaardigheden waar u van harte welkom bent. De kaart voor het fietsen (van Eindhoven naar Breugel) is in de maak er treft u binnenkort hier op de blog. FRE2SH is een coöperatieve samenwerkingsvorm en is ontstaan uit de Stichting STIR, beter bekend onder de “Stad van Morgen“. Kijk hier naar een foto impressie van deze FRE2SH Farm.Tevens is deze dag meer informatie beschikbaar over andere coöperatieve samenwerkingsvormen, zoals AiREAS ( gebiedsontwikkeling, luchtkwaliteit & Gezonde Stad)en de STIR Academy, een initiatief dat is opgenomen als partner in het EU programma voor Smart Cities and Communities en waar wij als FRE2SH veel inspiratie vandaag halen. Naar voorbeeld van Eindhoven start STIR (Stad van Morgen) in allerlei steden van Europa een inspiratiepunt, HUB genaamd. Tussen alle HUBs wordt inspiratie en goede voorbeelden uitgewisseld. Zo kunnen ondernemers van elkaar leren, inspiratie omzetten in lokale initiatieven en via STIR interstedelijke platforms creëren die aanspraak kunnen maken op Europese fondsen, zoals FRE2SH.Voor nadere informatie kunt u zich wenden tot de initiatiefnemers:
Dit college over de vele facetten en mogelijkheden in voedseltransitie en complexiteit is nu commercieel beschikbaar via STIR Academy als toespraak, werkcollege, STIR werkgroep of project.
Voedsel staat constant in het nieuws. Of het nu gaat om een schandaal in de vlees wereld, de effecten van sancties tegen Rusland voor onze telers, stadslandbouw, verspilling in onze voedselcultuur, de voedselbank in een van de rijkste landen ter wereld of interessante visies over de toekomst van voedsel en eten in een wereld van 7 tot 9 miljard menselijke monden.
Het STIR Avond-werkcollege gaat over allerlei innovaties in de wereld rond voedsel. 6 tot 8 interessante lokale en internationale ontwikkelingen worden uitgelicht met de uitleg waarom men tot de inzichten is gekomen, wat de effecten zijn en hoe het helpt in het oplossen van allerlei problemen in de wereld van voedselvoorziening en consumptie. People, Planet en Proftit wordt toegelicht vanuit de verschillende grote invalshoeken in de menselijke complexiteit.
NB Omdat dit over voedsel gaat kan men niet alleen deelnemen door de kleine financiële bijdrage te leveren maar ook door als alternatief het equivalent in voedsel mee te brengen.
18:30 – zaal open en ontvangst
19:00 – start college – de verschillende opvattingen over voedsel in de wereld volgens de menselijke complexiteit.
Discussie met de aanwezigen
20:00 – pauze
20:15 – voedselinnovaties en initiatieven, in Eindhoven stad en regio, Europa en de wereld
21:00 – discussie met de aanwezigen en mogelijk werkgroep-actieplan
Dit is de 8e blog in de serie van 20 over de grote omslag van Jean-Paul Close, initiatiefnemer van de Stad van Morgen (STIR).
Deze blog gaat over arbeid
Blog 8 – arbeid
Een van de grootste vraagstukken van deze tijd is de evolutie van betrokkenheid bij de maatschappelijke inzet en productiviteit, vaak ook “arbeid” genoemd. Het woord verwijst vandaag de dag naar betaald werk in een arbeidsrelatie. Het is een begrip dat voortkomt uit de industrialisering en zich heeft ontwikkeld tot een van de pilaren van onze economie. Iemand die werkt krijgt salaris en met salaris heeft men toegang tot de invulling van levensbehoeften en luxe. Het feit dat men afhankelijk is van iemand anders voor een salaris noemen we “transactie economie”. De geldstroom die ontstaat is onderhevig aan allerlei spanningsvelden zoals beschreven in blog 6 over Geld.
Arbeid is op die manier verworden tot een van de drie grote inkomstenbronnen van de overheid, naast BTW en vennootschapsbelasting. Het is daarom niet vreemd dat de overheid sterk aanstuurt op betaalde arbeidsrelaties. Zo is er een cultuur ontstaan waarin iemand die een baan heeft “erbij hoort” en iemand zonder baan niet. Met een baan heeft men een inkomen en toegang tot de maatschappelijke diensten en zekerheden. Men kan een huis huren of kopen, de supermarkt bezoeken, energie inkopen en luxe verwerven.
Zo zien we dat in onze huidige maatschappelijke context het mogelijk is dat een bestrafte pedofiel in gesalarieerde dienst van de sociale werkplaats een huis kan betrekken en een luxe leven leiden terwijl een werkloze moeder van drie kinderen uit huis geplaatst wordt wegens huurachterstand. De vraag kunnen we ons stellen of we als maatschappij onze aandacht en focus wel juist leggen? Binnen de context van de evolutie en menselijke complexiteit is het krijgen en opvoeden van kinderen een heilige taak die omringd zou moeten zijn met respect, steun en hulp. De moeder met kinderen is in de evolutie waardevoller dan de man die schroefjes aandraait in de fabriek. Nu is dat vreemd genoeg andersom.
Waar leggen we de maatschappelijke focus? Arbeid of Inzet?
Spanningsveld
Het geldgedreven systeem levert een spanningsveld op met het natuurlijke evolutionaire systeem. De mens speelt een rol in beide werkelijkheden en ervaart de stress tussen de systemen als een persoonlijke en vaak ook collectieve crisis. Die kan worden veroorzaakt door beide kanten. Het geldsysteem kan zo immoreel worden dat het armoede, ongelijkheden en misstanden veroorzaakt die niet meer door het geldsysteem worden opgevangen. Er vallen dan mensen letterlijk buiten het systeem. De getroffen mensen zijn dan al snel aangewezen op de natuurlijke werkelijkheid door opgevangen te worden door de medemens of zich in de natuur terug te trekken en vanuit zelfredzaamheid weer een bestaan op te bouwen. Als dit niet lukt dan komt men in een bedreigende situatie terecht.
Ook de evolutionaire natuurlijke werkelijkheid kan voor crisis zorgen door ziektes, catastrofes, rampen, klimaatproblemen, enz. die weer de geldgedreven werkelijkheid onderuit halen en hele maatschappijen in de problemen helpen. In deze tekening heb ik de mens geplaatst tussen de twee werkelijkheden waarin ik een onderscheid maak tussen de essentie van het mens zijn zoals beschreven in blog 2 over moleculaire opbouw van ons bestaan en blog 7 over God en ons burgerschap in een maatschappelijke werkelijkheid waaraan we door inzet of arbeid bijdragen.
Het spanningsveld in beeld gebracht
De bewustwording die wij doormaken als mens wanneer wij geconfronteerd worden met onze basisbelangen als natuurlijk fenomeen is vooral een contrast met ons handelen in de automatisering van een bepaalde burgerschap-cultuur. Het spanningsveld is positief geladen wanneer wij ons bewust zijn van onze natuurlijke werkelijkheid in relatie tot onze maatschappelijke organisatie en onze inzet en interactie afstemmen op duurzame menselijke vooruitgang. Wanneer wij dat niet doen en ons alleen focussen op geldgedreven groei van het systeem dan raken wij los van het natuurlijke systeem waardoor de gevolgen zich middels crisis opbreken zowel individueel als collectief. De negatieve energie in het spanningsveld is waar te nemen door de toename van armoede, criminaliteit, opstand, zelfmoorden, agressie, ongelijkheid en immoreel systeemgedrag (zoals de bonuscultuur, vervuiling, machtsmisbruik, enz). De negatieve energie bouwt zich op en breekt door een recessie, depressie of oorlog. Paradoxaal lijkt het onmogelijk om de negatieve energie te doorbreken omdat de regerende systeemmacht dezelfde instrumenten gebruikt om de problemen op te lossen die ze veroorzaakt hebben. Hierdoor wordt het probleem alleen maar erger en loopt het spanningsveld steeds sterker op.
De grote omslag
Binnen de inspiratie van het model van menselijke complexiteit zien we ook beide spanningsvelden terug. De positieve lading ligt boven de horizontale lijn van materiële complexiteit die doorbroken wordt door de lijn van morele bewustwording. Onder de lijn is de negatieve lading die zich door groei laat opbouwen en via chaos tot explosie komt. De maatschappelijke focus op groei is dodelijk voor onze evolutionaire verwachtingen. De onbalans bouwt zich op terwijl de reacties aan de kant van bewustwording op zich laten wachten.
Natuurlijke evolutie
De maatschappelijke onbalans wordt veroorzaakt door een maatschappij type dat niet gebaseerd is op ons huidige menselijke bewustzijnsniveau maar op de elementaire bouwsteen van het onbewuste, daar waar de moraal nog geen opbouw heeft ondervonden. In essentie hebben wij ons ondergeschikt gemaakt aan een gevoelloos groeisysteem dat gebaseerd is op lucht en ten kosten van alles zichzelf opblaast door geen enkele rekening te houden met de natuur van de mens en omgeving. Als de mens ophoudt te bestaan dan houdt ook het geld op te bestaan en alles wat eraan is gerelateerd. Geld is afhankelijk van het voortbestaan van de mens en de planeet, niet andersom. En de mens is afhankelijk van haar natuurlijke omgeving en de manier waarop we ermee omgaan, niet de economie.
De grote omslag draait daarom het de maatschappelijke herstructurering waarin geld weer ondergeschikt wordt gemaakt aan natuurlijk menselijk belang. Onze morele verantwoording naar onszelf moet weer tot uiting komen in een systeem dat korte en lange termijn belangen evolutionair op elkaar afstemmen. Arbeid is niet dienstbaar naar het geldsysteem maar inzetbaar voor de waardecreatie van een natuurlijk menswaardig bestaan. We hebben het dan niet over de industriële belangen van schroefjes aandraaien of de belastbaarheid van transacties maar over de waardengedreven inzet en wederkerigheid van onze activiteiten.
Sustainocratie
De oplossing is niet zo moeilijk als het lijkt. Het is helemaal niet nodig dat onze maatschappij door de vernietiging van een oorlog of depressie gaat om orde op zaken te stellen. We moeten aanspraak maken op ons bewustzijn en onze maatschappelijke structuur en samenhang afstemmen op de natuurlijke werkelijkheid waar wij afhankelijk van zijn. Sustainocratie heeft dat eenvoudig opgelost door verantwoordelijkheid en handel van elkaar los te koppelen en verantwoordelijkheid van een maatschappelijk hoger doel te voorzien. Handel en economie schikt zich dan naar menselijkheid en niet andersom. Door de transformatie economie van Sustainocratie toe te voegen aan onze bestuurlijke werkelijkheid schonen we vanzelf onze systemen op wanneer het spanningsveld van positief naar negatief dreigt om te slaan. We worden alert op het spanningsveld zelf en putten uit onze kennis, maatschappelijke cocreatie en samenwerking om de balans te herstellen. Uiteindelijk ontstaat een cultuur van samenhorigheid en duurzame ontwikkelingen die welzijn in stand houdt voor de mens zonder een aanslag te doen op de medemens noch onze natuurlijk omgeving.
Sustainocratie: Verantwoordelijkheid levert waarden die de handel doet groeien
Sustainocratie: Duurzaam leiderschap van waardecreatie voedt financieel leiderschap van groeiAllerlei Sustainocratische initiatieven van Stad van Morgen zichtbaar in de 2013 kerstwens
Onze STIR partner in Antwerpen, Werner van Ginneken, heeft een monetaire reset ideologie beschreven. Deze 11 paginas van buitengewone inzichten in de menselijke complexiteit van transformatie kunt u hier downloaden:
Omdat de materie een brug slaat tussen enorme spanningsvelden waar de meningen om diverse redenen over verdeeld zijn is de gedachten ontstaan om er een Delphi studie aan te wijden. Een Delphi-studie is een manier om een ingrijpende verandering te toetsen aan een beeld van de toekomst door verschillende visies, disciplines en autoriteiten ermee te confronteren.
Werner zelf verkiest de weg van een open Delphi forum.
Ikzelf stel voor om er een publiek debat van te maken in een universitaire setting met multidisciplinaire betrokkenheid. STIR Academy is daar een instrument voor.
Mocht u al een mening willen delen dan kan door te reageren op deze blog of via het forum.
Dit is de 7e blog van de serie van 20 over de grote omslag van Stad van Morgen oprichter Jean-Paul Close. De serie beschrijft de enorme transformatie waar wij allemaal, de wereldbevolking en onze maatschappij structuren in verwikkeld zijn.
Deze 7e blog gaat over het begrip “God” uit wiens naam de meest verschrikkelijke dingen gebeuren terwijl het begrip juist de leven scheppende kracht van het universum weergeeft. Wat is die scheppende kracht? Wat heeft de mens ervan gemaakt? En wat heeft het Godsbeeld voor betekenis in deze grote omslag?
Blog 7 – God
Onze wereld van voorspoed en welzijn wordt de laatste tijd angstaanjagend opgeschrikt door barbaarse onthoofdingen, bloedbaden en oorlogen, uitgelegd vanuit een religieus perspectief. Geloof lijkt in de lange geschiedenis van de mens een bloederig spoor van geweld achter te laten door het opdringen van en strijd tussen geloofsculturen. De rest van de wereld, die er vol walging, onrust en gevoel van onmacht naar kijkt, vraagt zich af of er wel een barmhartige, liefdevolle God bestaat die anders zoveel betekenis geeft aan leven, liefde en hoop? Hoe is het in “God’s naam” mogelijk dat deze uitersten van haat en liefde bestaan binnen het wonder van het leven? Wat bezielt “de mens” om op een wrede manier met de schepping en elkaar om te gaan?
Aan de hand van wetenschap en mijn model van de complexiteit van het leven en onze evolutiepatronen gaan we uitgebreid analyseren hoe het leven ontstaat en evolueert. De uiteindelijke complexiteit van de mens en ons verwarrende zelf-bewustzijn komt dan vanzelf aan de orde. De verwarring gaan we ontrafelen om uit te komen op de vreedzame en duurzame vooruitgang waar o.a. de Stad van Morgen voor staat, in plaats van moord en doodslag dat we nu zien ontwikkelen in de wereldmaatschappij.
In het complexiteit model heb ik alvast voor beeldvorming wat geloofsbegrippen weergegeven. Die lijkt op dit moment misschien wat abstract maar dat lossen op door rationeel in te zoemen vanuit verschillende invalshoeken.
Evolutie van “God” bewustzijn in beeld gebracht
Wat is God?
Om tot antwoorden te komen is het belangrijk dat we een beeld krijgen van wat “God” nu eigenlijk is volgens moderne begrippen. Dan is het misschien ook mogelijk om “de mens” opnieuw te relateren aan God en daarmee niet alleen ons gedrag verklaren maar ook de kaders helpen bepalen die nodig zijn om op duurzaam vooruitstrevende en harmonieuze manier met elkaar om te gaan, in plaats van elkaar naar het leven te staan om de meest uiteenlopende onzinnige redenen.
Als we het over God hebben in filosofische zin dan verwijzen we veelal eerst naar het wonder van het ontstaan van het leven op Aarde. Er wordt verwezen naar een superieure kracht of macht die levens-scheppend zou zijn maar onzichtbaar voor de normale mens. Aan deze onzichtbare macht wordt tegelijkertijd op beeldende manieren menselijk gedrag toegekend, niet alleen door God af te beelden als bejaarde blanke man met een grijze baard op een wolk maar ook door de menselijke vormen van God’s profeten waaraan “het woord van God”, godsdiensten en gedragsregels worden ontleend. Hierdoor willen mensen God vaak toespreken als een fysiek persoon, een soort hemelse rechter, die bij machten is om dingen te veranderen of beter te maken en zelfs “te vergeven”. Vertegenwoordigers van het geloof willen zich vaak voordoen als spreekbuis namens die verpersoonlijkte God in plaats van een bron inspiratie door interpretatie van de universele levenskracht.
In de oude, opgebouwde geloofsovertuigingen zit altijd een sterke kern van natuurlijke, herkenbare waarheid die nu gaandeweg wetenschappelijk te verklaren is. Deze moderne wetenschappelijke kennis levert echter een aantal fundamentele nuance verschillen op met de gangbare religies of geloofsuitingen van mensen of doctrines. Dit geeft ons (en de kerken) de mogelijkheid de kaders bij te stellen die wij als gedragsregels hanteren vanuit de diversiteit van onze Godsbelevingen. Dit is nodig om vrijheid van Godsdienst te waarborgen maar overkoepelend de barbaarse, duivelse praktijken van misbruik, moord en doodslag uit God’s naam voor eens en voor altijd te bannen.
Het ontstaan van het leven is wonderbaarlijk maar geen wonder
Door de vroegere onverklaarbaarheid is het leven door onze verre voorouders toegeschreven aan hogere onzichtbare machten die het wel en wee op Aarde en daarbuiten bepalen, vaak met mensachtige trekjes van boosheid, jaloezie, overspel, macht, enz. die via natuurkrachten (wind, zon, regen, donder, aardbevingen, overstromingen, bliksem, enz) kenbaar werden gemaakt. Door de onzichtbare kracht werd zinspelen op deze goddelijke ergernissen een manier om angst onder de mensen te zaaien en macht uit te oefenen “uit naam van”. Die vorm van onderdrukking is echter niets anders dan menselijk theater waar ook desgewenst agressie en dwang aan wordt gekoppeld. Heilige geschriften, profetieën en bijbehorende religies verwijzen over het algemeen juist naar het tegenovergestelde, zelfs de verwerping van deze en andere vormen van agressie die de mens veroorzaakt door valse, misplaatste en verdraaide God interpretaties. De werkelijke betekenis in de teksten en verhalen verkondigen in grote lijnen juist nederigheid, naastenliefde, barmhartigheid en harmonie die door de profeten zelf als voorbeeld voor de mensheid werd opgebracht door vertoon van liefde, empathie, zingeving en zelfs opoffering.
Met deze boodschappen en bijbehorende pastorale dienaars staan de godsdiensten midden in de geest van de schepping. Het menselijke theater van agressie, verkrachtingen, machtsvertoon en moord, dat dezelfde basis gebruikt, is juist in alle opzichten godslaster uit menselijke heb en machtzucht en dient geen kans te krijgen om voet aan de grond te krijgen, laat staan te groeien. Er is een massale noodzaak om hiervoor te waken. Pijn is weliswaar een bron van bewustwording en de dood is voeding en schepping van ruimte voor nieuw leven maar beide zijn geen instrument voor manipulatie noch machtmisbruik. In de religie is het werk van de duivel in de hel en dat van God in de hemel uitgebeeld in verschillende parallelle ontastbare wereldbeelden naast onze tastbare wereld.
De grote omslag geeft betekenis aan de interactie en integratie van de tastbare en ontastbare werelden in ons dagelijks bestaan. Beide behoren ze tot onze werkelijkheid waarin het Godsbeeld en Duivelsbeeld structureel onderdeel worden van onze bewustzijn en organisatiemodellen.
De werkelijke God’s basis van ons bestaan
Daarvoor dienen we ons af te vragen waarom dezelfde grondstoffen als onze levenloze, stenen omgeving zich zo wonderbaarlijk samenvoegen om tot leven te komen in allerlei vormen en maten, inclusief de mens? Als we naar een vliegende vogel kijken dan kunnen we ons afvragen waarom deze in weer en wind tot een levend geheel blijft en pas uit elkaar valt tot moleculen stof als het dood op de grond ligt? Datzelfde geldt voor alles wat zich samenhoudt met die speciale levenskracht. Wijzelf zijn ook zo’n berg moleculen die tot leven zijn gekomen. Wij zijn zelfs in staat om in een spiegel te kijken en wat we zien “ik” te noemen. Het leven heeft zo een identiteit en de oorsprong hebben wij er ook een gegeven: God, de schepper.
De complexiteit van een levende vliegende vogel of pratende, werkende, liefhebbende mens vindt zijn oorsprong in een unieke natuurlijke gebeurtenis die wij traditioneel opdragen aan God, de schepper: het ontstaan van het leven op Aarde. Dit levensfenomeen is niet zo wonderbaarlijk als onze voorouders werd voorgeschoteld. Men beschikte destijds niet over de moleculaire kennis om de inzichten een wetenschappelijke basis te geven. Geloof was een paraplu waar al het onbegrijpelijke aan opgehangen kon worden. De filosofische denkwijzen in onze geschiedenis raken daarom veelal de essentie maar worden ook gemanipuleerd door historische angsten, belangen en ongefundeerde fantasie.
Nu weten we dat de eerste levensprikkels voortkomen uit een uiterst zeldzaam “vibrato” in moleculen, die zich voordoet onder zeer speciale omstandigheden en daarmee een verbindende onderlinge band tot stand brengt tussen schijnbaar onverenigbare moleculen. De verbintenis is blijvend van aard. Daaruit ontstaat een concreet nieuw vibrato die niet meer variabel en zeldzaam is maar vast en continu, met een aantrekkingskracht op de omgeving om op zoek gaat naar groei door het innemen van nieuwe moleculen. De levende vorm die is ontstaan is geen nieuw molecuul door fusie of chemische reacties maar een elementaire levensvorm door harmonieuze inter-moleculaire relaties met speciale eigenschappen.
“Het leven” ontstaat daarom uit een unieke combinatie van:
* optimale omgevingsfactoren * moleculair vibreren (soort basis communicatie) * harmonieus verbond (samenhang) * bewustzijn (doelgericht contact en interactie met de omgeving)
Het verschil tussen alle levensvormen is de complexiteit die zich ontwikkelde door de groei-evolutie en differentiatie van deze levenskracht. Doordat de allereerste harmonieuze levensband pas ontstaat onder extreem zeldzame omstandigheden kunnen we dit “de hand van God” noemen, een soort verzamelterm voor alle leven in het universum alsof het door een scheppende kunstenaar is gemaakt. Vanuit deze metafoor is God inderdaad universeel, van buitenaardse oorsprong, authentiek en alom aanwezig. Het is geen mens, heeft geen menselijke vorm maar is een natuurlijk fenomeen dat materie, energie, vibratie en bewustzijn in één verbindt tot levende schepsels. Wij als mens zijn net zoveel evenbeeld van God als een boom, een kraai of een vis, allemaal afstammelingen van die eerste harmonieuze levensvonk die het proces op Aarde opstartte.
Bewust zijn
Wat dit alles zo speciaal maakt is het begrip en fenomeen “bewust zijn”, de identiteit van de levensvorm. De eerste vibrerende moleculen die elkaar in harmonie vinden en verbinden zijn “bewust” van elkaar door deze energetische band die als een soort onderlinge magneet of lasso werkt. Het is echter geen magneet omdat de band die ontstaat een uniek nieuw stabiel vibrato oplevert dat groei veroorzaakt door te gaan verbinden, consumeren en dupliceren in processen die zich herhalen en steeds nieuwe limieten opzoeken (points of singularity). Het levens-vibrato blijft de moleculen verbinden aan een identiteit zolang ze leven. Anders vallen de moleculen weer uiteen voor eventueel hergebruik in nieuwe verbintenissen. Gaandeweg is het genetisch programmeren ontstaan van de identiteit. Dit is een evolutionaire basis geworden dat het hergebruik voorziet van verander en verbeter mechanisme zonder het harmonieuze kader van het verleden te verliezen. Hoe complexer de mechanische genetische levensstructuur des te complexer ook de bewustzijnsontwikkeling.
Zo zien we in de genetica de hele evolutie terug, niet alleen het huidige bestaan. Genetica is daarom ook een wetenschappelijke vorm van archeologie van het bewustzijn naast het in kaart brengen van de mechaniek van de materiële opbouw van levensvormen. In de studie van het bewustzijn zijn nog veel geheimen te ontrafelen en bevinden we ons slechts in een prille fase van kennisontwikkeling. Het feit dat ik het bewustzijn positioneer als een soort extra DNA-lijm naast de mechanische evolutie van het leven, is reeds een grote omslag voor de mens. Het tastbare van het leven heeft ons wetenschappelijk beziggehouden maar het ontastbare is veelal nog een belangrijk incognito. Vandaar dat het God aspect nog door materialisten in de sferen van zweverigheid wordt geplaatst terwijl het behoort tot de kern van onze tastbare levende werkelijkheid.
De mens
In de complexe vorm van de mens, waarin 5 miljard jaar Aardse levensevolutie tot leven komt en zich herhaalt, ervaren wij dit moleculaire bewustzijn als spirituele openbaring terwijl onze dagelijkse mechanismen functioneren middels de interactie met zintuigen en emoties. Deze trachten wij te rationeel interpreteren vanuit het fenomeen zelf-bewustzijn. De communicatieprikkels veroorzaken een complex samenspel van innerlijke chemische en levenskracht processen (zoals hormonen) die bepalend zijn voor de manier waarop wij reageren op prikkels vanuit o.a. opgewekte emoties. Het rationaliseren van de vele prikkels is een soort filter om de vele innerlijke impulsen te nuanceren en structureren. Veel van onze keuzes gebeuren nog automatisch en onbewust door de natuurlijke processen van actie = reactie in onze chemische huishouding, maar sommige keuzes zijn doorgebroken tot ons bewustzijn en worden beïnvloed door ons niveau van rationele interpretatie van prikkels. Angst bijvoorbeeld staat aan de basis van ons bewustzijn rond goed en kwaad waaruit de krachten van de duivel die van God lijken te evenaren maar uiteindelijk God altijd wint. God is het eeuwig leven en de harmonie, de duivel is de angst voor pijn en de dood. Tussen God en de duivel zit de fase van Godsontkenning van harmonie door de agressie van groei en hebzucht of gemakzucht. Tussen de duivel en God zit de profetie van een harmonieus leven door samenhang vanuit bewustwording. In de werkelijkheid staat God synoniem voor welzijn en de Duivel voor chaos. Als we het goed hebben dan ervaren we harmonie en is ons God-besef ver te zoeken. Als we het slecht hebben dan gaan we op zoek naar nieuwe harmonie via profeten en vervloeken het slechte (de duivel). Wij beleven de innerlijke krachten tussen God en de duivel door cyclisch ons te bewegen in de transitie van welzijn, via luiheid en hebzucht naar chaos en vernieuwing naar nieuw welzijn door bewustwording na pijn.
Ons lichaam zelf is daarbij ook samengesteld uit moleculair, genetisch geprogrammeerd bewustzijn. De voeding en paringsinteractie met onze omgeving is ook daarop gebaseerd. Op microscopisch niveau vindt de harmonieuze interactie binnen en buiten ons lichaam constant plaats door samenwerking met miljarden virussen en bacteriën zonder wie we niet kunnen bestaan. In feite is elk levend wezen een universum op zichzelf dat bestaat uit de harmonieuze symbiose met veel andere soorten.
Het leven bestaat uit de energieke interactie tussen materie en bewustzijn
Als die harmonie wordt verstoord door vervuiling, groeilimieten, concurrentie, chaos, enz dan ontstaat er lichamelijke ziekte, onbalans, verwonding en verval. Als we gezond zijn ervaren we welzijn en zijn we onbewust van risico’s. Wanneer we ziek zijn worden we bewust en leren ons gedrag risicomijdend af te stemmen op de geworven deskundigheid.
Als we dit allemaal optellen en plaatsen binnen de context van onze huidige maatschappelijke organisatie en levensstijl dan zien we dat we op de laagste sport van bewustzijn zijn aangeland en onszelf hebben georganiseerd rond ontkenning van God, de levenskracht en harmonie. Individualisering rond geldbelang heeft de afstand tot symbiose en natuurbewustzijn zo groot gemaakt dat er alleen een brug te slaan is tot een nieuwe fase van welzijn via chaos en profetieën. We zitten midden in dit proces waarbij de profetieën zich zowel uiten door Duivelse (eigenbelang, hebzucht, moord, criminaliteit, misbruik, macht) als Goddelijke (welzijn, symbiose, balans, liefde, barmhartigheid) paradigma’s. Het zijn niet de buitenaardse krachten die ons beïnvloeden hier maar onze persoonlijke innerlijke keuzes waarin de spanningsvelden zich afspelen. We zien dat de 4 grote culturen (hebzucht, chaos, aanpassing en welzijn) in beweging zijn met op dit moment het grote zwaartepunt tussen hebzucht en chaos op diep duivels niveau.
Waarom is dit zo belangrijk in de grote omslag?
Als we bovenstaande snappen dan kunnen we ook met andere ogen kijken naar onze relatie met de omgeving, de manier waarop we ons voeden, hoe we als mens omgaan met elkaar en de natuur, enz. We kunnen de macht-hiërarchieën de rug toekeren en autoriteit toekennen aan de maatschappijvormen die met het leven omgaan vanuit respect, samenhang en zelfbewustzijn. We beseffen onze eigen verantwoordelijkheid in deze als zelf functionerend, kwetsbaar universum binnen het grotere geheel. Dit Godsbesef als universele moleculaire levensband is de essentiële basis van de maatschappelijke transformatie en menselijke systeem complexiteit. De huidige culturen en maatschappij structuren zijn gebouwd op gebrek aan Godskennis en ontkenning ervan vanuit eigenbelang en materiële hebzucht door gebrek aan inzichten en kennis op gebied van bewustzijn. De grote crisissen die de mens veroorzaakt en daarmee zichzelf dreigt te vernietigen zijn allemaal te herleiden naar het ontbreken van Godsbesef zoals hier beschreven, ook al zijn de oude religies er veelal intuïtief op gebaseerd. Door ontkenning van de Gods-basis van ons bestaan geven we ruimte aan de duivelse praktijken van criminelen die misbruik maken van de situatie en het ontbreken van morele rechtsfundamenten op basis van bewustzijn en harmonie door algehele focus op economische groei en geldafhankelijkheid.
De kick-off van het leven
De rol van de kerken
Het is daarom niet vreemd dat de basisboodschap van de meeste religies dat complexe symbiotische verbond voorziet van heilige waarden en het als morele adviesstructuur en leerschool aanbiedt aan de mens met de profeet of eigen heiligen als goede voorbeeld. Vanuit dit perspectief staan de religies vaak dichter bij de levensboodschap dan de huidige hiërarchische, bureaucratische structuren van overheden over hun bevolking. In de godsdiensten wordt samenscholing, symboliek, zang, inspiraties, muziek en ceremonies gebruikt om de mensen bewust te maken van hun spiritueel/emotionele oorsprong die dagelijks actief is in en rond ons lichaam.
De essentiële functie van godsdienst is om die symbiotische samenhang te faciliteren ten behoeve van de duurzame menselijkheid vanuit kennis en bewustzijn-ontwikkeling. Zo beïnvloedt men de mens en haar gedrag vanuit de positieve beleving van universele energie en hulp bij interpretaties van werkelijkheden. Slechts weinig godsdiensten zijn daarbij dienstbaar aan het geheel (universum, Aarde, natuur en mens) maar concentreren zich gefragmenteerd uitsluitend op de mens en hun macht door groepsvorming rond het vereren van het leven via een Godsbeeld. Dat is op zich uitstekend vanuit een spiritueel oogpunt van de eerste fase van bewustwording over samenhang (empathie) maar verwerpelijk als de mens of groepen van mensen daarmee als uitverkorenen worden neergezet. Die vorm van manipulatie sluit andere gezindheden én de natuur uit alsof de ene doctrine van harmonie beter zou zijn dan de ander. Dat is natuurlijk niet zo. Elke interpretatie is prima mits het aanstuurt op vrijheid, liefde en ontmoeting. Betutteling, beroving van vrijheid, opjutting en zelfs confrontaties zijn een vertoon van onbenul, gebrek aan kennis en misbruik van de goedgelovigheid van de vredelievende, vaak goedgelovige en angstige medemens. Het is dan geen geloof meer maar gevangenschap en dreiging.
Dat is ook een van de redenen waarom de dogmatische oude macht en mens gerichte religies steeds minder geaccepteerd worden door de meer intellectueel ontwikkelde groepen mensen die op zoek gaan naar een nieuwe spirituele beleving van meer holistische aard.
Openbaringen
Het leven openbaart zich aan ons terwijl wij leven en raakt ons zelfbewustzijn door ervaringen, interpretaties van gebeurtenissen en keuzes die we maken. We leren zelf en van elkaar door openbaringen te delen, te vergelijken en van inzichten te voorzien. Op individueel niveau speelt tijd een belangrijke rol omdat vele levenservaringen zich verzamelen en tot bewustzijn-doorbraken komen. Op collectief niveau hebben we kaders en hulp nodig omdat we door onze zoektocht en zelfbewustzijn ook in aanraking komen met de negatieve krachten zoals hebzucht, concurrentie, jaloezie, gemakzucht, onbalans, enz.
De kaders noemen wij “systeem”. Er zijn meerdere systemen actief in onze maatschappij en dat levert niet alleen stress op in keuzes en belangen maar ook verkeerde interpretaties of zelfs het “vergeten” of “ontkoppelen” van de grote werkelijkheid. De grote omslag zal daarom veel meer vanuit het geheel zich positioneren dan vanuit de gefragmenteerde deelbeleving van de werkelijkheid. De bewustzijn doorbraak gebeurt nu massaal in de wereldbevolking waardoor nieuwe groepen ontstaan die een nieuwe fase van de mensheid inluiden. Daarmee wordt volop geëxperimenteerd omdat men het eens is over de eindigheid van de complexiteit van het verleden maar geen overeenstemming nog heeft over de harmonieuze werkelijkheid van morgen. Sustainocratie is een maatschappelijke complexiteit die zich uitnodigend plaatst op niveau van nieuw bewustzijn en permanente cocreatie naar permanent welzijn vanuit de erkenning van levenskracht.
De taal van het bewustzijn
Het menselijke complexiteit model van twee lijnen introduceert de reële lijn van het bewustzijn. De horizontale lijn vertegenwoordigt de mechanische, materiële, tastbare kant van het leven, de organisatie, structuur en de activiteiten. Deze hebben wij als mens flink doorontwikkeld zonder bewust stil te staan bij de andere fundamentele lijn, de Godslijn van samenhang en cohesie die levens-scheppend is maar ontastbaar. Deze verticale lijn verklaart de ontwikkeling en het leerproces van het bewustzijn, de moraal en verantwoordelijkheid. Beide lijnen zijn steeds met elkaar in conflict van waaruit ons leerproces ontstaat. Lange tijd overkwam dit conflict ons in de vorm van crisissen omdat we ons alleen concentreerden op de materiële en organisatorische kant van het bestaan, niet de lastig te begrijpen ontastbaarheid van de samenhang vanuit energie en bewustzijn.
Het conflict tussen bewustzijn en het mechanische doen levert een evolutionair leerproces
De twee lijnen vormen een kruis dat niet statisch is maar levendig, reizend. De kruising van de lijnen ligt langs de rode draad van onze evolutie en symboliseert het evolutionaire conflict tussen uitvoeren en leren, doen en zijn. Het kruis openbaart de noodzakelijke tegenstellingen (groei, chaos, aanpassing en symbiose) die leiden tot de intensiteit van leven in een harmonieuze dynamiek en evolutionaire verscheidenheid. Hoe simpel de lijnen zich manifesteren en laten uitleggen des te complexer de evolutie zich aftekent.
Wat is het geheim van God?
Het model omvat het “geheim van God” door te begrijpen hoe levenloze materie op magische wijze tot leven is gekomen miljarden jaren geleden, dat dit heel normaal is en het wonder zich dagelijks herhaalt. Wij zijn onderdeel van dit wonder. Vanuit bovenstaande, met in acht name van de symbiotische complexiteit van elk menselijke leven zelf en in relatie met de omgeving kan ik stellen dat we niet door God zijn gemaakt maar van God. En dat dit Godsproces zich constant in ons en buiten ons afspeelt in de vorm van harmonieuze relaties. Als de symbiose ophoudt te bestaan dan houdt het leven op en gaat het dood. Dat gaat veel verder dan conflicten tussen groepen mensen. Door vervuiling, misbruik van de omgeving, ontkoppeling van de werkelijkheid door afhankelijkheid van “bewusteloos” geld, enz zorgt voor een totaal verdwijnen van samenhang. Zoals gezegd verdwijnt dan ook de goddelijke levenskracht met de dood tot gevolg. We zijn daarom aantoonbaar bezig met onze zelfvernietiging als mens. Dat geldt niet alleen voor de moordzuchtige groepen die religie gebruiken om anderen uit te roeien maar ook de misdadige structuren die vervuiling veroorzaken die ons vernietigen uit geldbelang.
Stad van Morgen
De grote omslag is dat we weer verbinden met die oorspronkelijke levensbron van verbinden, cocreatie en harmonie. De mensheid is ervan afhankelijk. Zelf tracht ik het voorbeeld te geven door in de Stad van Morgen deze grote omslag vorm te geven en uitnodigend de processen open te stellen voor deelname van iedereen. We praten dan over “insluiten, nooit uitsluiten”. Het doet mij denken aan de christelijke boodschap “komt u allen tot mij en u zult gered worden”. Redeneren vanuit het grote geheel vergt een nieuwe manier van kijken naar de werkelijkheid, zowel de geschiedkundige opbouw als het loslaten van de beperkingen van gefragmenteerde dogma’s (zoals dwangmatig religieus machtsvertoon, geldafhankelijkheid, schuld, enz) en cyclische manifestaties van groei, chaos, opbouw en harmonie. Daarvoor is het nodig het godsbesef te begrijpen vanaf het ontstaan en de ontwikkeling van het leven, met harmonie en samenhang in plaats van de onderdelen ervan zoals groei, verval of aanpassing.
Wij zijn wel degelijk geschapen naar evenbeeld van de goddelijke harmonie volgens een muzikaal energetisch patroon van universeel bewustzijn, maar zonder eenzijdige fysieke beeltenis behalve die van onszelf als mens. Onze gelijkenis op God is dat van “vader Jacob” vergeleken met “de 9e symfonie van Beethoven”. We lijken op elkaar omdat we muzikale octaven gebruiken maar in complexiteit kunnen wij als mens en natuur in de evolutie nog veel meer doorontwikkelen. Het is een oneindig proces waarin de mens geen eindpunt is. Daarnaast vergt het ook in de muziek, net als in het leven, oefening en begeleiding om de symfonie zuiver en niet vals te spelen.
God is daarom een unieke verbindende kracht dat zich universeel uit in evolutionaire levensvormen en bewustzijnsmanifestaties die steeds zoeken naar harmonie en samenhang.
Zelfbewustzijn is een uitdagend fenomeen
Naar mate de evolutie zich verder in complexiteit ontwikkelt openbaart het bewustzijn zich ook. Waar voorheen de keuzes voor vooruitgang werden gedaan door voorgeprogrammeerde reacties op prikkels vanuit de omgeving, ontstaat ineens een zelfbewuste openbaring en interpretatie van de werkelijkheid. De eerste mens, in religie vaak symbolisch Adam en Eva genaamd, werd geconfronteerd met het maken van zelfbewust doordachte keuzes en het innerlijke conflict tussen belangen. De keuzes worden genomen op basis van de rationele complexiteit die is ontstaan. Binnen in ons leeft de harmonieuze moleculaire opbouw van alle levensfasen sinds het ontstaan van het leven tot aan de mens als afgeleidde, en de manier waarop ons onderliggende bewustzijn de vele oerprikkels interpreteert en tot ons bewustzijn doet doordringen. Dit wordt ineens aangevuld met een rationele interpretatie die de prikkels “tracht te begrijpen” om te voldoen aan levensritmes van zelfbewustzijn die we nu ervaren. Dat dit voor vele filosofische interpretaties vatbaar is moge duidelijk zijn, zeker als we ons zo’n 2 miljoen jaar in het verleden plaatsen. De ogen openen voor de zelfbewuste interpretatie van onze omgeving moet gepaard zijn gegaan met enorme gevoelens van angst en onzekerheid. Om daarmee om te gaan dienen we ons bewustzijn te begrijpen en structureren. De eerste handvatten zijn onze instincten die ons motiveren tot groei, hebzucht en concurrentie. Pas veel later komt het verlangen naar harmonie en samenhang. Die collectieve fase is nu aangebroken op wereldniveau.
De mechanische structuur van ons bestaan werd gekaderd in maatschappelijke organisaties en gebruik van instrumenten die ook weer uit zijn gegaan van die gefragmenteerde basisopvattingen die nu ter discussie staan. Het beheersen van vuur was destijds doorslaggevend voor onze natuur om te overheersen, de omgeving naar onze hand te zetten, angst te nuanceren en verder te ontwikkelen. De filosofische benadering van moraal en bestaan werd daarna gekaderd in religieuze stromingen die een uitleg trachten te geven aan de wetten van tegenstrijdigheden die we gaandeweg leerden begrijpen uit ervaring, openbaringen en interpretatie van gedrag en consequenties. Harmonie openbaart zich daarbij in cyclische fasen, vaak door de tegenstelling van pijn, onrecht en chaos.
Kaders geven macht
Kaders geven de mens houvast waardoor we onze angsten en onzekerheden een plekje kunnen geven en zekerheden opbouwen. De religieuze kaders zijn geen uitzondering. De kennis die gepaard is gegaan met de ontwikkeling van de religieuze kaders vertoont natuurlijk veel overeenkomsten met de beschrijving van muzikale levenskrachten en harmonieuze verbonden.
God is Liefde
We zien dan ook dat de basisboodschap van elke religie de waarden van harmonieuze interactie en respect verkondigt en predikt. Barmhartigheid, nederigheid, samenhorigheid, respect, vredelievendheid en morele zelfreflectie zijn fundamenten die overeenkomen met het godsbesef van onze universele moleculaire levensoorsprong (materie x energie x levenskracht x omstandigheden) en evolutie. De oorspronkelijke bijdragen van mensen die aan de filosofie hebben meegedaan met hun levenservaringen en profetieën zijn aantoonbaar ontstaan in tijden van grote pijn en onzekerheid. De openbaringen hebben geleid tot keuzes die grote bevolkingsgroepen hebben beïnvloed.
De macht die andere mensen hebben ontleend door de openbaringen en gebeurtenissen op te schrijven en te bundelen in een religieus kader met een eigen dogmatische (“zo moet het en niet anders”) stroming is niet altijd gebaseerd op godsbesef en doordrongen bewustzijn maar mechanische belangen van organisatorische beïnvloeding, groei en macht. Dat heeft dan niets meer met de waarden van het harmonieuze bestaan te maken maar met manipulatie, eigenbelang en hebzucht. Men maakt misbruik van het vertrouwen en geloof van de medemens en de onderliggende angsten voor pijn en lijden die de mens tot geloofskaders aan heeft gezet. Het zijn deze immorele uitingen van zelfzucht, roof en moord uit naam van God die de menselijke geschiedenis beschaamt. Enkelingen zijn in staat gebleken om de vredelievende gelovigen van hun veiligheid en kaders te beroven door oorlogsvoering, verkrachting en andere misdaden tegen het leven zelf. Vrijheid van godsdienst dient de liefdevolle barmhartigheid te kaderen met evenredige evolutionaire duurzame vooruitgang in plaats van het onderuit te laten halen door despoten.
De grote omslag
In veel gebieden van de wereld zien we dat de mechanische wereld van immorele macht en manipulatie een eigen leven is gaan leiden. In de blog over “geld” constateren wij de noodzaak tot het zelfbewust kaderen van geld als middel, niet als doel. In het geval van religies doen we in de grote omslag hetzelfde. De Godskracht gaat uit van harmonie en leven, niet het fragment en concurreren. De nieuwe maatschappelijke structuren elimineren de macht uitingen en scheppen kaders voor de mens om zich naar God’s beeld te ontwikkelen door de universele levenskracht tot een nieuwe evolutionaire stap te brengen, die van levenswijsheid, de erkenning van bewustzijn als evolutionaire kernfactor evenredig aan de materiële complexiteit.
De grote omslag herpositioneert de mens in de levenskracht van harmonie